Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2008:BG9838

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
24-12-2008
Datum publicatie
15-01-2009
Zaaknummer
308002 EJ VERZ 08-4311 (2)
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

7:685 BW. Dringende reden is niet komen vast te staan. Of werknemer de opzet had om werkgever te beconcurreren is onduidelijk gebleven. Werknemer had echter wel kunnen en moeten beseffen dat door zijn handelen de belangen van werkgever werden geschaad. Slecht werknemerschap. Ontbinding van de arbeidsovereenkomst zonder vergoeding.

Eindvonnis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2009-0042
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector Kanton

Locatie Maastricht

Zaaknummer: 308002 EJ VERZ 08-4311

typ: AodK

Beschikking van 24 december 2008

op een verzoek van

PC DATA B.V., gevestigd en kantoorhoudende te 6466 NG Kerkrade, Wiebachstraat 32,

verzoekster, hierna te noemen PC Data,

gemachtigde: mr. J.L.H. Holthuisen, advocaat te Maastricht,

tegen:

[verweerder], wonende te [adres],

verweerder, hierna te noemen [verweerder],

gemachtigde: mr. A.F.R. Avis te Zoetermeer (SRK).

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Op 8 en 18 december 2008 zijn getuigen gehoord, deels ter voldoening aan het gestelde in de tussenbeschikking van 10 november 2008. Van deze verhoren is proces-verbaal opgemaakt.

De inhoud daarvan geldt als hier herhaald en ingelast.

Vervolgens is wederom beschikking bepaald waarvan de uitspraak is gesteld op heden.

MOTIVERING

De kantonrechter neemt over en houdt zich aan hetgeen is overwogen in de tussenbeschikking van 10 november 2008.

PC Data heeft ontbinding verzocht van de arbeidsovereenkomst tussen haar en [verweerder] en zich daarbij primair gebaseerd op een dringende reden. Als dringende reden geeft zij aan dat [verweerder] zijn verplichtingen uit hoofde van de arbeidsovereenkomst op grove wijze heeft veronachtzaamd. Hij heeft namelijk volgens PC Data samen met een collega en achter de rug van PC Data om, gepland een eigen onderneming op te zetten met de door PC Data ontwikkelde software, terwijl hij wist dat de werkgever enorme investeringen had gedaan in de ontwikkeling daarvan; hij wilde dit produkt onder zijn eigen naam op de markt zetten en zelf met Care gaan samenwerken en grote bedrijven als klant gaan benaderen van wie hij wist dat PC Data doende was daar acquisitie te plegen.

Om die dringende reden aan te tonen heeft zij drie getuigen doen horen, te weten [naam medewerker Care], [naam collega] en [naam ex-collega].

Op 25 augustus 2008 heeft op initiatief van o.a. [verweerder] een gesprek plaatsgevonden tussen [verweerder], zijn collega [naam collega], zijn ex-collega [naam ex-collega] en [naam medewerker Care] van Care. De getuigen hebben ten aanzien daarvan ter zitting onder ede onder meer als volgt verklaard:

- [naam medewerker Care]:

“De heren wilden met mij een oriënterend gesprek hebben in verband met het feit dat zij mogelijk voor zichzelf zouden willen beginnen. Zij stelden zich voor dat de activiteiten van hun onderneming tweeledig zouden zijn, enerzijds het aanbieden van diensten in de vorm van concultancy en anderzijds het implementeren van producten van Care. R2T en Framework zijn de produkten die [verweerder] cs wensten te implementeren. Framework is een product dat geheel door PC Data in samenwerking met mij is ontwikkeld. [verweerder], [naam collega] en [naam ex-collega] hebben mij tijdens het gesprek medegedeeld dat zij voor deze producten mijn implementatiepartner wilden worden. In de broodmarkt was PC Data reeds mijn partner voor deze producten. Met PC Data was ik al in overleg om deze producten ook in andere markten te introduceren. Desgevraagd bevestig ik dat er sprake is geweest …Mars en Abbot in te brengen in de samenwerking met PC Data. Ik schrok wel even toen ik begreep dat [verweerder] cs hun eigen zaak wilden beginnen omdat daarmee een heel belangrijk aandeel van de samenwerking met PC Data zou wegvallen. Niet gezegd is dat[verweerder] cs klanten van PC Data wilden benaderen of in de markt van PC Data actief wilden zijn. Het was zo, dat zij een opstartproject wilden hebben in samenwerking met Care dat zich zou richten op een ruime markt”.

