Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2011:BP8845

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
23-03-2011
Datum publicatie
23-03-2011
Zaaknummer
147325 / HA ZA 10-43
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2012:BX5593, Overig
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Rechtshandelingen in strijd met openbare orde en goede zeden. Constructie van verschillende overeenkomsten met het kennelijke doel om tegemoetkoming van overheidswege te verkrijgen, terwijl daarop geen recht bestond.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 147325 / HA ZA 10-43

Vonnis van 23 maart 2011

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

QMAGIC IT PROFESSIONALS B.V.,

gevestigd te Naarden,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

QMAGIC UITZENDBUREAU B.V.,

gevestigd te IJsselstein

eiseressen in conventie,

verweersters in reconventie,

advocaat mr. M.J. de Best te Utrecht,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

INFORMATIE TECHNOLOGIE FOR YOU PROJECTEN BV,

gevestigd te Schinnen,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. H.J. Heuts-Amsing te Sittard, gemeente Sittard-Geleen.

1. De procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding,

- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie,

- de conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie,

- de conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie,

- de conclusie van dupliek in reconventie, en

- het proces-verbaal van comparitie van 5 juli 2010.

1.2

Ten slotte is vonnis nader bepaald op heden. Wegens een herverdeling van zaken wordt dit vonnis gewezen door een andere rechter dan de rechter ten overstaan van wie is gecompareerd.

2. De feiten

De rechtbank gaat bij de beoordeling van het geschil uit van de volgende - tussen partijen vaststaande - feiten.

2.1

Eiseressen in conventie, verweersters in reconventie, verder respectievelijk te noemen: ‘QM IT en ‘QM Uitzendbureau’, drijven ondernemingen die zich bezig houden met de detachering van arbeidskrachten op het gebied van automatisering. Door fusie is de besloten vennootschap Xcent ICT Services B.V., verder te noemen: ‘Xcent’, opgegaan in QM IT. Xcent ontplooide haar werkzaamheden op hetzelfde gebied als QM IT en QM Uitzendbureau. Xcent, QM IT en QM Uitzendbureau zullen in het navolgende samen in meervoud worden aangeduid als ‘QM c.s.’

Gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, verder te noemen: ‘IT4U Projecten’ exploiteert een adviesbureau op het gebied van – kort gezegd – automatisering. Enig aandeelhouder en bestuurder van IT4U Projecten is de besloten vennootschap Informatie Technologie For You Beheer B.V. Deze vennootschap is tevens enig aandeelhouder en bestuurder van de besloten vennootschap Bureau Voor Subsidiehulp B.V., verder te noemen: ‘BVS’. De bestuurder van vennootschap Informatie Technologie For You Beheer B.V is de heer [bestu[bestuurder], verder te noemen: ‘[bestuurder]’.

2.2

Via haar website heeft IT4U Projecten gemeld op zoek te zijn naar partner voor haar project dat bekend staat onder de (werk)namen: EosX, Transformatierobot en Generieke softwaregenerator, verder: ‘het EosX-project. Namens Xcent is op deze oproep gereageerd, hetgeen heeft geresulteerd in gesprekken tussen vertegenwoordigers van QM c.s. en [bestuurder] over samenwerking tussen QM c.s. enerzijds en IT4U Projecten en BVS anderzijds. Daarbij is door [bestuurder] aan de orde gesteld dat QM c.s. subsidie zou kunnen krijgen voor het participeren in het EosX-project.

2.3

QM c.s. zijn elk met IT4U Projecten een overeenkomst van opdracht aangegaan, uit hoofde waarvan zij aan IT4U Projecten personeel ter beschikking zouden stellen ten behoeve van het EosX-project.

Daarnaast zijn er overeenkomsten van dienstverlening gesloten tussen QM c.s. en BVS, op grond waarvan BVS namens QM c.s. subsidie zou aanvragen op grond van hoofdstuk VIII van de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen, ook wel genoemd Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO). Met de term ‘subsidie’ wordt gedoeld op de op grond van de WBSO van overheidswege verleende tegemoetkoming in de loonkosten die gemoeid zijn met speur- en ontwikkelingswerk (S&O) in de vorm van een vermindering van de af te dragen loonheffing. Afgesproken werd onder meer dat BVS haar diensten aanbood op ‘no cure, no pay’-basis. Aan haar zou een vergoeding toekomen ter hoogte van 15% van de toegekende ‘subsidie’.

De aldus aangehouden werkwijze - waarbij de desbetreffende partij gaat participeren in het EosX-project van IT4U Projecten en daarvoor, door tussenkomst van BVS, een tegemoetkoming op grond van de WBSO verkrijgt - is uiteengezet in een informatiebrochure, die door [bestuurder] aan QM c.s. is verstrekt informatiebrochure (productie 7 bij dagvaarding).

2.4

Aan Xcent, QM IT en QM Uitzendbureau heeft [bestuurder] namens IT4U Projecten per faxbrief (nadere) afspraken tussen partijen bevestigd. Daarin staat onder meer het volgende:

‘Bureau voor Subsidiehulp (BVS, toevoeging rb.) zal, na ondertekening van de benodigde documenten, de subsidie voor uw deelname op het project “Generiek softwaregenerator” gaan aanvragen.

Hiermee bevestig ik dat IT4U (IT4U Projecten, toevoeging rb.) het door u beschikbaar gesteld en voldoende gekwalificeerd ICT personeel inleent om te werken aan het project “Generiek softwaregenerator” tegen een uurtarief van maximaal

€ 100,00 euro exclusief BTW (…) onder de volgende voorwaarden:

- de maximaal door u te factureren omzet is 85% van de toegekende subsidie, en

- de inhuur vindt plaats tijdens de periode waarover de subsidie is toegekend, en

(…)

- uw personeel wordt door ons opgeleid en gecertificeerd; derhalve wordt door IT4U per ingeleend personeelslid 20% van de door u gefactureerde omzet over de eerste 160 uren als opleidingskosten in rekening gebracht, en

- IT4U verstrekt aan u tijdens bovengenoemde periode het recht om EosX te gebruiken om brongegevens naar doelgegevens te transformeren; dit omvat 200 functiepunten; u betaalt hiervoor 85% van de aan u toegekende subsidie.

(…)

Ik stel voor dat we omtrent bovenstaande maandelijks een zelfde bedrag naar elkaar factureren, afhankelijk van de gerealiseerde uren, zodat beide facturen met elkaar verrekend kunnen worden. Het (eventuele) restant factureren we dan na afloop van de subsidiabele periode.

(…)’

2.5

BVS heeft namens QM c.s. bij SenterNovem – een agentschap van het Ministerie van Economische zaken - aanvragen ingediend op grond van de WBSO. Op deze aanvragen is (aanvankelijk) positief beslist. In onderstaande tabel worden de verschillende aanvragen uitgesplitst.

Aanvrager Periode Datum beschikking Subsidie (€) S&O-uren

QM Uitzendbureau juli-dec. 2007 6 september 2007 23.520 2.000

Xcent juli-dec. 2007 6 september 2007 23.520 2.000

QM Uitzendbureau2 jan.-dec. 2008 11 maart 2008 47.040 4.000

Xcent jan.-dec. 2008 11 maart 2008 47.040 4.000

QM IT juli-dec.2008 25 juli 2008 193.200 40.000

2.6

Naar aanleiding van de aanvraag voor QM IT heeft SenterNovem telefonisch contact opgenomen met BVS. De inhoud van het daarbij met [bestuurder] gevoerde gesprek is opgetekend in een telefoonnotitie (productie 37 bij dagvaarding). [bestuurder] is gevraagd of de aanvraag voor 40.000 uren een vergissing betrof. [bestuurder] heeft gemeld dat van een vergissing geen sprake was. Aan SenterNovem is door [bestuurder] voorgerekend dat er met 40 mensen 1000 uren gewerkt zouden worden en dat QM IT, die over 59 S&O medewerkers zou beschikken, daarvoor mankracht zou vrijmaken.

2.7

Na ontvangst van de beslissingen van SenterNovem factureerde BVS 15% van het ‘subsidiebedrag’ en IT4U Projecten 85 % daarvan aan de desbetreffende aanvrager, steeds vermeerderd met 19% BTW. QM c.s. hebben de volgende bedragen betaald:

Betaald door Betaald aan Factuurdatum Bedrag (€)

Xcent IT4U Projecten 2 oktober 2007 23.761,92

Xcent BVS 7 september 2007 4.198,32

Xcent BVS 11 maart 2008 8.396,64

QM Uitzendbureau IT4U Projecten 3 december 2007 23.776,20

QM Uitzendbureau IT4U Projecten 25 juli 2008 4.569,60

QM Uitzendbureau BVS 7 september 2007 4.198,32

QM Uitzendbureau BVS 11 maart 2008 8.396,64

QM IT BVS 29 juli 2008 34.486,20

De factuur van IT4U Projecten van 25 juli 2008 had betrekking op opleidingskosten. Totaal is door QM c.s. aan IT4U Projecten en BVS € 111.783,84 betaald.

QM c.s hebben een aantal facturen voor het gebruik van de EosX alsmede een factuur die blijkens het opschrift betrekking zou hebben op opleidingskosten, onbetaald gelaten. Het totaal van de niet betaalde facturen bedraagt € 293.630,12

2.8

QM c.s. hebben IT4U Projecten voor € 85.658,31 facturen gezonden in verband met verleende diensten. Deze facturen zijn onbetaald gebleven.

2.9

Bij e-mailbericht van 17 november 2008 meldt de accountmanager van Xcent aan [bestuurder] dat, naar zijn mening, de samenwerking geheel is gebaseerd op en conform de subsidieaanvraag. Ook deelt hij mee dat QM Uitzendbureau dat jaar tot dan toe 302 uren dienstverlening heeft geleverd en Xcent 194 uur. Verder worden [bestuurder] de volgende vragen voorgelegd:

- wat houden de S&O uren precies in?,

- hoe dienen wij hier mee om te gaan c.q. deze in te vullen?

- kloppen de uren in combinatie met de tarieven?

- voldoet onze samenwerking geheel aan de subsidiesidieregeling? Zo nee, hoe kunnen wij daaraan voldoen en wat moeten wij veranderen?

In een reactie van dezelfde datum verwijst [bestuurder] – kort gezegd – naar de WBSO-website.

2.10

Bij brief van 19 november 2008 heeft de directeur van QM c.s. de aan BVS verleende volmachten ingetrokken. Bij brief van 28 november 2008 verzoekt hij om intrekking van de kennelijk voor het haar 2009 ingediende aanvragen op grond van de WBSO. Op beide brieven is niet gereageerd, waarna bij brief van 9 december 2008 nogmaals om intrekking van de aanvragen wordt gevraagd. Ook op deze brief reageert BVS niet.

2.11

Op 14 en 15 januari 2009 heeft SenterNovem ter toetsing van de rechtmatigheid van de over 2007 toegekende afdrachtvermindering een controle uitgevoerd bij Xcent en QM Uitzendbureau. In het daarover opgestelde rapport van 30 maart 2009 (productie 45 bij dagvaarding) wordt onder meer geconcludeerd dat:

- er geen administratie over de aard, inhoud en voortgang van de S&O-projecten aanwezig was,

- er geen sprake was van eigen S&O-werkzaamheden, nu Xcent en QM Uitzendbureau slechts personeel zouden uitlenen op basis van uitzend- en/of detacheringsovereenkomsten terwijl zij aan hun werkzaamheden zelf geen sturing gaven en het werk evenmin door de desbetreffende werknemers werd georganiseerd, en

- er veel minder S&O-uren zijn verantwoord dan de grenswaarden, zoals genoemd in de betreffende S&O-verklaringen, waarbij is vastgesteld dat er over 2007 in totaal 525 uren als ten behoeve van S&O zijn verantwoord.

2.12

Bij beschikkingen van 8 mei 2009 heeft SenterNovem aan QM c.s. meegedeeld de over het jaar 2008 afgegeven S&O-verklaringen te corrigeren en de toegekende afdrachtvermindering te stellen op nihil. Over het jaar 2007 hebben Xcent en QM Uitzendbureau een gecorrigeerde belastingaangifte gedaan, met dien verstande dat daarin geen afdrachtvermindering is meegenomen.

