Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMNE:2013:7830

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
09-09-2013
Datum publicatie
24-04-2014
Zaaknummer
16-110305-01 verl TBS met voorwaarden
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verlenging TBS met voorwaarden met één jaar + wijziging voorwaarden

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

afdeling strafrecht

zittingslocatie Utrecht

Parketnummer: 16/110305-01

Beslissing verlenging terbeschikkingstelling

in de zaak van de officier van justitie onder het hierboven genoemde parketnummer tegen

[veroordeelde]

geboren op [1951] te [geboorteplaats] (Indonesië)

wonende te [woonplaats], [adres]

heeft de officier van justitie de verlenging van de terbeschikkingstelling gevorderd. Op deze vordering heeft de rechtbank de volgende beslissing gegeven.

1 Destukken

De rechtbank heeft acht geslagen op de zich in het dossier bevindende stukken waaronder:

- het arrest van het Gerechtshof Amsterdam d.d. 12 juli 2002 waarbij [veroordeelde], voornoemd, ter zake van poging tot moord, diefstal met geweld en vrijheidsberoving is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 5 jaar en terbeschikkingstelling en verpleging van overheidswege;

- de beslissing van het Gerechtshof Arnhem d.d. 16 april 2012, waarbij de verpleging van overheidswege onder voorwaarden is beëindigd;

- de beslissing van de rechtbank Utrecht d.d. 31 augustus 2012, waarbij de termijn van de terbeschikkingstelling voor het laatst is verlengd voor de duur van één jaar;

- het verlengingsadvies van de Reclassering IrisZorg Arnhem-Nijmegen d.d. 24 juni 2013, opgemaakt door I.J.G. Hoegen-Brinkman, toezichthouder, reclasseringswerker en J.R. Menkveld (manager reclassering IrisZorg);

- de pro-justitia rapportage d.d. 5 juni 2013 van A.A. van Oosteren, psychiater;

- de vordering van de officier van justitie d.d. 23 juli 2013, die strekt tot verlenging van de terbeschikkingstelling van [veroordeelde] met één jaar;

2 De procesgang

Het onderzoek heeft plaatsgevonden ter zitting van 26 augustus 2013, waarbij zijn gehoord de officier van justitie en de terbeschikkinggestelde en diens raadsman, mr. S. Burmeister, advocaat te Amsterdam. Voorts is de deskundige I.J.G. Hoegen-Brinkman, werkzaam bij de GGZ IrisZorg, Unit Nijmegen, gehoord.

3 Het standpunt van de deskundigen

3.1

Het standpunt van de reclassering

I.J.G. Hoegen-Brinkman heeft ter zitting het standpunt en het advies van de reclassering toegelicht. Betrokkene heeft geruime tijd in een woning van Tactus verbleven en is in mei van dit jaar verhuisd naar een seniorenwoning. Iriszorg heeft inmiddels de begeleiding van betrokkene overgenomen van Tactus. De afgelopen jaren heeft betrokkene bewezen over voldoende capaciteiten te beschikken om zelfstandig een huishouden te voeren. De reclassering is van mening dat betrokkene in staat is zelfstandig te functioneren in de seniorenwoning met ondersteuning van ambulante woonbegeleiding. Op het gebied van dagbesteding, financiën en zijn sociale netwerk heeft betrokkene zijn zaken op orde. Betrokkene heeft al 13 jaar geen drugs en/of alcohol gebruikt. Het snel gekrenkt zijn van betrokkene in allerlei zaken en het daarmee gepaarde heftige temperament van betrokkene blijft een punt van aandacht. Betrokkene wordt aangemeld bij de forensische psychiatrische polikliniek Kairos te Tiel om dit te begeleiden.

Betrokkene scoort hoog gemiddeld op de RISc, dit komt voornamelijk door onveranderlijke factoren uit het verleden van betrokkene. Omdat praktische zaken zijn geregeld kan het recidiverisico, indien betrokkene in de huidige setting verblijft, als laag gemiddeld worden ingeschat.

Betrokkene verblijft nog relatief kort in zijn nieuwe woning. In de komende periode zal gekeken moeten worden of de goede lijn die betrokkene heeft ingezet voortgezet kan worden. Voorts behoeft betrokkene nog ondersteuning met betrekking tot leren regelen van praktische zaken en vaardigheden, zoals het gebruik van een computer en het (online) aanvragen en regelen van allerlei zaken.

