Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2020:9733

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
09-12-2020
Datum publicatie
05-01-2021
Zaaknummer
8854268 CV EXPL 20-5463
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding. Huur

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Burgerlijk recht

Zaaknummer: 8854268 CV EXPL 20-5463

Vonnis in kort geding van de kantonrechter van 9 december 2020

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid MULTI-FIX W&A B.V.,

kantoorhoudend en gevestigd aan de Boschstraat 25, 6442 PB Brunssum,

eiseres,

gemachtigde mr. N.A.M. de Bie,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid G+N PROPERTY I B.V.,

gevestigd en kantoorhoudend aan de Helvoirtseweg 3, 5261 CA Vught,

gedaagde,

gemachtigde mr. S.K. Tuithof.

Partijen zullen hierna Multi-Fix en G+N genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding

  • -

    de op voorhand door G+N ingediende producties

  • -

    de mondelinge behandeling van 26 november 2020 met de pleitaantekeningen van mr. Tuithof.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

Multi-Fix heeft met (de rechtsvoorganger van) G+N een schriftelijke huurovereenkomst gesloten op grond waarvan zij per 1 maart 2020 van G+N huurt de bedrijfsruimte met kantoren, kantine en 125 parkeerplaatsen, staande en gelegen aan de Boschstraat 25 te (6442 PB) Brunssum (ook wel de Booghallen genoemd). In artikel 18 van de overeenkomst zijn partijen overeengekomen dat verhuurder (G+N) een aantal werkzaamheden voor haar rekening zal nemen en (laten) uitvoeren, waaronder “plaatsen temperatuur inregeling verwarming”.

2.2.

Uit de rapportage van [naam bedrijf] volgt:

“(…) Inregelen heeft op dit moment geen meerwaarde. Installatie bestaat uit oude kolomradiatoren. Warmteopwekking dateert uit 1983, sterk verouderd.

Er wordt een raming gemaakt voor vervangen ketels, besturing & revisie verdeler. (…)”

2.3.

Tegen de achtergrond van deze vaststaande feiten vordert Multi-Fix bij vonnis veroordeling van G+N:

- om binnen twee dagen na betekening van het vonnis opdracht te geven het dak van het gehuurde te repareren en de lekkages onmiddellijk te verhelpen, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 voor iedere dag of gedeelte van een dag dat G+N daarmee in gebreke blijft, met een maximum van € 50.0000,00,

- om, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, binnen vier weken na het vonnis de CV-installatie te vernieuwen,

- tot betaling van de proceskosten.

2.4.

G+N heeft verweer gevoerd.

2.5.

Op de stellingen van partijen zal hierna - voor zover relevant - worden ingegaan.

3 De beoordeling

3.1.

Uit de stukken en de toelichting ter terechtzitting is genoegzaam gebleken dat het gaat om een spoedeisende zaak waarin, gelet op het belang van Multi-Fix, een onmiddellijke voorziening bij voorraad wordt vereist.

3.2.

De kantonrechter merkt allereerst op dat het onderhavige geschil zich beperkt tot de daklekkage en CV-installatie. De overige geschillen tussen partijen zijn hier niet aan de orde, zodat de daarover door partijen ingenomen stellingen buiten beschouwing zullen worden gelaten.

3.3.

Multi-Fix heeft – onder verwijzing naar de in het geding gebrachte foto’s – gesteld dat er sprake is van lekkages aan het dak van het gehuurde. G+N ontkent dat er sprake is van lekkages. De kantonrechter is van oordeel dat deze blote ontkenning, afgezet tegen de in het geding gebrachte stukken, onvoldoende gemotiveerd is om aan te nemen dat van lekkage geen sprake is. Bij gelegenheid van de mondelinge behandeling heeft G+N gesteld dat zij ten zeerste betwijfelt of er sprake is van lekkage. Het bevreemdt de kantonrechter in dat kader dat G+N, ondanks daartoe door Multi-Fix te zijn uitgenodigd, dan nog niet de moeite heeft genomen om de situatie ter plekke te gaan bekijken. Het vorenstaande brengt met zich dat de vordering zal worden toegewezen.

3.4.

Uit de door Multi-Fix overgelegde stukken (waaronder de rapportage van Ubaghs) en de niet weersproken stelling dat één van de drie ketels is afgesloten en dat Multi-Fix tijdelijk een (vervangende) ketel heeft ingehuurd, is voorshands voldoende aannemelijk dat de CV-installatie niet deugdelijk functioneert. Het verweer van G+N dat de CV-installatie naar behoren werkt kan gelet op het vorenstaande dan ook geen stand houden. Weliswaar is de CV-installatie sterk verouderd, maar dat deze thans vernieuwd dient te worden is nog onvoldoende gebleken, zodat de daarop betrekking hebbende vordering van Multi-Fix in zoverre niet toewijsbaar is. Echter mede met het oog op de winter ziet de kantonrechter wel grond een maatregel te treffen, inhoudende dat G+N gehouden is de huur van de door Multi-Fix ingehuurde ketel voor haar rekening te nemen. Dit zal dan ook als het mindere worden toegewezen.

3.5.

Ingevolge artikel 233 Rv kan de rechter desgevorderd een (deel van een) vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaren. Nu G+N verweer heeft gevoerd tegen de uitvoerbaarheid bij voorraad, dient de kantonrechter de belangen van partijen af te wegen in het licht van de omstandigheden van het geval. Daarbij moet worden nagegaan of op grond van die omstandigheden het belang van degene die een veroordeling verkrijgt zwaarder weegt dan het belang van de wederpartij bij behoud van de bestaande toestand tot op het rechtsmiddel is beslist. Daarbij dient de kans van slagen van het aangewende - of aan te wenden - rechtsmiddel in de regel buiten beschouwing te blijven (vgl. HR 29 november 1996, NJ 1997/684). Daarnaast wordt degene die een veroordeling tot betaling van een geldsom verkrijgt vermoed het vereiste belang bij uitvoerbaarverklaring bij voorraad te hebben (HR 27 februari 1998, NJ 1998/512). Voorts dient een daartegenover gesteld restitutierisico geconcretiseerd te worden (HR 17 juni 1994, NJ 1994/591) en staan mogelijk ingrijpende gevolgen van de executie, die moeilijk ongedaan gemaakt kunnen worden, op zichzelf niet aan uitvoerbaarverklaring bij voorraad in de weg, maar moeten (slechts) worden meegewogen (HR 28 mei 1993, NJ 1993/468).

3.6.

Niet is gesteld, noch is gebleken dat de wet of de aard van de zaak zich in dezen tegen uitvoerbaarverklaring bij voorraad verzetten. De stelling dat G+N bij een veroordeling mogelijk in hoger beroep gaat, is geen grond om een vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Voorts heeft G+N geen feiten en omstandigheden gesteld waaruit kan worden afgeleid dat een concreet risico bestaat dat de mogelijk door Multi-Fix te nemen maatregelen ter uitvoering van het vonnis tot onomkeerbare en verstrekkende gevolgen leiden.

3.7.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat het belang van Multi-Fix bij de gevorderde uitvoerbaarverklaring zwaarder weegt dan het belang van G+N bij behoud van de bestaande toestand tot op het rechtsmiddel is beslist. Het verweer van G+N tegen de gevorderde uitvoerbaarverklaring bij voorraad faalt derhalve. Bijgevolg zal de kantonrechter de vordering ter zake de CV-installatie uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

3.8.

G+N zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van Multi-Fix worden tot de uitspraak van dit vonnis bepaald op:

- dagvaarding € 87,99

- griffierecht € 124,00
- gemachtigde salaris € 720,00

Totaal € 931,99

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

veroordeelt G+N om binnen twee dagen na betekening van het vonnis opdracht te geven het dak van het gehuurde te repareren en de lekkages aan het gehuurde onmiddellijk te verhelpen, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 voor iedere dag of gedeelte van een dag dat G+N daarmee in gebreke blijft, met een maximum van

€ 50.000,00,

4.2.

veroordeelt G+N tot betaling van de huur van de door Multi-Fix ingehuurde ketel,

4.3.

veroordeelt G+N tot betaling van de proceskosten van Multi-Fix, die tot de uitspraak van dit vonnis worden bepaald op € 931,99,

4.4.

verklaart dit vonnis onder r.o. 4.2. uitvoerbaar bij voorraad,

4.5.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.R.A. Timmermans-Vermeer en is in het openbaar uitgesproken.

CJ