Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2015:7654

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
23-10-2015
Datum publicatie
27-10-2015
Zaaknummer
16/661185-15(P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk. De rechtbank acht de man schuldig aan 17 gevallen van oplichting. In 7 andere situaties werd hij vrijgesproken.

De man kwam telkens bij mensen langs om zich aan te bieden als dakdekker, zei dat er gebreken waren aan dak of gevel en drong er op aan dat er vooraf betaald werd. De rechtbank vond dat er niet in alle gevallen sprake was van oplichting. Van strafbare oplichting kan sprake zijn als iemand door het aannemen van een valse hoedanigheid een ander beweegt tot de afgifte van geld. Dat iemand een overeenkomst niet nakomt is op zichzelf geen oplichting.

De rechtbank oordeelde dat de man zijn klanten heeft opgelicht in gevallen waarin hij in het geheel geen werkzaamheden had verricht. Ook in zaken waarin geringe werkzaamheden werden verricht die hij uitvoerde om de indruk te wekken dat al het werk zou worden gedaan, vond de rechtbank dat er sprake was van oplichting. Dat was ook het geval in zaken waarin wel werkzaamheden werden uitgevoerd, maar er geen gebreken waren.

In een aantal zaken heeft de rechtbank vastgesteld dat de dakdekker, of anderen namens hem, substantiële werkzaamheden heeft uitgevoerd. Hoewel de rechtbank twijfelt aan de oprechte bedoelingen van verdachte, kan de rechtbank niet vast stellen dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren of dat hij gebreken heeft voorgewend die niet bestaan. In deze zaken werd hij daarom vrijgesproken.

De rechtbank hield er bij het opleggen van de straf onder meer rekening mee dat de verdachte zich meerdere jaren schuldig heeft gemaakt aan oplichting. Dit heeft bij de slachtoffers tot grote frustratie geleid. Daarbij heeft verdachte tevens het vertrouwen van potentiële klanten in de dakdekkersbranche schade toegebracht. Volgen de rechtbank is bij uitstek in deze branche vertrouwen van klanten van groot belang. Klanten moeten vanwege het ontbreken van expertise kunnen afgaan op de bevindingen van dakdekkers.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht
Zittingslocatie Utrecht

Parketnummer: 16/661185-15(P)

Vonnis van de meervoudige strafkamer van 23 oktober 2015

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [1971] te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] .

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 19 mei 2015, 31 juli 2015 en op 25 september 2015. De verdachte is in persoon verschenen en heeft zich ter terechtzitting laten bijstaan door mr. K.C.A.M. Oomen, advocaat te Tilburg. Op 9 oktober 2015 is het onderzoek ter terechtzitting, buiten de aanwezigheid van en met de instemming van de raadsvrouw en verdachte, gesloten.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat verdachte en de raadsvrouw naar voren hebben gebracht.

2 Tenlastelegging

De tenlastelegging is op de zitting van 31 juli 2015 nader omschreven.

De tenlastelegging is op de zitting van 25 september 2015 gewijzigd.

De tenlastelegging is, zoals nader omschreven en met wijziging, als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte samen met anderen in de periode van 12 augustus 2010 tot en met 16 februari 2015 opzettelijk 24 personen heeft opgelicht door zich voor te doen als bonafide of kredietwaardige ondernemer die in staat is om afgesproken werkzaamheden te verrichten. Verdachte heeft daarbij gezegd dat extra werkzaamheden noodzakelijk waren, dat er voorschotbetalingen nodig waren en dat voorafgaand aan de start van de (extra) werkzaamheden geheel of gedeeltelijk moest worden betaald. Verdachte heeft deze 24 personen op deze manier bewogen tot betaling van die bedragen, terwijl verdachte en die anderen de overeengekomen werkzaamheden niet (naar behoren) hebben verricht.

3 Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 Waardering van het bewijs

4.1

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie acht de onder 3, 5, 8, 13, 17, 22 en 24 ten laste gelegde feiten niet wettig en overtuigend bewezen. Verdachte dient van deze feiten vrijgesproken te worden.

De officier van justitie acht de onder 1, 2, 4, 6, 7, 9, 10, 11, 12, 14, 15, 16, 18, 19, 20, 21 en 23 ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft gesteld dat de handelingen van verdachte niet vallen onder de delictsomschrijving van artikel 326 lid 1 van het wetboek van Strafrecht en derhalve niet kunnen leiden tot een bewezenverklaring van het tenlastegelegde.

Verdachte dient daarom vrijgesproken te worden van alle hem ten laste gelegde feiten.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Strafbare oplichting

Dat een bouwbedrijf een overeenkomst niet nakomt, is op zichzelf geen oplichting. Van een strafbare oplichting kan alleen worden gesproken als men door het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, danwel door listige kunstgrepen, danwel door een samenweefsel van verdichtsels, iemand beweegt tot de afgifte van geld.

Dat iemand zich in strijd met de waarheid als bonafide ondernemer voordoet, betekent nog niet dat hij een valse hoedanigheid aanneemt en oplichting pleegt. Voor het aannemen van een valse hoedanigheid moet er méér zijn dan die enkele leugen. Heeft daarnaast nog een leugen plaatsgevonden, dan kan (onder omstandigheden) worden bewezen dat een valse hoedanigheid is aangenomen.

Bij de beoordeling of een valse hoedanigheid is aangenomen kan ook in aanmerking worden genomen of er misbruik wordt gemaakt van een in het maatschappelijke verkeer geldend patroon. Van belang is dus ook het verwachtingspatroon dat wordt gevormd door de algemeen aanvaarde gebruiken in de betreffende branche of sector in het maatschappelijk verkeer. Is er op een bedrieglijke wijze gebruik gemaakt van dit verwachtingspatroon, dan is er sprake van het aannemen van een valse hoedanigheid. Is het in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk dat men op basis van goed vertrouwen handelt, dan levert het op bedrieglijke wijze handelen in strijd met dat verwachtingspatroon wel het aannemen van een valse hoedanigheid op.

Bewijs van de valse hoedanigheid

Bij het beoordelen van de vraag of verdachte een valse hoedanigheid heeft gebruikt door zich voor te doen als bonafide dakdekker, heeft de rechtbank gelet op de volgende omstandigheden. Verdachte heeft zich aangeboden voor dakbedekkingswerkzaamheden. Voor de vraag of deze werkzaamheden nodig zijn, is expertise nodig. Personen die worden geconfronteerd met de mededeling van de dakdekker dat er gebreken zijn aan hun dak of gevel, missen deze expertise meestal en zullen vertrouwen op de expertise van de dakdekker. Daarbij komt dat gebreken aan een dak meestal letterlijk uit het zicht zijn van de opdrachtgever. Wordt iemand door een dakdekker verteld dat zijn dak bepaalde mankementen vertoond op een wijze die betrouwbaar overkomt, dan zal het verwachtingspatroon zijn dat er een gebrek is en ook dat dit gebrek snel hersteld moet worden, vanwege het gevaar dat schade aan de woning ontstaat.

In een aantal zaken is de rechtbank tot de vaststelling gekomen dat verdachte de aangever(s) heeft gewezen op gebreken aan bijvoorbeeld het dak en meermalen heeft aangedrongen op snelle betaling voor het bestellen van materialen of werkzaamheden. Ondanks dat aangevers bij herhaling vroegen om uitvoering van de werkzaamheden, werden de werkzaamheden niet uitgevoerd. Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte in een groot aantal zaken van meet af aan niet de intentie had om de werkzaamheden uit te voeren. Voor het bewijs acht de rechtbank ook van belang dat verdachte vaak beloofde op korte termijn, bijvoorbeeld de volgende dag of in de loop van de week, langs te komen. Dit deed verdachte vervolgens niet en hij gaf daarvoor steeds wisselende redenen. De rechtbank is tot de overtuiging gekomen dat verdachte ook niet van plan was om aan het werk te gaan en daarmee loog. Deze leugens dragen bij aan het bewijs van oplichting.

Deze leugens hebben wellicht vaak plaatsgevonden nadat de betalingen hadden plaatsgevonden, de rechtbank heeft deze leugens wel betrokken bij de beoordeling van het oogmerk van verdachte. De raadsvrouw heeft betoogd dat één enkele leugen onvoldoende is voor oplichting. De rechtbank beschouwt de leugens echter niet als afzonderlijk ‘oplichtingsmiddel’, maar beschouwt deze leugens als aanvullend bewijs voor het aannemen van een valse hoedanigheid.

In een aantal zaken volgt uit het bewijs dat verdachte wel werkzaamheden heeft uitgevoerd. In een enkele zaken is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat het gaat om geringe werkzaamheden die zijn uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden zouden worden uitgevoerd. In deze zaken is de rechtbank eveneens tot de overtuiging gekomen dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren en dat hij de aangevers heeft opgelicht.

In andere zaken zijn wel werkzaamheden uitgevoerd, maar is op grond van het bewijs komen vast te staan dat er geen gebreken waren. In die zaken is komen vast te staan dat verdachte over deze gebreken heeft gelogen en is deze leugen van invloed geweest op de afgifte van geld.

Vrijspraken

In een aantal zaken heeft de rechtbank vastgesteld dat verdachte, of anderen namens hem, substantiële werkzaamheden heeft uitgevoerd. Hoewel op grond van de beschikbare stukken kan worden getwijfeld aan de oprechte bedoelingen van verdachte, kan de rechtbank niet vast stellen dat verdachte in deze zaken van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren of dat hij gebreken heeft voorgewend die niet bestaan. Onder die omstandigheden kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte de aangevers heeft opgelicht.

4.3.1

Het bewijs

De rechtbank gaat op grond van de wettige bewijsmiddelen van de volgende feiten en omstandigheden uit.1

feit 1 [aangever 1] , [adres]

Op 6 juni 2012 heeft [aangever 1] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 1] is geboren op [1947] en woont op de [adres] . Aangever en zijn vrouw hebben begin januari 2012 [verdachte] gevraagd om werkzaamheden aan hun woning te verrichten. Naar aanleiding van de offerte zijn bedragen contant en middels overboeking aan hem betaald. Ook is geld overgemaakt aan zijn compagnon [A] .2 [verdachte] had gezegd dat, zodra het niet meer zou vriezen cq. redelijk weer zou zijn, hij de werkzaamheden zou komen verrichten. Echter ook nadat het mooi weer was, kwam [verdachte] niet opdagen. [verdachte] heeft vele smoezen. Keer op keer hebben zij hem gebeld. Uiteindelijk hebben zij hem een aangetekende brief gestuurd. Deze is gedateerd op 29 maart 2012. De brief is niet opgehaald. Op vrijdag 18 mei 20112 zagen zij [verdachte] bij hun woning. Er werd een plan opgesteld om de werkzaamheden aan te vangen. Sindsdien hebben zij hem niet meer gezien, gesproken of anderszins. Uiteindelijk hebben zij een bedrag van in totaal € 4.087 betaald. Dit zonder dat er enige werkzaamheden zijn verricht.3

Op 4 maart 2015 heeft [aangever 1] een aanvullende verklaring afgelegd. [verdachte] was begin januari 2012 een paar woningen verder bezig. Hij wilde kijken hoe het dak ervoor stond.4 De eerste maand was hij niet bereikbaar. Uiteindelijk was hij bereikbaar. Hij wilde er vaart achter zetten. In eerste instantie zijn er afspraken over werkzaamheden gemaakt. Later kwamen daar de lichtkoepel bij en de afvoer van de riolering, bredere pijpen en stangsloten. Elke keer kwamen daar ook kosten bij. Er moesten materialen besteld worden en aangevers moesten contant betalen. Er is op verschillende data afgesproken om met de werkzaamheden te beginnen. Elke keer kwam [verdachte] niet opdagen. Er zijn vier rollen bitumen op het dak gelegd. Er zijn voor de rest absoluut geen werkzaamheden gedaan.5

Elke keer kwamen valse beloften. Elke keer zou hij ‘in de loop van de week’ komen of zou hij contact opnemen. Dat gebeurde echter nooit.6

In het dossier bevindt zich een offerte aan [aangever 1] , [adres] . Op deze offerte is bijgeschreven: ‘Voldaan per kas E1.250, 06-01-2012’ en ‘per kas voldaan d.d. 20-1-12 % 1117,= t.b.v. lichtkoepel + XR isolatie’.7 Ook bevindt zich in het dossier een betaaloverzicht van een ING-rekening die op naam is gesteld van [aangever 1] . Op dit overzicht is te zien dat op 1 februari 2012 een bedrag van € 8708 en op 20 februari 2012 een bedrag van € 600,- is overgemaakt aan [A] .9

Verdachte heeft verklaard dat hij in januari 2012 een werkomschrijving heeft gegeven voor de [adres] en dat door die mensen een aanbetaling is gedaan van rond de € 4.000.10

feit 2 [aangever 2] ( [1941] ) [adres]

Op 24 augustus 2012 heeft [aangever 2] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 2] is geboren op [1941] en woont op het adres [adres] . In november 201111 werd zij aangesproken door [verdachte] . Hij raadde haar aan wat reparaties te verrichten aan de schoorsteen en ook nog wat zaken aan het dak. Omdat zij er geen verstand van had en het een oud pand betrof, had zij er een goed gevoel bij. Zij moest een aanbetaling doen omdat hij dan materiaal kon kopen. Aangeefster heeft na een eerste aanbetaling van € 2.000,- meerdere bedragen overhandigd.12 Het totaal van de overhandigde bedragen is € 18.920. [verdachte] kwam steeds weer bij haar vragen voor een voorschot. Hij vertelde dat hij weer een nieuw mankement had waargenomen, waar hij dan een voorschot voor wilde hebben. Hij zag steeds weer nieuwe dingen die erbij kwamen. In februari 2012 heeft aangeefster telefonisch contact opgenomen met [verdachte] . Hij zei dat hij binnenkort zou komen. Hij kwam nooit en is tot op de dag van de aangifte niet geweest. Hij heeft in het geheel geen tegenprestatie geleverd.13

Op 20 maart 2015 heeft aangeefster nog een aanvullende verklaring afgelegd. [verdachte] had gezegd dat hij op korte termijn zou aanvangen met de werkzaamheden. Er zijn geen enkele werkzaamheden gedaan en er zijn geen enkele materialen afgeleverd.14

In het dossier bevinden zich diverse notities waarop is aangetekend dat bedragen zijn voldaan. Deze notities vermelden

- ‘20-11-2011 aanbetaling E2000,-‘,

- ‘02-02-2012 ontvangst E1.300 per kas’15

- ‘29-12-2011 ontvangst per kas E4000, E300,- en E4.300’16

- ‘ ontvangst 3500 03-01 2012’17

- ‘ Ontvangen d.d. 13-1-’12 € 1500.=’

- ‘ Ontvangen dd. 17-01-2012 € 2670,-’18

- ‘ Ontvangen dd. 24-1-12 bedrag € 1.500,=’19

- ’26-01 ontvangen Totaal € 1.000,-.20

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 2] een afspraak heeft gemaakt over het verrichten van werkzaamheden op het adres [adres] en dat [aangever 2] betalingen heeft gedaan.21

feit 4 [aangever 3] ( [1948 ] ) en [aangever 4] ( [1948 ] ) [adres]

Voor het bewijs van het onder 4 ten laste gelegde feit heeft de rechtbank ook het bewijs gehanteerd dat is weergegeven als het bewijs voor feit 7.

