Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2021:7003

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
08-09-2021
Datum publicatie
15-09-2021
Zaaknummer
C/03/287393 / HA ZA 21-32
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Benoeming deskundige, welke deskundige de rechter bijstaat op descente.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: C/03/287393 / HA ZA 21-32

Vonnis bij vervroeging van 8 september 2021

in de zaak van

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ,

wonend te [woonplaats] ,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. T.H. Liebregts,

tegen

1 [gedaagde in conventie, eiser in reconventie sub 1] ,

2. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie sub 2],

beiden wonend te [woonplaats] ,

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

advocaat mr. C.W.L. van de Merbel.

Partijen worden hierna [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 28 april 2021,

  • -

    de akte na conclusie aan de zijde van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] , genomen op de rol van 12 mei 2021

  • -

    de mededeling bij brief van 19 mei 2021 van deze rechtbank, waarbij een gerechtelijke plaatsopneming op de [straatnaam] [huisnummer 1] en [huisnummer 2] te [plaats] is gelast tegen 13 oktober 2021 om 13.00 uur alsmede een aansluitende mondelinge behandeling om 15.00 uur in het gerechtsgebouw,

  • -

    de conclusie van antwoord in reconventie met productie 31 (naar het oordeel van de rechtbank productie 32).

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De verdere beoordeling

in conventie en in reconventie

2.1.

Bij vonnis van 28 april 2021 heeft de rechtbank een plaatsopneming bevolen en bepaald dat mr. W.E. Elzinga zich zal begeven naar [straatnaam] [huisnummer 2] + [huisnummer 1] te [plaats] vergezeld van een nader te benoemen deskundige van het kadaster.

2.2.

Tijdens de plaatsopneming zal de onduidelijkheid in de verhouding tussen de veldwerken van 1980 en 2019 voor dit geschil aan bod komen, in het bijzonder met betrekking tot de vraag waar de bij het veldwerk van 1980 en 2019 aangewezen, dan wel gereconstrueerde perceelsgrens tussen de percelen [kadastrale aanduiding] nummer [kadasternummer 1] en nummer [kadasternummer 2] zich in het veld bevindt.

2.3.

De rechtbank zal de hierna onder de beslissing vermelde deskundige benoemen en de hoogte van het voorschot op de kosten van de deskundige vaststellen op het in de beslissing vermelde bedrag.

2.4.

In haar vonnis van 28 april 2021 heeft de rechtbank reeds geoordeeld dat het voorschot op de kosten van de deskundige door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] moet worden gedeponeerd.

2.5.

De rechtbank wijst erop dat partijen wettelijk verplicht zijn om mee te werken aan het onderzoek door de deskundige. De rechtbank zal deze verplichting uitwerken zoals nader onder de beslissing omschreven. Wordt aan een van deze verplichtingen niet voldaan, dan kan de rechtbank daaruit de gevolgtrekking maken die zij geraden acht, ook in het nadeel van de desbetreffende partij.

2.6.

Indien een partij desgevraagd of op eigen initiatief schriftelijke opmerkingen en verzoeken aan de deskundige doet toekomen, dient zij daarvan terstond afschrift aan de wederpartij te verstrekken.

3 De beslissing

De rechtbank

in conventie en in reconventie

3.1.

benoemt tot deskundige:

Hen Dijks, landmeter Kadaster Apeldoorn, locatie De Brug,

Postbus 9046

7300 GH Apeldoorn,

het voorschot

3.2.

stelt de hoogte van het voorschot op de kosten van de deskundige vast op het door de deskundige begrote bedrag van € 965,00,

3.3.

bepaalt dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] het voorschot dient over te maken binnen twee weken na de datum van de nota met betaalinstructies van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak,

3.4.

draagt de griffier op om de deskundige onmiddellijk in kennis te stellen van de betaling van het voorschot,

het onderzoek

3.5.

bepaalt dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] haar procesdossier in afschrift aan de deskundige dient te doen toekomen,

3.6.

bepaalt dat de deskundige een onderzoek zal instellen in aanwezigheid van mr. W.E. Elzinga aan de [straatnaam] [huisnummer 2] + [huisnummer 1] te [plaats] op woensdag 13 oktober 2021 te 13.00 uur, naar de ligging in het veld van de (in 2019 gedeeltelijk gereconstrueerde) grens tussen de percelen [kadastrale aanduiding] nummer [kadasternummer 1] en nummer [kadasternummer 2] ,

3.7.

wijst de deskundige er op dat:

  • -

    de deskundige voor aanvang van het onderzoek dient kennis te nemen van de Leidraad deskundigen in civiele zaken (te raadplegen op www.rechtspraak.nl of desgevraagd te verkrijgen bij de griffie),

  • -

    de deskundige het onderzoek onmiddellijk dient te staken en contact dient op te nemen met de griffier, indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden het voorschot niet toereikend blijkt te zijn,

  • -

    de deskundige partijen bij een onderzoek van een object ter plaatse gelegenheid dient te bieden dit onderzoek bij te wonen; indien slechts één partij, althans niet alle partijen, bij het onderzoek van objecten ter plaatse aanwezig is of zijn, de deskundige dit onderzoek niet mag uitvoeren, tenzij alle partijen zijn uitgenodigd om bij dat onderzoek aanwezig te zijn, en dat uit het rapport moet blijken dat hieraan is voldaan,

3.8.

bepaalt dat partijen nadere inlichtingen en gegevens aan de deskundige dienen te verstrekken indien deze daarom verzoekt, de deskundige toegang dienen te verschaffen tot voor het onderzoek noodzakelijke plaatsen, en de deskundige ook voor het overige gelegenheid dienen te geven tot het verrichten van het onderzoek,

het verslag

3.9.

draagt de deskundige op om na afloop van het onderzoek bij de plaatsopneming direct mondeling verslag uit te brengen, dan wel te rapporteren op een door de rechter na afloop van het onderzoek te bepalen wijze en tijdstip,

overige bepalingen

3.10.

draagt de griffier op de zaak op de rol te plaatsen:

- indien het voorschot niet binnen de daarvoor bepaalde (eventueel verlengde) termijn is ontvangen: voor akte uitlating voortprocederen aan beide zijden op een termijn van twee weken,

3.11.

verklaart de beslissing over het voorschot uitvoerbaar bij voorraad,

3.12.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.E. Elzinga en in het openbaar uitgesproken.1

1 type: AH coll: