Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2011:BP9325

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
22-03-2011
Datum publicatie
28-03-2011
Zaaknummer
416590 EJ VERZ 11-35
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ontbinding 7:685 BW ogv reorganisatie. Na uitgebreide mondelinge behandeling partijen akkoord; ontbinding m.i.v. 1 april 2011, vergoeding € 63.000,--

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2011-0276
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector Kanton

Locatie Maastricht

zaaknr: 416590 EJ VERZ 11-35

beschikking van 22 maart 2011

in de zaak van

de vereniging Christelijk Nationaal Vakverbond

gevestigd en kantoorhoudend te 3561 GG Utrecht, Tiberdreef 4,

verzoekende partij, verder ook te noemen CNV,

gemachtigde: mr. H. Aydemir te Utrecht;

tegen:

[verweerder],

wonend te [adres],

verwerende partij, verder ook te noemen [verweerder],

gemachtigde: mr. P. Pijls te Sittard.

VERLOOP VAN DE PROCEDURE:

Allereerst wordt verwezen naar de beslissing van de kantonrechter te Sittard van 17 februari 2011, waarin de zaak voor verdere behandeling is verwezen naar de kantonrechter te Maastricht.

Door CNV zijn nog aanvullende processtukken ingediend/overgelegd, te weten:

- een aanvullend verzoekschrift (ingekomen op 10 maart 2011);

- een faxbericht met bijlagen (producties 22, 23 en 24);

- pleitnotities van de gemachtigde van CNV.

Partijen en de gemachtigden zijn gehoord ter gelegenheid van de mondelinge behandeling van donderdag 17 maart 2011. Door de griffier is van het aldaar verhandelde schriftelijk aantekening gehouden.

Vervolgens is de uitspraak bepaald op heden.

MOTIVERING

CNV verzoekt de tussen partij¬en be¬staande arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens gewichtige redenen, bestaande in een zodanige verandering in de omstandig¬heden dat de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 april 2011 dient te eindigen.

Ter staving van haar verzoek voert CNV aan - zake¬lijk weergegeven - dat als gevolg van interne reorganisaties de functie van [verweerder] van senior jurist is komen te vervallen. Een

andere passende functie is niet voorhanden. CNV merkt daarbij uitdrukkelijk op dat

[verweerder] geen verwijt gemaakt kan worden van de ontstane situatie.

[verweerder] (geboren op 2 februari 1956 en in dienst getreden bij CNV op 1 oktober 1998) heeft aanvankelijk gemotiveerd verweer gevoerd tegen toewijzing van het ver¬zoek van CNV. Bij gelegenheid van de mondelinge behandeling heeft [verweerder] echter de stellingen van CNV onderkend.

De kantonrechter overweegt het navolgende.

Niet is gebleken dat het onderhavige verzoek verband houdt met het bestaan van enig opzegverbod.

Ter zitting hebben partijen te kennen gegeven dat de ontvankelijkheid van de kantonrechter niet langer onderwerp van debat is tussen partijen, zodat de aanvankelijk ingenomen stellingen van partijen op dit punt onbesproken kunnen blijven.

Uit de overgelegde stukken en uit hetgeen ter zitting over en weer is aangevoerd is in voldoende mate aannemelijk geworden, dat door de bij CNV doorgevoerde reorganisatie de functie van [verweerder] is komen te vervallen en dat voor [verweerder] geen andere passende functie voorhanden is. Niet gebleken is dat [verweerder] daarvan een verwijt kan worden gemaakt.

Een en ander levert een verandering in de omstandigheden op als bedoeld in artikel 7:685 BW, op grond waarvan de arbeidsover¬eenkomst billijkheidshalve dadelijk dan wel na korte tijd behoort te eindigen.

De kantonrechter zal de arbeidsovereenkomst dan ook ontbinden per 1 april 2011.

CNV heeft zich bereid verklaard [verweerder] voor het geval van ontbinding een vergoeding ten belope van € 63.000,- bruto te betalen.

De kantonrechter is van oordeel dat, alle relevante omstandigheden van het geval in aanmerking genomen, de door CNV aangeboden vergoeding als billijk dient te worden aangemerkt, zodat dienovereenkomstig beslist wordt.

Omdat volstaan wordt met de door CNV aangeboden vergoeding kan reeds aanstonds een eindbeslissing worden gegeven en behoeft geen toepassing meer te worden gegeven aan het bepaalde in artikel 7:685 lid 9 BW.

De proceskosten zal de kantonrechter compenseren in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.

BESLISSING

Ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van 1 april 2011.

Kent daarbij aan [verweerder] een ten laste van CNV komende vergoeding toe ten bedrage van

€ 63.000,- bruto.

Veroordeelt CNV - voor zover nodig - tot betaling van die vergoeding aan [verweerder].

Compenseert de kosten van deze procedure in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.

Deze beschikking is gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. I.M. Etman, kantonrechter, in aanwezigheid van J.M.H.M. Slangen-van der Heijden, als griffier.