Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ7922

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
05-04-2013
Datum publicatie
18-04-2013
Zaaknummer
07.690124-12 (P)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Kinderporno. Verweer dat door het tijdsverloop geen sprake meer kon zijn van een redelijk vermoeden van schuld ten tijde van de doorzoeking verworpen. Vrijspraak voor de in temporary internetfiles en unallocated clusters aangetroffen afbeeldingen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 07.690124-12 (P)

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 5 maart 2013

in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren op [1972] te [geboorteplaats],

wonende [woonplaats], [adres].

1 HET ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het onderzoek heeft plaatsgevonden ter openbare terechtzitting van 19 februari 2013 te Lelystad, waarbij de verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. D.L.A.M. Pluijmakers, advocaat te Almere.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. B.E.M. van de Ven en van de standpunten door de raadsman van verdachte naar voren gebracht.

2 DE TENLASTELEGGING

De verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van

a) 4 september 2002 tot en met 30 september 2002 en/of

b) 1 oktober 2002 tot en met 31 december 2009 en/of

c) 1 januari 2010 tot en met 2 juni 2010

(meermalen) te Almere, in elk geval in Nederland

(telkens) een (groot) aantal afbeeldingen, te weten (ongeveer) 22.172 afbeeldingen (in digitale vorm) en/of 1858 films/filmfragmenten en/of (telkens) een of meer gegevensdrager(s) te weten twee, in ieder geval een of meer desktop(s) (merk HP (met twee harddisks) en/of Compaq) en/of vijftig, in ieder geval een of meer cd-rom(s) en/of DVD's en/of een of meer harddisk(s), (telkens) heeft

a) verspreid en/of openlijk tentoongesteld en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of in voorraad heeft gehad en/of

b) verspreid en/of openlijk tentoongesteld en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of in bezit heeft gehad en/of

c) verspreid en/of aangeboden en/of openlijk tentoongesteld en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of verworven en/of in bezit heeft gehad en/of zich door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst, de toegang tot die afbeelding(en) heeft verschaft

terwijl die afbeelding(en) en/of films/filmfragmenten en/of gegevensdrager(s), één of meer afbeeldingen van seksuele gedraging(en) bevatten, waarbij telkens( een) persoon/personen die kennelijk

a) de leeftijd van zestien jaren nog niet had/hadden bereikt en/of

b) de leeftijd van achttien jaren nog niet had/hadden bereikt en/of

c) de leeftijd van achttien jaren nog niet had/hadden bereikt

was/waren betrokken of schijnbaar was/waren betrokken

welke genoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer):

- het vaginaal penetreren met de penis van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer [naam] en/of [naam])

en/of

- het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of de borsten van een ander persoon door een persoon en/of personen die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt met de mond en/of de neus en/of de tong en/of hand(en) (onder meer img[nummer] en/of [nummer] en/of [nummer])

en/of

- het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op/tegen/in de mond en/of het lichaam van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt en/of het houden van een (stijve) penis bij/naast de vagina en/of de mond en/of het lichaam van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt (terwijl op die vagina en/of die mond en/of dat/die licha(a)m(en) een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is) waarbij de afbeelding(en)/films(s) (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft/hebben en/of strekt/strekken tot seksuele prikkeling (onder meer [naam])

en/of

- het door een dier likken van de vagina van een persoon die de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt (onder meer [naam])

en/of

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze perso(o)n(en) gekleed en/of opgemaakt is/zijn en/of in een omgeving en/of met een voorwerp (vibrator en/of een bellenblaasbuis en/of een zogenaamde voorbindpenis) en/of in een erotisch getinte houding(en) poseert/poseren die niet bij haar/hun leeftijd past/passen en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoen en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de onnatuurlijke pose en/of de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de afbeelding(en)/films nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden waarbij de afbeelding(en)/films (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft/hebben en/of strekt tot seksuele prikkeling (onder meer [nummer] en/of [nummer] en/of [nummer] en/of [nummer] en/of [nummer] en/of [nummer] en/of [nummer] en/of

[nummer] en/of [nummer] en/of [nummer] en/of [nummer] en/of [nummer]

en/of [naam] en/of [naam] en/of [naam])

van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

De rechtbank verbetert in de tenlastelegging een aantal kennelijke schrijffouten. De verdachte wordt daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

3 DE VOORVRAGEN

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in haar vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 DE BEWIJSMIDDELEN EN DE BEOORDELING DAARVAN

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht het aan verdachte ten laste gelegde feit over de gehele ten laste gelegde periode wettig en overtuigend bewezen. De officier van justitie acht bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het in bezit hebben van de ten laste gelegde afbeeldingen, films, desktops, cd’s, dvd’s en harddisks, aan het verspreiden daarvan en aan het zich toegang verschaffen tot die afbeeldingen door middel van een geautomatiseerd werk en met gebruikmaking van een communicatiedienst.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen van het aan verdachte tenlastegelegde. De verdediging heeft daartoe aangevoerd dat in het dossier onvoldoende bewijs kan worden gevonden voor het opzet op het bezit van kinderporno dan wel voor het voorwaardelijk opzet op dat bezit, zoals nader omschreven in het ter zitting overgelegde schriftelijke pleidooi. Verdachte dient daarom integraal te worden vrijgesproken.

Subsidiair heeft de verdediging partiële vrijspraak verzocht voor de periode van 4 september 2002 tot en met 30 september 2002, omdat verdachte in deze periode geen beschikking had over internet.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het aan hem ten laste gelegde feit heeft begaan en overweegt daartoe als volgt.

Verweer op grond van artikel 359a Wetboek van Strafvordering

De raadsman heeft ter terechtzitting aangevoerd dat het tijdsverloop tussen de vastgestelde momenten van mogelijkheid tot toegang tot kinderpornografische websites in 2006 door verdachte en het moment van de doorzoeking in de woning van verdachte op 2 juni 2010 een termijn van vier jaar bedraagt. De informatie op grond waarvan het redelijk vermoeden van schuld kon worden aangenomen, was op het moment van binnentreden vier jaar oud en is niet geactualiseerd naar het tijdstip van de doorzoeking. Dergelijk oude informatie kan geen grond meer vormen voor een redelijk vermoeden van schuld, aldus de raadsman, waardoor het binnentreden en de inbeslagname onrechtmatig zijn. Naar de mening van de raadsman is sprake van een onherstelbaar vormverzuim in de zin van artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering wat tot bewijsuitsluiting en daarmee tot vrijspraak moet leiden.

De rechtbank overweegt dat niet ten aanzien van alle strafbare feiten in het algemeen kan worden gezegd dat het tijdsverloop het redelijk vermoeden van schuld wegneemt. De aard van het feit is daarbij van belang. Het is een feit van algemene bekendheid dat mensen die kinderporno bekijken en downloaden daar in de meeste gevallen niet zomaar mee stoppen en dat men de afbeeldingen pleegt te bewaren. De rechtbank is dan ook van oordeel dat in de onderhavige zaak door de aard van het feit het tijdsverloop het redelijk vermoeden van schuld niet wegneemt. De politie is op basis van het in 2006 ontstane redelijk vermoeden van schuld rechtmatig in de woning van verdachte binnengetreden. De rechtbank verwerpt derhalve het verweer van de raadsman.

Vrijspraak openlijk tentoonstellen/verspreiden/vervaardigen/invoeren/doorvoeren/uitvoeren/

aanbieden van kinderporno

De rechtbank maakt uit het proces-verbaal van de politie op dat niet is gebleken dat verdachte zich bezig heeft gehouden met het verspreiden van kinderporno. Er zijn weliswaar cd’s en dvd’s met daarop kinderpornografische afbeeldingen bij verdachte aangetroffen, echter de inhoud van het dossier levert naar het oordeel van de rechtbank geen enkele aanwijzing op dat deze cd ’s dan wel dvd’s door verdachte ook aan derden ter beschikking gesteld zijn of buiten zijn huis zijn gebracht. De rechtbank acht dan ook niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de kinderpornografische afbeeldingen en films heeft verspreid. De rechtbank zal verdachte van dat onderdeel van de tenlastelegging vrijspreken.

De rechtbank zal verdachte eveneens wegens gebrek aan bewijs vrijspreken van het openlijk tentoonstellen en/of vervaardigen en/of invoeren en/of doorvoeren en/of uitvoeren en/of aanbieden van de kinderpornografische afbeeldingen en films.

Vrijspraak bezit kinderporno in map temporary internetfiles en unallocated clusters

De raadsman heeft ter terechtzitting naar voren gebracht dat verdachte ten aanzien van de 26 afbeeldingen aangetroffen in de “temporary internetfiles” en ten aanzien van de 122 films aangetroffen in “films unallocated” dient te worden vrijgesproken. De afbeeldingen stonden in tijdelijke mappen en niet kan worden vastgesteld dat ten aanzien van de afbeeldingen in deze mappen sprake is van opzettelijk bezit als bedoeld in artikel 240b van het Wetboek van Strafrecht. De films zijn aangetroffen in clusters, die bestanden bevatten die de computergebruiker op enig moment heeft gewist en die alleen met behulp van speciale software kunnen worden opgeroepen. Voor zowel deze films als de afbeeldingen geldt dat niet is vastgesteld dat verdachte over de hiervoor benodigde speciale software beschikt en er dus ook geen sprake kan zijn geweest van het “in bezit hebben” van die afbeeldingen en films.

De rechtbank maakt uit het proces-verbaal van de politie op dat 26 kinderpornografische afbeeldingen zijn aangetroffen in de ‘temporary internetfiles’ en 122 films in de “unallocated clusters” . De rechtbank overweegt dat het enkele feit dat kinderpornografisch materiaal is opgeslagen als een temporary internetfile niet als zodanig opzettelijk bezit oplevert. In de jurisprudentie is uitgemaakt dat het opzettelijke bezit van dergelijke bestanden uit nadere feiten en/of omstandigheden dient te volgen. Op grond van het verrichte onderzoek kan de rechtbank niet vaststellen dat verdachte bewust op zoek is geweest naar deze afbeeldingen, dat verdachte zelf een handeling heeft verricht waardoor deze afbeeldingen op zijn computer werden opgeslagen en dat niet duidelijk is op welk moment deze afbeeldingen op de computer van verdachte terecht zijn gekomen. De rechtbank kan daarom niet vaststellen dat verdachte de in de ‘temporary internetfiles’ aangetroffen afbeeldingen (voorwaardelijk) opzettelijk en dus bewust in zijn bezit heeft gehad in de zin van artikel 240b van het Wetboek van Strafrecht. Dat geldt eveneens voor de films aangetroffen in de “unallocated clusters”. De rechtbank zal verdachte voor het in het bezit hebben van deze afbeeldingen en films daarom vrijspreken. Nu deze 26 afbeeldingen en

122 films maar een zeer klein deel uitmaken van de totale aangetroffen hoeveelheid kinderporno bij verdachte zal de rechtbank bewezen verklaren dat verdachte ‘ongeveer’ de in de tenlastelegging genoemde hoeveelheden in zijn bezit heeft gehad.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte in de periode van

4 september 2002 tot en met 2 juni 2010 ongeveer 22.172 kinderpornografische afbeeldingen en ongeveer 1858 kinderpornografische films en 2 desktops en 50 cd-roms en/of dvd’s en één of meer harddisks met kinderpornografische afbeeldingen in voorraad heeft gehad en in zijn bezit heeft gehad en heeft verworven en zich door middel van een geautomatiseerd werk en met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang tot de afbeeldingen heeft verschaft en dat verdachte van die misdrijven een gewoonte heeft gemaakt. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.