3. Het geschil in conventie en reconventie

3.1

QM IT en QM Uitzendbureau vorderen in conventie samengevat - veroordeling van IT4U Projecten, tot betaling van € 100.774,48 en € 111.783,84 en van € 4.000,00 voor buitengerechtelijke kosten, alles vermeerderd met rente, met veroordeling van gedaagden in de proceskosten. Ter onderbouwing voeren zij – kort gezegd - het volgende aan.

De tussen QM c.s. enerzijds en IT4U Projecten en BVS anderzijds gesloten overeenkomsten zijn nietig, althans vernietigd, althans ontbonden, althans gedaagden hebben onrechtmatig gehandeld jegens QM c.s. De vernietiging heeft tot gevolg dat de overeenkomsten nimmer hebben bestaan, zodat de rechtsgrond van de door IT4U Projecten en BVS gezonden facturen is komen te vervallen. QM c.s. hebben derhalve € 111.783,84 onverschuldigd betaald. De door QM c.s. aan IT4U Projecten gezonden en onbetaald gebleven facturen bedroegen, conform afspraak, 85% van de werkelijk in rekening te brengen kosten. In werkelijkheid hebben QM IT en QM Uitzendbureau derhalve 100%, zijnde € 100.774,48 te vorderen.

IT4U Projecten voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3.2

IT4U Projecten vordert in reconventie samengevat - veroordeling van QMagic tot betaling van € 321.833.69, vermeerderd met rente en kosten. Ter onderbouwing voert zij – kort gezegd - het volgende aan. De totaalsom van de door ‘QMagic’ onbetaald gelaten facturen, buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente per 9 december 2009 bedraagt

€ 321.833.69. ‘Qmagic’ is betaling verschuldigd op grond van de tussen partijen gemaakte afspraken.

QM IT en QM Uitzendbureau voeren verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling in conventie en reconventie

4.1

Bij de beoordeling stelt de rechtbank voorop de tussen de betrokken partijen aan de hand van de overeenkomsten tot stand gekomen verhoudingen, die schematisch als volgt kunnen worden weergegeven:

4.2

QM c.s. hebben (onder meer aangevoerd) dat de door hen met IT4U Projecten en BVS gesloten overeenkomsten nietig zijn omdat deze in strijd zijn met de openbare orde en goede zeden. De rechtbank honoreert die stelling op basis van de hierna uiteen te zetten redenen.

4.2.1

Aan de uitleen van arbeidskrachten aan IT4U Projecten zouden QM c.s. niets verdienen, nu daartegenover de vergoeding voor het gebruik van EosX stond. Een en ander wordt met zoveel woorden bevestigd in het onder 2.9 aangehaalde e-mailbericht, waarin namens Xcent wordt gemeld dat de samenwerking geheel is gebaseerd op de subsidieaanvraag.

Het doel van de door het samenstel van afspraken ontstane constructie was kennelijk met name dat er ‘subsidie’ zou worden verkregen die zou worden verdeeld tussen BVS (15%) en QM c.s. (85%).

4.2.2.1

QM c.s. hebben in deze procedure gemeld te betwijfelen of er daadwerkelijk sprake is geweest van S&O-werkzaamheden. Daarover overweegt de rechtbank het volgende.

Geen der partijen heeft enige ter zake dienende toelichting gegeven over de inhoud van het EosX-project of hetgeen in dat kader inmiddels tot stand is gekomen. Alleen voorhanden is de door BVS / IT4U Projecten opgestelde informatiebrochure (productie 7 bij dagvaarding), waarin slechts wordt gemeld dat de transformatierobot bronnen kan transformeren naar doelen en dat de transformatierobot daarvoor voorschriften gebruikt alsmede dat de S&O-werkzaamheden zouden moeten dienen voor het ontwikkelen van die voorschriften. Enige helderheid over de inhoud van het EosX-project geeft deze tekst derhalve niet.

Gesteld noch gebleken is verder dat QM c.s. ooit gebruik hebben gemaakt van de EosX en evenmin dat dit op enig moment serieus is overwogen.

