Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2017:8586

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
30-08-2017
Datum publicatie
07-09-2017
Zaaknummer
6191680 CV EXPL 17-5966
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding. Spoedeisend belang ontbreekt. Daarenboven is bewijslevering nodig, waarvoor kort geding zich niet leent. Eiser in reconventie niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering ex art 5:56 BW: vordering is niet tegen eigenaar van onroerende zaak ingesteld

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Burgerlijk recht

Zaaknummer: 6191680 CV EXPL 17-5966

Vonnis van de kantonrechter ex artikel 254 Rv van 30 augustus 2017

in de zaak van

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ,

wonend aan de [adres 1] , [woonplaats] ,

eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie,

gemachtigde mr. C Mohr,

tegen

[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] ,

wonend aan de [adres 2] , [woonplaats] ,

gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie,

gemachtigde mr. N.P.H. Vissers.

Partijen zullen hierna [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding

  • -

    de op voorhand door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] toegezonden producties

  • -

    de akte houdende eis in reconventie

  • -

    de mondelinge behandeling van 21 augustus 2017, waar partijen hun standpunten nader hebben toegelicht onder het overleggen van een pleitnotitie. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft bij gelegenheid van de mondelinge behandeling zijn eis vermeerderd.

1.2.

Vervolgens is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De woning staande en gelegen aan de [adres 1] te [woonplaats] is eigendom van de heer [naam eigenaar] en wordt bewoond door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] . [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is woonachtig in het pand aan de [adres 2] te [woonplaats] . Partijen zijn elkaars buren. Hierdoor grenzen hun percelen aan elkaar.

2.2.

Tussen beide woningen bevindt zich een doorgang. Boven deze doorgang is een overbouw die behoort bij het pand nummer [adres 2] . Aan de achterzijde van de overbouw, aan de tuinzijde, bevindt zich in de overbouw een raam.

2.3.

[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft door EFF EFF Bouwpathologie (hierna: EFF EFF) een onderzoek laten verrichten naar de water- en vochtschade in zijn woning. EFF EFF heeft van haar bevindingen op 15 augustus 2017 een rapport uitgebracht, waarin voor zover relevant staat vermeld (productie 3 bij eis in reconventie, tevens akte in het geding brengen van bescheiden):

“(…) De vocht- en waterdoorslag in de keukenruimte van het pand van de heer [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] kan eenduidig verklaard worden door de aard van de constructie (massief metselwerk zonder spouw) en de staat daarvan (slecht voegwerk). Kalkhoudend voegwerk wordt relatief snel aangetast door klimop. Deze plant tast op zichzelf het voegwerk niet aan, maar de aanwezigheid van de klimop zorgt ervoor dat de gevel niet kan drogen. (…) Metingen wijzen uit dat de vochtigheid van de kelderwanden aanzienlijk is (…). De oorzaak hiervan kan veelzijdig zijn. Een relatie met de met klimop begroeide muur is nauwelijks te leggen. Het is veeleer de veroudering van de gemetselde kelderwanden en dan met name van het afsmeerwerk aan de buitenzijde daarvan die bij de kelders van deze leeftijd voor vochtdoorslag zorgt. (…)

is geen verband te leggen tussen de aanwezigheid van klimop en de vochtige kelderbuitenmuren. (…)

Het voegwerk van de buitengevel dient hersteld te worden met een materiaal dat overeenkomt met de metselmortel. (…) Normale veroudering zou alsdan geleid hebben tot een technische slijtage van het voegwerk van circa 70 tot 100%. Het is nooit exact te voorspellen wat de slijtage van het voegwerk zou zijn geweest zonder begroeiing. Daartoe ontbreekt inzicht in de kwaliteit van het oorspronkelijke voegwerk en de wijze van afwerken daarvan. (…) in de onderliggende woonruimte is immers geen verhoogde vochtigheid gemeten die in relatie te brengen is met de aanwezigheid van klimop.(…)”

3 Het geschil

in conventie

3.1.

Tegen de achtergrond van deze vaststaande feiten vordert [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

  • -

    veroordeling van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] het raam in de overbouw van de woning aan de [adres 2] te [woonplaats] in overeenstemming te brengen met het bepaalde in artikel 5:51 BW door dit raam vast te zetten en ondoorzichtig te maken

  • -

    veroordeling van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] tot het treffen van die maatregelen die noodzakelijk zijn om te voorkomen dat het plat dak van de woning aan de [adres 2] te [woonplaats] gebruikt kan worden als dakterras en/of [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] te verbieden het plat dak / dakterras te gebruiken

  • -

    een en ander op verbeurte van een dwangsom van € 500,00 voor elke dag dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] daarmee in gebreke blijft

- veroordeling van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] in de proceskosten.

3.2.

[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft verweer gevoerd.

3.3.

Op de stellingen van partijen zal hierna - voor zover relevant - nader worden ingegaan.

in reconventie

3.4.

[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] vordert veroordeling van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] :

  1. tot het verwijderen en verwijderd houden van alle beplanting, en in het bijzonder de klimop, die op haar perceel tegen de muur van de woning van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] aan groeit, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] daarmee in gebreke blijft,

  2. - primair tot het verwijderen en verwijderd houden van de beplanting die op haar perceel binnen de verboden afstand van 50 cm staat ter plaatse van de muur (niet zijnde de muur van het woonhuis) van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat zij daarmee in gebreke blijft,

- subsidiair tot het snoeien van de beplanting die op haar perceel over de muur van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] groeit, aldus dat deze beplanting wordt gesnoeid en vervolgens gesnoeid blijft tot een hoogte niet hoger dan de betreffende muur, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat zij daarmee in gebreke blijft,

3. tot het snoeien van de beplanting die op haar perceel over de muur van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] groeit, aldus dat deze beplanting wordt gesnoeid en vervolgens gesnoeid blijft tot een hoogte niet hoger dan de betreffende muur, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat zij daarmee in gebreke blijft,

4. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , al dan niet bijgestaan door een derde, toe te laten op haar perceel, teneinde [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , al dan niet bijgestaan door een derde, de gelegenheid te geven zijn muur te inspecteren ten behoeve van de beoordeling van in de toekomst te verrichten werkzaamheden aan die muur, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat zij daarmee in gebreke blijft,

5. tot het verwijderen en verwijderd houden van alle zaken die zij aan de muur van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft bevestigd of bevestigd houdt, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat zij hiermee in gebreke blijft,

6. in de proceskosten.

3.5.

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft verweer gevoerd.

3.6.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

in conventie

4.1.

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] stelt dat zij een spoedeisend belang heeft bij de door haar gevorderde voorzieningen. Daartoe voert zij aan dat zij van haar tuin wil genieten nu het zomer is en haar privacy in het geding is. [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] bestrijdt dit.

4.2.

De kantonrechter is van oordeel dat er niet sprake is van een spoedeisend belang aan de zijde van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] . [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft in ieder geval op 16 mei 2017 geconstateerd dat de folie op het raam verwijderd is en heeft pas op 26 juli 2017 een kortgedingprocedure aangevraagd. Weliswaar hebben partijen in de tussengelegen periode gecorrespondeerd, maar de zomer is bijna voorbij. Bovendien blijkt uit de overgelegde foto's van de situatie ter plaatse dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] geen zicht heeft op / in de tuin van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] . Wel blijkt daaruit dat [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zicht heeft op de doorgang. Niet gebleken is dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] dit deel van het perceel (de doorgang) anders gebruikt dan als doorgang. Dat aldus de privacy van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] wordt geschonden, is onvoldoende komen vast te staan. Derhalve valt niet in te zien waarom van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] niet mag worden gevergd dat zij de uitkomst van een bodemprocedure afwacht. De vorderingen dienen dan ook te worden afgewezen wegens het ontbreken van spoedeisend belang.

4.3.

Ten overvloede overweegt de kantonrechter dat, zelfs indien wèl een spoedeisend belang zou zijn aangenomen, de vorderingen evenmin voor toewijzing in kort geding vatbaar zouden zijn. Partijen verschillen van mening over de vraag of het in de overbouw bevindende raam altijd geblindeerd is geweest met een ondoorzichtige folie en of het plat dak van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] recentelijk als dakterras in gebruik is genomen. Uit de thans over en weer geponeerde stellingen valt niet op voorhand vast te stellen wie het gelijk aan haar/zijn zijde heeft. De standpunten van partijen staan daarvoor te veel tegenover elkaar. Nu partijen over en weer elkanders stellingen betwisten, is een en ander, in onderling verband en samenhang bezien, derhalve niet op eenvoudige wijze vast te stellen. Daarvoor zal bewijslevering nodig zijn, waarvoor evenwel in kort geding geen plaats is. Mitsdien is niet met voldoende mate van zekerheid vast te stellen dat de vorderingen in een bodemprocedure een zodanige kans van slagen hebben, dat vooruitlopen daarop door toewijzing reeds nu gerechtvaardigd is. Dit betekent dat de vorderingen ook mede om deze reden zouden moeten worden afgewezen.

4.4.

[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] worden tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 600,00 voor salaris gemachtigde.

in reconventie

4.5.

Hetgeen hiervoor in conventie is overwogen, geldt mutatis mutandis ook voor de vorderingen in reconventie ten aanzien van de beplanting (vorderingen 1 tot en met 3). Uit het rapport van de deskundige blijkt niet van een spoedeisend belang. Uit het rapport volgt immers niet dat de staat van het voegwerk zodanig is dat onmiddellijk ingrijpen c.q. herstel noodzakelijk is. Evenmin volgt uit het rapport dat er van een dergelijke schade sprake is zoals [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] thans in deze procedure stelt. Voorts blijkt niet van enig verband tussen de aanwezigheid van de klimop en de vochtige kelderbuitenmuren. Niet valt in te zien en door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] is onvoldoende gemotiveerd waarom nu een spoedeisend belang bestaat tot het verwijderen dan wel snoeien van de beplanting en waarom de uitspraak in een eventuele bodemprocedure hieromtrent niet zou kunnen worden afgewacht. Het vorenstaande brengt met zich dat deze vorderingen worden afgewezen.

4.6.

Partijen twisten verder over de vraag of [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] al dan niet gehouden is [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] toe te laten op haar perceel teneinde hem de gelegenheid te geven zijn muur te inspecteren ten behoeve van de aan de muur te verrichten werkzaamheden.

4.7.

Artikel 5:56 BW bepaalt dat, wanneer het voor het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een onroerende zaak noodzakelijk is van een andere onroerende zaak tijdelijk gebruik te maken, de eigenaar van die zaak gehouden is dit na behoorlijke kennisgeving en tegen schadeloosstelling toe te staan, tenzij er voor deze eigenaar gewichtige redenen bestaan dit gebruik te weigeren of tot een later tijdstip te doen uitstellen.

4.8.

De kantonrechter volgt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in haar stelling dat dit ladderrecht gericht is tegen de eigenaar van de onroerende zaak. Niet in geschil is dat de heer [naam eigenaar] de eigenaar is van het pand staande en gelegen aan de [adres 1] te [woonplaats] . Nu dit deel van de vordering is ingesteld tegen [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en niet de heer [naam eigenaar] , zijnde de eigenaar van de onroerende zaak, dient [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet-ontvankelijk verklaard te worden in dit deel van zijn vordering. Daarbij komt dat de vordering ook anderszins niet voor toewijzing in kort geding vatbaar zou zijn geweest wegens het ontbreken van een spoedeisend belang. Dat spoedeisend belang is door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] onvoldoende onderbouwd.

4.9.

Ten aanzien van het verwijderen en verwijderd houden van alle zaken die [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] aan de muur van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] heeft bevestigd of bevestigd houdt, wordt geoordeeld dat ook op dit punt niet valt in te zien en door [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] onvoldoende gemotiveerd is waarom nu een spoedeisend belang bestaat tot het verwijderen daarvan en waarom de uitspraak in een eventuele bodemprocedure hieromtrent niet zou kunnen worden afgewacht. Dit deel van de vordering zal eveneens worden afgewezen.

4.10.

[gedaagde in conventie, eiser in reconventie] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] worden tot de uitspraak van dit vonnis begroot op € 600,00 voor salaris gemachtigde.

5
5. De beslissing

De kantonrechter

in conventie

5.1.

wijst de vorderingen af,

5.2.

veroordeelt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] tot betaling van de proceskosten van [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] , die tot de uitspraak van dit vonnis worden begroot op € 600,00,

5.3.

verklaart dit vonnis, wat betreft de proceskostenveroordeling, uitvoerbaar bij voorraad,

in reconventie

5.4.

verklaart [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] niet-ontvankelijk in zijn vordering onder 4,

5.5.

wijst de overige vorderingen af,

5.6.

veroordeelt [gedaagde in conventie, eiser in reconventie] tot betaling van de proceskosten van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] , die tot de uitspraak van dit vonnis worden begroot op € 600,00,

5.7.

verklaart dit vonnis, wat betreft de proceskostenveroordeling, uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.H.A. Venner-Lijten en is in het openbaar uitgesproken.

Type: CJ