Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2017:1327

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
01-02-2017
Datum publicatie
09-02-2018
Zaaknummer
C/03/214466 / HA ZA 15-721
Formele relaties
Einduitspraak: ECLI:NL:RBLIM:2018:518
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Erfrechtzaak. Verdeling. Benoeming deskundige. Tussenvonnis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: C/03/214466 / HA ZA 15-721

Vonnis van 1 februari 2017

in de zaak van

[eiseres in conventie, verweerster in (voorwaardelijke) reconventie] ,

wonende te [woonplaats] ,

eiseres in conventie,

verweerster in (voorwaardelijke) reconventie,

advocaat mr. R.R.H.J. Ramakers,

tegen

[gedaagde in conventie, eiser in (voorwaardelijke) reconventie] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde in conventie,

eiser in (voorwaardelijke) reconventie,

advocaat mr. J.M. Wolfs.

Partijen zullen hierna [eiseres in conventie, verweerster in (voorwaardelijke) reconventie] en [gedaagde in conventie, eiser in (voorwaardelijke) reconventie] genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis van 7 december 2016

  • -

    de e-mail van de advocaat van [gedaagde in conventie, eiser in (voorwaardelijke) reconventie] van 14 december 2016

  • -

    de brief van de griffier van de rechtbank aan partijen van 4 januari 2017

  • -

    de (separate) akten van partijen van 4 januari 2017

  • -

    de (separate) akten van partijen van 18 januari 2017.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De verdere beoordeling

in conventie en in reconventie

2.1.

Bij vonnis van 7 december 2016 heeft de rechtbank partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het voorschot van beoogd deskundige A. Zinken

(makelaar/taxateur).

2.2.

Bij e-mail van 14 december 2016 is zijdens [gedaagde in conventie, eiser in (voorwaardelijke) reconventie] bezwaar gemaakt tegen de beoogd deskundige, nu hij althans het kantoor waar hij werkzaam is (Ruijters Makelaars) in het verleden door [eiseres in conventie, verweerster in (voorwaardelijke) reconventie] is ingeschakeld, reden waarom hij volgens [gedaagde in conventie, eiser in (voorwaardelijke) reconventie] niet vrijstaat tegenover partijen. Volgens [eiseres in conventie, verweerster in (voorwaardelijke) reconventie] staat de makelaar wel vrij, maar zij achtte het gevraagde voorschot bovenmatig.

2.3.

Daarop heeft de rechtbank een andere makelaar/taxateur, te weten M. Groeneveld, h.o.d.n. GNM Makelaardij te Maastricht, bereid gevonden als deskundige op te treden. De deskundige heeft haar kosten begroot op € 1.815,00 (incl. btw). Bij brief van 4 januari 2017 heeft de griffier van de rechtbank partijen in de gelegenheid gesteld zich over deze nieuw beoogde deskundige en haar kostenbegroting uit te laten. De rechtbank heeft partijen voorts verzocht te reageren op haar voorstel om de kosten van de deskundige van de gemeenschappelijke bankrekening van partijen te voldoen.

2.4.

Bij separate akten hebben [eiseres in conventie, verweerster in (voorwaardelijke) reconventie] en [gedaagde in conventie, eiser in (voorwaardelijke) reconventie] laten weten zich te kunnen verenigen met de benoeming van M. Groeneveld als deskundige en zich te kunnen vinden in zowel het voorschotbedrag als in betaling van de kosten van de deskundige vanaf de gezamenlijke bankrekening.

2.5.

De rechtbank zal de onder de beslissing vermelde deskundige benoemen en de hoogte van het voorschot op de kosten van de deskundige vaststellen op het in de beslissing vermelde bedrag.

2.6.

De rechtbank ziet aanleiding om het voorschot op de kosten van de deskundige gelijkelijk over partijen te verdelen en wel aldus dat deze kosten rechtstreeks zullen worden voldaan vanaf de gezamenlijke Rabobank bankrekening ( [rekeningnummer] ).

2.7.

De rechtbank wijst erop dat partijen wettelijk verplicht zijn om mee te werken aan het onderzoek door de deskundige. De rechtbank zal deze verplichting uitwerken zoals nader onder de beslissing omschreven. Wordt aan een van deze verplichtingen niet voldaan, dan kan de rechtbank daaruit de gevolgtrekking maken die zij geraden acht, ook in het nadeel van de desbetreffende partij.

2.8.

Indien een partij desgevraagd of op eigen initiatief schriftelijke opmerkingen en verzoeken aan de deskundige doet toekomen, dient zij daarvan terstond afschrift aan de wederpartij te verstrekken.

2.9.

De rechtbank wijst erop dat partijen wettelijk verplicht zijn om mee te werken aan het onderzoek door de deskundige. De rechtbank zal deze verplichting uitwerken zoals nader onder de beslissing omschreven. Wordt aan een van deze verplichtingen niet voldaan, dan kan de rechtbank daaruit de gevolgtrekking maken die zij geraden acht, ook in het nadeel van de desbetreffende partij.

2.10.

Indien een partij desgevraagd of op eigen initiatief schriftelijke opmerkingen en verzoeken aan de deskundige doet toekomen, dient zij daarvan terstond afschrift aan de wederpartij te verstrekken.

2.11.

De rechtbank ziet geen aanleiding om tussentijds hoger beroep van deze tussenbeslissing toe te staan. Zij zal de beslissing over het voorschot ambtshalve uitvoerbaar bij voorraad verklaren.

3 De beslissing

De rechtbank

in conventie en in reconventie

3.1.

beveelt een onderzoek (geen geveltaxatie) door de deskundige ter beantwoording van de volgende vragen:

1a. op welke vrije verkoopwaarde, vrij van huur en/of gebruiksrechten ter zake, naar peildatum per datum vonnis taxeert u het pand gelegen aan de [adres 1] te [plaats] , bestaande uit kantoorruimte en een dienstwoning, kadastraal bekend gemeente [kadasternummer 1] ?

1b. kunt u hierbij aangeven wat volgens u naar de huidige marktomstandigheden de te hanteren vraagprijs en laatprijs van het pand is?

2a. op welke vrije verkoopwaarde, vrij van huur en/of gebruiksrechten ter zake, naar peildatum per datum vonnis taxeert u een loods gelegen aan de [adres 2] dan wel [adres 2] te [plaats] , kadastraal bekend gemeente [kadasternummer 2] ?

2b. kunt u hierbij aangeven wat volgens u naar de huidige marktomstandigheden de te hanteren vraagprijs en laatprijs van de loods is?

3a. op welke vrije verkoopwaarde, vrij van huur en/of gebruiksrechten ter zake, naar peildatum per datum vonnis taxeert u een berging aan de [adres 2] dan wel [adres 2] te [plaats] , kadastraal bekend gemeente [kadasternummer 3] ?

3b. kunt u hierbij aangeven wat volgens u naar de huidige marktomstandigheden de te hanteren vraagprijs en laatprijs van de berging is?

4. zijn er nog andere punten die u naar voren wilt brengen waarvan de rechter volgens u kennis dient te nemen bij de verdere beoordeling?

3.2.

benoemt tot deskundige:

M. Groeneveld, h.o.d.n. GNM Makelaardij,

adres: Oranjeplein 101, 6224 KV Maastricht

telefoon: 043-3621400

gsm: 06-533338825,

emailadres: marjan.groeneveld@gmail.com,

het voorschot

3.3.

stelt de hoogte van het voorschot op de kosten van de deskundige vast op het door de deskundige begrote bedrag van € 1.815,00 (incl. btw),

3.4.

bepaalt dat partijen vanaf hun gezamenlijke Rabobank bankrekening het voorschot

dienen over te maken binnen twee weken na de datum van de nota met betaalinstructies van

het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak,

3.5.

draagt de griffier op om de deskundige onmiddellijk in kennis te stellen van de betaling van het voorschot,

het onderzoek

3.6.

bepaalt dat [eiseres in conventie, verweerster in (voorwaardelijke) reconventie] haar procesdossier in afschrift aan de deskundige dient te doen toekomen,

3.7.

bepaalt dat de deskundige het onderzoek zelfstandig zal instellen op de door de deskundige in overleg met partijen te bepalen tijd en plaats,

3.8.

wijst de deskundige er op dat:

- de deskundige voor aanvang van het onderzoek dient kennis te nemen van de Leidraad

deskundigen in civiele zaken (te raadplegen op www.rechtspraak.nl of desgevraagd te verkrijgen bij de griffie),

- de deskundige het onderzoek pas na het bericht van de griffier omtrent betaling van

het voorschot dient aan te vangen,

- de deskundige het onderzoek onmiddellijk dient te staken en contact dient op te nemen met

de griffier, indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden het voorschot niet toereikend blijkt te zijn,

- de deskundige partijen bij een onderzoek van een object ter plaatse gelegenheid dient te

bieden dit onderzoek bij te wonen; indien slechts één partij, althans niet alle partijen, bij het onderzoek van objecten ter plaatse aanwezig is of zijn, de deskundige dit onderzoek niet mag uitvoeren, tenzij alle partijen zijn uitgenodigd om bij dat onderzoek aanwezig te zijn, en dat uit het rapport moet blijken dat hieraan is voldaan,

- indien partijen bij het onderzoek van objecten ter plaatse aanwezig zijn geweest, uit het

rapport moet blijken welke opmerkingen zij hebben gemaakt en welke verzoeken zij hebben gedaan, en hoe de deskundige hierop heeft gereageerd,

3.9.

bepaalt dat partijen nadere inlichtingen en gegevens aan de deskundige dienen te verstrekken indien deze daarom verzoekt, de deskundige toegang dienen te verschaffen tot voor het onderzoek noodzakelijke plaatsen, en de deskundige ook voor het overige gelegenheid dienen te geven tot het verrichten van het onderzoek,

het schriftelijk rapport

3.10.

draagt de deskundige op om uiterlijk twee maanden na het schriftelijk bericht van de griffier omtrent de betaling van het voorschot een schriftelijk en ondertekend bericht in drievoud ter griffie van de rechtbank in te leveren, onder bijvoeging van een gespecificeerde declaratie,

3.11.

wijst de deskundige er op dat:

- uit het schriftelijk bericht moet blijken op welke stukken het oordeel van de deskundige is

gebaseerd,

- de deskundige een concept van het rapport aan partijen moet toezenden, opdat partijen de

gelegenheid krijgen binnen vier weken daarover bij de deskundige opmerkingen te maken en verzoeken te doen, en dat de deskundige in het definitieve rapport de door partijen gemaakte opmerkingen en verzoeken en de reactie van de deskundige daarop moet vermelden,

3.12.

bepaalt dat partijen binnen vier weken dienen te reageren op het conceptrapport van de deskundige nadat dit aan partijen is toegezonden en dat partijen bij de deskundige geen gelegenheid hebben op elkaars opmerkingen en verzoeken naar aanleiding van het conceptrapport te reageren,

overige bepalingen

3.13.

verklaart de beslissing over het voorschot uitvoerbaar bij voorraad,

3.14.

bepaalt dat de zaak op de rol van 8 februari 2017 zal komen voor opgave verhinderdata voor de voortzetting van de enquête aan beide zijden,

3.15.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. G.M. Drenth en in het openbaar uitgesproken.1

1 type: JC