Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBMAA:2001:AD8224

Instantie
Rechtbank Maastricht
Datum uitspraak
03-12-2001
Datum publicatie
17-01-2002
Zaaknummer
101444
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

KANTONGERECHT

SITTARD

BESCHIKKING D.D. 3 december 2001.

Rep.no. 01-1499

Zaakno. 101444

Beschikking ex artikel 7:685 B.W.

van de kantonrechter te Sittard;

Op 12 november 2001 is ter griffie een verzoekschrift ingekomen van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DSM Limburg B.V.

gevestigd en kantoorhoudende te Geleen, gemeente Sittard-Geleen

aan de (…)

gemachtigde mw. mr. C.C.M. Beaumont-Wilms, advocate te Heerlen,

requestrante, hierna ook te noemen DSM,

strekkende tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst en wel voorwaardelijk, voorzover deze nog mocht blijken te bestaan, met

[Verweerder]

wonende te …

gemachtigde mr. D.S.G. Lie, advocaat te Heerlen,

wegens gewichtige redenen, op gronden in het verzoekschrift omschreven.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is mondeling behandeld ter terechtzitting van woensdag 21 november 2001.

Partijen zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigden.

Bij de mondelinge behandeling hebben partijen hun respectieve standpunten nader en zeer uitvoerig toegelicht, onder andere aan de hand van pleitnotities.

Naar aanleiding van de respectieve standpunten van partijen wordt als volgt overwogen:

1. DE VASTSTAANDE FEITEN:

Verweerder is op 1 september 2001 bij DSM in dienst getreden als … in vol continudienst bij DSM Acrylonitrile, ACN. Het bruto maandsalaris van Verweerder bedroeg per september 2001 f. 6.818,00, inclusief vakantiegeld. Verweerder is bij brief van 4 oktober 2001 op staande voet ontslagen. Verweerder heeft het ontslag op staande voet aangevochten en heeft DSM ex art. 116 Rv terzake gedagvaard.

2.1 DSM vordert ontbinding van de arbeidsovereenkomst en wel voorwaardelijk, namelijk indien zou komen vast te staan dat het dienstverband niet rechtsgeldig zou zijn beëindigd door het ontslag op staande voet d.d. 4 oktober 2001,

- primair wegens dringende redenen;

- subsidiair wegens verandering in de omstandigheden zonder toekenning aan Verweerder van een vergoeding, kosten rechtens.

2.2 DSM stelt daartoe onder andere:

2.2.1 Iedere medewerker van DSM heeft de mogelijkheid op de werkplek gebruik te maken van een personal computer. Via een eigen wachtwoord is er toegang tot een persoons- gebonden opslagcapaciteit op de centrale netwerkcomputer, de zogenaamde U-schijf. Als er op een bepaalde werkplek meerdere personen hun werkzaamheden verrichten, maken zij gebruik van één hardwareopstelling.

DSM heeft een eigen intern internetgebeuren, genaamd “Intranet”, waarop vrijwel ieder DSM bedrijfsonderdeel zijn eigen Intranetsite heeft, zo ook ACN. Op deze Intranetsites staat algemene informatie over het desbetreffende bedrijfsonderdeel. Deze informatie is toegankelijk voor alle DSM-medewerkers. Het bedrijfsonderdeel kan bepaalde informatie beperken tot eigen medewerkers.

2.2.2 Eind 1999 heeft DSM na overleg met de Ondernemingsraad (O.R.) een aanvullende richtlijn vastgesteld over het gebruik van de communicatiemiddelen binnen DSM in Zuid- Limburg. Deze richtlijn is in het 2-wekelijkse periodiek van DSM van 4 november 1999 op de voorpagina opgenomen en toegelicht. De richtlijn luidt:

“Iedere medewerker wordt geacht de binnen DSM aanwezige communicatiemiddelen te gebruiken voor zakelijke doeleinden” waarbij onder communicatiemiddelen wordt verstaan e-mail, internet, telefoon, post, repro, GSM-telefoon, portofoon etc.”.

In de toelichting staat onder andere: “Het uitgangspunt is dat de bedrijfscommunicatie-middelen alleen voor zakelijke doeleinden worden gebruikt”. Met de O.R. is afgesproken dat DSM periodiek over de effectiviteit van de richtlijn aan de O.R. zal rapporteren.

Op het Intranet ACN staat onder het kopje “DSM ACN Information Security” de navol-gende informatie: “Je ACN PC (2 pagina’s); ACN Informatie (2 pagina’s)”. Voornoemde pagina’s zijn alleen toegankelijk voor ACN-medewerkers. Onder andere is opgenomen:

- “De ACN PC is net als andere DSM communicatiemiddelen bedoeld voor zakelijk gebruik.

- De informatie op je PC is en blijft eigendom van ACN en dat willen we graag zo houden.

- Alleen standaard software, door BSM geleverd, mag op de PC en het netwerk gebruikt worden.

- Computerspelletjes en meegebrachte software (o.a. screensavers en afwijkende achtergronden) zijn verboden.”

“Internet

Binnen DSM is het gebruik van Internet aan strenge regels onderhevig.

Internetgebruik wordt toegestaan ten behoeve van zakelijk gebruik als ondersteuning van de dagelijkse werkzaamheden.

- Periodiek wordt er op centraal niveau controle uitgevoerd op het bezoek van de verschillende internet-sites.

- Bezochte internet-sites worden beoordeeld op algemeen geldende normen, waarden en geschiktheid voor zakelijk gebruik.”

De gebruiker leest op Internet bij het inloggen:

“Use of the network is restricted to authorized users. Users activity is monitored and recorded by system personell. Anyone using the network expressly consents to such monitoring and recording. BE ADVISED: if possible criminal activity is detected, system recordings, along with certain personal information, may be provided to law enforcement officials. Click OK, press enter, or close this window to agree.”

In september 2001 heeft een algemene controle van het internetgebeuren plaatsgevon- den. Geconstateerd wordt dat door een internetgebruiker, niet zijnde Verweerder, dubieuze internetsites zijn bezocht.

Op 19 september 2001 geeft het management van ACN de opdracht tot een centraal onderzoek van alle U- en C-schijven (circa 400) naar pornografische bestanden.

Op 20 september 2001 bericht de directeur ACN per e-mail aan alle ACN-medewerkers dat er bij een aantal van deze medewerkers films (met een klaarblijkelijk pornografisch karakter) zijn opgeslagen en naar verwachting ook bekeken worden, dat het hier gaat om oneigenlijk en onjuist gebruik van de terbeschikking gestelde bedrijfsmiddelen en dat tegen de overtreders van de regels terzake passende diciplinaire maatregelen zullen worden genomen.

Op 25 september 2001 wordt aan Verweerder door het hoofd P&O DSM ACN onder andere meegedeeld:

“Bij controle van de U-schijf zijn op de door u gebruikte sectie een groot aantal bestanden aangetroffen, die klaarblijkelijk geen enkele relatie hebben met uw werkzaamheden voor DSM Acrylonitrile. Voorlopig willen wij dit interpreteren als oneigenlijk gebruik van werktijd en van de door DSM ter beschikking gestelde bedrijfsmiddelen. Om die reden is met onmiddellijke ingang uw Aurora-account geblokkeerd en zult u hangende het onderzoek geen gebruik kunnen maken van de PC. Verder delen wij u nog mede dat de recherche op korte termijn met u een afspraak zal maken om u over deze zaak te horen.”

Tussen 25 september 2001 en 3 oktober 2001 wordt de sectie van de U-schijf van Verweerder nader onderzocht. Verweerder is op 1 oktober 2001 gehoord door de bedrijfsrecherche van DSM. Hij bevestigt dat hij filmpjes en foto’s met porno heeft opgeslagen op zijn PC.

De rapportages van het onderzoek zijn op 4 oktober 2001 ter beschikking gesteld aan de formele werkgever DSM Limburg B.V. en het management van ACN.

