Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2020:9555

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
01-12-2020
Datum publicatie
16-12-2020
Zaaknummer
8779356 AZ VERZ 20-105
Rechtsgebieden
Arbeidsrecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

De kantonrechter stelt vast dat de werkgever niet heeft weersproken dat zij het loon niet betaalt, althans niet vrijwillig. Dat sprake is van een moeilijke financiële situatie is geen rechtvaardiging voor het niet of niet tijdig betalen van het loon. De kantonrechter stelt dan ook vast dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld waardoor de arbeidsovereenkomst is ontbonden. Omdat de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever is zij aan de werknemer ingevolge artikel 7:671c lid 2, aanhef en onder b BW, een billijke vergoeding verschuldigd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2020-1557
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 8779356 AZ VERZ 20-105

Beschikking van 1 december 2020

in de zaak van

[verzoeker] ,

wonend te [woonplaats] ,

verzoekende partij,

gemachtigde mr. T.F.J. Scheepers,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid GARAGE SOLUTIONS B.V.,

gevestigd te Maastricht,

verwerende partij,

gemachtigde: mr. R. Loonen.

Partijen worden hierna [verzoeker] en Garage Solutions genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het verzoekschrift met bijlagen 1 t/m 15;

  • -

    de mondelinge behandeling op 11 november 2020.

1.3

Ten slotte is beschikking bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

[verzoeker] , geboren op [geboortedatum] , is met ingang van 1 november 2018 in dienst van Garage Solutions op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd in de functie van monteur tegen een loon van € 3.966,29 bruto per maand exclusief vakantietoeslag en overige emolumenten.

2.2.

[verzoeker] heeft zich op 11 april 2020 arbeidsongeschikt gemeld.

2.3.

Op 24 april 2020 heeft Garage Solutions [verzoeker] op staande voet ontslagen.

2.4.

Bij beschikking van 22 juni 2020 (zaaknummer: 8518530 AZ VERZ 20-58) heeft de kantonrechter deze opzegging vernietigd, Garage Solutions veroordeeld [verzoeker] op straffe van een dwangsom toe te laten tot de bedongen arbeid en tot betaling van het loon, vakantietoeslag en emolumenten te vermeerderen met de wettelijke verhoging van 50%.

2.5.

[verzoeker] heeft Garage Solutions gesommeerd tot betaling van het loon. [verzoeker] heeft verder beslag laten leggen op de bankrekening van Garage Solutions. Daarna heeft [verzoeker] Garage Solutions nog meerdere malen tevergeefs gesommeerd tot betaling. Ook heeft [verzoeker] Garage Solutions voorgesteld om te komen tot een beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Garage Solutions heeft niet meer gereageerd.

3 Het geschil

3.1.

[verzoeker] verzoekt de kantonrechter, voor zover mogelijk, uitvoerbaar bij voorraad:

I. de arbeidsovereenkomst te ontbinden omdat Garage Solutions - kort gezegd - weigert het overeengekomen loon te betalen en haar re-integratieverplichtingen na te komen waardoor de arbeidsovereenkomst dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen;

II. vast te stellen dat Garage Solutions ernstig verwijtbaar heeft gehandeld waardoor de arbeidsovereenkomst is ontbonden;

III. Garage Solutions te veroordelen tot betaling van het loon, te vermeerderen met

vakantietoeslag, vanaf 1 februari 2020 tot het moment dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd onder vermindering van het door Garage Solutions reeds betaalde bedrag;

IV. Garage Solutions te veroordelen tot betaling van de transitievergoeding van

€ 2.859,88 bruto;

V. Garage Solutions te veroordelen tot betaling van een billijke vergoeding van

€ 76.407,40 bruto;

VI. Garage Solutions te veroordelen tot betaling van de wettelijke verhoging van 50% over het loon;

VII. Garage Solutions te veroordelen tot betaling van de wettelijke rente vanaf het tijdstip van opeisbaarheid;

VIII. Garage Solutions te veroordelen tot betaling aan [verzoeker] van een bedrag aan buitengerechtelijke kosten;

IX. Garage Solutions te veroordelen in de kosten van de procedure, het salaris van de gemachtigde daaronder begrepen.

3.2.

Garage Solutions verzet zich niet tegen het verzoek om ontbinding van de arbeidsovereenkomst en tegen het verzoek tot toekenning van een transitievergoeding.

Er is sprake van een moeilijke financiële situatie. Voor het overige heeft Garage Solutions verwezen naar het in de vorige procedure gevoerde verweer.

4 De beoordeling

4.1.

Omdat Garage Solutions zich niet verzet tegen de verzochte ontbinding zal deze worden toegewezen. [verzoeker] heeft verzocht de arbeidsovereenkomst ‘dadelijke of na korte tijd’ te ontbinden, maar geen nadere gewenste ontbindingsdatum genoemd.

De kantonrechter zal de arbeidsovereenkomst daarom met ingang van 11 december 2020 ontbinden.

4.2.

[verzoeker] heeft ter zitting erkend dat hij geen belang heeft bij zijn verzoek tot betaling van het loon (het verzoek onder III) en het verzoek tot betaling van de wettelijke verhoging daarover (het verzoek onder VI), omdat Garage Solutions daartoe al is veroordeeld bij beschikking van 22 juni 2020 (5.4 van die beschikking). Deze verzoeken zullen dan ook worden afgewezen. Dat geldt ook voor het verzoek om Garage Solutions te veroordelen in de wettelijke rente (het verzoek onder VII), voor zover dit verzoek ziet op het loon. Garage Solutions is immers ook al veroordeeld tot betaling van de wettelijke rente over het loon en de wettelijke verhoging.

4.3.

Omdat Garage Solutions daartegen geen verweer heeft gevoerd, zal zij worden veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 2.859,88 bruto aan transitievergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 januari 2021 (artikel 7:686a lid 1 BW).

4.4.

De kantonrechter stelt vast dat Garage Solutions niet heeft weersproken dat zij het loon niet betaalt, althans niet vrijwillig. Dat sprake is van een moeilijke financiële situatie is geen rechtvaardiging voor het niet of niet tijdig betalen van het loon. De kantonrechter stelt dan ook vast dat Garage Solutions ernstig verwijtbaar heeft gehandeld waardoor de arbeidsovereenkomst is ontbonden. Omdat de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van Garage Solutions is zij aan [verzoeker] ingevolge artikel 7:671c lid 2, aanhef en onder b BW, een billijke vergoeding verschuldigd.

4.5.

De kantonrechter overweegt dat de Hoge Raad in zijn beschikking van 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1187, NJ 2017/298 (New Hairstyle) (niet-limitatieve) gezichtspunten heeft geformuleerd voor het bepalen van de billijke vergoeding van art. 7:681 lid 1, aanhef en onder a, BW. Ook in een geval als het onderhavige, waarin de billijke vergoeding is gegrond op art. 7:671c lid 2, aanhef en onder b, BW, gaat het uiteindelijk erom dat de werknemer wordt gecompenseerd voor het ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever (beschikking van de Hoge Raad van 8 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:878).

4.6.

De gezichtspunten die in ‘New Hairstyle’ zijn geformuleerd, lenen zich daarom ook voor toepassing in een geval als het onderhavige. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de rechter de billijke vergoeding dient te bepalen op een wijze die, en op het niveau dat, aansluit bij de uitzonderlijke omstandigheden van het geval. In de hiervoor genoemde beschikking is geoordeeld dat de billijke vergoeding geen punitief doel heeft. De rechter dient in de motivering van zijn oordeel inzicht te geven in de omstandigheden die tot de beslissing over de hoogte van de vergoeding hebben geleid.

4.7.

De hoogte van de door [verzoeker] verzochte billijke vergoeding van € 76.407,40 bruto is gebaseerd op de veronderstelling dat [verzoeker] nog zeker één jaar in dienst zou zijn gebleven, waardoor hij door de ontbinding van de arbeidsovereenkomst € 51.407,40 bruto aan inkomsten misloopt. Verder heeft [verzoeker] gesteld dat hij in de financiële problemen is gekomen doordat Garage Solutions het loon niet heeft betaald. Daardoor zijn er kosten ontstaan en deze stelt [verzoeker] op € 5.000,-. Verder vraagt [verzoeker] om een vergoeding van

€ 20.000,- voor het daardoor ontstane psychische leed.

4.8.

De kantonrechter acht aannemelijk dat de arbeidsovereenkomst nog enige tijd had voortgeduurd als Garage Solutions haar verplichting tot loonbetaling was nagekomen. Dat Garage Solutions deze verplichting niet is nagekomen, is er de oorzaak van dat [verzoeker] om ontbinding van de arbeidsovereenkomst heeft verzocht. [verzoeker] is verder arbeidsongeschikt en niet is gebleken dat hij ander werk heeft gevonden. Doordat het loon niet is betaald is [verzoeker] in de financiële problemen gekomen. Tot slot is van belang dat Garage Solutions nauwelijks verweer heeft gevoerd, anders dan een verwijzing naar het in de vorige procedure gevoerde verweer. Daarmee heeft Garage Solutions het recht op en de hoogte van de billijke vergoeding niet of nauwelijks betwist. Anderzijds is aannemelijk dat [verzoeker] een uitkering zal verkrijgen in België. Verder zal aan [verzoeker] een transitievergoeding worden toegekend. De kantonrechter acht, gelet op dit alles, een billijke vergoeding van € 12.000,-bruto te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van verzuim, toewijsbaar. Bij een zelfstandige verklaring voor recht dat Garage Solutions ernstig verwijtbaar heeft gehandeld waardoor de arbeidsovereenkomst is ontbonden, heeft [verzoeker] geen belang, gelet op de toewijzing van de billijke vergoeding. Dit verzoek zal dan ook worden afgewezen.

4.9.

Het verzoek Garage Solutions te veroordelen tot betaling van een bedrag aan buitengerechtelijke kosten zal worden afgewezen, omdat de loonvordering eveneens is afgewezen nu deze reeds bij beschikking van 22 juni 2020 is toegewezen en de gestelde buitengerechtelijke werkzaamheden voornamelijk zien op de tenuitvoerlegging van deze beschikking.

4.10.

Garage Solutions zal worden veroordeeld in de proceskosten. Deze worden begroot op € 720,- aan salaris gemachtigde en € 83,- aan griffiegeld.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

ontbindt de arbeidsovereenkomst met ingang van 11 december 2020;

5.2.

veroordeelt Garage Solutions om aan [verzoeker] € 2.859,88 bruto te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van 11 januari 2021 tot aan de dag van volledige betaling;

5.3.

veroordeelt Garage Solutions om aan [verzoeker] € 12.000,- bruto te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente met ingang van de dag van verzuim tot de dag van volledige betaling;

5.4.

veroordeelt Garage Solutions tot betaling van de kosten van deze procedure, aan de zijde van [verzoeker] tot op heden bepaald op € 803,00 aan salaris gemachtigde en griffiegeld, vermeerderd met de wettelijke rente met ingang van de vijftiende dag na betekening van deze beschikking tot de dag van volledige betaling;

5.5.

verklaart de onderdelen 5.2 tot en met 5.4 van deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

5.6.

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. P.H.M. Kuster en is in het openbaar uitgesproken.