Op 17 januari 2014 heeft [aangever 3] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 3] is geboren op [1948 ] en woont op het adres [adres] . [aangever 3] heeft aangifte gedaan mede namens [aangever 4] , geboren op [1948 ] . [verdachte]22 kwam op 3 december 2013 via de buren familie [B] bij hen en bood aan hun huis en dat van de buren van voegwerk te voorzien. Aangevers wilden alleen het voegwerk laten vervangen en geen andere reparaties. [verdachte] raadde hen een aantal andere reparaties aan die volgens hem noodzakelijk waren. [verdachte] drong aan op betaling van € 3.300,-. Er kwamen regelmatig nieuwe reparaties bij die naar zijn vakmanschapsoordeel dringend aanpak behoefden. Van 5 december 2013 tot en met 20 december 2013 heeft aangever 8 betalingen verricht van in totaal € 19.146,-. Tot op heden is alleen het freeswerk gedaan. Sinds 23 december 2013 is er niets meer gedaan. Uit een contra-onderzoek van een ervaren aannemer en een inspecteur van de branchevereniging [naam] bleek dat het merendeel van de werkzaamheden niet nodig was.23

Op 26 maart 2015 heeft aangever een aanvullende verklaring afgelegd. Alles zou voor de kerst klaar zijn. Er was elke keer wat en er is sindsdien geen afspraak nagekomen. Er zijn voegen uitgeslepen en er zijn dingen gesloopt, maar er niets opgebouwd.24 Aangevers hebben veel gesprekken met [verdachte] gehad en hem gebeld. [verdachte] vertelde dan dat ze morgen zouden komen en lang door zouden gaan. [verdachte] kwam vervolgens niet opdagen. Dit is meerdere malen gebeurd. Er zijn geen goederen geleverd. Hij heeft alleen maar gesloopt.25

[aangever 3] heeft de politie een betaaloverzicht overhandigd.26 Op dit overzicht zijn meerdere overschrijvingen te zien aan [verdachte] met als omschrijving ‘Renovatie dak’.27

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 3] een afspraak heeft gemaakt over de uitvoering van werkzaamheden en dat [aangever 3] betalingen heeft gedaan.28

Aanvullende bewijsoverweging

De rechtbank stelt op basis van het beschikbare bewijs vast dat er wel werkzaamheden zijn uitgevoerd. Gelet op de inhoud van de contra-expertise is echter komen vast te staan dat veel van de gebreken die verdachte had genoemd, niet bestonden. Verdachte heeft over deze gebreken heeft gelogen en deze leugens zijn van invloed geweest op de afgifte van geld.

feit 6 [aangever 5] ( [1954] ) [adres]


Op 31 januari 2014 heeft [aangever 5] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 5] heeft een tandartsenpraktijk op het adres [adres] . Op 20 september 2010 werd er aangebeld door een man die zich voorstelde als [verdachte] . [verdachte] heeft een dakdekkersbedrijf [bedrijf 1] .29 [verdachte] vertelde dat hij het dak had geïnspecteerd en dat het dak slecht was. Door [verdachte] werd medegedeeld dat als aangever verder niets zou doen, er binnen korte tijd een forse lekkage zou plaatsvinden. Aangever kreeg een offerte van in totaal € 5.300,-. In september 2010 heeft aangever € 2.650 overgemaakt. Op 4 oktober 2010 kwam [verdachte] naar de praktijk. Aangever hoorde [verdachte] zeggen dat hij nu even geld nodig had om materiaal te kopen. Aangever heeft een bedrag van in € 1.785,- overgemaakt.

Vanaf eind 2010 tot eind 2011 heeft aangever niets meer vernomen van [verdachte] . Aangever heeft meerdere keren gebeld met [verdachte] , maar kreeg direct een voicemail. In januari 2012 werd er aangebeld door buurtbewoner die vertelde dat het dak los lag. Aangever heeft [verdachte] gebeld en verteld dat hij erop stond dat hij het dak nu kwam maken.30
Op 15 februari 2012 deelde [verdachte] deelde mee dat het dak binnen 14 dagen zou worden gemaakt. Op 2 maart 2012 had [verdachte] er nog steeds niet voor gezorgd. Aangever heeft [verdachte] verder niet meer gezien of gesproken.31

Op 3 april 2015 heeft aangever een aanvullende verklaring afgelegd. Aangever heeft verklaard dat er alleen dakleer tegen de schoorsteen is gelegd en er kiezels op een hoop zijn geveegd. [verdachte] zou gelijk beginnen.32 [verdachte] vertelde elke keer dat hij binnenkort zou beginnen. Het hele platte dak zou vernieuwd worden. Behalve grind aan de kant schuiven, is er niets aan dat dak gebeurd.33

In het dossier bevindt zich een betaaloverzicht van een Rabobank-rekening die op naam is gesteld van [aangever 5] . Op dit overzicht is te zien dat in september 2010 een bedrag van € 2.650,- is overgemaakt aan [bedrijf 1] .34 Op een ander rekeningafschrift is te zien dat op 7 oktober 2010 een bedrag van € 1.785,- is overgemaakt aan [bedrijf 1] .35

Verdachte heeft verklaard dat hij een overeenkomst heeft gesloten met [aangever 5] en dat [aangever 5] betalingen aan hem heeft gedaan.36

Aanvullende bewijsoverweging

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte geringe werkzaamheden heeft uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden uitgevoerd. Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden volledig uit te voeren en dat hij de aangever heeft opgelicht.

feit 7 [aangever 6] , [adres]

Voor het bewijs van het onder 7 ten laste gelegde feit heeft de rechtbank ook het bewijs gehanteerd dat is weergegeven als het bewijs voor feit 4.

[aangever 6] heeft op 20 januari 2014 aangifte gedaan van oplichting door [verdachte] . [aangever 6] is geboren op [1957] en woont te [adres] .

Op 4 december 2013 stond [verdachte] voor de deur en informeerde naar de dak reparaties die hij 12 jaar geleden had uitgevoerd. Hij voerde een inspectie uit en vond een lekkage bij het balkonterras. Hij voerde een noodreparatie uit.37 Volgens [verdachte] moest de bedekking van het balkonterras worden vervangen om lekkages te voorkomen. In totaal zou het € 3.300,-- kosten inclusief nieuwe tegels. Met spoed moest 50% overgemaakt worden. De schriftelijke offerte zou zo snel mogelijk volgen. Op 5 december 2013 trof [verdachte] wat voorbereidingen (schoonmaken, leegruimen van het balkonterras). Daarbij kwamen volgens hem nog een aantal gebreken aan het licht (gevels slijpen en voegen, nokvorsten vervangen en betonrot). Hij verzocht iedere keer om geld over te maken in verband met de aanschaf van materiaal. In totaal werd er tussen 4 december 2013 en 9 december 2013

€ 5.946,-- overgemaakt naar [verdachte] .38

Op 9 december 2013 werd een begin gemaakt met de werkzaamheden (het uitslijpen van de voegen). Op 13 december 2013, na verschillende mondelingen verzoeken waarop door [verdachte] niet werd gereageerd, was aan [verdachte] de via de mail verzocht om een offerte en factuur te sturen. Hier kwam geen reactie op.39

Op 21 dec 2013 verwees een bevriende aannemer de door [verdachte] geconstateerde lekkage en de noodzaak van het vervangen van de dakbedekking direct naar de prullenbak. Daarna werd voor de zekerheid de brancheorganisatie [naam] ingeschakeld. Deze constateerde dat de door [verdachte] geconstateerde gebreken niet bestonden, Er was geen sprake van een lekkage en betonrot. De bekleding van het balkonterras hoefde niet vervangen te worden en dakgoten hoefden niet bekleed te worden. [verdachte] werd geconfronteerd met de bevindingen, maar hij regeerde nauwelijks.40

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 6] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden.41

Aanvullende bewijsoverweging

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte in eerste instantie geringe werkzaamheden heeft uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden uitgevoerd zouden worden.

Voorts is gelet op de inhoud van de contra-expertise komen vast te staan dat de gebreken die verdachte had genoemd, niet bestonden. Verdachte heeft over deze gebreken gelogen en deze leugen is van invloed geweest op de afgifte van geld.

Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren en dat hij de aangever heeft opgelicht.

feit 9 [aangever 7] , [adres]

[aangever 7] heeft op 8 juli 2014 aangifte gedaan van oplichting door verdachte [verdachte] . [aangever 7] is geboren op [1942] en wonende te [adres] .42 De echtgenoot van [aangever 7] was met een aannemer in gesprek over reparatie van hun dakterras. Op het moment dat deze aannemer even weg was, werd hij benaderd door [verdachte] , die zei dat hij de klus voor de helft van de prijs kon doen.43 Dit was op 1 april 2014.44 [verdachte] vertelde dat hij het dakterras kon vernieuwen voor € 2.500,00. Er moest meteen € 2.500,00 betaald worden voor de aanschaf van materialen. Afgesproken werd dat hij direct zou beginnen en dat het binnen twee weken klaar zou zijn. Afgesproken werd dat er een nieuw hekwerk geplaatst zou worden en in plaats van tegels zou er een pvc-vloer gelegd worden. Hij was diezelfde dag begonnen met slopen.

Diezelfde week, op zaterdag, had zij [verdachte] € 700,00 geleend. Dit was nadat [verdachte] de woning in kwam en zei dat een man met materialen op de hoek stond en dat er eerst betaald moest worden voordat deze geleverd werden. Hij had beloofd het geleende geld de volgende dag terug te betalen. Het geld had zij niet teruggekregen en de materialen had zij nooit gezien.

Nadat [verdachte] zijn geld had gekregen had hij niet meer gewerkt.45

Zij had daarna vele malen contact met [verdachte] gezocht. Hij beloofde elke keer dat hij zou komen en de klus zou afmaken, maar hij was nooit meer geweest.46 Er was alleen gesloopt,47 niets gemaakt.48 [verdachte] had heef het hekwerk, de tegels, de dakgoot en de eerste daklaag weggehaald. Er zijn nooit materialen door verdachte geleverd.49

Zij had [verdachte] op 1 april 2014 € 2000,00 contant betaald en had hiervan een betalingsbewijs van hem ontvangen. Later was aan [verdachte] € 500,00 betaald voor het hekwerk en diezelfde week nog eens € 700,00.50

Verdachte heeft verklaard dat [aangever 6] € 3.200,00 in gedeelten had betaald.51 Dat was voor werkzaamheden aan hun dak en dakterras.52

Aanvullende bewijsoverweging

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte in eerste instantie geringe werkzaamheden heeft uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden uitgevoerd zouden worden en aangeefster te bewegen tot het betaling. Na ontvangst van de laatste betaling van het overeengekomen bedrag heeft verdachte niet meer gewerkt en is het materiaal niet geleverd.

Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren en dat hij de aangeefster heeft opgelicht.

feit 10 [aangever 8] , [adres]

[aangever 8] heeft op 14 juli 2014 aangifte gedaan van oplichting door verdachte [verdachte] . [aangever 8] is geboren op [1939] en woont te [adres] . Op 22 april 2014 werd [aangever 8] in haar tuin aangeroepen door een man. De man droeg een jack met het opschrift “ [bedrijf 3] ”. Hij zei dat het dak van de schuur rot was en dat hij het kon repareren. [aangever 8] zei dat het haar tijd wel zou duren. Er kwam nog een man en zei man zei dat het dak uit elkaar viel.53 Aangeefster zei dat ze er over moest denken. Die middag stond de man die haar had aangesproken voor de deur. Hij stelde zich voor als [verdachte] . Hij vroeg of zij een nieuw schuurdak wilde. Na zijn inspectie leek het hem beter dat er een nieuwe schuur kwam. Voor het weghalen van de oude schuur en het plaatsen van een nieuw schuur werd een prijs van € 2.250,00 overeengekomen. [verdachte] drong er op aan dat hij het geld zo snel mogelijk en cash wilde hebben. Op 24 april 2014 kwam hij met drie anderen. Terwijl zij de schuur afbraken, wilde [verdachte] geld hebben voor de nieuwe schuur. Zij had € 750,00 gepind en aan hem gegeven. [verdachte] schreef hier een kwitantie voor uit.54 Nadat zij hem betaald had ging hij weg. De anderen gingen nog even door en brachten materiaal naar een container die voor haar deur stond. Na enige tijd gingen zij weg en zeiden dat zij op een later moment verder zouden gaan met het afbreken. De volgende dag kwam [verdachte] de resterende € 1.500,00 halen. Zij betaalde contant en hij schreef een kwitantie uit.55

Tussen 25 en 30 april 2014 was [verdachte] tweemaal geweest om te zeggen dat het allemaal in orde kwam.56 De tweede keer vroeg hij of hij in de badkamer mocht kijken. Hij zei dat het ventilatiesysteem erg verouderd was en het dak niet in orde was. Hij zei dat dit voor

€ 750,00 gerepareerd kon worden. Zij ging akkoord en hij zou op 1 mei terug komen voor de aanbetaling. Op 1 mei 2014 kwam [verdachte] en zij vroeg of ze met de schuur verder zouden gaan. [verdachte] zei dat er nog materiaal besteld moest worden en dat het allemaal goed zou komen. Zij had hem € 750,00 betaald en kreeg daar een kwitantie voor. Ook maakte hij een tekening van het dak.57

Na de betaling van € 2.250,00 zou [verdachte] de volgende dag de schuur bestellen en daarna de spullen voor de douche. Een week na de eerste afspraak vertelde hij dat de schuur geleverd was en dat die bij iemand stond waar hij aan het werk was. De schuur zou hij de week daarna plaatsen, maar dat was niet gebeurd.58 De badkamer zou gedaan worden nadat de schuur klaar was. Dit zou op zeer korte termijn geregeld zijn.59

Daarna had zij diverse malen geprobeerd om contact met [verdachte] te krijgen Als zij hem te pakken kreeg zei hij elke keer dat hij zou komen en nieuwe afspraken zou maken. Ook had zij hem een keer gemaild en hij antwoordde dat hij zou komen. Hij was echter niet meer geweest.60

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 8] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden aan de schuur en badkamer.61

Aanvullende bewijsoverweging

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte in eerste instantie geringe werkzaamheden heeft uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden uitgevoerd zouden worden en aangeefster te bewegen tot het betaling. Na ontvangst van de eerste betaling van het overeengekomen bedrag is verdachte gestopt met werken. Ook na het innen van de overige betalingen heeft verdachte niet meer gewerkt.

Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren en dat hij de aangever heeft opgelicht.

feit 11 [aangever 9] , [adres]

[aangever 9] heeft op 16 juni 2014 aangifte gedaan van oplichting door [verdachte] . [aangever 9] is geboren op [1931] en woont te [adres] .62

Op 30 januari 2014 stond [verdachte] [aangever 9] voor de deur. Hij vertelde haar dat hij op haar dak was geweest. Zij had niet gemerkt dat hij op het dak was geweest. Hij vertelde dat er een aantal dakpannen kapot waren en vervangen dienden te worden, ook moesten de nokpannen vastgelegd worden.63 Ze kwam met [verdachte] een prijs overeen van € 1.250,00. [verdachte] gaf aan dat hij dit geld nodig had om materiaal te kopen. Hij beloofde vanaf het begin om voor een offerte te zorgen. Op 31 januari 2014 kwam [verdachte] € 600,00 halen en beloofde hij de offerte dat weekend te mailen. Op 3 februari 2014 kwam [verdachte] de resterende € 650,00 halen. Het geld had zij opgenomen van de bank en [verdachte] had een kwitantie uitgeschreven.64 [verdachte] had beloofd op 10 februari 2014 te beginnen, maar hij kwam niet opdagen. Op 5 februari 2014 en 7 februari 2014 had zij [verdachte] gebeld omdat zij nog steeds niet de beloofde offerte had ontvangen. Op 12 februari 2014 had zij hem weer gebeld en hij beloofde dat hij de offerte en het officiële betalingsbewijs zou sturen. Die week had zij meerdere leren gebeld, maar hij nam iedere keer niet op.65 Daarna had zij [verdachte] vele malen geprobeerd te bellen en ook had zij hem gemaild. Vaak nam hij niet op en/of reageerde niet via de mail. Als zij [verdachte] te pakken kreeg of wanneer hij reageerde via de mail, beloofde hij telkens de offerte en betalingsbewijzen op te sturen of te mailen en beloofde hij contact op te nemen om een afspraak te maken wanneer hij zou beginnen met werken. [verdachte] is deze toezeggingen nooit nagekomen.66 Ook reageerde [verdachte] niet op de e-mailberichten van een door haar ingeschakeld adviesbureau.67

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 9] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden. Hij had voor het bedrag dat [aangever 9] had betaald een kwitantie uitgeschreven.68

feit 12 [aangever 10] , [adres]

[aangever 10] heeft op 17 juni 2014 aangifte gedaan van oplichting door [verdachte] . [aangever 10] is geboren op [1949] en woont te [adres] .