De reclassering adviseert de tbs-maatregel met één jaar te verlengen, onder de reeds gestelde voorwaarden, waarbij in de voorwaarden waar tot op heden Tactus werd genoemd thans de reclassering Iriszorg vermeld dient te worden. Deze voorwaarden zijn in het advies van de reclassering opnieuw geformuleerd.

3.2

Het standpunt van de deskundige

A.A. van Oosteren heeft geadviseerd de terbeschikkingstelling van [veroordeelde] met één jaar te verlengen. De deskundige heeft geconcludeerd dat van de kernproblematiek bij betrokkene nog wel persoonlijkheidskenmerken aanwezig zijn, maar de alcohol- en drugsproblematiek lijkt goed onder controle te zijn en het risico op dat terrein is door de andere leefwijze van betrokkene fors teruggedrongen. Begeleiding van betrokkene in het komende jaar is noodzakelijk om zijn laatste stappen in de resocialisatie te maken.

4 Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ter zitting d.d. 26 augustus 2013 haar vordering gehandhaafd.

5 Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich niet verzet tegen een verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar nu van beide kanten de behoefte bestaat zorg te geven dan wel te ontvangen.

6 De beoordeling

De rechtbank overweegt dat uit voornoemde rapportages van de deskundige en de reclassering en het verhandelde ter zitting volgt dat betrokkene de afgelopen jaren, mede dankzij zijn eigen inzet, goede vorderingen heeft gemaakt. Betrokkene verblijft relatief kort in zijn nieuwe woning, waarbij de begeleiding van betrokkene is overgenomen door Iriszorg. Betrokkene dient het komende jaar te laten zien dat hij de positieve lijn van de afgelopen periode ook in zijn nieuwe woning kan voortzetten.

De rechtbank is op basis van het vorenstaande van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de terbeschikkingstelling vereist en dat de vordering van de officier van justitie dient te worden toegewezen. De rechtbank zal, daar waar nodig, de na te noemen bijzondere voorwaarden, zoals door IrisZorg is aangegeven, wijzigen/aanpassen.

7 De toegepaste wetartikelen

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht.

8 De beslissing

De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met voorwaarde van [veroordeelde] met één jaar en wijzigt de voorwaarden in die zin dat deze komen te luiden:

  • -

    de terbeschikkinggestelde houdt zich aan de voorwaarden en aanwijzingen die hem zijn gesteld door of namens de toezichthoudende instantie, te weten Reclassering IrisZorg;

  • -

    de terbeschikkinggestelde moet zich gedurende door Reclassering IrisZorg bepaalde perioden blijven melden zo frequent en zolang als Reclassering IrisZorg dat gedurende deze periode nodig acht;

  • -

    de terbeschikkinggestelde zal zich niet schuldig maken aan strafbare feiten;

  • -

    de terbeschikkinggestelde laat zich behandelen voor zijn verslavings- en persoonlijkheidsproblematiek bij IrisZorg en Kairos;

  • -

    de terbeschikkinggestelde wordt verboden om alcohol en drugs te gebruiken. De controle op de naleving van deze bijzondere voorwaarde zal ondersteund worden door middel van urine- en alcoholcontroles;

  • -

    de terbeschikkinggestelde zal niet zonder toestemming van IrisZorg en Kairos en de reclassering van woonadres veranderen, van baan veranderen of stoppen met een hobby;

  • -

    de terbeschikkinggestelde houdt zich aan alle voorwaarden en afspraken hem gesteld door of namens IrisZorg en Kairos;

  • -

    de terbeschikkinggestelde stelt Iriszorg, Kairos en de Reclassering op de hoogte van alle zaken die het traject/toezicht kunnen beïnvloeden;

  • -

    de terbeschikkinggestelde wordt wanneer hij zich niet aan de voorwaarden houdt, na overleg met de officier van justitie, de Piet Roorda Kliniek en FPC Veldzicht, voor een time-out van zeven weken teruggeplaatst naar FPC Veldzicht. Deze time-out kan eenmaal met zeven weken verlengd worden.

Deze beslissing is gegeven door mr. V. van Dam, voorzitter, mr. A. van Maanen en

mr. C.S.K. Fung Fen Chung, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier

G. van Engelenburg en is uitgesproken ter openbare zitting op 9 september 2013.