Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2017:5995

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
23-06-2017
Datum publicatie
23-06-2017
Zaaknummer
03/700301-13
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

verdachten zijn veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 4 weken met een proeftijd van 1 jaar voor het plaatsen van zogenaamde gps-trackers onder de auto’s van juwelier [slachtoffer] te Sittard-Geleen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Strafrecht

Parketnummer: 03/700301-13

Tegenspraak (gemachtigde raadsvrouw)

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 23 juni 2017

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens verdachte] ,

wonende te [adresgegevens verdachte] .

De verdachte wordt bijgestaan door mr. A. Çimen, advocaat kantoorhoudende te Haarlem.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zittingen van 13 mei 2016 en 9 juni 2017. De verdachte is op beide dagen niet aanwezig geweest. Zijn raadsvrouw is op beide dagen verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:

Feiten 1 en 2: samen met anderen, zonder toestemming van de eigenaar, heimelijk een track and trace systeem (een gps-tracker) onder diens auto’s heeft aangebracht en aanwezig laten zijn dan wel daartoe medeplichtig te zijn geweest.

3 De voorvragen

De raadsvrouw heeft betoogd dat de officier van justitie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in zijn vervolging omdat geen strafbeschikking is uitgevaardigd. De raadsvrouw is van oordeel dat sprake is van schending van de eigen beleidsregels vervat in de Aanwijzing OM-strafbeschikking, dat als recht in de zin van artikel 79 RO dient te worden beschouwd. Wil het openbaar ministerie afwijken van zijn beleidsregels dan dient het dat gemotiveerd te doen. Enige motivering waarom niet gekozen is voor het uitvaardigen van een strafbeschikking ter zake is niet gegeven.

De rechtbank overweegt dat de beslissing om een verdachte al dan niet te dagvaarden is voorbehouden aan het openbaar ministerie. Het openbaar ministerie is bevoegd maar niet verplicht tot het gebruik maken van de mogelijkheid om een zaak af te doen met een strafbeschikking. Het gaat om een discretionaire bevoegdheid. Een verdachte kan zich beroepen op de uitgangspunten die in de wet of in gepubliceerde richtlijnen/aanwijzingen zijn geformuleerd, maar het staat het openbaar ministerie vrij om gemotiveerd af te wijken van genoemde uitgangspunten. De officier van justitie heeft bij requisitoir toegelicht waarom in deze zaak is gekozen voor het dagvaarden van verdachte. Met name hebben voor het openbaar ministerie de doorslag gegeven de omvang/complexiteit van het dossier en de keuze van de strafmodaliteit. Bij strafbeschikking kan namelijk niet een (voorwaardelijke) gevangenisstraf worden ‘opgelegd’.

De rechtbank is van oordeel dat de door het openbaar ministerie aangevoerde argumenten valide zijn en dat geen sprake is van een vormverzuim waarop een sanctie (als omschreven in artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering) dient te volgen. De rechtbank verwerpt het verweer. De officier van justitie kan in zijn vervolging worden ontvangen.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht de feiten 1 primair en 2 primair wettig en overtuigend bewezen.

De verdachte (ook wel aangeduid als [verdachte] ) en de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] hebben gedetailleerd afspraken gemaakt over het plakken van een gps tracker onder de auto’s (Lexus en Bentley) van juwelier [slachtoffer] . Dit blijkt uit de (ping)berichten die afgevangen zijn. Verder is op verschillende momenten in de tenlastegelegde periodes vast komen te staan dat de verdachten, in wisselende samenstelling, in Limburg zijn geweest in de nabijheid van de juwelierszaak [slachtoffer] in Sittard. Na onderzoek aan de eerste (aangetroffen) gps tracker en naar aanleiding van informatie verkregen uit diverse CIE-processen-verbaal zijn de verbalisanten op het spoor gekomen van de verdachte en de medeverdachten.

De officier van justitie stelt zich verder op het standpunt dat de geplaatste gps trackers technische hulpmiddelen zijn in de zin van artikel 139d van het Wetboek van Strafrecht en onder het begrip ‘geautomatiseerd’ werk vallen in de zin van artikel 80sexies van het Wetboek van Strafrecht.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft geconcludeerd tot vrijspraak omdat het dossier onvoldoende informatie bevat om tot de vaststelling te komen dat de aangetroffen gps-trackers onder het begrip geautomatiseerd werk in de zin van artikel 139d, eerste lid, juncto artikel 80sexies van het Wetboek van Strafrecht valt. In laatstgenoemd artikel wordt uitgelegd wat moet worden verstaan onder het begrip geautomatiseerd werk: een inrichting die bestemd is om langs elektronische weg gegevens op te slaan, te verwerken en over te dragen. Deze voorwaarden zijn cumulatief. Niet is komen vast te staan dat er opslag van gegevens heeft plaatsgevonden hetgeen wel een vereiste is om tot een bewezenverklaring te komen.

4.3

Het oordeel van de rechtbank 1

Ten aanzien van het bewijs

Op 5 april 2013 vertelde [slachtoffer] aan verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] dat op 4 april 2013 een gps trackingsysteem onder zijn auto was aangetroffen tijdens een onderhoudsbeurt in de garage Lexus Sittard.2 De gps tracker en de simkaart die in het apparaat zat werden inbeslaggenomen.3 Blijkens onderzoek werd de gps tracker geactiveerd en/of uitgelezen door een drietal telefoonnummers in de periode van 17 januari 2013 tot en met 12 maart 2013. In die periode bevond de gps tracker zich hoofdzakelijk in Amsterdam.4 Uit de historische gegevens van de simkaart van de gps tracker blijkt dat deze is uitgelezen tot en met 31 maart 2013. Vanaf 11 maart 2013 werd de gps tracker uitgelezen door nummer [telefoonnummer 1] .5

Op de foto’s van de aangetroffen gps tracker is te zien dat deze onder meer een oplaadbare batterij, een simkaart en een micro-sdkaartje bevatte. Door de politie is de werking van een gps tracker nader beschreven - kortgezegd - als een zender met een simkaart waarmee contact kan worden gelegd en locatiegegevens worden doorgegeven met een link naar Google Maps waardoor op een computer of smartphone de locatie zichtbaar is.6

Uit een opsporingsonderzoek, ingesteld naar een aantal schietincidenten in Amsterdam, is de volgende informatie beschikbaar gekomen.