Al met al blijft volledig in nevelen gehuld wat het EosX-project is en waarop de in dat kader geclaimde S&O-werkzaamheden betrekking hadden. Dat klemt temeer nu dit project de spil van de constructie behoorde te zijn.

Dat er daadwerkelijk S&O-werkzaamheden zijn verricht in het kader van het EosX-project acht de rechtbank dan ook ongeloofwaardig.

4.2.2.2

Ook overigens is onaannemelijk dat het daadwerkelijk de bedoeling van partijen is geweest dat er (veel) uren in S&O zouden worden gestoken. QM c.s. zouden daarvoor de facto immers geen vergoeding ontvangen – het gebruik van de EosX kan namelijk niet als vergoeding gelden – terwijl de in te zetten arbeidskrachten wel zouden moeten worden betaald (door QM c.s.). Deze vaststelling vindt zijn bevestiging in het feit dat – zoals QM c.s. stellen en IT4U Projecten niet betwist – er in 2007 en 2008 totaal (525 + 496 =) 1.021 arbeidsuren zijn geleverd, waar er bij SenterNovem gedurende die jaren 52.000 zijn geclaimd. QM c.s. hebben ook gesteld (3.9 dagvaarding) dat hen door IT4U Projecten en BVS is voorgerekend dat de opbrengst voor eiseressen per saldo 85% van ‘de subsidie’ zou bedragen, hetgeen door IT4U Projecten niet is betwist. Een dergelijke opbrengst kan echter alleen worden behaald indien er niet of nauwelijks kosten voor arbeidskrachten worden gemaakt.

De conclusie die moet volgen uit deze feiten en omstandigheden, is dat er niet of nauwelijks S&O-werk is verricht en dat dit ook niet de bedoeling is geweest.

4.2.2.3

Om nog een andere reden acht de rechtbank het eveneens onaannemelijk dat, in ieder geval, BVS en IT4U Projecten daadwerkelijk van plan zijn geweest om middels de constructie ‘subsidiabele’ werkzaamheden te doen plaatsvinden. Zoals SenterNovem in haar rapport van 30 maart 2009 ook opmerkt, kan het enkele uitzenden of detacheren van arbeidskrachten immers niet worden geduid als het (doen) verrichten van S&O-werkzaamheden. IT4U Projecten heeft, onder verwijzing naar uitspraken van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven, betoogd dat uitzend- en detacheringswerkzaamheden in bepaalde gevallen toch voor de tegemoetkoming in aanmerking komen. Er moet dan echter sprake zijn van een duidelijk herkenbare inhoudelijke bemoeienis met de S&O-werkzaamheden van de zijde van de uitlener, bijvoorbeeld doordat deze zelf sturing geeft aan het werk of dat het werk door de desbetreffende werknemer wordt georganiseerd. IT4U Projecten stelt weliswaar dat hiervan sprake is, maar onderbouwt dat niet. In de omstandigheid dat – uitgaande van de brochure van IT4U Projecten en BVS en de door IT4U Projecten neergelegde nadere afspraken – het IT4U Projecten was die de EosX verder ontwikkelde en in dat kader arbeidskrachten inleende van uitzend- of detacheringsbureau, had het op de weg van IT4U Projecten gelegen die onderbouwing wel te geven. Over de plannen met of van de ingeleende arbeidskrachten en/of de uitvoering daarvan is echter niets gesteld. Het staat daarmee in rechte vast dat van werkzaamheden die voor tegemoetkoming in aanmerking zouden komen nooit sprake is geweest, hetgeen IT4U Projecten en BVS tevoren geacht moeten te hebben geweten.

4.2.2.4

Tot slot moet worden opgemerkt dat onverklaard blijft het feit dat er kennelijk geen verband bestaat tussen de ‘waarde’ van de mogelijkheid tot gebruik van de EosX door QM c.s. en de daarvoor overeengekomen vergoeding, nu deze vergoeding uitsluitend afhankelijk was van het subsidiebedrag, dat weer werd bepaald door het door BVS namens QM c.s. opgegeven aantal S&O uren. Het vermoeden dringt zich op dat de aldus overeengekomen vergoeding slechts diende om de facturen voor het (op papier) ter beschikking stellen van arbeidskrachten ‘weg te boeken’.

