Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2011:BQ9068

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
20-06-2011
Datum publicatie
23-06-2011
Zaaknummer
03/700714-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Promis vonnis - inhoudsindicatie: Overtreding van artikel 36 lid 1 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.

Verdachte heeft meermalen een hond geschopt en deze hond met een mes in de halsstreek gestoken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector strafrecht

parketnummer: 03/700714-10

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 20 juni 2011

in de strafzaak tegen

[naam verdachte],

geboren te [geboortegegevens verdachte],

wonende te [adresgegevens verdachte].

(Verdachte verblijft thans op de Forensische Psychiatrische Afdeling van de Mondriaan Zorggroep te Heerlen.)

Raadsman is mr. H.H.M.E. Waelen, advocaat te Meerssen.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 6 juni 2011, waarbij de officier van justitie, de verdediging en de verdachte hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

primair: meermalen een hond heeft geschopt en met een mes in de halsstreek heeft gestoken;

subsidiair: een hond heeft beschadigd.

3 De beoordeling van het bewijs

3.1 Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen op grond van de aangifte en de bekennende verklaring van verdachte.

3.2 Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich ten aanzien van de bewezenverklaring gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

3.3 Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting;

- de aangifte.

3.4 De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

primair

op 29 december 2010 in de gemeente Maastricht, zonder redelijk doel, opzettelijk bij een dier, te weten een hond, pijn en letsel heeft veroorzaakt en de gezondheid van die hond heeft benadeeld, immers heeft hij, verdachte, die hond meermalen tegen de kop en het lichaam geschopt en met een mes in de halsstreek gestoken.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De strafbaarheid

Het bewezenverklaarde levert het volgende strafbare feit op:

primair

zonder redelijk doel opzettelijk bij een dier pijn en letsel veroorzaken en de gezondheid van dat dier benadelen.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

Naar aanleiding van het onderhavige feit is verdachte onderzocht door een psychiater. De psychiater heeft -kort gezegd- geconcludeerd dat verdachte ten aanzien van het gepleegde feit als licht verminderd toerekeningsvatbaar moet worden beschouwd, aangezien hij het feit heeft gepleegd onder invloed van alcohol en/of Ritalin en er eveneens sprake was van een antisociale persoonlijkheidsstoornis en kenmerken passend bij een narcistische en borderline persoonlijkheidsstructuur.

De rechtbank verenigt zich met genoemde conclusie en is daarom van oordeel dat het hiervoor bewezenverklaarde aan verdachte kan worden toegerekend, zij het in licht verminderde mate. Nu niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit, acht de rechtbank verdachte strafbaar.

5 De strafoplegging

5.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan verdachte op te leggen een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van 3 jaar en daarbij als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht. Onder toezicht van de reclassering dient verdachte zich gedurende maximaal 12 maanden te laten behandelen in de Forensisch Psychiatrische Zorgafdeling waar hij reeds verblijft en zich aansluitend op deze klinische behandeling ambulant te laten behandelen; verder dient verdachte gedurende de proeftijd geen huisdieren te houden, geen contact te hebben met [naam aangeefster] en zich te houden aan een drugs- en alcoholverbod.

5.2 Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit om aan verdachte een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen met een proeftijd van 2 jaar en daarbij de bijzondere voorwaarden zoals opgenomen in het reclasseringsadvies van 29 april 2011, te weten een meldingsgebod, een opname in een zorginstelling en een contactverbod met verdachtes ex-vriendin.

5.3 Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is ge¬komen.

Na de beëindiging van de relatie tussen verdachte en zijn ex-vriendin (aangeefster [naam aangeefster]) enkele dagen tevoren verbleef het hondje van aangeefster nog in zijn woning. Na een telefoongesprek met zijn ex-vriendin werd verdachte naar zijn zeggen op een gegeven moment overvallen door een leeg, verlaten gevoel. Vervolgens is hij zich op brute wijze op haar hond gaan afreageren. Met de bedoeling de hond te doden heeft hij meermalen met kracht tegen het lichaam en de kop van de hond geschopt, waarna hij de hond met kracht met een mes in de keel heeft gestoken. Daarna heeft verdachte een foto van de zeer bebloede hond per e-mail naar aangeefster verstuurd. Vervolgens heeft hij haar opgebeld met het verzoek om met spoed haar e-mail te bekijken.

Aldus heeft verdachte op een afschuwelijke wijze een weerloos hondje zeer ernstig toegetakeld - dat deze laffe aanval wonder boven wonder heeft overleefd - en vervolgens zijn ex-vriendin geschokt met een foto waarop het resultaat van zijn razernij zichtbaar was. Dit gedrag rekent de rechtbank verdachte ten zeerste aan.

Naar aanleiding van het onderhavige feit is verdachte onderzocht door een psychiater. De psychiater heeft - zeer kort gezegd- geconcludeerd dat verdachte ten aanzien van het gepleegde feit als licht verminderd toerekeningsvatbaar moet worden beschouwd, aangezien hij het feit heeft gepleegd onder invloed van alcohol en/of Ritalin en een psychische stoornis.

Vanwege de ernst van het gepleegde feit is de rechtbank van oordeel dat geen andere straf dan een gevangenisstraf op zijn plaats is. Verdachte beschikt echter over een zeer beperkt strafblad. Daarnaast is hij reeds enkele maanden opgenomen op een forensisch psychiatrische afdeling waar hij zich blijkens het psychiatrisch rapport d.d. 18 april 2011 en het Voortgangsverslag van de Reclassering d.d. 24 mei 2011 steeds onverminderd gemotiveerd heeft getoond voor behandeling van zijn psychische problematiek. Gelet hierop zal de rechtbank een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen met een proeftijd van 3 jaar. De rechtbank acht deze langer dan gebruikelijke proeftijd vanwege de bijzondere problematiek van verdachte passend. Daarbij zal zij een aantal bijzondere voorwaarden opleggen, onder meer gericht op behandeling van verdachtes psychische problematiek, om zodoende de kans op recidive zoveel mogelijk te verkleinen. Bij de bepaling van de hoogte van de op te leggen straf heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij de bestraffing in soortgelijke gevallen.

Het bovenstaande in aanmerking nemend is de rechtbank van oordeel dat passend is een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden met een proeftijd van 3 jaar en daarbij als bijzondere voorwaarden dat verdachte zich zal laten behandelen op de Forensisch Psychiatrische Zorgafdeling van de Mondriaan Zorggroep te Heerlen voor een periode van maximaal 12 maanden (tot uiterlijk 14 januari 2012), ter beoordeling van de behandelaren; dat hij na afloop van deze klinische behandeling zal meewerken aan een ambulante behandeling voor zijn psychiatrische problematiek; dat hij zich dient te houden aan een drugs- en/of alcoholverbod en een contactverbod met zijn ex-vriendin en een reclasseringstoezicht, ook indien dit inhoudt dat verdachte zich dient te houden aan een meldingsgebod en dat hij meewerkt aan drugs- en/of alcoholcontroles.

6 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b en 14c van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 36 en 121 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

7 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 3.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is tenlastegelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;

- verklaart verdachte strafbaar;

Straf

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 4 maanden;

- bepaalt dat de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 3 jaar schuldig maakt aan een strafbaar feit of omdat verdachte tijdens de proeftijd de bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat verdachte

- zich voor een periode van maximaal 12 maanden (tot uiterlijk 14 januari 2012)

zal laten behandelen in de Forensisch Psychiatrische Zorgafdeling van de Mondriaan Zorggroep te Heerlen, of zoveel korter als de behandelaren nodig oordelen;

- na afloop van de behandeling bij de Forensisch Psychiatrische Zorgafdeling van de

Mondriaan Zorggroep te Heerlen dient mee te werken aan een ambulante behandeling voor zijn psychiatrische problematiek;

- zich dient te houden aan een drugs- en/of alcoholverbod;

- zich dient te houden aan een contactverbod met [naam aangeefster], geboren te Echt op [geboortegegevens aangeefster];

- zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de Reclassering, ook indien dit inhoudt dat verdachte:

- zich dient te houden aan een meldingsgebod;

- dient mee te werken aan drugs- en/of alcoholcontroles;

- draagt deze reclasseringsinstelling op om aan verdachte hulp en steun te verlenen bij de naleving van deze voorwaarden;

- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij een tenuitvoerlegging van de opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf;

Voorlopige hechtenis

- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis met ingang van heden.

Dit vonnis is gewezen door mr. J. Wöretshofer, voorzitter, mr. R.P.J. Quaedackers en

mr. A.M.A. Eijck, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.C. Smeets, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 20 juni 2011.

Buiten staat

Mr. A.M.A. Eijck is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

dat hij op of omstreeks 29 december 2010 in de gemeente Maastricht,

zonder redelijk doel of met overschrijding van hetgeen ter bereiking van

zodanig doel toelaatbaar is,

opzettelijk bij een dier, te weten een hond, pijn en/of letsel heeft

veroorzaakt en/of de gezondheid van die hond heeft benadeeld,

immers heeft hij, verdachte, die hond meermalen, althans eenmaal, tegen de kop

en/of het lichaam geschopt en/of (vervolgens) met een mes, althans met een

scherp voorwerp, in de halsstreek, in elk geval in het lichaam, gestoken;

Subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of

zou kunnen leiden, dat:

dat hij op of omstreeks 29 december 2010 in de gemeente Maastricht

opzettelijk en wederrechtelijk een dier, te weten een hond,

geheel of ten dele toebehorende aan [naam aangeefster], in elk geval aan een ander of

anderen dan aan verdachte,

heeft beschadigd;