“Vanaf 28 maart 2013 heeft een persoon, genaamd [medeverdachte 1] , geboren op [geboortegegevens medeverdachte 1] , ”ping” contact middels een bij hem in gebruik zijnde blackberry met een persoon die in het “ping” contact “ [verdachte] ” wordt genoemd. Kort samengevat kan worden geconcludeerd dat [medeverdachte 1] en/of [verdachte] een gps baken onder een voertuig hebben geplakt, zeer vermoedelijk een Bentley. Verder blijkt dat ze het voertuig daadwerkelijk volgen tot aan het huis van deze persoon. Ook wordt aangegeven dat de persoon “hier” vijf minuten vandaan woont. Dat de man kennelijk een harde werker is en dat alles “thuis” ligt. Daarnaast wordt er gesproken over een gps en waar die gekocht kan worden. Er wordt dan geantwoord dat dat kan bij de “spy” voor ongeveer 180 euro. Vervolgens wordt er gezegd dat het nodig is voor die “Juwa”.”

Uit gps gegevens die de ‘ping’ berichten genereren blijkt dat [medeverdachte 1] en [verdachte] zich in de gemeente Sittard bevinden op het moment dat er gepingd wordt over de Bentley.

Op 19 april 2013 rijdt een observatieteam van de eenheid Amsterdam achter [medeverdachte 1] aan op het moment dat hij rijdt in een personenauto van het merk Volkswagen. Voorafgaande aan het vertrek heeft [medeverdachte 1] contact gehad met een vooralsnog onbekende persoon. [medeverdachte 1] is zeer waarschijnlijk met deze onbekende persoon richting Sittard gereden. Het observatieteam heeft vervolgens waargenomen dat de twee personen, [medeverdachte 1] en de onbekende man, zich lange tijd ophielden in hun voertuig ter hoogte van een juwelier [slachtoffer] , [adres] Sittard. Opvallend was dat er veel voorovergebogen in de auto werd gezeten. Op enig moment werd gezien dat een van de twee inzittenden uit de auto stapte en richting een voertuig liep, zijn de een Bentley. Het vermoeden bestaat dat er mogelijk een baken onder de Bentley, die op naam staat van juwelier [slachtoffer] , is geplakt cq is weggehaald.

Na sluitingstijd van de juwelier, vertrekt de Bentley, met daarin de eigenaar van de juwelierszaak. Op gepaste afstand volgt de Volkswagen de Bentley. Vlak voor de Belgische grens stopt de Volkswagen met volgen en rijdt vervolgens terug naar Amsterdam.

Naar aanleiding van het bovenstaande is gezocht naar de combinatie Bentley en juwelier. Uit het politiesysteem is gebleken dat op 5 april 2013 door genoemde juwelier melding is gedaan van het feit dat tijdens een routine controle van een van zijn voertuigen gebleken is dat er een zogenaamd gps-baken onder zijn auto was geplakt.

Op basis van bovenstaande kan de volgende tekst ter beschikking gesteld worden aan de eenheid Limburg Zuid, Nationale politie:

[medeverdachte 1] , ene “ [verdachte] ” en in ieder geval min 1 ander persoon zijn vermoedelijk bezig met voorbereidingshandelingen om een juwelier in Sittard, genaamd [slachtoffer] [adres] Sittard, te overvallen dan wel zijn woning te overvallen dan wel hem of zijn familie in gijzeling te nemen. Genoemde personen hebben al dan niet in gezamenlijkheid op enig moment, in ieder geval in de periode maart/april 2013 een GPS baken geplaatst cq laten plaatsen onder een voertuig van genoemde juwelier, de juwelier daadwerkelijk gevolgd tot aan zijn huis en kennelijk ook zijn huis geobserveerd. Daarnaast is aannemelijk dat er al materialen anders dan het gps-baken zijn aangeschaft of nog worden aangeschaft ten behoeve van de op handen zijnde overval. [medeverdachte 1] , geboren op [geboortegegevens medeverdachte 1] maakt gebruik van de telnrs [telefoonnummer 2] met pingnr [pingnummer 1] en [telefoonnummer 3] en een voertuig Volkswagen Golf, kenteken [kenteken 1] . “ [verdachte] ” maakt gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer 4] met pingnummer [pingnummer 2] , onbekend welk 06-nummer hierbij hoort. NN man maakt gebruik van telefoonnummer [telefoonnummer 5] .”

De ping-berichten die aan de bovenstaande informatie ten grondslag liggen houden als volgt in:

28 maart 2013

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Neem die kleine kast mee

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Ik heb hem niet gezien

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Gister kwam die ook niet

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Hij wilt niet komen

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Wrm?

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Bang

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ik heb [medeverdachte 2] verwijderd man, hij zegt ik ga mee morgen

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Nu pingt hij nee man

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ik ga nu

[medeverdachte 1] – [verdachte] : A2 helemaal volgen tot die stad dan naar rechts toch?

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Heb je me gp terug gepakt?

[medeverdachte 1] – [verdachte] : We zijn niet gegaan die stinkert ping me heb maar 15 euro

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Ik ga dan gewoon met trein pak ik me gp terug

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Nee ik heb geregeld iets ik ga nu gwn voortaan

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Als hun zo doen dan gaan wij gwn zonder die stinkert en die andere

gast

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Gwn eigen mannen saffie

[verdachte] – [medeverdachte 1] : [medeverdachte 2] zoiezo

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Nu moet er beetje geïnvesteerd worden niemand trekt

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ik tank

[medeverdachte 1] – [verdachte] : We zijn in totaal met ze 5

29 maart 2013

[verdachte] – [medeverdachte 1] : 7endek komen jullie zonder me gp terug

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hij is met dikke bentley

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Volg m

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Plak die ding eronder

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hij heeft hem niet bij zich die gast was niet thuis

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hij gaat hem straks pas geven

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Zonde van de tank

[medeverdachte 1] – [verdachte] : We gaan toch volgen

[medeverdachte 1] – [verdachte] : We zijn volgen

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Nu al 5 min

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ja hij is stil gegaan bij een osso (rechtbank leest osso = huis)

[medeverdachte 1] – [verdachte] : We hebben hem

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hij woont 5min der vandaan

30 maart 2013

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Is een harde werker die gast

[medeverdachte 1] – [verdachte] : En alles zwart

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Dus alles thuis liggen

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ee vanwaar haal jij die gp?

[verdachte] - [medeverdachte 1] : Spy

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Hoeveel kosten die dingen

[verdachte] – [medeverdachte 1] : 180eu ong

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Oh is goed hij wilt hem voor die shit wat ik je zei van die juwa

18 april 2013

[medeverdachte 1] – [verdachte] : En ik heb waggie geregeld ik ga morgen naar die shit van ons saffie

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Okee pak die gp ook terug

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ik ga morgen en zaterdag saffie7

Bij de doorzoeking in de woning van de medeverdachte [medeverdachte 1] op 7 mei 2013 werden onder meer een Nokia gsm aangetroffen op de slaapkamer van de verdachte onder het hoofdkussen. In dit toestel zaten twee simkaarten. De simkaart voorzien van het nummer [telefoonnummer 3] is gebruikt vanaf 20 maart tot en met 7 mei 2013. Dit toestel is op 12 maart en 21 maart 2013 in Sittard in de onmiddellijke nabijheid van de juwelierszaak van [slachtoffer] .

Daarnaast werd onder het hoofdkussen een Blackberry gsm aangetroffen. In dit toestel zaten twee simkaarten. De simkaart voorzien van het nummer [telefoonnummer 2] is gebruikt vanaf 12 maart 2013 tot en met 7 mei 2013. Dit toestel is op 21 en 29 maart 2013 en op 6 april 2013 in Sittard in de (onmiddellijke) nabijheid van de juwelierszaak van [slachtoffer] .8

[medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard in het bezit te zijn van een BlackBerry en een Nokia, die hij heel af en toe gebruikt. De BlackBerry gebruikt hij nu een paar maanden. Het is Prepaid van Vodafone.9

Bij de doorzoeking in de woning van de medeverdachte [medeverdachte 2] (NN man) op 7 mei 2013 werd op het bed van [medeverdachte 2] een mobiele telefoon aangetroffen voorzien van het nummer

[telefoonnummer 5] . Blijkens de historische verkeersgegevens van het mobiele telefoonnummer [telefoonnummer 5] dat bij nader onderzoek in gebruik is/was bij de medeverdachte [medeverdachte 2] verplaatste de mobiele telefoon zich op 12 maart 2013, 21 maart 2013, 19 april 2013 vanuit Amsterdam naar Limburg. De mobiele telefoon is in het bereik geweest van de zendmast waaronder de juwelierszaak [slachtoffer] ook valt.10

Tijdens de fouillering van de verdachte werd een mobiele telefoon aangetroffen, voorzien van het telefoonnummer [telefoonnummer 1] .11 De gps-tracker die op 4 april 2013 onder de Lexus van [slachtoffer] werd aangetroffen, werd in de periode 11 maart 2013 tot en met 31 maart 2013 aangestuurd door de mobiele telefoon voorzien van het telefoonnummer [telefoonnummer 1] in bezit van de verdachte. De communicatie tussen de mobiele telefoon met de gps-tracker vond twee keer plaats in Limburg (12 en 16 maart 2013), waarbij een keer in de onmiddellijke omgeving van de juwelierszaak van [slachtoffer] .12

De communicatie (in de vorm van ping-berichten) tussen de nummers [telefoonnummer 5] ( [medeverdachte 2] ), [telefoonnummer 2] ( [medeverdachte 1] ) en [telefoonnummer 4] (verdachte [verdachte] ) is opgenomen en beluisterd. Bij het versturen van ping-berichten heeft iedere gebruiker een “PIN nummer”, dit nummer is een uniek nummer behorende bij de telefoon. Tevens kan de gebruiker een naam kiezen, deze naam is naar eigen keuze. In het geval van de verdachte betreft dit PIN nr. [pingnummer 1] en de naam “ [medeverdachte 1] ”. In het geval van de medeverdachte [medeverdachte 2] betreft dit PIN nr. [pingnummer 3] en de naam “ [medeverdachte 2] ”.13 De verdachte [verdachte] (“ [verdachte] ”) maakt gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer 4] . Zijn pingnummer is [pingnummer 2] .

Tussenconclusie rechtbank

De rechtbank stelt aan de hand van de bewijsmiddelen vast dat op 4 april 2013 een zogenaamde gps-tracker onder de Lexus van juwelier [slachtoffer] is aangetroffen. Deze werd vanaf 12 maart 2013 aangestuurd door het telefoonnummer [telefoonnummer 1] , een telefoonnummer van de gsm die bij de verdachte [verdachte] is aangetroffen. De verdachte communiceerde via ‘ping’berichten met de medeverdachte [medeverdachte 1] . Daaruit blijkt dat de verdachte en de medeverdachte [medeverdachte 1] afspraken maakten om een gps-tracker terug te halen en het plakken van een gps-tracker. Op 29 maart 2013 volgen de verdachte en een NN man een Ben Bentley van een man die er 5 minuten ervandaan woont. De gsm van de verdachte bevond zich toen in Sittard. Verder blijkt uit de vermelde “ping” berichten dat ze het hebben over wie gaat plakken, wie investeert, wie een auto regelt, en dat ze met hun vijven zijn. De naam ‘ [medeverdachte 2] ’ wordt ook genoemd. De rechtbank stelt vast dat hiermee de medeverdachte [medeverdachte 2] wordt bedoeld. De verdachte en medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] waren gelet op de locatiegegevens van hun telefoonnummers en gms’s in maart en april 2013 meermalen in Sittard in de nabijheid van de juwelierszaak van [slachtoffer] . De verdachte heeft dus met de medeverdachte [medeverdachte 1] en de medeverdachte [medeverdachte 2] een gps tracker onder de Lexus van juwelier [slachtoffer] geplakt.

Ten aanzien van het bewijs, vervolg

Op 26 april 2013 is de volgende informatie14 aan de verbalisant [verbalisant 3] verstrekt:

A.s. zaterdag 27 april 2013 zijn [medeverdachte 1] en “ [verdachte] ” en/of anderen van plan een GPS baken te “plakken”. [medeverdachte 1] is [medeverdachte 1] , gebruik makend van telefoonnummer [telefoonnummer 2] met pingnummer [pingnummer 1] en [telefoonnummer 3] en een voertuig VW Golf kenteken [kenteken 1] “ [verdachte] ” maakt gebruik van telefoonnummer [telefoonnummer 4] . Zijn pingnummer is [pingnummer 2] onbekend welk 06-nummer hier bij hoort.

Op 6 mei 2013 is de volgende informatie15 aan de verbalisant [verbalisant 4] verstrekt:

[medeverdachte 2] is de eigenaar/bestuurder van de Clio met kenteken [kenteken 2] die op donderdag 2 mei 2013 in Sittard is geweest. [medeverdachte 2] was in ieder geval samen met [medeverdachte 1] . [medeverdachte 2] is [medeverdachte 2] , geboren op [geboortegegevens medeverdachte 2] , wonende [adresgegevens medeverdachte 2] . [medeverdachte 1] is [medeverdachte 1] , geboren [geboortegegevens medeverdachte 1] .”

De ping-berichten die aan de bovenstaande informatie ten grondslag liggen houden als volgt in:

24-04-2013

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ik heb gp van 3200

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Doet ie het goed?

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Gooi hem onder die ding gelijk

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Is ie groot?

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hij volgt die hele shit

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Je ziet gewoon live

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hoe hij rijd

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Vrijdag wil ik gaan

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Maar moet dan met [medeverdachte 2] ze wakkie

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Ik regel waggie

25-04-2013

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Morgen plakken?

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : An zegt hij is leeg laad hm op

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Hoe moet ik hem opladen

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Heb geen lader

[verdachte] – [medeverdachte 1] : We gaan zaterdag

26-04-2013

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Regel die gp haal hm van je op

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hoelaat morgen plakken

[medeverdachte 1] - [verdachte] : Vroeg is beter

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Kunnen we meteen terug komen

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Dan kan je gelijk terugpakken

[verdachte] – [medeverdachte 1] : En dan iemand op de pc kijken waar

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Nee als je plakt juist laat

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Die ding kan maand mee langer zelfs16

27-04-2013

[medeverdachte 1] - [medeverdachte 2] : [verdachte] zou met waggie komen

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : En die gp moet opgewaardeerd worden

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ben nu met die gast van witte de wit

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Ze maken die ding schoon nu

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ja die ding doet het hij maakt hem even schoon

[medeverdachte 1] – [naam 1] : Ik ga deze komende week wat doen als het lukt inscha allah dan kom ik meteen de volgende dag saffie

[naam 1] – [medeverdachte 1] : Is het iets groots?

[naam 1] – [medeverdachte 1] : Is het veel risci?

[medeverdachte 1] – [naam 1] : Beetje maar is verrr en goed dus inscha allah weinig risico

29-04-2013

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Sken die gp

01-05-2013

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Maak hem even goed school

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Ook die ding die der omheen moet

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : We gaan met [naam 2] en ze mattie

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Traject terug weg adam

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Maar gp vergeten

[verdachte] – [medeverdachte 2] : Hoebedoel je vergeten?

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Ik had hem in dashbord gedaan

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Maar o maakte me parra ging hij weg, had ik hem in me box gedaan

dacht hij zat nog in dashbord

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Maaar kwam shi 100km pas er achter

[verdachte] – [medeverdachte 2] : Dus jullie zijn niet helemaal naar daar gegaan?

[verdachte] – [medeverdachte 2] : Hoelaat gaat ie weg?

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Precies over een uur

[verdachte] – [medeverdachte 2] : Hoe ver is t rijden

[medeverdachte 2] – [verdachte] : 175

[verdachte] – [medeverdachte 2] : En het is maar 175km

02-05-2013

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Alvast breng me vanavond die gp

03-05-2013

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Is die van vandaag nog erop

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Alleen is het gelukt

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Gelukt

[verdachte] – [medeverdachte 2] : Wat is gelukt?

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Niks die ding geplakt

[verdachte] – [medeverdachte 2] : En die andere ook terug?

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Nee bentjee

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Word op gelet. Man

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Denk je

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Achter ons op de snelweg

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : En die van hem gelijk hebben gevonden of niet

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Nee kan niet zo snel handafdrukken

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Wanneer gaan we weer morgen kijken of die 1 daar is

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Gaan we kijken of nog die shit eronder is

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Die 1 rijd hij niet meer

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : is zomer

[verdachte] – [medeverdachte 1] : 4 waggies voor mijn deur

[medeverdachte 1] – [verdachte] : dat meen je niet

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Jullie hoefde alleen die kk gp terug te pakken

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Die kk lexus was er niet

[verdachte] – [medeverdachte 2] : Die 2maanden geleden stond ie der

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Heb zelf ook geplakt vandaag

[medeverdachte 2] – [verdachte] : Misschien hebben ze me gezien he

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Hebben ze die nieuwe ook dan

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Ze zegge weet dat je daar mee bezig bent

[verdachte] – [medeverdachte 1] : We waarschuwen je alleen dat we het weten

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Ik hoop niet voor je dat je jou ding met handen hebt aangeraakt

[verdachte] – [medeverdachte 1] : Ik zou je ding gelijk terughalen

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Ik wist toch niet welke auto daar stond

[medeverdachte 1] – [verdachte] : Dacht die B toch

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Wrm pak je die gp niet die dag enzo

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Bij die osso

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Of juwa

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Hij zag ons gewoon vaak volgen die man zkr

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Ik weet al hoe hij is gevonden

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : Hij ging winterbanden eraf halen

[medeverdachte 2] – [medeverdachte 1] : hij moest hm plakke hoe [naam 2] plakt

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Hij plakt ze van onderen

[medeverdachte 1] – [medeverdachte 2] : Je hoeft 1 keer te bukken, gelijk zie je hem17

Op vrijdag 3 mei 2013 werd door de politie een nader onderzoek ingesteld aan de Bentley van [slachtoffer] . Uit dit onderzoek is gebleken dat onder de Bentley een zogenaamde gps tracker werd aangetroffen.18

Deze gps tracker bestond uit een printplaatje onder ander voorzien van GPS- en GSM-antennes – bevatte een accupack en een simkaart van Vodafone.19 De simkaart had het nummer [telefoonnummer 6] .20

Uit de historische verkeersgegevens op basis van het imei-nummer van de gps tracker bleek dat deze zich in de periode 12 april 2013 tot en met 1 mei 2013 alleen in de provincies Noord- en Zuid Holland alsmede Utrecht bevond. Op 2 mei 2013 bevond de gps tracker zich in Sittard, in het bereik van de zendmast Walramstraat 17. Vanaf 2 mei 2013 te 17:10 uur bevond deze tracker zich onafgebroken in Zuid-Limburg.21

Tussenconclusie rechtbank

De rechtbank stelt aan de hand van de inhoud van de beschreven bewijsmiddelen het volgende vast. Op 3 mei 2013 is een zogenaamde gps tracker onder de auto (Bentley) van juwelier [slachtoffer] te Sittard aangetroffen. Uit de ‘ping’ berichten tussen de verdachten volgt dat de verdachte met de beide medeverdachten afspraken maakt over wie de ‘gp’ (de rechtbank leest: gps tracker) beschikbaar stelt, het schoonmaken en plakken daarvan en op 3 mei 2013 dat het plakken onder de Bentjee (de rechtbank leest: de Bentley) is gelukt.

De verdachte heeft dus samen met de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] de gps tracker onder de Bentley van [slachtoffer] geplakt op 2 of 3 mei 2013.

Overweging ten aanzien van het bewijs

De rechtbank ziet zich vervolgens nog voor de vraag gesteld of een gps tracker een technisch hulpmiddel als bedoeld in artikel 139d van het Wetboek van Strafrecht, waarmee, voor zover hier relevant, gegevensoverdracht en/of gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen.

Gelet op de aard en eigenschappen van het apparaat, zoals hiervoor onder de bewijsmiddelen is omschreven, is de rechtbank van oordeel dat het apparaat een technisch hulpmiddel is als bedoeld in de wet.

In de gps tracker zit immers een zendertje met een gps ontvanger en een simkaartje van een mobiele telefoon. Door een simkaart in de gps tracker te plaatsen heeft verdachte dit systeem zodanig ingericht dat hij door middel van een computer/smartphone (geautomatiseerd werk), kan beschikken over de locatiegegevens die via gsm-masten/satellieten worden overgedragen. Met een gps tracker kan daardoor te allen tijde het voertuig waarop deze is aangebracht in de gaten gehouden worden en gelokaliseerd worden via internet op straat niveau

De rechtbank is van oordeel dat in het onderhavige geval het door middel van een geautomatiseerd werk (computer of smartphone) oproepen van alle door het technisch hulpmiddel (track&trace-systeem) opgevangen signalen uit de ether (interceptie) dient te worden aangemerkt als aftappen.

De geplaatste gps trackers zijn daarom aan te merken als technische hulpmiddelen in de zin van artikel 139d Sr. De rechtbank verwerpt dan ook het beroep op ontslag van alle rechtsvervolging.

Verder staat vast dat het aftappen van de vervoersbewegingen van de auto van de juwelier door middel van hun telefoon en/of computer in strijd is met het in artikel 139c van het Wetboek van Strafrecht bepaalde en maakt dat het handelen van de verdachten wederrechtelijk is.

Conclusie

De rechtbank acht op grond van de bewijsmiddelen in onderlinge samenhang beschouwd wettig en overtuigend bewezen hetgeen onder 1 primair en 2 primair is ten laste gelegd. De rechtbank acht het medeplegen bewezen gezien de onderlinge samenwerking van verdachten waar het gaat de planning en voorbereiding, de afspraken daarover en de daadwerkelijke uitvoering van het plaatsen van de tracker onder de auto’s van de juwelier. De verdachten hebben inwisselbare en wisselende rollen in het geheel.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat de verdachte

1 primair.

in de periode van 1 maart 2013 tot en met 4 april 2013 in de gemeente Sittard-Geleen en/of elders in Nederland en/of in België, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk dat daardoor gegevensoverdracht en gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt afgetapt, een technisch hulpmiddel op een bepaalde plaats aanwezig heeft doen zijn, immers heeft hij, verdachte en zijn, verdachtes, mededaders toen aldaar met voornoemd oogmerk een draadloos track and trace systeem, heimelijk en zonder

toestemming van de gebruiker/eigenaar van een auto van een ander dan hem, verdachte, aangebracht en aanwezig laten zijn onder een auto merk Lexus, met het kenteken [kenteken 3] en op naam van [slachtoffer] , waarbij door middel van dat technisch hulpmiddel de plaats waar voornoemde auto zich bevond werd gelocaliseerd/kon worden gelocaliseerd en deze gegevens werden of konden worden afgetapt;

2 primair.

in de periode van 2 mei 2013 tot en met 3 mei 2013 in de gemeente Sittard-Geleen en/of elders in Nederland en/of in België, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk dat daardoor gegevensoverdracht en gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt afgetapt, een technisch hulpmiddel op een bepaalde plaats aanwezig heeft doen zijn, immers heeft hij, verdachte en zijn, verdachtes, mededaders toen aldaar met voornoemd oogmerk een draadloos track and trace systeem, heimelijk en zonder toestemming van de gebruiker/eigenaar van een auto van een ander dan hem, verdachte, aangebracht en aanwezig laten zijn onder een auto merk Bentley, met het kenteken [kenteken 4] en op naam van [slachtoffer] , waarbij door middel van dat technisch hulpmiddel de plaats waar voornoemde auto zich bevond werd gelocaliseerd/kon worden gelocaliseerd en deze gegevens werden of konden worden afgetapt.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

Feit 1 primair:

met het oogmerk dat daardoor gegevensoverdracht of gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt afgetapt, een technisch hulpmiddel op een bepaalde plaats aanwezig doen zijn, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of verenigde personen

Feit 2 primair:

met het oogmerk dat daardoor gegevensoverdracht of gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt afgetapt, een technisch hulpmiddel op een bepaalde plaats aanwezig doen zijn, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

6 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

7 De straf en/of de maatregel

7.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte op te leggen een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 4 weken met een proeftijd van 1 jaar.

7.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw stelt zich op het standpunt dat bij een bewezenverklaring volstaan kan worden met een straf waar de verdachte geen last meer van heeft. Verdachte is first offender en de redelijke termijn is zwaar overschreden. De rechtbank kan volstaan met het toepassen van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht.

7.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Verdachte heeft samen met de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] een track&trace-systeem onder de auto’s van de juwelier [slachtoffer] geplaatst. De eerste gps-tracker werd aangetroffen tijdens een onderhoudsbeurt van de Lexus van [slachtoffer] op 4 april 2013. Op basis van CIE processen-verbaal kwamen de verdachten in beeld. Blijkens afgevangen ‘ping’ gesprekken waren de verdachten aan het plannen om opnieuw een gps-tracker te plaatsen onder de andere auto van de juwelier [slachtoffer] , een Bentley. Dat is ook gebeurd. Verdachten hebben nauwgezet en gedetailleerd afspraken daarover gemaakt. Zonder medeweten en zonder toestemming van de aangever zijn die gps-trackers geplaatst. Daardoor hebben verdachte en zijn medeverdachten een forse inbreuk gemaakt op zijn persoonlijke levenssfeer. Het heeft ook een grote impact op slachtoffers die hiermee worden geconfronteerd. In dit geval betreft het een juwelier wiens handel en wandel in kaart werd gebracht. De gedragingen van de verdachten brengen angst teweeg, want het antwoord op de vraag waarom er een gps-tracker wordt geplaatst onder de auto van een juwelier laat zich makkelijk raden. De juwelier was al eerder overvallen, wat maakt dat het aantreffen van de gps tracker extra impact heeft. Het is aan het preventief optreden van de politie te danken dat het gebleven is bij het plakken van de twee gps-trackers.

De rechtbank acht gelet op de aard en ernst van dit specifieke geval en omstandigheden waaronder (en het vermoedelijke oogmerk waarmee) het is begaan in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. Wanneer deze zaak tijdig op zitting was aangebracht zou een aantal maanden gevangenisstraf naar het oordeel van de rechtbank op zijn plaats zijn geweest. De rechtbank ziet zich echter nu geconfronteerd met het feit dat de redelijke termijn fors is overschreden. Dit zal in het voordeel van de verdachte in de straf tot uitdrukking komen. Ook de omstandigheid dat verdachte blijkens zijn strafblad na de datum van de onderhavige feiten niet meer is veroordeeld, werkt in zijn voordeel. De officier van justitie heeft bij haar strafeis naar het oordeel van de rechtbank meer dan rekening gehouden met bovenstaande facetten. De rechtbank ziet geen reden om van de eis van de officier van justitie af te wijken en zal aan de verdachte een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen voor de duur van 4 weken, met een proeftijd van een jaar en met aftrek van het voorarrest op het moment dat alsnog de tenuitvoerlegging zou worden gelast.

