Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2018:2862

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
27-03-2018
Datum publicatie
27-03-2018
Zaaknummer
03/866041-15 OWV
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Afwijzing vordering strekkende tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTbANK Limburg

Zittingsplaats Roermond

Strafrecht

Parketnummer: 03/866041-15 OWV

Tegenspraak (gemachtigde raadsman)

Uitspraak van de meervoudige kamer d.d. 27 maart 2018 op de vordering ex artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht

in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens verdachte] ,

wonende te [adresgegevens verdachte] ,

hierna te noemen: [verdachte] .

[verdachte] wordt bijgestaan door mr. F.A. Dronkers, advocaat, kantoorhoudende te Roermond.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 13 maart 2018. [verdachte] is niet verschenen. Wel is verschenen zijn gemachtigde raadsman. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.

De behandeling van de ontnemingsvordering heeft gelijktijdig plaatsgehad met de behandeling van de strafzaak met parketnummer 03/866041-15. Op 27 maart 2018 heeft de rechtbank eerst vonnis gewezen in de strafzaak. Vervolgens is de onderhavige uitspraak gewezen.

2 De vordering van de officier van justitie

De vordering van de officier van justitie strekt tot het vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht wordt geschat en het aan [verdachte] opleggen van de verplichting tot betaling aan de staat van dat geschatte voordeel. De officier van justitie heeft dit bedrag geschat op € 40.000,00.

3 De beoordeling

3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat [verdachte] een wederrechtelijk voordeel heeft verkregen van € 40.000,00. [verdachte] heeft de door hem gestolen boten Chris Craft en Viper geruild tegen de Formula speedboot. Van die ruil is een factuur opgemaakt en daaruit blijkt dat de Viper en de Chris Craft samen een waarde vertegenwoordigen van

€ 40.000,00. Dit betekent dat [verdachte] op het moment van de ruil een wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten van € 40.000,00. Dat de boot later is teruggegeven, doet niet ter zake.

3.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft verzocht de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel af te wijzen. De verdediging heeft bestreden dat [verdachte] enig voordeel heeft genoten door middel van door hem gepleegde strafbare feiten. [verdachte] heeft de Formula speedboot immers niet verkocht, maar er is beslag op gelegd en naar alle waarschijnlijkheid is de boot geretourneerd aan [benadeelde] .

3.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij voormeld vonnis d.d. 27 maart 2018 is [verdachte] , voor zover hier ter zake doende, veroordeeld wegens diefstal van de speedboten Chris Craft en Viper.

Aan de hand van de onderliggende stukken die tot deze veroordeling hebben geleid1, stelt de rechtbank vast dat de gestolen speedboten Chris Craft en Viper alsmede de speedboot Four Winns door [verdachte] zijn geruild met [benadeelde] tegen een Formula speedboot. Op de factuur die ten behoeve van deze transactie is opgemaakt2 staat een bedrag van € 10.000,00 voor de Chris Craft vermeld en een bedrag van € 30.000,00 voor de Viper.

De Chris Craft en de Viper zijn op 18 juli 2013 bij [benadeelde] aangetroffen en inbeslaggenomen.3 De Formula speedboot is op 22 juli 2013 in België aangetroffen en door de Belgische autoriteiten inbeslaggenomen.4 Uit de door de officier van justitie ter terechtzitting verstrekte inlichtingen blijkt dat de Belgische autoriteiten de Formula speedboot niet aan de Nederlandse autoriteiten hebben overgedragen. Voorts is gesteld noch gebleken dat [verdachte] op enig moment de feitelijke beschikkingsmacht over de Formula speedboot heeft herkregen dan wel kan herkrijgen. De rechtbank is daarom van oordeel dat [verdachte] geen wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. Gelet hierop zal de rechtbank de ontnemingsvordering afwijzen.

4 De beslissing

De rechtbank:

- wijst af de vordering van de officier van justitie strekkende tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.

Deze uitspraak is gegeven door mr. E.H.A.F.M. Krol, voorzitter, mr. F.L.G. Geisel en

mr. C. Wapenaar, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.A.E. van de Venne, griffier, en

1 Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Landelijke Eenheid, Team Zuidoost/afdeling Opsporing, proces-verbaalnummer 2013032732, gesloten d.d. 12 januari 2015, doorgenummerd van pagina 307 tot en met pagina 1433 (nummering rechtsonder).

2 Geschrift, inhoudende een factuur afkomstig van AGN Lease d.d. 15/07/2013, pagina 1414.

3 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 augustus 2013, pagina’s 991 en 992.

4 Proces-verbaal bevindingen d.d. 30 oktober 2013, pagina 1003.