Op 30 januari 2014 kwam er een man bij aangeefster [aangever 10] aan de deur. De man zei dat hij op haar dak was geweest en dat er een en ander kapot was. De man vertelde dat hij dit kon repareren. Zij herkende de man als [verdachte] , die eerder reparaties aan haar dak had uitgevoerd.69 Zij wist niet dat hij op haar dak was geweest.70 In eerste instantie zou het € 1.340,00 kosten.71 [verdachte] was een paar keer op het dak geweest en elke keer was er wat mis met het dak en kwamen er telkens bedragen bij in verband met aanvullende werkzaamheden.72 De bedragen moesten vooraf betaald worden voor de aanschaf van materialen, zoals dakpannen, isolatie, zinken goten en randen van dakkapellen.73 Ook liet hij een foto zien van een schoorsteen die vol barsten zat. Zij had de lekkage aan de schoorsteen uiteindelijk door een ander bedrijf laten verhelpen. Zij had hen de foto – die zij van [verdachte] had gekregen - getoond en zij vertelden haar dat de schoorsteen op de foto, niet haar schoorsteen was.74 Op 30 januari 2014 had [aangever 10] een bedrag van € 1.340,00 overgemaakt. Op 3 februari 2014 had zij € 900,00 en € 975,00 overgemaakt en op 7 februari 2014 had zij € 2.250,00 overgemaakt naar het door [verdachte] opgegeven rekeningnummer.75 [verdachte] had meerdere malen aangegeven dat hij de reparaties aan het dak snel zou uitvoeren, maar kwam telkens met een smoes. Ook wilde zij weten, voordat hij zou beginnen, welke materialen hij zou gebruiken.76 Omdat een offerte uitbleef had zij [verdachte] daar vanaf 9 februari 2014 verschillende malen per mail om gevraagd. [verdachte] had telkens een ander excuus waarom de offerte er niet was. 77 Uiteindelijk ontving zij op 12 maart 2014 een offerte van [verdachte] – onder de naam [bedrijf 1] -, deze klopte echter niet.78 Zij had hem hierover gemaild en hij had beloofd een aangepaste offerte te sturen. Vanaf dat moment hielden de mails op en nam [verdachte] de telefoon niet op.79 [verdachte] was enkele keren op het dak geweest, maar dat was te kort om werkzaamheden te verrichten, misschien zijn er wat dakpannen recht gelegd. De werkzaamheden aan het dak, de dakkapel, de dakgoten en de schoorsteen zijn niet door [verdachte] uitgevoerd.80 Uiteindelijk zijn er geen werkzaamheden, zoals reparaties, uitgevoerd en zijn er geen materialen geleverd.81

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 10] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden.82

Aanvullende bewijsoverweging

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte in eerste instantie minimale werkzaamheden heeft uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden uitgevoerd zouden worden en aangeefster te bewegen tot het betaling. Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren en dat hij de aangever heeft opgelicht.

Feit 14 [aangever 11] ( [1963] ) [adres]

Op 26 juli 2014 heeft [aangever 11] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 11] woont aan [adres] . Op vrijdag 11 april 201483 werd hij aangesproken door een man die zich voorstelde als [verdachte] . Hij zei dat het dak van het schuurtje er slecht uit zag. Het totaalbedrag van de verbouwing aan het schuurtje zou € 1200,- bedragen. Als bevestiging van de overeenkomst moest meteen een aanbetaling van € 750,- worden gedaan. Later die middag wilde [verdachte] ook een aanbetaling hebben voor de materialen die hij zou moeten aanschaffen. [verdachte] vroeg nog € 125,- extra voor de klus, omdat er nog een extra draagmuur zou moeten worden gemetseld. In totaal heeft aangever het gehele bedrag voor de klus, € 1.325,-, aan [verdachte] voorgeschoten. Intussen had aangever herhaaldelijk telefonisch contact met [verdachte] . Hij had [verdachte] tevens twee keer op straat aangesproken waarop [verdachte] hem geruststelde spoedig met zijn dak aan de slag te gaan. Ook had hij [verdachte] een e-mail gestuurd met de vraag wanneer hij nou eens echt met werkzaamheden over de brug kwam. Aangever heeft op woensdag 25 juni 2014 voor het laatst telefonisch contact gehad met [verdachte] .84 [verdachte] zei dat hij snel met de klus zou beginnen. Dit heeft hij echter nooit gedaan.

Op 13 maart 2015 heeft aangever nog een aanvullende verklaring afgelegd. [verdachte] maakte afspraken dat hij bijvoorbeeld om vrijdag 14:00 uur kon beginnen en dan kwam hij gewoon weer niet opdraven. Dit gebeurde meerdere malen, hij kwam gewoon elke keer niet.85 [verdachte] heeft helemaal niets gedaan, ook heeft hij niets van materialen neergelegd of wat dan ook.86

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 11] een afspraak heeft gemaakt over het verrichten van werkzaamheden en dat [aangever 11] betalingen heeft gedaan.87

feit 15 [aangever 12] ( [1956] ) [adres]

Op 13 oktober 2014 heeft [aangever 12] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 12] woont aan de [adres] . Op 26 augustus 201488 werd hij aangesproken door een man die zei dat hij was van [bedrijf 2] [verdachte] uit Utrecht. De dakdekker gaf aan dat hij het dak van de woonboot kon repareren voor een bedrag van 4.600 euro.89 De man wilde graag al een voorschot hebben om materiaal te halen. Aangever is diezelfde dag naar de Rabobank gegaan om te pinnen. Hij heeft eerst 1.300 euro gepind en even later nog een keer 1.000 euro. Op maandag 1 september 2014 kwam [verdachte] weer langs. Hij vertelde dat hij nog meer geld nodig had aangezien de hele dakdekking niet in orde was. Ze zijn tot een akkoord gekomen voor nog een aanbetaling van 2.800 euro. Op woensdag 3 september kwam [verdachte] zeggen dat de hele isolatielaag doorweekt was met regenwater.90 Er moest meer geld komen voor nieuwe isolatie. Er is afgesproken dat aangever weer een voorschot zou geven. Het ging om een bedrag van 4.000 euro. Op donderdag 4 september 2014 vertelde [verdachte] dat het hout verrot was van het dak. Het overstek moest vervangen worden. Aangever heeft toen gezegd dat [verdachte] al geld had, maar er moest meer geld komen. Vervolgens is nog een bedrag van 1.000 euro afgesproken. [verdachte] zei dat hij maandag 8 september zou beginnen.91 Bij terugkomst van vakantie zag aangever dat er niets aan het dak was gedaan. Hij heeft toen gelijk gebeld naar [verdachte] . Telkens had [verdachte] smoezen. [verdachte] heeft nog verschillende malen gebeld met smoezen.

Op 16 maart 2015 heeft aangever een aanvullende verklaring afgelegd. [verdachte] zou ook het hout vervangen. Achteraf bleek dit ook niet nodig te zijn. Aangever heeft een second opinion bij een ander dakdekkersbedrijf aangevraagd.92 Die vertelden hem dat er alleen een nieuwe bovenlaag op mijn dak moest komen, dus niet een nieuwe isolatielaag. [verdachte] is helemaal niets nagekomen.93

In het dossier zich een rekeningafschrift van een Rabobank-rekening die op naam is gesteld van [aangever 12] . Op dit afschrift is te zien dat op 26 augustus 2014 bedragen van

€ 1.300,- en € 1.000,- zijn opgenomen,94 op 3 september 2014 een bedrag van € 4.000,- en op 4 september 2014 een bedrag van € 1.000,-.95

Verdachte heeft verklaard dat hij een overeenkomst heeft gesloten met [aangever 12] en dat [aangever 12] aanbetalingen aan hem heeft gedaan.96

feit 16 [aangever 13] ( [1983] ) [adres]

Op 22 juli 2014 heeft [aangever 13] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 13] woont aan de [adres] . Op dinsdag 29 april 2014 zag hij dat er op het dak van zijn buurman een dakdekker bezig was met werkzaamheden op het dak. De man zei tegen hem dat er water op het dak bleef staan. Deze man stelde zich voor als [verdachte] .97 Hij wilde de klus klaren voor een totaalbedrag van 3.200 euro. Er moest wel een voorschot worden betaald van 1.600 euro. Aangever ging hiermee akkoord en heeft een contant bedrag van 1.600 euro aan [verdachte] overhandigd. Op woensdag 30 april 2014 zei [verdachte] hem dat het dak er toch slechter aan toe was dan hij in eerste instantie had gezegd. Er zat namelijk ook water onder de deklaag van het dak. Hierdoor werd de rekening duurder. Hij kwam uit op een totaalbedrag van 4.600 euro. Hij gaf ook aan dat wanneer aangever het bedrag direct zou overmaken, hij een korting van 500 euro zou krijgen. Aangever heeft toen middels internetbankieren het resterende bedrag van 2.500 euro via zijn bank overgemaakt naar de bankrekening van [verdachte] . [verdachte] had in eerste instantie een keer gebeld dat hij zou laten weten wanneer hij zou komen om de steiger te plaatsen. Daarna heeft hij niet meer gebeld. Hij deed telkens beloftes maar is nooit verschenen.98

Op 25 maart 2015 heeft aangever een aanvullende verklaring afgelegd. [verdachte] zei dat hij zo snel mogelijk zou gaan beginnen. Op een gegeven moment zei hij dat als er materiaal was, hij morgen zou beginnen.99 Hij heeft een stukje van het dak open gemaakt om te laten zien wat er mis was. En hij heeft tegels van mijn dak naar het dak van de buren getild. Verder heeft hij niets meer gedaan.100 Aangever verklaart nooit materiaal te hebben gezien. [verdachte] was vriendelijk, maar er was altijd wel enige dwang dat er snel betaald moest worden.101

In het dossier bevindt zich een afschrift van een spoedbetaling waaruit blijkt dat vanaf de Rabobank-rekening die op naam is gesteld van [aangever 13] op 30 april 2014 een bedrag van € 2500,- is overgemaakt naar een rekeningnummer op naam van [verdachte] .102 Verder bevindt zich in het dossier een notitie waarop is aangetekend dat op 29 april 2014 een bedrag van € 1600,- per kas is ontvangen.103

Verdachte heeft verklaard dat hij een overeenkomst heeft gesloten met [aangever 13] en dat [aangever 13] aanbetalingen aan hem heeft gedaan.104

feit 18 [aangever 14] ( [1982] ) [adres]

Op 18 december 2014 heeft [aangever 14] aangifte gedaan van oplichting. [aangever 14] woont aan de [adres] . Op 12 maart 2014 zag aangever dat er op het dak van de buren een man aan het werk was. De man sprak hem aan. Volgens de man was het beter om gelijk alle dakterrassen aan te pakken en te voorzien van nieuwe dakbedekking. De man gaf op te zijn [verdachte] .105 Hij zei dat dit 650,00 euro ging kosten. Aangever heeft dit geld gepind en [verdachte] contant betaald. Tijdens de werkzaamheden kwam [verdachte] telkens weer met andere klussen, zoals een nieuw hek op het terras, Trespa balken overstek, isolatie bovendak en platen op het dak. Voor iedere nieuwe klus vroeg [verdachte] een voorschot. Aangever heeft in totaal 6.565,00 euro betaald. Alleen de bovenste deklaag is vervangen en er is vier vierkante meter tegels gelegd. De andere werkzaamheden zijn niet uitgevoerd. Hij heeft regelmatig contact gehad met [verdachte] . Hij kreeg allerlei loze beloftes te horen, maar de man kwam niet opdagen.106

Op 31 maart 2015 heeft aangever een aanvullende verklaring afgelegd. [verdachte] zou de dakbedekking en nieuwe tegels en hekwerk gaan doen.107 Hij heeft dakleer op het dakterras gelegd en een vijfde van de tegels. De rest van de tegels, de omheining, de dakleer platen, houtplaten en bijbehorende hout- en timmerwerk heeft hij niet verricht.108 Hij had steeds andere excuses. Aangever vroeg wanneer hij zijn werk ging afmaken. Dan belde aangever bijvoorbeeld woensdag en dan zei hij dat het er vrijdag in zou liggen. Dan was het vrijdag en dan lag er niks. Dit heeft zich van maart tot december afgespeeld.109

In het dossier bevindt zich een betaaloverzicht van een ABN AMRO-rekening die op naam is gesteld van [aangever 14] .110 Op dit overzicht is te zien dat op 20 maart 2014 een bedrag van € 1.500,- is overgemaakt naar [verdachte] , op 21 maart 2014 een bedrag van € 800,-,111 op 24 maart 2014 een bedrag van € 375,-, op 25 maart 2014 een bedrag van € 750,-,112 op 26 maart 2014 een bedrag van € 490,-113 en op 28 maart 2014 een bedrag van € 750,-.114

Verdachte heeft verklaard dat hij een overeenkomst heeft gesloten met [aangever 14] en dat [aangever 14] aanbetalingen aan hem heeft gedaan.115

Aanvullende bewijsoverweging

De rechtbank stelt op basis van het beschikbare bewijs vast dat er wel werkzaamheden zijn uitgevoerd. Uit de verklaring van aangever blijkt dat de werkzaamheden die verdachte heeft verricht, slechts een marginaal deel betreft van de werkzaamheden die verdachte zou verrichten. De rechtbank is tot de overtuiging gekomen dat het gaat om geringe werkzaamheden die zijn uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden zouden worden uitgevoerd. Mede gelet op de aanzienlijke periode waarin verdachte steeds wisselende excuses heeft opgegeven voor het niet afmaken van de werkzaamheden, stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de afgesproken werkzaamheden te verrichten en dat hij aangever heeft opgelicht.

feit 19 [aangever 15] ( [1970] ) [adres]

[aangever 15] , geboren op [1970] , heeft aangifte gedaan en het volgende verklaard116:
Eind juli 2010 kwam ik in contact met [verdachte] van het bedrijf [bedrijf 1] Hij vertelde mij namelijk dat hij het dak van mijn bedrijf [naam] aan de [adres] had gecontroleerd, en dat dit dak nodig aan vervanging toe was. Hij zou hierop een dakexpert laten langskomen om dit te inspecteren. [verdachte] had dus met mij afgesproken een dakexpert ergens in september langs te laten komen. Deze is naar later bleek niet op komen dagen omdat hij door [verdachte] was afgebeld. [verdachte] gaf mij aan alvast een aanbetaling van 8.000 euro te willen om de nodige materialen te kunnen aankopen voor de vervanging van het dak. Ik heb toen deze 8.000 euro op 12 augustus 2010 overgemaakt op de rekening van het bedrijf [bedrijf 1] Te weten het nummer [rekeningnummer] .

[verdachte] gaf mij in een persoonlijk gesprek op 15 of 16 augustus (de rechtbank begrijpt 2010) aan dat hij een fout in zijn berekening had gemaakt waardoor de kosten voor de materialen wat duurder zouden uitvallen. Hij verzocht mij dan ook 4.000 euro extra over te maken op de rekening van het bedrijf. Dit heb ik op 17 augustus over laten maken.
Weer een paar dagen kwam [verdachte] weer langs met een verzoek om 4.290 euro extra, dit omdat de dakexpert had aangegeven dat er een extra houtlaag aangebracht moest worden. Ik heb dit op 20 augustus overgemaakt.
gaf de volgende dag aan dat hij voor het afvoersysteem van het dak zelf een extra 2.150 euro moest hebben om dit in orde te maken. Dit heb ik op 23 augustus overgemaakt.
De volgende dag kwam [verdachte] weer langs en zei dat hij voor de achterkant nog eens 2.571 euro nodig had. Deze heb ik op 26 augustus overgemaakt.

