Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2011:BR5003

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
03-08-2011
Datum publicatie
16-08-2011
Zaaknummer
146592 / S RK 09-1236
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Nietigverklaring huwelijk; toepassing Turks recht. De rechtbank stelt aan de hand van de onweersproken stellingen van de vrouw vast dat zij pas jaren nadat zij in Turkije was gehuwd, en na het inwinnen van juridisch advies, op de hoogte is gekomen van het bestaan van een huwelijk in Turkije dat zij daar niet wilde aangaan. De vrouw wilde wel met de man huwen, maar in Nederland, na het opmaken van huwelijkse voorwaarden. Ze had gedacht indertijd slechts te hebben getekend voor een akte van ondertrouw, zodat de man een visum kon verkrijgen. De man is echter nooit naar Nederland gekomen. Nu zij binnen de naar Turks recht bestaande vervaltermijn een niet weersproken beroep op dwaling heeft gedaan, is het verzoek het huwelijk nietig te verklaren toewijsbaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector Civiel

Datum uitspraak: 3 augustus 2011

Zaaknummer: 146592 / S RK 09-1236

De enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de navolgende beschikking gegeven op het verzoek van:

[Naam 1],

verzoekster, verder ook te noemen: de vrouw,

wonende te [woonplaats], gemeente Gulpen-Wittem,

advocaat mr. C.C.J. van Pol, kantoorhoudende te Echt.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[Naam 2],

verder ook te noemen: de man,

zonder bekende woon- of verblijfplaats.

Wederom gezien de stukken, waaronder thans ook een door deze rechtbank gegeven en op 3 januari 2011 uitgesproken beschikking.

1. Het verdere verloop van de procedure

Bij voormelde beschikking heeft de rechtbank de vrouw in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de bepalingen van het Turks recht die nietigverklaring van het huwelijk tussen partijen mogelijk maken, over de gewone verblijfplaats van de man en indien die bij de vrouw onbekend is, welke pogingen de vrouw ondernomen heeft om de verblijfplaats van de man te achterhalen en ten slotte over de vraag of het huwelijk tussen partijen geregistreerd is in de Nederlandse registers van de burgerlijke stand.

De vrouw heeft gereageerd bij brief van 25 februari 2011, met bijlagen.

De zaak is behandeld ter zitting van de meervoudige kamer van 5 juli 2011.

De vrouw heeft ter zitting nog een productie overgelegd.

2. Verdere beoordeling

Het adres van de man in Turkije

De vrouw stelt nooit met de man samengeleefd te hebben. Het huwelijk is tijdens de vakantie van de vrouw in Turkije gesloten. Zij heeft geen vrienden of kennissen in Turkije die haar zouden kunnen helpen bij het achterhalen van het adres van de man. Het Turkse Consulaat heeft aangegeven zonder toestemming van de man geen gegevens uit het bevolkingsregister te kunnen verstrekken.

De vrouw heeft ook getracht om telefonisch via de moeder van de man aan zijn adres te komen, maar ook die poging bleef vruchteloos.

De vrouw beschikt enkel over een e-mailadres van de man en heeft enige e-mailcorrespondentie tussen haar en de man overgelegd. In een van die e-mails schrijft de man dat hij de vrouw later informatie zal sturen over zijn adres. Die e-mail dateert van 6 januari 2011. Een nader bericht van de man met de vermelding van zijn adres heeft de vrouw naar haar zeggen nooit ontvangen.

Zij heeft het verzoekschrift betekend aan het adres dat bij haar bekend is, maar het is onduidelijk of de man ook gewoonlijk op dat adres verblijft.

De rechtbank is van oordeel dat de vrouw genoegzaam heeft aangetoond dat de man weigerachtig is in het verstrekken van zijn adresgegevens en voldoende inspanningen heeft verricht om op andere wijze het adres van de man te achterhalen.

Gezien de feiten en omstandigheden dient er ten processe van te worden uitgegaan dat de man geen bekende woon- of verblijfplaats heeft in of buiten Nederland.

De rechtbank stelt vast dat de man op de bij de wet voorgeschreven wijze voor de zitting is opgeroepen, maar niet is verschenen.

De nietigverklaring van het huwelijk naar Turks recht

De vrouw heeft in haar brief van 25 februari 2011, in tegenstelling tot hetgeen de rechtbank heeft overwogen en beslist in de beschikking van 3 januari 2011, gesteld dat volgens haar toch Nederlands recht van toepassing is op de verzochte nietigverklaring van het huwelijk. De vrouw heeft haar standpunt niet nader gemotiveerd, maar volstaan met een algemene verwijzing naar literatuur en jurisprudentie. In hetgeen de vrouw heeft aangevoerd, noch in de door haar aangehaalde literatuur en jurisprudentie kan steun gevonden worden voor haar standpunt dat Nederlands recht van toepassing is.

De rechtbank verwijst dan ook naar en volhardt bij de beschikking van 3 januari 2011.

De vrouw heeft opgemerkt dat, indien de rechtbank van oordeel blijft dat Turks recht van toepassing is, in dat geval de artikelen 148 e.v. van het Turks Burgerlijk wetboek van toepassing zijn. Voorts heeft de vrouw erop gewezen dat ingevolge artikel 146 Turks BW iedere belanghebbende nietigverklaring van het huwelijk kan verzoeken.

In antwoord op de vraag van de rechtbank op welke gronden de vrouw meent dat nietigverklaring van het huwelijk naar Turks recht kan worden uitgesproken en sinds wanneer de vrouw op de hoogte is van het feit dat er op [huwelijksdatum] een huwelijk gesloten is in Turkije, heeft de vrouw het volgende naar voren gebracht.

Volgens de vrouw was zij zich er niet van bewust dat zij op [huwelijksdatum] in Turkije met de man in het huwelijk is getreden. Zij stelt met de man afgesproken te hebben dat hij naar Nederland zou komen en dat zij in Nederland naar de notaris zouden gaan voor het maken van huwelijkse voorwaarden. Daarna zouden zij in Nederland trouwen.

De vrouw verkeerde in de veronderstelling dat zij op genoemde datum in Turkije een akte van ondertrouw ondertekende, zodat de man niet in militaire dienst hoefde en een visum kon verkrijgen. De man is echter nooit naar Nederland gekomen.

De vrouw heeft de man na die bewuste [huwelijksdatum] nog twee keer gezien in 2007. Daarna heeft zij, afgezien van enkele e-mails, niets meer van hem vernomen.

Eind april 2009 heeft de vrouw een brief ontvangen van de gemeente Gulpen-Wittem.

De gemeente had kennelijk een verzoek van de man tot inschrijving van het huwelijk in het register van de burgerlijke stand ontvangen. Omdat de vrouw naar haar mening niet gehuwd was, heeft zij rechtskundige hulp ingeschakeld teneinde duidelijkheid te verkrijgen over de vraag of er op [huwelijksdatum] een huwelijk gesloten was tussen haar en de man. Er is een uittreksel uit het huwelijksregister in Turkije opgevraagd. Op 22 juli 2009 heeft de advocaat aan de vrouw bevestigd dat er sprake is van een in Turkije gesloten huwelijk.

De rechtbank begrijpt het betoog van de vrouw aldus dat zij een beroep doet op het bepaalde in de artikelen 149 en 152 van het Turks Burgerlijk Wetboek.

Artikel 149 van het Turks Burgerlijk Wetboek, luidt voor zover thans van belang, als volgt:

“In de onderstaande gevallen kan een der echtgenoten de nietigverklaring van het huwelijk verzoeken:

1. Indien deze echtgenoot beslist niet wilde trouwen of niet dacht te trouwen met de persoon waarmee hij getrouwd is, maar door dwaling heeft ingestemd met het huwelijk,

2. ..”

De man is niet in de procedure verschenen. Derhalve dient in rechte uitgegaan te worden van de juistheid van de verklaringen van de vrouw.

Op grond van de niet weersproken verklaringen van de vrouw staat in rechte vast dat de vrouw zich er niet van bewust was dat er op [huwelijksdatum] sprake was van een huwelijksvoltrekking en ook beslist niet wilde trouwen met de man.

Voorts staat in rechte vast dat de vrouw eerst sedert 22 juli 2009 op de hoogte is van het feit dat zij op [huwelijksdatum] met de man in het huwelijk is getreden.

Uit artikel 152 van het Turks Burgerlijk Wetboek volgt – kort gezegd - dat het recht om nietigverklaring te verzoeken vervalt na zes maanden, nadat men op de hoogte is geraakt van de grond tot nietigverklaring.

Het onderhavige verzoek, strekkende primair tot nietigverklaring van het huwelijk is op 11 december 2009 ingediend, zodat het verzoek, gelet op het bepaalde in artikel 152 van het Turks BW tijdig is ingediend.

Uit het vorenoverwogene volgt dat het primaire verzoek om het huwelijk nietig te verklaren voor toewijzing vatbaar is.

De rechtbank zal dan ook beslissen als hierna in het dictum is bepaald.

3. De beslissing

De rechtbank:

verklaart het op [huwelijksdatum] te [huwelijksplaats] in Turkije tussen de vrouw en de man gesloten huwelijk nietig;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. L.M.I.A. Bregonje, voorzitter, mr. W.M.A.E. Cornuit en mr. L.J. Geerits, rechters, en in het openbaar uitgesproken op 3 augustus 2011, in tegenwoordigheid van de griffier.

MK

Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch:

a. door de verzoekende partij en door degene(n) aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden: binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak;

b. door andere belanghebbenden: binnen 3 maanden na betekening daarvan

of nadat de beschikking hen op andere wijze bekend is geworden.