Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2016:4766

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
07-06-2016
Datum publicatie
07-06-2016
Zaaknummer
03/700446-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vier mannen en twee vrouwen, in de leeftijd van 19 tot en met 30 jaar, zijn dinsdag door de rechtbank Limburg veroordeeld tot gevangenisstraffen voor een woningoverval. Een van de verdachten kreeg naast een deels voorwaardelijke gevangenisstraf, een maximale taakstraf opgelegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Strafrecht

Parketnummer: 03/700446-15

Tegenspraak (gemachtigde raadsman)

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 7 juni 2016

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens verdachte] ,

wonende te [adres verdachte] .

De verdachte wordt bijgestaan door mr. B. Mahovic, advocaat kantoorhoudende te Maastricht.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 24 mei 2016. De verdachte is niet verschenen. Wel is verschenen zijn gemachtigde raadsman. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:

Feit 1: al dan niet samen met anderen ’s nachts een woning heeft overvallen, waarbij [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] werden afgeperst en/of waarbij goederen werden weggenomen;

Feit 2: een personenauto heeft gestolen;

Feit 3: een elektrisch stroomstootwapen voorhanden heeft gehad.

3 De beoordeling van het bewijs

3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ten aanzien van feit 1 betoogd dat bewezen kan worden dat verdachte zich samen met anderen schuldig heeft gemaakt aan afpersing en diefstal met geweld. Er was sprake van medeplegen, doordat een ieder van de verdachten een significante bijdrage heeft geleverd bij de voltooiing van de strafbare feiten. Er werd geweld gebruikt en gedreigd met geweld, waardoor vervolgens goederen konden worden meegenomen.

Ook de feiten 2 en 3 kunnen bewezen worden, aangezien verdachte deze feiten heeft bekend.

3.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft verzocht om verdachte vrij te spreken van feit 1. Hij heeft daartoe aangevoerd dat er geen sprake was van een bewuste en nauwe samenwerking. Ook was er geen sprake van een taakverdeling dan wel voorbereiding. Doordat verdachte verder ook geen geweld heeft gebruikt of bedreigingen heeft geuit, was zijn bijdrage van onvoldoende gewicht om hem als medepleger aan te merken.

De raadsman heeft voorts betoogd dat verdachte hooguit kan worden veroordeeld wegens de diefstal van een spelcomputer, X-box, met toebehoren.

Ten aanzien van de feiten 2 en 3 heeft de raadsman betoogd dat deze bewezen kunnen worden verklaard.

3.3

Het oordeel van de rechtbank1

Feit 1:

Op 4 juli 2015 omstreeks 04.00 uur verbleven [benadeelde partij 2] , [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 3] in de woning van [benadeelde partij 4] aan de [adres] .2 Verdachte is samen met [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] naar die woning gegaan om verhaal te halen na een ruzie over geld.3

Verklaringen van de aangevers:

[benadeelde partij 2] heeft verklaard dat er op de deur werd geklopt. Hij maakte de deur open. Hij werd direct vier of vijf keer tegen zijn hoofd geslagen door [medeverdachte 1] . [benadeelde partij 2] werd hierdoor naar binnen geslagen. [medeverdachte 1] kwam vervolgens met drie andere jongens, te weten [medeverdachte 3] , [medeverdachte 2] en een derde voor aangever onbekende jongen, naar de rechtbank begrijpt: verdachte, en twee meisjes de woning in. [benadeelde partij 2] werd op de bank geduwd.

Toen [benadeelde partij 1] de woning wilde verlaten, werd hij door [medeverdachte 1] tegengehouden en de slaapkamer ingeslagen. De deur van de woning werd vervolgens afgesloten en de sleutel werd uit het slot gehaald. [benadeelde partij 1] werd vervolgens de woonkamer ingeslagen. [medeverdachte 1] gaf hem trappen in zijn buik.

Uiteindelijk werd de televisie, de spelcomputer, de laptop en spelletjes meegenomen. De voor [benadeelde partij 2] onbekende jongen zei dat [benadeelde partij 2] zijn ketting moest afdoen en zijn telefoon (Iphone 5) moest afgeven. [benadeelde partij 2] gaf - vanwege het eerder gebruikte geweld - zijn halsketting aan deze jongen, die gekleed was in een blouse met een Burberry kraag, naar de rechtbank begrijpt: verdachte, af. [medeverdachte 1] gaf [benadeelde partij 1] vervolgens een harde schop in zijn buik.

[benadeelde partij 3] en [benadeelde partij 1] hebben hun telefoons en sieraden afgegeven. [benadeelde partij 2] zag verder dat er kledingstukken en geld uit een beurs, alle toebehorende aan [benadeelde partij 4] , werden meegenomen.

Van [benadeelde partij 2] werden nog een jas (Frocella Heren) en slippers (Scapino) weggenomen.4

Ook [benadeelde partij 1] heeft verklaard dat [benadeelde partij 2] na het openen van de deur meerdere keren werd geslagen door - naar later bleek - [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] duwde [benadeelde partij 2] naar binnen. Er kwamen toen nog twee meisjes en drie jongens binnen, waaronder [medeverdachte 2] . [benadeelde partij 1] wilde de woning verlaten, maar werd door een paar jongens tegengehouden. Hij werd de slaapkamer ingeduwd en op zijn hoofd geslagen. Op de slaapkamer werd hij steeds weer geslagen door [medeverdachte 1] . Ook gaf [medeverdachte 1] hem een knietje in zijn buik. Daarna werd hij de woonkamer ingeslagen. Hij zag dat de televisie, de spelcomputer, de laptop en spelletjes werden meegenomen. [benadeelde partij 1] moest zijn ring en halsketting afdoen. Hij werd daarbij geslagen tegen zijn hoofd door twee jongens. Ook kreeg [benadeelde partij 1] van [medeverdachte 1] een harde schop in zijn maag. [benadeelde partij 1] gaf zijn ring en halsketting aan de jongen met de Burberry kraag/blouse.5

[benadeelde partij 3] heeft verklaard dat [benadeelde partij 2] na het openen van de deur een klap op zijn gezicht kreeg en dat hij werd weggeduwd. Twee meisjes en vier jongens liepen de woning in.6 De voordeur werd afgesloten door een van de twee meisjes.7 Het andere meisje, naar later bleek [medeverdachte 5] , pakte de telefoon (LG) van [benadeelde partij 3] en gaf deze aan een van de jongens, die hem vervolgens in zijn broekszak stopte.8

[benadeelde partij 1] wilde naar buiten lopen, maar een van de jongens duwde [benadeelde partij 1] de slaapkamer in. Ook werd hij geslagen en kreeg hij een trap in zijn maag.

De jongen met het zwarte T-shirt met de Burberry kraag zei tegen [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 1] : “Lever die kettingen maar in en die ring ook.” [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 1] gaven hun kettingen aan deze jongen. [benadeelde partij 1] moest ook zijn ring afgeven. Een van de meisjes zei: “Alles inpakken.” De jongens pakten de televisie, de Xbox en alle Xbox-spellen. Een meisje pakte de laptop.

Een van de meisjes,9 naar later bleek [medeverdachte 5] ,10 doorzocht de tas van [benadeelde partij 3] . Zij pakte de id-kaart en keek hierop. Zij zei vervolgens tegen [benadeelde partij 3] : “Je krijgt deze terug maar ik weet wie je bent als je naar de politie gaat.” De personen kwamen intimiderend over doordat zij met zes personen waren en er geweld werd gebruikt.

Na afloop miste [benadeelde partij 3] haar trainingspak van AC Milan.11

[benadeelde partij 4] heeft aangifte gedaan van diefstal van zijn televisie (LG), een laptop (Pavilion), een spelcomputer (Xbox 360), met oplader, spellen en twee controllers, een geldbedrag, kleding en schoeisel.12

Verklaring verdachte:

Verdachte heeft verklaard dat hij een jongen met de platte hand tegen de achterkant of zijkant van zijn hoofd heeft geslagen, vanwege een opmerking die deze jongen maakte. Verdachte heeft een adapter van de Xbox meegenomen.13

Conclusies:

Gelet op de verklaringen van de aangevers en de verklaring van verdachte, staat vast dat vast dat verdachte samen met [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] naar de woning van [benadeelde partij 4] te Vaals is gegaan. [benadeelde partij 2] , [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 3] bevonden zich op dat moment in de woning.

Verder staat op basis van de verklaringen vast dat er direct geweld werd gebruikt tegen [benadeelde partij 2] en later ook tegen [benadeelde partij 1] . Ook werd er gedreigd met geweld. Uit de verklaringen blijkt dat de geweldshandelingen door verschillende verdachten werden uitgevoerd en er ook door verschillende verdachten werd gedreigd met geweld. Alle handelingen, in onderling samenhang bezien, hebben er uiteindelijk toe geleid dat [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 1] zich gedwongen voelden om persoonlijke eigendommen af te geven. Daarnaast konden de verdachten door het gebruik van geweld en de bedreiging met geweld diverse goederen van [benadeelde partij 4] , [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 3] wegnemen.

Verdachte is samen met zijn medeverdachten naar de woning van [benadeelde partij 4] gegaan en hij is daar, nadat er direct aan de deur al geweld werd gebruikt, ook samen met hen naar binnen gegaan. Verdachte heeft zich niet gedistantieerd van de handelingen die andere verdachten verrichten. Sterker nog, hij heeft zelf een aandeel gehad in het geweld dat werd toegepast. Daarnaast heeft hij goederen uit de woning meegenomen. Ook heeft verdachte de groep getalsmatig verstrekt.

Verdachte heeft dan ook een significante bijdrage geleverd aan de voltooiing van de feiten. Verdachte kan daarom als medepleger worden gezien en verantwoordelijk worden gehouden voor de handelingen die andere verdachten hebben verricht. Feit 1 kan dan ook bewezen worden verklaard.

Feit 2:

Evenals de officier van justitie en de raadsman acht de rechtbank het tenlastegelegde bewezen op grond van:

- het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 2 september 2015, p. 344;

- het proces-verbaal van aangifte d.d. 1 september 2015, p. 340.

Feit 3:

Evenals de officier van justitie en de raadsman acht de rechtbank het tenlastegelegde bewezen op grond van:

- het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 2 september 2015, p. 347;

- het proces-verbaal van onderzoek wapen d.d. 8 september 2015, p. 352.

3.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat de verdachte

1.

op 04 juli 2015 in de gemeente Vaals tezamen en in vereniging met anderen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning aan de [adres] ,

a.

met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 3] heeft gedwongen tot de afgifte van

- een ring en een halsketting, toebehorende aan [benadeelde partij 1] , en

- een mobiele telefoon (Iphone 5) en een halsketting, toebehorende aan [benadeelde partij 2]

en

b.

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- een televisie (LG), een laptop (Pavilion), een spelcomputer (Xbx 360) met toebehoren, diverse computerspellen, enig geldbedrag en diverse kledingstukken, toebehorende aan [benadeelde partij 4] , en

- een jas (Frocella Heren) en een paar slippers (Scapino), toebehorende aan [benadeelde partij 2] en

- een mobiele telefoon (LG) en een trainingspak (AC Milan), toebehorende aan [benadeelde partij 3] ,

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 3] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken,

welk geweld en welke bedreiging met geweld hebben bestaan uit

- het meermalen slaan en schoppen en duwen van voornoemde [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] en

- het op dreigende toon tegen voornoemde [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 3] zeggen: "Lever die kettingen maar in en die ring ook" en "Alles inpakken" en "Je krijgt deze terug maar ik weet wie je bent als je naar de politie gaat";

2

in de periode 31 augustus 2015 tot en met 01 september 2015 te Mechelen, in elk geval in de gemeente Gulpen-Wittem, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (VW Golf, kenteken [kenteken] ), toebehorende aan [benadeelde partij 5] ;

3

op 01 september 2015 te Baarlo, een wapen van categorie II onder 5°, te weten een voorwerp waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos kunnen worden gemaakt of pijn kan worden toegebracht, voorhanden heeft gehad.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

Feit 1:

afpersing gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen,

in een voortgezette handeling gepleegd met

diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen

Feit 2:

diefstal

Feit 3:

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6 De straf

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.

6.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft verzocht voor feit 1 een gevangenisstraf op te leggen welke gelijk is aan de duur van het voorarrest, aangezien verdachte een zeer beperkte rol heeft gehad. Ten aanzien van de feiten 2 en 3 heeft de raadsman verzocht een taakstraf op te leggen.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Verdachte heeft samen met vijf medeverdachten om 4 uur ’s nachts drie mensen in een woning overvallen. Zij gingen naar de woning om een financieel geschil “op te lossen”. De nietsvermoedende slachtoffers, die overigens niets met het geschil te maken hadden en toevallig in de woning verbleven, werden op een uitermate agressieve en intimiderende wijze benaderd. Na het openen van de deur, werd er door een van de medeverdachten direct geweld gebruikt. Vervolgens zijn de verdachten met z’n allen naar binnengestormd, waarna de deur van de woning door een van de medeverdachten werd afgesloten. Hierdoor werd het ontvluchten van de woning onmogelijk gemaakt. In de woning werden de slachtoffers geslagen, geduwd en getrapt of werden zij bedreigd. De slachtoffers werden hierdoor gedwongen persoonlijke bezittingen af te geven en er werden bovendien goederen uit de woning weggenomen.

