Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2010:BM6927

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
03-06-2010
Datum publicatie
07-06-2010
Zaaknummer
09/844
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

monumentenvergunning

geluidhinder geen afwijzigingsgrond

geen monumentenvergunning vereist voor koelcel geplaatst bij een monument, ondanks dat deze een negatieve invloed kan hebben

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MIDDELBURG

Sector bestuursrecht

AWB nummer: 09/844

Uitspraak van de enkelvoudige kamer voor bestuursrechtelijke zaken

inzake

[Namen]

allen wonende te Z[Woonplaats],

eisers,

tegen

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Schouwen-Duiveland,

verweerder.

I. Procesverloop

Eisers hebben beroep ingesteld tegen het door verweerder genomen besluit van 25 augustus 2009 (hierna: het bestreden besluit).

Eisers hebben tegen voormeld besluit tevens een bezwaarschrift bij verweerder ingediend, hetgeen verweerder bij brief van 20 oktober 2009 op grond van artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht aan de rechtbank heeft doorgezonden om als beroepschrift te worden behandeld.

Het beroep is op 28 april 2010 behandeld ter plaatse aan het adres [adres] te [woonplaats]. Eisers zijn daar in persoon verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde M.A. Verduijn. Tevens is [naam], als derdebelanghebbende, verschenen. De behandeling is, nadat de rechtbank de situatie ter plaatse heeft opgenomen, gesloten.

II. Overwegingen

1. Op 31 maart 2009 heeft [naam] (hierna: vergunninghouder) een aanvraag ingediend voor een monumentenvergunning, zoals bedoeld in artikel 11 van de Monumentenwet 1988, voor de reeds gerealiseerde veranderingen (plaatsen van een inpandige tussenwand, het verwijderen van twee kozijnen uit de achtergevel en het plaatsen van een koelcel in de achtertuin) aan/bij het rijksmonument [adres] te [woonplaats].

2. Met het bestreden besluit heeft verweerder de monumentenvergunning verleend voor (onder meer) het terugbrengen van de reeds verwijderde kozijnen (twee) in de oorspronkelijke staat en voor het plaatsen van een inpandige scheidingswand inpandig. Ten aanzien van de koelcel wordt aangegeven dat deze dient te worden omkleed met houten delen.

3. Eisers kunnen zich hiermee niet verenigen en hebben daartoe onder meer het volgende aangevoerd.

De door vergunninghouder geplaatste koelcel voldoet niet aan de eisen van welstand noch aan de wettelijke geluidsnormen. Vanaf het moment dat de koelcel is geplaatst is er continue geluidsoverlast, met name - vanwege het gebruik van de pompen - in de avond en de nacht, aldus eisers.

De rechtbank overweegt als volgt.

4. Ingevolge artikel 11, tweede lid, aanhef en onder a respectievelijk onder b, van de Monumentenwet 1988 is het verboden om zonder of in afwijking van een vergunning een beschermd monument af te breken, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen respectievelijk een beschermd monument te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze, waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht.

5. Op 28 april 2010, tijdens het onderzoek ter plaatse, is gebleken dat de klachten van eisers uitsluitend betrekking hebben op het geluid dat door de in de tuin bij het monument geplaatste koelcel wordt geproduceerd. Geluidshinder vormt echter geen grond voor afwijzing van een monumentenvergunning. Eisers kunnen verweerder verzoeken om handhavend op te treden, indien zij van mening zijn dat sprake is van schending van de op geluid van toepassing zijnde regels.

6. Voorts raakt naar het oordeel van de rechtbank plaatsing van de koelcel niet aan het verbod van artikel 11 van de Monumentenwet 1988. De rechtbank verwijst in dit kader naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 15 maart 2006 (LJN: AV5063). De strekking van deze uitspraak is dat geen monumentenvergunning op grond van artikel 11 van de Monumentenwet 1988 is vereist in het geval er sprake is van een bouwplan waarvoor uit de aard van de zaak geen monumentenvergunning is vereist, op de enkele grond dat het bouwplan mogelijk afbreuk doet aan de omgeving van het naastgelegen monument. Dit is niet anders, indien vast staat dat de omgeving van het beschermde monument een rol heeft gespeeld bij de aanwijzing tot beschermd monument.

7. Naar het oordeel van de rechtbank is voor de koelcel - uit de aard van de zaak geen beschermd monument - derhalve geen monumentenvergunning vereist, ondanks dat de koelcel mogelijk een negatieve invloed heeft op de omgeving van het naastgelegen monument. De grieven van eisers treffen als gevolg daarvan eveneens geen doel.

8. Gelet op voorgaande verklaart de rechtbank het beroep ongegrond. Er zijn geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling.

III. Uitspraak

De Rechtbank Middelburg

verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. W.M.P. van Alphen, in tegenwoordigheid van mr. H.D. Sebel, griffier en op 3 juni 2010 in het openbaar uitgesproken.

Tegen deze uitspraak kan een belanghebbende hoger beroep instellen.

Het instellen van het hoger beroep geschiedt door het indienen van een beroepschrift bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA 's-Gravenhage, binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak.

Afschrift verzonden op: 3 juni 2010