Op 2 juni 2010 vond in de woning van verdachte aan de [adres] te [woonplaats] een doorzoeking plaats. In de woning werden een computer van het merk HP, een computer van het merk Compaq, 69 dvd’s, 118 cd’s, een externe harde schijf en een floppy disk aangetroffen en in beslag genomen. Onderzoek wees uit dat op de beide computers, op de externe harde schijf en op een deel van de cd’s en dvd’s kinderporno stond. De kinderpornografische bestanden waren vermoedelijk gemaakt tussen 4 september 2002 en

20 mei 2010.

Verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2], beiden gecertificeerd zedenrechercheur, hebben de als kinderpornografisch geclassificeerde bestanden bekeken. In totaal werden er 22.172 afbeeldingen geclassificeerd als zijnde kinderpornografisch materiaal. Door de verbalisanten werd geconstateerd dat het overwegend afbeeldingen van meisjes betrof, het overwegend afbeeldingen waren waarop meisjes poseren, het overwegend meisjes betrof in de ogenschijnlijke leeftijd tussen de zes en veertien jaar oud en dat op een deel van de afbeeldingen seksuele handelingen/penetratie was te zien. Een deel van de afbeeldingen betrof zogeheten series, welke bestonden uit tien tot wel vijftig afbeeldingen van één en hetzelfde meisje.

De verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] hebben een beschrijving gegeven van zeventien aangetroffen afbeeldingen, welke afbeeldingen een algemeen beeld van de collectie geven. Op basis daarvan komt de rechtbank tot het oordeel dat de gevonden afbeeldingen een kinderpornografisch karakter hebben, zoals in de bewezenverklaring is vermeld.

De films zijn door verbalisant [verbalisant 1] bekeken. In totaal werden er door de verbalisant 1.858 films geclassificeerd als zijnde kinderpornografisch materiaal. Door de verbalisant werd geconstateerd dat het overgrote deel van de films films met meisjes betrof, dat in een groot deel hiervan het meisje kennelijk de leeftijd tussen de zeven en veertien jaar had, dat in het overgrote deel van de films overwegend (erotisch) geposeerd werd en dat in een deel van de films seksuele handelingen/penetratie plaatsvond.

Verbalisant [verbalisant 1] heeft een beschrijving gegeven van zes aangetroffen films, welke films een algemeen beeld van de collectie geven. Op basis daarvan komt de rechtbank tot het oordeel dat de films een kinderpornografisch karakter hebben, zoals in de bewezenverklaring is vermeld.

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij wist dat er kinderporno op zijn computer stond en dat het klopte dat er cd’s/dvd’s bij hem thuis lagen waar kinderporno opstond.

Verdachte heeft ter terechtzitting ook verklaard dat hij zelf niet op zoek was geweest naar kinderporno, maar dat deze afbeeldingen en films op zijn computer terecht waren gekomen doordat hij veel muziek downloadde van het internet. Hij kwam erachter dat er bestanden met kinderporno mee werden gestuurd toen hij de muziek die hij had gedownload wilde beluisteren. Hij had bestanden op schijf gezet om ruimte te maken op zijn computer. De bestanden waarvan hij dacht dat het muziek was, had hij op cd/dvd opgeslagen. Als hij zag dat een bestand kinderporno bevatte keek hij er niet meer naar om. Verdachte verklaarde dat hij al was begonnen met het vernietigen van de kinderporno, maar dat het zoveel materiaal was dat nog niet alles vernietigd was toen de politie zijn spullen in beslag nam.

