Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMID:2008:BD7880

Instantie
Rechtbank Middelburg
Datum uitspraak
16-07-2008
Datum publicatie
21-07-2008
Zaaknummer
56971/HA ZA 07-456
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

''(..)'' Eiseressen hebben nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas, water, kabel/signaal) geleverd aan het adres van gedaagde en aan gedaagde in rekening gebracht.

Gedaagde heeft ter zake een betalingsachterstand van € 8.845,95. ''(..)''

''(..)'' Het geschil

Eiseressen vorderen veroordeling van gedaagde tot betaling van een bedrag van € 10.425,47, vermeerderd met wettelijke rente over de hoofdsom. Zij stellen daartoe dat gedaagde tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen jegens hen, subsidiair dat er sprake is van ongerechtvaardigde verrijking van gedaagde. Eiseressen stellen voorts dat nu gedaagde de leveranties niet betwist, er geen belang bij uitsplitsing van de vordering per eiseres bestaat.

Gedaagde voert verweer. Hij stelt dat er geen sprake is van een gezamenlijk vorderingsrecht van eiseressen, zodat zij ieder afzonderlijk hun gestelde vordering op hem dienen te verhalen. Voorts betwist gedaagde het bestaan van de overeenkomsten waar eiseressen hun vordering op baseren, alsmede de verschuldigdheid van de door eiseressen gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente. ''(..)''

''(..)'' Teneinde de rechtbank in de gelegenheid te stellen haar bevoegdheid om kennis te nemen van de onderhavige vordering(en) te kunnen beoordelen, dient dan ook een uitsplitsing van elke afzonderlijke vordering per eiseres plaats te vinden. De rechtbank verzoekt eiseressen daarvoor zorg te dragen en zal de zaak daartoe naar de rol verwijzen. ''(..)''

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MIDDELBURG

59671 / HA ZA 07-456

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 59671 / HA ZA 07-456

Vonnis van 16 juli 2008

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DELTA COMFORT B.V.,

gevestigd te Middelburg,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DELTA KABELCOMFORT B.V.,

gevestigd te Middelburg,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DELTA NETWERKBEDRIJF B.V.,

gevestigd te Middelburg,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DELTA INFRA B.V.,

gevestigd te Middelburg,

5. de naamloze vennootschap

EVIDES N.V.,

gevestigd te Rotterdam,

eiseressen,

procureur mr. N.A. Koole,

tegen

[gedaagde],

wonende te Aardenburg,

gedaagde,

procureur voorheen mr. B.J. Van de Wijnckel.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaarding

de conclusie van antwoord

de conclusie van repliek tevens houdende akte overlegging van 2 producties en subsidiair aanvulling van rechtsgrond

de mededeling van de procureur van gedaagde dat deze zich als procureur van gedaagde aan de zaak onttrekt, waarna zich voor gedaagde geen nieuwe procureur heeft gesteld.

Ten slotte is vonnis bepaald.

De feiten

Eiseressen hebben nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas, water, kabel/signaal) geleverd aan het adres van gedaagde en aan gedaagde in rekening gebracht.

Gedaagde heeft ter zake een betalingsachterstand van € 8.845,95.

Het geschil

Eiseressen vorderen veroordeling van gedaagde tot betaling van een bedrag van € 10.425,47, vermeerderd met wettelijke rente over de hoofdsom. Zij stellen daartoe dat gedaagde tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen jegens hen, subsidiair dat er sprake is van ongerechtvaardigde verrijking van gedaagde. Eiseressen stellen voorts dat nu gedaagde de leveranties niet betwist, er geen belang bij uitsplitsing van de vordering per eiseres bestaat.

Gedaagde voert verweer. Hij stelt dat er geen sprake is van een gezamenlijk vorderingsrecht van eiseressen, zodat zij ieder afzonderlijk hun gestelde vordering op hem dienen te verhalen. Voorts betwist gedaagde het bestaan van de overeenkomsten waar eiseressen hun vordering op baseren, alsmede de verschuldigdheid van de door eiseressen gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente.

De beoordeling

Er heeft zich in de plaats van mr. Van de Wijnckel geen andere procureur gesteld voor gedaagde alhoewel de gelegenheid daartoe is gegeven. De rechtbank kan derhalve slechts rekening houden met het standpunt van gedaagde zoals dat tot op heden uit de stukken blijkt.

In casu is sprake van een vijftal eiseressen die gezamenlijk hun eigen vorderingen op gedaagde trachten te verhalen. Op grond van hetgeen hieromtrent door eiseressen gesteld is, kan echter niet worden geconcludeerd dat er een zodanige samenhang tussen die vorderingen bestaat dat sprake is van een gezamenlijk vorderingsrecht. Teneinde de rechtbank in de gelegenheid te stellen haar bevoegdheid om kennis te nemen van de onderhavige vordering(en) te kunnen beoordelen, dient dan ook een uitsplitsing van elke afzonderlijke vordering per eiseres plaats te vinden. De rechtbank verzoekt eiseressen daarvoor zorg te dragen en zal de zaak daartoe naar de rol verwijzen.

De rechtbank zal, nadat eiseressen zich hebben uitgelaten zoals hiervoor aangegeven, voor zover nodig, de overige geschilpunten tussen partijen beoordelen.

De beslissing

De rechtbank

verwijst de zaak naar de rol van woensdag 13 augustus 2008 teneinde eiseressen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten zoals hiervoor onder 4.2 is overwogen;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. N. van der Ploeg-Hogervorst en in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2008