Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2017:7249

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
26-07-2017
Datum publicatie
28-07-2017
Zaaknummer
5753747 cv 17-1965
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Tussen partijen is in debat de vraag of tussen hen een huurovereenkomst bestaat op de voet van artikel 7:230a BW dan wel op de voet van artikel 7:290 BW. Naar het oordeel van de kantonrechter . De onderneming van gedaagde partij voldoet niet aan de vereisten van een ambachtsbedrijf. De gebezigde werkzaamheden als massage en andere lichaamsbehandelingen moeten als een behandeling van de cliënt worden beschouwd en niet als een vervaardiging van een product of een technische dienst. De activiteiten worden als het uitoefenen van een vrij beroep geduid. Omdat er geen sprake is van een ambachtsbedrijf behoeft de vraag of er sprake is van een voor het publiek toegankelijk lokaal geen nadere bespreking.

De kantonrechter verklaart voor recht dat de ruimten gelegen op de eerste verdieping van het Spa en Wellnesscomplex onder de naam Thermen Born, gelegen aan de Langereweg 21A te Born, zowel tezamen als elke ruimte afzonderlijk, niet zijn (een) bedrijfsruimte(n) als bedoeld in artikel 7:290 BW.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Roermond

Zaaknummer: 5753747 \ CV EXPL 17-1965

Vonnis van de kantonrechter van 26 juli 2017

in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid HOSECAM B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eisende partij,

gemachtigde mr. S.L. Schram,

tegen:

[gedaagde partij] , h.o.d.n. REVIVE MASSAGE & WELLNESS,

wonend op een bij de deurwaarder bekend adres in,

de gemeente [woonplaats gedaagde partij] ,

gedaagde partij,

gemachtigde mr. R.W. Janssen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding

  • -

    de conclusie van antwoord

  • -

    de conclusie van repliek

  • -

    de conclusie van dupliek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Hosecam exploiteert te Born aan de Langereweg 21A onder de naam Thermen Born een Spa en Wellness complex, dat verbonden is met het Amrâth Hotel Born, geëxploiteerd door Amrâth Born BV, gelegen aan de Langereweg 21 te Born. Het complex omvat diverse sauna’s en baden. Ook kunnen de bezoekers terecht voor massage, hamams en diverse lichaamsbehandelingen. Het wellnesscomplex is binnendoor toegankelijk vanuit het hotel. Daarnaast heeft het complex een eigen toegang voor niet-hotelgasten.

2.2.

Aandeelhouder en bestuurder van zowel Hosecam als van Amrâth Born BV is de besloten vennootschap Amrâth Hotels & Restaurants.

2.3.

In het complex verzorgt Revive het onderdeel Beauty. Dit wil zeggen dat Revive als zelfstandig ondernemer voor eigen rekening en risico massages en andere lichaamsbehandelingen verzorgt in een aantal behandelkamers, gelegen op de eerste verdieping van het complex. De massages en behandelingen worden uitgevoerd door externe, zelfstandig werkende masseurs en masseuses die door Revive worden opgeroepen, al naar gelang de vraag en gemaakte reserveringen. De receptiebalie wordt bemand door personeel van Hosecam/Amrâth. Revive heeft een eigen receptiebalie op de eerste verdieping, alleen ten behoeve van de eigen klanten van Revive.

2.4.

De rechtsvoorgangster van Hosecam heeft met Revive een exploitatieovereenkomst gesloten op 16 augustus 2007, zulks voor de duur van een jaar. De overeenkomst is telkens met één jaar verlengd, de laatste keer tot 31 augustus 2016. Beide partijen hebben het recht de overeenkomst éénzijdig op te zeggen op een termijn van één maand.

2.5.

Als vergoeding voor het gebruik betaalt Revive aan Hosecom 20% van de door Revive behaalde bruto omzet, vermeerderd met omzetbelasting.