Voor de dakinspectie moest volgens [verdachte] 520 euro betaald worden. Ik heb dit op 27 augustus 2010 overgemaakt en geen factuur ontvangen.

Een paar dagen daarna zei [verdachte] een aanbetaling van 3.986,50 euro nodig te hebben, naar aanleiding van het dakinspectierapport met betrekking tot isolatie. Daar stond ook de dakinspectie zelf genoemd, dat ik al had betaald. Toen ik aangaf aan [verdachte] dat ik dubbel heb betaald, gaf [verdachte] aan dat dit niet zo was, en dat het betaalde geld voor materialen was.

Weer enkele dagen later gaf [verdachte] aan een aanbetaling van 4.000 euro nodig te hebben om de spullen over te brengen en een container te laten plaatsen. Ik heb dit op 4 oktober 2010 overgemaakt op zijn rekening.

Er is van de daadwerkelijke werkzaamheden weinig terechtgekomen. Hij heeft ongeveer 15 m2 aan de onderste lagen gedaan op het dak. Er ligt wel wat isolatie, maar dit is slechts de eerste laag. De toplaag is nog steeds niet aanwezig. Op het balkonnetje is alleen de toplaag aangelegd, er moet nog een afwerklaag op komen. De totale oppervlakte van de opdracht beslaat 450 m2. [verdachte] heeft mij in augustus 2010 aangegeven dat de werkzaamheden met mooi weer binnen twee weken afgerond zouden zijn. Het is echter februari 2011 en er zijn haast geen werkzaamheden verricht.


Ik heb gesproken met [C] van een dakdekkersgroothandel dat materialen levert. Hij gaf aan dat [verdachte] en zijn bedrijf nooit een bestelling heeft gedaan aan het bedrijf, in ieder geval niet onder de naam van [bedrijf 1] Hij kwam namelijk in het geheel niet voor in het systeem van dat bedrijf. Ik zag echter wel dat de materialen die stonden op mijn terrein van dit bedrijf afkomstig waren. Ik heb nog in totaal een telefoonrekening voor 250 euro gehad omdat ik zo vaak heb gebeld met [verdachte] . Dit om te vragen hoe het nou zat met die werkzaamheden die maar niet uitgevoerd werden.

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 15] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden en dat zij betalingen heeft gedaan.117

Aanvullende bewijsoverweging.

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte een groot project heeft aangenomen, een vervanging van een dak van 350 m2. Er werd gesproken over de inzet van een dakexpert die niet door aangever zelf is gezien. Er zijn wat materialen geleverd, maar uiteindelijk is er slechts over een oppervlakte van 15m2 aan werkzaamheden verricht, dus in feite slecht drie procent van het aangenomen werk. Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte in geringe werkzaamheden heeft uitgevoerd om de indruk te wekken dat de werkzaamheden uitgevoerd zouden worden. Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden volledig uit te voeren en dat hij de aangeefster heeft opgelicht.

feit 20 [aangever 16] , [adres]

[aangever 16] heeft aangifte gedaan van oplichting te [adres] en het volgende verklaard118:
Ik kreeg van [verdachte] (december 2010) een mondelinge offerte over een dak van circa 320 m2. Dit zou mij 30.000 euro kosten. Ik heb 50% moeten aanbetalen en heb in totaal 19.337,50 aan [verdachte] betaald. Ik werd diverse malen door [verdachte] gebeld met de vraag of ik het geld al had overgemaakt. Na de betaling heb ik wekelijks contact gehouden met [verdachte] en kreeg telkens te horen dat het materiaal in bestelling was. Op 18 maart (de rechtbank begrijpt 2011) hoorde ik van [verdachte] dat alle materialen en onderdelen aanwezig waren en dat hij in de tweede week van april 2011 zou beginnen. Ik vond dat te lang duren. Ik vroeg hem alvast het materiaal te brengen of op te halen. Dat was niet mogelijk. Tussen vrijdag 18 maart 2011 en 26 april 2011 heb ik alles netjes bijgehouden in een logboek.

In het dossier bevinden zich telefoonnotities.119 In deze notities is het volgende genoteerd:

- Toen vroeg ik hoe de zaken stonden en hij antwoorde dat morgen 22-3-2011 in de morgen zou langs komen om wat maten te nemen nodig voor hem zelve.

- 22-3 is niemand geweest of gebeld.

- 23-3-2011. Om 10:08 heeft de bouwer gebeld en heel joviaal vertelde dat de 14e week dus de 4 april 2011 komen om alles te voorbereiden en of de koffie klaar stond en dat de 15e week dus 11 april starten de werkzaamheden.

- 11-4-2011 Maandag heeft gebeld hij wil woensdag 13-4 isolatiemateriaal en een kraan en vroeg of hij hier mocht staan en hij komt morgen dinsdag in de ochtend om te bespreken.

- 12-4-2011 Dinsdag heb ik de hele dag op hem gewacht. Niks gehoord of gezien.

- 13-4-2011 Vandaag zou naar hem zeggen isolatiemateriaal gebracht worden.

- 15-4-2011 Vrijdag gebeld. Ik vroeg waar hij was gebleven de 12 en 13 april. Hij vertelde (..) dat de ze nu 1e zending in programma staat voor dinsdag 19 april, maar maandag 18 komt hij om een en ander te kijken en bespreken.

- 19-4-2011 Dinsdag 19-4 de hele dag niks gehoord of gezien

- 20-4-2011 Woensdag 20-4 niemand geweest of materiaal gebracht

- 22-4-2011 Vrijdag 22-4 heb ik gebeld waar blijft de bezoek en de materiaal levering?

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 16] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden en dat hij betalingen heeft gedaan.120

Aanvullende bewijsoverweging.

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte zeer aanzienlijke geldbedragen betaald heeft gekregen terwijl er nauwelijks werkzaamheden zijn verricht. Aangever heeft meerdere malen gerappelleerd op de levering van materialen en het voortzetten van de werkzaamheden, terwijl verdachte hier vervolgens niet op reageerde en ook niet daadwerkelijk tot actie overging. Gezien de grootte van het dakoppervlakte, te weten 320 m2 ging het om een zeer aanzienlijk werk. Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren en dat hij de aangever heeft opgelicht.

feit 23 [aangever 17] , wonende aan [adres]

[aangever 17] , geboren op [1936] , heeft aangifte gedaan. [aangever 17] woont op het adres [adres] . Zij heeft het volgende verklaard121:

Ik zocht in december 2012 een aannemer voor het vervangen van boeidelen van mijn woning. Ik kwam in contact met [verdachte] . Hij had tien jaar geleden ook wat werkzaamheden voor ons verricht. Ik kwam tot overeenstemming voor de werkzaamheden voor een prijs van 1.250 euro. Hij startte in mei 2013 en gaandeweg bleken meerdere werkzaamheden noodzakelijk, zoals dakpannen, isolatie van het dak, kozijnen en dubbel glas en nieuwe dakgoten. Ik betaalde achtereenvolgens aanvullende bedragen van

€ 1.250,00, € 8.000,00, € 5.000,00, € 800,00, € 2.650,00, € 3.700,00 € 1.300,00 en € 2.500,00 euro. Ik leende op 2 augustus 2013 een bedrag van 750 euro aan [verdachte] omdat hij dit met spoed nodig zei te hebben in verband met materialen.

Van alle werkzaamheden kwam weinig terecht, in de maanden mei 2013 tot en met augustus 2013 waren door [verdachte] werkzaamheden verricht.

Het werk lag vervolgens zo goed als stil, terwijl het dak nog half open lag. Ik nam vervolgens tevergeefs contact op met [verdachte] . Er trad lekkage op en er ontstond schade aan onder andere het plafond, de muren en het tapijt. Ik schakelde toen mijn rechtsbijstandsverzekeraar in en die stelde [verdachte] bij brief van 26 augustus 2013 in gebreke en aansprakelijk en werd verzocht de werkzaamheden binnen een maand deugdelijk af te ronden.

Op 18 september 2013 zei [verdachte] aan DAS toe dat hij de werkzaamheden aan ons dak binnen 14 dagen zou opleveren. [verdachte] zegde toe op 19 september 2013 dat hij de werkzaamheden binnen 3 weken zou opleveren. Dat heeft hij niet gedaan.

In het dossier bevindt zich een rapport van ZNEB Expertise en Taxatie BV d.d. 31 oktober 2013 dat betrekking heeft op [adres] .122 De onderzoekers merken daarin op dat zij de bestaande dakpannen hebben aanschouwd en zij van mening zijn dat de dakpannen nog van goede kwaliteit waren.123

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 17] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden en dat zij betalingen heeft gedaan.124

Aanvullende bewijsoverweging

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte bij aangeefster telkens opnieuw op het verrichten van nieuwe werkzaamheden heeft aangedrongen, waarvoor aangeefster verdachte in eerste instantie niet voor had benaderd. Het ging haar alleen om nieuwe boeidelen. Vanuit deze relatief kleine opdracht voor een aanneemsom van 1.250 euro, werden op aandringen van verdachte door aangeefster bedragen aanbetaald voor nieuwe werkzaamheden tot een bedrag van bijna 26.000 euro. Het initiatief van deze extra werkzaamheden kwam vanuit verdachte, het werk is niet afgemaakt, terwijl uit het onderzoeksrapport blijkt dat een deel van het werk niet nodig was. Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden af te ronden en dat hij de aangeefster heeft opgelicht.

feit 24 [aangever 18] en [aangever 19] , [adres] :

[aangever 18] heeft aangifte gedaan van oplichting. [aangever 18] doet aangifte mede namens [aangever 19] . [aangever 18] en [aangever 19] wonen op het adres [adres] . [aangever 18] heeft het volgende verklaard125
[aangever 19] en ik bespraken op 16 april 2014 plannen voor het aanschaffen en plaatsen van een nieuw tuinhuis. Wij werden aangesproken door een man die aan het werk was. Hij stelde zich voor als [verdachte] . Na overleg besloten we dat hij het nieuwe tuinhuis in onze tuin zou plaatsen voor 3.500 euro. Hij vroeg een aanbetaling van 1.500 euro in verband met de aanschaf van materialen. Ik heb dit per bank overgemaakt. [aangever 19] heeft eind april 2014 ook een bedrag van 1.500 euro overgemaakt, naar hetzelfde bankrekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [verdachte] . Vanaf 25 mei 2014 tot eind augustus 2014 heb ik en [aangever 19] regelmatig telefonisch of persoonlijk contact gehad met [verdachte] . Er werd nog niet begonnen met het plaatsen van het tuinhuis. [verdachte] had bij het aanspreken door ons elke keer een argument waarom het plaatsen van het tuinhuis nog niet was begonnen. In juni 2014 is wel de fundering van het tuinhuis gestort. Begin december 2014 heb ik via Klaverblad een aangetekende brief gestuurd naar [verdachte] . Ik en [aangever 19] hebben vervolgens niets meer van [verdachte] gehoord. Het bedrag van 3000 euro is door [verdachte] niet teruggestort op mijn rekening of die van [aangever 19] .

Verdachte heeft verklaard dat hij met [aangever 18] en [aangever 19] afspraken had gemaakt over de uit te voeren werkzaamheden en dat zij betalingen hebben gedaan.126

Aanvullende bewijsoverweging.

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs is de rechtbank tot de overtuiging gekomen dat verdachte aangevers ongevraagd heeft benaderd, waarna zij de volledige aanneemsom betaald hebben en er niets meer is gebeurd, nadat de fundering van het tuinhuisje was gestort. Ondanks rappellen en aangetekende brieven gaf verdachte geen duidelijkheid met betrekking tot de verdere voortgang van de werkzaamheden. Op grond van het weergegeven bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden af te ronden en dat hij de aangevers heeft opgelicht.

De rechtbank heeft voor het bewijs van ieder feit ook het bewijs gebruikt dat ten aanzien van de andere feiten is weergegeven.

4.3.2

Vrijspraken

feit 3 [aangever 20] , [adres]

Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat door verdachte of namens verdachte gedurende ten minste 15 uren werkzaamheden zijn verricht. Aangeefster heeft verklaard dat verdachte tot 23 augustus 2013 altijd heeft gewerkt. Hoewel op grond van de beschikbare stukken kan worden getwijfeld aan de oprechte bedoelingen van verdachte om de werkzaamheden naar behoren af te ronden, kan de rechtbank niet vast stellen dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren. Ook volgt uit het bewijs niet dat hij gebreken heeft voorgewend die niet bestaan. Onder die omstandigheden kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte de aangeefster heeft opgelicht.


feit 5 [aangever 21] , [adres]

Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat door verdachte of namens verdachte werkzaamheden zijn verricht. Soms kwam [verdachte] zelf, soms kwamen er twee mannen van [verdachte] . Een aantal werkzaamheden is uitgevoerd, een aantal nog niet. Hoewel op grond van de beschikbare stukken kan worden getwijfeld aan de oprechte bedoelingen van verdachte om de werkzaamheden naar behoren af te ronden, kan de rechtbank niet vast stellen dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren. Ook volgt uit het beschikbare bewijs niet dat verdachte gebreken heeft voorgewend die niet bestaan. Onder die omstandigheden kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte aangeefster heeft opgelicht.

feit 8 [aangever 22] , [adres]

Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat door verdachte of namens verdachte werkzaamheden zijn verricht. [verdachte] kwam zelf, vergezeld van anderen. Een aantal werkzaamheden is uitgevoerd, een aantal nog niet. Hoewel op grond van de beschikbare stukken kan worden getwijfeld aan de oprechte bedoelingen van verdachte om de werkzaamheden naar behoren af te ronden, kan de rechtbank niet vast stellen dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren. Ook volgt uit het beschikbare bewijs dat aangeefster de door verdachte genoemde werkzaamheden heeft afgehouden en zich niet heeft laten overhalen. Voorts had aangeefster aangesproken dat een deel van het te betalen bedrag, pas na afloop van de werkzaamheden zou worden betaald. Onder die omstandigheden kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte aangeefster heeft opgelicht.

feit 13 [aangever 23] , [adres]

Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat aangeefster het contract op 23 juli 2014 ontbonden, zodat verdachte vanaf dat moment de werkzaamheden niet meer kon verrichten. Verder staat vast dat door of namens verdachte een aanzienlijk deel van de materialen is geleverd. Aangeefster heeft verklaard dat niet alle materialen zijn geleverd en zij daar tevens te veel geld voor heeft betaald. Verdachte heeft daarover ter zitting verklaard dat het inderdaad goed mogelijk is dat aangeefster meer geld heeft betaald voor de materialen dan de inkoopprijs bij de leverancier, maar dat dit verschil de marge betreft die hij als ondernemer aan de inkoop van materialen verdient. Gelet op deze omstandigheden kan de rechtbank niet vaststellen dat verdachte zich in strijd met de waarheid heeft voorgedaan als bonafide ondernemer dan wel van meet af aan niet van plan was om de werkzaamheden te verrichten. Aldus kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte aangeefster heeft opgelicht.

feit 17 [aangever 24] , [adres]

Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat namens verdachte een deel van de afgesproken werkzaamheden - het balkon en het toilet - naar tevredenheid van aangeefster is uitgevoerd. Door aangeefster is een voorschot van in totaal € 3.500,00 betaald aan verdachte. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat dit voorschot betrekking had op de kosten die zijn gemaakt voor de uitgevoerde reparaties aan het balkon en het toilet. De rechtbank kan op basis van het in het dossier bevindende bewijs niet tot de conclusie komen dat deze verklaring niet aannemelijk of ongeloofwaardig is. Derhalve kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte aangeefster heeft opgelicht.

feit 21 [aangever 25] , [adres]

Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte korte tijd voordat hij werd aangehouden, met aangever in contact kwam voor een relatief kleine opdracht. Er werden echter geen duidelijke afspraken gemaakt en er zijn wel op 10 februari 2015 nog werkzaamheden verricht, waarna verdachte niet meer is verschenen en op 16 februari is gearresteerd. Een aantal werkzaamheden zijn uitgevoerd, een aantal nog niet. De rechtbank kan op grond van het beschikbare bewijs niet vast stellen dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren of alsnog had willen uitvoeren. Ook volgt uit het beschikbare bewijs niet dat verdachte gebreken heeft voorgewend die niet bestaan. Onder die omstandigheden kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte aangever heeft opgelicht.

feit 22 [aangever 26] , [adres] , [adres]

Op grond van het beschikbare bewijs stelt de rechtbank vast dat verdachte met aangever diverse werkzaamheden heeft afgesproken voor verschillende panden, waarbij door aangever tevergeefs diverse malen werd gevraagd om facturen. Wel diende aangever steeds weer aanzienlijke bedragen aan verdachte te betalen. Een aantal werkzaamheden zijn uitgevoerd, een aantal werkzaamheden nog niet. Aangever weet echter niet precies wat er wel en niet is gebeurd, omdat hij vaak van derden had vernomen wat er zou mankeren aan de werkzaamheden en hier zelf geen waarneming van heeft gedaan. Hoewel op grond van de beschikbare stukken kan worden getwijfeld aan de oprechte bedoelingen van verdachte om de werkzaamheden naar behoren af te ronden, kan de rechtbank niet vast stellen dat verdachte van meet af aan niet van plan was de werkzaamheden uit te voeren of alsnog had willen uitvoeren. Ook volgt uit het beschikbare bewijs niet dat verdachte gebreken heeft voorgewend die niet bestaan. Onder die omstandigheden kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte aangever heeft opgelicht.

5 Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de onder 4.3.2 vervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte:

Bewezenverklaring feit 1

hij in of omstreeks de periode 1 januari 2012 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 1] ( [1947] ), en/of een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 4.087,00, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

met die [aangever 1] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 1] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- met die [aangever 1] (op 18 mei 2012) concrete afspraken gemaakt betreffende de uitvoering van de werkzaamheden,

waardoor die [aangever 1] en/of een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres], werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd.

Bewezenverklaring feit 2

hij in of omstreeks de periode 20 november 2011 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 2] ( [1941] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 18.920,00 althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 2] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 2] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 2] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- die [aangever 2] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 2] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd.

Bewezenverklaring feit 4

hij in of omstreeks de periode 5 december 2013 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Maarssen, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 3] ( [1948 ] ) en [aangever 4] ( [1948 ] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 19.146,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

- (vervolgens) een contractpartij die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was de overeenkomst(en) (betrekking hebbend op betalingsregelingen) (volledig) na te komen en/of (vervolgens)

en/of (daarbij)

- met die [aangever 3] en/of [aangever 4] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of afleveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 3] en/of [aangever 4] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 3] en/of [aangever 4] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 3] en/of [aangever 4] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen) en/of

- met die [aangever 3] en/of [aangever 4] (in de periode van 1 december 2013 tot en met 7 januari 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van een aan hem, verdachte aanbetaald geldbedrag,te weten 12.272,00 euro) en/of

- met die [aangever 3] en/of [aangever 4] (op 14 augustus 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling ten belopen van 15.000,00 euro, waarbij per oktober 2014 maandelijks 1000 euro zou worden betaald door verdachte),

waardoor die [aangever 3] en/of [aangever 4] , althans de personen woonachtig op de [adres] , werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- voornoemde overeenkomst(en) niet (volledig) is/zijn nagekomen.

Bewezenverklaring feit 6

hij in of omstreeks de periode 20 september 2010 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 5] , heeft bewogen tot de afgifte van 4.435,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 5] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) van diens praktijkpand (gelegen aan de [adres] ) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 5] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of

- die [aangever 5] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 5] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen) en/of

- met die [aangever 5] (rond augustus 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van de aanbetaalde geldbedrag ten belope van 3.000 euro, waarbij verdachte zich verplichtte per september 2014 betalingen te verrichten);

waardoor die [aangever 5] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet (althans niet naar behoren en/of niet volledig) heeft/hebben uitgevoerd.

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000 euro) niet is/zijn nagekomen.

bewezenverklaring feit 7

hij in of omstreeks de periode 4 december 2013 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Maarssen, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 6] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 5.946,00 euro , althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

- (vervolgens) een contractpartij die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was om de met [aangever 6] overeengekomen (schade)regeling (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000,00 euro) (volledig) na te komen en/of een schaderegeling (wegens niet nakoming van een overeenkomst)

en/of (daarbij)

- met die [aangever 6] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en

- die [aangever 6] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of - die [aangever 6] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 6] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen);

en/of (vervolgens)

- met die [aangever 6] een overeenkomst gesloten (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000,00 euro terzake niet noodzakelijke werkzaamheden),

waardoor die [aangever 6] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000,00 terzake niet noodzakelijke werkzaamheden) niet is/zijn nagekomen;

bewezenverklaring feit 9

hij in of omstreeks de periode 1 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 7] ( [1942] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 3.200,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 7] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen,

waardoor die [aangever 7] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

bewezenverklaring feit 10

hij in of omstreeks de periode 22 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 8] ( [1939] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 3.000,00 euro, althans enig geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 8] , nadat hij en/of een van zijn mededaders zonder toestemming een stuk hout van het dak van de schuur van [aangever 8] had(den) getrokken, (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren

en/of

- met die [aangever 8] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte tot het (onder meer) verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 8] (ongevraagd) medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 8] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 8] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 8] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

bewezenverklaring feit 11

hij in of omstreeks de periode 30 januari 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Driebergen-Rijssenburg, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 9] ( [1931] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 1.250,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

en/of (daarbij)

- die [aangever 9] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 9] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich(onder andere) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 9] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden (aan)betalingen verricht moesten worden,

en/of

- met die [aangever 9] (in augustus 2014) een overeenkomst gesloten inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van het aanbetaalde geldbedrag ten belope van 1250 euro waarbij verdachte zich verplichtte de betalingen in september 2014 en oktober 2014 te verrichten);

waardoor die [aangever 9] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd.

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 1.250,00 euro) niet is/zijn nagekomen;

bewezenverklaring feit 12

hij in of omstreeks de periode 30 januari 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Driebergen-Rijssenburg, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 10] ( [1949] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 5.465,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 10] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 10] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van bouwmaterialen en/of

- die [aangever 10] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 10] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 10] , althans die perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovengenoemde afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

Bewezenverklaring feit 14

hij in of omstreeks de periode 11 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 11] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 1.325,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

- (vervolgens) een contractpartij die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was de overeenkomst(en) (betrekking hebbend op betalingsregelingen) (volledig) na te komen

en/of (daarbij)

- die [aangever 11] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 11] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 11] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 11] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 11] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen) en/of

- met die [aangever 11] (in augustus 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van het aanbetaalde geldbedrag ten belope van 1.300 euro, waarbij verdachte zich verplichtte de betalingen in september 2014 en november 2014 te verrichten),

waardoor die [aangever 11] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd.

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 1.300,00 euro) niet is/zijn nagekomen;

Bewezenverklaring feit 15
hij in of omstreeks de periode 26 augustus 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Weesp, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 12] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 10.050,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 12] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 12] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of

het aankopen en/of (afleveren) van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 12] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 12] (meermalen) medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 12] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 12] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

Bewezenverklaring feit 16

hij in of omstreeks de periode 29 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 13] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 4.100,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk –zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 13] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 13] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 13] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 13] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 13] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren, waardoor die [aangever 13] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

Bewezenverklaring feit 18

hij in of omstreeks de periode 12 maart 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 14] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 6.165,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 14] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 14] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 14] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 14] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren,

waardoor die [aangever 14] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

Bewezenverklaring feit 19
hij in of omstreeks de periode 12 augustus 2010 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van 29.517,50 euro, althans van een geldbedrag

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KvK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak van het bedrijfspand ) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en /of leveren van (bouw)materialen

en/of

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

- met die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] (op 3-2-2012) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling ten belope van 17.500,00 euro);

waardoor die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of een of meer andere medewerkers van [naam bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- de overeenkomst (inhoudende een betalingsregeling ten belope van 17.500,00 euro ) niet (volledig) is/zijn nagekomen;

Bewezenverklaring feit 20

hij in of omstreeks de periode 23 december 2010 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te [adres] , in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 16] , heeft bewogen tot de afgifte van 19.337,50 euro , althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KvK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 16] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het uitvoeren van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

-en/of die [aangever 16] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- met die [aangever 16] (op 12-8-2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling ten belopen van 19.000,00, waarbij per oktober 2014 maandelijks 1000,- zou worden betaald door verdachte),

waardoor die [aangever 16] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- de overeenkomst (d.d. 12-8-2014) niet (volledig) is/zijn nagekomen

Bewezenverklaring feit 23

hij in of omstreeks de periode van 1 december 2012 tot en met 16 februari 2015 te Bilthoven, gemeente De Bilt, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en / of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en / of van een valse hoedanigheid en / of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en / of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 17] (geboren [1936] ), althans een of meer pers(o)n(en) woonachtig op [adres], heeft bewogen tot de afgifte van 25.950,00 euro, althans een geldbedrag,

hebbende verdachte en / of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en / of listiglijk en / of bedrieglijk en / of in strijd met de waarheid

zich voorgedaan als

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 17] medegedeeld dat er (extra) werkzaamheden aan het dak en/of andere delen van de woning noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 17] een overeenkomst gesloten waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 17] medegedeeld dat er -voorafgaand aan de werkzaamheden en/of de afgesproken extra werkzaamheden-(aan)betalingen verricht dienden te worden en/of

- die [aangever 17] contant geld te leen gevraagd om met spoed materiaal ten behoeve van de werkzaamheden aan te kunnen schaffen

waardoor die [aangever 17] , althans die een of meer pers(o)n(en) woonachtig op [adres], werd bewogen tot bovenomschreven afgifte

terwijl verdachte en/of zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

Bewezenverklaring feit 24

hij in of omstreeks 16 april 2014 tot en met 16 februari 2015 te Utrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en / of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en / of van een valse hoedanigheid en / of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en / of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 19A] en/of [aangever 19] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van 3000,00 euro, althans een geldbedrag, in elk geval van enig goed,

hebbende verdachte en / of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – opzettelijk valselijk en / of listiglijk en / of bedrieglijk en / of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer die in de buurt aan het werk was en/of ook voor de buurman werkzaamheden zou gaan uitvoeren en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 19A] en/of die [aangever 19] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een bouwaanvraag en/of het plaatsen van een tuinhuis en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 19A] en/of die [aangever 19] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden,

waardoor die [aangever 19A] en/of [aangever 19] werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

6 De strafbaarheid van de feiten

Het bewezenverklaarde levert de navolgende strafbare feiten op.

ten aanzien van feit 1, 2, 4, 6, 7, 9, 10, 11, 12, 14, 15, 16, 18, 19, 20, 23 en 24:

- telkens: oplichting.

Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

7 De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8 Motivering van de straffen en maatregelen

8.1.

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het door de officier van justitie bewezen geachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden met aftrek van het voorarrest, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.

8.2.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft algehele vrijspraak bepleit.

8.3.

Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Verdachte heeft zich gedurende een periode van meerdere jaren schuldig gemaakt aan een groot aantal oplichtingen. Hij heeft zich voorgedaan als een betrouwbare dakdekker die (veronderstelde) gebreken op korte termijn zou kunnen herstellen. Verdachte heeft zijn slachtoffers meestal diezelfde dag forse aanbetalingen laten verrichten, en afspraken gemaakt ten opzichte van het moment van verrichten van de werkzaamheden, waarmee hij het vertrouwen wekte ook spoedig aan de slag te gaan. Nadat meerdere aanbetalingen voor de door verdachte geconstateerde nieuwe of extra gebreken werden voldaan, kwam verdachte niet meer opdagen. Daarbij waren het de slachtoffers die meermalen met hem contact moesten zoeken om te vragen wanneer hij het werk zou verrichten. Zij werden vervolgens echter afgescheept met steeds wisselende (niet verifieerbare) excuses of smoezen. Uit de verklaringen van de slachtoffers blijkt dat dit bij hen heeft geleid tot grote frustratie, maar ook verdriet over de grote bedragen die zij aan verdachte zijn kwijtgeraakt. Door op een dergelijke wijze te handelen, heeft verdachte doelbewust op grove wijze misbruik gemaakt van het door de slachtoffers in hem gestelde vertrouwen met louter als doel eigen financieel gewin. Daarbij heeft verdachte tevens het vertrouwen van potentiële klanten in de dakdekkersbranche schade toegebracht. Bij uitstek in deze branche is vertrouwen van klanten van groot belang. Klanten moeten vanwege het ontbreken van expertise kunnen afgaan op de bevindingen van een zelfstandig ondernemer als een dakdekker. Daarbij is ook van belang dat klanten zelf niet kunnen constateren of er inderdaad gebreken zijn. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan, ook mede gelet op de grote bedragen die hij zijn slachtoffers afhandig heeft gemaakt.

Wat de rechtbank verder in het nadeel van verdachte meeweegt, is dat verdachte in 2014 eerder is aangehouden in verband met deze oplichtingszaak. Verdachte heeft toen tot augustus 2014 de kans gekregen om contact op te nemen met de slachtoffers en afspraken te maken over het werk dat nog verricht moest worden. Veel van de slachtoffers hebben echter nooit meer iets van verdachte gehoord. Niet alleen dit neemt de rechtbank verdachte kwalijk, maar met name het feit dat verdachte nadien zijn oplichtingspraktijken heeft voortgezet. Daarmee lijkt verdachte niet in (te willen) zien dat hij fout bezig is. Ook ter terechtzitting is verdachte - geconfronteerd met het bewijs in de vele zaken - vol blijven houden dat hij zijn werkzaamheden (nagenoeg) goed en volledig heeft verricht. Slechts een enkele keer heeft hij toegegeven dat een klein deel van het werk nog niet is verricht, dat hij echter nog steeds bereid was te verrichten. Verdachte neemt derhalve geen enkele verantwoordelijkheid voor zijn daden.

De rechtbank heeft verder acht geslagen op het Uittreksel Justitiële Documentatie van 27 maart 2015 betreffende verdachte, waaruit blijkt dat verdachte in 2009 is veroordeeld voor oplichting.

Tevens heeft de rechtbank acht geslagen op het reclasseringsadvies van Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering van 29 mei 2015. De reclassering heeft geadviseerd tot oplegging van een (on)voorwaardelijke gevangenisstraf en heeft vanuit hulpverleningsoptiek geen reden gezien tot het adviseren van bijzondere voorwaarden. Ook bij de reclassering toont verdachte geen zelfinzicht. Hij stelt een goedlopend bedrijf te hebben met een groot klantenbestand en slechts tevreden klanten.

Gelet op de ernst van de feiten en de lange periode waarin verdachte zich aan deze feiten schuldig heeft gemaakt, rechtvaardigen een gevangenisstraf van aanzienlijke duur. Gelet op de ernst van de feiten kan niet worden volstaan met een straf die geen vrijheidsbeneming met zich brengt. Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf van 24 maanden, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, passend en geboden. De rechtbank zal een deel daarvan, groot 8 maanden, voorwaardelijk opleggen. Het voorwaardelijk deel dient ertoe verdachte er van te weerhouden zich in de toekomst wederom aan - soortgelijke – strafbare feiten schuldig te maken.

De rechtbank legt daarmee een hogere onvoorwaardelijke gevangenisstraf op dan door de officier van justitie is geëist. De straf die door de officier van justitie is geëist, doet naar haar oordeel onvoldoende recht aan de ernst van het bewezen verklaard en de omstandigheden waaronder deze feiten zijn begaan.

