Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2021:3468

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
07-04-2021
Datum publicatie
21-04-2021
Zaaknummer
8907920 CV EXPL 20-6091
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Onbetaalde facturen. Bewijsopdracht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 8907920 CV EXPL 20-6091

Vonnis van de kantonrechter van 7 april 2021

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CREATORES BELEGGINGEN B.V.,

gevestigd te Heerlen,

eiseres, gedaagde in verzet,

gemachtigde mr. B.A.L.H. Robijns,

tegen

[gedaagde, eiser in verzet] ,

wonend te [woonplaats] ,

gedaagde, eiser in verzet,

gemachtigde mr. B.H.M. Nijsten.

Partijen worden hierna Creatores en [gedaagde, eiser in verzet] genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het door deze rechtbank op 23 september 2020 tussen Creatores als eiseres en [gedaagde, eiser in verzet] als gedaagde bij verstek gewezen vonnis onder zaaknummer/ rolnummer 8735877 CV EXPL 20-4173,

  • -

    de verzetdagvaarding van 20 november 2020,

  • -

    de voor de mondelinge behandeling door Creatores op 29 december 2020 toegestuurde aanvullende producties,

  • -

    het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 14 januari 2021, waar [gedaagde, eiser in verzet] niet is verschenen.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[gedaagde, eiser in verzet] heeft van Creatores gehuurd twee opslagboxen aan de [adres] te [plaats] , objectnummers [nummer 1] en [nummer 2] . De huurprijs bedraagt € 52,00 per maand per opslagbox en dient bij vooruitbetaling te worden voldaan.

2.2.

Op enig moment is aan de zijde van [gedaagde, eiser in verzet] een achterstand ontstaan in zijn betalingsverplichtingen jegens Creatores. Daarnaast is op enig moment door Creatores geconstateerd dat de poorten van opslagboxen [nummer 1] en [nummer 2] en het terrein voor die poorten ernstig was vervuild. Naast vervuiling is ook schade aan voornoemde poorten, en de poort van opslagbox [nummer 3] – die door [gedaagde, eiser in verzet] niet is gehuurd – geconstateerd.

2.3.

Per brief van 28 mei 2020 heeft Creatores [gedaagde, eiser in verzet] aangeschreven. Voor zover relevant heeft zij het volgende aan [gedaagde, eiser in verzet] medegedeeld:

(…)

Vandaag 28-05-2020 hebben wij diverse telefoontjes binnen gekregen over beschadiging en troep bij de boxen. Via de camera beelden hebben wij dit geconstateerd dat u hiervoor verantwoordelijk bent. U heeft op 27-05-2020 tot laat in de avond aan uw aanhanger gewerkt. Zie ook de bijgevoegde foto’s.

Er ligt nabij de boxen rotzooi/olie van uw aanhanger. Ook ligt er rotzooi van de poort die u beschadigd hebt. In het contract staat duidelijk vermeld dat werkzaamheden verboden zijn.

U begrijpt dat wij dit niet meer kunnen accepteren. Bij deze zeggen wij het huurcontract op. Wij geven u tot zaterdag 13 juni 2020 de tijd om de poorten te herstellen en de olie op te ruimen.

(…)

Mocht u hier geen gehoor aan geven zal ik de boxen laten ontruimen.

Mocht dit niet het geval zijn zulle alle kosten die gemaakt worden en aan u worden doorbelast.

(…)

3 Het geschil

3.1.

Creatores heeft in de verstekprocedure gevorderd dat de kantonrechter bij een uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:

  1. voor recht verklaart dat de huurovereenkomst tussen partijen is ontbonden,

  2. [gedaagde, eiser in verzet] veroordeelt tot ontruiming van de gehuurde opslagboxen,

  3. [gedaagde, eiser in verzet] veroordeelt tot betaling van een schadevergoeding van € 52,00 per maand voor de periode dat [gedaagde, eiser in verzet] nog in het gehuurde zal verblijven, lopende vanaf de ontbindingsdatum tot en met de maand waarin [gedaagde, eiser in verzet] de gehuurde opslagboxen ontruimd zal hebben en dat bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente,

  4. [gedaagde, eiser in verzet] veroordeelt om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Creatores te betalen € 2.645,00 ter zake van de onbetaalde huurpenningen en herstelkosten voor de schade aan de opslagboxen, te vermeerderen met de wettelijke rente,

  5. [gedaagde, eiser in verzet] veroordeelt om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Creatores te betalen € 389,50 aan buitengerechtelijke kosten te vermeerderen met de wettelijke rente,

  6. [gedaagde, eiser in verzet] veroordeelt om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Creatores te betalen de proceskosten, eveneens te vermeerderen met de wettelijke rente,

  7. [gedaagde, eiser in verzet] veroordeelt om tegen behoorlijk bewijst van kwijting aan Creatores te betalen de nakosten, te vermeerderen met de explootkosten en kosten van noodzakelijke verschotten indien betekening plaatsvindt.

3.2.

Bij verstekvonnis van 23 september 2020 zaaknummer 8735877 CV EXPL 204173 heeft de kantonrechter [gedaagde, eiser in verzet] veroordeeld om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Creatores te betalen:

  1. € 2.645,00 aan huurachterstand en herstelkosten vermeerderd met de wettelijke rente over € 2.645,00 vanaf de verzuimdatum van de respectievelijke facturen tot de dag van volledige betaling,

  2. de proceskosten begroot op € 792,38, vermeerderd met de wettelijke rente met ingang van de vijftiende dag na betekening van het vonnis tot de dag van volledige betaling,

  3. de nakosten begroot op € 105,00 aan salaris gemachtigde, vermeerderd met de explootkosten van betekening van het vonnis indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden.

3.3.

[gedaagde, eiser in verzet] vordert in het verzet te worden ontheven van de bij het verstekvonnis uitgesproken veroordeling en dat de vordering van Creatores alsnog wordt afgewezen met veroordeling van Creatores in de kosten van deze verzetprocedure.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Het verzet is binnen de in artikel 143 Rv genoemde termijn en dus tijdig ingesteld zodat [gedaagde, eiser in verzet] in zijn verzet kan worden ontvangen.

Rechtsverwerking

Creatores voert meermaals aan dat [gedaagde, eiser in verzet] voorafgaand aan de verzetdagvaarding nooit verweer heeft gevoerd tegen haar stellingen en vorderingen. Zij lijkt zich op het standpunt te willen stellen dat [gedaagde, eiser in verzet] hierdoor het recht heeft verwerkt hiertegen alsnog op te komen. Een enkel stilzitten van de wederpartij is echter onvoldoende voor een geslaagd beroep op rechtsverwerking. Hierbij komt dat [gedaagde, eiser in verzet] heeft betwist ooit facturen of iets dergelijks te hebben ontvangen en de ontvangst van facturen, brieven en/of de dagvaarding is door Creatores niet aangetoond. Bovendien stelt [gedaagde, eiser in verzet] analfabeet te zijn. Kortom: dat [gedaagde, eiser in verzet] voorafgaand aan de verzetdagvaarding geen verweer heeft gevoerd, betekent niet dat hij dat niet alsnog mag doen.

Huurachterstand

4.2.

[gedaagde, eiser in verzet] heeft de huurachterstand van juni 2020 niet betwist zodat dit deel van de vordering van Creatores (2 x € 52,- = € 104,-) zal worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente vanaf de vervaldata van de aan dat bedrag onderliggende facturen (overgelegd als productie 3 dagvaarding in de verstekprocedure) tot de dag van volledige betaling.

Schade aan opslagboxen

4.3.

Creatores heeft gesteld dat [gedaagde, eiser in verzet] zich niet als goed huurder heeft gedragen. Hij heeft een lange aanhanger in de gehuurde opslagbox geplaatst waardoor de deur is ontzet en beschadigd. Daarnaast heeft hij met die lange aanhanger schade veroorzaakt aan de poort van box nr. [nummer 3] . De poorten van opslagboxen [nummer 1] en [nummer 2] en het terrein voor die poorten zijn bovendien ernstig vervuild met hydrauliek olie. De vlekken van die olie zijn niet eenvoudig schoon te krijgen. Ter onderbouwing van haar stellingen heeft Creatores foto’s overgelegd. Daarnaast heeft zij aangevoerd dat zij via camerabeelden heeft vastgesteld dat [gedaagde, eiser in verzet] voor de schade verantwoordelijk is en dat diverse getuigen dat ook kunnen bevestigen. Tot slot heeft zij gesteld dat [gedaagde, eiser in verzet] , ondanks diverse verzoeken, de schade niet heeft hersteld.

4.4.

[gedaagde, eiser in verzet] heeft betwist dat hij schade aan de poorten van de opslagboxen heeft veroorzaakt. Hij betwist ook dat het terrein voor de poorten door hem (ernstig) is vervuild.

4.5.

Op basis van de foto’s staat vast dat de poorten van opslagboxen [nummer 1] en [nummer 2] vervuild en beschadigd waren toen [gedaagde, eiser in verzet] het gehuurde achterliet. Hij heeft dit niet schoongemaakt dan wel hersteld, zodat hij aansprakelijk is voor de schoonmaak-/herstelkosten.

4.6.

Echter staat op basis van de stukken in het dossier niet vast dat [gedaagde, eiser in verzet] aansprakelijk is voor de vervuiling van het terrein voor de poorten van [nummer 1] en [nummer 2] en voor de schade aan poort [nummer 3] . Creatores heeft van deze stelling immers geen bewijs ingebracht. Wel heeft zij getuigenbewijs aangeboden, reden waarom de kantonrechter haar in de gelegenheid zal stellen te bewijzen dat [gedaagde, eiser in verzet] de vervuiling van het terrein voor de poorten van [nummer 1] en [nummer 2] en de schade aan poort [nummer 3] heeft veroorzaakt.

Herstelkosten

4.7.

Creatores heeft de door haar gevorderde herstelkosten onderbouwd met een door haar opgemaakte en aan [gedaagde, eiser in verzet] gerichte factuur (d.d. 15 juni 2020) waartegen [gedaagde, eiser in verzet] – volgens Creatores – geen bezwaar heeft gemaakt. Tijdens de mondelinge behandeling heeft zij toegelicht dat zij na overleg met de heer [naam beheerder] , beheerder van al het vastgoed van Creatores en eigenaar van een installatiebedrijf, de schade op € 2.541,00 heeft begroot.

4.8.

[gedaagde, eiser in verzet] heeft gesteld dat Creatores, met de door haar overgelegde factuur, de gevorderde herstelkosten onvoldoende heeft onderbouwd. Daartoe heeft hij aangevoerd dat Creatores een factuur van een bedrijf had moeten overleggen waaruit zou blijken wat de daadwerkelijk gemaakte kosten waren. De door Creatores opgemaakte factuur maakt geen onderscheid tussen de schade aan poort [nummer 3] en de werkzaamheden aan de vervuilde poorten van boxen [nummer 1] en [nummer 2] . Ook vindt [gedaagde, eiser in verzet] de gevorderde herstelkosten in verhouding tot de gestelde schade onaanvaardbaar hoog. [gedaagde, eiser in verzet] erkent dat hij niet eerder op de factuur heeft gereageerd, maar hij stelt nooit facturen of iets dergelijks van Creatores te hebben ontvangen. Bovendien is hij analfabeet.

4.9.

De kantonrechter is het niet eens met de stelling van Creatores dat zij haar vordering middels de factuur voldoende heeft gemotiveerd en onderbouwd. Immers betreft de factuur niet meer dan een zelfgemaakt document zonder enige specificatie van de verschillende posten. De kantonrechter is het derhalve ook niet eens met de stelling van Creatores dat [gedaagde, eiser in verzet] een contra-offerte had moeten opvragen. Kortom: de kantonrechter is het eens met [gedaagde, eiser in verzet] dat de door Creatores overgelegde factuur geen duidelijkheid geeft over de afzonderlijk verrichte werkzaamheden en dat aan de hand van die factuur de herstelkosten niet kunnen worden vastgesteld.

4.10.

Nu vast staat dat [gedaagde, eiser in verzet] verantwoordelijk is voor in ieder geval een deel van de schade (zie 4.5), acht de kantonrechter termen aanwezig om Creatores, ter zake van de herstelkosten, tot bewijslevering toe te laten. Creatores zal dan ook worden opgedragen een offerte van een derde in te brengen op grond waarvan de hoogte van de herstelkosten alsnog kan worden beoordeeld, uitgesplitst naar schadepost: te weten (a.) schade/vervuiling [nummer 1] en [nummer 2] (b.) vervuiling van het terrein voor de poorten [nummer 1] en [nummer 2] en (c.) schade aan de poort [nummer 3] .

5 De beslissing

De kantonrechter

5.1.

draagt Creatores op te bewijzen dat [gedaagde, eiser in verzet] de vervuiling van het terrein voor de poorten van [nummer 1] en [nummer 2] en de schade aan poort [nummer 3] heeft veroorzaakt,

5.2.

verwijst de zaak naar de rol van 5 april 2021 voor akte aan de zijde van Creatores waarin zij zich dient uit te laten over de vraag of zij van de gelegenheid tot bewijslevering gebruik zal maken door middel van overlegging van bewijsstukken en/of het horen van getuigen,

5.3.

draagt Creatores op, indien zij (mede) kiest voor het horen van getuigen, om in de akte het aantal en (voor zover bekend) de personalia van die getuigen op te nemen met een opgave van de verhinderdata van alle betrokkenen in de eerstvolgende vier maanden, waarna een dag voor getuigenverhoor zal worden bepaald,

5.4.

draagt Creatores op, indien zij (mede) kiest voor overlegging van bewijsstukken, om die gelijktijdig met de akte in het geding te brengen,

5.5.

draagt Creatores op om bij bovengenoemde akte een offerte van een derde in te brengen op grond waarvan de hoogte van de herstelkosten alsnog kan worden beoordeeld, uitgesplitst naar schadepost: te weten (a.) schade/vervuiling [nummer 1] en [nummer 2] (b.) vervuiling van het terrein voor de poorten [nummer 1] en [nummer 2] en (c.) schade aan de poort [nummer 3] ,

5.6.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. G. M. Drenth en in het openbaar uitgesproken.

NZ