Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2005:AV0703

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
15-12-2005
Datum publicatie
31-01-2006
Zaaknummer
105704 - KG ZA 05-402
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Verbouwing ziekenhuis Heerlen, opdracht aannemer ingetrokken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT

Sector Civiel

Datum uitspraak : 15 december 2005

Zaaknummer : 105704 / KG ZA 05-402

De voorzieningenrechter, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft het navolgende kort-gedingvonnis gewezen

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid INGENIEURSBUREAU ORANJEWOUD B.V.,

gevestigd te Heerenveen,

eiseres,

procureur mr. Ch.M.E.M. Paulussen,

advocaat mr. M. Dijkstra te 's Gravenhage;

tegen:

de stichting STICHTING GEZONDHEIDSZORG OOSTELIJK ZUID-LIMBURG,

gevestigd te Heerlen,

gedaagde,

procureur mr. W.J. Dols.

1. Het verloop van de procedure

Eiseres, hierna te noemen: "Oranjewoud", heeft gedaagde, hierna te noemen: "Atrium", gedagvaard in kort geding. Op de dienende dag, 1 december 2005, heeft Oranjewoud gesteld en gevorderd overeenkomstig de dagvaarding, waarna zij haar vordering met verwijzing naar op voorhand toegezonden producties nader heeft doen toelichten.

Atrium heeft verweer gevoerd, daarbij eveneens verwijzend naar op voorhand toegezonden producties.

Partijen hebben daarna op elkaars stellingen gereageerd.

Ten slotte hebben partijen om vonnis verzocht. De uitspraak van het vonnis is bepaald op heden.

2. Het geschil

2.1 Tussen partijen is sedert juni 2005 onderhandeld over de opdracht tot uitbreiding van Medisch Centrum Atrium met (semi-)tijdelijke huisvesting ter grootte van ongeveer 6.000 m2, eventueel uit te breiden tot ongeveer 7.300 m2. In dat kader zijn tussen partijen diverse besprekingen gevoerd. Op 13 juni 2005 heeft Oranjewoud aan Atrium een ontwerp-contract toegezonden. Op 29 juni 2005 zond Atrium aan Oranjewoud een herziene versie van het contract. Oranjewoud heeft op 1 juli 2005 een programma van eisen opgesteld. Per e-mail van 19 juli 2005 zond de manager Bouwzaken van Atrium ([naam manager Bouwzaken]) een andermaal aangepaste versie van het contract aan Oranjewoud. De begeleidende e-mail luidde, voor zover van belang, als volgt:

"(...)

Bijgaand de gecorrigeerde versie van het contract. Zoals besproken zal ondertekening plaatsvinden na mijn vakantie (...)".

2.2 In augustus 2005 is discussie gerezen over de vraag of tussen partijen een overeenkomst nopens vorenbedoeld project tot stand is gekomen. Volgens Oranjewoud was dat het geval, volgens Atrium was dat niet zo. Oranjewoud had tot aan dat moment al diverse voorbereidende werkzaamheden verricht. Atrium heeft in september 2005 laten weten een "adempauze" te willen inlassen. Sedertdien heeft Oranjewoud geen werkzaamheden meer verricht. Later is Atrium zich op het standpunt gaan stellen dat nieuwe inzichten ertoe hadden geleid dat het gehele project - de bouw van (semi-)tijdelijke huisvesting met een omvang van circa 6.000 à 7.300 m2 - inmiddels was afgeblazen. Oranjewoud wenst evenwel vast te houden aan de in haar optiek verleende opdracht, althans enige (andere) opdracht, maar besprekingen hebben niet tot enig resultaat geleid.

2.3 Na toezending van de concept-dagvaarding heeft Atrium aan Oranjewoud doen weten, dat zij in plaats van het geplande project zal overgaan tot realisering van een geheel ander project, dat fysiek op een andere plaats zal worden gesitueerd, en welk project van aanmerkelijk kleinere omvang zal zijn dan het hiervoor genoemde project. Het zou nog slechts gaan om "het neerzetten van tijdelijke voorzieningen ten behoeve van de acute opnameafdeling", in concreto neerkomende op het stapelen van units op een oppervlakte van circa 2.000 m2, waarvoor "noch design noch construct van Oranjewoud nodig" is. Oranjewoud stelt daarentegen, en haar subsidiaire vordering is hierdoor ingegeven, dat dit project onderdeel is van het eerder haar opgedragen grotere project, zodat zij in staat moet worden gesteld de realisering ervan ter hand te nemen.

