Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2011:BU6593

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
05-10-2011
Datum publicatie
02-12-2011
Zaaknummer
76926 / HA ZA 11-28
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Erfgenamen van de vrouw die door haar echtgenoot van het leven is beroofd, vorderen een verklaring voor recht dat deze echtgenoot geen aanspraak toekomt op haar nalatenschap. De echtgenoot heeft, terwijl hij in de penitentiaire inrichting zat in afwachting van het strafproces tegen hem, zelfmoord gepleegd. De ergenamen van de omgebrachte vrouw stellen dat toepassing van de wettelijke erfopvolging een onaanvaardbaar resultaat oplevert, nu die tot gevolg zou hebben dat de echtgenoot door eerst zijn vrouw en daarna zichzelf van het leven te beroven, kan bewerkstelligen dat haar vermogen toekomt aan zijn erfgenamen.

De rechtbank is van oordeel dat zich in casu een situatie voordoet waarbij de vererving door een erfgenaam zo stuitend is dat het onaanvaardbaar is voor het rechtsgevoel om hem als erfgenaam toe te laten. Ook in het licht van het algemene rechtsbeginsel dat men geen voordeel behoort te hebben van de opzettelijk veroorzaakte dood van een ander, zou het uitoefenen van zijn rechten als erfgenaam bij versterf door de echtgenoot onder de omstandigheden van dit geval naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid een onaanvaardbaar resultaat oplveren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJF 2012/32
RFR 2012/23
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDELBURG

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 76926 / HA ZA 11-28

Vonnis van 5 oktober 2011

in de zaak van

1. [eiser sub 1 in conventie, verweerder sub 1 in reconventie],

wonende te Axel,

2. [eiser sub 2 in conventie, verweerder sub 2 in reconventie],

wonende te Terneuzen,

3. [eiser sub 3 in conventie, verweerder sub 3 in reconventie],

wonende te Roosendaal,

eisers in conventie,

verweerders in reconventie,

advocaat mr. J.C.M. Berbée-van Koningsbruggen te Terneuzen,

tegen

1. [gedaagde sub 1 in conventie, eiser sub 1 in reconventie],

wonende te Rotterdam,

2. [gedaagde sub 2 in conventie, eiser sub 2 in reconventie],

zonder bekende woon- of verblijfplaats,

3. [gedaagde sub 3 in conventie, eiser sub 3 in reconventie],

wonende te Capelle aan den IJssel,

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

advocaat mr. P.H. Ruys te Rotterdam.

Partijen zullen hierna de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] en de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie

- de akte van depot

- de conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie

- de conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. De erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] zijn directe familieleden, broer en zus, van de op [datum] 2009 overleden [H.], hierna: [H.].

2.2. [H.] was ten tijde van haar overlijden gehuwd met [N.], hierna: [N.]. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] zijn kinderen van [N.] uit een eerder huwelijk.

2.3. [N.] werd verdacht van moord op [H.] en was in afwachting van het strafproces in voorlopige hechtenis genomen in de penitentiaire inrichting te Middelburg. Voor aanvang van het strafproces heeft hij zichzelf op [datum] 2010 van het leven beroofd.

2.4. [N.] noch [H.] hebben bij testament over hun nalatenschap beslist. Na het overlijden van [H.] heeft er geen verdeling van haar nalatenschap plaatsgevonden. [N.] geldt als haar erfgenaam bij versterf. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] zijn erfgenaam bij versterf van [N.].

3. Het geschil

in conventie

3.1. De erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] vorderen samengevat - te verklaren voor recht dat [N.] geen aanspraak toekomt op de nalatenschap van [H.] en de nalatenschap van [H.] derhalve geen deel uitmaakt van de nalatenschap van [N.]. Zij stellen daartoe dat toepassing van de wettelijke erfopvolging een onaanvaardbaar resultaat oplevert, nu die tot gevolg zou hebben dat [N.], door eerst [H.] en later zichzelf van het leven te beroven, kan bewerkstelligen dat het vermogen van [H.] toekomt aan zijn erfgenamen. Een dergelijk gevolg achten de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] in strijd met de derogerende werking van redelijkheid en billijkheid. Voorts beroepen zij zich op het algemene rechtsbeginsel inhoudende dat men geen voordeel behoort te hebben van de opzettelijk veroorzaakte dood van een ander. Ter onderbouwing van hun stelling dat [N.] de dood van [H.] opzettelijk heeft veroorzaakt verwijzen de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] naar de door hen gedeponeerde processen-verbaal van verhoor van [N.] d.d. 22 augustus 2009, 23 augustus 2009 en 27 augustus 2009. De erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] stellen dat er geen sprake is van vererving bij plaatsvervulling, nu [N.] op het moment van het openvallen van de nalatenschap van [H.] nog in leven was.

3.2. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] voeren verweer. Zij betwisten dat [N.] [H.] opzettelijk van het leven heeft beroofd en dat de omstandigheden van het geval zodanig zijn dat [N.] onwaardig zou zijn om te erven van [H.]. Voorts maken de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] bezwaar tegen het gebruik van de door de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] gedeponeerde stukken als bewijsstukken in deze procedure, nu zij daarvan geen kennis hebben kunnen nemen aangezien zij daarvan geen kopie hebben ontvangen. Tenslotte stellen zij dat zij bij wijze van plaatsvervulling hebben geërfd, hetgeen betekent dat [N.] zelf geen voordeel heeft getrokken uit de nalatenschap.

in reconventie

3.3. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] vorderen samengevat - veroordeling van de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] tot het overleggen van de huurovereenkomst en alle betalingsbewijzen van de huur met betrekking tot de [straatnaam] te Terneuzen. Zij stellen daartoe dat hen gebleken is dat de woning, waarvan zij als erfgenamen van [N.] de hypotheek betalen, wordt verhuurd.

3.4. De erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] voeren verweer. Zij betwisten de woning te hebben verhuurd en daarvoor huurpenningen te hebben geïnd.

4. De beoordeling

in conventie

4.1. Ten aanzien van het door de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] gemaakte bezwaar tegen gebruik van de gedeponeerde stukken als bewijsstukken overweegt de rechtbank het volgende. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] onderbouwen hun bezwaar met de stelling dat zij van de stukken geen kennis hebben kunnen nemen aangezien zij daarvan geen kopie hebben ontvangen. Dit bezwaar gaat niet op, nu zij recht hebben op inzage in de gedeponeerde stukken, zodat zij op die manier kennis hadden kunnen nemen van de inhoud daarvan. Nu de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] aldus door het depot niet in hun processuele positie zijn geschaad, ziet de rechtbank geen aanleiding de gedeponeerde stukken buiten beschouwing te laten.

4.2. Gelet op hun stellingen betreft het geschil in feite de vraag of de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid en het algemene rechtsbeginsel dat men geen voordeel behoort te hebben van de opzettelijk veroorzaakte dood van een ander er toe dienen te leiden dat [N.] geen aanspraak toekomt op de nalatenschap van [H.] en dat haar nalatenschap geen deel uitmaakt van de nalatenschap van [N.]. De rechtbank overweegt hieromtrent het volgende.

4.3. Onder omstandigheden kan vererving door een erfgenaam zo stuitend zijn dat het onaanvaardbaar is voor het rechtsgevoel om hem als erfgenaam toe te laten. De rechtbank is van oordeel dat zich in casu een dergelijke situatie voordoet. Aan de hand van de inhoud van de gedeponeerde processen-verbaal staat voldoende vast dat [N.] [H.] opzettelijk van het leven heeft beroofd. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] komen in hun conclusie van dupliek ook niet terug op hun aanvankelijke betwisting van dit feit. Hierdoor heeft [N.] jegens [H.] op dusdanige wijze gehandeld dat het voor het rechtsgevoel onaanvaardbaar is om hem als haar erfgenaam toe te laten.

Ook in het licht van voornoemd rechtsbeginsel dat men geen voordeel behoort te hebben van de opzettelijk veroorzaakte dood van een ander, zou het uitoefenen van zijn rechten als erfgenaam bij versterf door [N.] onder de omstandigheden van dit geval naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid een onaanvaardbaar resultaat opleveren.

De omstandigheid dat [N.] inmiddels zelf niet meer leeft doet niets af aan de conclusie dat een voor het rechtsgevoel onaanvaardbare situatie het gevolg is van de toepassing van het erfrecht in casu.

4.4. Ten aanzien van de door de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] ingenomen stelling dat zij bij wijze van plaatsvervulling hebben geërfd overweegt de rechtbank het volgende. Ingevolge het bepaalde in artikel 4:12 BW geschiedt plaatsvervulling met betrekking tot personen die op het ogenblik van het openvallen van de nalatenschap niet meer bestaan. Aangezien het moment van openvallen van een nalatenschap samenvalt met het moment van overlijden en [N.] op het moment dat [H.] overleed nog in leven was, kan hij worden aangemerkt als haar erfgenaam bij versterf. Er is derhalve geen sprake van dat de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] bij wijze van plaatsvervulling hebben geërfd.

4.5. De rechtbank concludeert op grond van het vorenstaande dat het gevorderde dient te worden toegewezen.

4.6. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] zullen als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] worden begroot op:

griffierecht € 258,--

dagvaardingskosten € 87,93

salaris advocaat (2 punten x tarief II) € 904,--

Totaal €1.249,93

in reconventie

4.7. Nu de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] hun enkele stelling dat de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] ter zake van de woning een huurovereenkomst hebben gesloten en huurpenningen hebben ontvangen op geen enkele wijze hebben onderbouwd, zal hun vordering op dit punt worden afgewezen.

4.8. De erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] zullen, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de proceskosten, welke de rechtbank begroot op een bedrag van € 452,-- (1 punt x tarief II) aan salaris advocaat.

5. De beslissing

De rechtbank

in conventie

5.1. verklaart voor recht dat [N.], geboren op [geboortedatum] te [plaatsnaam], Turkije, geen aanspraak toekomt op de nalatenschap van [H.], geboren op [geboortedatum] te [plaatsnaam], gemeente Terneuzen en overleden op [datum] 2009 te Terneuzen en dat de nalatenschap van [H.] derhalve geen deel uitmaakt van de nalatenschap van [N.];

5.2. veroordeelt de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] in de proceskosten, aan de zijde van de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] tot op heden begroot op € 1.249,93;

5.3. bepaalt, nu de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] met een toevoeging procederen, dat die kostenbetaling dient te geschieden door voldoening

A. aan de griffier van deze rechtbank:

- wegens het in debet gestelde deel griffierecht € 187,--

- wegens salaris advocaat € 904,--

- wegens dagvaardingskosten € 87,93

B. aan de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie]:

- het voor rekening van die partij gekomen deel van het griffierecht ad € 71,--

5.4. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

in reconventie

5.5. wijst het gevorderde af;

5.6. veroordeelt de erven [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] in de proceskosten, aan de zijde van de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] tot op heden begroot op € 452,--,

5.7. bepaalt, nu de erven [eisers in conventie, verweerders in reconventie] met een toevoeging procederen, dat die kostenbetaling dient te geschieden door voldoening aan de griffier van deze rechtbank.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.K. van der Lende-Mulder Smit en in het openbaar uitgesproken op 5 oktober 2011.(