Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2020:4683

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
15-05-2020
Datum publicatie
01-07-2020
Zaaknummer
C/03/260927 / FA RK 19-648
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2020:2954
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Ex-partnerstrijd duurt al jaren; ondanks inzet hulpverlening lukt het ouders niet deze strijd te staken. Kinderen nog steeds klem tussen ouders, moeder ernstig overbelast. Rechtbank acht substantiële wijziging verdeling zorg- en opvoedtaken noodzakelijk, bepaalt hoofdverblijf bij vader en stelt contactregeling tussen kinderen en moeder vast.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Familie en jeugd

Datum uitspraak: 15 mei 2020

Zaaknummer: C/03/260927 / FA RK 19-648

De enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de navolgende beschikking gegeven inzake:

[de vader] ,

verzoeker, verder te noemen: de vader,

voorheen wonende te [plaats 1] , thans wonende te [woonplaats 1] ,

voorheen advocaat mr. P.M.F.M. Maas,

thans advocaat mr. I.F.H. Nelissen, kantoorhoudend te Valkenburg aan de Geul,

en:

[de moeder] ,

wederpartij, verder te noemen: de moeder,

wonende te [woonplaats 2] ,

advocaat mr. J.E.A. Hendrix, kantoorhoudend te Geleen, gemeente Sittard-Geleen.

Met toepassing van artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is

de Raad voor de Kinderbescherming, Regio Zuidoost Nederland, verder te noemen:

de raad, gevestigd te Maastricht, door de rechtbank als adviseur bij deze zaak betrokken.

Wederom gezien de stukken, waaronder thans ook een door deze rechtbank gegeven en op

27 augustus 2019 uitgesproken beschikking.

1 Het verder verloop van de procedure

Het verder procesverloop blijkt uit:

  • -

    De brief van de raad van 10 januari 2020 met het verslag van de Mutsaersstichting (Plinthos) van 30 december 2019, ingekomen bij de rechtbank op 14 januari 2020;

  • -

    het door de vader ingediend aanvullend verzoek, ingekomen bij de rechtbank op

18 februari 2020;

  • -

    de reactie van de moeder op voormeld verslag van de Mutsaersstichting, ingekomen bij de rechtbank op 21 februari 2020;

  • -

    een e-mailbericht van de vader, ingekomen bij de rechtbank op 5 maart 2020;

  • -

    twee F9-formulieren van de vader, ingekomen bij de rechtbank op 20 maart 2020;

  • -

    een e-mailbericht met bijlage, van de moeder, ingekomen bij de rechtbank op

30 maart 2020;

- een F9-formulier van de moeder, ingekomen bij de rechtbank op 30 maart 2020;

- het door de moeder ingediend verweerschrift kinderalimentatie, ingekomen bij de rechtbank op 24 april 2020.

In verband met de sluiting van de rechtbank per 17 maart 2020 door de uitbraak van het coronavirus (COVID-19) heeft de voortgezette mondelinge behandeling van de zaak pas op

1 april 2020 plaatsgevonden, middels videoverbinding.

Gehoord zijn:

  • -

    de vader, bijgestaan door zijn advocaat;

  • -

    de moeder, bijgestaan door haar advocaat;

  • -

    een vertegenwoordigster van de raad.

2 Aanvullend verzoek vader

Voor de inhoud van het door de vader ingediende aanvullend verzoek betreffende – kort gezegd- wijziging hoofdverblijf, zorgregeling en kinderalimentatie verwijst de rechtbank naar de stukken. Voor de inhoud van het door de moeder gevoerde verweer verwijst de rechtbank eveneens naar de stukken.

3 De standpunten ter zitting

De moeder stelt dat het traject Uniform Hulp Aanbod (UHA) alsnog moet gaan plaatsvinden. UHA is nooit goed van de grond gekomen omdat de vader volgens Plinthos niets wilde. Wat betreft de ernstige zorgen die de huisarts van de moeder in een brief heeft gemeld geeft de moeder aan dat zij niet overspannen is door de kinderen, maar dat zij onder grote spanning staat door het ontbreken van communicatie tussen partijen. Dat heeft de advocaat bij Plinthos aangegeven en niet dat de moeder overspannen is. Daarop heeft Plinthos voortgeborduurd. Er is geen enkele vooruitgang geboekt in de communicatie tussen partijen. Het lukt niemand om partijen in beweging te krijgen. Plinthos heeft de moeder onder druk gezet door aan te geven dat, als de moeder niet zou doen wat Plinthos wilde, [minderjarige 1] in de prostitutie terecht zou komen en [minderjarige 2] drugsverslaafd zou raken. Daarop heeft de advocaat Plinthos aangesproken, omdat dit soort uitspraken niet kunnen. Maar Plinthos bleef erbij. Al tijdens de vorige zitting heeft de moeder aangegeven hoe omgegaan zou moeten worden met de overdrachtsmomenten. De vader leek daarmee in te stemmen maar komt nu met een ander verzoek. Dat het anders moet staat buiten kijf, maar partijen kunnen niet met elkaar overleggen. Een 50/50 regeling kan niet gevolgd worden, omdat dat commitment vergt. De advocaat heeft met Plinthos ook overleg gehad over een door Plinthos geopperde plaatsing van de kinderen in een pleeggezin. Dat zou betekenen dat de kinderen op vrijdag naar een pleeggezin moeten, enkel vanwege problemen rond de overdracht en niet vanwege een noodzaak tot verblijf in een pleeggezin. Het blijft vechten tegen de bierkaai, terwijl de vader met een beschuldigende vinger naar de moeder wijst. Een wijziging van het hoofdverblijf van de kinderen lost niets op. De moeder wil met de kinderen verhuizen naar [plaats 2] in België, naar haar nieuwe partner. Zij heeft geen bezwaar als de kinderen bij de vader ingeschreven worden. Dat is echter iets anders dan dat zij de kinderen niet aan zou kunnen. Het aanvullend verzoek van de vader is voor de moeder geen optie. Er is geen sprake van een noodsituatie. Het gaat goed met de kinderen bij de moeder. Ook op school gaat het beter en de kinderen kunnen bij de moeder ook spelen. De vader stelt dat dat de kinderen veel stress ervaren, maar onderbouwt op geen enkele manier waarom er een wisseling van het hoofdverblijf zou moeten komen. De vader verzoekt dat alleen maar om zorgtaken van de moeder over te kunnen nemen. De moeder doet nu alles voor de kinderen, en de vader gaat met [minderjarige 2] naar zwemles.

De moeder is het eens met het eerder door de raad op 29 juli 2019 gegeven advies, dat gevolgd zou moeten worden.

De vader heeft aangevoerd dat hij nog steeds achter het solo parallelouderschap staat waarmee hij tijdens de vorige zitting instemde. Er is al drie jaar sprake van een situatie waarin de kinderen klem zitten in hun loyaliteit. Het wordt hoog tijd dat de kinderen uit deze strijd worden gehaald en weer gewoon kind kunnen zijn. Sinds de zorgmelding van de vader in september 2017 en de ingezette hulpverlening, eerst in het vrijwillig kader van Yvoor en later door Plinthos is echter geen enkele positieve verandering ontstaan. Uit het verslag van Plinthos blijkt dat de vader, ondanks zijn fulltime baan, steeds naar alle afspraken is gekomen, in tegenstelling tot de moeder, die veel afspraken heeft afgezegd. Het blijft een terugkerend patroon dat bij de moeder wordt gezien. Plinthos heeft ernstige zorgen over de situatie van de moeder. De moeder is ernstig overbelast, wat doorwerkt op de kinderen. Het voorstel van de moeder ten aanzien van de overdrachtsmomenten is door de raad verleden jaar al afgewezen, omdat de ouders niet bij elkaar in de buurt wonen. De moeder verblijft nu de meeste tijd in [plaats 2] bij haar huidige partner. Dat was ook al zo voordat de coronacrisis uitbrak. Zorgelijk is dat de moeder in de afgelopen weken de kinderen een aantal keren niet naar vader heeft laten gaan vanwege hoesten en niet willen en nu komt plotseling een briefje van de huisarts dat de kinderen vanwege Coronamaatregelen niet konden komen, terwijl de huisarts de kinderen niet gezien heeft. Duidelijk is dat overleg tussen de ouders niet mogelijk is. Plinthos heeft aangegeven achter een wijziging van het hoofdverblijf van de kinderen te staan. De vader beseft dat wijziging van het hoofdverblijf voor de kinderen betekent dat ze naar een nieuwe school moeten gaan en dat dat heftig is voor hen, maar dat biedt ook een nieuwe kans voor de kinderen, de kinderen hoeven dan niet naar een pleeggezin, kunnen omgang met de moeder hebben en er is voor de kinderen sprake van rust, ritme, regelmaat en structuur, wat in het belang van de kinderen is. Een gelijke verdeling van de zorg tussen beide ouders is niet mogelijk omdat de moeder dat niet aankan. De kinderen en de moeder hebben rust nodig en daarom dient er een structurele wijziging te komen. De vader volgt het advies van de raad van juli 2019 daarbij niet. Sinds dat advies is er veel gebeurd en het is belangrijk dat er een andere weg wordt ingeslagen middels wijziging van het hoofdverblijf van de kinderen. Een wijziging van de zorgregeling met een uitbreiding van één dag meer naar de vader, zoals door de moeder voorgesteld, lost niets op. Juist vanwege de bevindingen van Plinthos heeft de vader bij aanvullend verzoek zijn huidige voorstel gedaan in het belang van de kinderen.

De raad handhaaft het advies van 2019. Er moet duidelijkheid komen voor de kinderen en de ouders en het zijn de ouders die de sleutel in handen hebben om te komen tot een oplossing. Nog steeds lukt het de ouders niet met elkaar te communiceren en daarom biedt solo parallelouderschap de oplossing. Daarvoor dienen de ouders zich te melden bij de gemeente voor een doorverwijzing naar hulpverlening. De raad ziet een wijziging van het hoofdverblijf niet als de oplossing in deze en heeft daar vraagtekens bij.

4 De verdere beoordeling

De rechtbank verwijst naar hetgeen in voormelde beschikking is overwogen en beslist.

Daarin is een voorlopige zorgregeling bepaald tussen de vader en de kinderen waarbij de kinderen wekelijks bij de vader verblijven afwisselend de ene week van dinsdag na school tot en met woensdag voor school en de andere week van donderdag na school tot en met vrijdag voor school, en een weekend per veertien dagen van vrijdag 16.00 uur tot zondag 18.00 uur en gedurende de vakanties en feestdagen conform het advies van de raad als vermeld op pagina 2 van de beschikking van 27 augustus 2019 onder het kopje “vakanties en feestdagen”.

Verder zijn de ouders in de gelegenheid gesteld deel te nemen aan het jeugdhulptraject Nieuw Ouderschap in het kader van het Uniform Hulpaanbod en is iedere verdere beslissing aangehouden in afwachting van een onderzoek en advies van de raad indien het jeugdhulptraject niet wordt opgestart.

Uit het door de raad op 14 januari 2020 overgelegde eindverslag van de Mutsaersstichting (Plinthos) blijkt dat na zorgvuldige afweging tussen de procescoördinatoren, de ouders en partners de conclusie is dat ouders en Plinthos het erover eens is dat de situatie waarin de kinderen verkeren zorgwekkend is, maar ook dat het voortzetten van het traject niet langer zinvol is, omdat het de ouders niet lukt om overeenstemming te vinden over een voorstel of om een compromis te sluiten waarin beide ouders zich kunnen vinden. De ouders zien geen heil in voortzetting van het traject en wijten dit aan de andere ouder. Plinthos acht het onder deze omstandigheden van belang dat er op korte termijn een beslissing komt, waardoor duidelijkheid komt in het belang van de kinderen.

De rechtbank acht het zeer zorgelijk dat het ondanks de intensieve begeleiding door de professionals van Plinthos op geen enkele manier lukt de ouders zodanig te laten bewegen dat zij tot een zorgregeling komen die in het belang is van de kinderen. De ex-partnerstrijd duurt al jaren en ondanks de inzet van hulpverlening lukt het de ouders niet deze strijd te staken. Blijkens het verslag van Plinthos heeft de huisarts van de moeder contact gezocht met de behandelcoördinatoren en ernstige zorgen gemeld over de overbelasting van de moeder. Uit het verslag van Plinthos blijkt ook dat de moeder zelf heeft aangegeven dat zij overvraagd wordt door de huidige verdeling van de zorgtaken, gevoelens ervaart van uitzichtloosheid en de grip op de kinderen dreigt te verliezen. Plinthos constateert dat een verandering in de verdeling van de opvoedtaken noodzakelijk lijkt ter ontlasting van de moeder.

De huidige situatie is in strijd met het belang van de kinderen. Door de aanhoudende ex-partnerstrijd ontbreekt voor de kinderen al veel te lang een situatie waarin zij zich veilig en onbezorgd tussen de ouders kunnen bewegen. De kinderen zitten nog steeds klem in hun loyaliteit tussen de ouders. De rechtbank acht het daarnaast zorgwekkend dat de huidige zorgregeling te belastend is voor de moeder en haar draagkracht ver te boven gaat. Dit kan niet anders dan doorwerken op de kinderen. Onder deze omstandigheden is een substantiële wijziging van de verdeling van zorg- en opvoedtaken noodzakelijk.

Uit het door de raad in juli 2019 uitgevoerde onderzoek is gebleken dat [minderjarige 1] meer tijd met de vader wil doorbrengen. De moeder heeft bij Plinthos aangegeven dat beide kinderen een dag per veertien dagen extra naar vader willen gaan. Het voorstel van de raad om de kinderen een dag extra bij de vader te laten zijn biedt in de huidige omstandigheden echter geen oplossing. Daarbij komt dat elke extra wisseling voor meer spanning bij de kinderen zorgt. Het ter zitting door de raad gegeven advies dat solo parallelouderschap de oplossing biedt en dat de ouders naar de gemeente moeten gaan voor een doorverwijzing naar hulp in het vrijwillig kader biedt in de huidige omstandigheden evenmin een toereikende oplossing. Er is nu meer nodig om ervoor te zorgen dat er voor de kinderen rust en stabiliteit gaat komen.

De rechtbank acht het in de gegeven omstandigheden in het belang van de rust en stabiliteit voor en de ontwikkeling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] aangewezen om het hoofdverblijf van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] bij de vader te bepalen. Het daartoe gedane verzoek van de vader zal de rechtbank dan ook toewijzen. In het verlengde daarvan is eveneens toewijsbaar het verzoek om te bepalen dat de kinderen bij de vader worden ingeschreven, met welk verzoek de moeder heeft ingestemd. De vader dient zorg te dragen voor die inschrijving. De wijziging van het hoofdverblijf van de kinderen leidt hopelijk tot een sterke afname van de ernstige overbelasting van de moeder, wat tot minder stress en meer rust bij haar kan leiden, wat van groot belang is voor de kwaliteit van haar aandeel in de zorg voor [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .

Het verzoek van de vader om te bepalen dat de kinderen vanaf de wijziging van het hoofdverblijf onderwijs zullen genieten op de Basisschool [naam basisschool] begrijpt de rechtbank als een verzoek tot het verlenen van vervangende toestemming wegens het ontbreken van de toestemming van de moeder. De moeder heeft tijdens de mondelinge behandeling aangegeven dat zij wil dat de kinderen in [woonplaats 2] naar school blijven gaan. Daaruit leidt de rechtbank af dat de moeder geen toestemming geeft voor inschrijving van de kinderen op de school in [woonplaats 1] . Gezien de afstand [woonplaats 1] - [woonplaats 2] en de omstandigheid dat de vader een full time baan heeft acht de rechtbank het alleszins redelijk en geboden dat de kinderen, als ze bij de vader wonen, ook in [woonplaats 1] naar school kunnen gaan. De rechtbank zal dit verzoek van de vader daarom toewijzen. Daarbij gaat de rechtbank ervanuit dat de vader in het belang van de kinderen overleg pleegt met de huidige en toekomstige basisschool en aldus zorgdraagt voor een voor de kinderen zo soepel mogelijke overgang. Het verzoek om te bepalen dat de vader de zorgtaken op zich neemt wijst de rechtbank af, nu de rechtbank dat niet in het belang van de kinderen acht. Op grond van de vast te stellen zorgregeling heeft de moeder immers de zorgtaken voor de kinderen op de dagen dat de kinderen bij de moeder verblijven en heeft de vader de zorgtaken op de dagen dat de kinderen bij hem zijn.

De rechtbank stelt vast dat beide ouders nog steeds achter het traject solo parallel ouderschap staan. Het is aan hen om hierin stappen te zetten, zoals door de raad ter zitting geadviseerd en waarvoor Plinthos op pagina 2 van eerdergenoemd eindverslag van 30 december 2019 uitgangspunten heeft geformuleerd. Aan de hand van de in deze beschikking te geven beslissingen moeten belangrijke stappen gezet kunnen worden. Het zou voor de kinderen én voor de ouders veel betekenen als het de ouders lukt om dit traject alsnog tot een goed einde te brengen.

De rechtbank zal de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en daarmee een contactregeling tussen de moeder en de kinderen vastleggen, zoals hierna in het dictum bepaald. Daarbij zal ook worden bepaald dat, enkel in geval er geen school is, de vader de kinderen naar de moeder brengt en de moeder de kinderen naar de vader brengt. De rechtbank acht het niet in het belang van de kinderen en de ouders dat de kinderen elke week het hele weekend bij de moeder verblijven. Evenmin acht de rechtbank het in het belang van de kinderen en de ouders dat de moeder onder de huidige omstandigheden de kinderen om de week op zaterdag naar de woning van de vader moet brengen, zoals door de vader verzocht. De rechtbank acht het in het belang van de kinderen dat de overdracht tijdens schoolweken op/bij school plaatsvindt.

De rechtbank zal verder aansluiten bij het voorstel dat de raad deed bij rapport van 29 juli 2019 ten aanzien van de vader, te weten om de week van donderdag na school tot vrijdag aan school, zij het dat dit nu ten aanzien van de moeder zal worden bepaald. Voor wat betreft de vakanties neemt de rechtbank de door de raad in juli 2019 voorgestelde en in de beschikking van 27 augustus 2019 op pagina 2 weergegeven regeling over, nu zij deze in het belang van de kinderen acht.

De rechtbank zal de beslissing ten aanzien van de kinderalimentatie aanhouden, mede gezien het inmiddels ontvangen verweer van de moeder, en de zaak verwijzen naar een daartoe nader te plannen zitting.

5 De beslissing

De rechtbank:

bepaalt dat het hoofdverblijf van de minderjarige kinderen:

[minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] en

[minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] ,

bij de vader zal zijn;

bepaalt dat de kinderen ingeschreven zullen staan aan het adres bij vader;

verleent de vader vervangende toestemming tot inschrijving van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] op de basisschool [naam basisschool] te [woonplaats 1] ;

bepaalt dat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in het kader van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken als volgt bij de moeder zullen verblijven:

  • -

    in de oneven weken van donderdag uit school tot en met maandag aan school. De moeder haalt de kinderen op bij school in [woonplaats 1] op en brengt ze op maandag naar school;

  • -

    in de even weken van donderdag uit school tot vrijdag aan school, waarbij de moeder de kinderen uit school ophaalt en weer naar school brengt;

- zomervakantie: 1-2-2-1. Wisselmoment: zondag 10.00 uur. De ouder waar de kinderen zijn brengt de kinderen naar de andere ouder. Vrijdag uit school starten de kinderen hun schoolvakantie bij de ouder waar ze dat weekend zouden zijn conform de reguliere regeling (even weken vader, oneven weken moeder). Een week later op zondag om 10.00 uur worden de kinderen naar de andere ouder gebracht. Bij het einde van de vakantie zullen de kinderen niet op zondag wisselen, maar worden de kinderen vanuit de ouder waar zij de laatste week hebben doorgebracht op maandag naar school gebracht. Bij start van de school wordt de reguliere regeling weer hervat;

- vakanties van één week m.u.v. de carnavalsvakantie: vrijdag uit school starten de kinderen hun schoolvakantie bij de ouder waar ze dat weekend zouden zijn conform de reguliere regeling. Op woensdag om 10.00 uur worden de kinderen naar de andere ouder gebracht. Bij start van de school wordt de reguliere regeling weer hervat;

- carnavalsvakantie: even jaren: vrijdag na school starten de kinderen hun vakantie bij de vader en gaan zij op woensdag om 10.00 uur naar de moeder. In de oneven jaren starten de kinderen op vrijdag na school hun vakantie bij de moeder en gaan zij op woensdag om 10.00 uur naar de vader. Bij start van de school wordt de reguliere regeling weer hervat;

- vakanties van twee weken m.u.v. de kerstvakantie: vrijdag na school starten de kinderen hun vakantie bij de ouder waar ze dat weekend zouden zijn conform de reguliere regeling. Een week later op zondag om 10.00 uur worden de kinderen naar de andere ouder gebracht alwaar ze verblijven tot maandag aan school. Bij start van de school wordt de reguliere regeling weer hervat;

- kerstvakantie: even jaren: vrijdag na school starten de kinderen hun vakantie bij de vader en gaan zij op tweede kerstdag om 10.00 uur naar de moeder waar ze vervolgens blijven tot Nieuwjaarsdag 10.00 uur. Nieuwjaarsdag 10.00 uur gaan de kinderen naar de vader, alwaar ze blijven tot maandag aan school. Oneven jaren: vrijdag na school starten de kinderen hun vakantie bij de moeder en gaan zij op tweede kerstdag om 10.00 uur naar de vader waar ze vervolgens blijven tot Nieuwjaarsdag 10.00 uur. Nieuwjaarsdag 10.00 uur gaan de kinderen naar de moeder, alwaar ze blijven tot maandag aan school;

- Pasen: de kinderen gaan op vrijdag na school naar de ouder waar zij conform de reguliere regeling zouden verblijven en hier verblijven zij tot tweede paasdag 10.00 uur. Tweede paasdag 10.00 uur gaan de kinderen naar de andere ouder alwaar ze blijven tot dinsdag aan school. Bij start van de school wordt de reguliere regeling weer hervat;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

houdt iedere verdere beslissing ten aanzien van de kinderalimentatie aan tot een nader te bepalen zitting;

wijst af het meer of anders verzochte;

Deze beschikking is gegeven door mr. A.C. Schreinemakers, rechter, tevens kinderrechter en

in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van E.H.C.M. Franssen-Peeters, griffier op

15 mei 2020.

Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:

a. door de verzoekende partij en degenen aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden, binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak;

b. door andere belanghebbenden binnen 3 maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.