Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2015:5270

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
25-02-2015
Datum publicatie
16-07-2015
Zaaknummer
16-995012-14 (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

In woningen te Hilversum zijn asbestsaneringswerkzaamheden verricht. De asbestsanering heeft in containments plaatsgevonden. In 12 woningen en 1 garage heeft verdachte visuele inspecties in de containments verricht en de containments vervolgens vrijgegeven. Uit later onderzoek bleek echter dat zich nog asbesthoudend materiaal bevond op plekken binnen die containments. Volgens de NEN 2990 (2005) dient een laborant/inspecteur de bouwdelen/constructiedelen waarvan de asbesthoudende materialen zijn verwijderd te inspecteren. Juist op deze plekken zijn tijdens het later ingestelde onderzoek asbestrestanten gevonden.

De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 1 maand met een proeftijd van 2 jaren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht

Zittingslocatie Utrecht

Parketnummer: 16-995012-14 (P)

vonnis van de meervoudige strafkamer van 25 februari 2015

in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren op [1968] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres].

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 11 februari 2015.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat verdachte en de advocaat, mr. M.J.J.E. Stassen, naar voren hebben gebracht.

2 Tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat:

in de periode van 1 juni 2011 tot en met 20 juli 2011 te Hilversum

Feit 1:

verdachte inspectieformulieren “eindcontrole na sanering asbest” en rapportages lucht-eindcontrole containment valselijk heeft opgemaakt of vervalst;

Feit 2 primair:

verdachte in vereniging met een ander of anderen opzettelijk en wederrechtelijk in woningen en/of garages asbest(vezels) op en/of in de bodem en /of lucht heeft gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de openbare gezondheid en/of levensgevaar voor bewoners van die woningen en/of andere aanwezigen te duchten was;

Feit 2 subsidiair:

in vereniging met een ander of anderen het aan de schuld van verdachte te wijten is dat in woningen en/of garages asbest(vezels) in de bodem en/of lucht werden gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de openbare gezondheid en/of levensgevaar voor bewoners van die woningen en/of andere aanwezigen te duchten was.

3 Voorvragen

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 Waardering van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 1 en 2 primair ten laste gelegde feiten heeft begaan.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft betoogd dat verdachte van de ten laste gelegde feiten moet worden vrijgesproken.

4.3

Het oordeel van de rechtbank 1

4.3.1

De vrijspraak

Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde

Verdachte heeft met betrekking tot diverse woningen en een tweetal garages aan de [adres] te [woonplaats] inspectieformulieren “eindcontrole na sanering asbest” en rapportages lucht-eindcontrole containment opgemaakt. De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte deze stukken opzettelijk valselijk heeft opgemaakt dan wel heeft vervalst. Uit de processtukken blijkt niet dat verdachte doelbewust iets anders in voormelde stukken heeft vermeld dan hij heeft waargenomen. De rechtbank zal verdachte daarom van dit feit vrijspreken.

Ten aanzien van het onder 2 primair ten laste gelegde

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat de opzet van verdachte, al dan niet in voorwaardelijke zin, erop was gericht om asbest en/of asbestvezels in de bodem en/of lucht te brengen. Verdachte zal daarom van feit 2 primair worden vrijgesproken.

Partiële vrijspraak ten aanzien van het onder 2 subsidiair ten laste gelegde

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte dit feit in nauwe en bewuste samenwerking met een ander of anderen heeft gepleegd. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van het medeplegen van dit feit.

4.3.2

Inleiding

In juni en juli 2011 zijn in diverse woningen aan de [adres] te [woonplaats] asbestsaneringswerkzaamheden verricht door of in opdracht van [bedrijf 1] BV. Deze werkzaamheden bestonden uit het verwijderen van asbesthoudende beplating vanuit zolders en garages. [bedrijf 2] BV (hierna: [bedrijf 2]) heeft de eindcontroles, visuele inspecties, luchtmetingen en de vrijgaven van de containments in de woningen en garages gedaan.

Op 12 juli 2011 heeft de arbeidsinspectie op bovengenoemde locatie onderzoek verricht op grond van de Arbeidsomstandighedenwet. Hierbij werden onregelmatigheden aangetroffen. Naar aanleiding van het onderzoek door de arbeidsinspectie heeft de gemeente Hilversum op 13 en 14 juli 2011 onderzoek ter plaatse verricht. Bij dit onderzoek werd in een aantal woningen asbesthoudend materiaal aangetroffen. Dit heeft ertoe geleid dat [bedrijf 3] in opdracht van de gemeente Hilversum de door [bedrijf 2] vrijgegeven gesaneerde zolders en garages heeft onderzocht op onder meer de aanwezigheid van visueel waarneembare restanten asbest. Tevens zijn er in de woningen en garages kleefmonsters genomen door [bedrijf 3].

