Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2017:2750

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
29-03-2017
Datum publicatie
30-03-2017
Zaaknummer
5478708 cv 16-10378
Rechtsgebieden
Burgerlijk procesrecht
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verstelwerk aan kleding. Geen tekortkoming in de nakoming. Vordering is nauwelijks onderbouwd en wordt afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Roermond

Zaaknummer: 5478708 \ CV EXPL 16-10378

Vonnis van de kantonrechter van 29 maart 2017

in de zaak van:

[eisende partij] ,

wonend [adres eisende partij] ,

[woonplaats eisende partij] ,

eisende partij,

gemachtigde mr. J.E.A.H. Verstraelen,

tegen:

1 de vennootschap onder firma V.O.F. [X] FASHION,
gevestigd te [vestigingsplaats X] ,

2. [gedaagde sub 2] , vennoot van gedaagde sub 1,
wonend [adres gedaagden] ,
[woonplaats gedaagden] ,

3. [gedaagde sub 3] , vennoot van gedaagde sub 1,
wonend [adres gedaagden] ,
[woonplaats gedaagden] ,

gedaagde partij,

procederende in persoon.

Partijen worden verder in dit vonnis aangeduid als [eisende partij] en [X] Fashion.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding

  • -

    de conclusie van antwoord

  • -

    de conclusie van repliek

  • -

    de conclusie van dupliek

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eisende partij] heeft op 13 juli 2016 een vijftal kledingstukken bij [X] Fashion afgegeven voor verstelwerkzaamheden. De kledingstukken zouden uiterlijk woensdag 20 of donderdag 21 juli 2016 klaar zijn. Op voornoemde data waren de verstelwerkzaamheden nog niet gereed. [eisende partij] heeft zich daarop op 27 juli 2016 en 2 augustus 2016 bij [X] Fashion vervoegd, maar kon nog steeds niet over haar kledingstukken beschikken.

2.2.

Bij brief van 12 augustus 2016 heeft [eisende partij] [X] Fashion in gebreke gesteld en [X] Fashion gesommeerd de kledingstukken in oorspronkelijke staat dan wel versteld terug te geven.

2.3.

Op 1 december 2016 heeft [eisende partij] de kledingstukken retour ontvangen. [eisende partij] heeft daarbij een verklaring ondertekend, waarin zij verklaart de kleding te hebben ontvangen en waarin zij stelt dat de staat van de kleding niet goed is.

3 Het geschil

3.1.

[eisende partij] vordert – samengevat en na wijziging van eis bij repliek – veroordeling van [X] Fashion tot betaling van:

  • -

    een schadevergoeding voor de blouse ad € 119,00

  • -

    de kosten van herstel en reiniging voor een totaalbedrag van € 75,65

  • -

    de gemaakte reiskosten ad € 87,20

  • -

    de (na)kosten van dit geding.

3.2.

[X] Fashion voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

[eisende partij] stelt zich in de onderhavige procedure – nadat zij bij conclusie van repliek haar eis en de grondslag daarvan heeft gewijzigd – op het standpunt dat [X] Fashion aantoonbaar in gebreke is gebleven in de nakoming van de overeenkomst en dat zij op grond daarvan gehouden is de door [eisende partij] geleden schade te vergoeden. Zo heeft [eisende partij] het verstelwerk niet goed uitgevoerd en is één kledingstuk gedragen en vervuild.

4.2.

[X] Fashion voert ten verweer aan dat de overeenkomst door toedoen van [eisende partij] niet is geslaagd. Zo was [X] Fashion weigerachtig de kleding tussentijds te passen, hetgeen voor het verstelwerk wel noodzakelijk was. [X] Fashion betwist dat de werkzaamheden niet deugdelijk zijn uitgevoerd. [X] Fashion was nog niet geheel klaar met het verstelwerk. Daarnaast is er geen kleding van [eisende partij] gedragen.

4.3.

De kantonrechter overweegt als volgt.

4.4.