2.4 Stellende dat zij door de weigerachtige houding van Atrium schade lijdt, heeft Oranjewoud gevorderd Atrium bij vonnis te veroordelen:

primair

1. Oranjewoud in staat te stellen de overeengekomen werkzaamheden als beschreven in het contract (lees:) en voor zover betrekking hebbende op semi-tijdelijke huisvesting van 6.000 à 7.300 m2 met onmiddellijke ingang weer ter hand te nemen en Oranjewoud in staat te stellen die werkzaamheden zonder het verder opwerpen van obstakels af te ronden;

2. Atrium te verbieden de werkzaamheden als beschreven in het contract aan derden te gunnen;

subsidiair

1. Oranjewoud in staat te stellen de overeengekomen werkzaamheden als beschreven in het contract en voor zover betrekking hebbende op semi-tijdelijke huisvesting van 2.000 m2 ten behoeve van een Acute Opname Afdeling c.a. met onmiddellijke ingang weer ter hand te nemen en Oranjewoud in staat te stellen die werkzaamheden zonder het verder opwerpen van obstakels af te ronden;

2. Atrium te verbieden de overige werkzaamheden ten behoeve van semi-tijdelijke huisvesting als omlijnd in positum 1 van de dagvaarding aan derden te gunnen;

primair en subsidiair

Atrium te veroordelen in de kosten van deze procedure, zulks met bepaling dat daarover de wettelijke rente verschuldigd zal zijn met ingang van veertien dagen na de datum van het te dezen te wijzen vonnis, alles met verklaring dat het vonnis uitvoerbaar bij voorraad zal zijn.

2.5 Atrium heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Op dat verweer zal hierna, voor zover van belang, worden ingegaan.

3. De beoordeling

3.1 Een voldoende spoedeisend belang volgt uit de aard van de zaak.

3.2 Uit het verhandelde ter zitting in samenhang met de aan de zijde van Atrium overgelegde producties is de voorzieningenrechter duidelijk geworden dat het project tot uitbreiding van Medisch Centrum Atrium met (semi-)tijdelijke huisvesting ter grootte van ongeveer 6.000 à 7.300 m2, noch dit project in afgeslankte vorm gerealiseerd zal worden. Met betrekking tot het hiervoor in de plaats gekomen project, dat kennelijk behelst het op een andere lokatie treffen van tijdelijke voorzieningen ten behoeve van de acute opnameafdeling, meer in het bijzonder het stapelen van units op een oppervlakte van circa 2.000 m2, is, naar aannemelijk is, tussen partijen niet gecontracteerd. "Atrium is dan ook niet bereid Oranjewoud daarvoor in te schakelen", zo verklaart Atrium luid en duidelijk. Bij deze stand van zaken moet het doek voor Oranjewoud in dit geding vallen. Daarmee is echter niet alles gezegd. Mocht tussen Atrium en Oranjewoud een overeenkomst tot stand zijn gekomen - en de indruk van de voorzieningenrechter is dat zulks het geval is - dan zal Atrium de door Oranjewoud geleden schade moeten vergoeden. Atrium dient zich daar rekenschap van te geven. Die kwestie vormt echter niet de inzet van deze procedure en kan aldus verder blijven rusten. Als de in het ongelijk gestelde partij wordt Oranjewoud verwezen in de proceskosten.

4. De beslissing

De voorzieningenrechter:

weigert de gevraagde voorzieningen;

veroordeelt Oranjewoud in de proceskosten tot aan dit vonnis gerezen en aan de zijde van Atrium begroot op € 244,- aan vast recht en € 816,- voor salaris procureur;

verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. Bergmans, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.

RQ