4.3.3

Inleidende bewijsoverwegingen

Verdachte is door [bedrijf 2] ingehuurd als laborant/inspecteur. Hij is in die hoedanigheid verantwoordelijk voor de vrijgaven van diverse containments conform de NEN 2990 (2005) norm. Een vrijgave conform NEN 2990 (2005) bestaat uit twee onderdelen. Eerst wordt een visuele inspectie verricht. Indien hierbij geen asbestresten worden aangetroffen, vinden vervolgens luchtmetingen plaats. In het geval bij de luchtmetingen eveneens geen asbest wordt aangetroffen kan een ruimte worden vrijgegeven.

Kleefmonsters maken geen deel uit van de vereisten voor vrijgave conform NEN 2990 (2005). De rechtbank zal de uitslagen van het stofonderzoek door [bedrijf 3] daarom niet voor het bewijs gebruiken.

Ingevolge NEN 2990 (2005) is het niet toegestaan dat delen waaruit of waarvan asbesthoudend materiaal (niet-hechtgebonden amosiet) is verwijderd worden afgeplakt en voor inspectie worden uitgesloten. In dat geval mag er niet worden vrijgegeven.

4.3.4

De bewijsmiddelen

Ten aanzien van het onder 2 subsidiair ten laste gelegde

In de woningen aan de [adres] in [woonplaats] zijn medio 2011 asbestverwijderingswerkzaamheden uitgevoerd. De uitgevoerde werkzaamheden betroffen het verwijderen van asbesthoudende beplating van de zolders en een garage. De beplating bevat in alle gesaneerde huizen en garages amosiet, waarbij het asbest in niet-hechtgebonden vorm aanwezig is.2

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op het adres [adres] te [woonplaats] zijn op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal traphekje.

Het betrof amosiet.3

Verdachte [verdachte] heeft in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.4

Op 10 augustus 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- op het traphek;

- tegen het dakbeschot in de verfrand;

- op de vloer tussen het traphek en het laminaat.5

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op het adres [adres] te [woonplaats] zijn op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal tegen traphekje.

Het betrof amosiet.6

Verdachte heeft in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.7

Op 11 augustus 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- bij het traphek in de sponning;

- onder het traphek in de spijkergaatjes.8

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 24 juni 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak.

Het betrof amosiet.9

Verdachte heeft op 24 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.10

Op 6 december 20061 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- tegen het dakbeschot in de verfrand;

- op de spijkergaatjes in het traphek;

- tussen de afvoer en het traphek.11

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 24 juni 2011zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal traphekje.

Het betrof amosiet.12

Verdachte heeft op 24 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.13

Op 10 augustus 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- tegen het dakbeschot in de verfrand.14

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 16 juni 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak.

Het betrof amosiet.15

Er is asbesthoudende beplating in containment verwijderd in de cv-ruimte plafond eerste verdieping.16

Verdachte heeft op 16 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.17

Op 10 augustus 2011 heeft [bedrijf 3] in de cv-ruimte op de eerste verdieping visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- tegen het dakbeschot in de verfrand.18

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 23 juni 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak.

Het betrof amosiet.19

Uit de tekening, behorende bij het inspectieformulier, blijkt dat ook asbesthoudend plaatmateriaal van het traphek is verwijderd.20

Verdachte heeft op 23 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.21

Op 10 augustus 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- de vloerbedekking naast traphek;

- op het traphek;

- in de spijkergaten van het traphek.22

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 23 juni 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal traphekje.

Het betrof amosiet.23

Verdachte heeft op 23 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.24

Op 12 augustus 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- op het dakbeschot in de verfrand;

- rondom de spijkers van het traphek.25

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 30 juni 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal traphekje.

Het betrof amosiet.26

Verdachte heeft op 30 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.27

Op 12 augustus 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- tussen de afvoer en de muur bij het traphek;

- tegen het dakbeschot in de verfrand.28

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 13 juli 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal traphekje.

Het betrof amosiet.29

Verdachte heeft op 13 juli 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.30

Op 2 september 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- op de gordingen.31

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 13 juli 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal dakhekje.