4.2.3

Gelet op het onder 4.2.1 tot en met 4.2.2.4. overwogene moet het er, bij gebreke van een andere plausibele verklaring, voor worden gehouden dat de door IT4U Projecten en BVS bedachte constructie enkel tot doel had de WBSO-tegemoetkoming te verkrijgen, die zou worden verdeeld tussen BVS enerzijds en (in het hier besproken geval) QM c.s. anderzijds, terwijl er op deze tegemoetkoming geen recht bestond. Onder verwijzing naar de hiervoor aangehaalde feiten en omstandigheden, concludeert de rechtbank verder dat QM c.s. dat – op zijn minst – hebben (moeten) voorzien.

De van deze constructie deel uitmakende rechtshandelingen zijn daarmee nietig want in strijd met de openbare orde en de goede zeden.

4.3.1

De op basis van de aldus nietige overeenkomsten door QM c.s. gedane betalingen aan IT4U Projecten zijn, zoals QM c.s. terecht stellen, onverschuldigd betaald. De vordering in conventie tot terugbetaling daarvan is derhalve toewijsbaar, met dien verstande dat aan QM IT de door Xcent aan IT4U Projecten betaalde som moet worden gerestitueerd en aan QM Uitzendbureau hetgeen zij aan IT4U Projecten heeft betaald.

IT4U Projecten zal derhalve worden veroordeeld om in hoofdsom te betalen

- aan QM IT: € 23.761,92,

- aan QM Uitzendbureau: € 23.776,20 + € 4.569,60 = € 28.345,80.

QM IT en QM Uitzendbureau kunnen niet met recht betaling claimen op grond van de eveneens nietige overeenkomsten over de uitleen van arbeidskrachten, zodat hun vordering dienaangaande zal worden afgewezen.

4.3.2

De wettelijke rente zal worden toegewezen als gevorderd, nu tegen de door QM c.s. gehanteerde ingangsdatum geen verweer is gevoerd.

De vordering tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten zal worden afgewezen, nu IT4U Projecten daartegen verweer heeft gevoerd en iedere onderbouwing zijdens QM c.s. ontbreekt.

De eveneens door QM IT en QM Uitzendbureau gevorderde veroordeling tot betaling van nakosten zal niet worden gegeven, nu de rechtbank van oordeel is dat niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld dat deze kosten zullen worden gemaakt.

Aan het verzoek van QM IT en QM Uitzendbureau om dit vonnis te waarmerken als een Europese executoriale titel zal geen gehoor worden gegeven, omdat er geen sprake is van een niet-betwiste schuldvordering.

4.3.3

Nu beide partijen in conventie deels in het ongelijk worden gestel, zullen de proceskosten worden gecompenseerd, aldus dat ieder de eigen kosten draagt.

4.4

De op de nietige overeenkomsten gegronde vorderingen in reconventie worden afgewezen. IT4U Projecten zullen als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De proceskosten aan de zijde van QM IT en QM Uitzendbureau worden begroot op € 3.000,00 aan salaris advocaat (1,5 punt × tarief € 2.000,00).

5. De beslissing

De rechtbank

in conventie

5.1. veroordeelt IT4U Projecten om aan QM IT te betalen € 23.761,92, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf de dag dat Xcent dit bedrag aan IT4U Projecten heeft betaald, tot de dag van volledige betaling,

5.2. veroordeelt IT4U Projecten om aan QM Uitzendbureau te betalen € 28.345,80, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf de dag dat QM Uitzendbureau dit bedrag aan IT4U Projecten heeft betaald, tot de dag van volledige betaling,

5.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.4. wijst het meer of anders van gevorderde af,

5.5. compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

in reconventie

5.6. wijst het gevorderde af,

5.7. veroordeelt IT4U Projecten in de proceskosten aan de zijde van QM IT en QM Uitzendbureau, tot op heden begroot op

€ 3.000,00,

5.8. verklaart de onder 5.7 uitgesproken proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.R.M. de Bruijn en in het openbaar uitgesproken op 23 maart 2011.?