Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2009:BJ7702

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
09-09-2009
Datum publicatie
23-09-2009
Zaaknummer
344732 CV EXPL 09-3746
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Procesrecht; artikel 71, 125 Rv

Na verstekverlening constateert de kantonrechter dat de zaak – hoewel correct gedagvaard – niet bij juiste sector is ingeschreven. In plaats van bij de Sector Civiel is de zaak per abuis ingeschreven bij de Sector Kanton.

Nu het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering niet voorziet in een oplossing in een situatie als de onderhavige, heeft de kantonrechter aansluiting gezocht bij het bepaalde in artikel 71 Rv. De zaak is, gelet hierop, verwezen naar de Sector Civiel van deze Rechtbank.

Op grond van het bepaalde in artikel 71 lid 4 Rv is eisende partij bevolen de verwijzingsbeslissing aan gedaagde partij bij exploot te doen betekenen onder gelijktijdige aanzegging van de nieuwe roldatum.

(opmerking: op de griffier, zo blijkt uit lid 3 van artikel 125 Rv, rust formeel de plicht om zorg te dragen voor de inschrijving, dus ook bij de juiste sector. Aan de gemachtigde van eisende partij is dan ook medegedeeld dat de kosten van het betekenen van de verwijzingsbeslissing gedeclareerd kunnen worden bij de Rechtbank)

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Prg. 2009, 193
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector Kanton

Locatie Maastricht

zaaknr: 344732 CV EXPL 09-3746

typ: JS

coll: JS

vonnis van 9 september 2009

in de zaak van

[eiser] en

[eiseres], echtgenoten,

beiden tezamen wonend te [adres],

eisende partij,

verder ook te noemen [eisende partij],

gemachtigde: mr. H.H.G. Theunissen, advocaat te Roermond (ARAG),

tegen

1. [gedaagde] en

2. [gedaagde],

echtgenoten, beiden tezamen wonend te [adres],

gedaagde partij,

verder ook te noemen [gedaagde partij],

noch in persoon noch bij gemachtigde in rechte verschenen.

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

[eisende partij] hebben bij exploot van dagvaarding van 7 augustus 2009 een vordering ingesteld tegen [gedaagde partij] en hebben zich daarvoor mede beroepen op aan het exploot van dagvaarding gehechte producties.

Op 13 augustus 2009 heeft de gemachtigde van [eisende partij] dit exploot van dagvaarding voor de rolzitting van 19 augustus 2009 aangeboden aan de roladministratie van de Rechtbank Maastricht.

Dit exploot van dagvaarding is abusievelijk niet bij de Sector Civiel van de Rechtbank als aangebrachte zaak geregistreerd, maar bij de Sector Kanton, locatie Maastricht van de rechtbank.

Op de rolzitting van de kantonrechter van 19 augustus 2009 is tegen [gedaagde partij] als niet-verschenen partij verstek verleend.

Hierna heeft de kantonrechter bepaald dat heden - bij vervroeging - uitspraak wordt gedaan.

MOTIVERING

Als uitgangspunt heeft te gelden (artikel 125 Rv) dat het geding aanhangig is vanaf de dag van dagvaarding, zijnde de dag waarop het exploot van dagvaarding aan de gedaagde partij is betekend. Voor bekendheid van de rechter met de zaak is echter inschrijving van de zaak op de rol vereist. Op de griffier, zo blijkt uit lid 3 van artikel 125 Rv, rust formeel de plicht om zorg te dragen voor deze inschrijving. Daartoe kan de griffier uiteraard eerst overgaan nadat het exploot van dagvaarding hem heeft bereikt. Daarom legt lid 2 van meergenoemd artikel op de eisende partij de plicht om het exploot van dagvaarding ter griffie in te dienen uiterlijk op de laatste aan de roldatum voorafgaande dag waarop de griffie is geopend.

In onderhavige zaak heeft de gemachtigde van [eisende partij] bij schrijven van

12 augustus 2009 (ontvangen 13 augustus 2009) het origineel van het betekende exploot van dagvaarding (met producties) aangeboden op de wijze zoals is omschreven in artikel 3.1. van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de rechtbanken.

Dit exploot van dagvaarding is, hoewel het stuk anders doet vermoeden, niet bij de Sector Civiel, maar bij de Sector Kanton, locatie Maastricht, ingeschreven op de rol van 19 augustus 2009. Vervolgens is door de kantonrechter verstek verleend tegen de niet-verschenen gedaagde partij en is vonnis bepaald.

Eerst na de verstekverlening is vastgesteld dat de zaak, hoewel op de juiste wijze is gedagvaard, door de griffier op de verkeerde rol is ingeschreven. In onderhavige zaak, waarbij sprake is van een waardevordering ten bedrage van in totaal € 7.432,01, is de kantonrechter daarenboven ook niet bevoegd om van het geschil kennis te nemen.

Nu het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering niet voorziet in een oplossing in een situatie als de onderhavige, zoekt de kantonrechter aansluiting bij het bepaalde in

artikel 71 Rv. De zaak zal, gelet hierop, worden verwezen naar de Sector Civiel van deze Rechtbank.

Op grond van het bepaalde in artikel 71 lid 4 Rv zal [eisende partij] bevolen worden de verwijzingsbeslissing aan [gedaagde partij] bij exploot te betekenen onder gelijktijdige aanzegging van de nieuwe roldatum. Op deze wijze wordt partij [gedaagde partij] naar behoren geïnformeerd over mogelijke zuivering van het verstek en de voorschriften die gelden op het punt van procesvertegenwoordiging.

[gedaagde partij] worden er alsdan immers op geattendeerd dat zij in de procedure bij de Sector Civiel bij advocaat dienen te verschijnen.

BESLISSING

De kantonrechter

- verklaart zich onbevoegd om van het tussen partijen bestaande geschil kennis te nemen;

- verwijst de zaak, in de stand waarin deze zich bevindt, ter verdere behandeling naar de Sector Civiel van deze Rechtbank;

- bepaalt dat deze zaak aldaar wordt ingeschreven op de rol van woensdag

30 september 2009 te 10.00 uur voor het nemen van een conclusie van antwoord door [gedaagde partij];

- beveelt, nu tegen [gedaagde partij] verstek is verleend, dat door [eisende partij] bij exploot de roldatum van 30 september 2009 zal worden aangezegd onder gelijktijdige betekening van deze beslissing;

- wijst [eisende partij] er op dat zij uiterlijk op die roldatum een advocaat dienen te stellen in het geval zij verweer wensen te voeren.

Dit vonnis is gewezen en in het openbaar uitgesproken door mr. H.W.M.A. Staal, kantonrechter, in aanwezigheid van de griffier.