Het betrof amosiet.32

Verdachte heeft op 13 juli 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.33

Op 18 oktober 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten op:

- de gordingen;

- het traphek.34

Zolder [adres] te [woonplaats]

Op 21 juni 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal traphek.

Het betrof amosiet.35

Verdachte heeft op 21 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.36

Op 13 september 2011 heeft [bedrijf 3] op zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten op:

- het traphekje;

- de gordingen.37

Zolder en garage [adres] te [woonplaats]

Op 21 juni 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] uit de garage de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plafondbeplating garage.

Het betrof amosiet.38

Verdachte heeft op 21 juni 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment in de garage het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.39

Op 13 juli 2011 zijn op het adres [adres] te [woonplaats] op zolder de volgende asbesthoudende toepassingen/materialen verwijderd:

- plaatmateriaal tegen dak;

- plaatmateriaal traphekje.

Het betrof amosiet.40

Verdachte heeft op 13 juli 2011 in een rapportage lucht-eindcontrole containment op de zolder het volgende geconcludeerd. Bij de verrichte visuele inspectie zijn geen asbestverdachte - of als asbestbesmet te beschouwen materialen - aangetroffen. Het inspectiegebied kan worden vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden/vrijgavemetingen.41

Op 9 september 2011 heeft [bedrijf 3] op zowel in de garage als op de zolder visueel restanten asbesthoudend materiaal aangetroffen. Het betrof restanten:

- op het traphekje;

- op de gordingen.42

Zolders [adres], [adres], [adres], [adres], [adres], [adres], [adres], [adres], [adres], [adres], [adres] en [adres]

Garage [adres] garage [adres]

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij in de periode van 1 juni 2011 tot en met 20 juli 2011 visuele inspecties op asbestresten heeft uitgevoerd in containments in woningen en een garage aan de [adres] te [woonplaats]. Vervolgens heeft hij containments vrijgegeven omdat hij geen asbest en/of asbestvezels heeft waargenomen tijdens de visuele inspecties.

Op de zolders moest asbesthoudend plaatmateriaal van het dakbeschot en het traphek worden verwijderd. In de garage moest het plafond worden gesaneerd.43

4.3.5

De bewijsoverwegingen

Asbest

De rechtbank ziet geen aanleiding om aan de deskundigheid van [bedrijf 3] te twijfelen en gaat ervan uit dat hetgeen [bedrijf 3] als asbest kwalificeert, daadwerkelijk asbest is.

Is het asbest afkomstig van een eerdere asbestsanering?

[bedrijf 3] heeft asbesthoudend materiaal visueel waargenomen op plekken binnen de containments waar asbesthoudend plaatmateriaal is gesaneerd dan wel in de directe nabijheid hiervan.

Volgens de ter zitting gehoorde asbestdeskundige J. Tempelman, senior technical consultant, is juist op de bouwdelen waarop de asbesthoudende platen bevestigd zijn geweest de kans op het aantreffen van restanten op ruwe balken, spijker- of schroefgaten het grootst.

De rechtbank ziet geen aanknopingspunten om aan te nemen dat de asbestrestanten op de in de bewijsmiddelen genoemde plekken daar terecht zijn gekomen door een eerdere asbestsanering.

Schuld

De rechtbank is van oordeel dat verdachte de visuele inspecties en vrijgaven onvoldoende zorgvuldig heeft uitgevoerd. Verdachte had de door [bedrijf 3] gevonden asbestrestanten in zijn hoedanigheid als laborant/inspecteur moeten waarnemen. Verdachte was er als laborant/inspecteur voor opgeleid en getraind om dergelijk materiaal te zien. Voor zover het bij de in de bewijsmiddelen genoemde asbestrestanten gaat om restanten die zich volgens verdachte achter afplaktape of folie bevonden, geldt dat deze asbestrestanten zijn aangetroffen op of direct naast de bouwdelen waarvan het asbesthoudend plaatmateriaal is verwijderd. Verdachte had het containment niet mogen vrijgeven zonder deze afgeplakte/afgedekte delen te inspecteren.

Te duchten gevaar

De gevaren van onbeschermde blootstelling aan losse asbestvezels zijn algemeen bekend. Indien losse asbestvezels worden ingeademd lopen zij vast in de kleine luchtwegen en longblaasjes. Als gevolg hiervan kunnen verschillende asbestziekten ontstaan. De meeste ziekten zijn niet of nauwelijks te genezen.

Uit het rapport van J. Tempelman, voornoemd, blijkt dat vanuit zichtbare restanten asbesthoudend materiaal vezels in de lucht terecht kunnen komen. Dit geldt voor niet-hechtgebonden amosiet in het bijzonder vanwege de stugge structuur van de vezel. Een beperkte mechanische kracht is nodig om amosietvezels uit brandwerend board (amosiet board) vrij te maken. Activiteiten zoals vegen, schoonmaken, goederen verplaatsen, stofzuigen zijn daarvoor voldoende.

Het grootste risico van achterblijvende asbestresten bestaat uit het verslepen via schoeisel naar ruimten waar men langdurig verblijft. Als gevolg van deze secundaire emissie kan een langdurige blootstelling optreden omdat vanuit deze resten door allerlei activiteiten steeds opnieuw vezels in de lucht worden gebracht (resuspensie). Juist om deze reden vormt de visuele inspectie op asbestresten een cruciaal onderdeel van de eindcontrole na sanering (vrijgave) zoals beschreven in de norm NEN 2990 (2005).44

Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat als gevolg van het handelen van verdachte gevaar voor de openbare gezondheid en/of levensgevaar voor bewoners van de bewuste woningen en/of andere daar aanwezigen te duchten was.

5 Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de in rubriek 4 genoemde bewijsmiddelen en bewijsoverwegingen bewezen dat

Feit 2 subsidiair:

het aan verdachtes schuld te wijten is geweest dat op tijdstippen in de periode van 1 juni 2011 tot en met 20 juli 2011 te [woonplaats] in 12 woningen en in 1 garage wederrechtelijk een stof, te weten asbest en/of asbestvezels, in de lucht zijn gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de openbare gezondheid en levensgevaar voor bewoners van die woningen en andere aanwezigen te duchten was,

immers zijn door verdachte uitgevoerde eindcontroles en visuele inspecties en vrijgaven in de woningen met nummer [nummer], [nummer], [nummer], [nummer] , [nummer] , [nummer], [nummer], [nummer], [nummer] en [nummer] en in de garage behorende bij woning met nummer 79 onvoldoende zorgvuldig uitgevoerd en heeft verdachte vervolgens containments vrijgegeven, zodat de ruimten weer toegankelijk waren voor personen zonder kans op blootstelling aan asbest, terwijl die ruimten niet vrijgegeven hadden mogen worden omdat daar nog asbest en/of asbestvezels in was/ waren achtergebleven.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

6 De strafbaarheid van het feit

Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar als

Het aan zijn schuld te wijten zijn, dat wederrechtelijk een stof op of in de bodem of in de lucht wordt gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de openbare gezondheid of levensgevaar voor een ander te duchten is, meermalen gepleegd.

7 De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8 Motivering van de straffen en maatregelen

8.1.

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor de door haar bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot 3 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van 2 jaren en een werkstraf van 240 uren subsidiair 120 dagen hechtenis.

8.2.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft geen strafmaatverweer gevoerd.

8.3.

Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.

Wat betreft de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan, heeft de rechtbank in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

In woningen aan de [adres] te [woonplaats] zijn asbestsaneringswerkzaamheden verricht. De asbestsanering heeft in containments plaatsgevonden. In 12 woningen en 1 garage heeft verdachte visuele inspecties in de containments verricht en de containments vervolgens vrijgegeven. Uit later onderzoek door [bedrijf 3] bleek echter dat zich nog asbesthoudend materiaal bevond op plekken binnen die containments. Volgens de NEN 2990 (2005) dient een laborant/inspecteur de bouwdelen/constructiedelen waarvan de asbesthoudende materialen zijn verwijderd te inspecteren. [bedrijf 3] heeft juist op deze plekken asbestrestanten gevonden.

Het is een feit van algemene bekendheid dat asbest een gevaarlijke stof is die zeer schadelijk voor de menselijke gezondheid en zelfs levensbedreigend kan zijn. Als gevolg van blootstelling aan asbest kunnen verschillende asbestziekten ontstaan. De meeste ziekten openbaren zich na tientallen jaren nadat de blootstelling aan asbest heeft plaatsgevonden en zijn niet of nauwelijks te genezen. Om deze reden is er strikte wet- en regelgeving in het leven geroepen waaraan verdachte bij zijn werkzaamheden had moeten voldoen. Verdachte heeft zijn werkzaamheden als laborant/inspecteur onvoldoende zorgvuldig uitgevoerd waardoor voornoemde gevaren konden ontstaan. Ook op de zitting heeft verdachte volgehouden dat het werk volgens alle regels is uitgevoerd, terwijl hij containments heeft vrijgegeven waarbij is gebleken dat er asbest is achtergebleven. Verdachte heeft een voorbehoud gemaakt voor delen die hij niet volledig heeft kunnen inspecteren omdat gesaneerde delen waren afgeplakt. Hij miskent daarmee zijn verantwoordelijkheid en de gevolgen van zijn handelen voor de bewoners van de betreffende woningen. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan.