Naast de behandelingsruimte stelt Hosecam eveneens een aantal facilitaire zaken ter beschikking, zoals telefoon, computersysteem en behandelingsapparatuur, waaronder de massagetafels. De door Revive gebruikte cosmetica, oliën, handdoeken etc komen voor rekening van Revive.

2.6.

In de exploitatieovereenkomst wordt in artikel 1 lid 2 de exploitatieovereenkomst voor wat betreft de ter beschikking gestelde bedrijfsruimten uitdrukkelijk mede aangemerkt als een huurovereenkomst waarop artikel 7:230a BW van toepassing is.

2.7.

In een gesprek in de zomer van 2016 heeft Hosecam aan Revive medegedeeld de overeenkomst niet te willen verlengen en dat deze wordt beëindigd. Bij brief van 25 juli 2016 is deze mededeling bevestigd.

2.8.

Bij brief van 8 september 2016 heeft Hosecam de huurovereenkomst opgezegd tegen 1 oktober 2017. Bij brief van 31 januari 2017 heeft Hosecam de opzegging ingetrokken en opnieuw opgezegd tegen 1 april 2017. Als grond voor de opzegging geeft Hosecam aan dat zij de wellnessactiviteiten zelf wil exploiteren en meer wil integreren in de hotelorganisatie, om zo onder meer hotel en wellness bij promotionele activiteiten als één samenhangend geheel in de markt te zetten en daarmee grip te krijgen op onder meer de prijsstelling van de wellnessactiviteiten.

2.9.

Revive heeft de opzegging niet aanvaard.

3 Het geschil

3.1.

Hosecam vordert – samengevat – voor recht te verklaren dat de ruimten gelegen op de eerste verdieping van het Spa en Wellnesscomplex onder de naam Thermen Born, gelegen aan de Langereweg 21A te Born, zowel tezamen als elke ruimte afzonderlijk, niet zijn (een) bedrijfsruimte als bedoeld in artikel 7:290 BW met veroordeling van Revive in de kosten van geding geding.

3.2.

Revive voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

Ten aanzien van het primair gevoerde verweer tot niet ontvankelijkheid

4.1.

Revive heeft primair aangevoerd dat Hosecam geen zelfstandig, rechtens te respecteren belang bij de vordering heeft. Revive zal immers tijdig een verzoek tot verlenging van de ontruimingstermijn moeten indienen, voor het geval de overeenkomst wordt aangemerkt als een huurovereenkomst als bedoeld in artikel 7:230a BW. In die verzoekschriftprocedure zal de rechter zich eerst dienen uit te laten over de vraag hoe de overeenkomst tussen partijen dient te worden gekwalificeerd. De beantwoording van die vraag komt in feite overeen met de in deze procedure gevorderde verklaring voor recht. De argumenten die Hosecam aanvoert, te weten het op korte termijn zekerheid verkrijgen en het kunnen aanwenden van een rechtsmiddel, zijn onjuist.

4.2.

Hosecam stelt zich op het standpunt wel een rechtens te respecteren belang te hebben bij de vordering. Revive had ten tijde van het betekenen van de dagvaarding nog geen verzoekschrift tot verlenging van de ontruimingstermijn ingediend en ook niet ten tijde van het opstellen van de conclusie van repliek. Revive zou daarvan kunnen afzien en in dat geval zou een ontruimingsprocedure geëntameerd moeten worden waardoor aanzienlijk tijdverlies zou optreden. De dagvaardingsprocedure is de geëigende weg om een verklaring voor recht te verkrijgen.

4.3.

De kantonrechter verwerpt het primair gevoerde verweer van Revive. Het staat Hosecam vrij rechtszekerheid te verkrijgen door in deze procedure een verklaring voor recht te vorderen, zeker nu Revive op het moment van dagvaarden nog geen verzoekschrift als bedoeld in artikel 7:230a BW had ingediend. Dat Revive dit nu alsnog heeft gedaan, brengt niet met zich dat Hosecam, zeker op het moment van dagvaarden, geen belang heeft bij het vorderen van de verklaring voor recht zoals in deze procedure gedaan.