Op 4 oktober besluit DSM Limburg B.V. na intern overleg met Verweerder tot een ontslag op staande voet op de volgende gronden:

“Uit het door bedrijfsbeveiliging ingesteld onderzoek is inderdaad bovenstaande constatering bevestigd, er bevinden zich op de door u gebruikte ruimte op de server grote aantallen bestanden, betrekking hebbende op privé-werkzaamheden en/of bestanden met een uitgesproken pornografisch karakter. Het is evident dat hierbij oneigenlijk en onjuist gebruik gemaakt is van door DSM ter beschikking gestelde bedrijfsmiddelen, en tijdens werktijd activiteiten voor privé doeleinden hebben plaatsgevonden.”

DSM stelt nader: ….

3. Het verweer:

3.1 Verweerder betwist dat er sprake is van een dringende reden c.q. een verandering in de omstandigheden op grond waarvan de arbeidsovereenkomst dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen.

3.2 Verweerder stelt eerstens dat het niet onmogelijk is dat andere werknemers bestanden op zijn schijf hebben kunnen opslaan als hij eventueel eens vergeten heeft om “uit te loggen” dan wel als een ander de beschikking zou hebben over zijn code (password).

Verweerder stelt verder dat hij geen kennis heeft kunnen nemen van de voornoemde richtlijn, omdat hij eind 1999 nog niet in dienst was van DSM.

Voorts stelt Verweerder als volgt: …

Het overige relevante verweer van Verweerder luidt:

- DSM doet het voorkomen alsof het opslaan en verwerken van bestanden veel tijd kost; dat kost echter slechts een fractie van een seconde.

- Ik ben nooit gewaarschuwd, evenmin als andere collega’s en niet op de hoogte gesteld van de consequenties.

- Van de DSM-medewerkers heeft 70% niet-zakelijke bestanden op de harde schijf opgeslagen.

- Er is sprake van willekeur, omdat van de 29 medewerkers die porno op hun computer hadden er 25 nog in dienst zijn.

- Ik heb altijd goed gewerkt.

- Indien men de stellingen van verzoekster met betrekking tot de zogenaamde diefstal van tijd van DSM volgt, is het geen enkele werknemer toegestaan om bijvoorbeeld de krant te lezen, een sigaret te roken etc.. Het opslaan van een e-mail plus attachment kost veel minder tijd.

- DSM heeft niet gemotiveerd waarom ik de veiligheid van de ACN-fabriek en die van de locatie en de rest van de omgeving in gevaar zou hebben gebracht.

- De bedoelde bedrijfsregels die voor mij en nagenoeg alle andere werknemers niet bekend waren heb ik niet willens en wetens overtreden.

Verweerder stelt tenslotte:

“De wijze waarop met Verweerder is omgegaan is zodanig berispelijk dat Verweerder in aanmerking dient te komen voor een vergoeding waarbij dient te worden uitgegaan van correctie-factor drie. Verweerder stelt daartoe het navolgende:

- Er is sprake van willekeur zijdens DSM. Ten deze zij verwezen naar productie 4 bij de art. 116 RV-dagvaardingen. Er zijn bij een groot aantal (nagenoeg alle) andere werknemers van de ACN-fabriek pornografische bestanden gevonden op de U-schijf. Deze werknemers zijn thans nog steeds in dienst;

- Verweerder wordt in één adem genoemd met de in dezelfde maand op staande voet ontslagen werknemer die kinderpornografische bestanden heeft opgeslagen op diens harde schijf. Verweerder wordt in diens familie-, vrienden- en kennissenkring met argusogen bekeken. Iedereen denkt dat -nu andere werknemers van de ACN-fabriek niet zijn ontslagen- Verweerder ook iets met kinderporno heeft te maken. Iedere dag wordt Verweerder in zijn leefomgeving geconfronteerd met vragen zoals: “Er moet toch meer aan de hand zijn, anders was je niet op staande voet ontslagen.”

- Voorgaande vloeit onder meer uit het gepubliceerde krantenartikel, waarvan een copie als productie 6 bij de art. 116 RV-dagvaarding in het geding is gebracht;

- Verweerder vraagt zich af of hij wel ander werk vindt, hetgeen gezien deze zaak, zeker niet meer vanzelfsprekend is”.

3.3 Verweerder verzoekt:

- primair: verzoekster niet-ontvankelijk te verklaren;

- subsidiar: het verzoek af te wijzen;

- meer subsidiar: aan de ontbinding een vergoeding toe te kennen van drie maand- salarissen, zulks ten gevolge van de grote mate van verwijtbaarheid zijdens verzoekster, derhalve met toekenning van een vergoeding aan verweerder van

f. 27.272,00 bruto = € 12.375,49.

Bij de mondelinge behandeling heeft Verweerder verzocht om hem nog een extra vergoeding van f. 25.000,00 als smartengeld toe te kennen vanwege het persoonlijk leed dat DSM hem heeft aangedaan nu er krantenpublicaties zijn verschenen en hij als het ware met de vinger wordt nagewezen.

Verweerder heeft voorts nog verwezen naar recente uitspraken van kantonrechters, gepubliceerd in JAR. 2001, 4 en 7.

4. DSM is bij de mondelinge behandeling uitvoerig ingegaan op het verweer van Verweerder en heeft onder andere gesteld, voor zover van belang:

- dat de DSM-regels niet voor niets op papier zijn gezet en dat Verweerder deze had kunnen en/of behoren te kennen;

- dat de toegang tot de betreffende apparatuur eenvoudig is;

- dat de stelling van Verweerder dat 70% van de DSM-medewerkers niet zakelijke bestanden naar de harde schijf schrijft een loze onbewezen kreet is;

- dat Verweerder op zeer grote schaal de DSM-bedrijftsmiddelen voor niet zakelijk gebruik heeft gehanteerd, te weten: het opslaan van 106 pornobestanden (foto’s en films), alsmede 7 bestanden met betrekking tot “Evenementen- en Uitzendbureau Erma”, zijnde een privé bedrijf van Verweerder, waardoor DSM-systemen extra worden belast en de kans bestaat op vervuiling en/of besmetting door virussen. Bij onder- zoek bleek dat dergelijke vervuilende bestanden ook aanwezig waren in de vorm van een screensaver, namelijk als op het plaatje van de screensaver op “X” (delete) werd geklikt, verdween het plaatje niet, maar kwam er juist een bij. Fatsoenlijk afsluiten van het document bleek niet mogelijk;

- dat Verweerder in zijn verklaring van 26 september 2001 ook heeft erkend dat hij tijdens de diensten zowel privé-activiteiten voor zijn eigen Evenementen- en Uitzendbureau Erma verrichtte én naar de foto’s en filmpjes keek;

- dat bovendien de aard van de niet zakelijke bestanden zodanig is dat DSM Verweerder daarom niet meer in dienst wil hebben.

De gemachtigde van DSM heeft bij de mondelinge behandeling gewezen op de “smerig- heid” en het lage allooi van de films en de foto’s (…) en zich bereid verklaard alle foto’s en films te tonen.

Zijdens DSM is er tenslotte op gewezen dat het werken in continudienst voortdurende oplettendheid vereist in verband met de productie van chemische systemen en dat het besteden van tijd aan andere activiteiten de veiligheid in gevaar kan brengen.

Tenslotte is zijdens DSM nog aangevoerd dat er geen sprake is van willekeur, omdat DSM tegen de 27 privé-gebruikers van DSM-apparatuur maatregelen heeft getroffen afhankelijk van de aard en de omvang van het privé-gebruik.

Eén medewerker is ontslagen op staande voet wegens het opslaan op de harde schijf van kinderporno, Verweerder en twee anderen zijn op staande voet ontslagen in verband met de aard en de omvang van de privé-bestanden, 5 medewerkers zijn gestraft middels een salarismaatregel en de overigen hebben een waarschuwing gekregen.

5. Het oordeel van de kantonrechter:

5.1 De kantonrechter heeft zich op basis van de door partijen gegeven informatie ervan vergewist, dat het verzoek geen verband houdt met enig verbod tot opzegging van de arbeidsovereenkomst.

5.2 Vast staat dat Verweerder 41 pornobestanden, waaronder de voornoemde zeer harde porno, heeft opgeslagen op de zogenoemde U-schijf, alsmede 27 bestanden met betrekking tot zijn privé bedrijfje “All Communications Network”.

De kantonrechter acht bovendien in voldoende mate aannemelijk gemaakt dat Verweerder deze pornobestanden regelmatig inkeek (“…. omdat ik ze als ontspannend heb ervaren”). Bovendien blijkt dit ook uit de inhoud van de door DSM overgelegde productie 6 (..).

Uit deze productie blijkt voorts dat Verweerder ook de bestanden met betrekking tot zijn privé bedrijfje raadpleegde; in elk geval vat de kantonrechter het verweer van Verweerder dat het hier een back-up betrof als een flauw smoesje, omdat een back-up op andere wijze zeer eenvoudig is te maken.

Gelet op de werkzaamheden die Verweerder in het verleden heeft verricht en onder andere de werkzaamheden met betrekking tot de kennelijk geautomatiseerde administratie van het privé bedrijfje van Verweerder, dient Verweerder te worden aangemerkt als iemand die goed op de computer thuis is.

Verweerder heeft ook geen (afdoende) verklaring kunnen geven waarom hij gegevens met betrekking tot zijn voornoemde privé-bedrijfje op de DSM-apparatuur heeft gezet;

Gelet op dit laatste wordt ook het verweer van Verweerder, dat de toegang tot het systeem, hier in geding, kort gezegd, “niet zo eenvoudig is”, volledig verworpen, dit afgezien van de omstandigheid het van algemene bekendheid is dat toegang tot een dergelijk systeem voor (geautoriseerde) medewerkers in zijn algemeenheid betrekkelijk eenvoudig is als je de code kent.

5.3 Thans komt de vraag aan de orde of Verweerder wist dan wel behoorde of kon weten dat de betreffende apparatuur alleen voor zakelijke doeleinden gebruikt mocht worden.

5.3.1 De kantonrechter verbaast zich er eerstens over dat Verweerder er kennelijk vanuit gaat dat hij de betreffende apparatuur, zonder hiertoe enig verzoek te moeten doen, ook mocht gebruiken voor privé-doeleinden. Een werknemer behoort namelijk te weten dat hij goederen (in de zin van boek 3:1 van het B.W.) van een ander, in casu de werkgever, niet zomaar voor zichzelf mag ge- of verbruiken; dat de praktijk veelal anders is doet hieraan niet af. Verweerder gebruikte de computer én de tijd van DSM voor privé-doeleinden. DSM behoeft dit niet te accepteren. Verweerder valt aldus een verwijt te maken en niet DSM.

Verweerder heeft niet, althans niet in voldoende mate, aangegeven waarom hij de in de pleitnotitie van de gemachtigde van DSM genoemde passage: “Iedere medewerker wordt geacht de binnen DSM aanwezige communicatiemiddelen te gebruiken voor zakelijke doeleinden, waarbij onder communicatiemiddelen wordt verstaan e-mail, intranet, internet, telefoon, post, repro, fax, GSM-telefoon, portofoon, enz.” niet zou kunnen kennen nu deze passage vast ligt in de Beveiligingsvoorschriften en Aanwijzingen DSM (BVA) hoofdstuk 3.1.3.

5.4.1 De kantonrechter moet nu eerst de vraag beantwoorden of de gedragingen van Verweerder een ontslag op staande voet rechtvaardigen, nu DSM primair ontbinding heeft gevraagd op grond van dringende redenen.

5.4.2 De kantonrechter overweegt als volgt:

a. In een civiele procedure is het aan de werkgever om het bewijs te leveren dat er gronden zijn voor een ontslag op staande voet. De onderhavige procedure leent zich echter in beginsel niet voor het horen van getuigen.

b. De Hoge Raad heeft zeer strenge criteria gegeven voor een geldig ontslag op staande voet.

5.4.3 De kantonrechter is vooralsnog van oordeel dat het geenszins zeker is dat DSM, gelet op het hiervoor onder punt 5.4.2 a en b gestelde en mede gelet op de omstandigheid, dat hier sprake is van een precedent - omdat een duidelijke waarschuwing van DSM, dat misbruik van DSM-apparatuur tot een ontslag op staande voet kan leiden, ontbreekt - in een eventuele bodem procedure zonder meer in het gelijk zal worden gesteld.

Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van dringende redenen wordt dan ook afgewezen.

5.5 De kantonrechter is wel van oordeel dat er sprake is van een verandering in de omstan-digheden welke van dien aard is dat de arbeidsovereenkomst behoort te eindigen. Er is namelijk sprake van een volstrekt verstoorde arbeidsrelatie tussen partijen.

DSM verwijt Verweerder onjuist gebruik van bedrijfsmiddelen en wel: het gebruiken van de bedrijfsmiddelen voor het opslaan van (harde) porno en privé-bestanden, het gebruiken van DSM-tijd voor het verrichten van privé-werkzaamheden en het bekijken van deze porno in werktijd en tenslotte het in gevaar brengen van de veiligheid door voornoemde handelingen.

Verweerder verwijt DSM dat hij op staande voet is ontslagen zonder voorafgaande waarschu-wing, dat DSM willekeurig heeft gehandeld door de andere werknemers van ACN-fabriek waarbij porno op de computer is aangetroffen niet te ontslaan, dat hij thans in één adem wordt genoemd met een medewerker van ACN-fabriek waarbij kinderporno op de computer is aangetroffen, dat zijn eer en goede naam is aangetast door de publi- citeit rondom deze zaak en dat het vinden van ander werk niet meer vanzelfsprekend is.

De kantonrechter is van oordeel dat de arbeidsrelatie tussen partijen hierdoor zodanig is verstoord dat een vruchtbare samenwerking in de toekomst niet meer te verwachten valt en er dus alle grond is voor een ontbinding.

5.6 Thans dient nog beantwoord te worden de vraag of aan Verweerder een vergoeding moet worden toegekend.

5.6.1 Uit rechtsoverwegingen 5.3, 5.3.1 en 5.3.2 volgt dat de kantonrechter van oordeel is dat Verweerder behoorde te weten en ook wist of kon weten dat hij de DSM-apparatuur niet voor privé-doeleinden mocht gebruiken. Er valt dus een verwijt aan Verweerder te maken, met name gelet op de omvang van het privé-gebruik.

5.6.2 Bovendien leidt de aard van het privé-gebruik eveneens tot een verwijt aan Verweerder.

In mannengemeenschappen kan het voorkomen dat het taalgebruik en dergelijke, met betrekking tot sex en wel speciaal ten opzichte van vrouwen, afhankelijk van de omstandigheden, in het algemeen weliswaar, minder fijnzinnig is dan in een zogenaamd gemengd gezelschap en bovendien is het ieders goed recht om, als hij of zij om welke reden dan ook daaraan behoefte heeft naar zogenaamde “vieze plaatjes” te kijken, maar dat dient dan in beginsel in besloten dan wel privé sfeer te geschieden, zoals ook uit het Wetboek van Strafrecht voortvloeit.

In het onderhavige geval heeft Verweerder echter de meest harde, naar het oordeel van de kantonrechter uiterst onsmakelijke, vrouw- én manonvriendelijke, porno op de computer van zijn baas opgeslagen terwijl hij wist of kon weten dat de baas zou kunnen controleren. Bovendien is bij de mondelinge behandeling aangevoerd dat er wel eens werd vergeten uit te loggen, zodat op dat moment ook anderen konden kennis nemen van deze zogenaamde vieze prentjes.

5.6.3 De kantonrechter is voor het overige met DSM van oordeel dat te grote interesse in de eigen privé-werkzaamheden en vooral in de porno kan leiden tot het verslappen van de aandacht voor het eigen werk, zodat de veiligheid in gevaar kan komen.

5.7 Het vorenoverwogene leidt tot de slotsom dat DSM hoogstens een verwijt kan worden gemaakt dat zij zonder voorafgaande waarschuwing tot een ontslag op staande voet is overgegaan, maar dit verwijt valt in het niet bij de verwijten die Verweerder kunnen worden gemaakt. De kantonrechter merkt hiernog bij op dat het vreemd aandoet als een werknemer die de regels overtreedt, zoals in casu Verweerder, tegen zijn werkgever, in casu DSM, zegt: “het is allemaal niet zo erg en omdat jij mij niet eerst hebt gewaarschuwd dien je mij nu een driedubbele vergoeding (factor C=3) te betalen.” Dit is naar het oordeel van de kantonrechter de rollen omdraaien en de schuld in feite leggen bij degene die de gewraakte handeling heeft ontdekt.

5.8 Met betrekking tot het verweer dat DSM willekeurig heeft gehandeld door Verweerder te ontslaan en andere overtreders niet, oordeelt de kantonrechter als volgt:

Eerstens is niet aangevoerd in hoeverre de andere overtreders misbruik hebben gemaakt van de DSM-communicatiemiddelen en voorts heeft DSM uitvoerig uitgelegd waarom zij Verweerder wel en andere overtreders niet heeft ontslagen. De kantonrechter kan verder niet ambtshalve treden in het beleid van de directie van DSM, tenzij er sprake zou zijn van duidelijke willekeur, (ernstige) schending van het gelijkheidsbeginsel of bijvoorbeeld zoals gezegd, van disproportionaliteit. Van willekeur (ernstige) schending van het gelijkheidsbeginsel of disproportionaliteit is vooralsnog niet gebleken.

5.9.1 Er is dan ook in beginsel geen grond voor het toekennen van een vergoeding gelet op de verwijten die aan Verweerder kunnen worden gemaakt, ook niet als het ontslag op staande voet in een eventuele bodemprocedure door de rechter nietig wordt verklaard.

5.9.2 De kantonrechter zal de arbeidsovereenkomst tussen partijen ontbinden per 15 december 2001; bijzondere omstandigheden die toekenning van een vergoeding alsnog rechtvaardigen doen zich in dit geval niet voor, integendeel: de kantonrechter vindt het getuigen van zeer slecht werknemerschap van Verweerder om na zo korte na in diensttreding bij DSM gelijk maar misbruik te maken van de omstandigheden en dan de schuld bij DSM te leggen. Verweerder zal ook veroordeeld worden om f. 750,00 te betalen aan DSM als bijdrage in het salaris van de gemachtigde van DSM.

5.10 Voor zover de eer en goede naam van Verweerder mocht zijn aangetast, is DSM hiervan geen verwijt te maken nu niet is gebleken dat DSM, al of niet bewust, onjuiste informatie aan de pers heeft doorgegeven. Voor een immateriële schadevergoeding bestaat daarom ook geen enkele grond.

DE BESLISSING:

Ontbindt de onderhavige arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 15 december 2001, voor zover deze nog mocht blijken te bestaan.

Veroordeelt Verweerder in de proceskosten aan de zijde van DSM gevallen en tot op heden begroot op f. 750,00, wegens salaris gemachtigde van DSM.

Aldus in het openbaar gegeven door mr. J.F.Th. Becker, kantonrechter te Sittard, in tegenwoordigheid van de griffier.

type: TJ

coll:

AFSCHRIFT AAN: MW. MR. C.C.M. BEAUMONT-WILMS + MR. D.S.G. LIE

VERZONDEN OP: 3 DECEMBER 2001

DE GRIFFIER VAN HET KANTONGERECHT

TE SITTARD