Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2017:11220

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
17-11-2017
Datum publicatie
20-11-2017
Zaaknummer
03/659275-15 en 03/661223-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Veroordeling voor het gezamenlijk uitvoeren van hard- en softdrugs van Nederland naar Duitsland, voor deelname aan een criminele organisatie en voor aanwezigheid hennep en hennepkwekerij tot een gevangenisstraf van 30 maanden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond

Strafrecht

Parketnummers: 03/659275-15 en 03/661223-15 (ter terechtzitting gevoegd)

Tegenspraak

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 17 november 2017

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens] ,

wonende te [adres] .

De verdachte wordt bijgestaan door mr. H. van der Ende, advocaat, kantoorhoudende te Venlo.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zittingen van 20, 22, 27 en 28 september 2017. De verdachte en zijn raadsvrouw zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt. De rechtbank heeft het onderzoek ter terechtzitting vervolgens gesloten op de zitting van 3 november 2017.

Ter terechtzitting van 22 september 2017 heeft de officier van justitie kenbaar gemaakt dat hij voornemens is een vordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht aanhangig te maken.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:

parketnummer 03/659275-15:

feit 1: meermalen samen met anderen een hoeveelheid cocaïne en/of amfetamine buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, dan wel heeft verhandeld;

feit 2: meermalen samen met anderen een hoeveelheid hennep en/of hasjiesj buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, dan wel heeft verhandeld;

feit 3 en feit 4: heeft deelgenomen aan een criminele organisatie.

parketnummer 03/661223-15:

feit 1: samen met een ander of anderen opzettelijk hennep heeft geteeld of aanwezig heeft gehad, dan wel medeplichtig is geweest aan het samen met een ander of anderen opzettelijk telen of aanwezig hebben van hennep;

feit 2: samen met een ander of anderen 2030,6 gram hennep opzettelijk aanwezig heeft gehad;

feit 3: samen met een ander of anderen een hoeveelheid elektriciteit heeft gestolen.

3 De beoordeling van het bewijs

3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht ten aanzien van de tenlastelegging met parketnummer 03/659275-15 feit 1 primair, feit 2 primair en de feiten 3 en 4 wettig en overtuigend bewezen.

De officier van justitie acht ten aanzien van de tenlastelegging met parketnummer 03/661223-15 feit 1 primair, feit 2 en feit 3 wettig en overtuigend bewezen.

3.2

Het standpunt van de verdediging

Ten aanzien van de tenlastelegging met parketnummer 03/659275-15 heeft de verdediging het volgende aangevoerd. De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de zaaksdossiers 2, 3 en 5 te weinig concrete informatie bevatten om buiten elke redelijke twijfel te kunnen vaststellen dat het bedrijf [naam bedrijf] of de verdachte betrokken is bij de vermeende drugstransporten. Verdachte dient daarom van dit onderdeel van de tenlastelegging te worden vrijgesproken. De verdediging heeft verder aangevoerd dat de verdachte geen wetenschap heeft gehad omtrent het overladen van verdovende middelen in een Volkswagen Caddy in zijn bedrijfspand, omdat [medeverdachte 2] hem had verteld dat het om merkkleding ging. Er dient bovendien terughoudend te worden omgegaan met de verklaringen van [duitse koerier 2] . De verdediging heeft ook aangevoerd dat, als de verdachte al een rol heeft gehad, dan is het dat hij voor slechts een aantal transporten heeft toegestaan dat zijn bedrijfspand heeft gefungeerd als overlaadstation. De verdediging stelt zich op het standpunt dat er geen sprake is geweest van medeplegen, maar hoogstens medeplichtigheid, hetgeen niet is ten laste gelegd. De verdachte dient daarom te worden vrijgesproken van het onder feit 1 en feit 2 tenlastegelegde. Ten aanzien van feit 3 en feit 4 heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat de verdachte niet opzettelijk, in onvoorwaardelijke zin, heeft deelgenomen aan de criminele organisatie. Zijn rol is afwijkend van de rest en van een ander niveau dan de overige verdachten.

Ten aanzien van de tenlastelegging met parketnummer 03/661223-15 heeft de verdediging het volgende aangevoerd. De verdediging heeft zich met betrekking tot feit 1 op het standpunt gesteld dat de verdachte geen wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan de hennepteelt. Medeplichtigheid aan het telen van hennep kan wel bewezen worden. De verdediging heeft verzocht de verdachte vrij te spreken van feit 2. Hoewel de hennep zich in de machtssfeer van de verdachte en zijn echtgenote bevond, hadden zij er beide geen wetenschap van. De verdediging heeft tenslotte verzocht de verdachte vrij te spreken van feit 3. Uit het dossier blijkt niet dat de verdachte wetenschap had van de diefstal van de elektriciteit. De aanwezigheid van een hennepkwekerij impliceert niet dat ook elektriciteit moet worden gestolen. Dit is geen feit van algemene bekendheid.

3.3

Het oordeel van de rechtbank

Ten aanzien van parketnummer 03/659275-15. 1

3.3.1.

Inleiding.

Via het Team Criminele Inlichtingen van de politie Eenheid Limburg werd eind 2014 informatie ontvangen over de handel in verdovende middelen door onder meer [medeverdachte 4] en [medeverdachte 1] . Dit leidde tot het onderzoek onder de naam “2365Golf” naar onder andere de broers [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] . In dit onderzoek werden diverse onderzoeksmiddelen ingezet zoals telefoontaps, observaties, peilbakengegevens en de gegevens van Amigoboras, het kenteken herkenningssysteem bij de grensovergang. Ook werden binnen dit onderzoek diverse rechtshulpverzoeken uitgewisseld met de Duitse autoriteiten, waaronder de stukken die betrekking hebben op de levering van 7 mei 2015 (zaaksdossier 15).

Deze levering is in Duitsland afgevangen en de betrokken koeriers zijn aangehouden en in Duitsland berecht. De verdachten in de onderhavige zaak zijn op 7 juli 2015 aangehouden. Op diezelfde dag hebben diverse doorzoekingen van woningen en het café [naam cafe] aan de [adres 1] plaatsgevonden.

In dit onderzoek zijn in de periode januari 2015 tot en met juli 2015 negentien zaken door de politie uitgelicht die mogelijk betrekking hebben op de (grensoverschrijdende) handel in verdovende middelen alsmede de deelname aan een internationaal crimineel samenwerkingsverband, waarvan achttien zaken zijn opgenomen in de tenlastelegging.

Op basis van het procesdossier stelt de rechtbank allereerst vast dat in alle afzonderlijke zaken een telkens nagenoeg gelijk patroon kan worden vastgesteld dat zich – in abstracto – als volgt voltrekt.

Persoon 1 en de Duitse afnemer onderhouden exclusief en nauw contact met elkaar over het transport en de levering van de verdovende middelen. Persoon 1 initieert de handel in verdovende middelen en zorgt voor de aanvoer, het transport, de aflevering en de voortdurende controle bij een transport naar de Duitse afnemer. Persoon 1 houdt contact met persoon 2 en persoon 3. Nadat de Duitse afnemer zijn bestelling heeft geplaatst, zoeken persoon 1 en persoon 2 naar de verdovende middelen en zorgen zij voor de inkoop of het (laten) maken van de verdovende middelen. Hierbij hebben persoon 1 en vooral persoon 2 onder andere contact met persoon 4. Op het moment dat de verdovende middelen beschikbaar zijn voor de Duitse afnemer neemt persoon 3 in opdracht van persoon 1 en/of persoon 2 contact op met de koeriers. Persoon 2 stuurt op zijn beurt weer persoon 3 en persoon 5 aan met betrekking tot de overdracht van de verdovende middelen in Nederland. Na de overdracht van de verdovende middelen in Nederland onderhoudt persoon 1 contact met persoon 3 die op zijn beurt weer contacten heeft met de koerier omtrent het lopende transport van de verdovende middelen. De bevindingen met betrekking tot het lopende transport worden door persoon 1 weer doorgegeven aan de Duitse afnemer. Persoon 1 en de Duitse afnemer blijven contact houden met betrekking tot de financiële afhandeling van het transport van de verdovende middelen. Gebleken is dat in de getapte telecommunicatie gebruik werd gemaakt van bedekte termen en codes voor de hoeveelheid, kwaliteit, prijs en soort verdovende middelen alsmede voor de locaties van overdracht van de verdovende middelen. Ook werd er regelmatig van telefoonnummer veranderd. Zoals hierna zal blijken heeft persoon 1 betrekking op [medeverdachte 4] , persoon 2 op diens broer [medeverdachte 2] , persoon 3 op [medeverdachte 1] , persoon 4 op [medeverdachte 3] en persoon 5 op [verdachte] .

Anders dan de verdediging heeft bepleit zal de rechtbank niet iedere levering c.q. zaaksdossier als een afzonderlijk te beschouwen feit aanmerken, maar de zaken bezien in onderlinge samenhang gelet op het hierboven beschreven terugkerend patroon in alle zaken. Er is geen enkel aanknopingspunt voor de rechtbank om het vaste patroon en rolverdeling bij alle leveringen van de verdovende middelen niet mee te wegen in haar oordeel.

De rechtbank zal voorts de pleegperiode afbakenen, de gebruikte telecommunicatie en voertuigen bespreken en daarna de levering die is afgevangen (zaaksdossier 15) bespreken. Daarna zal de rechtbank ingaan op de overige ten laste gelegde leveringen en de criminele organisatie.

3.3.2.

Partiële vrijspraakoverwegingen ten aanzien van de pleegperiode.

Op 16 april 2015 is de hennepkwekerij die zich in het bedrijfspand van de verdachte bevond, opgerold. Aan de verdachte is tenlastegelegd dat hij tot en met de levering van 4 april 2015 (zaaksdossier 12) betrokken is geweest. De rechtbank acht dan ook niet bewezen dat de verdachte zich na 16 april 2015 schuldig heeft gemaakt aan de (grensoverschrijdende) handel in verdovende middelen. De rechtbank zal om die reden de pleegperiode vaststellen op ‘6 november 2014 tot en met 16 april 2015’.

3.3.3.

Telecommunicatie.

3.3.3.1. Door [medeverdachte 4] gebruikte telefoonnummers.

Uit het telecommunicatieonderzoek is gebleken dat op 6 februari 2015 te 12:20:55 uur door de gebruiker van het telefoonnummer + [telefoonnummer 36] de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 2] werd verzocht om naar het café te komen. Door een verbalisant werd vervolgens waargenomen dat omstreeks 12:35 uur [medeverdachte 4] het café [naam cafe] , gelegen aan de [adres 1] , binnenging. Tot 12:45 uur is er, behalve [medeverdachte 4] , niemand anders het café binnengegaan.2

Op 22 januari 2015 werd [medeverdachte 4] onder observatie genomen en werd met behulp van een technisch hulpmiddel achterhaald van welke communicatiemiddelen [medeverdachte 4] gebruik maakte. Uit de scans kwam het IMEI-nummer [IMEI-nummer 1] naar voren. Het communicatiemiddel voorzien van dit IMEI-nummer werd in de periode van 26 januari tot en met 3 april 2015 uitsluitend gebruikt met het Duitse telefoonnummer [telefoonnummer 3] . Het Duitse nummer voerde uitsluitend en alleen sms-communicatie met het Duitse telefoonnummer [telefoonnummer 4] .

Op 15 en 17 april 2015 werd [medeverdachte 4] onder observatie genomen en werd met behulp van een technisch hulpmiddel achterhaald van welke communicatiemiddelen [medeverdachte 4] gebruik maakte. Uit de scans kwam het IMEI-nummer [IMEI-nummer 2] naar voren. Het communicatiemiddel voorzien van dit IMEI-nummer werd in de periode van 21 april 2015 tot en met 7 mei 2015 gebruikt met het Duitse telefoonnummer [telefoonnummer 5] . Het Duitse nummer voerde uitsluitend en alleen sms-communicatie met de Duitse telefoonnummers [telefoonnummer 6] en [telefoonnummer 7] .3

Uit de scans kwam verder het IMEI-nummer [IMEI-nummer 3] naar voren. De telecommunicatie van dit IMEI-nummer van 20 april 2015 tot en met 17 mei 2015 werd opgenomen. Hierbij bleek dat in het toestel met dit IMEI-nummer een simkaart was geplaatst waaraan het telefoonnummer [telefoonnummer 8] is gekoppeld. Met deze telefoon werden alleen maar sms-berichten verzonden, deze berichten vooral in het Turks. De telefoon maakte vooral gebruik van de zendmast aan de [adres 2] te Venlo, de ‘thuismast’ van [medeverdachte 4] voor zowel diens woning als het café [naam cafe] .4

Door een verbalisant werden een aantal getapte gesprekken beluisterd en verwerkt. Hij heeft verklaard dat de stem van de hoofdgebruiker van de gesprekken met de telefoonnummers [telefoonnummer 9] , [telefoonnummer 2] [telefoonnummer 10] en [telefoonnummer 11] dezelfde is. Op 7 juli 2015 werd [medeverdachte 4] door deze verbalisant aangehouden. De verbalisant verklaart dat hij daarbij met [medeverdachte 4] heeft gesproken, ook niet zaakinhoudelijk. Mede op basis daarvan verklaart de verbalisant dat de stem van [medeverdachte 4] dezelfde is als de stem van de gebruiker van genoemde telefoonnummers.5

Ook twee andere verbalisanten hebben [medeverdachte 4] diverse keren gesproken (tijdens verhoren). Zij beluisteren een aantal tapgesprekken die gevoerd zijn met bovengenoemde nummers en komen tot dezelfde waarneming dat zij daarbij de stem van [medeverdachte 4] herkennen.6

De rechtbank stelt vast, gelet op het voorgaande, dat er voldoende bewijs is dat [medeverdachte 4] gebruik heeft gemaakt van de volgende telefoonnummers: [telefoonnummer 2] , [telefoonnummer 3] , [telefoonnummer 5] , [telefoonnummer 9] , [telefoonnummer 2] [telefoonnummer 10] en [telefoonnummer 11] en [telefoonnummer 8] .

3.3.3.2. Door [medeverdachte 2] gebruikte telefoonnummers.

Door de verbalisanten werd de stem van de gebruiker van de telefoonnummers [telefoonnummer 12] en + [telefoonnummer 36] herkend als zijnde de stem van [medeverdachte 2] .7

Verder werd de stem van de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 13] , gebruikt op 6 maart 2015 te 14:41:11 uur, 6 maart 2015 te 16:05:44 uur en 10 maart 2015 te 14:16:13 uur, herkend door de verbalisant als zijnde de stem van [medeverdachte 2] .8

Ten slotte werd de stem van de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 14] , gebruikt op 13 april 2015 te 13:39:41 uur, 13 april 2015 te 21:10:53 uur en 17 april 2015 te 17:37:58 uur, herkend door de verbalisant als zijnde de stem van [medeverdachte 2] .9

De rechtbank stelt vast, gelet op het voorgaande, dat er voldoende bewijs is dat [medeverdachte 2] gebruik heeft gemaakt van de volgende telefoonnummers: + [telefoonnummer 36] , [telefoonnummer 12] , [telefoonnummer 13] en [telefoonnummer 14] .

3.3.3.3. Door [medeverdachte 1] gebruikte telefoonnummers.

[medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard dat er twee telefoons van hem in de woning lagen, een Nokia en een Samsung. Het telefoonnummer van die Nokia is [telefoonnummer 15] .10

Uit onderzoek is gebleken dat de tolken die de getapte gesprekken hebben vertaald, hebben aangegeven dat de gebruiker van zowel het telefoonnummer [telefoonnummer 15] als het telefoonnummer [telefoonnummer 16] dezelfde persoon betreft.11

Door de verbalisanten werd de stem van de gebruiker van de telefoonnummers [telefoonnummer 15] , [telefoonnummer 16] en [telefoonnummer 17] herkend als zijnde de stem van [medeverdachte 1] .12

Ten slotte werd door de tolk en door de verbalisant de stem van de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 18] herkend als zijnde de stem van [medeverdachte 1] .13

De rechtbank stelt vast, gelet op het voorgaande, dat er voldoende bewijs is dat [medeverdachte 1] gebruik heeft gemaakt van de volgende telefoonnummers: [telefoonnummer 15] , [telefoonnummer 16] , [telefoonnummer 17] en [telefoonnummer 18] .

3.3.3.4. Door [medeverdachte 3] gebruikte telefoonnummers.

De rechtbank is van oordeel dat [medeverdachte 3] de gebruiker is van het telefoonnummer [telefoonnummer 19] . Dit wordt afgeleid uit het volgende

  • -

    Op 28 januari 2015 te 19:29:44 uur en 29 januari 2015 te 20:14:55 uur vinden er telefoongesprekken plaats tussen [medeverdachte 2] en de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 19] , waarbij laatstgenoemde door [medeverdachte 2] ‘ [medeverdachte 3] ’ wordt genoemd.

  • -

    Op 1 februari 2015 te 03:30:46 uur wordt uitgebeld door [medeverdachte 2] naar de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 19] , waarbij door [medeverdachte 2] tot tweemaal toe ‘ [medeverdachte 3] ’ roept.

  • -

    Op 1 februari 2015 te 03:31:38 uur vindt er wederom een gesprek plaats tussen [medeverdachte 2] en de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 19] . [medeverdachte 2] vraagt naar het huisnummer en de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 19] antwoordt ‘85’.

  • -

    Op 22 februari 2015 te 23:56:09 uur wordt door de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 19] eten besteld, hetgeen moet worden bezorgd op het adres [adres 3] , zijnde het adres van [medeverdachte 3] . Op 8 maart 2015 te 22:41:35 uur en te 23:46:08 uur wordt de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 19] gebeld, waarbij gezegd wordt dat ‘ [naam zoon medeverdachte 3] niet bij haar wil drinken en dat hij 40 graden koorts heeft’. [medeverdachte 3] heeft een zoon genaamd [naam zoon medeverdachte 3] .14

- Tijdens de doorzoeking van de woning van [medeverdachte 3] , aan de [adres 3] , werd een Iphone 5 wit onder een matrasdek aangetroffen. Deze telefoon werd in beslag genomen onder SIN AAIE7667NL en door het NFI onderzocht. Het vermoedelijke telefoonnummer is [telefoonnummer 19] .

In het toestel werden foto’s aangetroffen van onder andere [medeverdachte 3] . Ook werden in het telefoontoestel videofilmpjes aangetroffen, onder andere waarop [medeverdachte 3] een aanbetaling doet van 2.000 euro op een Volkswagen Golf TDI. Ten slotte werd in het telefoontoestel een appbericht aangetroffen afkomstig van het telefoonnummer [telefoonnummer 20] , vermoedelijk van de vrouw van [medeverdachte 3] , waarbij zij hem bij de voornaam [medeverdachte 3] noemt.15

De rechtbank is van oordeel dat [medeverdachte 3] de gebruiker is van het telefoonnummer [telefoonnummer 21] . Dit wordt afgeleid uit het volgende.

- Uit het sms-berichtenverkeer 6 mei 2015 met het telefoonnummer [telefoonnummer 21] blijkt dat de gebruiker van dit telefoonnummer aangeeft dat hij ‘om 8 uur daar is’, waarna door het observatieteam omstreeks 20:13 uur wordt gezien dat [duitse koerier 3] en [medeverdachte 1] op de [adres 14] een ontmoeting hebben met [medeverdachte 3] . In het telefoongesprek tussen [medeverdachte 1] en [broer verdachte en medeverdachte 2] om 19:32:44 uur op die 6 mei spreken zij over ‘wachten op de neger’. [medeverdachte 3] herkent zichzelf vervolgens op de getoonde video-opnamen van het observatieteam.16

- Verder blijkt uit de historische verkeersgegevens van het telefoonnummer [telefoonnummer 21] dat de simkaart gekoppeld aan dit telefoonnummer op 7 april 2015 in het telefoontoestel heeft gezeten, voorzien van het IMEI-nummer [IMEI-nummer 4] . Tijdens de doorzoeking van de woning van [medeverdachte 3] wordt een telefoon aangetroffen, zijnde een Nokia voorzien van voornoemd IMEI-nummer. Uit de historische verkeersgegevens blijkt ten slotte dat het telefoonnummer [telefoonnummer 21] het meest gebruik maakt van de zendmasten die de dekking verzorgen voor zijn woning en café [naam cafe] , gelegen aan de [adres 1] .17

De rechtbank is van oordeel dat [medeverdachte 3] de gebruiker is van het telefoonnummer [telefoonnummer 22] omdat diens stem herkend wordt tijdens het afluisteren van gesprekken.18

De rechtbank is van oordeel dat [medeverdachte 3] de gebruiker is van het telefoonnummer [telefoonnummer 23] omdat diens stem herkend wordt tijdens het afluisteren van gesprekken.19

De rechtbank is van oordeel dat [medeverdachte 3] de gebruiker is van het telefoonnummer [telefoonnummer 24] omdat in de woning van [medeverdachte 3] een Iphone in beslag is genomen en in deze telefoon een simkaart werd aangetroffen dat bleek te horen bij dit telefoonnummer.20

De rechtbank stelt vast, gelet op het voorgaande, dat er voldoende bewijs is dat [medeverdachte 3] gebruik heeft gemaakt van de volgende telefoonnummers: [telefoonnummer 22] , [telefoonnummer 23] , [telefoonnummer 24] , [telefoonnummer 19] en [telefoonnummer 21] .

3.3.3.5. Door [verdachte] gebruikte telefoonnummers.

[verdachte] heeft bij de politie verklaard dat zijn telefoonnummer is: [telefoonnummer 25] .21

Door de verbalisanten werd de stem van de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 25] herkend als zijnde de stem van [verdachte] .22

Verder is uit onderzoek gebleken dat in de periode van 16 maart 2015 tot en met 18 april 2015 telefonisch contact heeft plaatsgevonden tussen de telefoonnummers [telefoonnummer 13] en [telefoonnummer 26] . Eerstgenoemd nummer is in gebruik bij [medeverdachte 2] . Ook op 19 maart 2015 heeft er telefonisch contact plaatsgevonden tussen de telefoonnummers [telefoonnummer 13] en [telefoonnummer 26] , waarbij om 15:45:05 uur door de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 13] een sms-bericht wordt gestuurd met de tekst: “Ik kom nu aan vriend.”

Door het observatieteam wordt vervolgens om 16:05 uur gezien dat [medeverdachte 2] het bedrijf van [verdachte] , [naam bedrijf] te Grubbenvorst, via een rolpoort betrad. Opvallend hierbij is dat alleen de laatste twee cijfers van beide telefoonnummers van elkaar verschillen.23

De rechtbank stelt vast, gelet op het voorgaande, dat er voldoende bewijs is dat [verdachte] gebruik heeft gemaakt van de volgende telefoonnummers: [telefoonnummer 25] en [telefoonnummer 26] .

3.3.3.6. Identiteit Duitse afnemer

De rechtbank stelt voorop dat, anders dan door de verdediging betoogd, het voor de bewezenverklaring niet van belang is om vast te stellen dat [naam duitse afnemer] de Duitse afnemer is geweest. Voor de bewezenverklaring is het voldoende om vast te stellen dat dat de verdovende middelen buiten het grondgebied van Nederland, in dit geval Duitsland, zijn gebracht. Aan wie wordt geleverd en of dit telkens dezelfde persoon is, maakt geen onderdeel uit van de tenlastelegging en is dus niet doorslaggevend voor een bewezenverklaring.

Dat neemt niet weg dat de rechtbank het aannemelijk vindt dat [naam duitse afnemer] wel degelijk de Duitse afnemer is geweest. De rechtbank overweegt daartoe als volgt. Uit de telefoontaps, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt dat [medeverdachte 4] contact heeft met de gebruiker van een Duits telefoonnummer. Uit de getapte gesprekken kan worden afgeleid dat door de gebruiker van dit Duitse telefoonnummer een bestelling wordt geplaatst bij [medeverdachte 4] . De contacten vinden telkens uitsluitend per sms-bericht en op dezelfde manier plaats en men gebruikt telkens dezelfde omgangsvormen. Deze contacten hebben nagenoeg uitsluitend betrekking op de hoeveelheid, soort, kwaliteit, locatie van overdracht en financiële afhandeling van de af te leveren voorwerpen, vermoedelijk de verdovende middelen.

De Duitse afnemer gebruikt in het begin het telefoonnummer [telefoonnummer 4] . Op 3 april 2015 vanaf 01:16:25 uur hebben [medeverdachte 4] en de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 4] middels sms-berichten contact met elkaar, kennelijk met het doel om nieuwe telefoonnummers voor hun 'vaste' sms lijn in gebruik te nemen. De gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 4] schrijft: “Broer, schakel die andere nu in alsjeblieft. Kusje.”, waarop [medeverdachte 4] antwoordt: “Oké, dan gooi ik deze weg oké liefste.” De gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 4] schrijft vervolgens: “Oké, schakel eerst die andere in, daarna pas.” Hierna volgt geen enkele telecommunicatie meer op het getapte imei-nummer, met daarin het telefoonnummer [telefoonnummer 3] , bij [medeverdachte 4] .

Uit de telefoontaps blijkt dat [medeverdachte 4] vanaf 21 april 2015 contact heeft met de gebruiker van het Duitse telefoonnummer [telefoonnummer 27] . Deze contacten vinden uitsluitend per sms-bericht en op dezelfde manier plaats als met het telefoonnummer [telefoonnummer 4] en hebben gelijkluidende inhoud en omgangsvormen.

Uit de telefoontaps blijkt vervolgens dat [medeverdachte 4] vanaf 6 juni 2015 contact heeft met de gebruiker van het Duitse telefoonnummer [telefoonnummer 28] . Deze contacten vinden uitsluitend per sms-bericht en op dezelfde manier plaats als met de telefoonnummers [telefoonnummer 4] en [telefoonnummer 27] en hebben gelijkluidende inhoud en omgangsvormen.

Op 19 en 20 juni 2015 werd door de Duitse autoriteiten vastgesteld dat [naam duitse afnemer] , geboren op [geboortedatum] , woonachtig te [adres 4] , de gebruiker was van het Duitse telefoonnummer [telefoonnummer 28] .24

3.3.3.7. Door de Duitse koeriers gebruikte telefoonnummers

Door [duitse koerier 1] gebruikte telefoonnummer.

Uit de stukken die zijn verkregen na de rechtshulpverzoeken aan Duitsland, blijkt dat het telefoonnummer [telefoonnummer 29] van [duitse koerier 1] is.25

Door [duitse koerier 2] gebruikte telefoonnummer.

[duitse koerier 2] heeft bij de politie in Duitsland verklaard dat zijn telefoonnummer is: [telefoonnummer 30] .26

Door [duitse koerier 3] gebruikte telefoonnummer.

Op 22 april 2015 ontvangt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) een sms-bericht van [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ), waarbij [duitse koerier 1] het telefoonnummer van de koerier ‘ [duitse koerier 3] ’ stuurt, te weten [telefoonnummer 31] . Hierna heeft [medeverdachte 1] rechtstreeks contact met koerier ‘ [duitse koerier 3] ’.27Even later wordt door het observatieteam gezien dat [medeverdachte 1] een ontmoeting heeft met [medeverdachte 2] en de bestuurder van de Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 1] , welke op naam staat van [duitse koerier 3] .28

De rechtbank stelt vast, gelet op het voorgaande, dat er voldoende bewijs is dat [duitse koerier 3] gebruik heeft gemaakt van het telefoonnummer [telefoonnummer 31] .

3.3.3.8. Contacten tussen [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] .

Tijdens doorzoeking in de woning van [medeverdachte 3] , aan de [adres 3] , werd een Iphone 5 wit onder een matrasdek aangetroffen. Deze telefoon werd in beslag genomen onder SIN AAIE7667NL en door het NFI onderzocht. Onder het contact “Cano / Cano App” werden twee telefoonnummers aangetroffen, te weten [telefoonnummer 32] en [telefoonnummer 10] . [medeverdachte 4] is de gebruiker van deze nummers. In de periode van 1 december 2014 tot en met 7 mei 2015 hebben 123 telefonische contacten plaatsgevonden met de nummers [telefoonnummer 10] en [telefoonnummer 32] .

Onder het contact “ [bijnaam medeverdachte 2] ” werden twee telefoonnummers aangetroffen, te weten [telefoonnummer 33] en + [telefoonnummer 36] . [medeverdachte 2] is de gebruiker van deze nummers. In de periode van 25 oktober 2014 tot en met 7 mei 2015 hebben 168 telefonische contacten plaatsgevonden met de nummers [telefoonnummer 33] en + [telefoonnummer 36] . [medeverdachte 2] heeft bij de politie verklaard dat hij de naam [bijnaam medeverdachte 2] nog wel gebruikt en dat veel mensen hem ook kennen als [bijnaam medeverdachte 2] .29

In het telefoontoestel werden foto’s aangetroffen, o.a.: met [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] , met [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] , 1 foto met een grote hoeveelheid geld in een tas en 1 foto met een grote hoeveelheid geld, foto’s met hennep, foto’s met vuurwapens, waaronder een met geluidsdemper, foto’s m.b.t. VW Golf [kenteken 2] en foto’s met een peilbaken, inclusief voeding. Door het observatieteam werd de bevestiging gegeven dat dit het vermiste peilbaken betreft, welke door hen in week 2 van 2015 geplaatst was in de BMW [kenteken 3] , in gebruik bij [medeverdachte 4] .

In het telefoontoestel werden videofilmpjes aangetroffen, o.a. van een hennepdrogerij en het peilbaken.30

De rechtbank stelt vast, gelet op het voorgaande, dat er tussen 1 december 2014 en 7 mei 2015 vele contacten hebben plaatsgevonden tussen [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] .

3.3.4.

Voertuigen

De personenauto merk BMW, type 330 D, kenteken [kenteken 3] , kleur zwart, is op naam gesteld van [naam 1] , maar werd hoofdzakelijk gebruikt door [medeverdachte 4] . Dit blijkt uit diverse observaties en ook uit de verklaringen van [naam 1] en [naam 2] . [medeverdachte 4] heeft zelf ook verklaard dat hij deze personenauto wel eens leent van zijn neef [naam 1] .31

De personenauto merk BMW, kenteken [kenteken 4] , kleur grijs, is op naam gesteld van

[naam 3] , maar werd hoofdzakelijk gebruikt door [medeverdachte 2] . Dit blijkt uit diverse observaties en ook de verklaring van [naam 3] . [medeverdachte 2] heeft zelf ook verklaard dat hij gebruik heeft gemaakt van deze personenauto.32

De personenauto merk Volkswagen, type Polo, kenteken [kenteken 5] , is op naam gesteld van Y. Saltürk.33 [medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard dat dit de laatste auto is, die hij in gebruik had en dat hij deze aan zijn schoonzoon heeft gegeven. Van deze auto maakt hij gebruik.34

De personenauto merk Volkswagen, type Golf, kenteken [kenteken 2] , is op naam gesteld van [echtgenote medeverdachte 3] , wonende op de [adres 3] .35 [medeverdachte 3] heeft bij de politie verklaard dat hij gebruik maakt van de auto van zijn vrouw, een zwarte Volkswagen Golf.36

De personenauto merk Volkswagen, type Caddy, kenteken [kenteken 1] is op naam gesteld van [duitse koerier 3] .37 Uit de kentekenhistorie blijkt dat de Caddy tot 13 februari 2015 op naam van [duitse koerier 1] was gesteld en toen het kenteken [kenteken 6] had.38

De personenauto merk Volkswagen, type Passat, kenteken [kenteken 7] is op naam gesteld van [partner duitse koerier 1] , zijnde de partner van [duitse koerier 1] .39

3.3.5.

Levering op donderdag 7 mei 2015 (zaaksdossier 15).

Periode van 21 april 2015 tot en met 5 mei 2015.

Uit de telefoontaps, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt het volgende. Uit de vertaalde weergave van de sms-berichten tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 5] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 27] ) blijkt dat een levering zal gaan plaatsvinden. [medeverdachte 4] geeft aan dat hij de "snelle" laat maken en dat hij op de "snelle" wacht, maar de man de telefoon niet opneemt. Ook wordt er gesproken over verf, lami, hz, kweken, dossier en een auto die is afgegeven bij de garage. Verder valt op te maken uit de communicatie dat de levering meermaals wordt uitgesteld.40

Op 23 april 2015 omstreeks 22:37 uur belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 33] ) naar [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ) en vraagt of [medeverdachte 3] even naar het café kan komen.41

In de tussentijd heeft ook [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 10] ) telefonisch contact met [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ). Uit de inhoud van de telefoongesprekken en/of sms-berichten blijkt dat [medeverdachte 4] en [medeverdachte 3] geregeld met elkaar afspreken waarbij het initiatief vanuit [medeverdachte 4] komt.42

In deze periode heeft ook [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) contact met de Duitse koerier [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ).43 Uit de inhoud van deze telecommunicatie kan worden opgemaakt dat de auto van de 'Bulgaar' nog niet gemaakt is. Er wordt onder andere door [medeverdachte 1] gezegd: "Broer, doe wat je kunt. Laat het morgen maken, laat iets doen zodat het kan lopen, fuck dat. Want de man zeurt ... ". Ook is er een telefoongesprek tussen [medeverdachte 1] en [duitse koerier 1] waarin [duitse koerier 1] vraagt of ze nog moeten wachten en [medeverdachte 1] zegt: "Hij/zij kan niks vinden".

Woensdag 6 mei 2015.

Uit de tapgegevens van 6 mei 2015 blijkt het volgende:

- sms-bericht van [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 5] ) naar [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 27] ) te 12:18:54 uur: “Is goed, er is iemand die twee keer per maand honderd lami wil. Hopelijk kun jij de lami voor 6. 5 kopen/inkopen”.

- sms-bericht van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 14:44:42 uur: “Oke, er is iemand die honderd lami wilt hebben twee keer per maand. Je kan lami voor 6.5 ...” te 14:44:44 …kopen met Gods hulp. Want hij/zij heeft voor 8. 5 gevraagd.”

- sms-bericht van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 14:46:27 uur: “Liefste, 7 is gegarandeerd, maar ik zal 6.5 proberen”.

- sms-bericht van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 14:54:03 uur: “Koop jij maar alsjeblieft, koop het in ieder geval voor 6.75”.

- sms-bericht van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:11:12 uur: “Broer, geef mij alsjeblieft door nadat de vriend is vertrokken, zodat ik het dossier weg breng. Kusjes”.44

[medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 10] ) belt op 6 mei 2015 omstreeks 17:15 uur met [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ) en zegt dat [medeverdachte 3] hierheen moet komen.45

Door opsporingsambtenaren van het observatieteam wordt op woensdag 6 mei 2015 omstreeks 17:42 uur gezien dat [medeverdachte 1] , als bestuurder in zijn Volkswagen Polo, kenteken [kenteken 5] , over de [adres 15] rijdt. [broer verdachte en medeverdachte 2] zit als passagier naast [medeverdachte 1] in deze Volkswagen Polo. Vervolgens wordt gezien dat de Volkswagen Polo, kenteken [kenteken 5] , op die dag omstreeks 17:47 uur in de [adres 16] stilstaat en dat [broer verdachte en medeverdachte 2] aan de passagierszijde naast het voertuig staat. Verder wordt door het observatieteam gezien dat ter hoogte van café [naam cafe] , gevestigd aan de [adres 1] , een zwarte BMW met het kenteken [kenteken 3] en een grijze BMW met het kenteken [kenteken 4] geparkeerd staan. Ook wordt gezien dat de Volkswagen Polo, kenteken [kenteken 5] , die dag omstreeks 17:50 uur uit de [adres 16] reed en stopte ter hoogte van café [naam cafe] .46

Uit de tapgegevens blijkt dat [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 15] ) contact heeft met [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ), waarbij wordt gesproken over onder andere "de auto halen" en "naar ver gaan" en er wordt gesproken over het feit dat [duitse koerier 1] naar [medeverdachte 1] toekomt.47

Verder blijkt uit de tapgegevens het volgende:

- sms-bericht van [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 5] ) naar [naam duitse afnemer]

(telefoonnummer [telefoonnummer 27] ) op 6 mei 2015 te 18:13:34 uur: “Liefste, wanneer zal de lami nodig zijn”.

- sms-bericht van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] 18:18:18 uur: “Als het 9 was, zou het heel goed zijn, ik zou hier proberen om goedkoop te kopen, dan zou het goed zijn” te 18:19:21 “Ik bedoel dat wij het moeten geven, het kan niet anders, zo kunnen we in ieder geval wat verdienen”

- sms-bericht van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 18:20:00 uur: “Ja, maar ze hebben het niet geaccepteerd, ik had 9 gezegd. Maar ze moeten verplicht twee keer afnemen.”

- sms-bericht van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 18:22:43 uur: “Oke, is de vriend vertrokken?”

- sms-bericht van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 18:23:09 uur: “Nog niet, straks, als God het wilt”.48

Op 6 mei 2017 te 18:23:30 uur heeft [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 33] ) telefonisch contact met [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ), waarbij ze een afspraak maken om elkaar te zien.49

Op woensdag 6 mei 2015 tussen 19:21:49 uur en 19:39:56 uur vinden sms-berichten plaats tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 8] ) en [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 21] ) waaruit kan worden afgeleid dat ze om 8 uur hebben afgesproken (“om 8 uur daar”).50

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 16] ) heeft contact met [broer verdachte en medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 34] ), waaruit kan worden afgeleid dat [broer verdachte en medeverdachte 2] kennelijk op de hoogte is van de aanstaande levering. Te 19:32:44 uur: “Wij wachten op de neger”.51Het is aannemelijk dat hiermee [medeverdachte 3] wordt bedoeld, gelet op de omstandigheid dat hij de enige van de verdachten is met een Afrikaanse (Somalische) achtergrond.

Door het observatieteam wordt op woensdag 6 mei 2015 omstreeks 18:27 uur gezien dat een Volkswagen Golf voorzien van het kenteken [kenteken 2] , de [adres 16] inreed.52 Deze Volkswagen Golf is in gebruik bij [medeverdachte 3] .

Verder wordt door de opsporingsambtenaren van het observatieteam omstreeks 18:46 uur gezien dat een grijze Volkswagen Caddy, voorzien van het Duitse kenteken [kenteken 1] over de [adres 17] reed. De Volkswagen Caddy werd bestuurd door een man, gekleed in een geel shirt. De opsporingsambtenaren zien dat er een zwarte Volkswagen Passat, voorzien van het Duitse kenteken [kenteken 7] , voor de Volkswagen Caddy reed. Omstreeks 18:52 uur zien de opsporingsambtenaren dat de Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 5] en de Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 1] over de [adres 18] reden. [medeverdachte 1] bestuurde de Polo. Omstreeks 18:54 uur zien de opsporingsambtenaren dat de Volkswagen Passat over de [adres 15] reed en dat het voertuig werd bestuurd door een man, die herkend wordt als zijnde [duitse koerier 1] , geboren op 07-08-1977 te Bursa (Turkije). Tussen omstreeks 19:00 uur en 19:33 uur wordt op de locatie [adres 14] de bedrijfsauto Volkswagen Caddy, voorzien van het Duitse kenteken [kenteken 1] , gezien.53

Dit wordt ondersteund door de gegevens van Amigoboras en door de peilbakengegevens. Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 6 mei 2015 te 18:42 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67- Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 7] .54 Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 6 mei 2015 te 18:42 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland uitgaand naar Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] .55

Uit de peilbakengegevens van de bedrijfsauto Volkswagen Caddy, Duits kenteken [kenteken 1] blijkt dat deze op woensdag 6 mei 2015 omstreeks 18:12 uur via de A40 in de richting van Venlo reed. Verder blijkt dat die avond tussen 18:50 uur en 20:15 uur de Volkswagen Caddy voortdurend ‘stops’ had op de locatie [adres 14] .56

Door het onderzoeksteam wordt later, aan de hand van de beschikbare gestelde foto- en

videobeelden van deze observatie, de bestuurder van deze Volkswagen Caddy herkend als

[duitse koerier 3] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ).57

Door het observatieteam wordt vervolgens gezien dat [medeverdachte 1] en de koerier [duitse koerier 3] daar contact met elkaar hebben. Door [duitse koerier 3] wordt vervolgens een handeling uitgevoerd, alsof door hem iets uit de kofferbak van de Volkswagen Polo, kenteken [kenteken 5] , wordt gepakt en dit vervolgens aan de achterzijde in de laadruimte van de Volkswagen Caddy wordt geplaatst.58

Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 6 mei 2015 te 19:43 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland uitgaand naar Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 7] , aanwezig op de Volkswagen Passat, in gebruik bij [duitse koerier 1] .59

Omstreeks 20:13 uur wordt door het observatieteam gezien dat de koerier [duitse koerier 3] en [medeverdachte 1] op de [adres 14] een ontmoeting hebben met [medeverdachte 3] , de bestuurder van een Volkswagen Golf, voorzien van het kenteken [kenteken 2] . [medeverdachte 3] was hierbij gekleed in een zwart trainingspak met goudgele biezen op de mouwen, Daarnaast droeg hij een petje en donkergekleurde handschoenen. Door [medeverdachte 3] werd de achterklep naar de laadruimte geopend van de Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 1] en die van de Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 2] . Door [medeverdachte 3] werden onder andere twee lichtkleurige voorwerpen, vermoedelijk plastic zakken, uit de kofferbak van de Volkswagen Golf met het kenteken [kenteken 2] gepakt en in de laadruimte geplaatst van de Volkswagen Caddy met het Duitse kenteken [kenteken 1] .

Kort daarna, omstreeks 20:22 uur, wordt door het observatieteam gezien dat de Volkswagen Caddy, met het Duitse kenteken [kenteken 1] , Nederlands grondgebied verlaat en via de autosnelweg A67 te Venlo, Duitsland inrijdt.60

Dit wordt ondersteund door de gegevens van Amigoboras, waaruit blijkt dat er op 6 mei 2015 te 20:21 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland uitgaand naar Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de Volkswagen Caddy.61

Op woensdag 6 mei 2015 vanaf 20:49 uur wordt de observatie en de controle op de Volkswagen Caddy met het Duitse kenteken [kenteken 1] op het grondgebied van Duitsland aansluitend overgenomen door een observatieteam van de Duitse politie en wordt vastgesteld dat de auto die nacht tot 05:19 uur stond geparkeerd op de [adres 5] , welke locatie op korte afstand is gelegen van het woonadres van de koerier [duitse koerier 3] , adres [adres 6] . In het tijdsbestek van 6 mei 2015 te 20:52 uur en 7 mei 2015 te 05:19 uur wordt geen (bewegings)signaal afgegeven door het GPS baken van deze Volkswagen Caddy, kenteken [kenteken 1] .62

Door de politie te Duisburg63 en vervolgens door de politie te Magdeburg64 wordt op donderdag 7 mei 2015 de observatie voortgezet op deze Volkswagen Caddy kenteken [kenteken 1] , na het vertrek daarvan in Duisburg en vóór de beoogde overdracht c.q. aflevering van de partij verdovende middelen te Schönebeck.

Dag van aflevering: donderdag 7 mei 2015.

Uit de tapgegevens van 6 en 7 mei 2015 blijkt het volgende. [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 33] ) belt op 6 mei 2015 te 23:14 uur met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en zegt: “Mijn broer zegt: is de vriend naar z’n huis gegaan”. [medeverdachte 1] noemt hem “ [bijnaam medeverdachte 2] ”. [medeverdachte 1] zegt: “Hij is allang in z’n huis. Hij gaat toch morgen dinges doen?”.65

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) heeft op 7 mei 2015 telefonisch contact met [duitse koerier 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 35] ) en met [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 9] ) met betrekking tot de voortgang van het transport naar de Duitse afnemer [naam duitse afnemer] .66 Hierbij wordt door hen in versluierd taalgebruik gesproken over de vermoedelijke locatie van overdracht in Duitsland, waarbij in relatie tot de plaats van overdracht c.q. de ontmoetingsplaats onder andere de term "eten" wordt gebruikt. [duitse koerier 3] geeft aan dat het druk is op de weg. [medeverdachte 1] geeft van deze ontvangen informatie van de koerier vervolgens weer een terugkoppeling aan [medeverdachte 4] . [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 5] ) onderhoudt vervolgens met sms-berichten contact met [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 27] ), waarbij hij aangeeft dat "de vriend onderweg is" en "25 minuten de eetplaats".

Kort hierna, omstreeks 12:34 uur, blijkt uit de tapgegevens dat [medeverdachte 1] geen contact meer krijgt met [duitse koerier 3] .67 [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 27] ) stuurt sms-berichten naar [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 5] ), met de inhoud dat hij geen contact meer krijgt met zijn contactpersoon " [naam contact 2] ", waarna het vermoeden ontstaat bij beiden dat er "iets" gebeurd is. Door [naam duitse afnemer] wordt in een sms bericht geschreven; "zij zijn honderd procent weg".68

Uit de tapgesprekken blijkt dat er vervolgens enigszins paniek ontstaat. Er worden diverse afspraken gemaakt om "snel te komen" en hierover gaan diverse telefoongesprekken en sms-berichten, waaronder sms-berichtenverkeer die dag tussen 13:03 uur en 13:06 uur tussen [medeverdachte 4] en [naam duitse afnemer] , waarin [medeverdachte 4] schrijft dat hij de telefoon ergens neer gaat leggen zodat hij deze niet bij zich heeft.69

Omstreeks 15:05 uur belt [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ) naar [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 33] ), waarbij [medeverdachte 2] tegen [medeverdachte 3] zegt “dat hij heel snel moet komen en dat hij hem echt snel nodig heeft”.70

Omstreeks 15:37 uur belt [medeverdachte 1] met een onbekend gebleven man (NNman). Deze NNman zegt dat “ze de onzen hebben meegenomen”. [medeverdachte 1] zegt “Hu…wie? [duitse koerier 1] ”, waarop de NNman zegt “En die andere, lange…”. De NNman zegt: “ [duitse koerier 3] heeft honderd procent geklikt”.71

Omstreeks 15:41 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) met [broer verdachte en medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 34] ), waarbij [medeverdachte 1] zegt: “Niet teveel praten…dinges…mijn familieleden hebben ze ook meegenomen, oké…”.72 Het is de rechtbank gebleken dat [duitse koerier 1] en [medeverdachte 1] familie zijn van elkaar. Voorts is de rechtbank gebleken dat [broer verdachte en medeverdachte 2] een broer van [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] betreft.

Uit de onderzoeksbevindingen en resultaten van de politie in Duitsland blijkt dat op donderdag 7 mei 2015 het transport met de Volkswagen Caddy met het Duits kenteken [kenteken 1] , door de Duitse politie te Magdeburg is onderschept in Schönebeck (Duitsland).73

Naar aanleiding van een uitgaand rechtshulpverzoek naar Magdeburg (Duitsland) d.d. 25 mei 2015, en de daaruit verkregen informatie van de Duitse politie blijkt dat naar aanleiding van de onderschepping van dit transport van verdovende middelen en een daarop volgend onderzoek in een garagebox in Schönebeck (Duitsland) de navolgende voorwerpen werden aangetroffen en in beslaggenomen:

  • -

    10.608 (gram) amfetamine uit de geheime bergplaats (dubbele bodem) van de bedrijfsauto, merk/type Volkswagen Caddy [kenteken 1] ;

  • -

    2.110 (gram) marihuanatoppen uit de geheime bergplaats (dubbele bodem) van de bedrijfsauto, Volkswagen Caddy [kenteken 1] ;

  • -

    een losse plastic zak van Karstadt op de bijrijderstoel van de Volkswagen Caddy [kenteken 1] inhoudende een geldbedrag van € 47.900.00;

  • -

    in de garage waar de Volkswagen Caddy [kenteken 1] werd aangetroffen: 54.016 (gram) hasjiesjplakken.74

Uit later ingesteld forensisch onderzoek in Duitsland blijkt het hier te gaan om een partij verdovende middelen bestaande uit cannabis en amfetamine, als bedoeld in de Duitse Opiumwetgeving.75

In Schönebeck werden [duitse koerier 3], de bestuurder van de Volkswagen Caddy [kenteken 1] en [naam contact 2], de Duitse contactpersoon, aangehouden.76

Onder de verdachte [naam contact 2] werden in Duitsland drie telefoontoestellen in beslaggenomen, waaronder een telefoon met het Duitse telefoonnummer [telefoonnummer 7] , welk telefoonnummer in relatie is te brengen met de levering op woensdag 22 april 2015.77

Onder [naam contact 2] (' [naam contact 2] ') werd verder een sleutelbos aangetroffen en in beslaggenomen, met daaraan een zogenaamde transponder/ chip. Uit nader technisch onderzoek in Duitsland is vastgesteld dat met deze specifieke transponder/ chip

het mechaniek van de geheime bergruimte, een vloerplaat aanwezig in de laadruimte van de

bedrijfsauto Volkswagen Caddy [kenteken 1] , kon worden bediend en geopend.78

In Duisburg werden op diezelfde dag [duitse koerier 1] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ) en [duitse koerier 2] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ), aangehouden.

[duitse koerier 2] heeft bij de Duitse politie het volgende verklaard:

“Na overleg met mijn advocaat wil ik vanaf het najaar 2013 vertellen. Het begon er allemaal mee dat ik en [duitse koerier 1] in het café [naam cafe] in Venlo door [medeverdachte 1] werden aangeworven. De Caddy werd aangemeld en aan [duitse koerier 1] in eigendom gegeven. In het begin werd afwisselend zo één rit per maand uitgevoerd. Het ging erom verdovende middelen van Venlo uit naar Schönebeck bij Magdeburg te transporteren. Wij kregen een sms. In de sms stond alleen een tijdstip en een plaats waar wij naartoe moesten komen. Ik had de sms gekregen en [duitse koerier 1] daarover geïnformeerd. Dat hadden wij steeds gedaan. Ik haalde dezelfde dag de Caddy bij [duitse koerier 1] op en reed naar Venlo. Hoe ik daar naar toe moest rijden hadden wij reeds bij onze eerste ontmoeting besproken. Toen was al gezegd dat ik richting Grubbenvorst moest uitrijden. Ik reed met de Caddy naar het opgegeven adres, waar ik [medeverdachte 1] ontmoette. [naam duitse afnemer] heb ik pas ongeveer medio 2014 voor het eerst gezien. Pas toen mocht ik ook in de loods wachten en hoefde ik niet meer te gaan wandelen. [naam duitse afnemer] is degene die ik de “sesselmacher” heb genoemd.” 79

“Vanaf begin 2015 ben ik na de geldoverdracht wel eens langer in het café [naam cafe] gebleven en heb daar met [medeverdachte 1] gegeten. Daarbij kwam ik toen ook in gesprek met [medeverdachte 2] , die zich aan mij voorstelde als [medeverdachte 2] . Mij werd ook de broer van [medeverdachte 2] , [broer verdachte] , voorgesteld. Later werd mij nog een andere broer, [medeverdachte 4] voorgesteld.

In het jaar 2015 was de waar al bijna steeds in de loods, als ik kwam. In februari heb ik toen gezien dat er hennep in de Caddy werd geladen. In de loods zat de hennep in normale plastic zakken. De inhoud van de zakken werd toen in een zwarte plastic zak geschud. Van deze pakjes pasten er toen acht tot tien in de opening van de Caddy. Ik wist op dat moment dat ik telkens tussen acht en tien kilo hennep transporteerde. Ik heb een keer gezien dat ook bruine plakken door [medeverdachte 2] en [naam duitse afnemer] in de Caddy werden geladen. Deze lagen ook al in de loods. [medeverdachte 2] zei dat het om hasjiesj ging. Dat waren ongeveer in februari 100 van deze plakken, zo zei [medeverdachte 2] het. Mij wordt hier een foto getoond van de inbeslagneming d.d. 7 mei 2015. Ik herken daarop de verpakte bruine plakken. Deze hasjiesjplakken heb ik ook nog eens bij een transport in april van [medeverdachte 1] gezien, dat ik echter niet meer zelf heb uitgevoerd. Daarbij zou het om 60 plakken zijn gegaan. Ook de hasjiesjlevering in januari of februari ging naar Schönebeck. Begin 2015 gingen echter niet alle ritten naar Schönebeck. Vier of vijf ritten gingen naar Bielefeld. Drie van deze ritten heb ik gemaakt. De andere [duitse koerier 1] . De onderhandelingen over de prijs vonden altijd via [medeverdachte 2] plaats. [medeverdachte 2] heeft mij ook afwisselend met [medeverdachte 1] het koeriersloon gegeven.” 80

In het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1] wordt gerelateerd, samengevat, dat [medeverdachte 1] onder meer het volgende heeft verklaard:

  • -

    dat [duitse koerier 2] (doelend op [duitse koerier 2] ) in Duitsland en [naam duitse afnemer] (doelend op [verdachte] ) in Nederland de sleutels zijn. [naam duitse afnemer] zou alles weten wat er in zijn bedrijf [naam bedrijf] te Grubbenvorst gebeurde en er zou ook nog een bende actief zijn daar;

  • -

    dat hij de ‘nieuwe jongen’ kent (doelend op [duitse koerier 3] );

  • -

    dat hij ( [medeverdachte 1] ) geen grote rol heeft gehad. Dat hij slechts maximaal 5 keer gereden heeft naar [naam bedrijf] . Bij de voetbalclub (doelend op 6 mei) wist hij dat er een drugstransport naar Duitsland zou zijn maar heeft hij alleen maar de weg gewezen (doelend op de "neger", verdachte [medeverdachte 3] ).

  • -

    Verdachte [medeverdachte 1] niet wist welke drugs er op 06 mei naar Duitsland vervoerd werden. Hij de "neger" niet goed kende, maar van sommige mensen die "buiten" waren wel gehoord had dat deze man zelf drugs produceerde en leverde. Hij wist niet precies welke drugs. Hij had deze man wel een aantal keren in café [naam cafe] gezien. Hij had hem nooit in het bijzijn van [medeverdachte 4] gezien in het café. Wel had hij gezien dat deze man aan gokkasten in het café stond. [medeverdachte 1] noemde deze man "de dokter";

  • -

    dat hij ( [medeverdachte 1] ) alleen maar softdrugs (marihuana en hasjiesj) getransporteerd heeft.81

Tussenconclusie:

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. De bestelling van de verdovende middelen wordt door de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) geplaatst bij [medeverdachte 4] (persoon 1). [medeverdachte 4] is de enige die contact heeft met [naam duitse afnemer] . [medeverdachte 4] initieert de handel in verdovende middelen en zorgt voor de aanvoer, het transport, de aflevering en de voortdurende controle bij een transport. Door [medeverdachte 4] werden [medeverdachte 2] (persoon 2), [medeverdachte 1] (persoon 3) en [medeverdachte 3] (persoon 4) in stelling gebracht in relatie tot het zoeken, kopen, vervoeren en (laten) maken van de verdovende middelen. Op het moment dat de verdovende middelen beschikbaar zijn voor de Duitse afnemer [naam duitse afnemer] neemt [medeverdachte 1] in opdracht van [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 2] contact op met de koeriers [duitse koerier 1] , [duitse koerier 2] en/of [duitse koerier 3] . [medeverdachte 1] wordt op zijn beurt weer aangestuurd met betrekking tot de overdracht van de verdovende middelen in Nederland. Na de overdracht van de verdovende middelen in Nederland, onderhoudt [medeverdachte 4] contact met [medeverdachte 1] die vervolgens weer contacten heeft met de koeriers omtrent het lopende transport van de verdovende middelen. De bevindingen met betrekking tot het lopende transport worden door [medeverdachte 4] weer doorgegeven aan de Duitse afnemer [naam duitse afnemer] . [medeverdachte 4] en [naam duitse afnemer] blijven contact houden met betrekking tot de financiële afhandeling van het transport van de verdovende middelen.

De rechtbank acht het aannemelijk, gelet op de context, dat met de bedekte termen ‘snel’ of ‘snelle’ speed, oftewel amfetamine wordt bedoeld. De rechtbank acht het verder aannemelijk, gelet op de context, dat met de bedekte term ‘hz’ hennep wordt bedoeld.

De rechtbank overweegt dat aan [verdachte] dit feit niet is ten laste gelegd. De rechtbank leidt hier wel uit af dat er daadwerkelijk hard- en softdrugs buiten het grondgebied van Nederland is gebracht door onder andere [medeverdachte 4] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] op een wijze die past binnen het patroon zoals omschreven onder 3.3.1.

3.3.6.

Levering op donderdag 5 februari 2015 (zaaksdossier 1).

Periode van 27 januari 2015 tot en met 4 februari 2015.

Vanaf 27 januari 2015 vindt er sms-berichtenverkeer plaats tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ). Uit de vertaalde weergave van de sms-berichten blijkt dat [medeverdachte 4] voornemens is “tien stuks, schoon” af te leveren aan [naam duitse afnemer] . [naam duitse afnemer] schrijft aan [medeverdachte 4] “Probeer deze voor 3.6 te kopen alsjeblieft”. Door [naam duitse afnemer] wordt aan [medeverdachte 4] gevraagd “voor hoeveel ga je vijftig stuks ‘lami’ kopen?”. Uit de tapgegevens blijkt verder dat de levering meermaals wordt uitgesteld.82

In de tussentijd heeft [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ) op 27 januari 2015 te 17:13:12 uur telefonisch contact met [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ), waarbij [medeverdachte 4] schrijft: “…als het goed is kopen/halen we het vandaag, en sturen we het morgen op”.83

[medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) belt vervolgens om 17:13:57 uur naar [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ), waarbij [medeverdachte 2] zegt “dat het nog even duurt en zal bellen. Als [medeverdachte 2] naar [naam duitse afnemer] belt dan moet [naam duitse afnemer] maar komen.” 84

Op 3 februari 2015 om 21:45:52 uur belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ) naar [medeverdachte 4] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ), waarbij [medeverdachte 4] vraagt: “Kunnen we dat/hem/haar vandaag sturen, zodat hij/zij morgenochtend gaat, of…?”. [medeverdachte 2] zegt: “Ik denk dat het kan. Regel het, maar… ik zal alleen de man regelen en jij zal de rest regelen, toch?”.85 Om 22:03:53 belt [medeverdachte 2] nogmaals met [medeverdachte 4] , waarbij [medeverdachte 2] zegt: “Ik ben er zeker van, als [medeverdachte 3] (fon.) het maar kan regelen. De rest kan ik zelf maken”.86

Op 4 februari 2015 om 12:29:15 uur belt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ) naar [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ). [medeverdachte 4] zegt: “Liefste, zeg tegen [medeverdachte 3] (fon.), misschien kan [medeverdachte 3] kijken en als zij het ook niet hebben…”, waarop [medeverdachte 2] zegt dat dat in orde is.87

[medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) wordt vervolgens om 14:35:18 uur gebeld door [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ). [medeverdachte 2] zegt dat ‘ [naam duitse afnemer] ’ (fon.) vroeg of [medeverdachte 3] wat van die T-shirts kon regelen. [medeverdachte 3] zegt dat het vrouwtje effetjes weg is en dat hij op de kleine moet passen. Over een uurtje is [medeverdachte 3] daar. [medeverdachte 2] zegt dat [medeverdachte 3] alvast met wat mensen moet sms-en, kijken of hij wat kan regelen.88

Dag van aflevering: donderdag 5 februari 2015.

Uit telefoontapgegevens, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt het volgende.89

Op 5 februari 2015, 12:42:12 uur stuurt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ) een sms-bericht naar [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 1] ) met als tekstinhoud: “Liefste, ben je vertrokken, bel mij direct”.

Op 5 februari 2015 tussen 14:40:13 en 15:33:37 uur stuurt [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) een aantal sms-berichten naar [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ), waaruit blijkt dat [naam duitse afnemer] contact zoekt met [medeverdachte 4] .

Op 5 februari 2015 te 15:46:09 uur belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 1] ) naar [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ) en krijgt de voicemail aan de lijn. Op de achtergrond is te horen dat [medeverdachte 2] tegen iemand zegt of deze persoon achter hem aan daar naartoe komt.

Op 5 februari 2015 15:47:33 uur wordt [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ) gebeld door [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ). [verdachte] wordt door [medeverdachte 2] begroet met de woorden “Maffia van Grubbenvorst” en [medeverdachte 2] vraagt hoe laat hij kan komen, waarna een afspraak wordt gemaakt voor half vijf.

Op 5 februari 2015 vanaf 16:24:44 uur vindt het volgende sms-berichtenverkeer plaats tussen [medeverdachte 4] ( [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ):

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 16:24:44: “4 hz 6 normaal, liefste”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 16:25:25: “5 vertrekt/komt er uit, liefste kusjes”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 16:25:54: “Okay kusjes.”

Tijdens een ingestelde observatie werd op 5 februari 2015 tussen 17:00 uur en 17:07 uur een zilverkleurige Volkswagen Caddy, met een witte kentekenplaat en zwarte letters en/of cijfers waargenomen op de [adres] . Verder werd de BMW met het kenteken [kenteken 4] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , in Grubbenvorst waargenomen. Er werd vervolgens gezien dat de Volkwagen Caddy en de BMW met hoge snelheid vanuit de richting Grubbenvorst in de richting van de A73 reden.90

Dit wordt ondersteund door de gegevens van Amigoboras en door de peilbakengegevens. Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 5 februari 2015 te 16:49 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang op A67-Venlo, op het voertuig met het Duitse kenteken [kenteken 6] .91

De peilbakengegevens van de personenauto BMW, kenteken [kenteken 4] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , geven op donderdag 5 februari 2015 tussen 16:35 uur en 17:03 uur als adreslocatie [adres 7] aan.92 Op het adres [adres 7] is het bedrijf [naam bedrijf] gevestigd, eigendom van [verdachte] .93

De zendmastgegevens van het mobiele telefoonnummer [telefoonnummer 1] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , geven op 5 februari 2015 te 17:07:06 uur de adreslocatie [adres 8] aan.94

Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 5 februari 2015 te 17:15 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, grensovergang Nederland uit naar Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 6] .95

Uit telefoontapgegevens, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt dat op 5 februari 2015 tussen 17:13:29 en 23:53:13 uur het navolgende sms-berichtenverkeer plaatsvindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ):96

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:13:29 uur: “Broer, hoe staat het ervoor met de ‘lami’? Die laatst geleverde steen is er toch nog? Waarvan er”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:13:31 uur: “..tweehonderd zijn gekomen/geleverd…die…”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 17:13:42 uur: “Vriend, maandag stuur ik je tien schoon.”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:14:40 uur: “Broer, afhankelijk van de situatie. Als er geen dossier problemen zijn, kun je het sturen. Vandaag…”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:14:42 uur: “..komen er veertig dossiers.”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 17:14:51 uur: “Er is zowel lami als steen vriend. Geen probleem. Die heb je nog niet gegeven. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:15:58 uur: “Heb ik allang gegeven. Wellicht zal er volgende week ‘lami’ nodig zijn. Ik heb nog vijf verf.”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 17:15:59 uur: “Er zijn wat dossier problemen vriend”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:16:09 uur: “..morgen gaat iemand het kopen, en bovendien staan er nog 17 stuks ‘snel’”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 17:17:42 uur: “Probeer die te geven/verkopen vriend, dan zijn er ook geen dossier problemen. Dit heeft te lang geduurd. Doe het van de hand. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:20:34 uur: “Hopelijk gaat er volgende iemand ‘snel’ kopen. Wellicht is er iemand die een aantal hele …”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:20:36 uur: “..stenen gaat kopen. Morgen krijg ik er meer over te weten. Stuur jij het maar maandag op….”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17;20:38 uur: “..tien schoon. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:21:08 uur: “Ik begrijp het niet. Net zei jij dat het niet mogelijk is, maar nu wel. Is het bedoeld voor ‘lami’ of ‘verf’….”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 17:21;30 uur: “Oke, vriend, ‘steen’ is geen probleem. Ik stuur het wel oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:21:38 uur: “Is het dan mogelijk om voor maandag dertig ‘lami’ en vijf ‘verf’ te regelen?”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 17:22:02 uur: “Oke. X”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 17:22:21: “Oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 18:46:55: “Broer, heb je de hz’s aangegeven? Is die gast al vertrokken?”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 18:47:33 uur: “Ja lieve schat, die vriend is vetrokken oke. X”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 20:58:20 uur: “Over 45 minuten is hij/zij/het daar vriend. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 20:59:14: “Oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 20:59:36: “Eetplaats of bij een tankstation?”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 20:59:58: “Ik zat het vragen”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 21:02:40: “Eetplaats vriend”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 21:02:55 uur: “Broer, je hebt de hz’s aangegeven, toch?”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 21:03:24 uur: “Ja vriend”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 21:03:50: “Oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:02:55 uur: “Broer, die vriend is er nog niet”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 22:03:26 uur: “Ik zal het vragen”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 22:07:30 uur: “Die vriend heeft het (overhandigd) gekregen.”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:07:54 uur: “Is goed.”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:17:02 uur: “Oke, liefste, die vriend kan gaan.”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 22:17:32 uur: “Oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:18:12 uur: “Er komt 44.9 dossiers oke. Tel het alsnog goed na alsjeblieft. X”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 22:18:34 uur: “Oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:41:27 uur: “Broer, voor hoeveel is hz? En schoon? Vier hz en zes schoon toch?”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 22:42:50 uur: “Vriend, hz voor 4950 en schoon voor 3850. Vier hz en zes normaal, oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:44:12 uur: “Wel erg duur. Stuur maar geen hz meer als het zo duur is. En koop ‘schoon’…”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:44:15 uur: “..alsjeblieft niet meer voor deze prijs. Hier geeft men schoon voor 4.2…”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:44:16 uur: “.. aan iedereen.”

Vrijdag 6 februari 2015.

Uit telefoontapgegevens, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt dat op 6 februari 2015 tussen 13:09:47 en 13:15:00 uur het navolgende sms-berichtenverkeer plaatsvindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ):97

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 13:09:47 uur: “Vriend, hoeveel had je gestuurd? X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 13:10:27 uur: “44.9”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 13:11:32 uur: “Tel het goed na alsjeblieft en voor maandag half lami half verf alsjeblieft. X”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 13:14:27 uur: “Oke vriend. Er is een tekort van 60 Lira oke. X”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 13:15:00 uur: “Oke. X”

In het proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 augustus 2015 relateert de verbalisant dat tussen [medeverdachte 4] en de Duitse afnemer regelmatig wordt gesproken over het kunnen leveren van “boya” (vanuit het Turks vertaald als ‘verf’), ‘B’, ‘schoon’, ‘normaal’ en ‘hz’. Ook relateert de verbalisant dat de termen ‘verf’, ‘normaal’, ‘schoon’ en ‘B’ door elkaar worden gebruikt, terwijl onderscheid wordt gemaakt met ‘hz’. Uit de informatie in het dossier valt af te leiden dat de eigenschappen van ‘verf’ zijn dat het ‘geknipt/gesneden’ is en moet drogen, er sprake is dat ‘verf’ mogelijk gelegaliseerd gaat worden en ze het dan wel kunnen schudden, de aangetroffen ‘hz’ een - duurdere - vorm van hennep betreft, de frequente transporten van ‘verf’ en de verklaring van [duitse koerier 2] dat hij met name hennep transporteerde, kan worden aangenomen dat met ‘verf’, hennep wordt bedoeld.98

De rechtbank onderschrijft deze redenering en acht het aannemelijk dat met de bedekte

termen ‘verf’, ‘normaal’, ‘schoon’ hennep wordt bedoeld, niet zijnde haze.

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1) bespreekt met de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) wat en hoeveel geleverd gaat worden, namelijk ‘4 hz en 6 schoon’. Vervolgens legt [medeverdachte 4] contact met [medeverdachte 2] (persoon 2), die op zijn beurt weer contact heeft met [verdachte] (persoon 5) en met [medeverdachte 3] (persoon 4). De Volkswagen Caddy, waarmee het transport plaatsvindt, en de BMW van [medeverdachte 2] bevinden zich vervolgens bij het bedrijf van [verdachte] . Vervolgens houden [medeverdachte 4] en [naam duitse afnemer] contact met betrekking tot het lopende transport en de financiële afhandeling van het transport van de verdovende middelen.

De rechtbank acht het aannemelijk, gelet op de context, dat met de bedekte term ‘hz’ hennep wordt bedoeld. Met ‘haze’ wordt een duurdere hennepvariant bedoeld. de rechtbank acht het verder aannemelijk dat met de termen ‘verf’ of ‘schoon’ hennep wordt bedoeld. De rechtbank acht het ten slotte aannemelijk dat, gelet op de context, met de bedekte term ‘dossiers’ geld wordt bedoeld, waarbij 1 dossier een waarde van € 1.000,- vertegenwoordigt.

Concluderend acht de rechtbank bewezen dat tussen 27 januari 2015 en 6 februari 2015

10 kilogram hennep buiten het grondgebied van Nederland is gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.7.

Levering op woensdag 11 februari 2015 (zaaksdossier 2).

Periode van 9 en 10 februari 2015.

Uit telefoontapgegevens, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt dat op 9 februari 2015 tussen 18:14:55 en 19:31:41 uur het navolgende sms-berichtenverkeer plaatsvindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ):99

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 18:14:55 uur: He vriend, wat doe je? Gaat het goed? X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 18:49:37 uur: Gelukkig gaat het goed broer. Er is geen personeel daarom…Hopelijk gaat het met jou ook..

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te18:49:39 uur: ..goed. Hopelijk is die gast onderweg? X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 18:50:40: Ik had een klant daarom kon ik geen antwoord schrijven.

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 18:51:03 uur: Oke. X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 18:51:19 uur: Oke, er is iemand die ‘honderd steen’ wil zien. Kun je dezelfde van laatst geleverde sturen….

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 18:51:19 uur: …..of heb je daar weinig van? X

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 18:52:18 uur: Dat is geen probleem vriend. Ik stuur datgene hoeveel je wilt.

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 19:31:41 uur: Oke. X

Uit de telefoontapgegevens blijkt verder dat op 10 februari 2015 tussen 15:29:22 en 23:53:46 uur het navolgende sms-berichtenverkeer plaatsvindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ):100

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 15:29:22 uur: Vriend, heb je het vertrouwde met spoed nodig of kunnen we twee, drie dagen wachten? Er komt namelijk Spaanse spul. Wat wil je? X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 15:30:42 uur: Uiteraard, laten we wachten als het uit Spanje gaat komen. Uiterlijk zaterdag….

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 15:30:44 uur: ….alsjeblieft. X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 15:31:19 uur: Honderd procent, of niet?

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 15:32:05: Honderd procent vriend

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 15:32:41 uur: Oke, ik zweer het, ik ben erg blij. X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 15:56:56 uur: Je hebt niks geschreven? / Je hebt niet gereageerd?

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 16:11:56 uur: Oke vriend, als het geen leugen is, komt er kennelijk wekelijks 25 stuks

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 16:15:07 uur: Oke, het is dus niet zeker?

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 16:15:50 uur: Die man zegt dat het zeker is, maar ik heb mijn twijfels.

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 16:45:14: Oke. X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 20:07:38 uur: Broer, hoe is het? Hoe gaat het? Alles onder controle? Broer, luister…ik heb voor uiterlijk…..

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 20:07:41 uur: … vrijdag zeven verf schoon en lami nodig. Je moet moet het sturen….

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 20:07:43 uur: … oke. Iemand wil namelijk tien verf. Gegarandeerd zaterdagochtend…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 20:07:51 uur: .. moet ik het aan degene geven. Laten we wachten. Als die Spaanse verf er tot vrijdag niet is…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 20:07:53 uur: …stuur die dan meteen op, oke? X

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 23:53:46 uur: Is goed vriend, geen enkel probleem. Wellicht kan ik het zelfs morgen opsturen, oke? Hangt af van de situatie. X.

Dag van aflevering: woensdag 11 februari 2015.

Uit telefoontapgegevens, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt dat op 11 februari 2015 tussen 09:13:04 en 10:25:46 uur het navolgende sms-berichtenverkeer plaatsvindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ):101

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 09:13:04 uur: Goedemorgen broer, hopelijk gaat het goed met je? En hopelijk heb je alles onder controle? Pas…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 09:13:06 uur: … goed op jezelf, goed. Uiterlijk vrijdag moet het er zijn, ook lami moet er gegarandeerd zijn, doe er maar…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 09:13:09 uur: …30. Probeer jij het te regelen? Zolang het er vrijdag maar is. X

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 10:16:15 uur: Goedemorgen vriend, vandaag kan er 11 stuks lami, 7,5 schoon, 2 stuks hz en honderd steen komen, oke. X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:19:42 uur: Broer, stuur alsjeblieft geen hz. Ik heb er namelijk nog vier stuks liggen. Stuur in de plaats daarvan iets meer Lami…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:19:44 uur: Vandaag komen er 25 dossiers. Het kan ook iets meer zijn…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:19:47 uur: …ik heb namelijk nog spul. Zaterdag gaat alles weg. Stuur die gast…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:19:55 uur: …zaterdag weer. Dan zijn er minstens zeventig, tachtig dossiers. Dan…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:19:58 uur: ..weet je het nu alvast. X

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 10:22:18 uur: Dan doe ik het zo, veel lami is er niet, maar dan stuur ik 7.5 schoon, 11 lami en iets meer steen. Goed? X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:24:19 uur: Ja, dat kan. Hoeveel stuks steen ben je van plan om op te sturen? Stuur maar drie keer honderd op…

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:24:20 uur: …dan. X

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 10:24:55 uur: Oke vriend, is goed. X

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 10:25:46 uur: Oke. X

Door [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) wordt op 11 februari 2015 te 13:59:05 uur contact opgenomen met [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ). [medeverdachte 2] zegt dat ‘zijn broer’ vraagt of hij Morinho kan vinden, waarop [medeverdachte 3] zegt dat hij ‘hem’ even op belt. [medeverdachte 2] zegt “het moesten er 3 keer 100 zijn”.102

De bakengegevens van het peilbaken van de personenauto BMW, kenteken [kenteken 3] , in gebruik bij [medeverdachte 4] , geven op woensdag 11 februari 2015 tussen 14:45:18 uur en 14:45:43 uur de adreslocatie [adres 3] aan.103 Uit de SKDB-uitdraai van 11 juli 2017 blijkt dat [medeverdachte 3] van 29 april 2010 tot 7 maart 2016 ingeschreven heeft gestaan op het adres [adres 3] .104

Op 11 februari 2015 te 16:21:44 uur belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) met [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 19] ) en zij maken kennelijk een afspraak voor vijf uur.105

De bakengegevens van het peilbaken van de personenauto BMW, kenteken [kenteken 4] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , geeft op 11 februari 2015 te 17:00:50 uur de adreslocatie [adres 3] aan.106

Uit telefoontapgegevens, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt dat [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) op 11 februari 2015 te 16:58:43 uur belt naar [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ) en zegt: “Ik ben zo half zes, kwart voor zes bij jou”.107

Ook wordt er om 17:02:41 uur door [medeverdachte 2] met hetzelfde telefoonnummer gebeld naar [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 16] ). [medeverdachte 2] vraagt aan [medeverdachte 1] om die "lange meid" te regelen voor kwart voor zes.108

Door [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 16] ) wordt vervolgens om 17:03:28 uur gebeld met [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ), waarbij [medeverdachte 1] aan [duitse koerier 1] vraagt om iemand te sturen voor zes uur, waarbij [duitse koerier 1] vraagt of "de lange" moet komen.109

Om 17:39:09 uur belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) naar zijn broer [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ), waarbij wordt gevraagd "of het schoon is" en [medeverdachte 2] zegt “voor anderhalf vraagt hij 2500”. [medeverdachte 2] zegt verder dat “het wel het proberen waard is” waarop [medeverdachte 4] zegt: “Hij/zij krijgt problemen mee, daarom is het helemaal niet nodig. Heb je het begrepen?”110

Korte tijd later geeft [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 16] ) aan [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) door dat hij/ zij naar de "ijsboer" komt, waarbij wordt opgemerkt dat in Grubbenvorst ijssalon [naam ijssalon] is gevestigd aan de [adres] welke ijssalon op korte afstand is gelegen van het bedrijf [naam bedrijf] , het bedrijf van [verdachte] .111

Uit bakengegevens van de voertuigen, in gebruik bij [medeverdachte 4] (kenteken [kenteken 3] )112 en [medeverdachte 2] (kenteken [kenteken 4] )113 is het vermoeden dat de beide voertuigen zich die dag, respectievelijk tussen 17:26 uur en 18:36 uur en tussen 17:41 uur 17:58 uur op het [adres 7] bevonden. Eveneens kwam er die dag om 18:06 uur vanuit het kentekenherkenningssysteem "Amigoboras" een inbound hit binnen bij de grensovergang van Nederland met Duitsland op de bedrijfsauto, Volkswagen Caddy, Duits kenteken [kenteken 6] .114

Hieruit blijkt dat er een ontmoeting heeft plaatsgevonden tussen de betrokken partijen bij het bedrijf van [verdachte] , genaamd [naam bedrijf] , gelegen aan het [adres 7] .

Uit het sms-berichtenverkeer op 11 en 12 februari 2015 tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) blijkt dat om een levering van “300 steen, 11 lami en 7670 schone verf” gaat. [naam duitse afnemer] schrijft op 11 februari 2015 te 23:17:08 uur: “Alles is goed gelukkig broer. We hebben de dossier niet kunnen tellen, kun jij apart tellen alsjeblieft. Er zijn twee pakketten, één daarvan is een envelop. Het moet 23.8 zijn”.115

Ondertussen belt [medeverdachte 1] met [duitse koerier 2] waarbij gesproken wordt over “tankstation”. Vervolgens bericht [medeverdachte 4] aan [naam duitse afnemer] dat afgesproken wordt bij “het tankstation”.116

Verder schrijft [naam duitse afnemer] dat “de auto niet goed is en dat de koppeling bijna is versleten”. [medeverdachte 4] laat weten dat “hij het zo vaak heeft laten repareren”.117

[medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ) belt vervolgens op 12 februari 2015 te 00:02:45 uur met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 16] ) en vertelt dat “die vrienden de auto kennelijk weer hebben verwoest. Weer de koppeling, de motor…”.118

Uit het proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 augustus 2015 blijkt dat door de Duitse opsporingsambtenaar [naam 4] in een notitie is opgenomen dat haar ambtshalve bekend is dat in Turks(talige) criminele groeperingen de term ‘steen’ gebruikt wordt als synoniem voor cocaïne. Bovendien blijkt uit de tapgegevens van 5 maart 2015 dat met ‘snel’ en ‘steen’ twee verschillende dingen wordt bedoeld en dat met steen dus niet wordt gesproken over amfetamine.119 De rechtbank onderschrijft deze redenering en acht het aannemelijk dat met de bedekte term ‘steen’ cocaïne wordt bedoeld.

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1) bespreekt met de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) wat en hoeveel geleverd gaat worden, namelijk ‘300 steen, 11 lami en 7670 schone verf’. Vervolgens heeft [medeverdachte 4] contact met [medeverdachte 2] (persoon 2), die op zijn beurt weer contact heeft met [medeverdachte 3] (persoon 4), [verdachte] (persoon 5) en [medeverdachte 1] (persoon 3). De Volkswagen Caddy, waarmee het transport plaatsvindt, de personenauto van [medeverdachte 2] en de personenauto van [medeverdachte 4] bevinden zich vervolgens bij het bedrijf van [verdachte] . Hierna hebben [medeverdachte 1] en de koerier [duitse koerier 2] contact met elkaar waaruit valt af te leiden dat afgesproken wordt bij het tankstation.

De rechtbank acht het aannemelijk dat, gelet op de context, met de bedekte term ‘steen’ cocaïne en met de term ‘lami’ hasj wordt bedoeld. De rechtbank acht het ten slotte aannemelijk, gelet op de context, dat met de termen ‘verf’ of ‘schoon’ hennep wordt bedoeld.

Concluderend ach de rechtbank bewezen dat tussen 9 februari 2015 en 21 februari 2015 300 gram cocaïne en 7.670 gram hennep en 11 kilogram hasjiesj buiten het grondgebied van Nederland zijn gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.8.

Levering op vrijdag 20 februari 2015 (zaaksdossier 3).

Uit de telefoontaps, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt het volgende. Op 19 februari 2015 te 17:27:55 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer

[telefoonnummer 43] ) naar [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en zegt “Voor morgen is er iemand nodig. […] Voor ver. […] Tussen half twee, twee uur ... hier ... kan hij/zij vertrekken ... om negen uur in de avond kan hij/zij dan terugkomen, goed?”120

Op 20 februari 2015 tussen 09:31:19 en 09:35:04 uur vindt het volgende sms-berichtenverkeer plaats tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ):

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 09.31.19: “Goedemorgen broer, ik hoop van God dat je wakker bent?”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 09:32:05: “Goedemorgen liefste, ja, ik ben wakker”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 09:33:16: “Okay, met Gods hulp zal alles lukken. Of heb je soms de verf ook gevonden? Vandaag zeker vier ..”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 09:33:18 uur: “... sturen alsjeblieft. Hoeveel lami ga je opsturen?”

 van [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 09.34.35 uur: “Lami 50 stuks en 5 stuks steen van honderd zal er komen, voor de verf ga ik straks kijken, oke, kusjes”

 van [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 09:35:04 uur: “Okay, kusjes”121

[medeverdachte 4] (telefoonnummers [telefoonnummer 2] en [telefoonnummer 10] ) heeft ook telefonisch contact met [medeverdachte 3] (telefoonnummer [telefoonnummer 22] ), [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ), waarbij [medeverdachte 4] de aansturing doet en opdrachten geeft.

[medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) heeft op zijn beurt weer telefonisch contact met [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ) en met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ), waarbij [medeverdachte 2] de aansturing doet en aan deze twee personen opdrachten geeft.122 Om 14:19:44 uur wordt [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) gebeld door [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ), waarbij [medeverdachte 2] zegt: “Broer, om drie uur moet je daar zijn, op onze plek”.123

Om 14:37:32 uur belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) naar [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ) en zegt dat “hij [naam duitse afnemer] ) tegen ‘hem’ moet zeggen dat [medeverdachte 2] over 15 minuten daar is”.124

Hierna, om 14:38:24 uur, belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) naar [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en zegt “Ga daar naartoe, ik kom eraan”. [medeverdachte 1] vraagt “Waar naartoe”, waarop [medeverdachte 2] zegt: “Naar onze plek”. [medeverdachte 1] zegt vervolgens: “Oke, maar wij zijn er al onderweg”.125

Het peilbaken in het voertuig in gebruik bij [medeverdachte 2] , de personenauto, BMW, kenteken [kenteken 4] , geeft op vrijdag 20 februari 2015 tussen 14:49 uur en 15:13 uur enkele adreslocaties in de plaats Grubbenvorst aan. Op het tijdstip 14:54 uur geeft het peilbaken de adreslocatie [adres] aan.126 Het bedrijfspand van het bedrijf [naam bedrijf] , eigendom en in gebruik bij de verdachte [verdachte] is gevestigd op de adreslocatie [adres 7] .

Op 20 februari 2015 te 15:05:08 uur belt [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) naar [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 15] ). Uit de zendmastgegevens blijkt dat door [medeverdachte 1] op dat moment de zendmast [adres 8] wordt aangestraald.127 Door de verbalisanten wordt gerelateerd dat de afstand tussen de zendmastlocatie aan de [adres] en [naam bedrijf] hemelsbreed ongeveer 900 meter is.128

Uit de inhoud van de telefoontapgegevens, in de middag en avond van donderdag 19 februari 2015 en de dag erna op 20 februari 2015, blijkt dat na aanvang van het transport van Nederland naar Duitsland dat er tussen [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 30] ) wordt gesproken over "eten". Kort hierna wordt er tussen [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ) over "eten" gesproken en vindt er sms-verkeer plaats tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ), waarbij eveneens over "eetplaats" wordt gesproken.129

Daarnaast krijgt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) van [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) om 21:57:08 uur een sms-bericht met onder andere de tekst: "dossier 100.5 compleet", vermoedelijk een codebenaming voor een geldsom.130

Dat de vermoedelijke geldsom van 100.5 op 21 februari 2015 in het bezit van [medeverdachte 4] kwam, zou ondersteund kunnen worden door het onderlinge sms-berichtenverkeer tussen beiden, waaruit blijkt dat [medeverdachte 4] het "dossier" heeft geteld en dat “het klopt”.131

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1) bespreekt met de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) wat en hoeveel geleverd gaat worden, namelijk ‘5 stuks steen en 50 lami’. Vervolgens heeft [medeverdachte 4] contact met [medeverdachte 3] (persoon 4), [medeverdachte 1] (persoon 3) en [medeverdachte 2] (persoon 2).

[medeverdachte 2] heeft op zijn beurt weer contact [verdachte] (persoon 5) en [medeverdachte 1] (persoon 3). [medeverdachte 1] heeft contact met koeriers [duitse koerier 1] en [duitse koerier 2] .

Hierbij wordt gesproken over ‘eten’ en het is aannemelijk dat hiermee de plaats van overdracht wordt bedoeld. Men treft elkaar bij het bedrijf van [verdachte] .

De rechtbank acht het aannemelijk dat, gelet op de context, dat met de bedekte term ‘steen’ cocaïne en met de term ‘lami’ hasj wordt bedoeld.

Concluderend acht de rechtbank bewezen dat tussen 11 februari 2015 en 21 februari 2015 500 gram cocaïne en 50 kilogram hasjiesj buiten het grondgebied van Nederland is gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.9.

Levering op zondag 22 februari 2015 (zaaksdossier 4).

Uit de telefoontaps, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt het volgende. Op 19 februari 2015 te 17:27:09 en 17:27:12 uur stuurt [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het navolgende sms-bericht naar [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ): “... Zaterdag en maandag moet er weer komen. Morgen lami, steen en vier stuk verf. Zaterdag 10 verf en maandag 10 verf, alsjeblieft. Kusjes.132

Op 21 februari 2015 te 0:33:49 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) naar [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en zegt: “Morgen om twee, moet er iemand van jullie klaarstaan hè ...”, waarop [duitse koerier 1] zegt: “Om twee uur ... oké, is goed ... zelfde plaats?” [medeverdachte 1] zegt: “Ja, dezelfde plaats.”133

Op 21 februari 2015 te 01:37:57 uur wordt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 15] ) gebeld door [naam 5] (telefoonnummer [telefoonnummer 37] ) en ze spreken af dat ze het ’s morgen samen gaan halen.134 Tijdens het verhoor bij de politie op 14 september 2015 wordt [naam 5] een tapgesprek van 11 maart 2015 te 11:49:11 uur voorgehouden, waarbij hij zelf aangeeft dat hij [medeverdachte 1] heeft gebeld. In dit tapgesprek maakt hij gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer 37] .135 Hieruit leidt de rechtbank af dat het telefoonnummer [telefoonnummer 37] door [naam 5] wordt gebruikt.