9 De benadeelde partijen

Algemeen

De verdediging heeft, gelet op de bepleite vrijspraken, de niet-ontvankelijkheid van alle benadeelde partijen bepleit.

Subsidiair heeft de verdediging gesteld dat de behandeling van de vorderingen van de benadeelde partijen dermate gecompliceerd is, dat deze een onevenredige belasting van het strafgeding opleveren.

[aangever 1]

De benadeelde partij [aangever 1] vordert ten aanzien van het onder feit 1 tenlastegelegde een schadevergoeding van € 4.169,50 ter zake van materiële schade, met daarbij de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en acht deze onvoldoende onderbouwd. Nu er wel materialen zijn geleverd en werkzaamheden zijn verricht, dient er een deskundigenrapport te worden opgemaakt om het schadebedrag nauwkeurig te bepalen. Voorts is een deel van het bedrag niet aan verdachte, maar aan de heer [A] , betaald.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 1 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Zoals blijkt uit het hiervoor weergegeven bewijs heeft verdachte geen werkzaamheden verricht. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding om nader onderzoek te doen naar het schadebedrag. Dat een deel van het bedrag niet aan verdachte, maar aan [A] is betaald, is voor de schatting van de schade niet van belang. Door het handelen van verdachte heeft benadeelde de gevorderde schade geleden. De rechtbank wijst de vordering toe voor een bedrag van € 4.169,50. Dit bedrag bestaat uit € 4.087,00 als het totaalbedrag dat benadeelde aan verdachte heeft betaald en € 82,50 aan telefoon- en sms-kosten en kosten voor aangetekende brieven. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 4.087 berekend vanaf 20 februari 2012 (de dag van de laatste deelbetaling) en over een bedrag van € 82,50 vanaf 22 april 2015 (de dag van waarop de vordering is ontvangen) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

[aangever 3]

De benadeelde partij [aangever 3] vordert ten aanzien van het onder feit 4 een schadevergoeding van € 23.072,44 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte bevestigd dat er werkzaamheden heeft verricht en dat deze verrekend dienen te worden. Echter dit bedrag is, zonder nader onderzoek, niet eenvoudig te bepalen. Voorts is niet komen vast te staan dat de door een derde partij verrichte werkzaamheden een rechtstreeks gevolg waren van het handelen van verdachte. Indien verdachte aansprakelijk is, dient er een deskundigenrapport te worden opgemaakt om het schadebedrag nauwkeurig te bepalen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van een deel van de vordering van geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 4 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank stelt vast dat een deel van de opdracht is uitgevoerd. Dit betekent dat niet het totale bedrag dat door benadeelde is betaald, als schade kan worden aangemerkt. De rechtbank zal de schade schatten en waardeert deze op

€ 15.000,00. De schade die betrekking heeft op herstelwerkzaamheden door [bedrijf 4] kan niet zonder nadere onderbouwing worden aangemerkt van schade die het gevolg is van de oplichting.

De vordering kan dan ook tot een bedrag van € 15.000,00 worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente. De wettelijke rente wordt berekend vanaf 20 december 2013 (de dag van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

De rechtbank zal benadeelde partij voor het restant van de vordering niet-ontvankelijk verklaren. Voor dat deel kan de benadeelde partij de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[aangever 5]

De benadeelde partij [aangever 5] vordert ten aanzien van het onder feit 6 een schadevergoeding van € 6.217,97 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 4.667,79, met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel. Ten aanzien van de gevorderde kosten voor het inschakelen van een andere aannemer dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering te worden verklaard, nu daarmee ook diensten ten bate van de benadeelde partij zijn verricht.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist. De opgevoerde betalingen zijn, met uitzondering van een bedrag van € 2.500,00 niet onderbouwd. Voorts is niet komen vast te staan dat de door een derde partij verrichte werkzaamheden een rechtstreeks gevolg waren van het handelen van verdachte. Indien verdachte aansprakelijk is, dient er een deskundigenrapport te worden opgemaakt om het schadebedrag nauwkeurig te bepalen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van een deel van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 6 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank stelt vast dat een klein deel van de opdracht is uitgevoerd. Dit betekent dat niet het totale bedrag dat door benadeelde is betaald, als schade kan worden aangemerkt. De rechtbank zal de schade schatten en waardeert deze op € 4.000,00. De schade die betrekking heeft op herstelwerkzaamheden door [bedrijf 6] kan niet zonder nadere onderbouwing worden aangemerkt als schade die het gevolg is van de oplichting.

De vordering kan dan ook tot een bedrag van € 4.000,00 worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente. De wettelijke rente wordt berekend vanaf 7 oktober 2010 (de dag van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

De rechtbank zal benadeelde partij voor het restant van de vordering niet-ontvankelijk verklaren. Voor dat deel kan de benadeelde partij de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[aangever 6]

De benadeelde partij [aangever 6] vordert ten aanzien van het onder feit 7 een schadevergoeding van € 10.553,42 ter zake van materiële schade, met daarbij de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 6.107,33, met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel. Ten aanzien van de gevorderde kosten voor het inschakelen van een andere aannemer dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering te worden verklaard, nu daarmee ook diensten ten bate van de benadeelde partij zijn verricht.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte de werkzaamheden zo goed als afgerond had. Voorts is niet komen vast te staan dat de door een derde partij verrichte (herstel)werkzaamheden een rechtstreeks gevolg waren van het handelen van verdachte. Indien verdachte aansprakelijk is, dient er een deskundigenrapport te worden opgemaakt om het schadebedrag nauwkeurig te bepalen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van een deel van de vordering van [aangever 6] geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 7 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert dit deel op € 4.506,73. De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van

€ 3.000,00 berekend vanaf 9 december 2013 (de dag van de laatste deelbetaling) en over een bedrag van € 1.506,73 vanaf 24 april 2015 (de dag van waarop de vordering is ontvangen) tot aan de dag der algehele voldoening.

De rechtbank overweegt daartoe dat:

- de post “betalingen aan verdachte” € 5946,00, gematigd dient te worden tot € 3.000,00, gelet op de door verdachte uitgevoerde werkzaamheden en de met de benadeelde partij overeengekomen betalingsregeling;

- de post “keuring [naam] ” € 161,33 voldoende onderbouwd en aannemelijk is gemaakt;

- de post “herstellen gevels” € 2.690,80 gematigd dient te worden en voor de helft, t.w.

€ 1.345,40 kan worden toegewezen. De door verdachte uitgevoerde werkzaamheden waren dermate slecht uitgevoerd dat deze opnieuw dienden te gebeuren. De post “verwijderen dakbedekking” acht de rechtbank onvoldoende onderbouwd, nu van de noodzaak hiertoe niet is gebleken;

- de post “herstellen dakterras” € 1.755,29 onvoldoende onderbouwd is. Niet duidelijk is waaruit de herstelwerkzaamheden bestonden en/of waar de door verdachte veroorzaakte schade uit zou bestaan.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

Het restant van de vordering levert wel een onevenredige belasting van het strafgeding op. Daarom is de benadeelde partij in dat deel van de vordering niet-ontvankelijk. Voor dat deel kan de benadeelde partij de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[aangever 7]

De benadeelde partij [aangever 7] vordert ten aanzien van het onder feit 9 een schadevergoeding van € 3.200,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel. De vordering dient echter wel gematigd te worden, nu verdachte wel werkzaamheden aan de woning van de benadeelde partij heeft verricht. De benadeelde partij dient voor het overige deel niet-ontvankelijk in de vordering te worden verklaard.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte wel alle afgesproken werkzaamheden heeft verricht, met uitzondering van het plaatsen van een balkonhek.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van een deel van de vordering van [aangever 7] geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 9 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank wijst de vordering toe voor een bedrag van € 3.200,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 5 april 2014 tot aan de dag der algehele voldoening.

De rechtbank is van oordeel dat de door verdachte deels uitgevoerde sloopwerkzaamheden, niet van zodanige aard zijn dat deze dienen te leiden tot matiging van de vordering van de benadeelde partij.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

[aangever 8]

De benadeelde partij [aangever 8] vordert ten aanzien van het onder feit 10 een schadevergoeding van € 3.000,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen, met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel. De vordering dient echter wel gematigd te worden, nu verdachte wel werkzaamheden aan de woning van de benadeelde partij heeft verricht. De benadeelde partij dient voor het overige deel niet-ontvankelijk in de vordering te worden verklaard.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte wel werkzaamheden heeft verricht en dat slechts het tuinhuisje nog geplaatst dient te worden. De verrichtte werkzaamheden dienen verrekend te worden.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering van [aangever 8] geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 10 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank wijst de vordering toe voor een bedrag van € 3.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 1 mei 2014 (de dag van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

De rechtbank is van oordeel dat de door verdachte deels uitgevoerde sloopwerkzaamheden, niet van zodanige aard zijn dat deze dienen te leiden tot matiging van de vordering van de benadeelde partij.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

[aangever 10]

De benadeelde partij [aangever 10] vordert ten aanzien van het onder feit 12 een schadevergoeding van € 5.465,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte wel werkzaamheden heeft verricht. Toch is verdachte bereid de eerder overeengekomen betalingsregeling – tot terugbetaling van het voorschot van € 5.000,00 – na te komen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering van [aangever 10] geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 12 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank wijst de vordering toe voor een bedrag van € 5.465,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 7 februari 2014 (de dag van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

De rechtbank is van oordeel dat verdachte geen werkzaamheden heeft verricht die van zodanige aard zijn dat deze dienen te leiden tot matiging van de vordering van de benadeelde partij.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

[aangever 11]

De benadeelde partij [aangever 11] vordert ten aanzien van het onder feit 14 een schadevergoeding van € 1.425,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Meer subsidiair heeft de verdediging gesteld dat verdachte bereid is de eerder overeengekomen betalingsregeling – tweemaal € 650,00 – na te komen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 14 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Dat verdachte bereid is de eerder afgesproken betalingsregeling na te komen, maakt dat niet anders. Door het handelen van verdachte heeft benadeelde de gevorderde schade geleden. De rechtbank wijst de gehele vordering toe voor een bedrag van € 1.325,00. Dit bedrag is het totaalbedrag dat benadeelde aan verdachte heeft betaald. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt berekend vanaf 14 juni 2014 (de datum van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken. Deze kosten worden tot op heden begroot op € 100,-, te weten het eigen risico voor de rechtshulp van de rechtsbijstandsverzekering.

[aangever 12]

De benadeelde partij [aangever 12] vordert ten aanzien van het onder feit 15 een schadevergoeding van € 10.050,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte wel werkzaamheden heeft verricht en materialen heeft geleverd. Daarom dient er een deskundigenrapport te worden opgemaakt om het schadebedrag nauwkeurig te bepalen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 15 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Zoals blijkt uit het hiervoor weergegeven bewijs heeft verdachte geen werkzaamheden verricht. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding om nader onderzoek te doen naar het schadebedrag. Door het handelen van verdachte heeft benadeelde de gevorderde schade geleden. De rechtbank wijst de gehele vordering toe voor een bedrag van € 10.050,00. Dit bedrag betreft het totaalbedrag dat benadeelde aan verdachte heeft betaald. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 10.050,00 berekend vanaf 4 september 2014 (de dag van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

[aangever 13]

De benadeelde partij [aangever 13] vordert ten aanzien van het onder feit 16 een schadevergoeding van € 4.100,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte wel werkzaamheden heeft verricht en materialen heeft geleverd. Daarom dient er een deskundigenrapport te worden opgemaakt om het schadebedrag nauwkeurig te bepalen. Voorts is onduidelijk op wie de benadeelde partij een vordering heeft: [bedrijf 2] of verdachte.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 16 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Zoals blijkt uit het hiervoor weergegeven bewijs heeft verdachte geen werkzaamheden verricht. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding om nader onderzoek te doen naar het schadebedrag. Door het handelen van verdachte heeft benadeelde de gevorderde schade geleden. De rechtbank wijst de gehele vordering toe voor een bedrag van € 4.100,00. Dit bedrag betreft het totaalbedrag dat benadeelde aan verdachte heeft betaald. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 4.100,00 berekend vanaf 30 april 2014 (de dag van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

[aangever 14]

De benadeelde partij [aangever 14] vordert ten aanzien van het onder feit 18 een schadevergoeding van € 6.565,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij toe te wijzen tot een bedrag van € 6.165,00, met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel. Ten aanzien van het overige (t.w. € 400,00) dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering te worden verklaard, nu verdachte ter waarde van € 400,00 werkzaamheden aan de woning van de benadeelde partij heeft verricht.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte wel werkzaamheden heeft verricht en materialen heeft geleverd. Het schadebedrag kan derhalve – ten hoogste - € 300,00 bedragen ten gevolge van deels niet geleverde tegels.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van een deel van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 18 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Een deel van vordering, een bedrag van € 1.250,00 dat door de benadeelde aan verdachte zou zijn betaald, is niet onderbouwd. De rechtbank stelt voorts vast dat een klein deel van de opdracht is uitgevoerd. Dit betekent dat niet het totale bedrag dat door benadeelde is betaald, als schade kan worden aangemerkt. De rechtbank zal de schade schatten en waardeert deze op € 4.900,00. De vordering kan tot een bedrag van € 4.900,00 worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente. De wettelijke rente wordt berekend vanaf 28 maart 2014 (de dag van de laatste deelbetaling) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

De rechtbank zal benadeelde partij voor het restant van de vordering niet-ontvankelijk verklaren. Voor dat deel kan de benadeelde partij de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[aangever 16]

De benadeelde partij [aangever 16] vordert ten aanzien van het onder feit 20 een schadevergoeding van € 19.387,50 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij in zijn geheel toe te wijzen met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Meer subsidiair heeft de verdediging gesteld dat verdachte bereid is € 19.000,00 terug te betalen.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor onder 20 bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. Zoals blijkt uit het hiervoor weergegeven bewijs heeft verdachte geen werkzaamheden verricht. De rechtbank wijst de vordering volledig toe tot een bedrag van € 19.387,50. Dit bedrag bestaat uit € 19.337,50 als het totaalbedrag dat benadeelde aan verdachte heeft betaald en € 50,00 voor administratiekosten. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 19.387,50 berekend vanaf 24 januari 2011 (de dag dat de aanbetalingen zijn verricht) en over een bedrag van € 50,00 vanaf 8 mei 2015 (de dag waarop de vordering is ontvangen) tot aan de dag der algehele voldoening.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

[aangever 17]

De benadeelde partij [aangever 17] vordert ten aanzien van het onder feit 23 een schadevergoeding van € 62.508,35 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij af te wijzen. De benadeelde partij heeft door middel van een vonnis van de civiele rechter al een titel op basis waarvan zij de door haar gelden schade op verdachte kan verhalen.

Meer subsidiair heeft de verdediging gesteld dat de benadeelde partij geen belang heeft, nu de benadeelde partij verdachte, in een door de benadeelde partij gestarte civiele procedure, is veroordeeld tot betaling van een geldbedrag.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. In de opstelling van de schade in het formulier is een deel van aanbetaalde kosten opgenomen, een deel van begrote kosten volgens een schade-expertiserapport en de kosten die in verband met de herstelwerkzaamheden zijn gemaakt. Bovendien zijn er door verdachte wel een aantal werkzaamheden verricht. Het is derhalve te complex om vast te stellen welk bedrag als rechtstreekse schade het gevolg is geweest van de door de verdachte gepleegde strafbare feiten. Om die reden zal de vordering benadeelde partij niet-ontvankelijk worden verklaard, zodat de benadeelde partij via het civiele recht betaling kan vorderen. Nu echter reeds in een civiele procedure een schadevergoedingsbedrag van € 39.397,77 is toegewezen, ziet de rechtbank aanleiding om ter hoogte van dit bedrag een schadevergoedingsmaatregel op te leggen, zodat de betaling van dit bedrag via de strafrechtelijke weg wordt opgestart. De wettelijke rente zal gaan lopen vanaf de datum van het veroordelend civiele vonnis, te weten 7 mei 2014.

[aangever 18] en [aangever 19]

De benadeelde partij [aangever 18] vordert ten aanzien van het onder feit 24 een schadevergoeding van € 1.500,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De benadeelde partij [aangever 19] vordert ten aanzien van het onder feit 24 een schadevergoeding van € 1.500,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De officier van justitie heeft gevorderd de benadeelde partijen, gelet op de gevorderde vrijspraak, niet ontvankelijk te verklaren in de vorderingen.

Meer subsidiair heeft de verdediging de vordering betwist en heeft gesteld dat verdachte wel werkzaamheden heeft verricht. Deze kosten dienen in geval van aansprakelijkheid, met elkaar verrekend te worden.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de behandeling van de vordering geen onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Tevens is komen vast te staan dat de benadeelde partijen als gevolg van het hiervoor onder 24 bewezen geachte feit rechtstreeks schade hebben geleden. De rechtbank stelt vast dat een deel van de opdracht is uitgevoerd. De fundering van het tuinhuisje is gestort. Dit betekent dat niet het totale bedrag dat door de benadeelde partijen is betaald, als schade kan worden aangemerkt. De rechtbank zal de schade schatten en waardeert deze op € 2.000,00. De vordering kan dan ook tot een bedrag van € 1.000,00 per benadeelde partij worden toegewezen.

Voorts zal verdachte worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partijen hebben gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken.

De rechtbank zal de benadeelde partijen voor het restant van de vordering niet-ontvankelijk verklaren. Voor dat deel kunnen de benadeelde partijen de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank zal in het belang van voornoemde benadeelde partijen, als extra waarborg voor betaling, de schadevergoedingsmaatregel (artikel 36f Sr) aan verdachte opleggen, omdat verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die de bewezen geachte feiten hebben toegebracht.

De rechtbank geeft daarbij toepassing aan artikel 60a juncto artikel 24c, derde lid van het Wetboek van Strafrecht, hetgeen inhoudt dat bij onvolledige betaling van de opgelegde betalingsverplichting de vervangende hechtenis de duur van één jaar niet zal worden overschrijden.

Vordering benadeelde partij niet-ontvankelijk

De benadeelde partij [aangever 20] vordert ten aanzien van het onder feit 3 een schadevergoeding van € 14.017,44 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De benadeelde partij [aangever 21] vordert ten aanzien van het onder feit 5 een schadevergoeding van € 2.400 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De benadeelde partij [aangever 22] vordert ten aanzien van het onder feit 8 een schadevergoeding van € 1.300,00 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De benadeelde partij [aangever 23] vordert ten aanzien van het onder feit 13 een schadevergoeding van € 1.573,09 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De benadeelde partij [aangever 24] vordert ten aanzien van het onder feit 17 een schadevergoeding van € 3.500,00 ter zake van materiële schade, met daarbij toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De benadeelde partij [aangever 25] vordert ten aanzien van het onder feit 21 een schadevergoeding van € 1.264,50 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

De benadeelde partij [aangever 26] vordert ten aanzien van het onder feit 22 een schadevergoeding van € 6.848,43 ter zake van materiële schade, met daarbij de kosten, de wettelijke rente en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Nu aan verdachte - zonder toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht - geen straf of maatregel is opgelegd ter zake de onder 3, 5, 8, 13, 17, 21 en 22 ten laste gelegde feiten, zijn voornoemde benadeelde partijen niet-ontvankelijk in hun vordering . De benadeelde partijen kunnen de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

10 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 24c, 36f, 57, 63 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

11 Beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

Verklaart het onder 3, 5, 8, 13, 17, 21 en 22 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Bewezenverklaring

Verklaart bewezen dat verdachte het onder 1, 2, 4, 6, 7, 9, 10, 11, 12, 14, 15, 16, 18, 19, 20, 23 en 24 ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op:

ten aanzien van feit 1, 2, 4, 6, 7, 9, 10, 11, 12, 14, 15, 16, 18, 19, 20, 23 en 24:

- telkens: oplichting

Strafbaarheid

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte daarvoor strafbaar.

Strafoplegging

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 24 maanden.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Beveelt dat een gedeelte, groot 8 maanden, van deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.

Stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

Benadeelde partijen

Gehele toewijzing vordering benadeelde partij

Wijst de vorderingen van de hierna te noemen benadeelde partijen toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partijen van de daarbij vermelde bedragen:

- [aangever 1] (feit 1) € 4.169,50, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 4.087,00 berekend vanaf 20 februari 2012 en over een bedrag van € 82,50 vanaf 22 april 2015 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 7] (feit 9) € 3.200,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 5 april 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 8] (feit 10) € 3.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 1 mei 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 10] (feit 12) € 5.465,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 7 februari 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 11] (feit 14) € 1.325,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend. Deze wettelijke rente wordt berekend vanaf 14 juni 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 12] (feit 15) € 10.050,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 4 september 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 13] (feit 16) € 4.100,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 30 april 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 16] (feit 20) € 19.387,50, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 24 januari 2011 en over een bedrag van € 50,00 vanaf 8 mei 2015 tot aan de dag der algehele voldoening,

Veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de voornoemde benadeelde partijen gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken. Deze kosten worden ten aanzien van [aangever 11] begroot op € 100,- en voor de andere benadeelde partijen op nihil.

Gedeeltelijke toewijzing vordering benadeelde partij

Wijst de vorderingen van de hierna te noemen benadeelde partijen ten dele toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partijen van de daarbij vermelde bedragen:

- [aangever 3] (feit 4) € 15.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 20 december 2013 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 5] (feit 6) € 4.000, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 7 oktober 2010 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 6] (feit 7) 4.506,73, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 3.000,00 berekend vanaf 9 december 2013 (de dag van de laatste deelbetaling) en over een bedrag van € 1.506,73 vanaf 24 april 2015 (de dag van waarop de vordering is ontvangen) tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 14] (feit 18) € 4.900,00 vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 28 maart 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 18] (feit 24) € 1.000,00,

- [aangever 19] (feit 24) € 1.000,00,

Veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de benadeelde partijen gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Bepaalt dat voornoemde benadeelde partijen voor het overige niet-ontvankelijk in de vorderingen zijn. Voor dat deel kunnen de benadeelde partijen de vorderingen bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

schademaatregel

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de hierna te noemen slachtoffers de daarbij vermelde bedragen te betalen, bij niet betaling te vervangen door het daarbij vermelde aantal dagen hechtenis:

- [aangever 1] (feit 1) € 4.169,50, 13 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 4.087,00 berekend vanaf 20 februari 2012 en over een bedrag van € 82,50 vanaf 22 april 2015 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 3] (feit 4) € 15.000,00, 45 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 20 december 2013 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 5] (feit 6) € 4.000,00, 12 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 7 oktober 2010 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 6] (feit 7) 4.506,73, 13 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt over het bedrag van € 3.000,00 berekend vanaf 9 december 2013 (de dag van de laatste deelbetaling) en over een bedrag van € 1.506,73 vanaf 24 april 2015 (de dag van waarop de vordering is ontvangen) tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 7] (feit 9) € 3.200,00, 9 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 5 april 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 8] (feit 10) € 3.000,00, 9 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 1 mei 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 10] (feit 12) € 5.465,00, 16 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 7 februari 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 11] (feit 14) € 1.325,00, 4 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze wettelijke rente wordt berekend vanaf 14 juni 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 12] (feit 15) € 10.050,00, 30 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 4 september 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 13] (feit 16) € 4.100,00, 12 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 30 april 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 14] (feit 18) € 4.900,00 15 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 28 maart 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 16] (feit 20) € 19.387,50, 58 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 24 januari 2011 en over een bedrag van € 50,00 vanaf 8 mei 2015 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 17] (feit 23) € 39.397,77, 119 dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente berekend vanaf 7 mei 2014 tot aan de dag der algehele voldoening,

- [aangever 18] (feit 24) € 1.000,00, 4 dagen hechtenis,

- [aangever 19] (feit 24) € 1.000,00, 4 dagen hechtenis,

- met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;

- bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van de genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen.

niet-ontvankelijk

Verklaart de na te noemen benadeelde partijen niet-ontvankelijk in de vordering. De rechtbank bepaalt dat deze vorderingen kunnen worden aangebracht bij de burgerlijke rechter:

- [aangever 20] (feit 3)

- [aangever 21] (feit 5)

- [aangever 22] (feit 8)

- [aangever 23] (feit 13)

- [aangever 24] (feit 17)

- [aangever 25] (feit 21)

- [aangever 26] (feit 22)

Verklaart de benadeelde partij [aangever 17] niet-ontvankelijk in de vordering, omdat de behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. Bepaalt dat deze vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.

De rechtbank veroordeelt deze benadeelde partijen en de verdachte ieder in de eigen kosten.

Voorlopige hechtenis

De rechtbank stelt vast dat de schorsing van de voorlopige hechtenis met ingang van de datum uitspraak is beëindigd en dat daarmee de voorlopige hechtenis direct herleeft.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.P. den Otter, voorzitter, mrs. H.A. Gerritse en J. Spee, rechters, in tegenwoordigheid van G. van Engelenburg, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 25 september 2015.

BIJLAGE : De tenlastelegging

Aan bovenbedoelde gedagvaarde persoon wordt tenlastegelegd dat

1. politie proces-verbaal p. 407 e.v.)

hij in of omstreeks de periode 1 januari 2012 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 1] ( [1947] ), en/of een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 4.087,00, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

met die [aangever 1] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 1] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- met die [aangever 1] (op 18 mei 2012) concrete afspraken gemaakt betreffende de uitvoering van de werkzaamheden,

waardoor die [aangever 1] en/of een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

2. ( politie proces-verbaal p. 37 en volgende, p. 407 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 20 november 2011 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 2] ( [1941] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 18.920,00 althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 2] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 2] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 2] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- die [aangever 2] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 2] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

3. ( politie proces-verbaal p. 85 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 9 augustus 2013 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Bilthoven in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 20A] ( [1937] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 24.248,00,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 20A] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 20A] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 20A] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen) en/of

- bij die [aangever 20A] de indruk gewekt dat voornoemde materialen (waaronder stenen) zouden worden afgeleverd en/of zouden worden gebruikt bij de werkzaamheden,

waardoor die [aangever 20A] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

4. ( politie proces-verbaal p. 91 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 5 december 2013 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Maarssen, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 3] ( [1948 ] ) en/of [aangever 4] ( [1948 ] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 19.146,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

- ( vervolgens) een contractpartij die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was de overeenkomst(en) (betrekking hebbend op betalingsregelingen) (volledig) na te komen en/of (vervolgens)

en/of (daarbij)

- met die [aangever 3] en/of [aangever 4] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of afleveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 3] en/of [aangever 4] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 3] en/of [aangever 4] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 3] en/of [aangever 4] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen) en/of

- met die [aangever 3] en/of [aangever 4] (in de periode van 1 december 2013 tot en met 7 januari 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van een aan hem, verdachte aanbetaald geldbedrag,te weten 12.272,00 euro) en/of

- met die [aangever 3] en/of [aangever 4] (op 14 augustus 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling ten belopen van 15.000,00 euro, waarbij per oktober 2014 maandelijks 1000 euro zou worden betaald door verdachte),

waardoor die [aangever 3] en/of [aangever 4] , althans de personen woonachtig op de [adres] , werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- voornoemde overeenkomst(en) niet (volledig) is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

5. ( politie proces-verbaal 490 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 1 oktober 2012 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 21] en/of [aanagever 21A] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 2.400,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of (vervolgens)

en/of (daarbij)

- met die [aangever 21] en/of [aanagever 21A] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden (waaronder het plaatsen van een binnenpijp van een schoorsteen) en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 21] en/of [aanagever 21A] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 21] en/of [aanagever 21A] op 12 augustus 2014 per email benaderd teneinde een afspraak te maken om de werkzaamheden alsnog uit te voeren en/of

waardoor die [aangever 21] en/of [aanagever 21A] , althans die personen woonachtig op de [adres] , werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

6.

hij in of omstreeks de periode 20 september 2010 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 5] , heeft bewogen tot de afgifte van 4.435,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 5] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) van diens praktijkpand (gelegen aan de [adres] ) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 5] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of

- die [aangever 5] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 5] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen) en/of

- met die [aangever 5] (rond augustus 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van de aanbetaalde geldbedrag ten belope van 3.000 euro, waarbij verdachte zich verplichtte per september 2014 betalingen te verrichten);

waardoor die [aangever 5] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet (althans niet naar behoren en/of niet volledig) heeft/hebben uitgevoerd.

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000 euro) niet is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

7. ( politie proces-verbaal p. 154 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 4 december 2013 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Maarssen, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 6] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 5.946,00 euro , althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

- ( vervolgens) een contractpartij die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was om de met [aangever 6] overeengekomen (schade)regeling (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000,00 euro) (volledig) na te komen en/of een schaderegeling (wegens niet nakoming van een overeenkomst)

en/of (daarbij)

- met die [aangever 6] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen van en/of (af)leveren van (bouwmaterialen) en/of

- die [aangever 6] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of - die [aangever 6] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 6] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen);

en/of (vervolgens)

- met die [aangever 6] een overeenkomst gesloten (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000,00 euro terzake niet noodzakelijke werkzaamheden),

waardoor die [aangever 6] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 3.000,00 terzake niet noodzakelijke werkzaamheden) niet is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

8. ( politie proces-verbaal p. 168 en p. 503 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 29 november 2013 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Maarssen, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 22] ( [1949] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 1.300,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KVK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 22] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of afleveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 22] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 22] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen)

en/of

- met die [aangever 22] (in augustus 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van het aanbetaalde geldbedrag ten belope van 650 euro, waarbij verdachte zich verplichtte de betalingen in september 2014 en oktober 2014 te verrichten)

waardoor die [aangever 22] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 650,00 euro) niet is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

9. politie proces-verbaal p. 183 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 1 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 7] ( [1942] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 3.200,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 7] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen,

waardoor die [aangever 7] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

10. ( politie proces-verbaal p. 186 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 22 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 8] ( [1939] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 3.000,00 euro, althans enig geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 8] , nadat hij en/of een van zijn mededaders zonder toestemming een stuk hout van het dak van de schuur van [aangever 8] had(den) getrokken, (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren

en/of

- met die [aangever 8] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte tot het (onder meer) verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 8] (ongevraagd) medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 8] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 8] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 8] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

11. ( politie proces-verbaal p. 195)

hij in of omstreeks de periode 30 januari 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Driebergen-Rijssenburg, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 9] ( [1931] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 1.250,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

en/of (daarbij)

- die [aangever 9] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 9] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich(onder andere) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 9] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden (aan)betalingen verricht moesten worden,

en/of

- met die [aangever 9] (in augustus 2014) een overeenkomst gesloten inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van het aanbetaalde geldbedrag ten belope van 1250 euro waarbij verdachte zich verplichtte de betalingen in september 2014 en oktober 2014 te verrichten);

waardoor die [aangever 9] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd.