Ten aanzien van de vordering zelf

4.4.

Tussen partijen is in debat de vraag of tussen hen een huurovereenkomst bestaat op de voet van artikel 7:230a BW dan wel op de voet van artikel 7:290 BW. Hosecam vordert te verklaren voor recht dat de ruimten aan de Langereweg 21A te Born niet zijn (een) bedrijfsruimte(n) als bedoeld in artikel 7:290 BW.

4.5.

Hosecam stelt zich op het standpunt dat het gehuurde niet onder het regime van artikel 7:290 BW valt. Het object van de huurovereenkomst is niet het gehele complex maar zijn slechts de kamers op de eerste verdieping. Deze ruimten zijn niet voor het publiek toegankelijk, ook niet voor hotelgasten. Als er geen massages worden verricht, zijn de ruimten afgesloten en deze zijn enkel onder begeleiding van de masseur en personeel van Revive toegankelijk voor degene die een massage of andere behandeling wil ondergaan. Ter onderbouwing van haar stellingen verwijst Hosecam onder meer maar een uitspraak van de kantonrechter Zwolle-Lelystad van 17 mei 2006, WR 2007,26 alsmede naar literatuur over dit onderwerp.

Een masseur en andere dienstverleners voor lichaamsbehandelingen oefenen geen ambacht uit maar een vrij beroep.

Ook geldt dat als de ruimten niet als bedrijfsruimten zijn aan te merken, zij onder gebouwd onroerend goed vallen als bedoeld in artikel 7:230a BW, zoals ook in de huurovereenkomst is aangeduid. Hoewel de ruimten voor publiek toegankelijk zijn, geldt dat zij slechts op afspraak kunnen worden betreden. De verkoop van de huidverzorgingsproducten is ondergeschikt aan de bezoeken van de Spa en het ondergaan van de behandelingen.

De activiteiten van Revive kunnen niet als een ambacht geduid worden.

4.6.

Revive erkent dat de behandelruimten slechts op afspraak zijn te betreden. Dit wil echter niet zeggen dat gehuurde niet toegankelijk is voor publiek, aldus Revive. Uit rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat aan het “voor publiek toegankelijk lokaal” geen nadere (materiële) eisen mogen worden gesteld, zodat dit begrip ruim moet worden uitgelegd. Ter zake verwijst Revive naar jurisprudentie van onder meer de kantonrechter te Amsterdam en de kantonrechter te Tiel.

Revive voert verder aan dat het van belang is dat iedereen vrij is om een afspraak te maken voor een massage. Daarbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen hotelgasten en niet-hotelgasten. Mensen die alleen een massage of behandeling willen, zijn niet verplicht om ook gebruik te maken van de wellnessafdeling of een hotelkamer te boeken.

De ter beschikking gestelde ruimten bestaan niet alleen uit diverse behandelkamers, maar ook uit een frontdesk/receptiebalie, een wachtkamer en een opslagruimte voor de door haar te verkopen producten. Aan de balie wordt een breed scala aan huidverzorgingsproducten verkocht. Er is dus sprake van een verkooppunt waar koopovereenkomsten tot stand komen tussen huurster en klanten die haar bezoeken, welke koopovereenkomsten leiden tot rechtstreekse levering door huurder/verkoper aan de klanten.

De activiteiten van Revive voldoen verder ook aan de definities volgens Van Dale en van de Nederlandse encyclopedie van het woord “ambacht”.

Tot slot wijst Revive erop dat het niet van doorslaggevende betekenis is of zij in het gehuurde investeringen heeft gedaan.

4.7.

De kantonrechter overweegt als volgt.

Artikel 7:290 BW vermeldt het volgende:

  1. De bepalingen van deze afdeling zijn van toepassing op huur en verhuur van bedrijfsruimte.

  2. Onder bedrijfsruimte wordt verstaan:

a. een gebouwde onroerende zaak of gedeelte daarvan, die krachtens overeenkomst van huur en verhuur is bestemd voor de uitoefening van een kleinhandelsbedrijf, van een restaurant- of cafébedrijf, van een afhaal- of besteldienst of van een ambachtsbedrijf, een en ander indien in de verhuurde ruimte een voor het publiek toegankelijk lokaal voor rechtstreekse levering van roerende zaken of voor dienstverlening aanwezig is;

b. een gebouwde onroerende zaak of gedeelte daarvan die krachtens zulk een overeenkomst bestemd is voor de uitoefening van een hotelbedrijf;

c. een onroerende zaak die krachtens zulk een overeenkomst is bestemd voor de uitoefening van een kampeerbedrijf.

3. Tot de in lid 2 bedoelde bedrijfsruimte worden ook gerekend de onroerende aanhorigheden, de bij het een en ander behorende grond en de, mede gelet op de bestemming van die bedrijfsruimte, afhankelijke woning.

4.8.

De vraag die ter beantwoording voorligt is of de onderneming van Revive kan worden geschaard onder artikel 7:290, lid 2 onder a, BW. Van de twee andere opties als vermeld in b. en c. van het tweede lid is in elk geval geen sprake.

Meer specifiek gaat het in deze zaak om de vraag of de onderneming van Revive als een ambachtsbedrijf kan worden beschouwd. Een kenmerk van ambacht is met name dat er producten worden vervaardigd of technische diensten worden geleverd die de essentie van een onderneming vormen. Daarbij mag het niet gaan om fabrieksmatige productie.

4.9.

Vast staat dat in de onderneming van Revive geen stoffelijke producten worden gemaakt, aangepast of gerepareerd. De door Revive gebezigde werkzaamheden als massage en andere lichaamsbehandelingen moeten als behandeling van de cliënt worden beschouwd en niet als een vervaardiging van een product of als een technische dienst. De masseur of degene die de schoonheidsbehandelingen uitvoert maakt niet iets met de handen als in voorgaande rechtsoverweging is bedoeld. De activiteiten van Revive kunnen meer als het uitoefenen van een vrij beroep worden geduid maar niet van een ambacht. Dat er ook verzorgingsproducten worden verkocht is van ondergeschikt belang en de massages en andere behandelingen moeten als de corebusiness worden aangemerkt.

Geoordeeld wordt daarom dat Revive niet kan worden beschouwd als een ambachtsbedrijf. Dat Revive staat geregistreerd bij het Centrum voor Ambachtseconomie leidt niet tot een ander oordeel.

4.10.

Nu er geen sprake is van een ambachtsbedrijf behoeft de discussie tussen partijen of er sprake is van een voor het publiek toegankelijk lokaal geen nadere bespreking. Dit is immers niet meer relevant nu de onderneming van Revive niet voldoet aan de eerste criteria van artikel 7:290, lid 2 onder a BW.

4.11.

Het voorgaande brengt met zich dat het verweer van Revive wordt verworpen. De vordering van Hosecam ligt hiermee voor toewijzing gereed. De kantonrechter acht geen termen aanwezig Revive toe te laten tot nadere bewijslevering.

4.12.

Revive zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van Hosecam worden begroot op:

  • -

    dagvaarding € 81,99

  • -

    griffierecht 117,00

  • -

    salaris gemachtigde 400,00 ( 2 x tarief € 200,00)

totaal € 598,99

4.13.

De kantonrechter zal dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

5 De beslissing

De kantonrechter

5.1.

verklaart voor recht dat de ruimten gelegen op de eerste verdieping van het Spa en Wellnesscomplex onder de naam Thermen Born, gelegen aan de Langereweg 21A te Born, zowel tezamen als elke ruimte afzonderlijk, niet zijn (een) bedrijfsruimte(n) als bedoeld in artikel 7:290 BW,

5.2.

veroordeelt Revive in de proceskosten aan de zijde van Hosecam gevallen en tot op heden begroot op € 589,99,

5.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.W. Rijksen en in het openbaar uitgesproken.

type: PLG

coll: