Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2010:BM8663

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
31-03-2010
Datum publicatie
22-06-2010
Zaaknummer
67884 / HA ZA 09-273
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Samenvatting:

Toepasselijkheid van algemene voorwaarden in internationale transacties.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Uitspraak

2

67884 / HA ZA 09-273

31 maart 2010

vonnis

RECHTBANK MIDDELBURG

67884 / HA ZA 09-27314 april 2010

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 67884 / HA ZA 09-273

Vonnis van 31 maart 2010

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HERSTACO B.V.,

gevestigd te Middelburg,

eiseres,

advocaat mr. C.J. IJdema te Middelburg,

tegen

de vennootschap naar Frans recht

UNITED INTERNATIONAL OIL AND GAS MATERIAL PICTURES S.A.R.L.,

gevestigd te Condrieu, Frankrijk,

gedaagde,

advocaat mr. J. Wind te Middelburg.

Partijen zullen hierna Herstaco en UIOGMP genoemd worden.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

het incidenteel vonnis van 21 oktober 2009.

conclusie van dupliek

akteverzoek, tevens akte overlegging producties.

De feiten

2.1. Partijen zijn beide bedrijven die zich bezig houden met de handel in (tweedehands) stalen buizen. Zij doen al jarenlang zaken met elkaar. Bij de aanvang van hun zakenrelatie heeft Herstaco een exemplaar van haar Algemene Voorwaarden (in de Franse taal) naar UIOGMP gezonden. In die Voorwaarden is onder meer bepaald:

“12.1 Wij leveren slechts tweede keus materiaal en/of gebruikte materialen.

(…)

13.1 Behoudens het geval van opzet of grove schuld van onszelf zijn wij nimmer aansprakelijk voor enige schade van de opdrachtgever, waaronder begrepen gevolgschade, immateriële schade, bedrijfs- of milieuschade, dan wel schade als gevolg van aansprakelijkheid jegens derden. (…) 13.3 Opdrachtgever is verplicht ons te vrijwaren en schadeloos te stellen voor alle kosten, schaden en interessen, welke voor ons mochten zijn ontstaan als direct gevolg van vordering van derden op ons terzake van voorvallen, daden of nalatigheden bij of in het kader van uitvoering van de opdracht, waarvoor wij ingevolge deze voorwaarden tegenover opdrachtgever niet aansprakelijk zijn.”

Voorts wordt in die Algemene Voorwaarden Nederlands recht op alle door Herstaco gesloten overeenkomsten van toepassing verklaard en wordt als bevoegde rechter voor eventuele geschillen de rechtbank te Middelburg aangewezen.

2.2. Herstaco heeft op 14 april 2003 op verzoek van UIOGMP tweede keus stalen buizen (met diameter 508 x 16 mm) voor € 245,-- per ton aangeboden. UIOGMP heeft een bestelling geplaatst, waarna Herstaco de opdracht heeft bevestigd. In die bevestiging (van 19 mei 2003) heeft Herstaco verwezen naar haar Algemene Voorwaarden, Nederlands recht van toepassing verklaard op de overeenkomst en vermeld dat tweede keus stalen buizen zouden worden geleverd. Vervolgens heeft Herstaco op 23 mei 2003, 20 juni 2003 en 30 juni 2003 stalen buizen aan UIOGMP geleverd.

2.3. In september 2003 heeft in Soultz (Frankrijk) bij een project van de Franse onderneming EMC een ongeval met stalen pijpen plaats gevonden: een keten van stalen pijpen die in een diep boorgat werd neergelaten, brak. De daarbij ontstane schade is geschat op € 1.000.000,--. De stalen pijpen (met diameter 508 x 16 mm) waren door UIOGMP geleverd. Herstaco was bij het project niet betrokken.

2.4. In opdracht van het Tribunal de Commerce te Parijs is naar voormeld ongeval een gerechtelijk onderzoek gedaan. In het onderzoeksrapport van 27 maart 2007 is, onder uitdrukkelijk voorbehoud, geconcludeerd dat Herstaco als leverancier van de buizen aan UIOGMP naast UIOGMP (hoofdelijk) aansprakelijk gehouden kan worden voor een deel van de bij het ongeval geleden schade.

2.5. EMC en haar verzekeraar hebben UIOGMP en haar verzekeraar (die heeft geweigerd dekking te verlenen) in een schadevergoedingsprocedure betrokken voor het Tribunal de Commerce te Nanterre (Frankrijk). De verzekeraar van UIOGMP heeft Herstaco voor dat Tribunal in vrijwaring geroepen.

2.6. UIOGMP heeft de bevoegdheid van deze rechtbank om kennis te nemen van de hierna in 3.1, onder (3) te noemen vordering, betwist. Bij incidenteel vonnis van 21 oktober 2009 heeft deze rechtbank zich bevoegd verklaard.

Het geschil

3.1. Herstaco vordert dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

(1) voor recht verklaart dat de algemene voorwaarden van Herstaco van toepassing zijn op de overeenkomst waaronder de stalen buizen met afmetingen 508 x 16 mm die Herstaco op of omstreeks 23 mei 2003, 20 juni 2003 en 30 juni 2003 aan UIOGMP heeft geleverd (de in het petitum toegevoegde woorden: “voldoen aan de bestelling van UIOGMP” passen niet in het zinsverband en staan ook niet in de in het lichaam van de dagvaarding onder 2.2 weergegeven vordering; de rechtbank gaat ervan uit dat hier sprake is van een kennelijke verschrijving en beschouwt deze woorden als geen deel uitmakend van de vordering); (2) voor recht verklaart dat Herstaco met UIOGMP was overeengekomen dat Herstaco tweede keus stalen buizen zou leveren; (3) voor recht verklaart dat Herstaco op grond van haar overeenkomst met UIOGMP voor de levering van de 508 x 16 mm buizen jegens UIOGMP niet aansprakelijk is voor de eventueel als gevolg van het ongeval te Soultz door UIOGMP geleden, althans aan derden te vergoeden schade,

(4) alles met veroordeling van UIOGMP in de kosten van dit geding.

3.2. UIOGMP refereert zich aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de vorderingen onder (1) en (2), die zij toewijsbaar acht.

3.3. Herstaco heeft ter onderbouwing van de vordering onder (3) gesteld dat UIOGMP geen vordering op Herstaco heeft in verband met het ongeval in Soultz. Zij heeft UIOGMP – conform offerte, opdracht en orderbevestiging – tweede keus stalen buizen geleverd en UIOGMP wist dat. De stelling dat mogelijk sprake kan zijn van opzet of grove schuld aan de zijde van Herstaco is niet onderbouwd. Mocht Herstaco door de Franse rechter aansprakelijk worden gesteld, dan dient UIOGMP haar op grond van art. 13.3 van de Algemene Voorwaarden te vrijwaren en schadeloos te stellen.

3.4. UIOGMP voert verweer. Zij stelt dat ingeval de Franse rechter oordeelt dat (ook) Herstaco jegens EMC aansprakelijk is, niet is uitgesloten dat Herstaco, gelet op bepaalde in art. 13.1 van haar Algemene Voorwaarden, ook jegens UIOGMP aansprakelijk is. Ter beoordeling daarvan is echter een inhoudelijke beoordeling van het ongeval en de eventuele rol die Herstaco daarbij heeft gespeeld, nodig. Die beoordeling vindt plaats in de procedure voor de Franse rechter, in welke procedure zowel Herstaco als UIOGMP partij is. Voor de rechtbank in Middelburg is er (nog) geen taak. Wanneer de vordering toch inhoudelijk wordt beoordeeld, is het aan Herstaco te bewijzen dat zij ter zake van het ongeval niet aansprakelijk is, althans dat (in de relatie met UIOGMP) geen sprake is van opzet of grove schuld.

De beoordeling

4.1. Deze zaak heeft een internationaal karakter. De vorderingen van Herstaco vinden hun grondslag in de onder 2.2 genoemde overeenkomst, waarop – daarover zijn partijen het eens – de Algemene Voorwaarden van Herstaco van toepassing zijn. Blijkens die voorwaarden hebben partijen deze rechtbank als de bevoegde rechtbank om van de vorderingen kennis te nemen aangewezen; er is – zoals in het incidenteel vonnis van 21 oktober 2009 al beslist – geen grond om ten aanzien van de vordering onder (3) van die keuze af te wijken. Voorts is op grond van die Algemene Voorwaarden Nederlands recht van toepassing.

4.2. Nu UIOGMP zich ten aanzien van de vorderingen onder (1) en (2) refereert aan het oordeel van de rechtbank en zij deze vorderingen toewijsbaar oordeelt, zal de rechtbank deze vorderingen – die haar niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen – toewijzen.

4.3. Ten aanzien van de vordering onder (3) overweegt de rechtbank als volgt. Omtrent de toedracht van het ongeval in Soultz hebben partijen weinig gegevens overgelegd. Voor de rechtbank staat slechts vast dat een keten van stalen pijpen, welke pijpen door UIOGMP aan EMC waren geleverd, is gebroken. Partijen gaan er voorts kennelijk vanuit, dat de betreffende pijpen door Herstaco aan UIOGMP waren geleverd. Nu niets is gesteld over de oorzaak van het ongeval en of en zo ja, in hoeverre, het breken van de keten van pijpen met de kwaliteit van de pijpen te maken had, kan ook niets worden gezegd over de aansprakelijkheid van één van partijen voor de gevolgen van het ongeval. Evenmin kan een oordeel worden gegeven over de vraag of Herstaco zich voor die gevolgen jegens UIOGMP kan beroepen op de uitsluiting van aansprakelijkheid in haar Algemene Voorwaarden. Immers, die Voorwaarden laten in beginsel een mogelijkheid van aansprakelijkheid open, namelijk wanneer sprake is van opzet of grove schuld. Hoewel uit hetgeen in deze procedure naar voren is gebracht niet direct is af te leiden dat van opzet of grove schuld sprake is geweest, is evenmin, juist omdat over de toedracht van het ongeval zo weinig concreets bekend is geworden, nu al vast te stellen dat daarvan geen sprake kan zijn geweest. Dat betekent dat nu (nog) niet kan worden vestgesteld dat Herstaco jegens UIOGMP niet aansprakelijk is voor de eventueel als gevolg van het ongeval te Soultz door UIOGMP geleden, althans aan derden te vergoeden schade. De vordering zal worden afgewezen.

4.4. Nu de centrale vordering van Herstaco wordt afgewezen, dient zij als de in het ongelijk gestelde partij te worden beschouwd en zal de rechtbank haar veroordelen in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van UIOGMP worden begroot op:

- vast recht € 262,--

- salaris advocaat € 904,-- (2 x tarief II, € 452,--)

Totaal € 1.166,--.

De beslissing

De rechtbank:

verklaart voor recht dat de algemene voorwaarden van Herstaco van toepassing zijn op de overeenkomst waaronder de stalen buizen met afmetingen 508 x 16 mm die Herstaco op of omstreeks 23 mei 2003, 20 juni 2003 en 30 juni 2003 aan UIOGMP heeft geleverd .

verklaart voor recht dat Herstaco met UIOGMP was overeengekomen dat Herstaco tweede keus stalen buizen zou leveren;

veroordeelt Herstaco in de kosten van deze procedure, aan de zijde van UIOGMP tot op heden begroot op € 1.166,--;

wijst af hetgeen meer of anders is gevorderd.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.M.J. van Dijk en in het openbaar uitgesproken op 31 maart 2010.