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 1.250,00 euro) niet is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

12. ( politie proces-verbaal p. 198 en p. 533 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 30 januari 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Driebergen-Rijssenburg, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 10] ( [1949] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 5.465,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 10] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 10] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van bouwmaterialen en/of

- die [aangever 10] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 10] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 10] , althans die perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovengenoemde afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

13. ( politie proces-verbaal p. 201 en p. 553 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 3 juli 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Bussum, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 23] en/of [aangever 23A] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 5.200,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 23] en/of [aangever 23A] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 23] en/of [aangever 23A] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of het (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 23] en/of [aangever 23A] medegedeeld dat er -oorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 23] en/of [aangever 23A] (meermalen) medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 23] en/of [aangever 23A] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 23] en/of die [aangever 23A] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

14. ( politie proces-verbaal p. 230 en p. 605 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 11 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 11] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 1.325,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden en/of

- ( vervolgens) een contractpartij die bereid was en/of de intentiei had en/of in staat was de overeenkomst(en) (betrekking hebbend op betalingsregelingen) (volledig) na te komen

en/of (daarbij)

- die [aangever 11] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 11] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 11] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 11] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 11] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen) en/of

- met die [aangever 11] (in augustus 2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling betreffende de terugbetaling van het aanbetaalde geldbedrag ten belope van 1.300 euro, waarbij verdachte zich verplichtte de betalingen in september 2014 en november 2014 te verrichten),

waardoor die [aangever 11] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd.

- de overeenkomst (inhoudende de terugbetaling van de aan hem, verdachte aanbetaalde 1.300,00 euro) niet is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

15. ( politie proces-verbaal p. 239 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 26 augustus 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Weesp, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 12] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 10.050,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 12] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 12] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of

het aankopen en/of (afleveren) van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 12] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 12] (meermalen) medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 12] (meermalen) medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

waardoor die [aangever 12] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

16.

hij in of omstreeks de periode 29 april 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 13] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 4.100,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk –zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 13] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 13] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 13] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 13] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 13] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren, waardoor die [aangever 13] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

17. ( politie proces-verbaal p. 254 en p. 631 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 16 augustus 2010 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 24A]

( [1940] ), althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 3.500,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KvK-geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 24A] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

waardoor die [aangever 24A] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden (waaronder de afgifte en het plaatsen van een binnenpijp in de schoorsteen) niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

18. ( politie proces-verbaal p. 264 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 12 maart 2014 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels [aangever 14] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 6.165,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 14] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 14] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden en/of voorafgaand aan de hervatting van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

- die [aangever 14] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 14] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren,

waardoor die [aangever 14] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig aan de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

19. ( politie proces-verbaal p 34 en bijlage, p. 12, en p. 378 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 12 augustus 2010 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] heeft bewogen tot de afgifte van 29.517,50 euro, althans van een geldbedrag

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van een (KvK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak van het bedrijfspand ) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en /of leveren van (bouw)materialen

en/of

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] medegedeeld dat er extra werkzaamheden noodzakelijk waren en/of

- die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] medegedeeld dat er (extra) (voorschot)betalingen noodzakelijk waren (onder meer om de benodigde materialen aan te schaffen),

- met die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of en/of een of meer (andere) medewerkers(s) van [naam bedrijf] (op [2012] ) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling ten belope van 17.500,00 euro);

waardoor die [aangever 15] en/of [aangever 15A] en/of een of meer andere medewerkers van [naam bedrijf] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- de overeenkomst (inhoudende een betalingsregeling ten belopen van 17.500,00 euro ) niet (volledig) is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

20. politie proces-verbaal p. 61, bijlage, en p. 399 en volgende

hij in of omstreeks de periode 23 december 2010 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te [adres] , in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 16] , heeft bewogen tot de afgifte van 19.337,50 euro , althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoeggde van een (KvK geregistreerde, althans met bij de KVK gedeponeerde leverings- en uitvoeringsvoorwaarden, en/of actieve) onderneming, genaamd [bedrijf 1] , gevestigd aan de [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 16] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het uitvoeren van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

-en/of die [aangever 16] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden en/of

- met die [aangever 16] (op 12-8-2014) een overeenkomst gesloten (inhoudende een betalingsregeling ten belopen van 19.000,00, waarbij per oktober 2014 maandelijks 1000,- zou worden betaald door verdachte),

waardoor die [aangever 16] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders

- de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd en/of

- de overeenkomst (d.d. 12-8-2014) niet (volledig) is/zijn nagekomen;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

21. ( politie proces-verbaal p. 653 en volgende)

hij in of omstreeks de periode 27 januari 2015 tot en met 16 februari 2015, tezamen en in vereniging, althans alleen, te Bilthoven, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 25] , althans een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 1.240,00 euro, althans van een geldbedrag,

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als:

- de eigenaar en/of beslissingsbevoegde van de onderneming [bedrijf 2] , [adres] en/of

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 25] (ongevraagd) medegedeeld dat er werkzaamheden (aan het dak van de garage en/of de uitbouw van de woning) noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 25] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 25] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen verricht moesten worden en/of

waardoor die [aangever 25] , althans die een of meer perso(o)n(en) woonachtig op de [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte, terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

22. ( politie proces-verbaal p. 660)

Hij in of omstreeks de periode 1 februari 2014 tot en met 16 februari 2015 tezamen en in vereniging, althans alleen, te Utrecht, in ieder geval in Nederland, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of valse hoedanigheid en/of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 26] , heeft bewogen tot de afgifte van 15,615,00 euro, althans van een of meer geldbedrag(en),

hebbende verdachte, met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

zich voorgedaan als:

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden (ten behoeve van de panden [adres] , [adres] , [adres] , [adres] en [adres] ) te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 26] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden aan voornoemde panden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- in het bijzijn van die [aangever 26] telefonish gedaan alsof hij, verdachte opdracht gaf voor het maken van een of meer kwitantie's in verband met gedane contante betalingen en/of

- tegen die [aangever 26] gezegd dat er -voorafgaand aan de werkzaamheden- aanbetalingen verricht moesten worden en/of

- tegen die [aangever 26] gezegd dat hij ten behoeve van de werkzaamheden van de onderaannemer ( [F] ) rechtstreeks 2000 euro naar die onderaannemer moest overmaken

waardoor die [aangever 26] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

23. ( politie proces-verbaal p. 691 en volgende)

hij in of omstreeks de periode van 1 december 2012 tot en met 16 februari 2015 te Bilthoven, gemeente De Bilt,, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en / of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en / of van een valse hoedanigheid en / of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en / of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 17] (geboren [1936] ), althans een of meer pers(o)n(en) woonachtig op [adres] , heeft bewogen tot de afgifte van 25.950,00 euro, althans een geldbedrag,

hebbende verdachte en / of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en / of listiglijk en / of bedrieglijk en / of in strijd met de waarheid

zich voorgedaan als

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer en/of

- een ondernemerd die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- die [aangever 17] medegedeeld dat er (extra) werkzaamheden aan het dak en/of andere delen van de woning noodzakelijk waren en/of

- met die [aangever 17] een oveenkomst gesloten waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 17] medegedeeld dat er -voorafgaand aan de werkzaamheden en/of de afgesproken extra werkzaamheden-(aan)betalingen verricht dienden te worden en/of

- die [aangever 17] contact geld te leen gevraagd om met spoed materiaal ten behoeve van de werkzaamheden aan te kunnen schaffen

waardoor die [aangever 17] , althans die een of meer pers(o)n(en) woonachtig op [adres] , werd bewogen tot bovenomschreven afgifte

terwijl verdachte en/of zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

24. ( politie-dossier p. 734 en volgende)

hij in of omstreeks 16 april 2014 tot en met 16 februari 2015 te Utrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en / of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en / of van een valse hoedanigheid en / of door een (of meer) listige kunstgre(e)p(en) en / of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 19A] en/of [aangever 19] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van 3000,00 euro, althans een geldbedrag, in elk geval van enig goed,

hebbende verdachte en / of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – opzettelijk valselijk en / of listiglijk en / of bedrieglijk en / of in strijd met de

waarheid zich voorgedaan als

- een bonafide ondernemer en/of een kredietwaardige ondernemer die in de buurt aan het werk was en/of ook voor de buurman werkzaamheden zou gaan uitvoeren en/of

- een ondernemer die bereid was en/of de intentie had en/of in staat was (binnen de overeengekomen, althans binnen een redelijke termijn) de (overeengekomen) werkzaamheden te verrichten en/of af te ronden

en/of (daarbij)

- met die [aangever 19A] en/of die [aangever 19] een overeenkomst gesloten, waarbij verdachte zich (onder meer) verplichtte tot het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een bouwaanvraag en/of het plaatsen van een tuinhuis en/of het aankopen en/of (af)leveren van (bouw)materialen en/of

- die [aangever 19A] en/of die [aangever 19] medegedeeld dat er -voorafgaand aan het verrichten van de werkzaamheden- (aan)betalingen gedaan moesten worden,

waardoor die [aangever 19A] en/of [aangever 19] werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,

terwijl verdachte en/of een van zijn mededaders de overeengekomen werkzaamheden niet, althans niet naar behoren en/of niet volledig, heeft/hebben uitgevoerd;

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

1 De vindplaatsvermeldingen die in de navolgende bewijsoverwegingen voorkomen, verwijzen – voor zover niet anders vermeld – naar de schriftelijke stukken die zijn opgenomen in het proces-verbaal van de politie eenheid Midden-Nederland, registratienummer PL0900-2011192239. Voor zover niet anders vermeld, wordt in de hierna volgende voetnoten telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Voor zover het gaat om geschriften als bedoeld in artikel 344.1.5° Wetboek van Strafvordering, worden deze alleen gebruikt in verband met de inhoud van andere bewijsmiddelen.

2 Proces-verbaal van aangifte [aangever 1] , pagina 40.

3 Proces-verbaal van aangifte [aangever 1] , pagina 41.

4 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 1] , pagina 407.

5 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 1] , pagina 408.

6 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 1] , pagina 409.

7 Een geschrift, pagina 43.

8 Een geschrift, pagina 46.

9 Een geschrift, pagina 47.

10 Proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 177.

11 Proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 64.

12 Proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 65.

13 Proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 66.

14 Proces-verbaal van relaas van een contact met [aangever 2] , pagina 424.

15 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 70.

16 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 71.

17 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 72.

18 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 73.

19 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 74.

20 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 2] , pagina 75.

21 Verklaring van verdachte ter zitting van 25 september 2015.

22 Proces-verbaal van aangifte [aangever 3] , pagina 91.

23 Proces-verbaal van aangifte [aangever 3] , pagina 92.

24 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 3] , pagina 427.

25 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 3] , pagina 428.

26 Proces-verbaal van aangifte [aangever 3] , pagina 92.

27 Bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 3] , pagina 96.

28 Verklaring van verdachte ter zitting van 25 september 2015.

29 Proces-verbaal van aangifte [aangever 5] , pagina 132.

30 Proces-verbaal van aangifte [aangever 5] , pagina 133.

31 Proces-verbaal van aangifte [aangever 5] , pagina 134.

32 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 5] , pagina 499.

33 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 5] , pagina 500.

34 Een geschrift, pagina 139.

35 Een geschrift, pagina 141.

36 Verklaring van verdachte ter zitting van 25 september 2015.

37 Proces-verbaal van aangifte [aangever 6] , pagina 154.

38 Proces-verbaal van aangifte [aangever 6] , pagina 155 + bijlagen, pagina 162 tot en met 167.

39 Proces-verbaal van aangifte [aangever 6] , pagina 155 + bijlagen, pagina 161 en 162.

40 Proces-verbaal van aangifte [aangever 6] , pagina 155.

41 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.

42 Proces-verbaal van aangifte [aangever 7] , pagina 183.

43 Proces-verbaal verhoor aangeefster [aangever 7] , pagina 509.

44 Proces-verbaal van aangifte [aangever 7] , pagina 184.

45 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 7] , pagina 510.

46 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 7] , pagina 511.

47 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 7] , pagina 512.

48 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 7] , pagina 510.

49 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 7] , pagina 512.

50 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 7] , pagina 512 + bijlage, pagina 515.

51 Proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 307.

52 Proces-verbaal van verhoor verdachte, pagina 308.

53 Proces-verbaal van aangifte [aangever 8] , pagina 186.

54 Proces-verbaal van aangifte [aangever 8] , pagina 187 + bijlage, pagina 190.

55 Proces-verbaal van aangifte [aangever 8] , pagina 187 + bijlage, pagina 194.

56 Proces-verbaal van aangifte [aangever 8] , pagina 187.

57 Proces-verbaal van aangifte [aangever 8] , pagina 188 + bijlage, pagina 193.

58 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 8] , pagina 518.

59 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 8] , pagina 519.

60 Proces-verbaal van aangifte [aangever 8] , pagina 188 + bijlage, pagina 191.

61 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.

62 Proces-verbaal van aangifte [aangever 9] , pagina 195.

63 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 9] , pagina 522.

64 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 9] , pagina 523 + bijlage, pagina 528 en 529.

65 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 9] , pagina 523.

66 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 9] , pagina 524+ bijlage 5, pagina 529 en bijlage 4, pagina 532.

67 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 9] , pagina 523 + bijlage 3, pagina 530.

68 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.

69 Proces-verbaal van aangifte [aangever 10] , pagina 198.

70 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 534.

71 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 535.

72 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 534.

73 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 535.

74 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 534.

75 Proces-verbaal van aangifte [aangever 10] , pagina 199 + bijlagen pagina 539 tot en met 541.

76 Proces-verbaal van aangifte [aangever 10] , pagina 199.

77 Proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 534 + bijlagen pagina 546 tot en met 551.

78 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 534 + bijlagen pagina 543 en 544.

79 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 534 + bijlagen pagina 551 en 552.

80 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 537.

81 proces-verbaal van verhoor aangeefster [aangever 10] , pagina 536.

82 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.

83 Proces-verbaal van aangifte [aangever 11] , pagina 231.

84 Proces-verbaal van aangifte [aangever 11] , pagina 232.

85 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 11] , pagina 607.

86 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 11] , pagina 608.

87 Verklaring van verdachte ter zitting van 25 september 2015.

88 Proces-verbaal van aangifte [aangever 12] , pagina 239.

89 Proces-verbaal van aangifte [aangever 12] , pagina 240.

90 Proces-verbaal van aangifte [aangever 12] , pagina 241.

91 Proces-verbaal van aangifte [aangever 12] , pagina 242.

92 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 12] , pagina 619.

93 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 12] , pagina 620.

94 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 12] , pagina 246.

95 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 12] , pagina 247.

96 Verklaring van verdachte ter zitting van 25 september 2015.

97 Proces-verbaal van aangifte [aangever 13] , pagina 248.

98 Proces-verbaal van aangifte [aangever 13] , pagina 249.

99 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 13] , pagina 623.

100 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 13] , pagina 624.

101 Proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 13] , pagina 625.

102 Een bijlage bij het proces-verbaal van aangifte [aangever 13] , pagina 251.

103 Een bijlage bij het proces-verbaal van aangifte [aangever 13] , pagina 253.

104 Verklaring van verdachte ter zitting van 25 september 2015.

105 Proces-verbaal van aangifte [aangever 14] , pagina 264.

106 Proces-verbaal van aangifte [aangever 14] , pagina 265.

107 Proces-verbaal verhoor aangever [aangever 14] , pagina 639.

108 Proces-verbaal verhoor aangever [aangever 14] , pagina 640.

109 Proces-verbaal verhoor aangever [aangever 14] , pagina 641.

110 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 14] , pagina’s 267-271.

111 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 14] , pagina 268.

112 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 14] , pagina 269.

113 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 14] , pagina 270.

114 Een bijlage bij proces-verbaal van aangifte [aangever 14] , pagina 271.

115 Verklaring van verdachte ter zitting van 25 september 2015.

116 Proces-verbaal van aangifte [aangever 15] , pagina 12 (Afzonderlijk proces-verbaal achter in Ordner I)

117 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.

118 Proces-verbaal van aangifte [aangever 16] , pagina 34 (Afzonderlijk proces-verbaal achter in Ordner I)

119 Een geschrift, pagina 52.

120 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.

121 Proces-verbaal van aangifte, pagina 691.

122 Een geschrift, pagina 720.

123 Een geschrift, pagina 724.

124 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.

125 Proces-verbaal van aangifte, pagina 734

126 Verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 25 september 2015.