Op 21 februari 2015 14:22:58 uur stuurt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 2] ) een sms-bericht naar [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ): “Broer, waar zijn jullie gebleven.”, waarop [medeverdachte 1] antwoordt: “We zijn onderweg”. De zendmastlocatie van het toestel in gebruik bij [medeverdachte 1] geeft dan aan [adres 10] .136

Op 21 februari 2015 vanaf 18:19:28 uur probeert [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ) te bereiken, waarbij vanaf 19:11:49 uur door het toestel van [medeverdachte 2] een zendmast in Grubbenvorst wordt aangestraald.137 Het peilbaken van de personenauto BMW, kenteken [kenteken 4] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , geeft op 22 februari 2015 tussen 20:07 uur en 20:37 uur als locatie Grubbenvorst aan.138

[medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) heeft om 19:03:34 telefonisch contact met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en zegt dat de "meid", waarmee vermoedelijk de koerier wordt bedoeld, niet daarheen moet komen.139

[medeverdachte 4] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] hebben onderling telefonisch contact en wordt vervolgens de levering uitgesteld naar zondag 22 februari 2015.140

Om 19:35:09 uur stuurt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) het volgende sms-bericht naar [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ): “Liefste, kan hij/zij/het ook morgenvroeg vertrekken?”141

Ondertussen belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) naar [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) om 19:42:31 uur en zegt: “Ze doen niet open. De lichten branden wel, maar ze doen niet open. Er is iemand anders binnen. Begrijp je? […] Morgen, precies om half twee moet hij/zij/het hier zijn. Alles staat klaar, het moet alleen nog ingeladen worden”.142

Om 19:44:28 uur stuurt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) naar [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-bericht: “Ik heb de verf nu in handen maar er is geen plek om het te plaatsen/zetten”.143

Op 22 februari 2015 vanaf 12:12 uur heeft [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) eerst contact met [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ). [medeverdachte 2] is om kwart over één bij [verdachte] .144

Op 22 februari 2015 te 14:35:36 uur stuurt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) naar [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-bericht: “Liefste, die vriend is vertrokken. 9.750 oké voor 3.8 oké. X”.145

Hierna hebben [medeverdachte 1] en [medeverdachte 4] en vervolgens laatstgenoemde met [naam duitse afnemer] diverse malen contact met elkaar in relatie tot de levering, een ontmoetingsplaats voor de overdracht daarvan en tot de aflevering. Hiervoor worden bedekte bewoordingen gebruikt zoals “ga je eten”, “de wedstrijd begint over een uur”, “de mannen hebben gegeten”, “zijn die vrienden naar het restaurant” en “de eetplaats”.146

Om 19:17:03 uur stuurt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) naar [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-bericht: “Oké, kusjes, heb je iets gestuurd of niet, kusjes”, waarop [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] stuurt: “Ja 16.5”.147

Uit de videobeelden van de camera observatie op 22 februari 2015 bij het bedrijfspand van [naam bedrijf] blijkt dat die dag om 13:21 uur een grijze bedrijfsauto Volkswagen Caddy, het bedrijfsterrein van [naam bedrijf] oprijdt en hierna die dag om 14:16 uur weer vertrekt.148

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1) bespreekt met de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) wat en hoeveel geleverd gaat worden, namelijk ‘9.750 verf’. Vervolgens heeft [medeverdachte 1] (persoon 3) contact met koerier [duitse koerier 1] . [medeverdachte 4] en [medeverdachte 1] hebben ook onderling contact. [medeverdachte 2] (persoon 2) probeert [verdachte] (persoon 5) te bereiken. Dit lukt niet, waarna [medeverdachte 2] [medeverdachte 1] laat weten dat de koerier niet daarheen moet komen. Hierop vraagt [medeverdachte 4] aan de Duitse afnemer of het ook morgen kan. [medeverdachte 2] heeft hierna contact met [verdachte] . De Volkswagen Caddy bevindt zich vervolgens bij het bedrijf van [verdachte] . [medeverdachte 4] laat dan [naam duitse afnemer] weten dat het transport onderweg is.

De rechtbank acht het aannemelijk, gelet op de context, dat met de termen ‘verf’ hennep wordt bedoeld.

Concluderend acht de rechtbank bewezen dat tussen 19 februari 2015 en 22 februari 2015 9.750 gram hennep buiten het grondgebied van Nederland is gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.10.

Levering op dinsdag 24 februari 2015 (zaaksdossier 5).

Vanaf donderdag 19 februari 2015 tot en met dinsdag 24 februari 2015 vindt er veelvuldig sms verkeer plaats tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ).

[naam duitse afnemer] schrijft op 19 februari 2015 te 17:27:09 uur: “Zaterdag en maandag moet er weer komen. Morgen lami, steen en vier stuk verf. Zaterdag 10 verf en maandag 10 verf, alsjeblieft.”

Op 24 februari 2015 te 10:47 uur stuurt [naam duitse afnemer] het volgende sms-bericht naar [medeverdachte 4] : “Goedemorgen broer, ik hoop van God dat het goed met je gaat? Als je nog slaapt, sta alsjeblieft op en stuur de gast vandaag voor honderd procent, alsjeblieft, kusjes”. [medeverdachte 4] reageert in een sms-bericht: “Ik ben allang opgestaan, liefste, vandaag zal hij/zij komen, oké, kusjes.” 149

Op 24 februari 2015 te 16:04:28 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) naar [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) en beiden spreken af voor vijf uur.150

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt hierna om 16:05:43 uur naar [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en zegt onder andere dat om “half zes is het eten klaar” en beiden bespreken wie er zal komen, waarin vermoedelijk over de inzet van een koerier voor het transport van de partij verdovende middelen wordt gesproken. Verder wordt tussen beiden gesproken over “lang of kort”, waarop wordt gereageerd door [medeverdachte 1] met “de oude”. [duitse koerier 1] zegt “Ok, dan stuur ik onze jong, die kan het komen ophalen, goed?”. Tussen beiden wordt vervolgens besproken dat “zij samen kunnen komen” [medeverdachte 1] zegt daarop “Oké is goed we kijken wel”.151

Op 24 februari 2015 te 16:09:16 uur belt [medeverdachte 2] (telefoonnummer + [telefoonnummer 36] ) uit naar [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ) en vraagt “alles goed broeder”.152

Op 24 februari 2015 vanaf 17:41:26 uur hebben [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) weer middels sms-berichten contact met elkaar:

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Hij/zij/het komt vandaag”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Oké, ik geef de dossiers aan [naam contact 2] ”.

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Liefste, ik schrijf straks, er komt alleen maar schoon”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] omstreeks 19.40 uur: “Broer, is die gast vertrokken?”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Liefste, hij is allang vertrokken. Liefste, er zijn 10 stuks gekomen oké kus.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “32.25 dossier komt er goed.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] te 21:28 uur: “over 2 minuten benzine oké kus”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] te 22:04:40 uur: “Oké lieverd, die gast is vertrokken. Lieverd, de koppeling is bijna los, zeg tegen broer … dat zij de auto moeten laten repareren. Er is iemand anders gekomen die ik niet ken.”153

Volgens de beschikbare peilbakengegevens van de personenauto BMW, kenteken [kenteken 4] , in gebruik bij [medeverdachte 2] , was deze op 24 februari 2015 tussen de tijdstippen van 16:46 uur en 17:43 uur op de adreslocatie [adres 7] .154

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1) bespreekt met de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) wat en hoeveel geleverd gaat worden, namelijk ‘10 verf’. Vervolgens heeft [medeverdachte 1] (persoon 3) contact met [medeverdachte 2] (persoon 2) en met [duitse koerier 1] . [medeverdachte 2] heeft dan weer contact met [verdachte] (persoon 5) en zijn auto wordt gezien bij het bedrijf van [verdachte] . [medeverdachte 4] en [verdachte] houden elkaar op de hoogte van de voortgang.

De rechtbank acht het aannemelijk dat, gelet op de context, dat met de bedekte term ‘verf’ hennep wordt bedoeld.

Concluderend acht de rechtbank bewezen dat tussen 19 februari 2015 en 23 februari 2015

10 kilogram hennep buiten het grondgebied van Nederland is gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.11.

Levering donderdag 19 maart 2015 (zaaksdossier 9).

Periode van 15 maart 2015 tot en met 18 maart 2015

Uit de telefoontaps, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt het volgende. Vanaf 15 maart 2015 vindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-berichtenverkeer plaats:

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] op 15 maart 2015 te 19:35:14 uur: “Kun je alsjeblieft dinsdag verf sturen, het zal lukken, toch?”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] op 15 maart 2015 te 19:36:48 uur: “Oke, je gaat het proberen, okay, kusjes”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] op 16 maart 2015 te 21:47:06 uur: “Oke, is de verf niet gelukt? Verf was er ook nodig.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] op 16 maart 2015 te 21:47:57 uur: “Verf komt er morgen, liefste, vandaag is het niet gelukt, kusjes”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] op 16 maart 2015 te 21:49:02 uur: “Oke, broer, laat het alsjeblieft morgen komen. Want het is nodig. Kusjes.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] op 16 maart 2017 te 23:49:37 uur: “Broer, er zullen 87.5 dossiers naar jou toe komen. Als er morgen de gast komt…komen er nog vijftig. Kusjes.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] op 16 maart 2015 te 23:50:08 uur: “Oke, liefste, kusjes.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] op 16 maart 2015 te 23:59:36 uur: “Oke dan, okay stuur die verf morgen wel alsjeblieft. Maar het moet niet zo… laat worden, broer, het pakt niet goed uit zo, want hier is het erg rustig op deze tijdstippen.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] op 17 maart 2015 te 0:54:25 uur: “Oke, liefste.”155

Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat er op 17 maart 2015 om 14:51 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A-67-Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duits kenteken [kenteken 1]156 en dat er om 17:18 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A-67-Venlo, Nederland uitgaand vanuit Duitsland, op het Duits kenteken [kenteken 1] .157

Op 17 maart 2015 tussen 15:33:37 uur en 17:44:57 uur vindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-berichtenverkeer plaats:

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Broer, de gast komt vandaag voor honderd procent, toch? Kusjes.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Het is nog niet helemaal duidelijk, ik wacht op het bericht van de vriend, oke, liefste, kusjes.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Broer, kan de vriend niet komen of is er geen verf?”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Nee, liefste, ik wacht op de verf.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “De vriend is nu naar me toe gekomen, hij wilt ook tien verf. Er zijn anderen… die ook willen! Ik heb tot donderdag totaal twintig verf nodig.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Oke, liefste, met Gods hulp zullen wij het regelen, oke, kusjes.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Oke, rond hoe gaat die vriend vertrekken?”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Volgens mij wordt het vandaag moeilijk liefste, ik heb nog geen bericht gekregen, morgen, oke, kusje.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Dit komt helemaal niet goed uit.”158

Op 18 maart 2015 vanaf 12:30:14 uur vindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-berichtenverkeer plaats:

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Broer hoe is het wat doe je? Broer hij/zij/het komt vandaag honderd procent toch, of…is het nog niet bekend” “Oké regel het alsjeblieft ook voor morgen. Kusje.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Voor morgen is er misschien Spaanse verf liefste.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] om 16:48:03 uur: “Liefste vandaag komt het, ik ben aan het proberen om voor morgen te regelen, kusjes.”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Liefste, ik stuur 8 stuks normale en 2 hz”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Zijn er geen tien stuks van de normale?”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Nee, liefste, zodat hij/zij/het op dit moment niet met lege handen komt.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Oke, je kunt het opsturen, kusjes.”159

In de tussentijd heeft [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 13] ) contact met de telefoonnummers [telefoonnummer 40] , [telefoonnummer 41] en [telefoonnummer 26] , in gebruik bij onbekend gebleven personen. Uit de inhoud van de sms-berichten kan worden afgeleid dat zij kennelijk met elkaar communiceren over het verkrijgen van vermoedelijk verdovende middelen, waarbij [medeverdachte 2] het initiatief neemt.160

Ook heeft [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 33] ) op 18 maart 2015 te 17:43:50 uur telefonisch contact met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 15] ), waarbij [medeverdachte 1] zegt: “Ik heb niets gehoord…?”. [medeverdachte 2] antwoordt: “Omdat er niets is.”

[medeverdachte 1] zegt: “Ik ben ver weg, ik ben al aan het kijken, ik ga het nu vragen.”161

Uit de telefoontapgegevens blijkt dat [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 15] ) vervolgens telefonisch contact heeft met [naam 5] (telefoonnummer [telefoonnummer 37] ) en met [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 10] ).162 Tijdens het verhoor bij de politie op 14 september 2015 wordt [naam 5] een tapgesprek van 11 maart 2015 te 11:49:11 uur voorgehouden, waarbij hij zelf aangeeft dat hij Yahya heeft gebeld. In dit tapgesprek maakt hij gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer 37] .163 Hieruit leidt de rechtbank af dat het telefoonnummer [telefoonnummer 37] door [naam 5] wordt gebruikt.

Uiteindelijk hebben [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 13] ) en [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) om 22:55:40 uur sms-contact met elkaar, waarbij [medeverdachte 1] schrijft: “We hebben het gevonden, over 15 minuten zullen elkaar ontmoeten.”164

Dag van aflevering: 19 maart 2015.

Op 19 maart 2015 te 08:50 stuurt [naam duitse afnemer] ( [telefoonnummer 4] ) naar [medeverdachte 4] ( [telefoonnummer 3] ) het volgende sms-bericht: “Goedemorgen broer, hoe gaat het, ik hoop het van God dat het goed met je gaat? Hoe is de situatie nu? Rond hoe laat zul je de verf in handen krijgen? Kusjes”, waarop [medeverdachte 4] antwoordt: “Goedemorgen liefste, 12 zal ik in mijn hand krijgen en de man zal vertrekken oké, kusjes”.165

Vervolgens vinden er tussen 12:44 uur en 13:53 uur sms-berichten plaats tussen [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 13] ) en de onbekend gebleven gebruiker van telefoonnummer [telefoonnummer 40] waaruit kan worden afgeleid dat [medeverdachte 2] probeert een partij verdovende middelen te krijgen.166

Om 13:05:23 uur stuurt [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Liefste, moet hij/zij morgen weer komen, vandaag komt hij/zij, ik heb 3.85 gehaald/gekocht, oké, kusjes”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] om 13:06:25 uur: “Ja broer, hij/zij moet morgen ook voor honderd procent komen. Is hij/zij vertrokken?”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] om 13:08:55 uur: “Nee, hij/zij is nog niet vertrokken, maar ik heb voor morgen ook geregeld, maar jij moet vooral veel belang hechten aan lami, oké, kusjes.”

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] om 13:11:50 uur: “Oké, stuur jij mij de verf telkens op tijd. Ik zal wel belang hechten aan lami. Maar de vriend moet nu wel vertrekken”.167

In de tussentijd vinden er tussen 13:35 uur en 13:39 uur sms-berichten plaats tussen [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 13] ) en de onbekend gebleven gebruiker van telefoonnummer [telefoonnummer 26] waaruit kan worden afgeleid dat [medeverdachte 2] probeert een partij verdovende middelen te krijgen.168

Ook vindt er telefonisch contact plaats tussen [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en [duitse koerier 1] , (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 30] ), waaruit blijkt dat [medeverdachte 1] [duitse koerier 1] aanstuurt en [medeverdachte 2] [medeverdachte 1] aanstuurt met betrekking tot tijdstippen van levering.169

Verder heeft [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 33] ) om 15:59 uur telefonisch contact met [verdachte] (telefoonnummer [telefoonnummer 25] ). [medeverdachte 2] vraagt: “Er is iemand bij jou of niet? Een Belgische auto.” [verdachte] zegt “dat er iemand is die wat spullen komt ophalen, dat dat geen probleem is en dat [medeverdachte 2] binnen kan komen.”170

Om 20:50:45 uur stuurt [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Liefste, hij/zij is over een halfuur daar, kusjes”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] om 21:45:10 uur: “Broer, [naam contact 2] zegt dat er 9 gekomen zijn. Alles is in orde”.

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] om 21:46:12 uur: “Nee, liefste, 7.8 en 2 stuks apart, honderd procent, hij moet goed kijken, kusjes”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] om 21:48:45 uur: “Er komen 67.1 dossiers, oké. En morgen wordt het met Gods hulp veertig of vijftig”.171

Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat er op 19 maart 2015 te 16:03 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duits kenteken [kenteken 1]172 en dat er om 16:54 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland uitgaand vanuit Duitsland, op het Duits kenteken [kenteken 1] .173

Er wordt op 19 maart 2015 een ontmoeting waargenomen174 op het bedrijfsterrein en in het bedrijf van [verdachte] , het bedrijf [naam bedrijf] gevestigd aan het [adres 7] , waarbij [medeverdachte 2]175 die de personenauto, merk BMW, kenteken [kenteken 4] , in gebruik heeft en [medeverdachte 1] met de bij hem in gebruik zijnde personenauto, merk Volkswagen Polo, kenteken [kenteken 5] , werden gezien. Eveneens werd die dag tijdens de observatie de bestelauto, merk/ type Volkswagen Caddy, met het Duitse kenteken [kenteken 1] gezien bij het bedrijf [naam bedrijf] te Grubbenvorst, waarbij [duitse koerier 2]176 de bestuurder was.

20 maart 2015:

Op 19 maart 2015 te 21:48:45 uur stuurt [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Er komen 67.1 dossiers, oke. En morgen wordt het met Gods hulp veertig of vijftig.”

Op 20 maart 2015 te 9:50:50 uur stuurt [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Broer, goedemorgen, ik hoop van God dat je wakker bent? Deze is niet goed, broer, koop deze niet.” “Vind er ergens anders vandaan alsjeblieft, doe wat je kunt en stuur het vandaag op. Kusjes.”

[medeverdachte 4] antwoordt [naam duitse afnemer] om 10:14:15 uur: “Oke, liefste, dan zal ik ergens anders kijken, oke, kusjes.”177

Op 20 maart 2015 om 12:18:57 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) naar [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 30] ), waarbij [medeverdachte 1] vraagt: “Kom je richting hier?”. [duitse koerier 2] antwoordt: “Om twee uur ben ik daar.”178

Om 13:13:41 uur bellen zij nogmaals met elkaar, waarbij [medeverdachte 1] zegt: “Heb jij je dinges gisteren gepakt/gekregen?”. [duitse koerier 2] antwoordt: “Ja, ik heb het gepakt/gekregen.” [medeverdachte 1] zegt aan het einde: “Ik bel je wel, vertrek maar langzaamaan… ik bel je wel.”179

Om 13:27:46 uur bellen zij weer met elkaar, waarbij [medeverdachte 1] zegt: “ijs…ga naar de ijsboer oké?”. [duitse koerier 2] zegt “dat hij over een uur daar is”.180

Vervolgens belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 15] ) om 13:28:44 uur naar [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 33] ) en zegt: “precies over een uur, is hij/zij daar, oke?”.181

Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat er op 20 maart 2015 te 14:25 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duits kenteken [kenteken 1] .182

Uit zijn proces-verbaal van verhoor verdachte blijkt dat [medeverdachte 1] bij de politie, samenvattend, onder meer heeft verklaard dat hij op 19 maart 2015 een strijkijzer en zakken naar [naam bedrijf] gereden had. Deze zakken waren bedoeld om de drugs luchtdicht te verpakken zodat de geur van de drugs minder te ruiken waren. Deze softdrugs heeft hij steeds gehaald bij de zoon van de [naam catering] . Vervolgens heeft hij deze drugs (marihuana) naar [naam bedrijf] gereden.183

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1), [medeverdachte 2] (persoon 2) en [medeverdachte 1] (persoon 3) zijn op zoek naar verdovende middelen om in te kopen en uiteindelijk op 19 maart 2015 is dat gelukt. De Duitse afnemer blijft informeren bij [medeverdachte 4] naar de voortgang. Er wordt gesproken over verf. [medeverdachte 2] heeft contact met [verdachte] (persoon 5). Zijn personenauto, alsmede de personenauto van [medeverdachte 1] en de Volkswagen Caddy worden gezien bij het bedrijf van [verdachte] . [medeverdachte 4] bericht aan [naam duitse afnemer] het niet 9, maar 7.8 en 2 stuks apart moeten zijn.

De rechtbank acht het aannemelijk, gelet op de context, dat met de bedekte term ‘verf’ hennep wordt bedoeld. De rechtbank acht het verder aannemelijk dat, gelet op de context, met de bedekte term ‘dossiers’ geld wordt bedoeld, waarbij 1 dossier een waarde van

€ 1.000,- vertegenwoordigt.

Concluderend acht de rechtbank bewezen dat tussen 15 maart 2015 en 20 maart 2015 9,8 kilogram hennep buiten het grondgebied van Nederland is gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.12.

Levering 2 april 2015 (zaaksdossier 11).

Uit de telefoontaps, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt het volgende. Vanaf 2 april 2015 te 13:36:57 uur vindt tussen [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-berichtenverkeer plaats:

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Hoe moeten we het nu doen, zul je wachten tot morgen of zul je vandaag tien stuks opsturen?”

- [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] : “Straks zal ik schrijven, als ik geen schone kan vinden”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Maar deze moet je niet uit jouw handen laten glippen. Als je het niet kan vinden, moet je deze allemaal opsturen”.

- [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] : “Broer, vandaag moet er ook één hz komen, goede”.184

Op 2 april 2015 te 16:37:41 uur belt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 9] ) met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en vraagt of [medeverdachte 1] kan komen.185

Om 17:21:12 uur vindt er telefonisch contact plaats tussen [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 14] ) en [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en [medeverdachte 2] zegt: “Onze kapitein moet om kwart voor zeven daar zijn. Zeg tegen hem/haar, om half zeven zal hij/zij iets aan je geven.”186

Om 17:27:50 uur stuurt [naam duitse afnemer] naar [medeverdachte 4] het volgende sms-bericht: “Broer, rond hoe laat gaat de vriend vertrekken”. [medeverdachte 4] antwoordt: “Over een zal hij/zij/het wel vertrekken, ik stuur 11 stuks en hz zaterdag oké, kusjes”.187

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt om 17:35:08 uur naar [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 30] ) en zegt: “Om zeven uur moet er één van jullie bij die ijsboer zijn. Dezelfde plek. Er is geen korte”. [duitse koerier 2] zegt: [duitse koerier 3] zal komen” 188

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt om 17:36:58 uur [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en zegt: “een van jullie moet om zeven uur daar zijn, dezelfde. Ik kon je niet vinden dus heb ik [duitse koerier 2] gebeld en hij zegt, we sturen die andere”. 189

Om 19:22:01 uur stuurt [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] het volgende sms-bericht: “Ja liefste, hij/zij/het is net vertrokken”. [naam duitse afnemer] antwoordt: “Is goed, godzijdank, haal/koop weer van deze verf als het er nog is”.190

Hierna om 19:26:51 uur vindt er telefonisch contact plaats tussen [medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 14] ) en [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ). [medeverdachte 1] vraagt of “hij ook zijn/haar zakgeld gegeven heeft”.

[duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) belt om 22:52:02 uur naar [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en zegt dat “de man over een uur bij het tankstation is, hij gaat naar het tankstation om diesel te halen/ te tanken.”191

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 9] ) om 22:53:19 uur en zegt “He, over een uur zullen we gaan tanken, oké?”192

Om 22:54:18 uur stuurt [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] het volgende sms-bericht: “Liefste, over een uur bij de benzine/het tankstation oké, kusje”.

Op 3 april 2015 te 0:27:43 uur stuurt [medeverdachte 4] naar [naam duitse afnemer] het volgende sms-bericht: “Daar liefste”.