Door het handelen van verdachte en zijn medeverdachten zijn de onschuldige slachtoffers in een zeer bedreigende situatie terechtgekomen.

Volgens de oriëntatiepunten van het LOVS wordt voor een overval in een woning bij zogenoemde first-offenders doorgaans een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van drie jaren opgelegd. Bij de bepaling van de op te leggen straf kan volgens diezelfde oriëntatiepunten rekening worden gehouden met bepaalde strafverhogende dan wel strafverlagende factoren. Gelet op deze factoren is de rechtbank van oordeel dat het oriëntatiepunt in de onderhavige zaak gematigd moet worden. Zonder de ernst van de feiten te bagatelliseren, zal de rechtbank in strafverminderende zin rekening houden met de omstandigheid dat verdachte en zijn medeverdachten op niet professionele wijze te werk zijn gegaan. Verder waren zij niet vermomd door middel van een masker of bivakmuts, waardoor zij voor de slachtoffers herkenbaar waren. Ook werd er geen wapen gebruikt. De rechtbank zal daarom een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden als uitgangspunt nemen.

Verdachte heeft samen met medeverdachte [medeverdachte 1] geweld gebruikt tegen de slachtoffers. Het aandeel van verdachte bij het gebruik van geweld was weliswaar kleiner dan het aandeel van [medeverdachte 1] , maar het gebruik van geweld heeft er wel voor gezorgd dat de anderen spullen uit de woning konden stelen en de slachtoffers zich dermate geïntimideerd voelden dat zij onder meer hun sieraden afgaven. Anders dan de raadsman heeft betoogd, heeft verdachte dus wel degelijk een belangrijk aandeel gehad bij de overval. Verdachte heeft ook geen verantwoordelijkheid genomen voor zijn handelen. Sterker nog, verdachte is al geruime tijd voortvluchtig en probeert op die manier uit handen van justitie te blijven.

Naast de woningoverval heeft verdachte zich ook nog schuldig gemaakt aan de diefstal van een auto. Deze auto was ooit van verdachte. Hij hield de reservesleutel achter de hand. Toen de auto door de nieuwe eigenaar te koop werd aangeboden, heeft verdachte de auto met de reservesleutel gestolen.

Verdachte heeft ook nog een elektrisch stroomstootwapen voorhanden gehad. Het onbevoegd voorhanden hebben van een dergelijk wapen is maatschappelijk onaanvaardbaar vanwege de dreiging die daarvan uitgaat voor anderen. Dit wapen kan gebruikt worden voor allerlei bedreigende activiteiten. Het voorhanden hebben van dit wapen is daarom verboden.

Gelet op de ernst van de feiten, de rol die verdachte hierin heeft gespeeld en de oriëntatiepunten die gelden voor woningovervallen, kan de rechtbank de eis van de officier van justitie niet volgen. Ook desgevraagd heeft de officier van justitie de strafeis niet kunnen verduidelijken. Verdachte dient zich te realiseren dat zijn gedrag absoluut niet getolereerd kan worden. Oplegging van een aanzienlijke gevangenisstraf, hoger dan geëist, is dan ook geboden. Nu er geen reden is om van eerdergenoemd uitgangspunt af te wijken, zal de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden opleggen. Dit betekent dat de rechtbank ook geen aanleiding ziet om een deel van de straf voorwaardelijk op te leggen. Gelet op het feit dat verdachte, met uitzondering van twee strafbeschikkingen voor overtredingen - niet eerder met politie en justitie in aanraking is gekomen, zal geen hogere straf worden opgelegd in verband met de feiten 2 en 3.

7 De benadeelde partij

De benadeelde partij Meentz vordert een schadevergoeding van € 1.500,- terzake van feit 2. De vordering bestaat uit materiële schade, te weten € 1.000,- voor de aanschaf van een nieuwe auto en € 500,- voor de huur van een scooter. Ter onderbouwing van de vordering is een bon van het verhuurbedrijf overgelegd ad € 495,-.

De rechtbank is van oordeel dat de vordering onvoldoende is onderbouwd. Niet is komen vast te staan of de kosten daadwerkelijk zijn gemaakt en of het maken van deze kosten noodzakelijk was. De vordering zal daarom worden afgewezen.

8 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 56, 57, 63, 310 en 312 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 26 en 55 van de Wet wapens en munitie, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

  • -

    verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;

  • -

    spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;

  • -

    verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

  • -

    veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden;

  • -

    beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

Benadeelde partij

  • -

    wijst de vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 5] , wonende te Mechelen, af;

  • -

    veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot heden op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.S. Holthuis, voorzitter, mr. B.G.L. van der Aa en mr. C.G.A. Wouters, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.K. Spronk, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 7 juni 2016.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

1.

hij op of omstreeks 04 juli 2015 in de gemeente Vaals tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning aan de [adres] ,

a.

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] heeft gedwongen tot de afgifte van

- een ring en/of een halsketting, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 1] , en/of

- een televisie (LG) en/of een laptop (Pavilion) en/of een spelcomputer (Xbx 360) met toebehoren en/of diverse computerspellen en/of enig geldbedrag en/of diverse kledingstukken, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 4] , en/of

- een mobiele telefoon (Iphone 5) en/of een jas (Frocella Heren) en/of een paar slippers (Scapino) en/of een halsketting, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 2] en/of

- een mobiele telefoon (LG) en/of een trainingspak (AC Milan), geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 3] ,

in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of

anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

en/of

b.

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- een ring en/of een halsketting, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 1] , en/of

- een televisie (LG) en/of een laptop (Pavilion) en/of een spelcomputer (Xbx 360) met toebehoren en/of diverse computerspellen en/of enig geldbedrag en/of diverse kledingstukken, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 4] , en/of

- een mobiele telefoon (Iphone 5) en/of een jas (Frocella Heren) en/of een paar slippers (Scapino) en/of een halsketting, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 2] en/of

- een mobiele telefoon (LG) en/of een trainingspak (AC Milan), geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 3] ,

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededaders hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld heeft/hebben bestaan uit

- het (meermalen) slaan en/of (meermalen) schoppen en/of (meermalen) duwen van voornoemde [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of

- het op dreigende toon tegen voornoemde [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] zeggen: "Lever die kettingen maar in en die ring ook" en/of "Alles inpakken" en/of "Je krijgt deze terug maar ik weet wie je bent als je naar de politie gaat", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking;

2.

hij in of omstreeks de periode 31 augustus 2015 tot en met 01 september 2015 te Mechelen, in elk geval in de gemeente Gulpen-Wittem, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (VW Golf, kenteken [kenteken] ), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde partij 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

3.

hij op of omstreeks 01 september 2015 te Baarlo, in elk geval in de gemeente Peel en Maas, een wapen van categorie II onder 5°, te weten een voorwerp waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos kunnen worden gemaakt of pijn kan worden toegebracht, voorhanden heeft gehad;

De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd.

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Strafrecht

Parketnummer: 03/700446-15

Proces-verbaal van de openbare zitting van 7 juni 2016 in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens verdachte] ,

wonende te [adres verdachte] .

Raadsman is mr. B. Mahovic, advocaat, kantoorhoudende te Maastricht.

Tegenwoordig:

mr. , rechter,

mr. , officier van justitie,

, griffier.

De rechter doet de zaak uitroepen.

De verdachte is wel/niet in de zittingzaal aanwezig.

De rechter spreekt het vonnis uit en geeft de verdachte kennis dat hij daartegen binnen veertien dagen hoger beroep kan instellen.

Dit proces-verbaal is vastgesteld en ondertekend door de rechter en de griffier.

1 Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie eenheid Limburg, proces-verbaalnummer 2015124745, gesloten d.d. 24 september 2015, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 362.

2 Processen-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p. 22, 27 en 31.

3 Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] d.d. 1 september 2015, p. 220.

4 Proces-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p. 22, 23 en 26.

5 Proces-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p. 27 en 28.

6 Proces-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p. 31.

7 Proces-verbaal van verhoor getuige bij de rechter-commissaris d.d. 4 mei 2016, niet doorgenummerd.

8 Proces-verbaal van verhoor getuige bij de rechter-commissaris d.d. 4 mei 2016, niet doorgenummerd, in combinatie met het proces-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p. 32.

9 Proces-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p. 32.

10 Proces-verbaal van verhoor getuige bij de rechter-commissaris d.d. 4 mei 2016, niet doorgenummerd.

11 Proces-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p. 33, 34 en 36.

12 Proces-verbaal van aangifte d.d. 4 juli 2015, p., 37 en 40.

13 Proces-verbaal van verhoor [verdachte] d.d. 9 juli 2015, p. 224 en 225.