Voorts houdt de rechtbank bij de straftoemeting rekening met het tijdsverloop. De bewezen verklaarde handelingen hebben in de periode van 1 juni tot en met 20 juli 2011 plaatsgevonden.

Wat betreft de persoon van de verdachte heeft de rechtbank in het bijzonder gelet op de inhoud van een de verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 25 augustus 2014 waaruit blijkt dat de verdachte eerder strafrechtelijk is veroordeeld doch niet wegens een soortgelijk feit. De laatste veroordeling dateert van 30 oktober 2000.

De rechtbank acht, alles afwegende, een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand met een proeftijd van 2 jaren en een werkstraf van 150 uren subsidiair 75 dagen hechtenis passend en geboden.

Naar het oordeel van de rechtbank kan met deze straf, die lager is dan door de officier van justitie is gevorderd, worden volstaan. Anders dan de officier van justitie acht de rechtbank het onder 1 en 2 primair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen.

9 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 57 en 173b van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

10 Beslissing

De rechtbank:

Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op:

Het aan zijn schuld te wijten zijn, dat wederrechtelijk een stof op of in de bodem of in de lucht wordt gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de openbare gezondheid of levensgevaar voor een ander te duchten is, meermalen gepleegd.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 1 maand.

Beveelt dat deze straf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.

Stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

Veroordeelt verdachte tot een taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid, van 150 uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 75 dagen.

Dit vonnis is gewezen door

mr. N.E.M. Kranenbroek, voorzitter,

mrs. J. Ebbens en G.A. Bos, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. J.M.T. Bouwman-Everhardus, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 25 februari 2015.

BIJLAGE : De tenlastelegging

1.

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juni 2011 tot en met 20 juli 2011 te [woonplaats], één of meerdere inspectieformulier(en) "eindcontrole na sanering (asbest)" en rapportage(s) lucht-eindcontrole containment, met project/rapportnummers

51096-602020, 51096-602020B, 51096-602018, 51096-602015, 51096- 602015B, 51096-601998, 51096-602013, 51096-601995, 51096-601998B, 51096-602013C 51096-602918B 51096-602023B 51096-602023, 51096-602008A, 51096-602023D en/of

51096-602008C,

zijnde (telkens) (een) geschrift(en) dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt of vervalst,

immers heeft hij, verdachte,in deze inspectieformulieren en rapportages met nummers:

- 51096-602020 (zolder nr. [nummer]),

- 51096-602020 B (zolder nr. [nummer]),

- 51096-602018 (zolder nr. [nummer]),

- 51096-602015 (zolder nr. [nummer]),

- 51096- 602015 B (zolder nr. [nummer]),

- 51096-601998 (zolder nr. [nummer]),

- 51096-602013 (zolder nr. [nummer]),

- 51096-601995 (zolder nr. [nummer]),

- 51096-601998 B (garage bij [nummer]),

- 51096-602013 C (zolder nr. [nummer]),

- 51096-602918 B (zoldernr.[nummer]),

- 51096-602023 B (zolder nr. [nummer]),

- 51096-602023 (zolder nr.[nummer]),

- 51096-602008 A (zolder nr. [nummer]),

- 51096-602023 D (zolder nr. [nummer]) en/of

- 51096-602008 C (garage bij [nummer])

(telkens) valselijk en/of in strijd met de waarheid telkens als conclusie aangegeven dat bij de verrichte visuele inspectie geen asbestverdachte – of als asbestbesmet te beschouwen materialen- zijn aangetroffen, dit voorzover deze onderdeel vormden van de opdracht, terwijl in werkelijkheid in de gecontroleerde ruimte(n) nog wel asbest en/of asbesthoudende vezels en/of asbestverdachte en/of als asbestbesmet te beschouwen materialen aanwezig waren,

zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;

2.

