Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2014:2798

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
07-07-2014
Datum publicatie
11-07-2014
Zaaknummer
C/16/372150 / KG ZA 14-472
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding. Leidt ontslag statutair bestuurder ook tot beëindiging van de managementovereenkomst tussen de persoonlijke houdstermaatschappij van statutair bestuurder en de vennootschap?

De voorzieningenrechter is van oordeel dat in de gegeven omstandigheden aanleiding is om de zogenaamde “15 april-arresten” van de Hoge Raad analoog toe te passen.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2
Burgerlijk Wetboek Boek 2 15
Burgerlijk Wetboek Boek 2 227
Burgerlijk Wetboek Boek 2 244
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JAR 2014/207
OR-Updates.nl 2014-0288
AR 2014/502
AR 2014/665
JAR 2014/207

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Civiel recht

handelskamer

locatie Utrecht

zaaknummer / rolnummer: C/16/372150 / KG ZA 14-472

Vonnis in kort geding van 7 juli 2014

in de zaak van

1 [eiser sub 1],
hierna te noemen:[eiser sub 1],

wonende te Amsterdam,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DIMARI BRODRIE B.V.,
hierna te noemen: Dimari Brodrie,

gevestigd te Amsterdam,

eisers,
hierna gezamenlijk aan te duiden als: [eisers],

advocaat mr. H.P.M. van Woensel,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ONLINE RESULTS B.V.,
hierna te noemen: Online Results,

statutair gevestigd te Zeewolde en kantoorhoudende te Amersfoort,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

COMMUNICATION AND INTERACTION GROUP B.V.,
hierna te noemen: CIG,
statutair gevestigd te Zeewolde en kantoorhoudende te Amersfoort,

gedaagden,
hierna gezamenlijk aan te duiden als: Online Results c.s.,

advocaat mr. J. Brakke.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding,
    - de producties van [eisers],

  • -

    de producties van Online Results,

  • -

    de mondelinge behandeling van 4 juli 2014,

  • -

    de pleitnota van [eisers],

  • -

    de pleitnota van Online Results c.s.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.


1.3. In verband met de spoedeisendheid van de zaak is op 7 juli 2014 vonnis gewezen. Het onderstaande vormt hiervan de uitwerking en is op 10 juli 2014 vastgesteld.

2 De feiten

2.1.

Online Results is actief op het gebied van online marketing in de ruimste zin van het woord.

2.2.

[eiser sub 1] en CIG zijn statutair bestuurder van Online Results.
CIG wordt daarbij vertegenwoordigd door [A] (hierna te noemen: [A]).
is enig aandeelhouder en bestuurder van Expanding Dreams B.V., welke vennootschap enig bestuurder is van CIG.

2.3.

De aandelen in het kapitaal van Online Results worden gehouden door CIG (60%) en Dimari Brodrie (40%)

2.4.

Dimari Brodrie is een persoonlijke houdstermaatschappij van [eiser sub 1].

2.5.

Online Results en Dimari Brodrie hebben (mondeling) een overeenkomst gesloten onder meer inhoudende dat Dimari Brodrie [eiser sub 1] aan Online Results ter beschikking stelt voor het uitoefenen van managementtaken, dit tegen betaling van een maandelijkse vergoeding van € 10.000,-- exclusief BTW. Deze overeenkomst zal in navolging van partijen hierna worden aangeduid als “de managementovereenkomst”.

2.6.

In de statuten van Online Results is – voor zover relevant – het volgende bepaald:

Artikel 16
(…)
2. Bestuurders worden door de algemene vergadering benoemd en kunnen te allen tijde door de algemene vergadering worden geschorst en ontslagen.
(…)

Artikel 23
(…)
2. De oproeping tot een algemene vergadering geschiedt door middel van oproepingsbrieven gerecht
aan de adressen van de aandeelhouders en certificaathouders, zoals deze zijn vermeld in het
register van aandeelhouders.
(…)
4. De oproeping vermeldt de te behandelen onderwerpen, (…).
5. Omtrent onderwerpen waarvan de behandeling niet bij oproeping is aangekondigd met
inachtneming van de voor oproeping gestelde termijn, kan niet wettig worden besloten, tenzij het
besluit met algemene stemmen wordt genomen in een vergadering waarin het gehele geplaatste
kapitaal aanwezig of vertegenwoordigd is.
6. De oproeping geschiedt niet later dan op de vijftiende dag vóór die van de vergadering. Is de
oproepingstermijn niet in acht genomen of heeft geen oproeping plaatsgehad, dan kunnen geen
wettige besluiten worden genomen, tenzij met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle
aandeelhouders en certificaathouders aanwezig of vertegenwoordigd zijn en de bestuurders zijn
gehoord.
7. Bestuurders hebben het recht tot het bijwonen van de algemene vergadering en hebben als zodanig
een adviserende stem.

2.6.

Online Results had onder meer een contractuele relatie met het bedrijf Jobbrokers.
Dit bedrijf leverde een softwareprogramma.


2.7. In oktober 2013 heeft [eiser sub 1] samen met [B] (hierna te noemen: [B]) CV Deal B.V. (hierna te noemen: CV Deal) opgericht.

CV Deal houdt zich volgens haar inschrijving in het handelsregister bezig met het aanbieden van internet gerelateerde diensten en handel in de door het gebruik van internet gegeneerde informatie.

De persoonlijke houdstermaatschappij van [B], genaamd NCGB Holding B.V., is de enige bestuurder van CV Deal.

De aandelen in het kapitaal van CV Deal worden voor 60% gehouden door de persoonlijke houdstermaatschappij van [eiser sub 1], Dimari Brodrie, en voor 40% door de persoonlijke houdstermaatschappij van [B], NCGB Holding.

2.8.

[B] is op grond van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd in loondienst werkzaam bij Online Results. In artikel 8 van zijn arbeidsovereenkomst is een non-concurrentie en relatiebeding opgenomen.

2.9.

De advocaat van Online Results heeft bij schrijven van 18 juni 2014 aan [eiser sub 1] bericht dat [eiser sub 1] met onmiddellijke ingang wordt geschorst en dat [eiser sub 1] gelet daarop - niet langer bevoegd is om als manager op te treden en/of de vennootschap te
vertegenwoordigen,
- niet langer welkom is op het werk,

- van de systemen zal worden afgesloten,
- geen contacten met werknemers, klanten en leverancier van Online Results mag
onderhouden.
Als reden voor deze schorsing wordt in deze brief gegeven dat [eiser sub 1]:
- samen met een werknemer van Online Results ([B]) een concurrerende
onderneming heeft opgericht, te weten CV Deal,
- vanuit Online Results opdrachten heeft verstrekt aan CV Deal, zonder daarvoor
een marge te hanteren, hetgeen gebruikelijk is in de branche, en CV Deal aldus van een
aanzienlijke omzet heeft voorzien,
- [A], middellijk bestuurder en meerderheidsaandeelhouder van Online Results,
hiervan niet in kennis heeft gesteld.

2.10.

Bij schrijven van 20 juni 2014 heeft de advocaat van Online Results [eiser sub 1] opgeroepen voor de algemene vergadering van aandeelhouders van 9 juli 2014 om 19.00 uur, met als enige agendapunt het ontslag van [eiser sub 1] als bestuurder van Online Results dit in verband met opgekomen bezwaren ten aanzien van [eiser sub 1]. Deze bezwaren betreffen dezelfde bezwaren die aan de schorsing van [eiser sub 1] zijn ten grondslag gelegd, met als aanvulling dat sprake zou zijn van tegenstrijdig belang. In dit schrijven is tevens vermeld dat [eiser sub 1] zal worden gehoord over zijn voorgenomen ontslag.

3 Het geschil

3.1.

[eisers] vordert dat bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,

Online Results en CIG worden veroordeeld om:
a) [eiser sub 1] en Dimari Brodrie per direct op de gebruikelijke wijze hun werkzaamheden als
statutair bestuurder respectievelijk als manager bij Online Results te laten verrichten en
de genomen schorsingsmaatregelen op te heffen, waaronder het blokkeren van het
Online Results e-mailaccount van [eiser sub 1], de mobiele telefoon van [eiser sub 1] met
nummer [telefoonnummer], de elektronische agendatoegang van [eiser sub 1], de toegang van
tot het Online Results computer netwerk en de elektronische bedrijfssleutel van
, dit op straffe van verbeurte van een dwangsom,

Online Results wordt veroordeeld:
b) tot betaling van de maandelijkse managementvergoeding van € 10.000,-- exclusief BTW
aan Dimari Brodrie,

Online Results en CIG hoofdelijk worden veroordeeld:
c) tot betaling van de proces- en nakosten.

3.2.

Online Results c.s. voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

De vordering zoals weergegeven in 3.1. onder a
4.1. Vooropgesteld wordt dat in verband met de beoordeling van de vordering zoals weergegeven in 3.1. onder a twee relaties dienen te worden onderscheiden, namelijk:
- de vennootschapsrechtelijke relatie tussen Online Results en [eiser sub 1] als bestuurder van
Online Results,
- de contractuele relatie tussen Online Results en de persoonlijke houdstermaatschappij van
, Dimari Brodrie.

De vennootschapsrechtelijke relatie tussen [eiser sub 1] en Online Results

4.2. [eiser sub 1] vordert – kort gezegd – dat hij per direct in de gelegenheid wordt gesteld om zijn werkzaamheden als bestuurder van Online Results weer uit te voeren.

4.3.

[eiser sub 1] voert ter onderbouwing van deze vordering aan dat de aan hem bij brief van 18 juni 2014 opgelegde schorsing niet rechtsgeldig is, omdat:
- hij voor het nemen van het schorsingsbesluit in de gelegenheid had moeten worden gesteld
om zijn zienswijze daarop te geven, hetgeen niet is gebeurd,
- een materiële (inhoudelijke) grondslag om hem te schorsen ontbreekt.

4.4.

De voorzieningenrechter overweegt hierover het volgende.

4.5.

Vaststaat dat [eiser sub 1] bij de in rechtsoverweging 2.9. zakelijk weergegeven brief van de advocaat van Online Results van 18 juni 2014 te kennen is gegeven dat hij per direct is geschorst als bestuurder van Online Results. Deze brief wordt door partijen aangemerkt als het schorsingsbesluit.

4.6.

Vraag is of het aannemelijk is dat de bodemrechter zal oordelen dat dit schorsingsbesluit vernietigbaar is, omdat dit besluit niet rechtsgeldig is genomen.
Hierover wordt het volgende overwogen.

4.6.1.

Tussen partijen staat (terecht) niet ter discussie dat, gelet op het bepaalde in artikel 16 lid 2 van de statuten van Online Results en artikel 2:244 lid 1 Burgerlijk Wet (BW), de algemene vergadering van aandeelhouders (AvA) bij uitsluiting bevoegd is om [eiser sub 1]
als bestuurder te schorsen en te ontslaan.

4.6.2.

Partijen zijn het verder (terecht) erover eens dat het besluit om [eiser sub 1] als bestuurder te schorsen, in beginsel, alleen rechtsgeldig door de AvA kan worden genomen wanneer [eiser sub 1] tijdens de AvA in de gelegenheid is gesteld om zijn zienswijze op het voorgenomen schorsingsbesluit te geven. Dat dit het geval is volgt uit het bepaalde in artikel 23 van de statuten van Online Results en overigens ook uit artikel 2:227 lid 7 BW.

4.6.3.

Niet ter discussie staat dat [eiser sub 1] niet in de gelegenheid is gesteld om zijn zienswijze op het voorgenomen schorsingsbesluit te geven of met andere woorden hij is niet door de AvA in zijn hoedanigheid van bestuurder van Online Results gehoord.

4.6.4.

Er zijn door Online Results c.s. verder ook geen argumenten naar voren gebracht die meebrengen dat in de gegeven omstandigheden van dit horen kon worden afgezien. Integendeel, Online Results c.s. heeft tijdens de zitting verklaard dat [eiser sub 1] had moeten worden gehoord.

4.6.5.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat het in hoge mate aannemelijk is dat het schorsingsbesluit niet rechtsgeldig is genomen. Dit brengt mee dat dit besluit gelet op het bepaalde in artikel 2:15 lid 1 onder a BW, vernietigbaar is.

4.7.

Nu er geen geldig besluit aan de bij brief van 18 juni 2014 aangezegde schorsing van [eiser sub 1] als bestuurder van Online Results ten grondslag ligt, zal Online Results [eiser sub 1] in de gelegenheid moeten stellen om zijn functie van bestuurder uit te oefenen,
dit totdat alsnog een rechtsgeldig schorsingsbesluit is genomen dan wel [eiser sub 1] rechtsgeldig als bestuurder van Online Results is ontslagen. Niet gebleken is dat al sprake is van één van deze twee situaties. De vordering van [eiser sub 1] zoals weergegeven in 3.1. onder a is daarom, in beginsel, toewijsbaar.

4.8.

De voorzieningenrechter is echter van oordeel dat de in het kader van dit kort geding te maken belangenafweging aan toewijzing van deze vordering in de weg staat.

4.8.1.

Vaststaat dat sprake is van een vertrouwensbreuk tussen [eiser sub 1] en de andere (middellijk) bestuurder van Online Results, te weten [A], en dat deze vertrouwensbreuk zo ernstig is dat dat zij niet meer samen bij Online Results kunnen werken. [eiser sub 1] en [A] zijn ook al met elkaar in gesprek geweest over de beëindiging van hun relatie in Online Results.

4.8.2.

Deze vertrouwensbreuk is naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter in ieder geval deels aan de handelwijze van [eiser sub 1] te wijten.

Het had op de weg van [eiser sub 1] gelegen om [A] in te lichten over zijn plan om de relatie tussen Online Results en Jobbrokers te beëindigen en vervolgens in het aldus ontstane gat te springen door met een door hemzelf en een andere werknemer van
Online Results ([B]) op te richten bedrijf (CV Deal) een vergelijkbare dienst aan Online Results aan te bieden. [eiser sub 1] heeft dit niet gedaan.
heeft op de zitting ook te kennen gegeven dat hij beseft dat hij [A] hierover had moeten inlichten.

4.8.3.

Het is verder ook zeer aannemelijk dat [eiser sub 1], zoals door Online Results is aangekondigd, op de AvA van 9 juli 2014 als bestuurder van Online Results zal worden ontslagen. Beide partijen gaan daarvan ook uit. Het is dan ook zeer waarschijnlijk dat [eiser sub 1] vanaf 9 juli 2014 geen werkzaamheden meer als bestuurder van Online Results zal kunnen en mogen verrichten.

4.8.4.

Het kan onder de hiervoor weergegeven omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, niet van Online Results worden verlangd dat zij [eiser sub 1] nog voor iets meer dan twee dagen zijn werkzaamheden als bestuurder laat verrichten. Dit zou mogelijk ook tot (extra) onrust op de werkvloer kunnen leiden.

4.8.5.

De door [eiser sub 1] aangevoerde omstandigheden dat zijn schorsing een diffamerend karakter heeft en dat hij vreest dat Online Results, waarin hij via zijn persoonlijke houdstermaatschappij, Dimari Brodrie, 40% van de aandelen houdt, niet zonder zijn input zal kunnen functioneren, doen daaraan niet af, dit met name vanwege het zeer korte tijdsbestek van iets meer dan twee dagen waarin [eiser sub 1] nog als bestuurder van
Online Results zal kunnen functioneren.
Daarbij wordt nog in aanmerking genomen dat [eiser sub 1] gedurende de periode dat hij geschorst is geweest met vakantie was, zodat het diffamerende karakter van de schorsing beperkt zal zijn.
Verder geldt dat het nog maar de vraag is of – zoals [eiser sub 1] stelt en Online Results betwist – het bedrijf niet zonder de input van [eiser sub 1] zal kunnen functioneren en aanzienlijk in waarde zal dalen. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat Online Results onweersproken heeft aangevoerd dat zij toen [eiser sub 1] vanwege zijn vakantie afwezig was een nieuwe klant heeft geworven.

4.9.

Het voorgaande leidt ertoe dat de vordering van [eiser sub 1] die ertoe strekt dat hij
per direct in de gelegenheid wordt gesteld om zijn werkzaamheden als bestuurder van
Online Results te kunnen verrichten zal worden afgewezen.

De contractuele relatie tussen de persoonlijke houdstermaatschappij van [eiser sub 1],
Dimari Brodrie, en Online Results

4.10. Dimari Brodrie vordert – kort gezegd – dat zij per direct in de gelegenheid wordt gesteld om haar werkzaamheden als manager van Online Results weer uit te voeren.

Zij legt aan deze vordering – samengevat – het volgende ten grondslag.
Dimari Brodrie is met Online Results een managementovereenkomst overeengekomen,
op grond waarvan zij [eiser sub 1] beschikbaar stelt om ten behoeve van Online Results managementwerkzaamheden te verrichten. Online Results betaalt Dimari Brodrie hiervoor een maandelijkse vergoeding van € 10.000,-- exclusief BTW.
Deze overeenkomst dient te worden gekwalificeerd als een overeenkomst van opdracht.

Het mogelijke ontslag van [eiser sub 1] als bestuurder van Online Results betekent nog niet tevens het einde van deze met Dimari Brodrie gesloten managementovereenkomst.
Dat dit niet het geval is valt op te maken uit de uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 12 november 2013 (JAR 2014/66). De managementovereenkomst zal daarom met inachtneming van een redelijke opzegtermijn moeten worden opgezegd. Daarbij kan
worden gedacht aan een termijn van zes maanden.


4.12. Online Results betwist dit en stelt zich op het standpunt dat het ontslag van [eiser sub 1] als bestuurder tevens het einde van de managementovereenkomst met
Dimari Brodrie meebrengt. Volgens Online Results dienen de zogenaamde
“15 april-arresten” van de Hoge Raad analoog op deze situatie te worden toegepast.

4.13.

De voorzieningenrechter overweegt hierover het volgende.

4.14.

De Hoge Raad heeft in de zogenoemde “15 april-arresten” – kort gezegd – geoordeeld dat vanwege de verwevenheid van de vennootschapsrechtelijke en arbeidsrechtelijk betrekking, het vennootschapsrechtelijke ontslag van de statutair bestuurder tevens de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst betekent, tenzij
sprake is van een ontslagverbod of een andersluidende afspraak
(HR 15 april 2005, LJN AS 2713 en HR 15 april 2005, LJN AS 2030).
In de rechtspraak is een derde uitzondering aanvaard, namelijk wanneer de statutair bestuurder louter formele bestuurderstaken verricht en diens arbeidsovereenkomst in feite los kan worden gezien van de formele functie van statutair bestuurder.

4.15.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat deze “15 april-arresten” in het onderhavige geval analoog moeten worden toegepast, hetgeen betekent dat het vennootschapsrechtelijk besluit om [eiser sub 1] als bestuurder te ontslaan tevens leidt tot het einde van de managementovereenkomst tussen Dimari Brodrie en Online Results.
Dit wordt als volgt gemotiveerd.

4.15.1.

De in het geding zijnde managementovereenkomst is gesloten tussen
Dimari Brodrie en Online Results. De voorzieningenrechter is van oordeel dat dit gelijk
valt te stellen met de situatie dat de managementovereenkomst zou zijn gesloten tussen
de bestuurder van Online Results ([eiser sub 1]) en Online Results. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat Dimari Brodrie de persoonlijke houdstermaatschappij van [eiser sub 1] is en dat het niet ongebruikelijk is dat een managementovereenkomst vanwege onder meer fiscale redenen en aansprakelijkheidskwesties met tussenkomst van een persoonlijke houdstermaatschappij wordt afgesloten. Verder acht de voorzieningenrechter nog van belang dat tussen partijen kennelijk niet ter discussie staat dat op basis van deze overeenkomst geen andere persoon dan [eiser sub 1] aan Online Results ter beschikking mag worden gesteld.

4.15.2.

Er bestaat gezien het voorgaande dus zowel een (middellijke) vennootschapsrechtelijke betrekking als een contractuele betrekking.

4.15.3.

Het is verder aannemelijk dat de verwevenheid tussen deze vennootschaps-rechtelijke betrekking en de contractuele betrekking, vergelijkbaar is met de verwevenheid tussen de vennootschapsrechtelijke betrekking en de arbeidsbetrekking zoals bedoeld in de “15 april arresten”.
Er zijn geen aanknopingspunten dat de in het geding zijnde (mondeling gesloten) managementovereenkomst een ruimer bereik heeft dan louter de bestuurderstaken van [eiser sub 1] in Online Results of met andere woorden dat de managementovereenkomst los
kan worden gezien van de formele functie van statutair bestuurder. Er zijn ook geen aanknopingspunten dat de taken die [eiser sub 1] als bestuurder en manager bij Online Results uitoefent los van elkaar kunnen worden gezien. Uit de stellingen van [eisers] maakt de voorzieningenrechter op dat het sluiten van de managementovereenkomst louter is ingegeven door het bestuurdersschap van [eiser sub 1] en dat de op grond van deze overeenkomst door Online Results te betalen vergoeding moet worden aangemerkt als de vergoeding voor dit bestuurdersschap.

Het voorgaande wijst erop dat de situatie vergelijkbaar is met de situatie dat [eiser sub 1] een arbeidsovereenkomst met de vennootschap zou zijn aangegaan.


4.15.4. Het kan naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter dan ook niet de bedoeling zijn dat [eiser sub 1] door – met tussenkomst van zijn persoonlijke houdstermaatschappij, Dimari Brodrie – een managementovereenkomst met Online Results aan te gaan meer bescherming krijgt dan wanneer hij een arbeidsovereenkomst met
Online Results zou zijn aangegaan.
De voorzieningenrechter volgt de door [eisers] aangehaalde uitspraak van het gerechtshof Amsterdam in dit geval dan ook niet.

4.16.

Het voorgaande betekent dat het ontslagbesluit van [eiser sub 1] tevens leidt tot beëindiging van de tussen de persoonlijke houdstermaatschappij van [eiser sub 1],
Dimari Brodrie, en Online Results gesloten managementovereenkomst, tenzij partijen andersluidende afspraken hebben gemaakt. Er zijn echter geen aanknopingspunten dat partijen deze andersluidende afspraken hebben gemaakt.

4.17.

Het is zoals hiervoor is overwogen zeer aannemelijk dat [eiser sub 1] op de AvA
van 9 juli 2014 als bestuurder van Online Results zal worden ontslagen.
Het is gezien het voorgaande aannemelijk dat de managementovereenkomst dan ook op die datum (van rechtswege) zal eindigen.
Online Results zal deze overeenkomst in beginsel dan ook tot die datum moeten nakomen en [eiser sub 1] in de gelegenheid moeten stellen om de functie van manager uit te oefenen. In zoverre is de vordering van Dimari Brodrie zoals weergegeven in 3.1. onder a toewijsbaar. De voorzieningenrechter is echter van oordeel dat een in het kader van dit kort geding te maken belangenafweging aan toewijzing van deze vordering in de weg staat. In dit verband wordt verwezen naar hetgeen in 4.8.1. tot en met 4.8.5 is overwogen.

Vordering zoals weergegeven in 3.1. onder b
4.18. Dimari Brodrie vordert betaling van de managementvergoeding van € 10.000,-- exclusief BTW per maand.
Zij voert ter onderbouwing van haar vordering aan dat Online Results de met haar gesloten managementovereenkomst moet nakomen, zo lang deze niet rechtsgeldig is beëindigd, en dat zij uit hoofde van deze overeenkomst maandelijks een bedrag van € 10.000,-- exclusief BTW is verschuldigd.

4.19.

Uit het voorgaande volgt dat het aannemelijk is dat de managementovereenkomst op 9 juli 2014 zal eindigen, zodat Online Results vanaf die datum geen gelden meer aan Dimari Brodrie verschuldigd zal zijn. In zoverre zal de vordering dan ook worden afgewezen.


4.20. Tussen partijen staat echter niet ter discussie dat Dimari Brodrie in verband met al verrichte werkzaamheden een bedrag van € 10.000,-- exclusief BTW aan Online Results heeft gefactureerd en dat Online Results deze factuur onbetaald heeft gelaten.
Online Results stelt zich op het standpunt dat zij dit gefactureerde bedrag niet is verschuldigd omdat:
a) Dimari Brodrie in de persoon van [eiser sub 1] onbehoorlijk werk heeft verleend,
b) zij een voor verrekening vatbare tegenvordering op Dimari Brodrie heeft.
Deze tegenvordering heeft betrekking op de schade die Online Results stelt te lijden vanwege de omstandigheid dat [eiser sub 1] samen met een werknemer van Online Results ([B]) een concurrerend bedrijf genaamd CV Deal is gestart en de omstandigheid dat [eiser sub 1] uit hoofde van zijn functie als bestuurder van Online Results aan [B] toestemming heeft verleend om zijn concurrentie- en relatiebeding te schenden.


4.21. De voorzieningenrechter stelt vast dat Online Results niet heeft betwist dat een maandelijkse vergoeding is overeengekomen van € 10.000,-- exclusief BTW.
Verder geldt dat Online Results haar stelling dat [eiser sub 1] onbehoorlijk werk heeft verleend op geen enkele wijze heeft onderbouwd, zodat deze stelling wordt gepasseerd.
Dit betekent dat zij, in beginsel, het gefactureerde bedrag van € 10.000,-- exclusief BTW is verschuldigd.
Dit leidt slechts uitzondering indien haar verrekeningsverweer zou opgaan. Geoordeeld wordt dat dit niet het geval is, omdat in het kader van dit kort geding onvoldoende aannemelijk is geworden dat zij een voor verrekening vatbare tegenvordering op
Dimari Brodrie heeft. Het is in dit verband zelfs onduidelijk wat de omvang van deze tegenvordering zou zijn en er zijn evenmin aanwijzingen dat deze omvang minimaal
€ 10.000,-- betreft. Online Results heeft zich daarover niet uitgelaten. Wat betreft de grondslag van deze tegenvordering geldt dat een nader onderzoek naar de feiten en
mogelijk bewijslevering nodig is waarvoor dit kort geding zich niet leent.
De voorzieningenrechter zal dan ook met inachtneming van het bepaalde in
artikel 6:136 BW Online Results veroordelen om aan Dimari Brodrie een bedrag
van € 10.000,-- exclusief BTW te voldoen.



Proceskosten

4.22.

De voorzieningenrechter ziet aanleiding om de proceskosten te compenseren in die zin dat iedere partij zijn eigen kosten draagt.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

veroordeelt Online Results om aan Dimari Brodrie te betalen € 10.000,--
exclusief BTW,


5.2. verklaart het vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.3.

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij zijn eigen kosten draagt,

5.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.A.M. Pinckaers en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2014.1

1 type: BvdG/4374 coll: