Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2009:BK8155

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
29-04-2009
Datum publicatie
04-01-2010
Zaaknummer
61188/ HA ZA 08-46
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

geschil schriftelijke koopovereenkomst, volledige inventaris, winkelinrichting en voorraad

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDELBURG

61188 / HA ZA 08-4615 april 2009

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 61188 / HA ZA 08-46

Vonnis van 29 april 2009

in de zaak van

1. [eiseres sub 1],

wonende te [woonplaats],

2. [eiser sub 2],

wonende te [woonplaats],

3. [eiser sub 3],

wonende te [woonplaats],

eisers,

advocaat mr. E.H.A. Schute,

tegen

1. [gedaagde sub 1],

wonende te [woonplaats],

2. [gedaagde sub 2],

wonende te [woonplaats],

gedaagden,

advocaat mr. J.A. Krab.

Partijen zullen hierna [eisers] c.s. en [gedaagden] c.s. genoemd worden.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

het tussenvonnis van 26 maart 2008

de processen-verbaal van comparitie van 8 mei 2008 en 29 oktober 2008.

De feiten

[eisers] c.s. hebben bij schriftelijke koopovereenkomst aan [gedaagden] c.s. de volledige inventaris, winkelinrichting en voorraad van het bedrijf Movie max [woonplaats] aan de [adres] in [woonplaats] verkocht voor € 40.000,00. De levering heeft plaatsgevonden in juni 2006. [gedaagden] c.s. hebben € 20.000,00 betaald. Het restant van de koopsom, € 20.000,00, is omgezet in een geldlening, waarvan de voorwaarden zijn vastgelegd in de door partijen ondertekende koopovereenkomst. Artikel 8 van de koopovereenkomst luidt als volgt: De verkoper en de koper doen afstand van het recht om op grond van enige wettelijke bepaling gehele of gedeeltelijke ontbinding van deze overeenkomst te vorderen. [gedaagden] c.s. hebben de exploitatie omstreeks september 2007 gestaakt.

Het geschil

[eisers] c.s. vorderen dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagden] c.s. veroordeelt tot betaling van € 20.000,00, vermeerderd met 5,95% rente over dit bedrag vanaf 1 januari 2008 tot de dag der algehele voldoening en met veroordeling van [gedaagden] c.s. in de kosten van de procedure.

[eisers] c.s. leggen het volgende aan hun vordering ten grondslag. [gedaagden] c.s. zijn in gebreke gebleven de met [eisers] c.s. gemaakte afspraken na te komen. Zij hebben de aan [eisers] c.s. in eigendom tot zekerheid overgedragen zaken aan derden verkocht zonder de opbrengst aan [eisers] c.s. af te dragen. [eisers] c.s. hebben bij brief van hun raadsman van 24 oktober 2007 voor wat betreft de betalingswijze van het niet betaalde gedeelte van de koopsom de overeenkomst van geldlening ontbonden en aanspraak gemaakt op betaling van de hoofdsom met rente.

[gedaagden] c.s. voeren verweer. Financiële omstandigheden en tegenvallend rendement hebben hen genoodzaakt de exploitatie te staken. De niet verkochte activa zijn nog in bezit van [gedaagden] c.s.. De waarde van de nog aanwezige goederen zal moeten worden vastgesteld en die waarde moet nog in mindering worden gebracht op het bedrag dat zij nog eventueel aan [eisers] c.s. verschuldigd blijken te zijn. Zij betwisten dat de lening ineens opeisbaar zou zijn. Zij verzoeken de rechtbank om een deskundige te benoemen om de waarde van de nog aanwezige films vast te stellen.

De beoordeling

Tussen partijen staat als enerzijds gesteld en als anderzijds niet weersproken vast dat [gedaagden] c.s. aan [eisers] c.s. ter zake de koopovereenkomst nog een bedrag van € 20.000,00 verschuldigd zijn en dat dit gedeelte van de koopsom is omgezet in een geldlening op de voorwaarden die zijn vastgelegd in de door [eisers] c.s. als productie 1 overgelegde koopovereenkomst. Nu de onmiddellijke opeisbaarheid van de vordering voortvloeit uit de door [eisers] c.s. ingeroepen ontbinding van de koopvereenkomst en een dergelijke ontbinding op grond van artikel 8 van de koopovereenkomst is uitgesloten, dient de vordering van [eisers] c.s. te worden afgewezen.

[eisers] c.s. zullen als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eisers] c.s. worden begroot op:

- vast recht € 440,00

- salaris procureur € 1.447,50 (2.5 punt × tarief € 579,00 )

Totaal € 1.887,50

De beslissing

De rechtbank

wijst de vordering af;

veroordeelt [eisers] c.s. in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagden] c.s. tot op heden begroot op € 1.887,50;

Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. de Regt en in het openbaar uitgesproken op 29 april 2009.