8 Het beslag

De rechtbank zal ten aanzien van de in beslag genomen rugzak en uitleesapparatuur de bewaring ten behoeve van de rechthebbende gelasten.

9 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 47, 57, 63 en 139d van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

10 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

  • -

    verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 4.4 is omschreven;

  • -

    spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 5 is omschreven;

  • -

    verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

  • -

    veroordeelt de verdachte voor de bewezenverklaarde feiten tot een gevangenisstraf van 4 weken voorwaardelijk, met een proeftijd van 1 jaar;

  • -

    beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, op het moment dat alsnog de tenuitvoerlegging van deze straf wordt gelast;

  • -

    bepaalt dat de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit;

Beslag

- gelast de bewaring van de volgende in beslag genomen voorwerpen ten behoeve van de rechthebbende:

- rugzak en uitleesapparatuur.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M. Schutte, voorzitter, mr. W.L.J. Voogt en mr. C.M.W. Nobis, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.J.M. Penders, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 23 juni 2017.

Buiten staat

Mr. W.L.J. Voogt is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

1.

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 4 april 2013 in de gemeente Sittard-Geleen, in elk geval in het arrondissement Limburg en/of elders in Nederland en/of in België, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, met het oogmerk dat daardoor telecommunicatie en/of andere gegevensoverdracht en/of andere gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt

afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen, een of meer technisch(e) hulpmiddel(en) op een bepaalde plaats aanwezig heeft doen zijn, immers heeft hij, verdachte en/of zijn, verdachtes, mededader(s) toen aldaar met voornoemd oogmerk een (draadloos) track and trace systeem, in elk geval een plaatsbepalingsapparaat/-systeem heimelijk, althans verborgen en/of zonder

toestemming van de gebruiker/eigenaar van een auto van een ander dan hem, verdachte, aangebracht of doen/laten aanbrengen en/of aanwezig doen/laten zijn onder een auto merk Lexus, met het kenteken [kenteken 3] en/of op naam van [slachtoffer] , in elk geval op naam van een ander of anderen dan van hem, verdachte, en/of zijn, verdachtes, mededader(s), waarbij door middel van dat/die technisch(e) hulpmiddel(en) de plaats waar voornoemde auto zich bevond werd gelocaliseerd/kon worden gelocaliseerd en/of kon worden vastgesteld/waargenomen en/of deze telecommunicatie en/of andere gegevens werd(en) of kon(den) worden afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] , tezamen en in vereniging met elkaar, in elk geval ieder voor zich, alleen, in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 4 april 2013 in de gemeente Sittard-Geleen, in elk geval in het arrondissement Limburg en/of elders in Nederland en/of in België, met het oogmerk dat daardoor telecommunicatie en/of andere gegevensoverdracht en/of andere gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen, een of meer technisch(e)

hulpmiddel(en) op een bepaalde plaats aanwezig heeft doen zijn, immers heeft/hebben voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] toen aldaar met voornoemd oogmerk een (draadloos) track and trace systeem, in elk geval een plaatsbepalingsapparaat/-systeem heimelijk, althans verborgen en/of zonder toestemming van de gebruiker/eigenaar van een auto van een ander dan die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of hem, verdachte, aangebracht of doen/laten aanbrengen en/of aanwezig doen/laten zijn onder een auto merk Lexus, met het

kenteken [kenteken 3] en/of op naam van [slachtoffer] , in elk geval op naam van een ander of anderen dan van die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of hem, verdachte, waarbij door middel van dat/die technisch(e) hulpmiddel(en) de plaats waar voornoemde auto zich bevond werd gelocaliseerd/kon worden gelocaliseerd en/of kon worden vastgesteld/waargenomen en/of deze telecommunicatie en/of andere gegevens werd(en) of kon(den) worden

afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen, bij en/of tot het plegen van welk voornoemd feit hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 4 april 2013 in de gemeente Sittard-Geleen, in elk geval in het arrondissement Limburg en/of elders in

Nederland en/of in België opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door toen aldaar opzettelijk voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] een of meerdere mobiele telefoons en/of een GPS-tracker ter beschikking te stellen en/of door opzettelijk voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] inlichtingen te verschaffen over de werking en/of het aanbrengen van een GPS-tracker en/of door opzettelijk voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] te vervoeren naar de plaats van het misdrijf en/of door opzettelijk in de nabijheid van de plaats van het misdrijf op de uitkijk te verblijven teneinde voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] bij onraad te kunnen waarschuwen;

2.

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 3 mei 2013 in de gemeente Sittard-Geleen, in elk geval in het arrondissement Limburg en/of elders in Nederland en/of in België, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, met het oogmerk dat daardoor telecommunicatie en/of andere gegevensoverdracht en/of andere gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt

afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen, een of meer technisch(e) hulpmiddel(en) op een bepaalde plaats aanwezig heeft doen zijn, immers heeft hij, verdachte en/of zijn, verdachtes, mededader(s) toen aldaar met voornoemd oogmerk een (draadloos) track and trace systeem, in elk geval een plaatsbepalingsapparaat/-systeem heimelijk, althans verborgen en/of zonder

toestemming van de gebruiker/eigenaar van een auto van een ander dan hem, verdachte, aangebracht of doen/laten aanbrengen en/of aanwezig doen/laten zijn onder een auto merk Bentley, met het kenteken [kenteken 4] en/of op naam van [slachtoffer] , in elk geval op naam van een ander of anderen dan van hem, verdachte, en/of zijn, verdachtes, mededader(s), waarbij door middel van dat/die technisch(e) hulpmiddel(en) de plaats waar voornoemde auto zich bevond werd gelocaliseerd/kon worden gelocaliseerd en/of kon worden vastgesteld/waargenomen en/of deze telecommunicatie en/of andere gegevens

werd(en) of kon(den) worden afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] , tezamen en in vereniging met elkaar, in ieder geval ieder voor zich alleen, in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 3 mei 2013 in de gemeente Sittard-Geleen, in elk geval in het arrondissement Limburg en/of elders in Nederland en/of in België, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, met het oogmerk dat daardoor telecommunicatie en/of andere gegevensoverdracht en/of andere gegevensverwerking door een geautomatiseerd werk wederrechtelijk wordt

afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen, een of meer technisch(e) hulpmiddel(en) op een bepaalde plaats aanwezig heeft doen zijn, immers heeft/hebben voornoemde [medeverdachte 1] en/of voornoemde [medeverdachte 2] toen aldaar met voornoemd oogmerk een (draadloos) track and trace systeem, in elk geval een plaatsbepalingsapparaat/-systeem heimelijk, althans verborgen en/of zonder toestemming van de gebruiker/eigenaar van een auto van een ander dan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of hem, verdachte, aangebracht of doen/laten aanbrengen en/of aanwezig doen/laten zijn onder een auto merk Bentley, met het kenteken [kenteken 4] en/of op naam van [slachtoffer] , in elk geval op naam van een ander of anderen dan van die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of hem, verdachte, en/of zijn, verdachtes, mededader(s), waarbij door middel van dat/die technisch(e) hulpmiddel(en) de plaats waar voornoemde auto zich bevond werd gelocaliseerd/kon worden gelocaliseerd en/of kon worden vastgesteld/waargenomen en/of deze telecommunicatie en/of andere gegevens

werd(en) of kon(den) worden afgeluisterd en/of afgetapt en/of opgenomen, bij en/of tot het plegen van welk voornoemd feit hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 1 januari 2013 tot en met 3 mei 2013 in de gemeente Sittard-Geleen, in elk geval in het arrondissement Limburg en/of elders in Nederland en/of in België opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door toen aldaar

opzettelijk voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] een of meerdere mobiele telefoons en/of een GPS-tracker ter beschikking te stellen en/of door opzettelijk voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] inlichtingen te verschaffen over de werking en/of het aanbrengen van een GPS-tracker en/of door opzettelijk voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] te vervoeren naar de plaats van het misdrijf en/of door opzettelijk in de nabijheid van de plaats van het misdrijf op de uitkijk te verblijven teneinde voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] bij onraad te kunnen waarschuwen.

1 Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Regio Limburg-Zuid, proces-verbaalnummer 2013035037, gesloten d.d. 27 augustus 2013.

2 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 5 april 2013, doorgenummerde dossierpagina 69.

3 Geschriften, zijnde kennisgevingen van inbeslagneming, doorgenummerde dossierpagina’s 67 en 68.

4 Proces-verbaal onderzoek telecommunicatie overvallen d.d. 28 april 2013, doorgenummerde dossierpagina 120.

5 Proces-verbaal ‘persoonsdossier verdachte [verdachte] ’ d.d. 27 augustus 2013, doorgenummerde dossierpagina’s 378-379.

6 Stamproces-verbaal d.d. 27 augustus 2013, doorgenummerde dossierpagina’s 21-22 incluis de foto’s weergegeven op dossierpagina’s 74, 75 en 76.

7 Proces-verbaal, opgemaakt door Politie Amsterdam-Amstelland (restinformatie kluisproces-verbaal) d.d. 23 april 2013 inclusief de “ping”berichten.

8 Proces-verbaal onderzoek beslag en analyse telecommunicatie d.d. 19 juli 2013, doorgenummerde dossierpagina’s 68 tot en met 78 van het beslagdossier.

9 Proces-verbaal van verhoor van de medeverdachte [medeverdachte 1] d.d. 8 mei 2013, doorgenummerde dossierpagina 313.

10 Proces-verbaal onderzoek beslag en analyse telecommunicatie d.d. 18 juli 2013, doorgenummerde dossierpagina’s 5 tot en met 10 van het dossier ‘analyse telecom’ [medeverdachte 2] .

11 Proces-verbaal onderzoek beslag en analyse telecommunicatie d.d. 19 juli 2013, doorgenummerde dossierpagina 3 van het dossier ‘analyse telecom’ [verdachte] .

12 Proces-verbaal onderzoek beslag en analyse telecommunicatie d.d. 25 mei 2013, doorgenummerde dossierpagina’s 102 tot en met 107 van het dossier ‘analyse telecom’ [verdachte] en de geschriften op de doorgenummerde dossierpagina’s 117 tot en met 123.

13 Proces-verbaal “Algemeen dossier” d.d. 27 augustus 2013, doorgenummerde dossierpagina 37.

14 Proces-verbaal afgeschermde informatie d.d. 26 april 2013;

15 Proces-verbaal afgeschermde informatie d.d. 6 mei 2013;

16 Proces-verbaal (restinformatie kluisproces-verbaal) d.d. 26 april 2013 inclusief een afschrift van de pingconversatie tussen [verdachte] - [medeverdachte 1] - [medeverdachte 2] .

17 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 mei 2013, doorgenummerde dossierpagina’s 136 tot en met 151

18 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 4 mei 2013, doorgenummerde dossierpagina 161.

19 Proces-verbaal sporenonderzoek d.d. 15 juli 2013, doorgenummerde dossierpagina 167.

20 Proces-verbaal onderzoek analyse telecommunicatie d.d. 8 augustus 2013, doorgenummerde dossierpagina 220.

21 Proces-verbaal onderzoek analyse telecommunicatie d.d. 8 augustus 2013, doorgenummerde dossierpagina 222-223.