Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2009:BK9217

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
23-09-2009
Datum publicatie
14-01-2010
Zaaknummer
67826
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

De feiten

2.1. Pronova is in de hoofdzaak gedagvaard door de vennootschap onder firma DWS.

De namen van de vennoten van DWS zijn niet in de dagvaarding vermeld.

2.2. In de vennootschapsakte van DWS staat, voor zover van belang, het volgende:

De medewerking van alle vennoten is vereist voor:

e. proces-voering en berusting in rechtsvorderingen;

3. Het geschil

3.1. Pronova vordert, voor zover mogelijk bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, primair dat de rechtbank DWS beveelt binnen een door de rechtbank te bepalen termijn [betrokkenen] in de hoofdzaak op te roepen teneinde als tussenkomende en/of gevoegde partijen aan de zijde van DWS aan het verdere verloop van het geding deel te nemen, subsidiair dat de rechtbank, voor het geval DWS verzuimt binnen de aldus te stellen termijn over te gaan tot oproeping, Pronova machtigt of verlof verleent om zelf genoemde personen in de hoofdzaak op te roepen ter fine als voormeld.

Voorts vordert Pronova veroordeling van DWS in de proceskosten van het incident, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na betekening van het in deze te wijzen vonnis tot de dag der algehele voldoening, alsmede veroordeling van DWS in de nakosten van het incident.

3.2. Ter onderbouwing van haar vorderingen voert Pronova aan dat uit de vennootschapsakte van DWS blijkt dat van alle vennoten medewerking is vereist voor procesvoering en berusting in rechtsvorderingen. Zolang de vennoten niet aan het geding deelnemen wordt Pronova derhalve de mogelijkheid ontnomen om haar voorgenomen vordering in reconventie in te stellen tegen zowel DWS als haar vennoten.

3.3. DWS voert verweer. Zij voert aan dat de vennoten volgens de wet procespartij zijn en dat aan de vennootschapsakte wat dat betreft geen derogerende werking toekomt.

Voorts stelt DWS dat de door Pronova ingestelde conclusie niet valt onder één van de incidenten genoemd in de artikelen 208-224 Rv en derhalve aangemerkt dient te worden als een exceptie. Bovendien kan een beroep op artikel 118 Rv volgens DWS niet slagen, omdat Pronova zelf geen derden in het geding heeft geroepen, de vennoten ook niet aangemerkt kunnen worden als derden en er geen sprake is van noodzakelijke cumulatie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Uitspraak

2

67826 / HA ZA 09-265

23 september 2009

vonnis

RECHTBANK MIDDELBURG

67826 / HA ZA 09-26523 september 2009

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 67826 / HA ZA 09-265

Vonnis in incident van 23 september 2009

in de zaak van

de vennootschap onder firma

DE WITTE SUPPLIES V.O.F.,

gevestigd te Heinkenszand, gemeente Borsele,

eiseres in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

advocaat mr. H.A. Seferina te Bergen op Zoom,

tegen

de besloten vennootschap

PRONOVA INTERIEURBOUW EN PROJECTINRICHTING B.V.,

gevestigd te Goes,

gedaagde in de hoofdzaak,

eiseres in het incident,

advocaat mr. K.M. Moeliker te Middelburg.

Partijen zullen hierna DWS en Pronova genoemd worden.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaarding,

de incidentele conclusie,

de conclusie van antwoord in het incident.

2. De feiten

2.1. Pronova is in de hoofdzaak gedagvaard door de vennootschap onder firma DWS.

De namen van de vennoten van DWS zijn niet in de dagvaarding vermeld.

2.2. In de vennootschapsakte van DWS staat, voor zover van belang, het volgende:

De medewerking van alle vennoten is vereist voor:

e. proces-voering en berusting in rechtsvorderingen;

3. Het geschil

3.1. Pronova vordert, voor zover mogelijk bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, primair dat de rechtbank DWS beveelt binnen een door de rechtbank te bepalen termijn [betrokkenen] in de hoofdzaak op te roepen teneinde als tussenkomende en/of gevoegde partijen aan de zijde van DWS aan het verdere verloop van het geding deel te nemen, subsidiair dat de rechtbank, voor het geval DWS verzuimt binnen de aldus te stellen termijn over te gaan tot oproeping, Pronova machtigt of verlof verleent om zelf genoemde personen in de hoofdzaak op te roepen ter fine als voormeld.

Voorts vordert Pronova veroordeling van DWS in de proceskosten van het incident, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na betekening van het in deze te wijzen vonnis tot de dag der algehele voldoening, alsmede veroordeling van DWS in de nakosten van het incident.

3.2. Ter onderbouwing van haar vorderingen voert Pronova aan dat uit de vennootschapsakte van DWS blijkt dat van alle vennoten medewerking is vereist voor procesvoering en berusting in rechtsvorderingen. Zolang de vennoten niet aan het geding deelnemen wordt Pronova derhalve de mogelijkheid ontnomen om haar voorgenomen vordering in reconventie in te stellen tegen zowel DWS als haar vennoten.

3.3. DWS voert verweer. Zij voert aan dat de vennoten volgens de wet procespartij zijn en dat aan de vennootschapsakte wat dat betreft geen derogerende werking toekomt.

Voorts stelt DWS dat de door Pronova ingestelde conclusie niet valt onder één van de incidenten genoemd in de artikelen 208-224 Rv en derhalve aangemerkt dient te worden als een exceptie. Bovendien kan een beroep op artikel 118 Rv volgens DWS niet slagen, omdat Pronova zelf geen derden in het geding heeft geroepen, de vennoten ook niet aangemerkt kunnen worden als derden en er geen sprake is van noodzakelijke cumulatie.

4. De beoordeling

4.1. Elk als zodanig ervaren verwikkeling kan reden zijn tot het instellen van een incidentele vordering. Er is geen sprake van een gesloten systeem van incidentele vorderingen. Dat de door Pronova ingestelde conclusie niet valt onder één van de incidentele vorderingen genoemd in de artikelen 208-224 Rv, neemt derhalve niet weg dat de door haar ingediende conclusie aangemerkt kan worden als een incidentele vordering.

4.2. Ingevolge de artikelen 45 en 111 Rv kan de eisende vennootschap onder firma in de dagvaarding met haar naam worden aangeduid. Het is niet wettelijk vereist zowel de naam van de vennootschap als de namen der vennoten in de dagvaarding te vermelden. Hieruit kan geen rechtspersoonlijkheid van de vennootschap worden afgeleid. De gezamenlijk beherende vennoten zijn procespartij. Dat is ook het geval in de onderhavige zaak.

4.3. De kern van artikel 118 Rv is dat een derde die vóór de oproeping nog niet betrokken was in de rechtsstrijd van twee of meer andere partijen, door de oproeping partij in het geding wordt, ongeacht de vraag of de derde door middel van een expliciet geuite wilsverklaring heeft laten blijken dat hij of zij partij in het geding wenst te worden.

Nu de vennoten reeds als procespartij in de rechtsstrijd zijn betrokken, kunnen ze niet nogmaals opgeroepen worden met toepassing van artikel 118 Rv.

4.4. Uit de vennootschapsakte blijkt dat de medewerking van alle vennoten nodig is voor procesvoering. Uit niets is gebleken dat die medewerking ontbreekt zodat Pronova reeds daarom een vergeefs beroep op die akte doet.

4.5. Uit het voorgaande volgt dat de vorderingen van Pronova afgewezen moeten worden. Pronova zal in de proceskosten van het incident worden veroordeeld, nu uit het voorgaande volgt dat dit incident nodeloos is veroorzaakt. De kosten aan de zijde van DWS worden begroot op € 452,00 wegens salaris advocaat (1 punt x tarief € 452,00).

5. De beslissing

De rechtbank

in het incident

5.1. wijst de vorderignen van Pronova af;

5.2. veroordeelt Pronova in de kosten van het incident, aan de zijde van DWS tot op heden begroot op € 452,00;

in de hoofdzaak

5.3. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 7 oktober 2009 voor conclusie van antwoord.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. Witsiers en in het openbaar uitgesproken op 23 september 2009.