Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2019:4445

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
02-05-2019
Datum publicatie
13-05-2019
Zaaknummer
03-866426-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft gedurende verschillende tijdvakken de slachtoffers, deels behorend tot haar familiekring, bedolven onder een enorme hoeveelheid berichten via e-mail en in mindere mate via social media van zeer beledigende en krenkende aard, en zij heeft deze berichten ook op grote schaal gestuurd naar familieleden, relaties, werkgevers, collega’s, bekenden en onbekenden van deze slachtoffers. De verdachte heeft hiermee een ernstige inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van de slachtoffers.

Hoewel de rechtbank niet beschikt over rapportages van gedragsdeskundigen, doet de inhoud van het dossier ernstig vermoeden dat de verdachte kampt met psychische problemen en dat zij hulp weigert.

Nu zij echter niet ter zitting is verschenen, gedragsdeskundigen niet over haar hebben kunnen rapporteren en verdachte zich voortdurend in Duitsland ophoudt ziet de rechtbank geen mogelijkheden, ter voorkoming van recidive, toezicht en begeleiding door de reclassering in het kader van een voorwaardelijke strafdeel op te leggen. De rechtbank komt tot een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 6 voorwaardelijk, en tot oplegging van vrijheidsbeperkende maatregelen. Proeftijd van drie jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond

Strafrecht

Parketnummers: 03/866426-15, 03/866240-17, 03/866243-17, 03/866253-17

Verstek

Verkort vonnis van de meervoudige kamer d.d. 2 mei 2019

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens] ,

wonende te [adres] .

1 Het onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 18 april 2019. Tegen de verdachte is verstek verleend. De officier van justitie heeft zijn standpunt kenbaar gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:

03/866426-15 : in het tijdvak van 1 september 2013 tot en met 21 november 2014

[slachtoffer 1] heeft gestalkt;

03/866240-17

feit 1 : in de periode van 30 maart tot en met 28 april 2017 [slachtoffer 1] heeft gestalkt;

feit 2 : omstreeks 31 maart 2017 tot en met 30 juni 2017 [slachtoffer 2] heeft gestalkt;

03/866243-17

feit 1 : in de periode van 7 augustus 2017 tot en met 11 augustus 2017 [slachtoffer 3] heeft gestalkt;

feit 2 : in de periode 13 juli 2017 tot en met 14 augustus 2017 [slachtoffer 4] heeft gestalkt;

feit 3 : in de periode 8 april 2017 tot en met 31 augustus 2017 [slachtoffer 5] heeft gestalkt;

03/866253-17 : op 26 juli 2015 een e-mailbericht valselijk heeft opgemaakt of heeft vervalst.

3 De beoordeling van het bewijs

3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd alle feiten wettig en overtuigend bewezen te verklaren.

3.2

Het oordeel van de rechtbank

3.2.1

Parketnummer 03/866426-15

Bewijsmiddelen

Indien tegen dit verkort vonnis hoger beroep wordt ingesteld, worden de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het vonnis. Deze aanvulling wordt dan aan het vonnis gehecht.

Bewijsoverwegingen

De rechtbank acht dit feit bewezen, gelet op de aangifte/klacht van [slachtoffer 1] , het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [naam 1] d.d. 30 november 2014 met bijlagen, het mutatierapport d.d. 3 oktober 2013 en het aanvullende proces-verbaal van verbalisant [naam 2] d.d. 12 februari 2019.