[naam duitse afnemer] antwoordt om 0:48:07 uur: “Alles is goed/oké. De vriend is vertrokken. Er komst 39.65 aan dossier.”193

Dit wordt ondersteund door de gegevens van Amigoboras en de camerabeelden bij het bedrijf [naam bedrijf] . Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 2 april 2015 te 18:28 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67 Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het voertuig Volkswagen Caddy met het Duitse kenteken [kenteken 1] .194

Uit onderzoek van de verkregen camerabeelden bleek dat de bedrijfsauto Volkswagen Caddy, kenteken [kenteken 1] , op 2 april 2105 tussen 18:40 uur en 19:30 uur, in de loods van het bedrijf [naam bedrijf] verbleef. Bij het openen van de rolpoort van de loods wordt een herkenning gedaan op de eigenaar van het bedrijf [naam bedrijf] , de verdachte [verdachte] . Die avond om 19:04 uur rijdt een VW Polo kenteken [kenteken 5] , met de achterzijde tot aan de openstaande rolpoort van het bedrijf [naam bedrijf] . Deze Volkswagen Polo is in gebruik bij [medeverdachte 1] . Door [verdachte] worden vervolgens twee tassen uit de kofferbak van deze Volkswagen Polo gepakt, waarna deze tassen door hem de loods in worden gebracht. De VW polo rijdt hierna weg. Die avond te 19:30 uur vertrekt de grijze Volkswagen Caddy, Duits kenteken, [kenteken 1] , vanaf de loods van het bedrijfspand [naam bedrijf] .195

Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 2 april 2015 te 19:44 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland uitgaand naar Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de bedrijfsauto Volkswagen Caddy.196

Op 3 april 2015 te 11:41:57 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) met de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 44] met het verzoek om rechtstreeks naar het café te komen.197

Om 12:20:05 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 15] ) met [werkneemster cafe] (telefoonnummer [telefoonnummer 42] ), die werkzaam is in café [naam cafe] te Venlo, waarbij [medeverdachte 1] zegt dat “ze twee thee voor die twee klaar moet zetten en verder niks vragen.”198

[werkneemster cafe] is door de politie als getuige gehoord199 en zij heeft verklaard dat zij de gebruiker is van het telefoonnummer [telefoonnummer 42] . Zij kon zich het voorgaande gesprek met [medeverdachte 1] over het thee klaarzetten, herinneren, wat volgens haar een grap was van [medeverdachte 1] . Aan de hand van de getoonde foto’s herkende zij [duitse koerier 1] en [duitse koerier 2] , als de twee mannen die toen thee hadden gedronken in café [naam cafe] .

Het voorgaande wordt ondersteund door de gegevens van Amigoboras. Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 3 april 2015 te 12:06 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de bedrijfsauto VW Caddy200 en dat er om 14:36 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de bedrijfsauto Volkswagen Caddy.201

Om 15:37:36 uur belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) met [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ), waarbij [duitse koerier 1] zegt: “Ik kom nu terug richting jou” en “ik kom daar bij jou.”202

Ook dit wordt ondersteund door de gegevens van Amigoboras. Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 3 april 2015 te 16:05 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de bedrijfsauto VW Caddy203 en dat er om 16:52 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de bedrijfsauto VW Caddy.204

Vanaf 20 maart 2015 wordt in opdracht van de daartoe bevoegde autoriteiten in Duitsland een parallelonderzoek ingesteld door de politie te Duisburg in relatie tot het onderzoek “2365Golf” en de betrokkenheid van Duitse verdachten bij de invoer van partijen verdovende middelen. Vanaf 1 april 2015 was door de politie in Duitsland in de bedrijfsauto Volkswagen Caddy, met het Duitse kenteken [kenteken 1] een peilbaken aangebracht. In relatie tot de overdracht te Grubbenvorst op 2 april 2015, de levering van de partij verdovende middelen te Schönebeck (Duitsland) op donderdag 3 april 2015 en de kennelijke overdracht van dossiers in de middag van vrijdag 3 april 2015 te Venlo, is uit de Duitse datagegevens van het peilbaken in de VW Caddy, kenteken [kenteken 1] gebleken dat deze datagegevens in overeenstemming met andere onderzoeksbevindingen binnen deze levering, zoals uit de verkregen telefoontapgegevens, de hits in het kenteken herkenning systeem Amigoboras en de resultaten van het onderzoek camerabeelden.205

Tapgegevens met betrekking tot in gebruik nemen nieuwe telefoonnummers [medeverdachte 4] en [naam duitse afnemer]

Die nacht, op 3 april 2015 vanaf 01:16:25 uur, hebben [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) enkele malen middels sms-berichten contact met elkaar, kennelijk met het doel om nieuwe telefoonnummers voor hun 'vaste' sms lijn in gebruik te nemen. [naam duitse afnemer] schrijft: “Broer, schakel die andere nu in alsjeblieft. Kusje.”, waarop [medeverdachte 4] antwoordt: “Oké, dan gooi ik deze weg oké liefste.”

[naam duitse afnemer] schrijft vervolgens: “Oké, schakel eerst die andere in, daarna pas.”

Hierna volgt geen enkele telecommunicatie meer op het getapte imei-nummer, met daarin het telefoonnummer [telefoonnummer 3] , bij [medeverdachte 4] .206

Uit het proces-verbaal van verhoor verdachte blijkt dat [medeverdachte 1] bij de politie, samenvattend, onder meer heeft verklaard dat hij op 2 april 2015 marihuana had gehaald in Kessel en naar [naam bedrijf] gereden.207

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1) en de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) spreken af dat er ’11 stuks schone’ wordt geleverd. [medeverdachte 4] heeft contact met [medeverdachte 1] (persoon 3) en daarna heeft [medeverdachte 2] (persoon 2) contact met [medeverdachte 1] en deze heeft op zijn beurt weer contact met de koeriers [duitse koerier 2] en [duitse koerier 1] . [medeverdachte 1] vraagt aan [medeverdachte 2] of deze ook ‘zakgeld’ heeft gegeven, het is aannemelijk dat hiermee wordt bedoeld dat de koerier is betaald. Er wordt gesproken over ‘tankstation’ en het is aannemelijk dat hiermee de plaats van overdracht wordt bedoeld. De Volkswagen Caddy en de personenauto van [medeverdachte 1] worden gezien bij het bedrijf van [verdachte] . [medeverdachte 4] en [naam duitse afnemer] blijven contact houden met betrekking tot de voortgang van het transport van de verdovende middelen en de financiering.

De rechtbank acht het aannemelijk, gelet op de context, dat met de bedekte term ‘schone’ hennep wordt bedoeld. De rechtbank acht het verder aannemelijk dat, gelet op de context, met de bedekte term ‘dossiers’ geld wordt bedoeld, waarbij 1 dossier een waarde van

€ 1.000,- vertegenwoordigt.

Concluderend acht de rechtbank bewezen dat tussen 2 april 2015 en 3 april 2015 11 kilogram hennep buiten het grondgebied van Nederland is gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.13.

Levering 4 april 2015 (zaaksdossier 12).

Uit de telefoontaps, waarvan de uitwerkingen zijn opgenomen in het dossier, blijkt het volgende. Op 2 april 2015 om 17:29:02 uur stuurt [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) naar [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) het volgende sms-bericht: “Over een zal hij/zij/het wel vertrekken, ik stuur 11 stuks en hz zaterdag oké, kusjes”.208

Die nacht, op 3 april 2015 vanaf 01:16:25 uur, hebben [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 3] ) en [naam duitse afnemer] (telefoonnummer [telefoonnummer 4] ) enkele malen middels sms-berichten contact met elkaar, kennelijk met het doel om nieuwe telefoonnummers voor hun 'vaste' sms lijn in gebruik te nemen. [naam duitse afnemer] schrijft: “Broer, schakel die andere nu in alsjeblieft. Kusje.”, waarop [medeverdachte 4] antwoordt: “Oké, dan gooi ik deze weg oké liefste.”

[naam duitse afnemer] schrijft vervolgens: “Oké, schakel eerst die andere in, daarna pas.”

Hierna volgt geen enkele telecommunicatie meer op het getapte imei-nummer, met daarin het telefoonnummer [telefoonnummer 3] , bij [medeverdachte 4] .209

Op 3 april 2015 belt [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) om 15:20:27 uur en om 15:24:14 uur met [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 9] ) en uit deze gesprekken blijkt dat “ze morgen gaan, kennelijk overdag, ze gaan naar de tankstation houder.” [medeverdachte 1] zegt dat “hij die 'dinge' ook zal roepen, omdat het morgen heel druk zal zijn op de weg, laten hem/haar dinges doen en 's ochtends vroeg daar vandaan vertrekken en gaan.”210

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt om 15:37:36 uur met [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en zegt: “Maak die mafkees klaar. […] Hij moet het ophalen, daar bij jullie gaan slapen en ’s ochtends om vier, vijf uur vertrekken, oké?” Umit zegt: “Oké in orde. Als je me belt, zal ik hem sturen, broer. Oké?”211

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt om 18:30:53 uur met [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en zegt: “Hij/zij moet om acht uur daar zijn, ’s ochtends om vier, vijf uur vertrekken en ’s morgens tussen negen en tien uur daar zijn. Oké?”212

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt om 18:31:39 uur met [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 9] ) en zegt: “Precies om acht uur ben ik daar, oké?”.213

[medeverdachte 4] belt vervolgens vanaf 18:50 uur enkele malen met [medeverdachte 1] en zegt dat “het vandaag niet gaat lukken, morgen wel.” [medeverdachte 4] zegt dat [medeverdachte 1] “moet komen om te praten, omdat hij nog geen 'benzine' heeft kunnen halen/ tanken, die andere nog niet geregeld, daarom kan het morgen pas.”214

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt om 18:56:21 uur met [duitse koerier 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 29] ) en zegt: “Hij/zij moet voor morgen dinges doen, morgen. Hij/zij zou nog te weinig hebben, dat zou hij/zij ook nog vullen, oké?” Umit zegt: “Oké morgen dan, vandaag moet hij/zij dus niet komen. Oké, in orde.”215

[medeverdachte 1] belt om 23:20 uur weer naar [duitse koerier 1] en zegt: “Die Bulgaar van ons moet om precies 10 voor zeven daar zijn, om 10 voor zeven zijn we allemaal daar.”216

[medeverdachte 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 14] ) belt op 4 april 2015 om 00:19:29 uur met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ), waarbij Süleyman zegt “Morgen, om kwart over zeven daar, oke?”217

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt op 4 april 2015 om 7:56:09 uur met [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 44] ), waarbij [duitse koerier 2] zegt dat “ze pas vertrokken zijn” en “Hij/zij heeft het niet kunnen laten passen, niet kunnen doen, niet kunnen vastpakken.”218

Om 11:05:22 uur stuurt [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 44] ) aan [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) het volgende sms-bericht: “45 minuten”.219

[medeverdachte 1] belt vervolgens om 11:06:04 uur met [duitse koerier 2] , waarbij [duitse koerier 2] zegt dat “hij over 45 minuten zal arriveren”. [medeverdachte 1] vraagt “ga je naar de tankstation houder?”, waarop [duitse koerier 2] zegt: “Nee, we gaan samen eten, hoor.”220

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt met [medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 9] ) om 11:07:01 uur en zegt: “He, over zo’n 45 minuten a 1 uur MacDonalds” waarop [medeverdachte 4] antwoordt: “Oké, in orde broer”.221

[medeverdachte 4] belt vervolgens om 11:58:18 uur met [medeverdachte 1] en zegt: “Broer, zeg tegen de vriend, dat hij naar de tankstation houder gaat. De eetplek zou helemaal niet goed zijn, ze zouden het eten daar helemaal niet goed gemaakt hebben” waarop [medeverdachte 1] antwoordt: “Oké, in orde”.222

[medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) belt om 11:58:53 uur met [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 44] ) en zegt: “He, zeg tegen die mafkees dat hij niet naar […onv] gaat, maar naar andere plek”. [duitse koerier 2] vraagt: “Moet hij gaan tanken?”. [medeverdachte 1] antwoordt: “Ja, daar zou het slecht zijn, vandaar”.223

[medeverdachte 4] (telefoonnummer [telefoonnummer 9] ) belt om 12:05:56 uur met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en doet navraag of hij het gezegd heeft, wat door [medeverdachte 1] wordt bevestigd.224

Om 12:33:53 uur en 12:34:18 uur sturen [duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 44] ) en [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) over en weer een sms-bericht, met alleen de tekst “OK”.225

[naam 5] (telefoonnummer [telefoonnummer 45] ) belt om 15:07:39 uur met [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ), die vraagt of de man is gekomen, waarop [medeverdachte 1] antwoordt dat de man over 1 of 2 uur hier zal zijn.226

[duitse koerier 2] (telefoonnummer [telefoonnummer 44] ) belt om 15:32:30 uur naar [medeverdachte 1] (telefoonnummer [telefoonnummer 43] ) en maken een afspraak voor over een uur naar dezelfde plek, [duitse koerier 2] zal zelf komen. Om 16:21:06 uur en te 16:35:58 uur hebben beiden weer contact met elkaar. Uit de gespreksinhoud valt op te maken dat [duitse koerier 2] kennelijk naar een andere locatie onderweg is dan de door hen afgesproken plaats, waarbij gesproken wordt over “samen de auto wassen.”227

Uit de gegevens van Amigoboras blijkt vervolgens dat op 4 april 2015 te 06:16 uur een inbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland inkomende vanuit Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de bedrijfsauto VW Caddy.228

Vanaf 1 april 2015 is in het kader van het parallel ingestelde onderzoek in Duitsland in de grijze bedrijfsauto, de Volkswagen Caddy [kenteken 1] , een peilbaken aanwezig. Uit de middels rechtshulp verkregen data van het peilbaken van de Volkswagen Caddy [kenteken 1] blijkt dat deze bedrijfsauto op zaterdag 4 april tussen 06:27 uur en 07:53 uur en tussen 17:05 uur en 17:13 uur op de locatie [adres 7] was. Op de adreslocatie [adres 7] is het bedrijf [naam bedrijf] gevestigd, eigendom van [verdachte] .229

Uit de middels rechtshulp verkregen data van het peilbaken blijkt dat deze bedrijfsauto op zaterdag 4 april tussen 12:08 uur en 12:40 uur een "stop" had op de locatie [adres 11] 230

Op het bedrijfspand van het bedrijf [naam bedrijf] , gevestigd aan de adreslocatie [adres 7]

, waren observatiecamera's geplaatst. Uit onderzoek van de verkregen camerabeelden bleek dat de bedrijfsauto Volkswagen Caddy, kenteken [kenteken 1] , op zaterdag 4 april 2105 tussen 6:28 uur en 7:54 uur, nabij en in de loods van het bedrijf [naam bedrijf] verbleef. Die dag om 6:58 uur werd nabij de rolpoort van de loods van het bedrijf een herkenning gedaan op de koerier [duitse koerier 2] . Kort na 7:00 uur kwamen twee voertuigen bij [naam bedrijf] in beeld, vermoedelijk een BMW en een bestelbus met het opschrift/belettering [naam bedrijf] Om 7:14 uur ging de rolpoort open van het bedrijf en liep een persoon vanuit het bedrijfspand naar buiten, welke man werd herkend als [medeverdachte 2] . Direct hierna kwam een man op een heftruck via de rolpoort het bedrijf uitgereden, waarbij de bestuurder van de heftruck werd herkend als [verdachte] .

Om 7:16 uur reed een Volkswagen Polo, kenteken [kenteken 5] , achteruit tot aan de geopende rol poort van [naam bedrijf] Door [medeverdachte 2] werd een doos uit de kofferbak van deze Polo gepakt, waarna hij het bedrijf naar binnen liep. Direct hierna werd vastgesteld dat door [duitse koerier 2] een doos uit de kofferbak van de Polo werd gepakt en hij het bedrijf binnen ging. De bestuurder van de Polo werd herkend als [medeverdachte 1] .

Om 7:54 uur reed de Volkswagen Caddy vanuit de loods van [naam bedrijf] naar buiten, de bestuurder werd herkend als de koerier [duitse koerier 3] .

Om 17:06 uur rijdt een grijze bedrijfsauto, Volkswagen Caddy, met een witte kentekenplaat, voorbij de rolpoort van het bedrijf [naam bedrijf] . Hierna te 17:14 uur rijdt een personenauto, merk/ type Opel Omega, [kenteken 1] , bij het bedrijf [naam bedrijf] weg.231

De personenauto, merk/ type Opel Omega, met Duits kenteken [kenteken 1] blijkt op naam van [duitse koerier 2] te staan.232

Dit wordt ondersteund door de gegevens van Amigoboras. Uit de gegevens van Amigoboras blijkt dat op 4 april 2015 te 8:05 uur een outbound hit is geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland uitgaand naar Duitsland, op het Duitse kenteken [kenteken 1] , aanwezig op de bedrijfsauto Volkswagen Caddy.233 Op 4 april 2015 te 16:30 uur is op datzelfde kenteken een inbound hit geregistreerd bij de grensovergang A67- Venlo, Nederland inkomend vanuit Duitsland.234 Op 4 april 2015 te 17:24 uur is vervolgens op voornoemd kenteken weer een outbound hit geregistreerd bij de grensovergang A67-Venlo, Nederland uitgaand naar Duitsland.235

Uit het proces-verbaal van verhoor verdachte blijkt dat [medeverdachte 1] bij de politie, samenvattend, onder meer heeft verklaard dat hij op 4 april 2015 60 kilogram hasjiesj had opgehaald bij een Marokkaan in Blerick. Vervolgens heeft hij deze 60 kilogram hasjiesj naar [naam bedrijf] gereden. Volgens [medeverdachte 1] was de inbeslaggenomen partij hasjiesj in Duitsland afkomstig van deze partij.236

[duitse koerier 2] heeft verklaard dat er op 4 april 2015 een rit is geweest waarbij 60 kilo hasjiesj naar Schönebeck werd getransporteerd. Hij was daar persoonlijk bij en is met [duitse koerier 3] naar de loods gereden. [duitse koerier 2] heeft verklaard dat, toen de hasjiesj door [verdachte] (de rechtbank begrijpt: [verdachte]) en [medeverdachte 1] in de auto werden gelegd, hij zag dat het plakken waren. Er werden ook nog twee of drie tassen hennep in gelegd.237

Tussenconclusie.

Aan de hand van voorgaande bewijsmiddelen gaat de rechtbank van het volgende uit. [medeverdachte 4] (persoon 1) laat de Duitse afnemer ( [naam duitse afnemer] ) weten dat hij ‘11 stuks en hz’ stuurt. [medeverdachte 4] heeft contact met [medeverdachte 1] (persoon 3) en deze heeft op zijn beurt weer contact met de koerier [duitse koerier 1] . Vervolgens heeft [medeverdachte 2] (persoon 2) contact met [medeverdachte 1] en deze heeft op zijn beurt weer contact met de koerier [duitse koerier 2] . [medeverdachte 1] onderhoudt voortdurend contacten met [medeverdachte 4] en [duitse koerier 2] . De Volkswagen Caddy, de Volkswagen Polo van [medeverdachte 1] en de Opel Omega van [duitse koerier 2] bevinden zich bij het bedrijf van [verdachte] . Ook [duitse koerier 3] wordt gezien bij dit bedrijf. Uit de verklaringen van [medeverdachte 1] en [duitse koerier 2] blijkt dat er 2 kilogram ‘hz’ en 60 kilogram hasjiesj zijn afgeleverd.

De rechtbank acht het aannemelijk, gelet op de context, dat met de bedekte termen ‘hz’ hennep en met ‘lami’ hasjiesj worden bedoeld.

Concluderend acht de rechtbank bewezen dat tussen 2 april 2015 en 4 april 2015 2 kilogram hennep en 60 kilogram hasjiesj buiten het grondgebied van Nederland zijn gebracht door [verdachte] en diens medeverdachten.

3.3.14.

Eindconclusie.

De rechtbank is van oordeel dat, gelet op het vorenstaande, het dossier voldoende wettig en overtuigend bewijs bevat om te stellen dat [verdachte] samen met zijn medeverdachten hard- en softdrugs vanuit Nederland naar Duitsland heeft uitgevoerd. Voornoemde bewijsmiddelen kunnen, in onderlinge samenhang en verband bezien en in het licht van het gehele dossier, niet anders gelezen worden dan dat er telkens daadwerkelijk verdovende middelen zijn uitgevoerd naar Duitsland.

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de feiten zijn gepleegd in de periode van 6 november 2014 tot en met 16 april 2015, omdat uit voornoemde bewijsmiddelen blijkt dat op het moment dat de politie het onderzoek start (op 6 november 2014), er reeds een organisatie bestaat waarbij ieders rol is ingevuld. Ook [duitse koerier 2] heeft verklaard dat men al voor 2015 is begonnen met de handel in verdovende middelen.

De verdediging heeft aangevoerd aan dat [verdachte] niet wist dat er binnen zijn bedrijf [naam bedrijf] transporten werden geladen en dat hij ook niet betrokken was bij de hennepkwekerij in zijn onderneming. De rechtbank acht dat niet aannemelijk geworden. Op zich is het al zeer onwaarschijnlijk dat een ondernemer bij wie in enkele maanden tijd meerdere transporten van drugs worden ingeleid, daarvan geen idee zou hebben ondanks zijn herhaald geconstateerde aanwezigheid daarbij. De overtuiging dat [verdachte] wel wist wat er binnen [naam bedrijf] gebeurde, leidt de rechtbank af uit:

- Het feit dat is waargenomen dat verdachte zelf tassen uit de Volkswagen Golf van [medeverdachte 1] heeft gehaald ter overlading daarvan in de Volkswagen Caddy;

- Het feit dat in vijf van de negen transporten is waargenomen dat de Volkswagen Caddy kennelijk bij [naam bedrijf] is beladen;

- Het feit dat uit verklaringen van [duitse koerier 2] blijkt dat de drugs verpakt en geseald werd bij [naam bedrijf] ;

- Het feit dat [medeverdachte 1] verklaart dat [verdachte] overal bij was;

- Het feit dat [duitse koerier 2] verklaart dat hij instructies kreeg van [verdachte] over de route alsmede dat hij ook een tweetal keren rechtstreeks bij [verdachte] drugs kocht, waarbij in één geval de koopprijs werd verrekend met de beloning die hij nog voor een transport moest krijgen.

