Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2011:BP5084

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
19-01-2011
Datum publicatie
18-02-2011
Zaaknummer
74053 / HA ZA 10-324
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Eiseres heeft van een derde drie loodsen gekocht en geleverde gekregen onder gelijktijd verlenen van het recht van vruchtgebruik aan verkoopster. Verkoopster krijgt daarbij het recht om de in vruchtgebruik gegeven loodsen aan haar werkmaatschappij, gedaagde in het onderhavige geschil, in gebruik te geven of te verhuren.

Eiseres vordert veroordeling van gedaagde tot betaling van de ingevolge artikel 3:220 lid 1 BW door de vruchtgebruiker te betalen gewone lasten. Gedaagde betwist de vordering en voert daartoe primair aan dat tussen haar en eiseres geen verbintenis bestaat omdat het recht van vruchtgebruik aan een derde (haar "moedervennootschap") is verleend. Vordering op die grond afgewezen. Beroep van eiseres op vereenzelviging en doorbraak van aansprakelijkheid gepasseerd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDELBURG

" \* MERGEFORMAT

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 74053 / HA ZA 10-324

Vonnis van 19 januari 2011

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie],

gevestigd te Sas van Gent,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. C.A. Gobbens te Breda,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie],

gevestigd te Sas van Gent,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. R.M.A. Lensen te Terneuzen.

Partijen zullen hierna [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] worden genoemd.

De procedure

in conventie en in reconventie

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 22 september 2010

- het proces-verbaal van comparitie van 6 december 2010

- de conclusie van antwoord in reconventie van 6 december 2010.

Ten slotte is vonnis bepaald.

De feiten

in conventie en in reconventie

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft in 2006 van [JHB] – verder JHB – drie loodsen met ondergrond en erf, staande en gelegen aan de [adres] te Sas van Gent gekocht. Een vierde loods, staande en gelegen op hetzelfde perceel is door de ouders van de bestuurders van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gekocht – verder de ouders –. De vier loodsen zijn geleverd bij akte van levering van 22 mei 2006 – verder de akte –.

Bij deze akte is door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] aan JHB, gelijk deze gelijktijdig heeft aanvaard, een beperkt recht van vruchtgebruik verleend van twee van de aan partijen bekend zijnde ge-/verkochte loodsen met een totale oppervlakte van 3600 m².

Het recht van vruchtgebruik is gevestigd onder, voor zover voor het onderhavige geschil van belang, de volgende bedingen:

“a. Het recht is gevestigd ten behoeve van verkoper.

(…)

d. Zonder uitdrukkelijke toestemming van de koper [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] kan verkoper zijn recht niet vervreemden, verhuren, verpachten, in gebruik geven aan een derde of bezwaren, behoudens het recht van de verkoper om de in vruchtgebruik gegeven loodsen in gebruik te geven aan – casu quo te verhuren aan de werkmaatschappij van de verkoper, zijnde [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie], echter met dien verstande dat het recht van gebruik/huur van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] uiterlijk eindigt op hetzelfde moment dat het recht van vruchtgebruik ten behoeve van de verkoper eindigt.

e. De verkoper is verplicht de in vruchtgebruik gegeven loodsen ten behoeve van de koper [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] te verzekeren tegen brand en overigens tegen de gevaren waartegen het gebruikelijk is een verzekering te sluiten. De verzekeringspremies zijn voor rekening van de verkoper. (…)”.

Het geschil

in conventie en in reconventie

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] tot betaling van een bedrag van € 5.908,07 aan hoofdsom, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2009, en van een bedrag van € 768,00 ter zake van buitengerechtelijke kosten, met veroordeling van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] in de proceskosten. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] stelt daartoe het navolgende.

JHB heeft van zijn recht het vruchtgebruik door te geven gebruik gemaakt. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft het vruchtgebruik op de twee loodsen genoten. Volgens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] dienen ingevolge artikel 3:220 BW de gewone lasten, waaronder periodiek terugkerende lasten als onroerende zaaksbelasting, waterschapsbelastingen en precariobelastingen, door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] als vruchtgebruikster van de twee loodsen te worden betaald. Daarnaast was [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ingevolge de akte van (pagina 9 onder e) en gelet op het bepaalde in artikel 3:209 BW gehouden de aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in rekening gebrachte verzekeringspremies te voldoen. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft van de aan haar verzonden facturen bedragen tot een totaalbedrag van € 5.908,07 onbetaald gelaten. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] betwist gemotiveerd dat door partijen een van artikel 3:220 BW afwijkende regeling is getroffen.

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] betwist voorts dat sprake zou zijn van onverschuldigde betaling door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie].

[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] is volgens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] wel degelijk partij. Ingevolge artikel 3:226 lid 1 BW vinden op het recht van gebruik de regels betreffende vruchtgebruik overeenkomstige toepassing. Naar aanleiding van een overleg met betrekking tot de facturering tussen mevrouw [echtgenote eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en de heren [heer 1] en [heer 2], is zijdens deze heren verzocht de facturen op naam van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] te stellen. De facturen zijn door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ook zonder protest behouden en er zijn door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] (deel)betalingen op verricht. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] verwijst naar de inhoud van brieven van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] van 4 december 2009 en 2 maart en 20 mei 2010. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft zichzelf steeds als contractspartij beschouwd en het is in strijd met de redelijkheid en billijkheid om daar achteraf op terug te komen.

Indien en voor zover de rechtbank van mening is dat niet [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] maar JHB in deze als partij van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft te gelden stelt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gemotiveerd dat er aanleiding is om het identiteitsverschil tussen beide rechtspersonen weg te denken, althans dat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] een beroep op identiteitsverschil niet vrij staat, althans dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid een beroep daarop niet gehonoreerd dient te worden. Volgens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] zijn JHB en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] gelet op de feiten en omstandigheden zodanig verweven dat rechtstreekse doorbraak van aansprakelijkheid gerechtvaardigd is.

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] betwist voorts gemotiveerd dat haar op inhoudelijke gronden geen vorderingsrecht zou toekomen.

[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] voert verweer. Volgens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] bestaat tussen haar en [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] geen enkele verbintenis, met uitzondering van die voortvloeiend uit onverschuldigde betaling door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]. De loodsen zijn door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en de ouders van JHB gekocht en door JHB aan hen geleverd bij de akte. Het recht van vruchtgebruik is gevestigd ten behoeve van JHB waarbij aan JHB het recht is verleend om de in vruchtgebruik gegeven loodsen in gebruik te geven dan wel te verhuren aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]. Ingevolge de akte (bladzijde 9 onder d) is het JHB niet toegestaan het recht van vruchtgebruik te vervreemden, verhuren, verpachten of in gebruik te geven aan een ander indien [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] daarvoor geen toestemming heeft gegeven. Niet is dan ook sprake van het “doorgeven van het recht van vruchtgebruik” aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft het feitelijk genot van de twee loodsen van JHB verkregen. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft dan ook ten onrechte aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] gefactureerd. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] is, nu zij geen vruchtgebruikster is, ook niet gehouden op grond van de artikelen 3:220 BW en 3:209 BW enige betaling aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] te doen. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] is dan ook niet-ontvankelijk in haar vordering jegens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie], althans is de vordering ongegrond.

Gelet op het vorenstaande vordert [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] in reconventie [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] te veroordelen tot betaling aan haar van een bedrag van € 8.008,83, vermeerderd met de wettelijke rente en met veroordeling van gedaagde in de proceskosten. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft dit bedrag, nu er voor de betalingen aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] geen rechtsgrond bestond, onverschuldigd betaald. De inhoud van de door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] met (de gemachtigden van) [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gevoerde correspondentie maakt dit niet anders.

Ingevolge artikel 6:205 BW is het verzuim van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] op het moment van ontvangst van de betalingen ontstaan omdat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] behoorde te weten dat niet [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] maar JHB de partij is aan wie zij haar facturen had moeten richten.

De beoordeling

in conventie en in reconventie

In de omstandigheid dat de reconventie voortvloeit uit het verweer en gelet op de samenhang tussen de vorderingen in conventie en in reconventie zal de rechtbank de vorderingen in conventie en in reconventie gezamenlijk te behandelen.

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] doet, in het kader van het verweer van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] dat zij in geen rechtsverhouding tot [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] staat en dus ook niet gehouden is tot betaling van het door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gevorderde bedrag, primair een beroep op artikel 3:226 BW. De rechtbank zal dit beroep passeren omdat door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] geen recht van gebruik en bewoning ten behoeve van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] is gevestigd en dat overigens ook niet mogelijk is omdat dat recht niet ten behoeve van een rechtspersoon kan worden gevestigd.

Ingevolge de akte is het vruchtgebruik op de loodsen gevestigd ten behoeve van JHB. Naar het oordeel van de rechtbank is geen sprake van het doorgeven van het recht van vruchtgebruik” door JHB aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]. Door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie], die ingevolge de akte daartoe overigens toestemming zou moeten geven, is daartoe onvoldoende gesteld, dit nog afgezien van het feit dat daardoor ook geen rechtsverhouding tussen [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] en [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] tot stand zou zijn gekomen, maar tussen JHB en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie]. Hetgeen [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] voorts aanvoert ter onderbouwing van haar stelling dat zij [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] terecht als contractspartij heeft aangemerkt is niet voldoende om aan te nemen dat tussen partijen geacht moet worden een overeenkomst tot stand te zijn gekomen op grond van welke overeenkomst [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] gehouden is tot betaling van hetgeen [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in de onderhavige procedure vordert.

Ten aanzien van hetgeen [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] is aangevoerd met betrekking tot het wegdenken van het identiteitsverschil tussen [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] en JHB, althans doorbraak van aansprakelijkheid tussen de beide rechtspersonen overweegt de rechtbank als volgt.

Rechtspersonen zijn zelfstandig en in beginsel met uitsluiting van anderen aansprakelijk voor hun eigen schulden. Slechts op grond van bijzondere omstandigheden kan er aanleiding bestaan om aan te nemen dat een rechtspersoon aansprakelijk is voor schulden van een andere rechtspersoon die hun grondslag vinden in een rechtsverhouding van die andere rechtspersoon met een derde. De enkele omstandigheid dat de heren [heer 1] en [heer 2] volledige zeggenschap hebben over zowel JHB als [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] en JHB honderd procent in [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] deelneemt is onvoldoende om vereenzelviging aan te nemen. Niet is gesteld en ook is niet gebleken, dat JHB, althans [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie], met het verzoek om de rekeningen ter zake van de uit hoofde van het vruchtgebruik aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] verschuldigde bedragen aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] toe te sturen, en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] zich kennelijk ook aanvankelijk als wederpartij van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] opstelde, beoogd heeft op die wijze misbruik te maken van het tussen partijen bestaande identiteitsverschil. De rechtbank zal het beroep op vereenzelviging door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] dan ook afwijzen.

Door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] zijn voorts geen feiten en/of omstandigheden gesteld op grond waarvan aangenomen moet worden dat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] jegens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] onrechtmatig heeft gehandeld uit hoofde van welk onrechtmatig handelen zij aansprakelijk is geworden voor schulden van haar “moedervennootschap” JHB. Gelet op het vorenstaande is de rechtbank dan ook van oordeel dat geen sprake is van doorbraak van aansprakelijkheid.

Nu er tussen partijen geen rechtsverhouding bestaat op grond waarvan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] gehouden is het in de onderhavige procedure in conventie gevorderde bedrag aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] te betalen zal de vordering in conventie worden afgewezen.

Nu de rechtbank tot het oordeel komt dat op het moment van betalen door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] er geen rechtsverhouding bestond die het verrichten van de prestatie rechtvaardigt moet [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] geacht worden onverschuldigd aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] te hebben betaald. De rechtbank zal de reconventionele vordering dan ook toewijzen en [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] veroordelen tot betaling aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] van een bedrag van € 8.008,83 nu tussen partijen geen geschil bestaat omtrent de hoogte van de door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] betaalde bedragen.

De rechtbank zal de wettelijke rente toewijzen met ingang van 8 september 2010, de datum van het instellen van de reconventionele vordering. De rechtbank is van oordeel dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] niet is aan te merken als ontvanger te kwader trouw en dus niet zonder ingebrekestelling in verzuim is komen te verkeren. Immers [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft de facturen op aangeven van de heren [heer 1] en [heer 2] naar [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] verzonden die deze facturen ook heeft behouden en daarop (deel)betalingen heeft gedaan.

De rechtbank zal [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] als zowel in conventie als in reconventie (voornamelijk) in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordelen. De kosten aan de zijde van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] worden in conventie begroot op:

- vast recht € 314,00

- salaris procureur € 576,00 (1,5 punten x tarief € 384,00)

Totaal: € 890,00,

en in reconventie op:

- salaris procureur € 288,00 (0,5 x 1,5 punten x tarief € 384,00).

De beslissing

De rechtbank

in conventie

- wijst de vordering af;

- veroordeelt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] begroot op € 890,00,

- verklaart de beslissing voor wat betreft veroordeling van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in de proceskosten uitvoerbaar bij voorraad,

in reconventie

- veroordeelt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] tot betaling aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] van een bedrag van € 8.008,83, vermeerderd met de wettelijke rente met ingang van 8 september 2010 tot de dag van algehele voldoening,

- veroordeelt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] begroot op € 288,00,

- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.K. van der Lende-Mulder Smit en in het openbaar uitgesproken op 19 januari 2011.