Primair

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juni 2011 tot en met 20 juli 2011 te [woonplaats], tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, in 14 woningen, althans één of meer woning(en) en/of in 2 garages, althans één of meer garage(s), opzettelijk en wederrechtelijk een stof, te weten asbest en/of asbestvezels, op en/of in de bodem en/of in de lucht heeft gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de

openbare gezondheid en/of levensgevaar voor bewoners van die woning(en) en/of

andere aanwezigen te duchten was,

immers zijn door verdachte uitgevoerde eindcontroles en/of visuele inspecties en/of vrijgaves in de woningen met nummer [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer] , [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer] en/of [nummer] en in garages met behorende bij woningen met nummer [nummer] en/of [nummer], niet op de juiste wijze en/of onvoldoende zorgvuldig uitgevoerd en heeft verdachte en/of hebben zijn mededaders vervolgens containments en/of de omgeving van containments vrijgegeven, zodat de ruimten weer toegankelijk waren voor personen zonder kans op blootstelling aan asbest, terwijl die ruimten niet vrijgegeven hadden mogen worden omdat daar nog asbest en/of

asbestvezels in was/ waren achtergebleven;

Subsidiair

het aan verdachtes schuld te wijten is geweest dat op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juni 2011 tot en met 20 juli 2011 te [woonplaats], tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, in 14 woningen, althans één of meer woning(en) en/of in 2 garages, althans één of meer garage(s), wederrechtelijk een stof, te weten asbest en/of asbestvezels, op en/of in de bodem en/of in de lucht heeft gebracht, terwijl daarvan gevaar voor de openbare gezondheid en/of levensgevaar voor bewoners van die woning(en) en/of andere aanwezigen te duchten was,

immers zijn door verdachte uitgevoerde eindcontroles en/of visuele inspecties en/of vrijgaves in de woningen met nummer [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer] , [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer], [nummer] en/of [nummer] en/of in garages met behorende bij woningen met nummer [nummer] en/of [nummer], niet op de juiste wijze en/of onvoldoende zorgvuldig uitgevoerd en heeft verdachte en/of hebben zijn mededaders vervolgens containments en/of de omgeving van containments vrijgegeven, zodat de ruimten weer toegankelijk waren voor personen zonder kans op blootstelling aan asbest, terwijl die ruimten niet vrijgegeven hadden mogen worden omdat daar nog asbest en/of asbestvezels in was/ waren achtergebleven.

1 Indien hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt hierbij verwezen naar een bijlage bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van de politie Midden-Nederland, genummerd 2011033992, van 10 juli 2013, doorgenummerde pagina’s 1 tot en met 3009.

2 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, doorgenummerde pagina 372.

3 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2247.

4 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2251.

5 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 361.

6 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2287.

7 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2291.

8 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 383.

9 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2398.

10 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2402.

11 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 372.

12 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2414.

13 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2418.

14 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 490.

15 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2462.

16 Een geschrift, inhoudende een SC540 asbestonderzoek ten behoeve van onderhoudswerkzaamheden, woningen + garage [adres] tot en met [adres] + [adres] tot en met [adres] [woonplaats], nummer CN/R-ASBAR/11/000068, versie 6, gedateerd 28 juni 2011, doorgenummerde pagina 1451.

17 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2466.

18 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 529.

19 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2501.

20 Een geschrift, inhoudende een situatietekening [adres] te [woonplaats] zolder, doorgenummerde pagina 2507.

21 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2505.

22 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 554.

23 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2691.

24 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2695.

25 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 667.

26 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2731.

27 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2735.

28 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 688.

29 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2779.

30 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2783.

31 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 728.

32 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2883.

33 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2887.

34 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 345.

35 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2915.

36 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2919.

37 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 885.

38 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2979.

39 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2983.

40 Een geschrift, inhoudende een inspectieformulier “eindcontrole na sanering (asbest)”, doorgenummerde pagina 2995.

41 Een geschrift, inhoudende een rapportage lucht-eindcontrole containment, doorgenummerde pagina 2999.

42 Een geschrift, inhoudende een asbeststofbesmettingsonderzoek op basis van de NEN 2991, de zolder van de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats], achterkant doorgenummerde pagina 923.

43 Proces-verbaal ter terechtzitting van 11 februari 2015.

44 Een geschrift, inhoudende een deskundigenrapport TNO betreffende de zaak Brunei, van 6 februari 2015, opgemaakt door J. Tempelman, senior technical consultant TNO.