De bijlagen die bij het proces-verbaal van bevindingen d.d. 30 november 2014 zijn gevoegd bestaan onder meer uit een grote hoeveelheid e-mailberichten van de verdachte aan de heer [slachtoffer 1] . De heer [slachtoffer 1] heeft deze berichten grotendeels in een doorlopend Word document geplaatst, waardoor niet steeds de directe binnenkomst van het bericht in de mailbox met datum en afzender te zien is. Van een aantal mails is wel duidelijk vast te stellen dat verdachte ze heeft gestuurd, op welke datum ze dat heeft gedaan en aan wie ze de mail heeft verstuurd, zoals de mail van 11 oktober 2014 aan [naam emailadres 1] (blz. 46). Bovendien heeft verdachte blijkens een mutatierapport van de politie van 3 oktober 2013 tegenover de politie op de vraag of ze 450 berichten naar [slachtoffer 1] had gestuurd, geantwoord dat ze inderdaad wel wat berichten had verstuurd en ook dat ze een bericht naar zijn werkgever, de [naam 5] , had gestuurd (blz. 26). Verdachte erkent dus dat ze heel wat mails naar de heer [slachtoffer 1] heeft gestuurd. Ook bevat het dossier een mail van verdachte aan verbalisant [naam 1] van 31 oktober 2014 (blz. 53), waarin ze schrijft dat ze ‘de mails’ heeft doorgekeken en dit niet meer wil doen en er met haar psycholoog aan wil werken. De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat de mails als weergegeven op de bladzijden 27 tot en met 53, die binnen de tenlastegelegde periode vallen, daadwerkelijk zijn verstuurd door verdachte aan [slachtoffer 1] en aan anderen zoals weergegeven in het doorlopend Word-document.

De rechtbank is van oordeel dat de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit van de hiervoor vastgestelde gedragingen van de verdachte, de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van het slachtoffer naar objectieve maatstaven bezien zodanig zijn geweest dat van een stelselmatige inbreuk op zijn persoonlijke levenssfeer sprake is geweest.

Uit de grote hoeveelheid e-mailberichten komt naar voren dat de verdachte op indringende en intensieve wijze heeft geprobeerd direct, maar ook via derden met het slachtoffer in contact te komen, waarbij zij zich in krenkende en dreigende bewoordingen over hem uitlaat terwijl het slachtoffer herhaaldelijk aan de verdachte te kennen heeft gegeven van haar verdere toenaderingen niet gediend te zijn. Deze gedragingen hebben een grote impact gehad op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van het slachtoffer.

De rechtbank acht daarmee bewezen dat de verdachte zich aan de ten laste gelegde belaging schuldig heeft gemaakt.

3.2.2

Parketnummer 03/866240-17

Bewijsmiddelen

Indien tegen dit verkort vonnis hoger beroep wordt ingesteld, worden de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het vonnis. Deze aanvulling wordt dan aan het vonnis gehecht.

Bewijsoverwegingen

De rechtbank acht het onder feit 1 ten laste gelegde bewezen, gelet op de aangifte/klacht van [slachtoffer 1] , de schriftelijke uitdraaien van e-mailberichten op dossierpagina’s 16 tot en met 256 en het aanvullende proces-verbaal van verbalisant [naam 2] d.d. 12 februari 2019.

De rechtbank acht het onder feit 2 ten laste gelegde bewezen, gelet op de aangifte van [slachtoffer 2] , de schriftelijke uitdraaien van e-mailberichten op dossierpagina’s 260 tot en met 283 en het aanvullende proces-verbaal van verbalisant [naam 2] d.d. 12 februari 2019.

De rechtbank stelt vast dat niet van ieder e-mailbericht afzonderlijk kan worden vastgesteld op welke datum dit bericht is verstuurd, maar de rechtbank is van oordeel dat van het merendeel van de berichten in ieder geval wel voldoende duidelijk is dat deze berichten binnen de tenlastegelegde periode zijn verstuurd.

De rechtbank is van oordeel dat de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit van de hiervoor vastgestelde gedragingen van de verdachte, de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van de slachtoffers naar objectieve maatstaven bezien zodanig zijn geweest dat van een stelselmatige inbreuk op hun persoonlijke levenssfeer sprake is geweest.

Uit de grote hoeveelheid e-mailberichten naar voren dat de verdachte op indringende en intensieve wijze heeft geprobeerd met de slachtoffers in contact te komen, terwijl zij herhaaldelijk aan de verdachte te kennen hebben gegeven van haar toenaderingen niet gediend te zijn. Deze gedragingen hebben een grote impact gehad op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van de slachtoffers.

De rechtbank acht daarmee bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de belaging zoals ten last gelegd onder feit 1 en feit 2.

3.2.3

Parketnummer 03/866243-17

Bewijsmiddelen

Indien tegen dit verkort vonnis hoger beroep wordt ingesteld, worden de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het vonnis. Deze aanvulling wordt dan aan het vonnis gehecht.

Bewijsoverwegingen

De rechtbank acht het onder feit 1 ten laste gelegde bewezen, gelet op de processen-verbaal van klacht van [slachtoffer 3] d.d. 22 september 2017 en d.d. 11 augustus 2017, de schriftelijke uitdraaien van e-mailberichten op dossierpagina’s 10 tot en met 90 en het aanvullende proces-verbaal van verbalisant [naam 2] d.d. 12 februari 2019.

De rechtbank acht het onder feit 2 ten laste gelegde bewezen, gelet op het proces-verbaal van klacht van [slachtoffer 4] , de schriftelijke uitdraaien van e-mailberichten op dossierpagina’s 93 tot en met 121 en het aanvullende proces-verbaal van verbalisant [naam 2] d.d. 12 februari 2019.

De rechtbank acht het onder feit 3 ten laste gelegde bewezen, gelet op de aangifte/klacht van

[slachtoffer 5] , de schriftelijke uitdraaien van e-mailberichten op dossierpagina’s 125 tot en met 151 en het aanvullende proces-verbaal van verbalisant [naam 2] d.d. 12 februari 2019.

De rechtbank stelt vast dat niet van ieder e-mailbericht afzonderlijk kan worden vastgesteld op welke datum dit bericht is verstuurd, maar de rechtbank is van oordeel dat van het merendeel van de berichten in ieder geval wel voldoende duidelijk is dat deze berichten binnen de tenlastegelegde periode zijn verstuurd.

De rechtbank is van oordeel dat de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit van de hiervoor vastgestelde gedragingen van de verdachte, de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van de slachtoffers naar objectieve maatstaven bezien zodanig zijn geweest dat van een stelselmatige inbreuk op hun persoonlijke levenssfeer sprake is geweest.

Uit de grote hoeveelheid e-mailberichten naar voren dat de verdachte op indringende en intensieve wijze heeft geprobeerd met de slachtoffers in contact te komen, direct of via derden, waarbij zij zich in krenkende bewoordingen over hen uitlaat terwijl zij herhaaldelijk aan de verdachte te kennen hebben gegeven van haar toenaderingen niet gediend te zijn. Deze gedragingen hebben een grote impact gehad op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van de slachtoffers.

De rechtbank acht daarmee bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de belaging zoals ten last gelegd onder feit 1, feit 2 en feit 3.

3.2.4

Parketnummer 03/866253-17

Bewijsmiddelen

Indien tegen dit verkort vonnis hoger beroep wordt ingesteld, worden de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in een aanvulling op het vonnis. Deze aanvulling wordt dan aan het vonnis gehecht.

Bewijsoverwegingen

De rechtbank acht dit feit bewezen, gelet op de aangifte van verbalisant [naam 1] , de schriftelijke uitdraai van het betreffende e-mailbericht van 25 juli 2015 en het proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [naam 1] d.d. 29 juli 2015 met bijlage.

De rechtbank overweegt dat voor een bewezenverklaring van valsheid in geschrift ingevolge artikel 225 van het Wetboek van Strafrecht sprake moet zijn van een valselijk opgemaakt of vervalst geschrift dat bestemd is om tot bewijs van enig feit te dienen, waarbij het oogmerk van de dader moet zijn gericht op het als echt en onvervalst gebruiken of door anderen doen gebruiken van dit geschrift.

De verdachte heeft een e-mailbericht opgesteld waarin, in strijd met de waarheid, is vermeld dat de klacht inzake de belaging van [slachtoffer 1] is geseponeerd en dat de verdachte geen risico meer zal lopen op een eventuele aanhouding. Dit e-mailbericht is bovendien zo opgemaakt dat het er op lijkt dat dit bericht afkomstig is van verbalisant [naam 1] , hetgeen in strijd met de waarheid is. De verdachte heeft dit e-mailbericht verstuurd aan [slachtoffer 1] en laatstgenoemde heeft dit e-mailbericht weer verstuurd aan verbalisant [naam 1] . De verdachte heeft daarmee het betreffende e-mailbericht valselijk opgemaakt.

De rechtbank acht daarmee bewezen dat de verdachte zich aan de ten laste gelegde valsheid in geschrift schuldig heeft gemaakt.

3.3

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat de verdachte

parketnummer 03/866426-15:

in het tijdvak van 1 september 2013 tot en met 21 november 2014 in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van [slachtoffer 1] , met het oogmerk die [slachtoffer 1] iets te doen te dulden en/of vrees aan te jagen, immers heeft, zij, verdachte naar die [slachtoffer 1] een grote hoeveelheid mails gestuurd en meermalen de voicemail ingesproken van die [slachtoffer 1] met de boodschap dat als hij, [slachtoffer 1] geen contact met haar zou opnemen, zij zichzelf van het leven zou beroven en de werkgevers van die [slachtoffer 1] benaderd en onwaarheden en foto's van die [slachtoffer 1] verstrekt aan zijn werkgevers en mails gestuurd naar de internationale wielerunie UCI en de Tour de France organisator dat [slachtoffer 1] haar, verdachte zou bedreigen en haar leven kapot zou maken en telefonisch contact opgenomen met [naam 3] van personeelszaken van de [naam 5] over die [slachtoffer 1] en mails gestuurd naar collega journalisten van die [slachtoffer 1] en hen meegedeeld dat die [slachtoffer 1] , verdachte zou bedreigen.

parketnummer 03/866240-17:

1.

in de periode van 30 maart 2017 tot en met 28 april 2017 in Nederland en/of in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 1] , door een grote hoeveelheid mailberichten naar genoemde [slachtoffer 1] en relaties en werkgevers en collegae en bekenden van genoemde [slachtoffer 1] te versturen met het oogmerk die [slachtoffer 1] , iets te doen dulden en/of vrees aan te jagen;

2.

meermalen omstreeks 31 maart 2017 tot en met 30 juni 2017 in Nederland en/of in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 2] , door:

- genoemde [slachtoffer 2] te bellen en

- deze [slachtoffer 2] te benaderen via Facebook en

- de werkgever van die [slachtoffer 2] , te weten Makelaardij " [naam 4] ", veelvuldig mailberichten te sturen en

- de directrice van Makelaardij " [naam 4] " veelvuldig mailberichten te sturen

met het oogmerk die [slachtoffer 2] , iets te doen dulden.

parketnummer 03/866243-17:

in de periode van 7 augustus 2017 tot en met 11 augustus 2017 in Nederland en/of in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 3] , door veelvuldig e-mailberichten naar een of meer familieleden en/of relaties en/of werkgevers en/of leidinggevenden en/of collegae en/of bekenden en/of onbekenden van genoemde [slachtoffer 3] te versturen met het oogmerk die [slachtoffer 3] , iets te doen dulden, welke e-mailberichten via vorennoemde een of meer familieleden en/of relaties en/of werkgevers en/of leidinggevenden en/of collegae en/of bekenden en/of onbekenden van die [slachtoffer 3] ter kennis zijn gebracht aan genoemde [slachtoffer 3] ;

2.

in de periode van 13 juli 2017 tot en met 14 augustus 2017 in Nederland en/of in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 4] , door

- een recensie te plaatsen op facebook betreffende de Bakkerij van genoemde [slachtoffer 4] en

- veelvuldig e-mailberichten naar genoemde [slachtoffer 4] en een of meer familieleden en/of relaties en/of bekenden en/of onbekenden van genoemde [slachtoffer 4] te versturen

met het oogmerk die [slachtoffer 4] , iets te doen dulden;

3.

omstreeks de periode van 8 april 2017 tot en met 31 augustus 2017 in Nederland en/of in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 5] , door veelvuldig

e-mailberichten naar genoemde [slachtoffer 5] en/of een of meer relaties en/of werkgevers en/of leidinggevenden en/of collegae en/of bekenden en/of onbekenden van genoemde [slachtoffer 5] te versturen, met het oogmerk die [slachtoffer 5] , iets te doen dulden.

parketnummer 03/866253-17:

omstreeks 26 juli 2015 in Nederland en/of in Duitsland, een e-mailbericht gedateerd 25 juli 2015 afkomstig van [naam 1] , politie medewerker van de politie Eenheid Limburg, gericht aan haar, verdachte, - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt, immers heeft de verdachte valselijk en in strijd met de waarheid in dat e-mailbericht vermeld:

- dat de klacht inzake de belaging van [slachtoffer 1] is geseponeerd en

- dat verdachte geen risico meer zal lopen op een eventuele aanhouding,

daarbij gebruikmakend van de gebruikelijke opmaak en de adressering inclusief het telefoonnummer van die [naam 1] , zulks met het oogmerk om dat e-mailbericht als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de tenlastelegging kennelijke schrijffouten of misslagen voorkomen, zijn die in de bewezenverklaring door de rechtbank verbeterd. De verdachte is door deze verbetering, zoals uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, niet in de verdediging geschaad.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

03/866426-15, 03/866240-17 feit 1 en feit 2, 03/866243-17 feit 1, feit 2 en feit 3:

belaging.

03/866253-17:

valsheid in geschrift.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die haar strafbaarheid uitsluiten.

6 De straf en/of de maatregel

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van negen maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar en met als bijzondere voorwaarde een contactverbod met alle slachtoffers te weten [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] , [slachtoffer 3] , [slachtoffer 4] en

[slachtoffer 5] .

6.2

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan belaging, ook wel stalking genoemd, van de heer [slachtoffer 1] , mevrouw [slachtoffer 2] , mevrouw [slachtoffer 5] , mevrouw [slachtoffer 3] en de heer [slachtoffer 4] . Zij heeft niet alleen deze mensen bedolven onder een enorme hoeveelheid berichten via e-mail en in mindere mate via social media van zeer beledigende en krenkende aard, maar zij heeft deze berichten ook op grote schaal gestuurd naar familieleden, relaties, werkgevers, collega’s, bekenden en onbekenden van deze slachtoffers. Deze stalking is begonnen in 2013 jegens [slachtoffer 1] , heeft zich vervolgens uitgebreid naar de overige slachtoffers en duurt voort tot de dag van vandaag. De verdachte heeft hiermee een ernstige inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van de slachtoffers. De impact en de intensiteit van deze gedragingen op het persoonlijke leven van de slachtoffers maar ook op hun werkrelaties en hun profilering en optredens buiten de strikt private levenssfeer is nauwelijks voorstelbaar.

Hoewel de rechtbank niet beschikt over rapportages van gedragsdeskundigen over de persoon van de verdachte, doen de inhoud van de door verdachte verstuurde berichten en de verklaringen van getuigen [naam 6] , [slachtoffer 5] en [slachtoffer 2] in het dossier ernstig vermoeden dat de verdachte kampt met psychische problemen. Voorts zou zij in het verleden in Duitsland opgenomen zijn geweest in een psychiatrisch ziekenhuis. Uit de diverse verklaringen in het dossier blijkt bovendien dat eerder is geprobeerd om haar hulp te bieden, maar dat zij dit heeft geweigerd.

Nu de verdachte niet ter zitting is verschenen, heeft de rechtbank zich verder geen beeld kunnen vormen van de houding en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte noch van haar beweegredenen de slachtoffers in deze zaak en anderen gedurende een reeks van jaren te blijven bestoken met een veelheid aan (mail)berichten. Gelet daarop en in aanmerking genomen dat de verdachte zich voortdurend in Duitsland ophoudt, ziet de rechtbank geen mogelijkheden, ter voorkoming van recidive, toezicht en begeleiding door de reclassering in het kader van een voorwaardelijke strafdeel op te leggen.

Uit het dossier is gebleken dat ook in Duitsland inmiddels, naar aanleiding van de door [slachtoffer 1] jegens verdachte gedane aangiften van ‘Nachstellung’ een strafrechtelijk onderzoek tegen verdachte is gestart. Vast staat voorts dat de Duitse rechter in een civiele procedure aan de verdachte een contactverbod jegens [slachtoffer 1] heeft opgelegd, maar dit er nog niet toe heeft geleid dat de verdachte geheel is gestopt met het hem sturen van e-mailberichten.

De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat op de bewezenverklaarde feiten niet anders kan worden gereageerd dan met de oplegging van een forse gevangenisstraf, waarvan een deel voorwaardelijk moet worden opgelegd om het plegen van nieuwe strafbare feiten te voorkomen.

De rechtbank komt tot een hogere straf dan door de officier van justitie geëist, omdat deze eis naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende recht doet aan de ernst van de gepleegde feiten en de strafwaardigheid hiervan.

Alles overwegende zal de rechtbank aan de verdachte opleggen een gevangenisstraf voor de duur van vierentwintig maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaar.

De rechtbank is ten slotte van oordeel dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte opnieuw misdrijven tegen de slachtoffers zal begaan of zich belastend zal gedragen tegen de slachtoffers. Daarom acht de rechtbank het noodzakelijk een contactverbod met de slachtoffers [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] , [slachtoffer 3] , [slachtoffer 4] en [slachtoffer 5] op te leggen, in de vorm van een vrijheidsbeperkende maatregel in de zin van artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht. De maatregel zal worden opgelegd voor de duur van vier jaar. De rechtbank zal bepalen dat voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan vervangende hechtenis wordt toegepast voor de duur van een week.

De rechtbank zal de dadelijke uitvoerbaarheid van de maatregel bevelen, nu er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte opnieuw een strafbaar feit zal plegen of zich belastend zal gedragen jegens de slachtoffers.

7 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 38v, 57, 63, 225, 285b van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

8 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

  • -

    verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;

  • -

    spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;

  • -

    verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van vierentwintig (24) maanden, waarvan zes (6) maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie (3) jaren;

- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit;

Maatregel

- legt op de maatregel dat de veroordeelde gedurende 4 (vier) jaren op geen enkele

wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 1] ;

- legt op de maatregel dat de veroordeelde gedurende 4 (vier) jaren op geen enkele

wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 2] ;

- legt op de maatregel dat de veroordeelde gedurende 4 (vier) jaren op geen enkele

wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 3] ;

- legt op de maatregel dat de veroordeelde gedurende 4 (vier) jaren op geen enkele

wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 4] ;

- legt op de maatregel dat de veroordeelde gedurende 4 (vier) jaren op geen enkele

wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 5] ;

- beveelt dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van een (1) week voor iedere keer dat niet aan de maatregelen wordt voldaan. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichting ingevolge de opgelegde maatregelen niet op;

- beveelt dat de op grond van artikel 38v Sr opgelegde maatregelen dadelijk uitvoerbaar zijn.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.A.M.M. Gijselaers, voorzitter, mr. F.L.G. Geisel en

mr. A.M. Koster-van der Linden, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.A.E. van de Venne, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 2 mei 2019.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

parketnummer 03/866426-15:

zij een of meermalen in of omstreeks het tijdvak van 1 september 2013 tot en met 21 november 2014 te Gulpen, gemeente Gulpen-Wittem, althans in het arrondissement Limburg, in elk geval in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van [slachtoffer 1] , in elk geval van een ander, met

het oogmerk die [slachtoffer 1] , in elk geval die ander te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen, immers heeft, zij, verdachte naar die [slachtoffer 1] een grote hoeveelheid mails en/of sms berichten en whatsapp berichten gestuurd en/of meermalen de voicemail ingesproken van die [slachtoffer 1] met de boodschap dat als hij, [slachtoffer 1] geen contact met haar zou opnemen, zij zichzelf van het leven zou beroven en/of de werkgever(s) van die [slachtoffer 1] benaderd en onwaarheden en foto's van die [slachtoffer 1] verstrekt aan

zijn werkgever(s) en/of mails gestuurd naar de internationale wielerunie UCI en de Tour de France organisator dat [slachtoffer 1] haar, verdachte zou bedreigen en haar leven kaopt zou maken en/of telefonisch contact opgenomen met [naam 3] van personeelszaken van de [naam 5] over die [slachtoffer 1] en/of mails gestuurd naar collega journalisten van die [slachtoffer 1] en hen meegedeeld dat die [slachtoffer 1] , verdachte zou bedreigen.

parketnummer 03/866240-17:

1.

zij (meermalen) in of omstreeks de periode van 30 maart 2017 tot en met 28 april 2017 te Amsterdam, althans in Nederland en/of te Aken, althans in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 1] , door tientallen, in elk geval een grote hoeveelheid mailberichten naar genoemde [slachtoffer 1] en/of relaties en/of werkgever(s) en/of collegae en/of bekenden van genoemde [slachtoffer 1] te versturen met het oogmerk die [slachtoffer 1] ,

te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen;

2.

zij (meermalen) in of omstreeks 31 maart 2017 tot en met 30 juni 2017 te Berg en Terblijt, in elk geval in de gemeente Valkenburg aan de Geul, althans in Nederland en/of te Aken, althans in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 2] , door:

- genoemde [slachtoffer 2] te bellen en/of

- deze [slachtoffer 2] te benaderen via Facebook en/of

- de werkgever van die [slachtoffer 2] , te weten Makelaardij " [naam 4] ", veelvuldig mailberichten te sturen en/of

- de directrice van Makelaardij " [naam 4] " veelvuldig mailberichten te sturen

met het oogmerk die [slachtoffer 2] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen.

parketnummer 03/866243-17:

zij in of omstreeks de periode van 7 augustus 2017 tot en met 11 augustus 2017 in de gemeente Kerkrade en/of Landgraaf, althans in Nederland en/of te Aken, althans in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 3] , door veelvuldig e-mailberichten naar een of meer familieleden en/of relaties en/of werkgevers en/of leidinggevenden en/of collegae en/of bekenden en/of onbekenden van genoemde [slachtoffer 3] te versturen met het oogmerk die [slachtoffer 3] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen,

welke e-mailberichten via vorennoemde een of meer familieleden en/of relaties en/of werkgevers en/of leidinggevenden en/of collegae en/of bekenden en/of onbekenden van die [slachtoffer 3] ter kennis zijn gebracht aan genoemde [slachtoffer 3] ;

2.

zij in of omstreeks de periode van 13 juli 2017 tot en met 14 augustus 2017 in de gemeente Gulpen-Wittem, althans in Nederland en/of te Aken, althans in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 4] , door

- een recensie te plaatsen op facebook betreffende de Bakkerij van genoemde [slachtoffer 4] en/of

- veelvuldig e-mailberichten naar genoemde [slachtoffer 4] en/of een of meer familieleden en/of relaties en/of bekenden en/of onbekenden van genoemde [slachtoffer 4] te versturen

met het oogmerk die [slachtoffer 4] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen;

3.

zij in of omstreeks de periode van 8 april 2017 tot en met 31 augustus 2017 in de gemeente Stein, althans in Nederland en/of te Aken, althans in Duitsland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 5] , door veelvuldig e-mailberichten naar genoemde [slachtoffer 5] en/of een of meer relaties en/of werkgevers en/of leidinggevenden en/of collegae en/of bekenden en/of onbekende van genoemde [slachtoffer 5] te versturen, met het oogmerk die [slachtoffer 5] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen.

parketnummer 03/866253-17:

zij op of omstreeks 26 juli 2015 te Gulpen, in de gemeente Gulpen-Wittem, althans in Nederland en/of te Aken, althans in Duitsland, een e-mailbericht gedateerd 25 juli 2015 afkomstig van [naam 1] , politie medewerker van de politie Eenheid Limburg, gericht aan haar, verdachte, - zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst, immers heeft de verdachte valselijk en in strijd met de waarheid in dat e-mailbericht vermeld:

- dat de klacht inzake de belaging van [slachtoffer 1] is geseponeerd en/of

- dat de reden voor het seponeren is gelegen in het feit dat die [naam 1] een brief van een Duitse psychiater ontvangen heeft, inhoudende de mededeling dat een aanhouding en verhoor psychisch te belastend zou zijn en/of

- dat verdachte niet meer door de politie gehoord dient te worden als verdachte en/of

- dat verdachte geen risico meer zal lopen op een eventuele aanhouding,

daarbij gebruikmakend van de gebruikelijke opmaak en/of de adressering inclusief het telefoonnummer van die [naam 1] , zulks met het oogmerk om dat e-mailbericht als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken.