Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2009:BJ3587

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
28-01-2009
Datum publicatie
23-07-2009
Zaaknummer
63417/ HA ZA 08-306
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSGR:2010:BO6505
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Partijen zijn voormalige echtgenoten. Zij zijn gehuwd op 21 februari 1992 te Engeland. De high court of Justus, Principal Registry of the Family Division heeft de echtscheiding tussen partijen uitgesproken. Partijen hebben diverse procedures gevoerd in Engeland, waaronder ook de huwelijksvermogensrechterlijke afwikkeling. Tot op heden heeft gedaagde niet meegewerkt aan de overschrijving van de woning op naam van eiseres. Eiseres vordert gedaagden te veroordelen tot medewerking aan het op uitsluitende naam van eiseres stellen van de woning met bepaling dat de ten deze te wijzen uitspraak op de voet van artikel 300 lid twee BW in de plaats zal treden van de noodzakelijk op te maken notariele akte indien gedaagde binnen een week na vonniswijzing niet de noodzakelijke medewerking heeft verleend en tevens gedaagde te veroordelen in de kosten van deze procedure.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 3
Burgerlijk Wetboek Boek 3 300
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen)
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 431
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JPF 2010/5
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDELBURG

63417 / HA ZA 08-306

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 63417 / HA ZA 08-306

Vonnis van 28 januari 2009

in de zaak van

[eiseres in conventie],

wonende te Teteringen, gemeente Breda,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie

verweerster in voorwaardelijke reconventie,

advocaat mr. M.D. van Bruggen, gevestigd te Breda,

tegen

[gedaagde in conventie]

wonende te Colchester Essex, Engeland,

gedaagde in conventie,

eiser in reconventie,

eiser in voorwaardelijke reconventie,

advocaat mr. V.J. van der Donk, gevestigd te ‘s-Hertogenbosch.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

het tussenvonnis van 20 augustus 2008,

het proces-verbaal van comparitie van 23 oktober 2008.

De feiten

Partijen zijn voormalige echtgenoten. Zij zijn gehuwd op 21 februari 1992 te Engeland. Op 17 oktober 2007 heeft de High Court of Justice, Principal Registry of the Family Division de echtscheiding tussen partijen uitgesproken.

Partijen hebben diverse procedures gevoerd in Engeland met betrekking tot de echtscheiding, de kinderen van partijen en de huwelijksvermogensrechtelijke afwikkeling. Bij uitspraak van 21 september 2007 van the principal registry of the family division of the higher court of justice is onder meer bepaald (vertaald):

“(…)

HOOFDBUREAU VAN DE BURGERLIJKE STAND VAN DE BURGERLIJKE KAMER TUSSEN [eiseres] (Verzoekster) EN [gedaagde] (Gedaagde)

(…)

EN WAARBIJ de Verzoekster de rechtbank toezegt de Ford Focus automobiel (de auto) met het kenteken [kenteken auto] in goede staat (redelijke slijtage uitgezonderd) beschikbaar voor invordering door de Gedaagde zal stellen en de Gedaagde op de hoogte te zullen stellen van de locatie en de sleutels en het kentekenbewijs van de auto aan [E S.], Colchester te zullen overhandigen.

(…)

DE RECHTER HEEFT BEVOLEN DAT, MET INACHTNEMING VAN HET DEFINITIEVE ECHTSCHEIDINGSVONNIS:

De Verzoekster onmiddellijk de auto aan de Gedaagde overdraagt, samen met het kentekenbewijs en de sleutels.

Waarbij het hierboven genoemde lid 1 uitgevoerd wordt, zal de Gedaagde binnen 56 dagen na het definitieve echtscheidingsvonnis, alle vruchtgebruik en alle rech[adres]n [adres] Kamperland, Nederland aan de Verzoekster overdragen. De Gedaagde zal de billijke kosten van deze overdracht voor zijn rekening nemen.

(…)”

[gedaagde] heeft tot op heden niet meegewerkt aan de overschrijving van de woning te Kamperland op naam van [eiseres].

[eiseres] heeft de auto op 10 maart 2008 aan het advocatenkantoor [E S.] te Colchester afgegeven. Bij gelegenheid van de comparitie van partijen heeft zij het kentekenbewijs van de auto en een autosleutel overgelegd.

Het geschil

in conventie

[eiseres] vordert [gedaagde] te veroordelen tot medewerking aan het op uitsluitende naam van [eiseres] stellen van de woning te Kamperland, [adres], met bepaling dat de ten deze te wijzen uitspraak op de voet van artikel 300 lid 2 BW in de plaats zal treden van de noodzakelijk op te maken notariële akte indien [gedaagde] binnen een week na vonniswijzing niet de noodzakelijke medewerking heeft verleend, alsmede [gedaagde] te veroordelen in de kosten van deze procedure.

[eiseres] legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde] ten onrechte niet heeft voldaan aan de uitspraak van de Engelse rechter van 21 september 2007. Hij diende immers binnen 56 dagen na het echtscheidingsvonnis mee te werken aan de wijziging van de op naamstelling van de woning. Omdat een buitenlandse huwelijksvermogensrechtelijke uitspraak in Nederland niet ten uitvoer kan worden gelegd, is [eiseres] genoodzaakt deze procedure te starten.

[gedaagde] voert verweer. Hij voert aan dat hij niet gehouden is zijn medewerking te verlenen, nu [eiseres] nog geen uitvoering heeft gegeven aan de op haar rustende verplichting de sleutels en het kentekenbewijs van de auto aan hem ter beschikking te stellen. Voorts stelt hij dat de dagvaarding niet de door hem aangevoerde verweren en gronden vermeldt, terwijl deze bij [eiseres] wel gekend zijn, zodat [eiseres] niet aan haar substantieringsplicht heeft voldaan.

in reconventie

[gedaagde] vordert – samengevat – [eiseres] te bevelen tot afgifte van alle autopapieren (waaronder de kentekenbewijzen) en sleutels behorende bij de Ford Focus met registratienummer [kenteken auto] binnen twee weken na betekening van het te wijzen vonnis; onder verbeurte van een dwangsom van € 250,00 per dag , met veroordeling in de kosten en nakosten van € 205,-- dan wel € 273,-- indien betekening van het ten deze te wijzen vonnis plaatsvindt. Hij stelt daartoe dat [eiseres] in strijd met het vonnis van de Engelse rechter van 21 september 2007, nog immer niet heeft voldaan aan haar verplichting voornoemde zaken aan hem ter beschikking te stellen.

[eiseres] voert verweer. Op de stellingen van partijen zal in het hiernavolgende voor zover van belang worden ingegaan.

in voorwaardelijke reconventie

[gedaagde] vordert dat [eiseres] zal worden veroordeeld tot betaling van £ 195.974,68 (€ 248.100,62), te vermeerderen met de rente vanaf 27 februari 2008 van £ 42,95 (€ 54,37) per dag tot de algehele voldoening, te vermeerderen met de nakosten van € 205,-- dan wel € 273,-- bij betekening.

[gedaagde] stelt daartoe dat [eiseres] bij vonnis van 13 februari 2008 van the High Court of Justice is veroordeeld tot het betalen van de proceskosten die door [gedaagde] zijn gemaakt in het kader van de verschillende procedures die tussen hen in Engeland hebben gespeeld. Hij heeft terzake de tenuitvoerlegging van deze uitspraak een exequaturprocedure gestart bij de rechtbank Breda, nu [eiseres] in dat arrondissement woonachtig is. Voor het geval [gedaagde] niet-ontvankelijk wordt verklaard in die procedure, wenst hij op de voet van artikel 431 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) dat [eiseres] zonder inhoudelijke behandeling wederom wordt veroordeeld tot betaling van de door de Engelse rechtbank vastgestelde proceskosten.

[eiseres] betwist de vordering. Zij voert aan dat volgens het door [gedaagde] overgelegde Default van 13 februari 2008 de proceskosten betaald dienen te worden aan [E S.] te Colchester, welk kantoor in deze procedure geen partij is. [gedaagde] is dan ook niet ontvankelijk. Daarnaast voert zij aan dat het Default geen gerechtelijke uitspraak is, zodat daaraan geen waarde gehecht kan worden. Vervolgens stelt [eiseres] zich op het standpunt dat, indien er al sprake is van een gerechtelijke uitspraak, bij de totstandkoming van deze uitspraak de beginselen van een behoorlijke procesorde zijn geschonden omdat zij niet gehoord is in deze procedure. Aan deze uitspraak kan dan ook geen gezag worden toegekend. Bovendien is de uitspraak in strijd is met de Nederlandse openbare orde, nu de hoogte van de proceskosten in het geheel niet overeenkomt met wat in Nederland gebruikelijk is (compensatie van kosten dan wel een forfaitaire kostenveroordeling). [eiseres] bestrijdt ten slotte dat de rechter in Engeland rechtsmacht had om te komen tot een dergelijke veroordeling en dat [gedaagde] proceskosten heeft gemaakt tot deze hoogte.

De beoordeling

in conventie

Op grond van artikel 1, tweede lid van het Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke zaken en handelszaken (EEX-Verdrag) is het vonnis van de Engelse rechter d.d. 21 september 2007 niet vatbaar voor tenuitvoerlegging in Nederland. Het betreft immers een huwelijksvermogensrechtelijke uitspraak. Artikel 431 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) bepaalt dat in een dergelijk geval, het geding opnieuw moet worden behandeld en afgedaan door de Nederlandse rechter. Nu het onroerend goed is gelegen in Kamperland, is de rechtbank Middelburg bevoegd van de vordering kennis te nemen.

Partijen zijn het erover eens dat voornoemd -in Engeland tot stand gekomen- vonnis voldoet aan de vereisten van een behoorlijke procesvoering, zodat dit vonnis gezag heeft en de onderhavige zaak niet opnieuw inhoudelijk beoordeeld behoeft te worden. Dat leidt ertoe dat zowel [eiseres] als [gedaagde] dienen te voldoen aan hetgeen zij toe veroordeeld zijn in dit vonnis.

Hoewel [gedaagde] kan worden toegegeven dat [eiseres] heeft verzuimd in de dagvaarding het verweer van [gedaagde] op te nemen, wordt aan dit verweer voorbij gegaan. [gedaagde] is door niet opneming van de verweren niet in zijn belangen geschaad.

Anders dan [eiseres] stelt, volgt uit het vonnis van 21 september 2007 dat [gedaagde] eerst verplicht is zijn medewerking te verlenen aan de overschrijving op naam van [eiseres] van de woning als [eiseres] heeft voldaan aan de op haar rustende verplichting. Immers, uit het vonnis volgt dat [eiseres] onmiddellijk de auto met papieren en sleutel aan [gedaagde] ter beschikking diende te stellen. Als dat zou zijn uitgevoerd diende [gedaagde] binnen 56 dagen nadat het echtscheidingsvonnis zou zijn uitgesproken zijn medewerking te verlenen. Ter comparitie is gebleken dat [eiseres] nog niet volledig aan haar verplichting had voldaan, daar zij ter zitting de sleutel en de autopapieren aan de raadsvrouwe van [gedaagde] heeft overhandigd. De prestatie die [gedaagde] moest leveren was dan ook op het moment van dagvaarden nog niet opeisbaar. De rechtbank gaat ervan uit dat, nu zowel het kentekenbewijs als de sleutel van de auto ter zitting aan de raadsvrouwe van [gedaagde] zijn overhandigd, [gedaagde] zijn medewerking tot overschrijving van de woning op naam van [eiseres] zal voldoen. De rechtbank gaat voorbij aan de door de raadsvrouwe van [gedaagde] geplaatste vraagtekens bij de overhandigde sleutel. [eiseres] heeft genoegzaam aangetoond dat de door haar overgelegde sleutel bij de betreffende auto behoort. Voor het geval [gedaagde] nog niet aan zijn –thans wel opeisbare– verplichting heeft voldaan, wordt de vordering van [eiseres] toegewezen.

Gelet op de bestaan hebbende relatie tussen partijen worden de proceskosten gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

in reconventie

Nu [eiseres] bij gelegenheid van de comparitie aan haar verplichting tot het ter beschikking stellen van de autopapieren en de autosleutel heeft voldaan, zal de vordering van [gedaagde] worden afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd.

in voorwaardelijke reconventie

Ten tijde van de comparitie van partijen was door de rechtbank Breda nog geen uitspraak gedaan in de door [gedaagde] aanhangig gemaakte exequaturprocedure. Ter zitting is besproken dat dit deel van de procedure zou worden aangehouden teneinde [gedaagde] in de gelegenheid te stellen mee te delen of de voorwaarde waaronder hij deze vordering heeft ingediend is vervuld en wat het verdere procesverloop dient te zijn.

Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

De beslissing

De rechtbank

in conventie

veroordeelt [gedaagde] – voor zover hij daar thans nog niet aan heeft voldaan – tot medewerking aan het op uitsluitende naam van [eiseres] stellen van de woning te Kamperland, [adres];

bepaalt dat dit vonnis op de voet van artikel 300, tweede lid BW in de plaats zal treden van de noodzakelijk op te maken notariële akte indien [gedaagde] binnen een week na heden niet de noodzakelijke medewerking heeft verleend;

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

in reconventie

wijst de vordering van [gedaagde] af;

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

in voorwaardelijke reconventie

verwijst de zaak naar de rol van woensdag 25 februari 2009 voor uitlating aan de zijde van [gedaagde];

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Kuypers en in het openbaar uitgesproken op 28 januari 2009.