De rechtbank overweegt dat verdachte wist dat er materiaal met een kinderpornografisch karakter op zijn computer en op cd’s en dvd’s stond. Gelet op het feit dat er een enorme hoeveelheid afbeeldingen en films bij verdachte is aangetroffen, verdachte een deel daarvan op schijf had gebrand en de afbeeldingen en films duidelijk op een bepaald doel gericht waren, te weten (vaak dezelfde) meisjes in de leeftijd van zes tot veertien jaar, poserend of met seksuele handelingen/penetratie, acht de rechtbank de verklaring van verdachte dat hij zelf niet bezig was geweest met het downloaden van kinderporno, maar deze bestanden per toeval waren meegekomen met het downloaden van muziekbestanden, niet aannemelijk en ongeloofwaardig.

Op grond van het voornoemde acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte bewust de kinderpornografische afbeeldingen en films heeft opgeslagen en bewust in voorraad heeft gehad, in zijn bezit heeft gehad, heeft verworven en door middel van een geautomatiseerd werk en met gebruikmaking van een communicatiedienst zich de toegang tot die afbeeldingen heeft verschaft.

Nu de rechtbank bewezen acht dat verdachte zich gedurende een periode van bijna acht jaar bezighield met het bekijken en opslaan van kinderporno acht de rechtbank ook bewezen dat verdachte hiervan een gewoonte heeft gemaakt.

5 BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

op tijdstippen in de periode van

a) 4 september 2002 tot en met 30 september 2002 en

b) 1 oktober 2002 tot en met 31 december 2009 en

c) 1 januari 2010 tot en met 2 juni 2010

meermalen te Almere,

telkens een groot aantal afbeeldingen, te weten ongeveer 22.172 afbeeldingen in digitale vorm en 1858 films en telkens een of meer gegevensdragers te weten twee desktops merk HP (met twee harddisks) en Compaq en vijftig cd-roms en/of DVD's en een harddisk, telkens

a) in voorraad heeft gehad en

b) in bezit heeft gehad en

c) heeft verworven en in bezit heeft gehad en zich door middel van een geautomatiseerd werk en met gebruikmaking van een communicatiedienst, de toegang tot die afbeeldingen heeft verschaft

terwijl die afbeeldingen en films en gegevensdragers, afbeeldingen van seksuele gedragingen bevatten, waarbij telkens personen die kennelijk

a) de leeftijd van zestien jaren nog niet hadden bereikt en

b) de leeftijd van achttien jaren nog niet hadden bereikt en

c) de leeftijd van achttien jaren nog niet hadden bereikt

waren betrokken

welke genoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer):

- het vaginaal penetreren met de penis van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer [naam] en [naam]) en

- het betasten en aanraken van de geslachtsdelen en de billen en de borsten van een ander persoon door een persoon en/of personen die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt met de mond en/of de neus en/of de tong en/of hand(en) (onder meer img[nummer] en [nummer] en [nummer]) en

- het masturberen boven/bij en ejaculeren tegen/in de mond en/of het lichaam van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt en het houden van een stijve penis bij/naast de vagina en/of de mond en/of het lichaam van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt (terwijl op die vagina en die mond en dat/die licha(a)m(en) een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is) waarbij de afbeeldingen/films aldus een onmiskenbaar seksuele strekking hebben en strekken tot seksuele prikkeling (onder meer [naam]) en

- het door een dier likken van de vagina van een persoon die de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt (onder meer [naam]) en

- het geheel of gedeeltelijk naakt laten poseren van (een) perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze perso(o)n(en) gekleed en/of opgemaakt is/zijn en in een omgeving en met een voorwerp (vibrator of een bellenblaasbuis of een zogenaamde voorbindpenis) en in een erotisch getinte houding poseert/poseren die niet bij haar/hun leeftijd past/passen en waarbij deze perso(o)n(en) zich vervolgens in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoen en waarna door het camerastandpunt en de onnatuurlijke pose en de wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en de uitsnede van de afbeeldingen/films nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen in beeld gebracht worden waarbij de afbeeldingen/films aldus een onmiskenbaar seksuele strekking hebben en strekt tot seksuele prikkeling (onder meer [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [nummer] en [naam] en [naam] en [naam])

van welke misdrijven hij, verdachte, een gewoonte heeft gemaakt.

Van het meer of anders ten laste gelegde zal verdachte worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet wettig en overtuigend bewezen acht.

6 KWALIFICATIE

Het bewezene levert op:

Een afbeelding of een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van zestien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, in voorraad hebben

en

Een afbeelding of een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, verwerven, in bezit hebben en zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang verschaffen,

terwijl hij van het plegen van die misdrijven een gewoonte maakt.

7 STRAFBAARHEID

Het feit en verdachte zijn strafbaar, nu geen feiten of omstandigheden zijn gebleken die die strafbaarheid zouden opheffen of uitsluiten.

8 STRAFOPLEGGING

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van het door haar bewezen geachte feit zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De officier van justitie heeft gevorderd om verplicht reclasseringstoezicht en het meewerken aan een behandeling bij De Waag als bijzondere voorwaarden aan het voorwaardelijk strafdeel te koppelen.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft aangevoerd dat sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn, nu het moment van de doorzoeking op 2 juni 2010 heeft te gelden als het beginpunt van de redelijke termijn en de behandeling ter zitting pas vandaag en dus ruim 2,5 jaar later plaatsvindt. De raadsman heeft verzocht om daar bij de strafmaat rekening mee te houden.

De raadsman heeft ten aanzien van een op te leggen straf verder opgemerkt dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet op zijn plaats is gelet op het feit dat het dossier geen blijk geeft van het welbewust zoeken naar kinderpornografisch materiaal, op het feit dat verdachte een blanco strafblad heeft en gelet op het feit dat sprake is van oude feiten. Verdachte staat open voor een behandeling bij De Waag, aldus de raadsman. De raadsman heeft -onder verwijzing naar een aantal uitspraken- verzocht een werkstraf en een voorwaardelijke straf op te leggen. Omtrent de hoogte daarvan heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Het oordeel van de rechtbank

Gelet op de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, op de omstandigheden waaronder verdachte zich daaraan heeft schuldig gemaakt en op de persoon van de verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht de rechtbank de na te noemen beslissing passend.

Verdachte heeft een enorme hoeveelheid kinderporno in zijn bezit gehad. Het bezit van kinderporno is buitengewoon verwerpelijk, met name omdat bij de vervaardiging van deze afbeeldingen kinderen seksueel worden misbruikt en geëxploiteerd. In veel gevallen lopen de kinderen die hieraan bloot worden gesteld grote psychische schade op, die ook vele jaren later nog diepe sporen nalaat. Verdachte moet medeverantwoordelijk worden gehouden voor genoemd seksueel misbruik van kinderen, omdat hij, door kinderporno te verzamelen, heeft bijgedragen aan de totstandkoming van de vraag ernaar. Verdachte heeft hierbij kennelijk nimmer stilgestaan. Voor een effectieve bestrijding van kinderporno is het noodzakelijk om niet alleen degenen aan te pakken die kinderporno vervaardigen en verspreiden, maar zeker ook degenen die kinderporno verzamelen.

De rechtbank neemt als strafverzwarende factor in overweging dat verdachte zich gedurende een lange periode heeft beziggehouden met het zoeken, downloaden en opslaan van kinderpornografische afbeeldingen en films.

Blijkens het uittreksel uit het justitiële documentatieregister van verdachte d.d. 29 januari 2013 is verdachte niet eerder met justitie in aanraking geweest voor het plegen van dit soort feiten of voor het plegen van andersoortige feiten.

De reclassering vermeldt in het rapport van 28 januari 2013 dat een naar aanleiding van deze zaak gestarte behandeling bij De Waag vanwege de ontkenning van verdachte is afgerond. De reclassering heeft verdachte opnieuw aangemeld bij de Waag en De Waag is bereid om de intake (opnieuw) met verdachte te doen. De Waag zal een nader persoonlijkheidsonderzoek doen om de specifieke kwetsbaarheden van verdachte in kaart te kunnen brengen en om een behandelplan op te kunnen stellen. Daarnaast is deelname aan een groepsbehandeling gericht op “seksueel overschrijdend gedrag” een mogelijkheid. De reclassering adviseert daarom om verdachte een (gedeeltelijk) voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen met een meldingsgebod en een behandelverplichting als bijzondere voorwaarden.

De rechtbank overweegt dat de doorzoeking in de woning van verdachte op 2 juni 2010 heeft plaatsgevonden. Vervolgens is verdachte pas op 16 januari 2012 bij de politie verhoord. Na dit verhoor bij de politie is er blijkens het dossier niets meer gebeurd. Uiteindelijk is de zaak ruim een jaar na het verhoor bij de politie ter zitting aangebracht. Hoewel het bekend is dat onderzoeken als in de onderhavige zaak over het algemeen veel tijd kosten, is het tijdsverloop tussen de doorzoeking en het aanbrengen van de zaak ter zitting, te weten ruim 2,5 jaar aanzienlijk geweest. Van dit tijdsverloop kan de verdachte geen verwijt worden gemaakt. De rechtbank zal het tijdsverloop daarom in de strafmaat verdisconteren.

Alles overziende is de rechtbank van oordeel dat een onvoorwaardelijke straf passend en geboden is. De ernst van wat verdachte heeft gedaan in combinatie met het blanco strafblad van verdachte en rekening houdend met het tijdsverloop in deze zaak leiden er naar het oordeel van de rechtbank toe dat deze onvoorwaardelijke straf in de vorm van een werkstraf moet worden opgelegd. Bij dit oordeel speelt eveneens een rol dat de rechtbank anders dan de officier van justitie niet bewezen acht dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het verspreiden van kinderporno. Een werkstraf is mogelijk aangezien de Wet beperking oplegging taakstraffen in de onderhavige zaak nog niet van toepassing is. Om de ernst van het feit te benadrukken zal de rechtbank de maximale werkstraf aan verdachte opleggen. Om verdachte te doordringen van de ernst van hetgeen hij heeft gedaan en om hem er in de toekomst van te weerhouden om zich wederom met dit soort strafbare feiten in de laten zal de rechtbank hem tevens een forse voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen. De rechtbank zal een meldingsgebod en het meewerken aan een behandeling bij De Waag, zoals de reclassering heeft geadviseerd, als bijzondere voorwaarden aan deze voorwaardelijke straf koppelen.

De rechtbank zal verdachte een werkstraf voor de duur van 240 uur subsidiair 120 dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden met een proeftijd van twee jaar opleggen.

12 TOEPASSELIJKHEID WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN

De beslissing berust op de artikelen 9, 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d en 240b van het Wetboek van Strafrecht, zoals de artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

13 BESLISSING

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 5 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart het bewezen verklaarde feit strafbaar;

- verklaart verdachte strafbaar;

Strafoplegging

- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden;

- bepaalt dat deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat de verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt als algemene voorwaarden dat de verdachte:

* zich voor het einde van de proeftijd van drie jaar niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

* ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

* medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat de verdachte zich gedurende de proeftijd:

* zal melden bij Reclassering Nederland, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;

* zal deelnemen aan een behandeling bij De Waag, waarbij de verdachte zich dient te houden aan de aanwijzingen, zoals die gedurende deze gedragsinterventie door of namens voornoemde instelling aan de verdachte zullen worden gegeven;

- waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- legt aan verdachte op een werkstraf voor de duur van 240 uur;

- beveelt dat voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet of niet naar behoren verricht de werkstraf wordt vervangen door 120 dagen hechtenis, althans een aantal dagen hechtenis dat evenredig is aan het niet verrichte aantal uren werkstraf.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.A. de Beaufort, voorzitter, mrs. Z.J. Oosting en

A.C. Schroten, rechters, in tegenwoordigheid van mr. K.F. van Dam, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 maart 2013.

Mr. Oosting is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.