- [naam collega]:

“Het doel van onze bespreking was om enige ideeën te toetsen op hun haalbaarheid. Wij wilden namelijk een nieuw bedrijf opzetten en de insteek daarbij was het verlenen van consultancydiensten. Terzijde merk ik op dat PC Data zich ook met deze activiteiten bezighield. Ik kan verklaren dat productie 7 bij verzoekschrift het werkdocument is dat wij gebruikten bij het brainstormen. ‘Implementatiepartner worden van Care` was inderdaad een van de ideeën. Bij onze plannen was het ons nog niet duidelijk of wij het Framework van PC Data of Care zouden betrekken of wel een ander product zouden aanwenden dat dezelfde mogelijkheden heeft. Het product Framework is niet uniek; er zijn andere softwareleveranciers die een equivalent product kunnen leveren. PC Data richt zich op industriële bakkerijbedrijven. Wij hadden niet het voornemen die markt te gaan betreden. Wij hadden nog geen helder beeld erover welke markten wij zouden gaan bewerken. Onze geplande samenwerking is niet van de grond gekomen”.

- [naam ex-collega]:

“U houdt mij productie 7 bij verzoekschrift voor. Zoals ook blijkt uit dit document was het onze bedoeling om met z’n drieën gezamenlijk een onderneming te beginnen. Heel kort gezegd wilden wij bij onze voorgenomen activiteiten mogelijk wel gebruik maken van de producten van Care en PC Data. Het is niet juist dat wij toen gezegd hebben “Mars” en “Abbott” als klant te willen benaderen. We waren nog niet in het stadium van ondernemen. Er is niet met zoveel woorden gezegd dat wij wilden gaan werken met producten van PC Data of Care. De producten van PC Data en Care kun je ook elders kopen, dat wil zeggen vergelijkbare of gelijkwaardige producten. Wij hadden nog geen enkele beslissing genomen over de markten die wij wilden gaan benaderen”.

De kantonrechter is van oordeel dat, op grond van de verklaringen van de getuigen, de stellingen van partijen en de overgelegde producties, de conclusie gerechtvaardigd is dat [verweerder], terwijl hij in dienst was bij PC Data, samen met (toenmalig) collega [naam collega] en ex-collega [naam ex-collega] een eigen bedrijf heeft willen beginnen en bezig was met het plannen van voor PC Data min of meer concurrerende werkzaamheden, mede gericht op klanten waar PC Data al relaties mee had/heeft. In het werkdocument, dat als productie 7 bij verzoekschrift is overgelegd en dat volgens getuige [naam collega] als “brainstormdocument” werd gebruikt, worden al duidelijk geconcretiseerde plannen gesteld in een redelijk vergevorderd stadium. Zij bespraken deze plannen bovendien met [naam medewerker Care] ter toetsing van de haalbaarheid. [naam medewerker Care] is directeur/eigenaar van Care, een bedrijf dat ten tijde van de gewraakte bespreking op 25 augustus 2008 al geruime tijd samenwerkte met PC Data, hun werkgever. Deze handelwijze is laakbaar, immers [verweerder] had kunnen en moeten beseffen dat daardoor de belangen van zijn werkgever werden geschaad, althans zouden worden geschaad, zoals ook blijkt uit de verklaring van [naam medewerker Care]. Dit getuigt niet van goed werknemerschap.

Onduidelijk is echter gebleven of [verweerder] handelde vanuit een zekere naïviteit en zich de gevolgen van zijn handelwijze niet voldoende heeft gerealiseerd of daadwerkelijk de opzet had om PC Data te beconcurreren.

De kantonrechter acht daarom de aanwezigheid van een dringende reden niet bewezen, maar is wel van mening dat er sprake is van een verandering in de omstandigheden, die een (aan een dringende reden grenzende) gewichtige reden vormt, welke van dien aard is dat de arbeidsovereenkomst op korte termijn behoort te eindigen. De ontbindingsdatum zal op

1 februari 2009 worden gesteld.

Omdat er toch sprake is van laakbaar gedrag van [verweerder] acht de kantonrechter geen redenen aanwezig een vergoeding naar billijkheid toe te kennen.

Gezien bovenstaand kan reeds thans een eindbeslissing worden gegeven en dient [verweerder] als de in het ongelijk gestelde partij te worden veroordeeld in de porceskosten.

BESLISSING

Ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen wegens gewichtige redenen per 1 februari 2009.

Veroordeelt [verweerder] tot betaling van de proceskosten, aan de zijde van PC Data tot op heden begroot op € 688,00, waarin begrepen een bedrag van € 400,00 aan salaris gemachtigde.

Wijst af het meer of anders verzochte.

Aldus gewezen door mr. J.M.A.F. Coenegracht, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare civiele terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.