Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2011:BR2524

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
21-07-2011
Datum publicatie
21-07-2011
Zaaknummer
parketnummer: 12/700282-08 [P]
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het bezit en het verspreiden van kinderporno.

Wegens vertraging van de strafzaak geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf maar veroordeeld tot een werkstraf met een voorwaardelijke gevangenisstraf met daaraan gekoppeld reclasseringstoezicht en storting van een bedrag van 10.000 euro in het fonds defence for childeren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2011/240
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDELBURG

Sector strafrecht

parketnummer: 12/700282-08 [P]

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 21 juli 2011

in de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren op [1971] te [plaats]

wonende te [woonplaats], [adres]

ter terechtzitting verschenen,

raadsman mr. Smit, advocaat te Middelburg

ter terechtzitting verschenen.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 7 juli 2011, waarbij de officier van justitie mr. Suijkerbuijk en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 4 december 2008, in de gemeente Middelburg, één of meer gegevensdrager(s), te weten drie, in elk geval één of meer harddisks, bevattende 11861, in elk geval een groot aantal afbeelding(en) van (een) seksuele gedraging(en), waarbij (een) pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had(den) bereikt was/waren betrokken, (telkens) heeft verspreid en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of uitgevoerd en/of in bezit heeft gehad, welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer):

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van die/de pers(o)n(en) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden (onder meer foto [bestandsnaam 1] en/of foto [bestandsnaam 2] en/of [bestandsnaam 3] en/of foto [bestandsnaam 4] en/of foto [bestandsnaam 5] en/of foto [bestandsnaam 6] en/of foto [bestandsnaam 7] en/of foto [bestandsnaam 8] en/of foto [bestandsnaam 9] en foto [bestandsnaam 10]), en/of

- het vaginaal en/of anaal penetreren {met de penis en/of vinger(s)} door zichzelf en/of door een volwassen man/een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt van het lichaam van (een) pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar (eveneens) nog niet heeft/hebben bereikt (onder meer film [bestandsnaam 11]), en/of

- het (laten) betasten van de vagina en/of de borsten en/of de billen en/of de (stijve) penis van (een) pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt door een volwassen man/een persoon die eveneens kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 12] en/of film [bestandsnaam 13] en/of film [bestandsnaam 14]), en/of

- het (laten) vasthouden en/of in de mond (laten) nemen van de stijve penis van een volwassen man door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 14]), en/of

- het (door een volwassen man) masturberen boven en/of ejaculeren in de mond of op het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 15]);

art 240b lid 1 Wetboek van Strafrecht

3 De voorvragen

De dagvaarding is geldig.

De rechtbank is bevoegd.

De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.

Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1 Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich op 4 december 2008 schuldig heeft gemaakt aan het bezit van kinderporno. Hij baseert zich daarbij op het proces-verbaal van de Korps landelijke politiediensten en de bekennende verklaring van de verdachte.

De officier van justitie acht middels het voorwaardelijk opzet tevens bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het verspreiden van kinderporno. Uit de verklaring van verdachte kan worden opgemaakt dat hij op de hoogte is geweest van de zogenaamde ‘peer-to-peer’werking van verschillende fora en share-programma’s. Volgens de officier van justitie wist verdachte, althans kon verdachte weten, dat ook anderen op zijn schijf zouden kunnen kijken en daar met hetzelfde programma ook bestanden van af konden halen. Verdachte heeft bovendien op verschillende momenten een back-up gemaakt van een deel van zijn kinderpornocollectie, door deze bestanden weer over te zetten op een externe harde schijf of de C-schijf.

4.2 Het standpunt van de verdediging

De verdediging refereert zich ten aanzien van het bezit van kinderporno aan het oordeel van de rechtbank. Verder zijn er volgens de verdediging geen, althans te weinig, aanwijzingen dat er sprake is van het verspreiden van kinderporno.

4.3 Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht het bezit van kinderporno wettig en overtuigend bewezen gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 7 juli 2011 ;

- het proces-verbaal van de Korps landelijke politiediensten van 20 maart 2008 ;

- het proces-verbaal van de Korps landelijke politiediensten van 15 juni 2010 .

Ten aanzien van het verspreiden van kinderporno merkt de rechtbank het volgende op. Gebleken is dat verdachte middels bestandsuitwisselingsnetwerken kinderporno heeft gedownload . Verdachte was er van op de hoogte dat hij bij het downloaden tevens moest uploaden en dat ook daardoor materiaal werd verspreid. Verdachte heeft ook specifieke uploadsites bezocht . Door gedurende een lange periode - van tenminste zeven jaren - steeds opnieuw bestanden met kinderporno te down- en te uploaden en deze bestanden gedurende enige tijd in een (vrij toegankelijke) gedeelde map te laten staan, heeft verdachte welbewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat hij dergelijke bestanden zou kunnen verspreiden als bedoeld in artikel 240b van het Wetboek van Strafrecht (vergelijk het arrest van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 5 oktober 2005, LJN: AU4032).

De rechtbank acht met het oog op het bovenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich eveneens schuldig heeft gemaakt aan het verspreiden van kinderporno. Uit het dossier kan niet worden afgeleid dat verdachte zich heeft beziggehouden met het vervaar¬digen van kinderporno alsmede met het in- en uitvoeren van kinderporno.

4.4 De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 4 december 2008, in de gemeente Middelburg, meer gegevensdrager(s), te weten drie harddisks, bevattende 11861, afbeelding(en) van seksuele gedraging(en), waarbij pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had(den) bereikt waren betrokken, heeft verspreid en in bezit heeft gehad, welke voornoemde seksuele gedragingen bestonden uit (onder meer):

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van die/de pers(o)n(en) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen in beeld gebracht worden (onder meer foto [bestandsnaam 1] en foto [bestandsnaam 2] en [bestandsnaam 3] en foto [bestandsnaam 4] en foto [bestandsnaam 5] en foto [bestandsnaam 6] en foto [bestandsnaam 7] en foto [bestandsnaam 8] en foto [bestandsnaam 9] en foto [bestandsnaam 10]), en

- het vaginaal penetreren {met de penis en/of vinger(s)} door een volwassen man van het lichaam van (een) persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 11]), en

- het (laten) betasten van de vagina en de borsten en de billen en de (stijve) penis van pers(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet hebben bereikt door een volwassen man (onder meer film [bestandsnaam 12] en film [bestandsnaam 13] en film [bestandsnaam 16]), en

- het (laten) vasthouden en in de mond (laten) nemen van de stijve penis van een volwassen man door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 16]), en

- het (door een volwassen man) masturberen boven en ejaculeren in de mond of op het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (onder meer film [bestandsnaam 15]);

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

5 De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Dit levert het in de beslissing genoemde strafbare feit op.

Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6 De strafoplegging

6.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie vordert op grond van hetgeen hij bewezen acht aan verdachte op te leggen een werkstraf voor de duur van 240 uren, subsidiair 120 dagen vervangende hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van 3 jaren met als bijzondere voorwaarden: reclasseringstoezicht inclusief ambulante behandeling en storting van een bedrag van € 3.000,- in het fonds ‘defence for children’.

6.2 Het standpunt van de verdediging

De verdediging kan zich vinden in de door de officier van justitie gevorderde straffen, al zal het voor verdachte lastig zijn om het gevorderde bedrag van € 3.000,- te voldoen.

6.3 Het oordeel van de rechtbank

Bij het opleggen van een straf of maatregel houdt de rechtbank rekening met de omstandigheden en de ernst van het gepleegde feit en met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van een verdachte.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het in bezit hebben en verspreiden van kinderporno. Verdachte heeft een zeer groot aantal afbeeldingen en films in zijn bezit gehad, waarbij verdachte ter zitting ook nog eens heeft gezegd dat hij de afbeeldingen en films, welke door hem niet aantrekkelijk werden bevonden, heeft weggegooid. Kinderporno is bijzonder ongewenst, met name omdat bij de vervaardiging ervan kinderen seksueel worden misbruikt en geëxploiteerd. Verdachte moet mede verantwoordelijk worden gehouden voor genoemd seksueel misbruik van kinderen, omdat hij, door kinderporno te verzamelen en te verspreiden, heeft bijgedragen aan de instandhouding van de vraag ernaar. Voor een effectieve bestrijding van kinderporno is het noodzakelijk om niet alleen degenen aan te pakken die kinderporno vervaardigen, maar zeker ook degenen die kinderporno verzamelen en verspreiden. De betrokken jeugdigen en kinderen worden vaak nog lang met de schadelijke gevolgen van het seksueel misbruik geconfronteerd. Verdachte heeft hier naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende bij stilgestaan.

Verdachte heeft kinderporno in bezit gehad. Voor het bepalen van de straf is van belang de periode en het aantal kinderpornografische afbeeldingen en films dat verdachte in zijn bezit had, de leeftijd van de kinderen op deze afbeeldingen en films en de aard van de handelingen waartoe kinderen zijn gedwongen. Verder heeft de rechtbank bewezen verklaard dat verdachte ook kinderporno verspreidde door middel van een “peer tot peer”-softwareprogramma.