De kwalificatie medeplegen impliceert dat [verdachte] niet alleen op verzoek zijn loods beschikbaar stelde, maar bijvoorbeeld ook wist of zich terdege bewust was wat en hoeveel er geladen werd, door wie het getransporteerd werd, naar welke plaats het transport ging enzovoort. Uit de tapgesprekken is niet af te leiden dat [verdachte] anders werd ingeschakeld dan voor de overdracht. Zo is niet gebleken dat [verdachte] samen met de medeverdachten overleg voerde, noch over de telefoon noch in café [naam cafe] . Wel kan uit de observaties afgeleid worden dat [verdachte] behulpzaam was met het overladen van de drugs. Uit de getuigenverklaringen van [duitse koerier 2] kan afgeleid worden dat hij de bestemming wist en ook wist wie de koeriers waren. Uit de aanwezigheid van hennep in de loods van [naam bedrijf] is af te leiden dat [verdachte] ook bij de productie van hennep betrokken was. De rechtbank vindt dit voldoende om het handelen van verdachte te kwalificeren als medeplegen.

De rechtbank acht derhalve bewezen dat [verdachte] het onder feit 1 primair en feit 2 primair tenlastegelegde heeft begaan.

3.3.15.

Deelneming aan een criminele organisatie.

In artikel 11b Opiumwet is deelname aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van een aantal misdrijven uit de Opiumwet strafbaar gesteld. Dit artikel is een specialis (verbijzondering) van de generalis (algemene) uit artikel 140 Wetboek van strafrecht. Voor de betekenis van de verschillende bestanddelen moet dan ook aansluiting gezocht worden bij de jurisprudentie betreffende artikel 140 Wetboek van Strafrecht.

De vragen die de rechtbank dient te beantwoorden zijn:

Is er sprake van een organisatie? Zo ja: is het oogmerk van die organisatie gericht op het plegen van een misdrijf als bedoeld in artikel 10, derde, vierde en vijfde lid, 10a, eerste lid of 11 derde en vijfde lid of 11a van de Opiumwet? Zo ja: heeft verdachte aan deze organisatie deelgenomen?

1. Is er sprake van een organisatie en zo ja: wat is het oogmerk daarvan?

Onder een “organisatie" moet worden verstaan: "Een samenwerkingsverband, met een zekere duurzaamheid en structuur, tussen de verdachte en ten minste één andere persoon. (Zie onder meer HR 22 januari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB7134). Als verdachten verspreid wonen over verschillende landen kunnen zij samen een organisatie vormen als zij hun planmatige activiteiten nauw afstemmen. (Zie onder meer (HR 15 mei 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA0507, NJ 2008/559).

Uit de telefoontapgegevens, observaties, peilbakengegevens en de gegevens van Amigoboras, alsmede de resultaten van de rechtshulpverzoeken aan Duitsland, zoals hiervoor per levering uitgewerkt, volgt dat een aantal, over verschillende landen verspreid wonende, verdachten heeft samengewerkt om gedurende een langere periode verdovende middelen vanuit Nederland te vervoeren naar Duitsland. Binnen dit samenwerkingsverband is een duidelijke structuur waarneembaar waarbij overigens niet alle deelnemers elkaar kennen. Zo zijn er deelnemers die de afspraken maken over welke verdovende middelen tegen welke prijs wanneer moeten worden geleverd, zijn er personen die de verdovende middelen leveren, zijn er personen die de locatie in Nederland regelen om de verdovende middelen in het vervoermiddel te kunnen laden en zijn er deelnemers die ervoor zorgen dat het vervoermiddel beschikbaar is en is bemenst om de verdovende middelen ook daadwerkelijk te vervoeren. Deze structuur hoeft overigens niet te betekenen dat er sprake moet zijn van een bepaalde hiërarchie tussen de deelnemers. Om het feitelijke en gewenste doel, het verdienen van geld met de handel in verdovende middelen, te bereiken zijn de benodigde gedragingen voorbereid en nauw met elkaar afgestemd.

De rechtbank is dan ook van oordeel dat er sprake is van een organisatie die als oogmerk had het exporteren van soft- en harddrugs naar Duitsland. De vraag waarvoor de rechtbank zich vervolgens gesteld ziet is of verdachte heeft deelgenomen aan deze organisatie.

2. Heeft verdachte deelgenomen aan deze organisatie?

Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad kan slechts dan van deelname aan een criminele organisatie worden gesproken indien:

1) de verdachte behoort tot het samenwerkingsverband en
2) de verdachte een (al dan niet ondersteunend) aandeel heeft in gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie.

Uit de bewijsmiddelen volgt dat [medeverdachte 4] verantwoordelijk was voor het maken van de afspraken met een in Duitsland wonende besteller van verdovende middelen. [medeverdachte 4] en deze besteller, vermoedelijk [naam duitse afnemer] , maakten afspraken over hoeveelheden, prijzen en datums. [medeverdachte 4] had vervolgens de coördinatie over de aanvoer, het transport, de aflevering.

[medeverdachte 2] stond in nauw contact met zijn oudere broer [medeverdachte 4] . Hij hield zich bezig met het zoeken, kopen, vervoeren, (laten) maken van de verdovende middelen. Ook bemoeide hij zich met het aansturen van de koeriers en met de beschikbaarheid van de loods van [verdachte] .

Voor het beladen van het uit Duitsland afkomstige voertuig dat de verdovende middelen vervoerde werd veelvuldig het terrein en de loods van verdachte [verdachte] gebruikt. [verdachte] stelde zijn terrein en loods ter beschikking, was meermalen aanwezig als dit voertuig er was en wist wat op zijn terrein en in zijn loods gebeurde. Hij heeft daarbij ook zeker één keer feitelijk deelgenomen aan het beladen.

[medeverdachte 1] zorgde veelal voor de aanvoer van de softdrugs en zorgde voor de aansturing van de koeriers. Hij stond daarbij in nauw contact met [medeverdachte 4] en met [medeverdachte 2] .

[medeverdachte 3] was de leverancier van de harddrugs en stond daartoe in direct contact met [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] .

Al deze verdachten maakten deel uit van een samenwerkingsverband met als oogmerk het het exporteren van soft- en harddrugs naar Duitsland en hebben daaraan een bijdrage geleverd. Dat de aard van de bijdrage daarbij per verdachte verschilt doet daaraan niet af. Elke bijdrage aan een organisatie kan immers strafbaar zijn. Een dergelijke bijdrage kan bestaan uit het (mede)plegen van het grondmisdrijf, maar ook uit het verrichten van hand- en spandiensten die op zichzelf niet strafbaar zijn, zolang maar van bovenbedoeld aandeel of ondersteuning daaraan kan worden gesproken. (Zie onder meer (HR 3 juli 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW5178).

Van de verdachten kan dan ook gezegd worden dat zij deel hebben genomen aan een criminele organisatie.

De rechtbank acht derhalve bewezen dat [verdachte] het onder feit 3 en feit 4 tenlastegelegde heeft begaan.

Ten aanzien van parketnummer 03/661223-15. 238

Op 16 april 2015 is de politie het bedrijfspand, gelegen aan [adres 7] , binnengetreden en er bleek een hennepkwekerij met planten aanwezig te zijn.

In het pand bevond zich een ruimte die bereikbaar was via een verborgen luik aan de achterzijde van de spuitcabine. In deze ruimte stonden in totaal 113 hennepplanten. De gemiddelde hoogte van de planten was ongeveer 50 cm. Per m2 stonden er 7 planten. De plantenbakken waren gevuld met bemeste aarde. In totaal hingen er in de kweekruimte 10 assimilatielampen. Alle hennepplanten werden door middel van een irrigatiesysteem van een vloeistof voorzien. In de kweekruimte bevond zich 1 koolstoffilter. De luchtverversing en luchtafvoer werd geregeld door een aan- en afzuiginstallatie.

Er was daarnaast nog een andere ruimte die volledig was ingericht als kwekerij. Er waren echter geen planten, plantenbakken of koolstoffilters meer aanwezig in deze ruimte. Ook waren er nog twee kweektenten in het pand aanwezig. De ene kweektent was volledig ingericht maar niet in gebruik. De andere kweektent bevond zich op de zolderruimte van het kantoor en in deze ruimte stonden 32 hennepplanten. De gemiddelde hoogte van de planten was ongeveer 50 cm. Per m2 stonden er 6 planten. De plantenbakken waren gevuld met bemeste aarde. In totaal hingen er in de kweekruimte 3 assimilatielampen. Alle hennepplanten werden door middel van een irrigatiesysteem van een vloeistof voorzien. De luchtverversing en luchtafvoer werd geregeld door een aan-en afzuiginstallatie.

De betreffende verbalisant constateerde op grond van zijn kennis en ervaring, opgedaan bij eerdere ontmantelingen van hennepkwekerijen, dat het hennepplanten waren. Hij constateerde, gezien de waargenomen uiterlijke kenmerken, kleur en vorm, en daarnaast de herkenbare geur, dat de aangetroffen planten hennepplanten betroffen.

Om een veilige werksituatie te creëren en het mogelijk te maken dat de hennepkwekerij geruimd kan worden, werd op grond van artikel 3 van de Politiewet 2012 de meterkast geopend om een fraude-inspecteur van de netwerkbeheerder Enexis in staat te stellen de hennepkwekerij af te sluiten van het stroomnetwerk, zodat de hennepkwekerij op een veilige wijze kon gedemonteerd. Hierbij werd geconstateerd dat de stroomvoorziening ten behoeve van de hennepkwekerij illegaal werd afgenomen. De meter was beschadigd en de zegels waren niet meer intact.239

De betreffende verbalisant heeft gerelateerd dat hij bovenop de spuitcabine diverse jerrycans hennepvoeding en lege zakken van potgrond zag liggen. Tevens zag hij twee grote waterbakken staan waaruit een tuinslang stak. De verbalisant heeft daarbij opgemerkt dat hem bekend is dat deze bakken vaak worden gebruikt voor de bewatering van hennepplanten in een kwekerij. De verbalisant heeft verder gerelateerd dat hij in een container, die binnen in het bedrijf stond, een doorzichtige plastic zak lag en dat in deze zak plantresten van de hennepplanten zaten. Hij rook een zeer duidelijke hennepgeur in de container. Hij zag achteraan in deze container een blauw olievat staan. Hij zag dat het deksel van het vat af was. In het olievat zaten een groot aantal zwartkleurige sealbags. Verder zag de verbalisant dat er een zak gedroogde hennep, met een gewicht van 238,7 gram, in het vat zat. Op de zwarte sealbags was een goudkleurige kroon afgedrukt. De verbalisant heeft daarbij opgemerkt dat hem ambtshalve bekend is dat dit merk sealbags veel wordt gebruikt voor de verpakking van hennep. De container waarin dit werd aangetroffen was niet afgesloten en vrij toegankelijk.

De verbalisant trof ook aan de achterzijde van de spuitcabine een blauw olievat aan. Ook op dit olievat zat geen deksel. Hij zag dat er in het vat een groot aantal zilverkleurige zakken zaten. Deze zakken roken zeer sterk naar hennep. In dit vat zat verder een big shopper, welke ook zeer sterk naar hennep rook. Daarnaast zag hij dat er nog vijf doorzichtige zakken met gedroogde henneptoppen in de ton zaten, te weten: 1300 gram, 119,2 gram, 128,5 gram, 116,7 gram en 127,5 gram. Het totaalgewicht bedroeg 1791,9 gram.

De verbalisant zag dat er in een blauwe krat diverse knipscharen, diverse hennepbladeren en een stuk hennepstengel lagen. De scharen waren voorzien van een plakkende groene substantie. Kennelijk waren deze scharen gebruikt bij het knippen/oogsten van de hennepplanten en toppen.240

Namens Enexis B.V. is aangifte gedaan van diefstal van elektriciteit, waarbij is aangegeven dat er minimaal 47.725 kWh illegaal is afgenomen.241

[verdachte] heeft bij de politie verklaard dat hij samen met zijn vrouw eigenaar is van het pand, gelegen aan [adres 7] . Hij heeft verklaard dat rond 20 januari 2015 twee onbekende personen de zaak binnen kwamen. Zij wilden een hennepkwekerij beginnen in zijn pand. [verdachte] heeft verklaard dat hij dit niet wilde, maar bang voor hen was. Hij durfde niet naar de politie te gaan omdat hij bang was dat ze zijn gezin iets aan zouden doen. Zij eisten vervolgens een sleutel van het pand en de code van het alarm. [verdachte] heeft verklaard dat hij hen dit heeft gegeven. [verdachte] heeft verklaard dat hij diverse malen heeft gezien dat ze aan het werken geweest waren. Ergens in februari kwamen de mannen wederom naar zijn bedrijf toen hij er was. [verdachte] moest van hen een ton met water vullen en dit moest hij om de vijf dagen doen. Deze ton stond boven op het dak van de spuitcabine.242 [verdachte] heeft geroken dat er een hennepkwekerij was. Hij heeft gezien dat er dingen stonden en spullen verplaatst waren. Hij heeft een bak met veel scharen zien liggen.243 [verdachte] heeft ook verklaard dat de personen hem uit een eerdere oogst 2800,00 euro hebben gegeven.244

Ten aanzien van feit 1 overweegt de rechtbank het volgende. Gelet op de bevindingen van de verbalisanten met betrekking tot het aantreffen van de hennepkwekerij en de verklaring van de verdachte, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat op 16 april 2015 in het bedrijfspand van de verdachte aan [adres 7] 145 hennepplanten zijn geteeld. De verdachte heeft hier een bijdrage aan geleverd door zijn bedrijfspand ter beschikking te stellen en de kwekerij van water te voorzien. De vraag is nu hoe deze rol van verdachte moet worden gekwalificeerd. Voor de kwalificatie medeplegen is vereist dat sprake is van nauwe en bewuste samenwerking. Die kwalificatie is slechts gerechtvaardigd als de bewezenverklaarde - intellectuele en/of materiële - bijdrage aan het delict van de verdachte van voldoende gewicht is. Hierbij kan rekening worden gehouden met onder meer de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de voorbereiding, de uitvoering of de afhandeling van het delict en het belang van de rol van de verdachte, diens aanwezigheid op belangrijke momenten en het zich niet terugtrekken op een daartoe geëigend tijdstip. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte een zodanig wezenlijke bijdrage heeft geleverd dat sprake is van medeplegen. De rechtbank acht daarom het onder feit 1 primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

Ten aanzien van feit 2 overweegt de rechtbank het volgende. Gelet op de bevindingen van de verbalisanten met betrekking tot het aantreffen van de hennep, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte op 16 april 2015 samen met anderen 2030,6 gram hennep aanwezig heeft gehad. De verklaring van de verdachte dat hij niet wist dat deze hennep zich in het bedrijfspand bevond, acht de rechtbank niet aannemelijk. De verbalisanten hebben immers verklaard dat er op de olievaten waarin de hennep werd aangetroffen, geen deksels zaten. Een van de olievaten werd aangetroffen in een container die niet afgesloten en vrij toegankelijk was. Deze hennep was dus niet aan het zicht van de verdachte onttrokken. De verdachte heeft bovendien kennelijk wel spullen waaronder een bak met scharen zien liggen. De rechtbank acht daarom het onder feit 2 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

Ten aanzien van feit 3 overweegt de rechtbank het volgende. De verdachte was eigenaar van het bedrijfspand en contractant van de stroomleverancier en hij wist dat er in zijn bedrijfspand een hennepkwekerij werd geëxploiteerd. Als eigenaar van het bedrijfspand mag worden verondersteld dat de verdachte bekend was met de aanpassingen aan de elektriciteitsinstallatie. Gelet op het vorenstaande kan het niet anders zijn dan dat de verdachte op de hoogte is geweest van het illegale karakter van het wegnemen van de elektriciteit ten behoeve van de hennepkwekerij. Gelet op de bevindingen van de verbalisanten en de aangifte van Enexis acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte in de periode van 1 januari 2015 tot en met 16 april 2015 samen met anderen een hoeveelheid elektriciteit (minimaal 47.725 kWh) heeft gestolen door middel van verbreking. De rechtbank acht daarom het onder feit 3 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

3.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat de verdachte

parketnummer 03/659275-15:

feit 1.

in de periode van 6 november 2014 tot en met 16 april 2015 in de gemeente Venlo en in de gemeente Horst aan de Maas, meermalen, telkens tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of amfetamine, te weten:

- in de periode van 9 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 een hoeveelheid van 300 gram cocaïne en

- in de periode van 11 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 een hoeveelheid van ongeveer 500 gram cocaïne;

2.

in de periode van 6 november 2014 tot en met 16 april 2015 in de gemeente Venlo en in de gemeente Horst aan de Maas, meermalen, telkens tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht een hoeveelheid van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj, te weten:

- in de periode van 27 januari 2015 tot en met 6 februari 2015 een hoeveelheid van 10 kilogram hennep, en

- in de periode van 9 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 een) hoeveelheid van 7.670 kilogram hennep en 11 kilogram hasjiesj, en

- in de periode van 11 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 een hoeveelheid van 50 kilogram hasjiesj, en

- in de periode van 19 februari 2015 tot en met 22 februari 2015 een hoeveelheid van 9.750 kilogram hennep, en

- in de periode van 19 februari 2015 tot en met 23 februari 2015 een hoeveelheid van 10 kilogram hennep, en

- in de periode van 15 maart 2015 tot en met 20 maart 2015 een hoeveelheid van 9,8 kilogram hennep, en

- in de periode van 2 april 2015 tot en met 3 april 2015 een hoeveelheid van 11 kilogram hennep, en

- in de periode van 2 april 2015 tot en met 4 april 2015 een hoeveelheid van ongeveer 62 kilogram hennep en hasjiesj;

3.

in de periode van 6 november 2014 tot en met 28 februari 2015 in de gemeente Venlo en in de gemeente Horst aan de Maas, opzettelijk heeft deelgenomen aan een organisatie van een aantal natuurlijke personen, van welke organisatie inclusief hem, verdachte, onder andere deel uitmaakten [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] en [verdachte] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10 vijfde lid en 11 vierde lid van de Opiumwet;

4.

in de periode van 1 maart 2015 tot en met 16 april 2015 in de gemeente Venlo en in de gemeente Horst aan de Maas, opzettelijk heeft deelgenomen aan een organisatie van een aantal natuurlijke personen, van welke organisatie inclusief hem, verdachte, onder andere deel uitmaakten [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] en [verdachte] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10 vijfde lid en 11 vierde lid van de Opiumwet.

parketnummer 03/661223-15:

feit 1.

op 16 april 2015 te Grubbenvorst, gemeente Horst aan de Maas, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk heeft geteeld in een pand aan het [adres 7] een hoeveelheid van in totaal 145 hennepplanten, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;

feit 2.

op 16 april 2015 te Grubbenvorst, in de gemeente Horst aan de Maas, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad 2030,6 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;

feit 3.

in de periode van 1 januari 2015 tot en met 16 april 2015 te Grubbenvorst, in de gemeente Horst aan de Maas, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een hoeveelheid electriciteit (minimaal 47.725 kWh), toebehorende aan Enexis BV, waarbij verdachte en/of zijn mededaders het weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van verbreking.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

parketnummer 03/659275-15

parketnummer 03/659275-15, feit 1:

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder A van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.

parketnummer 03/659275-15, feit 2:

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder A van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd.

parketnummer 03/659275-15, feit 3 en feit 4:

deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10 vijfde lid en artikel 11 vierde lid van de Opiumwet.

parketnummer 03/661223-15, feit 1 primair:

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod;

parketnummer 03/661223-15, feit 2:

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod;

parketnummer 03/661223-15, feit 3:

diefstal, door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking;

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6 De straf en/of de maatregel

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft op grond van hetgeen hij bewezen heeft geacht gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van vier jaren met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht. De officier van justitie heeft gevorderd de schorsing van de voorlopige hechtenis op te heffen.

6.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft verzocht om rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en af te zien van het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De verdachte is samen met zijn echtgenote eigenaar van het bedrijf [naam bedrijf] Het wegvallen van de verdachte bij het bedrijf zou funest zijn voor het voortbestaan van de onderneming.

De verdediging heeft ook verzocht rekening te houden met de omstandigheden waaronder de verdachte medeplichtig is geweest aan de hennepteelt (parketnummer 03/661223-15).

De verdediging heeft tenslotte verzocht de schorsing van de voorlopige hechtenis te laten voortduren.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Verdachte heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die zich bezig hield met de export van soft- en harddrugs naar Duitsland. Verdachte heeft hier een bijdrage aan geleverd door zijn loods ter beschikking te stellen voor het beladen van het uit Duitsland afkomstige voertuig dat de verdovende middelen vervoerde en heeft daarbij ook zeker één keer feitelijk deelgenomen aan het beladen. De export naar Duitsland was zeer professioneel opgezet. Hoewel de bewezenverklaarde pleegperiode relatief kort is, is er zeer intensief gehandeld in verdovende middelen. Verdachte heeft daarnaast 145 hennepplanten geteeld, 2030,6 gram hennep aanwezig gehad en een hoeveelheid elektriciteit gestolen van Enexis B.V..

Verdovende middelen brengen schade toe aan de gezondheid van de gebruikers ervan en zij bekostigen hun drugsgebruik vaak door diefstal of ander crimineel gedrag, wat schade en overlast veroorzaakt voor anderen. Verdachte heeft zich hier niets van aangetrokken en kennelijk alleen gedacht aan financieel gewin.

De rechtbank heeft verder ten aanzien van de persoon van de verdachte acht geslagen op de inhoud van het hem betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 4 juli 2017, waaruit blijkt dat hij niet eerder door de strafrechter voor soortgelijke feiten is veroordeeld, en op hetgeen ter terechtzitting omtrent de persoonlijke omstandigheden van de verdachte naar voren is gebracht.

Alles afwegende acht de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van dertig maanden, met aftrek van het voorarrest, passend en geboden.

Voorlopige hechtenis

De rechtbank zal de vordering van de officier van justitie tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis afwijzen, gelet op de persoonlijke belangen die verdachte heeft om een mogelijk hoger beroep in vrijheid af te wachten..

7 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 47, 57, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2, 3, 10, 11 en 11b van de Opiumwet, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

8 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

  • -

    verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;

  • -

    spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;

  • -

    verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

  • -

    veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van dertig (30) maanden;

  • -

    beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

- wijst af de vordering van de officier van justitie tot opheffing van de voorlopige hechtenis van de verdachte.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.H. Dethmers, voorzitter, mr. M.J.M. Goessen en

mr. R.A.M.M. Gijselaers, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.A.E. van de Venne, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 november 2017.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

parketnummer 03/659275-15:

1.

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 6 november 2014 tot en met 6 juli 2015 in de gemeente Venlo en/of in de gemeente Horst aan de Maas, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens), tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaine en/of MDA en/of MDMA en/of N-ethyl MDA (=MDEA) en/of amfetamine, te weten:

- in of omstreeks de periode van 9 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 300 gram cocaine en/of amfetamine, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaine en/of amfetamine, althans een middel voorkomende op lijst I behorende bij de Opiumwet (zaakdossier 2) en/of

- in of omstreeks de periode van 11 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 500 gram cocaine en/of amfetamine, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaine en/of amfetamine, althans een middel voorkomende op lijst I behorende bij de Opiumwet (zaakdossier 3),

zijnde cocaine en/of MDA en/of MDMA en/of N-ethyl MDA (=MDEA) en/of amfetamine

(een) middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

Subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 6 november 2014 tot en met 6 juli 2015 in de gemeente Venlo en/of in de gemeente Horst aan de Maas, in elk geval in Nederland en/of in de Bondsrepubliek Duitsland, meermalen, althans eenmaal (telkens) tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaine en/of MDA en/of MDMA en/of N-ethyl MDA (=MDEA) en/of amfetamine, te weten:

-in of omstreeks de periode van 9 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 300 gram cocaine, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaine, althans een middel voorkomende op lijst I behorende bij de Opiumwet (zaakdossier 2) en/of

-in of omstreeks de periode van 11 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 500 gram cocaine, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende cocaine, althans een middel voorkomende op lijst I behorende bij de Opiumwet (zaakdossier 3), zijnde cocaine, MDA, MDMA, N-ethyl MDA (=MDEA) en amfetamine (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;

2.

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 6 november 2014 tot en met 6 juli 2015 in de gemeente Venlo en/of in de gemeente Horst aan de Maas, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht (telkens) (een) (grote) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj,

te weten:

-in of omstreeks de periode van 27 januari 2015 tot en met 6 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 10 kilogram hennep, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 1) en/of

-in of omstreeks de periode van 9 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 7.670 kilogram hennep en/of ongeveer 11 kilogram hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 2) en/of

-in of omstreeks de periode van 11 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 50 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 3) en/of

-in of omstreeks de periode van 19 februari 2015 tot en met 22 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 9.750 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 4) en/of

-in of omstreeks de periode van 19 februari 2015 tot en met 23 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 10 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 5) en/of

-in of omstreeks de periode van 15 maart 2015 tot en met 20 maart 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 9,8 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 9) en/of

-in of omstreeks de periode van 2 april 2015 tot en met 3 april 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 11 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 11) en/of

-in of omstreeks de periode van 2 april 2015 tot en met 4 april 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 62 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 12),

in elk geval (telkens) meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj, zijnde hennep en/of hasjiesj (een) middel(en) als bedoeld in de bij die wet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

Subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 6 november 2014 tot en met 6 juli 2015 in de gemeente Venlo en/of in de gemeente Horst aan de Maas, in elk geval in Nederland en/of in de Bondsrepubliek Duitsland, meermalen, althans eenmaal (telkens) tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, (telkens) (een) (grote)

hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj, te weten:

-in of omstreeks de periode van 27 januari 2015 tot en met 6 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 10 kilogram hennep, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 1) en/of

-in of omstreeks de periode van 9 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 7.670 kilogram hennep en/of ongeveer 11 kilogram hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 2) en/of

-in of omstreeks de periode van 11 februari 2015 tot en met 21 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 50 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 3) en/of

-in of omstreeks de periode van 19 februari 2015 tot en met 22 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 9.750 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 4) en/of

-in of omstreeks de periode van 19 februari 2015 tot en met 23 februari 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 10 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 5) en/of

-in of omstreeks de periode van 15 maart 2015 tot en met 20 maart 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 9,8 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 9) en/of

-in of omstreeks de periode van 2 april 2015 tot en met 3 april 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 11 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 11) en/of

-in of omstreeks de periode van 2 april 2015 tot en met 4 april 2015 (een) hoeveelhe(i)d(en) van ongeveer 62 kilogram hennep en/of hasjiesj, in elk geval (een) hoeveelhe(i)d(en) van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj (zaakdossier 12),

in elk geval (telkens) meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep en/of hasjiesj, zijnde hennep en/of hasjiesj (een) middel(en) als bedoeld in de bij die wet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

3.

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 6 november 2014 tot en met 28 februari 2015 in de gemeente Venlo, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk heeft deelgenomen aan een organisatie van een aantal natuurlijke personen, van welke organisatie inclusief hem, verdachte, onder andere deel uitmaakte(n) [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [verdachte] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van (een) misdrijf/misdrijven als bedoeld in artikel 10, derde, vierde en/of vijfde lid, 10a eerste lid, en/of 11, derde, vierde en/of vijfde lid van de Opiumwet;

(11a Opiumwet)

4.

hij, verdachte, in of omstreeks de periode van 1 maart 2015 tot en met 7 juli 2015 in de gemeente Venlo, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk heeft deelgenomen aan een organisatie van een aantal natuurlijke personen, van welke organisatie inclusief hem, verdachte, onder andere deel uitmaakte(n) [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [verdachte] , welke organisatie tot oogmerk had het plegen van (een) misdrijf/misdrijven als bedoeld in artikel 10, derde,

vierde en/of vijfde lid, 10a eerste lid, en/of 11, derde, vierde en/of vijfde lid van de Opiumwet;

(11b Opiumwet)

parketnummer: 03/661223-15:

1.

hij op of omstreeks 16 april 2015 te Grubbenvorst, gemeente Horst aan de Maas, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan het [adres 7] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 145, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;

Subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

een of meer onbekend gebleven personen op of omstreeks 16 april 2015 te Grubbenvorst, gemeente Horst aan de Maas, met elkaar, althans één van hen, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad in een pand aan het [adres 7] (een) hoeveelheid/hoeveelheden van (in totaal) ongeveer 145, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende

hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte op of omstreeks 16 april 2015 te Grubbenvorst, gemeente Horst aan de Maas, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door aan die onbekend gebleven persoon/personen voornoemd pand voor de teelt/het kweken van hennepplanten ter beschikking te stellen;

2.

hij op of omstreeks 16 april 2015 te Grubbenvorst, in de gemeente Horst aan de Maas,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 2030,6 gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

3.

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2015 tot en met 16 april 2015 te Grubbenvorst, in de gemeente Horst aan de Maas, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een hoeveelheid electriciteit (minimaal 47.725 kWh), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Enexis BV, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de

plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.

1 Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, Dienst Regionale Recherche, proces-verbaalnummer 2365114004, gesloten d.d. 28 december 2015, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 10420.

2 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 februari 2015, pagina’s 384 tot en met 386.

3 Proces-verbaal identiteit gebruiker imeinummer(s) d.d. 19 juli 2015, pagina’s 387 tot en met 397.

4 Proces-verbaal van bevindingen gebruik telefoon [telefoonnummer 8] d.d. 6 augustus 2015, pagina’s 480 tot en met 482.

5 Proces-verbaal identiteit gebruiker telefoonnummer(s) d.d. 17 juli 2015, pagina’s 447 tot en met 452.

6 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 28 juli 2015, pagina’s 483 en 484.

7 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 227 juli 2015, pagina’s 1107 en 1108.

8 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 25 november 2015, pagina’s 1109 en 1110.

9 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 25 november 2015, pagina’s 1109 en 1110.

10 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 7 juli 2015, pagina 1472.

11 Proces-verbaal gebruik telefoonnummer d.d. 1 april 2015, pagina’s 1697 en 1698.

12 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 7 september 2015, pagina’s 1702 en 1703.

13 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 1 december 2015, pagina’s 1704 en 1705.

14 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 maart 2015, pagina’s 1946 en 1947.

15 (voorlopig) proces-verbaal van bevindingen, genummerd 2365114004, d.d. 13 juni 2016.

16 Proces-verbaal verhoor verdachte d.d. 8 juli 2015, pagina 1865.

17 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 augustus 2015, pagina’s 1958 tot en met 1962.

18 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 november 2015, pagina’s 1963 tot en met 1965.

19 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 november 2015, pagina’s 1963 tot en met 1965.

20 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 november 2015, pagina’s 1963 tot en met 1965.

21 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 7 juli 2015, pagina 2124.

22 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 7 september 2015, pagina’s 2189 en 2190.

23 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 8 december 2015, pagina’s 2191 en 2193.

24 Geschrift, zijnde de vertaling van de Duitse stukken met betrekking tot de identificatie telecommunicatiedeelnemer, pagina’s 9363 en 9364.

25 Geschrift, zijnde de Duitse onderzoeksgegevens n.a.v. NAW-gegevens Duitse telefoonnummers, pagina 7919.

26 Geschrift, zijnde de vertaling van het Duitse verhoor van de verdachte [duitse koerier 2] op 29 mei 2015, pagina 6422.

27 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4435 en 4436.

28 Proces-verbaal van observatie d.d. 28 april 2015, pagina’s 4488 tot en met 4492.

29 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 8 juli 2015, pagina 988.

30 (voorlopig) proces-verbaal van bevindingen, genummerd 2365114004, d.d. 13 juni 2016.

31 Proces-verbaal van bevindingen eigendom [kenteken 3] d.d. 30 november 2015, met bijlagen, pagina’s 558 tot en met 732.

32 Proces-verbaal van bevindingen eigendom en hoofdgebruik BMW [kenteken 4] d.d. 4 december 2015, met bijlagen, pagina’s 1120 tot en met 1315.

33 Geschrift, inhoudende een uitdraai RDW betreffende het kenteken [kenteken 5] , pagina 1709.

34 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 7 juli 2015, pagina 1473.

35 Geschrift, inhoudende een uitdraai RDW betreffende het kenteken [kenteken 2] , pagina’s 1980 en 1981.

36 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 7 juli 2015, pagina 1832.

37 Geschrift, zijnde de Duitse gegevens van het kenteken [kenteken 1] , pagina’s 7902 en7903.

38 Geschrift, zijnde de Duitse gegevens afkomstig van de kentekenhistorie van de Volkswagen Caddy, pagina 8496.

39 Geschrift, zijnde de Duitse gegevens met betrekking tot de persoonsgegevens van [duitse koerier 1] , pagina 7678.

40 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4900 tot en met 4957.

41 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4901.

42 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4909, 4914, 4921 en 4922.

43 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4944 en 4945.

44 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4957 tot en met 4965.

45 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4966.

46 Proces-verbaal van observatie d.d. 8 mei 2015, pagina 5070.

47 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4969, 4970, 4976 en 4977.

48 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4971 tot en met 4975.

49 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4975.

50 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4977.

51 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4979.

52 Proces-verbaal van observatie d.d. 8 mei 2015, pagina 5070.

53 Proces-verbaal van observatie d.d. 8 mei 2015, pagina 5071.

54 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 8 mei 2015, pagina’s 5075 en 5076.

55 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 8 mei 2015, pagina’s 5077 en 5078.

56 Geschrift, inhoudende een overzicht Duitse GPS peilbakengegevens VW Caddy d.d. 6 / 7 mei 2015 Einsatz 501150206, VW Caddy [kenteken 1] , pagina’s 5107 tot en met 5213.

57 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 22 juni 2015, pagina’s 5081 tot en met 5083.

58 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 5071.

59 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 8 mei 2015, pagina’s 5077 en 5078.

60 Proces-verbaal van observatie d.d. 8 mei 2015, pagina 5072.

61 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 8 mei 2015, pagina’s 5092 en 5093.

62 Geschrift, met als onderwerp “Controle/observatie van de VW Caddy, [kenteken 1] op 06/07-05-2015”, d.d. 9 november 2015, pagina’s 5217 tot en met 5219. Geschrift, inhoudende een observatierapport van de politie Duisburg d.d. 7 mei 2015, pagina’s 5222 en 5223.

63 Geschrift, inhoudende een observatierapport van de politie Duisburg d.d. 7 mei 2015, pagina’s 5222 en 5223.

64 Geschrift, inhoudende een observatierapport van de politie Maagdenburg d.d. 11 mei 2015, pagina’s 5232 en 5233.

65 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4991.

66 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4994 tot en met 5000.

67 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 5002 en 5003.

68 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 5005 en 5019.

69 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 5006 tot en met 5022.

70 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 5025.

71 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 5026.

72 Geschrift, getiteld “Overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 5027.

73 Geschrift, zijnde de vertaling van de Duitse stukken met betrekking tot een observatierapport, pagina’s 5332, 5333 en 5235.

74 Geschrift, zijnde de vertaling van de Duitse stukken met betrekking tot een rapport van een huiszoeking, pagina’s 5271 tot en met 5278.

75 Geschrift, zijnde de vertaling van een Duits deskundigenrapport, pagina’s 5312 tot en met 5316.

76 Geschrift, inhoudende een proces-verbaal van aanhouding d.d. 7 mei 2015, pagina’s 5240 en 5241. Geschrift, inhoudende een proces-verbaal van aanhouding d.d. 7 mei 2015, pagina’s 5236 tot en met 5239.

77 Geschrift, zijnde de vertaling van een Duits stuk met betrekking tot het telefoonnummer en IMEI van [naam contact 2] , pagina 5245.

78 Geschrift, zijnde de vertaling van een Duitse notitie, pagina 5249.

79 Geschrift, zijnde de vertaling van het Duitse verhoor van de verdachte [duitse koerier 2] op 26 mei 2015, pagina’s 6383 tot en met 6408.

80 Geschrift, zijnde de vertaling van het Duitse verhoor van de verdachte [duitse koerier 2] op 28 mei 2015, pagina’s 6809 tot en met 6430.

81 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 12 oktober 2015, pagina’s 1605 tot en met 1619 en proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 27 oktober 2015, pagina’s 1644 tot en met 1688

82 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2735 tot en met 2784.

83 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2738.

84 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2738.

85 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2770.

86 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2770.

87 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2773.

88 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2773.

89 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2785 tot en met 2790.

90 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 11 februari 2015, pagina’s 2813 tot en met 2816.

91 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 6 februari 2015, pagina’s 2809 en 2810.

92 Geschrift, getiteld “overzicht bakengegevens m.b.t. label”, pagina 2811.

93 Geschrift, inhoudende een uittreksel kamer van koophandel, pagina’s 2037 tot en met 2039.

94 Geschrift, getiteld “overzicht alle tapgesprekken tussen twee nummers” d.d. 3 mei 2015, pagina 2812.

95 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 6 februari 2015, pagina’s 2817 en 2818.

96 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2790 tot en met 2804.

97 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2805 en 2806.

98 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 augustus 2015, pagina’s 2838 tot en met 2843.

99 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2873 tot en met 2875.

100 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2876 tot en met 2881.

101 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2881 tot en met 2886.

102 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2886.

103 Geschrift, getiteld “items gekoppeld aan label”, pagina 2922.

104 Geschrift, inhoudende een informatiestaat SKDB-persoon d.d. 11 juli 2017, betreffende [medeverdachte 3] , geboren op [geboortegegevens]

105 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2886 en 2887.

106 Geschrift, getiteld “items gekoppeld aan label”, pagina 2923.

107 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2887.

108 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2887.

109 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2888.

110 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2889 en 2890.

111 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2890.

112 Geschrift, getiteld “items gekoppeld aan label”, pagina 2927.

113 Geschrift, getiteld “items gekoppeld aan label”, pagina 2926.

114 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 12 februari 2015, pagina’s 2924 en 2925.

115 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2891 tot en met 2898.

116 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 2895.

117 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2898 tot en met 2902.

118 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 2902.

119 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 augustus 2015, pagina’s 2965 tot en met 2967.

120 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3084.

121 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3087 tot en met 3089.

122 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3089 tot en met 3093.

123 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3095.

124 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3096.

125 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3096.

126 Geschrift, getiteld “overzicht bakengegevens m.b.t. label”, pagina 3119.

127 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3097.

128 Pagina 3012.

129 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3104 tot en met 3106.

130 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3112.

131 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3104 tot en met 3113.

132 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3176.

133 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3181.

134 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3183.

135 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 14 september 2015, pagina’s 2308 en 2309.

136 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3186 en 3187.

137 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3196 tot en met 3204.

138 Geschrift, getiteld “overzicht bakengegevens m.b.t. label”, pagina 3240.

139 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3201.

140 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3205.

141 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3206.

142 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3207.

143 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3208.

144 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3213 tot en met 3215.

145 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3217.

146 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3230 tot en met 3224.

147 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3224 en 3225.

148 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 maart 2015, pagina 3226 tot en met 3229.

149 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3298 tot en met 3312.

150 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3313.

151 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3313 en 3314.

152 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3315.

153 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3316 tot en met 3325.

154 Geschrift, getiteld “overzicht bakengegevens m.b.t. label”, pagina 3327.

155 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3706 tot en met 3710.

156 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 18 maart 2015, pagina’s 3787 en 3788.

157 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 18 maart 2015, pagina’s 3789 en 3790.

158 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3710 tot en met 3714.

159 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3718 tot en met 3720 tot en met 3723.

160 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3708, 3714 tot en met 3718, 3721, 3724 tot en met 3726, .

161 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3726.

162 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3727 tot en met 3728.

163 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 14 september 2015, pagina’s 2308 en 2309.

164 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3742.

165 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3743.

166 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3745 tot en met 3754.

167 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3748 tot en met 3750.

168 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3750 en 3751.

169 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3752 en 3753, 3763 en 3764.

170 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3756 en 3757.

171 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3774 tot en met 3775.

172 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 20 maart 2015, pagina’s 3791 en 3792.

173 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 20 maart 2015, pagina’s 3761 en 3762.

174 Proces-verbaal bevindingen observatie d.d. 19.03.2015 [adres 7] , d.d. 23 maart 2015, met bijlagen, pagina’s 3793 tot en met 3919.

175 Proces-verbaal bevindingen m.b.t. herkenning [medeverdachte 2] d.d. 17 juni 2015, met bijlagen, pagina’s 3820 tot en met 3853.

176 Proces-verbaal van bevindingen m.b.t. herkenning [duitse koerier 2] d.d. 30 juni 2015, met bijlagen, pagina’s 3854 tot en met 3860.

177 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3775 tot en met 3778 en pagina 3887.

178 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3779.

179 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3779.

180 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 3780.

181 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 3780 en 3781.

182 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 20 maart 2015, pagina’s 3863 en 3864.

183 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 12 oktober 2015, pagina 1606.

184 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4119 tot en met 4121.

185 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4122 en 4123.

186 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4123.

187 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4124.

188 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4125.

189 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4125 en 4126.

190 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4127.

191 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4130 en 4131.

192 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4131.

193 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4131 tot en met 4140.

194 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 3 april 2015, pagina’s 4155 en 4156.

195 Proces-verbaal van bevindingen camerabeelden d.d. 2-4-2015, d.d. 27 augustus 2015, pagina’s 4157 tot en met 4162.

196 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 3 april 2015, pagina’s 4163 en 4164.

197 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4145 en 4146.

198 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4146.

199 Proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 31 juli 2015, pagina’s 6311 tot en met 6321.

200 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4165 en 4166.

201 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4167 en 4168.

202 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4218 en 4219.

203 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4169 en 4170.

204 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende resultaten kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4171 en 4172.

205 Geschrift, inhoudende de vertaling van een Duits proces-verbaal maandanalyse GPS gegevens, pagina’s 4176 tot en met 4192.

206 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4143.

207 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 12 oktober 2015, pagina 1606.

208 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4216.

209 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4143.

210 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4217 en 4218.

211 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4219.

212 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4220 en 4221.

213 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4221.

214 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4221 tot en met 4223.

215 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4223 en 4224.

216 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4226.

217 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4226 en 4227.

218 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4227.

219 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4228.

220 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4228.

221 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4229.

222 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4229.

223 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4229 en 4230.

224 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4230.

225 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4230 en 4231.

226 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina 4231.

227 Geschrift, getiteld “overzicht van alle tapgesprekken m.b.t. label”, pagina’s 4231 en 4233.

228 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4234 en 4235.

229 Geschrift, inhoudende de vertaling van een Duits proces-verbaal maandanalyse GPS gegevens, pagina’s 4241 tot en met 4261.

230 Pagina 4239.

231 Proces-verbaal van bevindingen camerabeelden 4-4-2015 [adres 7] d.d. 21 oktober 2015, p. 4262 tot en met 4273.

232 Geschrift, inhoudende een Duitse uitdraai tenaamstelling Duits kenteken [kenteken 1] , pagina’s 4280 tot en met 4282.

233 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4274 en 4275.

234 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4276 en 4277.

235 Geschrift, inhoudende een rapportage betreffende kentekenbevraging d.d. 7 april 2015, pagina’s 4283 en 4284.

236 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 12 oktober 2015, pagina 1606.

237 Geschrift, zijnde de vertaling van het Duitse verhoor van de verdachte [duitse koerier 2] op 28 mei 2015, pagina’s 6411 en 6412.

238 Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, District Noord- en Midden-Limburg, Basisteam Horst / Peel en Maas, proces-verbaalnummer PL2300-2015070440, gesloten d.d. 20 oktober2015, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 250.

239 Proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij d.d. 7 juli 2015, pagina’s 4 tot en met 8.

240 Proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 april 2015, pagina’s 13 tot en met 16.

241 Geschrift, inhoudende de aangifte van Enexis B.V. d.d. 29 april 2015, met bijlagen, pagina’s 18 tot en met 97.

242 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 16 april 2015, pagina’s 116 tot en met 119.

243 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 17 april 2015, pagina’s 120 tot en met 125.

244 Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 18 april 2015, pagina 127.