[eisende partij] vordert bij dagvaarding – kort samengevat – de afgifte van de door haar bij [X] Fashion voor herstel afgegeven kledingstukken. Daarnaast vordert [eisende partij] vergoeding van gemaakte reiskosten. Nadat de kleding hangende de procedure bij [eisende partij] is terugbezorgd en de oorspronkelijke grondslag aan de vordering komt te ontvallen, wijzigt [eisende partij] deze grondslag bij repliek en vordert zij vervolgens schadevergoeding.

4.5.

De kantonrechter is van oordeel dat deze verrassende koerswijziging in beginsel in strijd met een goede procesorde moet worden geacht. Nu [X] Fashion zich evenwel daar bij dupliek niet tegen verzet, zal de kantonrechter de eiswijziging en de wijziging van de grondslag toelaten.

4.6.

De kantonrechter stelt vast dat partijen gaandeweg ernstig met elkaar gebrouilleerd zijn geraakt en dat zij – ook nadat de kledingstukken bij [eisende partij] zijn geretourneerd – nog steeds lijnrecht tegenover elkaar staan.

4.7.

Deze getroebleerde verstandhouding staat echter los van de vraag of [X] Fashion toerekenbaar tekortgeschoten is in de nakoming van de tussen partijen bestaande overeenkomst en of zij gehouden is de door [eisende partij] opgevoerde schade te vergoeden. De kantonrechter overweegt op dit punt het volgende.

4.8.

Vast staat dat [X] Fashion een aanvang heeft gemaakt met de verstelwerkzaamheden, maar dat zij niet door [eisende partij] in de gelegenheid is gesteld dit werk af te maken. [X] Fashion verwijt [eisende partij] op dit punt dat zij zich niet beschikbaar heeft gesteld om de kleding tussentijds te passen, hetgeen echter wel noodzakelijk is om de kleding op de juiste wijze te verstellen. [eisende partij] heeft dit standpunt van [X] Fashion niet weersproken. Nu een deugdelijke ingebrekestelling ontbreekt en [X] Fashion niet de gelegenheid is geboden om alsnog na te komen, dient de vordering van [eisende partij] ten aanzien van het deugdelijk verstelwerk te worden afgewezen.

4.9.

De stelling van [eisende partij] dat de haar door afgegeven witte rok door (personeelsleden van) [X] Fashion zou zijn gedragen wordt in het geheel niet onderbouwd. Uit niets blijkt dat de betreffende rok door toedoen van [X] Fashion vervuild is geraakt. De kantonrechter zal dan ook aan hetgeen [eisende partij] daaromtrent heeft gesteld voorbijgaan.

4.10.

Ook de door [eisende partij] opgevoerde reiskosten zullen worden afgewezen, nu de vordering op dit punt in het geheel niet is onderbouwd. De kantonrechter acht in dat verband de door [eisende partij] bij dagvaarding overgelegde productie 7 volstrekt ontoereikend. Zo ontbreken deugdelijke vervoersbewijzen die de vordering van [eisende partij] zouden kunnen ondersteunen. Bovendien valt niet in te zien waarom [eisende partij] zich in een civielrechtelijk geschil moet wenden tot de politie en de gemeente.

4.11.

[eisende partij] legt bij repliek een tweetal verklaringen over van ontevreden klanten van [X] Fashion. Het is de kantonrechter niet duidelijk wat de relevantie van deze verklaringen is en wat [eisende partij] daarmee wenst te bewerkstelligen. De verklaringen zeggen immers niets over de kwaliteit van het door [X] Fashion in deze zaak geleverde werk.

4.12.

Uit het vorenstaande volgt dat de vordering van [eisende partij] moet worden afgewezen.

4.13.

De kantonrechter acht geen termen aanwezig [eisende partij] toe te laten tot nadere bewijslevering.

4.14.

[eisende partij] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van [X] Fashion worden begroot op een bedrag van € 50,00.

4.15.

De kantonrechter zal dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

5 De beslissing

De kantonrechter

5.1.

wijst de vordering af,

5.2.

veroordeelt [eisende partij] in de proceskosten aan de zijde van [X] Fashion

gevallen en tot op heden begroot op € 50,00,

5.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M.J.F. Piëtte en in het openbaar uitgesproken.

type: ph

coll: mjp