De officier van justitie heeft gesteld dat het bewezen feit op zich een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt. Hij heeft die straf niet geëist in verband met de lange tijd dat verdachte na de huiszoeking en zijn verhoor heeft moeten wachten op zijn berechting.

De rechtbank is van oordeel dat deze vertraging in combinatie met het blanco strafblad van verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden (gezin met kinderen, eigen woning, een goede vaste baan) er inderdaad toe moet leiden dat er geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf moet worden opgelegd. De eis van de officier van justitie doet naar het oordeel van de rechtbank echter geen recht aan de ernst van het feit. Het aantal afbeeldingen en films is zeer groot, het gaat ook om kinderen in de leeftijd van acht, negen, tien jaar. Kinderen van die leeftijd worden op verschillende manier gepenetreerd. Verdachte had kinderporno van het walgelijkste soort en verspreidde die om zelf andere kinderporno te kunnen downloaden. De rechtbank zal daarom naast de maximale onvoorwaardelijke werkstraf aanvullend een hogere straf opleggen dan door de officier van justitie is geëist.

De rechtbank heeft geconstateerd dat verdachte zich – ook ter zitting – geen rekenschap heeft gegeven van de verschrikkingen die de seksueel misbruikte kinderen hebben doorgemaakt en mogelijk op latere leeftijd nog doormaken als gevolg van het vervaardigen van de porno. Verdachte heeft niet alleen bij het downloaden en bekijken van de afbeeldingen en films aan zichzelf gedacht, ook tijdens de procedure en ter zitting lijkt hij zich slechts te bekommeren om de gevolgen van het feit voor hemzelf, voor zijn status in de werksfeer en voor zijn gezin. Hoewel hij en zijn vrouw blijkbaar het gevaar op recidive onderkennen (zij hebben maatregelen genomen om verleiding in de nabijheid van kinderen voorkomen), heeft hij gedurende de lange tijd tussen de huiszoeking en de zitting geen enkel initiatief genomen in de richting van een therapie die het risico op soortgelijke delicten doet afnemen.

Het gevaar op recidive rechtvaardigt naar het oordeel van de rechtbank het opleggen van de geëiste voorwaardelijke gevangenisstraf met als bijzondere voorwaarde dat hij zich onder leiding en toezicht van de reclassering zal stellen en dat hij zich zal laten behandelen bij een door de reclassering aan te wijzen instelling. Gelet op de ernst van het feit en de bij verdachte benodigde gedragsverandering acht de rechtbank een proeftijd van drie jaren passend en geboden.

De rechtbank zal de ernst van het feit verder tot uitdrukking brengen in het opleggen van een aanmerkelijk hogere storting in het ‘fonds defence for children’. Enerzijds doet het door de officier van justitie voorgestelde bedrag verdachte gezien diens inkomen relatief weinig pijn, anderzijds heeft de rechtbank de hogere strafmodaliteit juist gezocht in een vorm van genoegdoening in de richting van de slachtoffers van kinderporno. Het ‘fonds defense for children’ zet zich onder meer in om commerciële uitbuiting van kinderen te voorkomen.

7 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 24, 57 en 240b van het Wetboek van Strafrecht.

8 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:

Een gegevensdrager, bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij

iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben en verspreiden, meermalen gepleegd;

- verklaart verdachte strafbaar;

Strafoplegging

- veroordeelt verdachte tot een onvoorwaardelijke werkstraf van 240 uren;

- beveelt dat indien verdachte de werkstraf niet naar behoren verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast van 120 dagen;

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren;

- bepaalt dat de voorwaardelijke straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast:

* omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit;

* omdat verdachte tijdens de proeftijd de bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt als bijzondere voorwaarden:

* dat de verdachte binnen drie maanden gerekend vanaf de dag waarop dit vonnis voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden € 10.000,00 zal storten op rekeningnummer 48.70.000 ten name van DCI Nederland te Leiden (fonds Defence for Children-ECPAT), en het/de bewijsstuk(ken) van die storting binnen die termijn zal doen toekomen aan de officier van justitie te Middelburg;

* dat verdachte zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens reclassering Nederland, ook als dat inhoudt zich onder behandeling stellen bij De Waag of een soortgelijke instelling;

- draagt deze reclasseringsinstelling op om aan verdachte hulp en steun te verlenen bij de naleving van deze voorwaarden.

Dit vonnis is gewezen door mr. Hopmans, voorzitter, mr. Van Boven-Hartogh en mr. Batenburg-van Rijswijk, rechters, in tegenwoordigheid van mr. De Jonge, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 21 juli 2011.

mr. Van Boven-Hartogh is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.