Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2014:380

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
31-01-2014
Datum publicatie
04-02-2014
Zaaknummer
16/997025-12; 16/119446-12 (tul) en 16/441472-11 (tul) (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 180 dagen en een werkstraf van 240 uur voor samen met een ander, opzettelijk, professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, te weten:

mortierbommen en knalvuurwerk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft opgeslagen en/of voorhanden heeft gehad.

Zie ook 16/997025-12 (ontneming) NL:RBMNE:2014:381 en

16/997019-12 (P) ECLI:NL:RBMNE:2014:358.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht

Zittingslocatie Utrecht

Parketnummers: 16/997025-12; 16/119446-12 (tul) en 16/441472-11 (tul) (P)

vonnis van de meervoudige economische strafkamer van 31 januari 2014

in de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren op [1992] te [geboorteplaats]

wonende aan de [adres], [woonplaats].

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 17 januari 2014.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat de raadsman, mr. J.J.C. van Haren, advocaat te Utrecht, naar voren hebben gebracht.

2 Tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

feit 1 primair: in de periode van september 2012 tot en met 12 december 2012 in Nieuwegein, samen met een ander, opzettelijk professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, aan anderen ter beschikking heeft gesteld, onder meer:

- aan Q104 en/of Q113 (opsporingsambtenaren in het kader van een pseudokoop)

90 stuks Cobra 6;

- aan [A] 900 stuks Cobra 6 en/of 20 stuks FP3;

- aan [B] 15 stuks Cobra.

feit 1 subsidiair: op of omstreeks 12 december 2013 in Nieuwegein heeft geprobeerd, samen met een ander, opzettelijk 90 stuks knalvuurwerk, Cobra 6, zijnde professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, aan anderen ter beschikking te stellen.

feit 2 primair: in de periode van september 2012 tot en met 12 december 2012 in Nieuwegein, samen met een ander, opzettelijk, professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, te weten:

- 72 mortierbommen (shells), type SNY 100-39 en/of

- 480 stuks knalvuurwerk, type Rasta traat en/of

- 500 stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3 en/of

- 3496 stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6 en/of

binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft opgeslagen en/of voorhanden heeft gehad.

feit 2 subsidiair: in de periode van september 2012 tot en met 12 december 2012 in Nieuwegein, samen met een ander, opzettelijk, professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, te weten:

- 72 mortierbommen (shells), type SNY 100-39 en/of

- 480 stuks knalvuurwerk, type Rasta traat en/of

- 500 stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3 en/of

- 3496 stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6;

binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft opgeslagen en/of voorhanden heeft gehad, terwijl dit niet voldeed aan de door het Vuurwerkbesluit hieraan gestelde eisen, immers was het vuurwerk niet voorzien van:

- de aanduiding 'geschikt voor particulier gebruik' of 'niet geschikt voor particulier gebruik'; en/of

- de naam, de handelsnaam of het handelskenmerk en de naam en de plaats van vestiging van de fabrikant en/of de importeur en/of de distributeur; en/of

- de naam en het type van het artikel, het door de fabrikant bij de vervaardiging toegekende artikelnummer ter identificatie van het vuurwerk en het productiejaar; en/of

- een vermelding of afbeelding van de soort van het vuurwerk waaruit duidelijk bleek wat de te verwachten effecten tijdens het functioneren zijn; en/of

- een Nederlandse gebruiksaanwijzing en/of

- aanduidingen in de Nederlandse taal die begrijpelijk en duidelijk leesbaar waren.

feit 3: op of omstreeks 12 december 2012 in Nieuwegein, samen met een ander opzettelijk, 300 kilogram vuurwerk, bestaande onder meer uit:

- 72 mortierbommen (shells), type SNY 100-39 en/of

- 480 stuks knalvuurwerk, type Rasta traat en/of

- 500 stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3 en/of

- 3496 stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6;

voorhanden heeft gehad in een bestelbus en/of aanhangwagen in een parkeergarage aan de Basaltoever, althans buiten een inrichting als bedoeld in het Vuurwerkbesluit waarvoor een omgevingsvergunning is verleend die betrekking heeft op de opslag van vuurwerk en/of waarvoor een melding is gemaakt krachtens dit besluit.

3 Voorvragen

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 Waardering van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de (primair) ten laste gelegde feiten. De officier van justitie baseert zich hierbij op de zich in het dossier bevindende bewijsmiddelen en hetgeen verdachte ter zitting heeft verklaard.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft de vraag opgeworpen of de doorzoeking van de aanhangwagen in de parkeergarage rechtmatig is geweest.

De raadsman heeft voorts vrijspraak van het ten laste gelegde bepleit vanwege onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. De raadsman heeft hiertoe aangevoerd dat niet is komen vast te staan dat het in beslag genomen vuurwerk het in de tenlastelegging omschreven vuurwerk betreft. Voorts ontbreekt bewijs voor de feitelijke overdracht van het vuurwerk bij de pseudokoop op 12 december 2012 nu het vuurwerk immers alleen getoond is, waarna verdachten direct zijn aangehouden. De raadsman betwist voorts dat er bewijs is van de overdracht aan [A] en [B] nu de identiteit van de verkopers niet bekend is. Ten slotte is er geen sprake van medeplegen, maar is er - gezien het aandeel van verdachte - hooguit sprake van medeplichtigheid van verdachte.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Doorzoeking aanhangwagen in parkeergarage rechtmatig

De rechtbank is van oordeel dat de doorzoeking van de aanhangwagen in de parkeergarage rechtmatig is geweest. Op grond van de Wet economische delicten is het immers toegestaan om een voertuig (en in dit geval is er niet sprake van een voertuig, maar van een aanhangwagen) te doorzoeken bij het vermoeden van een strafbaar feit. Dat vermoeden was er na de pseudokoop en het ontdekken van het vuurwerk in de bestelbus, waarna op aanwijzing van verdachte zelf de aanhangwagen is gelokaliseerd.

Bewezenverklaring ten laste gelegde feiten

Op grond van de hierna te noemen bewijsmiddelen acht de rechtbank de (primair) ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen.

Bewijsmiddelen 1

Q104 en Q113 zijn opsporingsambtenaren belast met opsporingsonderzoek naar handel in professioneel vuurwerk. Ten behoeve van dit onderzoek is Q113 ingezet als pseudokoper. Via mailcontact door middel van het mailadres:[naam]@hotmail.com is een afspraak gemaakt voor de aankoop en levering van 30 pakjes van 3 stuks van het type vuurwerk Cobra 6.

Op 12 december 2012 omstreeks 18:10 uur in Nieuwegein hebben verdachte en zijn medeverdachte (NN1 en NN3 in een Mercedes Vito bestelbus) een vuilniszak met als inhoud meerdere zakjes met professioneel vuurwerk, type Cobra, aan Q113 laten zien.

NN3 heeft tegen Q113 gezegd: “Ik moet even kijken hoor welke vuilniszak nou van jou is. We hebben namelijk meer bij ons”.2

In de Mercedes bus (Mercedes-Bentz, type Vito met kenteken [kenteken]) zijn 36 Shells, twee vuilniszakken gevuld met Cobra Super 6 en 3 dozen gevuld met Cobra 6, met een totaalgewicht van 92 kilogram aan vuurwerk, aangetroffen.

Op aanwijzing van verdachte is in de parkeergarage van de Bazaltoever in Nieuwegein een aanhangwagen aangetroffen met daarin 220 kilogram vuurwerk bestaande uit Cobra Super 6 en Shells. De verpakkingen komen overeen met de verpakkingen van het vuurwerk dat is aangetroffen in de Mercedes bus.3

Het vuurwerk is onderzocht en het betreft professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, bestaande uit het volgende vuurwerk:

  • -

    72 stuks Shells of mortierbommen met artikelnummer SNY 100-39 en

  • -

    480 stuks knalvuurwerk Rasta traat en

  • -

    500 stuks knalvuurwerk, Original met artikelnummer FP3 en

  • -

    3496 stuks knalvuurwerk, Super Cobra 6.

In totaal betreft het 311,8 kilogram vuurwerk.4

Verdachte heeft verklaard dat hij illegaal vuurwerk heeft vervoerd met de bus van zijn vader, een Mercedes Vito. Hij heeft de aanhangwagen bij de aankoop samen met medeverdachte [medeverdachte] opgehaald.5

Onder verdachte is een Apple Iphone 4S in beslag genomen.6 Het eigen nummer van de in de telefoon aanwezige SIM-kaart is +[telefoonnummer].7 Verdachte heeft verklaard dat de Iphone van hem is en dat hij gebruik maakt van telefoonnummer [telefoonnummer].8

Uit chatberichten in de Iphone van verdachte blijkt dat verdachte vanaf 7 september 2012 tot en met 12 december 2012 meerdere malen per dag contact heeft gehad met medeverdachte [medeverdachte] in het kader van de handel in vuurwerk, over de inkoop, afspraken over leveringen en over de verdeling van de winst.9

In eerdergenoemde Iphone zijn foto’s aangetroffen met daarop afbeeldingen van beeldschermen met overzichten met:

- dagen

- tijdstippen

- namen

- telefoonnummers

- omschrijvingen van onder meer hoeveelheden in KF en FC

- cijfers

- omschrijvingen.

Verdachte heeft verklaard dat het gaat om de namen van klanten en dat hij foto’s van bestellijsten van medeverdachte [medeverdachte] heeft ontvangen.10 Verdachte heeft verklaard dat KF betekent: Karton Fenix (nitraten) en dat KC betekent: Karton Cobra, Cobra 6.11

Uit gegevens afkomstig van deze Iphone is gebleken van een levering van professioneel vuurwerk aan een persoon genaamd “[A]” met telefoonnummer [telefoonnummer]. Het telefoonnummer staat op naam van [A].12

[A] heeft op 28 december 2012 verklaard dat zijn telefoonnummer [telefoonnummer] is en dat hij anderhalve maand geleden 3 dozen Cobra en 1 doos nitraten (Feniks) voor

€ 3.000,00 heeft gekocht bij een jongen in Nieuwegein.13

Uit de gegevens van bovengenoemde Iphone van verdachte is ook gebleken van een levering van professioneel vuurwerk aan het telefoonnummer [telefoonnummer] op naam van “[naam]”. Dit telefoonnummer staat op naam van [B].14

[B] heeft op 28 december 2012 verklaard dat hij enkele maanden daarvoor vuurwerk in Nieuwegein heeft gekocht. Het vuurwerk betrof 11 doosjes van ieder 20 stuks Poolse nitraten, merk Fenix en 5 zakjes met ieder 3 stuks Cobra’s. Dit kostte een paar honderd euro. [B] heeft het vuurwerk gekocht van een jongen van ongeveer 17 of 18 jaar oud met lengte 1.70 m. De jongen reed in een Mercedes Vito bestelbus. Toen [B] hem het geld liet zien overhandigde een andere jongen, ongeveer 20 jaar oud met halflang blond haar, hem het vuurwerk. [B] heeft het mailadres: [naam]@hotmail.com gebruikt en zijn telefoonnummer is: [telefoonnummer].15

Bewijsoverwegingen

Professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik

De rechtbank acht niet aannemelijk dat het in beslag genomen vuurwerk geen professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik is, zoals ten laste is gelegd. De rechtbank gaat uit van de juistheid van het onderzoek aan het in beslag genomen vuurwerk door het Centraal Onderzoeksteam Vuurwerk (COV) en ziet in hetgeen de verdediging hieromtrent heeft aangevoerd geen reden om hieraan te twijfelen, nu op geen enkele wijze is gebleken dat het vuurwerk niet de verwachte uitwerking heeft gehad.

Medeplegen

Op grond van het hiervoor weergegeven bewijs acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte betrokken is geweest bij de handel in en het voorhanden hebben van professioneel vuurwerk bestemd voor particulieren. Het is vervolgens de vraag hoe de rol van verdachte dient te worden gekwalificeerd.

Bij de beantwoording van de vraag of sprake is van medeplegen dan wel medeplichtigheid - zoals door de verdediging is bepleit - is met name van belang de mate van betrokkenheid van verdachte bij de voorbereiding en de uitvoering van de misdrijven en de afspraken die zijn gemaakt. Verdachte heeft over de samenwerking verklaard dat hij de bestelbus aan medeverdachte ter beschikking heeft gesteld voor vervoer van het vuurwerk en dat hij zelf ook vuurwerk vervoerd heeft. Uit de chatgesprekken tussen verdachte en zijn medeverdachte blijkt echter van een veel groter aandeel van verdachte in het geheel.

Uit de chatgesprekken blijkt een intensief contact tussen verdachten. Er is sprake van een rolverdeling in die zin dat verdachte zich meer bezighield met het vervoer van het vuurwerk en dat medeverdachte [medeverdachte] de inkoop, de contacten met de leveranciers en afnemers en de financiën regelde. Ieder had zijn eigen rol in het geheel. Uit de chatgesprekken volgt een afspraak over de winstverdeling van 75% (medeverdachte [medeverdachte]) - 25 % (verdachte). Op grond van de inhoud van de chatgesprekken is de rechtbank dan ook van oordeel dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking en gezamenlijke uitvoeringshandelingen.

Op grond hiervan acht de rechtbank het bestanddeel van medeplegen bewezen.

Ter beschikking stellen vuurwerk door verdachten

Uit bovengenoemde bewijsmiddelen - in onderling verband en samenhang bezien - volgt voorts dat verdachten het vuurwerk aan de pseudokoper, [A] en [B] ter beschikking hebben gesteld. De verkoop en levering van het vuurwerk gebeurde op dezelfde manier: het contact maken via de mailadressen op internet, het gebruik van het telefoonnummer van verdachte, de plaats van levering in Nieuwegein, de Mercedes Vito bestelbus en hetzelfde soort vuurwerk. Daarbij geven [A] en [B] beschrijvingen van de jongens die het vuurwerk verkochten die overeenkomen met de uiterlijke kenmerken van verdachte en zijn medeverdachte [medeverdachte].

De rechtbank acht bewezen dat bij de pseudokoop het vuurwerk door verdachten ter beschikking is gesteld aan de verbalisant. Dit volgt uit het tonen van de vuilniszak aan Q113 en de woorden die daarvoor zijn geuit: “Ik moet even kijken hoor welke vuilniszak nou van jou is.” Hieruit blijkt dat Q113 de beschikkingsmacht had over het getoonde vuurwerk.

Voorhanden hebben van vuurwerk zonder omgevingsvergunning of melding als bedoeld in Vuurwerkbesluit buiten een daarvoor geschikte inrichting.

Het vuurwerk is aangetroffen in een bestelbus en in een aanhangwagen in een parkeergarage. Evident is dat voor een bestelbus en een aanhangwagen in een parkeergarage geen omgevingsvergunning is afgegeven of een melding is gedaan als bedoeld in artikel 2.2.4 van het Vuurwerkbesluit.

Nu voorts ook niet is gesteld of gebleken dat voor de onderhavige parkeergarage het geval was, stelt de rechtbank vast dat verdachte het vuurwerk voorhanden heeft gehad buiten een daarvoor geschikte inrichting. De rechtbank acht het onder feit 3 ten laste gelegde dan ook bewezen.

Samenloop feiten 2 en 3

De rechtbank constateert dat hetgeen onder 2 en 3 bewezen wordt geacht, betrekking heeft op dezelfde partijen vuurwerk. Daarbij is niet alleen sprake van een gelijktijdigheid van handelen, ook wat betreft de strekking van het te beschermen rechtsbelang komt hetgeen onder 2 en 3 bewezen wordt geacht overeen.

De van toepassing zijnde artikelen van het Vuurwerkbesluit beogen immers allen dat handhavend kan worden opgetreden tegen diegenen die professioneel vuurwerk in strijd met het besluit hebben bestemd voor gebruik door particulieren. De rechtbank acht dan ook artikel 55 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing en concludeert tot eendaadse samenloop.

5 Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de in rubriek 4. genoemde bewijsmiddelen bewezen dat verdachte

Feit 1 primair

op tijdstippen in de periode van september 2012 tot en met 12 december 2012, te Nieuwegein tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk, meermalen professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, aan anderen ter beschikking heeft gesteld, immers hebben verdachte en zijn mededader onder andere:

- aan Q104 en Q113, beide opsporingsambtenaren pseudokoopteam, 90 stuks knalvuurwerk, Cobra 6 en

- aan [A] knalvuurwerk, type Cobra 6 en 20 stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3 en

- aan [B] 15 stuks knalvuurwerk, type Cobra, ter beschikking gesteld.

Feit 2 primair

op tijdstippen in de periode van september 2012 tot en met 12 december 2012, te Nieuwegein, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk, professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik, te weten:

- 72 mortierbommen (shells), type SNY 100-39 en

- 480 stuks knalvuurwerk, type Rasta traat en

- 500 stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3 en

- 3496 stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6;

voorhanden heeft gehad.

Feit 3

op 12 december 2012 te Nieuwegein, tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk ongeveer 300 kilogram vuurwerk, bestaande onder andere uit:

- 72 mortierbommen (shells), type SNY 100-39 en

- 480 stuks knalvuurwerk, type Rasta traat en

- 500 stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3 en

- 3496 stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6;

voorhanden heeft gehad in een bestelbus merk Mercedes Vito kenteken [kenteken] en in een aanhangwagen in een parkeergarage aan de Basaltoever buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1.4 Vuurwerkbesluit en in artikel 2.2.2, 3.2.1 en 3A.2.1 Vuurwerkbesluit waarvoor een omgevingsvergunning is verleend die betrekking heeft op de opslag van vuurwerk en artikel 2.2.1 Vuurwerkbesluit, waarvoor een melding is gedaan krachtens artikel 2.2.4 Vuurwerkbesluit.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

6 De strafbaarheid van het feit

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

Het bewezen verklaarde levert de navolgende strafbare feiten op:

Feiten 1 primair, 2 primair en 3:

Telkens:

Medeplegen van overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd,

waarbij feit 2 in eendaadse samenloop is gepleegd met feit 3.

7 De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

8 Motivering van de straffen en maatregelen

8.1

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, met aftrek van het voorarrest.

8.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft een strafmaatverweer gevoerd.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft zich samen met zijn mededader schuldig gemaakt aan handel in illegaal vuurwerk. Zij hebben daartoe 92 kg vuurwerk vervoerd in een bus en 220 kg vuurwerk opgeslagen in een parkeergarage gelegen onder woningen. In de periode van september 2012 tot en met 12 december 2012 hebben verdachte en zijn mededader professioneel vuurwerk geleverd aan personen en aan verbalisanten tijdens een zogenaamde pseudokoop waarna zij zijn aangehouden. De rechtbank tilt er zwaar dat verdachte en zijn medeverdachte hiermee enkel uit financieel gewin onverantwoorde risico’s hebben genomen en de gezondheid van mensen in gevaar hebben gebracht. Indien het vuurwerk tot ontbranding was gekomen, zouden de gevolgen voor de omwonenden en woningen in de buurt van deze parkeergarage en bus immers desastreus kunnen zijn geweest, hetgeen verdachte pas achteraf heeft ingezien. De rechtbank betrekt in haar oordeel voorts de hoeveelheid vuurwerk die de politie heeft aangetroffen die duidt op het professionele karakter van hun handel.

Het is niet de eerste keer dat verdachte zich aan soortgelijke feiten schuldig maakt. De rechtbank heeft kennis genomen van de inhoud van het op verdachte betrekking hebbende uittreksel uit het justitieel documentatieregister d.d. 20 december 2013. Hieruit blijkt dat verdachte eerder voor soortgelijke feiten onherroepelijk is veroordeeld en dat verdachte hiervan zelfs nog in een proeftijd liep.

De rechtbank acht, alles overwegend, een gevangenisstraf voor de duur van 180 dagen met aftrek van het voorarrest, waarvan 139 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar en een taakstraf van 240 uur, te vervangen door 120 dagen hechtenis, passend en geboden.

De rechtbank heeft bij de strafoplegging aansluiting gezocht bij de straffen die in soortgelijke zaken van handel in illegaal vuurwerk worden opgelegd, het strafblad van verdachte en de jonge leeftijd van verdachte, zodat naar het oordeel van de rechtbank met deze straf kan worden volstaan.

9 Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordelingen

Bij de stukken bevinden zich twee vorderingen tot tenuitvoerlegging.

Parketnummer 16/441472-11

Verdachte is op 29 december 2011 door de politierechter te Utrecht veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 weken, met een proeftijd van 2 jaar.

Parketnummer 16/119446-12

Verdachte is op 7 augustus 2012 door de politierechter te Utrecht veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 50 uur, te vervangen door 25 dagen hechtenis, met een proeftijd van 2 jaar.

Gebleken is dat verdachte zich voor het einde van voornoemde proeftijden aan strafbare feiten heeft schuldig gemaakt, zoals naar voren komt uit de verdere inhoud van dit vonnis. De rechtbank ziet hier aanleiding in de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straffen te gelasten.

10 Toepasselijke wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 9, 22c, 22d, 14a, 14b, 14c, 14g, 47, 55, 57 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 1a, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten, artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer en de artikelen 1.1.4, 1.2.2, 2.2.2, 2.2.1 en 3A.2.1 van het Vuurwerkbesluit, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde en op de reeds aangehaalde artikelen.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

11 Beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op:

Telkens:

Medeplegen van overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd,

waarbij feit 2 in eendaadse samenloop is gepleegd met feit 3.

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, daarvoor strafbaar.

Strafoplegging

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 180 dagen.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Beveelt dat een gedeelte, groot 139 dagen, van deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.

Stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden gelast indien veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

Veroordeelt verdachte tot een taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid, van 240 uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 120 dagen.

Vorderingen tenuitvoerlegging

Parketnummer 16/119446-12

Gelast de tenuitvoerlegging van de bij genoemd arrest van de politierechter te Utrecht d.d.

7 augustus 2012 opgelegde voorwaardelijke werkstraf van 50 (vijftig) uur, te vervangen door 25 dagen hechtenis.

Parketnummer 16/441472-11

Gelast de tenuitvoerlegging van de bij genoemd arrest van de politierechter te Utrecht

d.d. 29 december 2011 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) weken.

Dit vonnis is gewezen door mr. N.E.M. Kranenbroek, voorzitter, mr. A.M.M.E. Doekes-Beijnes en mr. J.A. Schuman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. P.A.B. Kleemans, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van

31 januari 2014.

Mr. Kranenbroek is niet in de gelegenheid om dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE: de tenlastelegging

Aan [verdachte] wordt ten laste gelegd dat

Feit 1 primair

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van september 2012 tot en met

12 december 2012, te Nieuwegein, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, al dan niet opzettelijk, meermalen, althans eenmaal, een (grote) hoeveelheid professioneel vuurwerk en/of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik, bestemd voor particulier gebruik, aan (een) ander(en) ter beschikking heeft gesteld, immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) onder andere:

- aan Q104 en/of Q113 (beide opsporingsambtenaren pseudokoopteam) 90, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, Cobra 6; en/of

- aan [A] (ongeveer) 900, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Cobra 6 en/of 20, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3;

en/of

- aan [B] 15, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Cobra ter beschikking gesteld;

(strafbaarstelling: artikel 1a onder 1, 2 en 6 Wet op de economische delicten juncto artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer juncto artikel 1.2.2 Vuurwerkbesluit)

art 1.2.2 lid 1 Vuurwerkbesluit

Subsidiair

hij op of omstreeks 12 december 2012, te Nieuwegein, althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, al dan niet opzettelijk, 90, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, Cobra 6, zijnde professioneel vuurwerk en/of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik, bestemd voor particulier gebruik, aan (een) ander(en) ter beschikking te stellen, te weten aan Q104 en/of Q113 (beide opsporingsambtenaren pseudokoopteam),

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

(strafbaarstelling: artikel 1a onder 1, 2 en 6 Wet op de economische delicten juncto artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer juncto artikel 1.2.2 Vuurwerkbesluit juncto artikel 45 Sr)

art 1.2.2 lid 1 Vuurwerkbesluit

Feit 2 primair

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van september 2012 tot en met

12 december 2012, te Nieuwegein, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, al dan niet opzettelijk, een (grote) hoeveelheid professioneel vuurwerk en/of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik, bestemd voor particulier gebruik, te weten:

- 72, althans een of meer, mortierbommen (shells), type SNY 100-39; en/of

- 480, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Rasta traat; en/of

- 500, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3; en/of

- 3496, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6; en/of

binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft opgeslagen en/of voorhanden heeft gehad.

(strafbaarstelling: artikel 1.2.2 lid 1 Vuurwerkbesluitartikel 1a onder 1, 2 en 6 Wet op de economische delicten juncto artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer)

art 1.2.2 lid 1 Vuurwerkbesluit

Subsidiair

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van september 2012 tot en met

12 december 2012, te Nieuwegein, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, al dan niet opzettelijk, een (grote) hoeveelheid vuurwerk en/of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik, bestemd voor particulier gebruik, te weten:

- 72, althans een of meer, mortierbommen (shells), type SNY 100-39; en/of

- 480, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Rasta traat; en/of

- 500, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3; en/of

- 3496, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6; en/of

binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft opgeslagen en/of voorhanden heeft gehad terwijl dit niet voldeed aan het bepaalde bij of krachtens het vuurwerkbesluit, immers was voornoemd vuurwerk niet voorzien van:

- de aanduiding 'geschikt voor particulier gebruik' of 'niet geschikt voor

particulier gebruik'; en/of

- de naam, de handelsnaam of het handelskenmerk en de naam en de plaats van

vestiging van de fabrikant en/of de importeur en/of de distributeur; en/of

- de naam en het type van het artikel, het door de fabrikant bij de vervaardiging toegekende artikelnummer ter identificatie van het vuurwerk en het productiejaar; en/of

- een vermelding of afbeelding van de soort van het vuurwerk waaruit duidelijk bleek wat de te verwachten effecten tijdens het functioneren zijn; en/of

- een Nederlandse gebruiksaanwijzing en/of

- aanduidingen in de Nederlandse taal die begrijpelijk en duidelijk leesbaar

waren;

(strafbaarstelling: artikel 1.2.2 lid 4 Vuurwerkbesluitartikel 1a onder 1, 2 en 6 Wet op de economische delicten juncto artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer) art 1.2.2 lid 4 Vuurwerkbesluit

Feit 3.

hij op of omstreeks 12 december 2012 te Nieuwegein, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, al dan niet opzettelijk (ongeveer) 300 kilogram vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik, bestaande onder andere uit:

- 72, althans een of meer, mortierbommen (shells), type SNY 100-39; en/of

- 480, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Rasta traat; en/of

- 500, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Fenix FP3; en/of

- 3496, althans een of meer, stuks knalvuurwerk, type Super Cobra 6; en/of

voorhanden heeft gehad in een bestelbus (merk Mercedes Vito kenteken [kenteken]) en/of in een aanhangwagen in een parkeergarage aan de Basaltoever, althans buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1.4 Vuurwerkbesluit en/of in artikel 2.2.2, 3.2.1 en/of 3A.2.1. Vuurwerkbesluit waarvoor een omgevingsvergunning is verleend die betrekking heeft op de opslag van vuurwerk en/of artikel 2.2.1 Vuurwerkbesluit, waarvoor een melding is gedaan

krachtens artikel 2.2.4 Vuurwerkbesluit;

(strafbaarstelling: artikel 1.2.4 Vuurwerkbesluit jo artikel 1a onder 1, 2 en 6 Wet op de economische delicten juncto artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer) art 1.2.4 lid 1 Vuurwerkbesluit

1 Indien hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt hierbij verwezen naar het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van de politie Utrecht, Interregionaal Vuurwerkteam Midden Nederland, proces-verbaalnummer PL0987 2012278099, doorgenummerd van pagina 1 tot en met 1106. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.

2 Proces-verbaal van bevindingen betreffende pseudokoop van professioneel vuurwerk d.d. 13 december 2012 met bijlage, opgenomen op pagina 907, 909, 910, 911 en 914 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

3 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 december 2012, opgenomen op pagina 473 en 009 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

4 Kennisgeving van inbeslagneming d.d. 12 december 2012, opgenomen op pagina 115, 116 en 117 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal en proces-verbaal van onderzoek aan in beslag genomen vuurwerk d.d. 17 december 2012, opgenomen op pagina 722, 724, 725, 727, 728, 730, 731, 732 en 734 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

5 De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 17 januari 2014.

6 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 december 2012, opgenomen op pagina 382 en 384 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

7 Proces-verbaal van onderzoek GSM telefonie d.d. 16 december 2012, opgenomen op pagina 1061 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

8 Proces-verbaal verhoor verdachte d.d. 18 december 2012, opgenomen op pagina 202 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

9 Proces-verbaal opgeslagen gegevens Iphone d.d. 25 maart 2013, opgenomen op pagina 539, 540 en 541 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

10 Proces-verbaal bevindingen aangetroffen foto’s op Iphone d.d. 23 januari 2013, opgenomen op pagina 497 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

11 Proces-verbaal verhoor verdachte d.d. 10 januari 2013, opgenomen op pagina 245 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

12 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 27 december 2012, opgenomen op pagina 382 en 384 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

13 Proces-verbaal verhoor verdachte [A] d.d. 28 december 2012, opgenomen op pagina 385 en 386 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

14 Proces-verbaal bevindingen d.d. 27 december 2012, opgenomen op pagina 390 en 392 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.

15 Proces-verbaal verhoor verdachte [B] d.d. 28 december 2012, opgenomen op pagina 385 en 396 van het onder voetnoot 1 genoemde proces-verbaal.