Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2016:4455

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
26-05-2016
Datum publicatie
26-05-2016
Zaaknummer
C/03/218784 / KG ZA 16-136
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Artikel 834a Rv. Aanbestedingsrecht.

Wetsverwijzingen
Aanbestedingswet 2012
Aanbestedingswet 2012 2.57
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Module Aanbesteding 2016/388
JAAN 2016/154
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: C/03/218784 / KG ZA 16-136

Vonnis in kort geding van 25 mei 2016

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DRAWINGBOARD B.V.,

gevestigd te Maastricht,

eiseres,

advocaat mr. R.H.M. Wagemans,

tegen

de openbare rechtspersoon

GEMEENTE MAASTRICHT,

gevestigd te Maastricht,

gedaagde,

advocaat mr. K.M.J.A. Smitsmans en mr. H.C. Lejeune.

Partijen zullen hierna Drawingboard en de Gemeente worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het exploit van dagvaarding van 4 april 2016, met producties,

  • -

    het exploit vermeerdering van eis van 13 april 2016, met producties,

  • -

    de brieven van 9 mei, 11, mei en 12 mei 2016 van Drawingboard, met producties,

  • -

    de brief van 10 mei 2016 van de Gemeente, met producties,

  • -

    de mondelinge behandeling van 12 mei 2016,

  • -

    de pleitnota en aanhangsel bij pleitnota van Drawingboard,

  • -

    de pleitnota van de Gemeente.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De Gemeente heeft op 2 december 2015 een Europese aanbesteding volgens de openbare procedure in de markt gezet met het onderwerp “Magisch Maastricht op het Vrijthof, kerstevenement in Maastricht” met kenmerk VIA2015065KA (hierna: Magisch Maastricht). Het betreft een opdracht met ingang van de kerstperiode van 2016 tot en met de kerstperiode van 2019, waarbij de opdrachtnemer binnen de door de Gemeente gestelde randvoorwaarden zelf voor de organisatie en exploitatie zorg moet dragen. De overeenkomst met de opdrachtnemer na gunning heeft een looptijd van vier jaar en kan tweemaal met één jaar worden verlengd.

2.2.

Het gunningscriterium is kwaliteit (er wordt wel een financiële onderbouwing, maar geen prijs uitgevraagd), zodat de economisch meest voordelige inschrijving (EMVI) alleen op dit criterium ziet. De inschrijftermijn eindigde op 1 februari 2016. Het beoordelingsteam bestaat uit een vertegenwoordiging van het team Economie & Cultuur en het team Veiligheid & Leefbaarheid van de Gemeente.

2.3.

De inschrijving dient ten minste te bevatten: de Eigen Verklaring, gegevens van onderaanneming (indien van toepassing), referenties, Plan van aanpak kerstmarkt 2016, inclusief inrichtingsplan (plattegrond en artist impression) en Plan van aanpak kerstmarkt 2017-2019, inclusief inrichtingsplan (plattegrond en artist impression). Tevens zal de inschrijver een presentatie moeten geven.

2.4.

Voordat de beoordeling van de plannen plaatsvindt, wordt eerst getoetst aan de geschiktheidseisen. Inschrijven met onderaannemer(s) is toegestaan. Op de onderaannemer(s) mogen geen uitsluitingsgronden van toepassing zijn.

De inschrijver kan de Gemeente verzoeken om geheimhouding van zijn inschrijving of onderdelen daarvan.

2.5.

De leden van het beoordelingsteam beoordelen in eerste instantie elk individueel en onafhankelijk van elkaar de plannen van aanpak. In een daarop volgende bijeenkomst van het voltallige beoordelingsteam zal onderling worden getoetst of de leden de beoordelingssystematiek juist en op gelijke wijze hebben toegepast. Voorts zullen op basis van de individuele beoordelingen de definitieve scores van de plannen van aanpak worden vastgesteld in consensus.

2.6.

De Stichting Winterevents Maastricht (hierna Winterevents) is als winnende inschrijver aangemerkt. Drawingboard is op de derde plaats geëindigd. Een en ander is medegedeeld bij brief van 15 maart 2016, waarbij in een bijlage de scores van Drawingboard ten opzichte van Winterevents zijn toegelicht.

De Stichting Vrijthof Mooi (hierna: Vrijthof Mooi) is in de rangorde van inschrijvers als tweede geëindigd.

2.7.

Winterevents is op 23 december 2015 opgericht en maakt (derhalve) gebruik van een (of meer) onderaannemer(s) om het werk uit te voeren en om te kunnen voldoen aan de geschiktheidseis, alsmede om een referentieopdracht op te geven.

2.8.

Winterevents heeft de Gemeente verzocht om geheimhouding inzake haar inschrijving. Ook Vrijthof Mooi heeft om dergelijke geheimhouding verzocht.

2.9.

De Gemeente heeft gecontroleerd of de onderaannemer(s) van Winterevents aan de geschiktheidseisen voldoet / voldoen. Dit is volgens de Gemeente het geval, zodat de gunning aan Winterevents blijft gehandhaafd.

2.10.

Drawingboard heeft op 1 april 2016 conservatoir bewijsbeslag laten leggen op de digitale bescheiden inzake de aanbesteding Magisch Maastricht.

Drawingboard heeft gevraagd om inzage in de inschrijving van Winterevents. De Gemeente heeft bij brief van 11 april 2016 de afgifte van deze stukken aan Drawingboard geweigerd.

2.11.

Drawingboard heeft naast het onderhanden kort geding gericht op het verkrijgen van inzage in stukken eveneens de Gemeente gedagvaard tegen 4 juli 2016 terzake de gunning van de opdracht Magisch Maastricht aan Winterevents.

2.12.

De voorzieningenrechter van deze rechtbank heeft bij vonnis van 26 april 2016 (ECLI:NL:RBLIM:2016:3640) de Gemeente (onder meer) veroordeeld tot zodanige bekendmaking van inschrijvingsstukken van Winterevents aan Vrijthof Mooi dat daaruit de naam van de onderaannemer(s) van Winterevents blijkt/blijken.

De Gemeente Maastricht heeft in dit vonnis geen aanleiding gezien om ook de overige inschrijvers, onder wie Drawingboard, van deze informatie te voorzien.

3 Het geschil

3.1.

Drawingboard vordert, zakelijk weergegeven, primair – na vermeerdering van eis – dat de Gemeente binnen twee dagen na betekening van dit vonnis aan haar afschriften verschaft van

i) de Eigen Verklaring van Winterevents en van Vrijthof Mooi, inclusief bijlage 2, 4 en 5,

(ii) de plannen van aanpak 2016 en 2017-2019 van Winterevents en Vrijthof Mooi,

(iii) de presentaties van Winterevents en Vrijthof Mooi,

door daartoe opdracht te geven aan de deurwaarder die beslag heeft gelegd en de bescheiden in digitale vorm ter beschikking te stellen.

Subsidiair wordt gevorderd de naam van de onderaannemer(s) van Winterevents bekend te maken, en (nog) meer subsidiair wordt gevorderd mede te delen of [naam onderaannemer 1] c.q.
[naam onderaannemer 2] met hun respectieve attracties genoemd zijn als onderaannemer van Vrijthof Mooi, althans de naam van de onderaannemer(s) van Vrijthof Mooi bekend te maken, en mede te delen of en, zo ja waarom, Group Winterland is uitgesloten van verdere deelneming aan de aanbesteding Magisch Maastricht.

Een en ander op straffe van een dwangsom en met veroordeling van de Gemeente in de (na)kosten van de procedure.

3.2.

Drawingboard legt aan de vordering ten grondslag de omstandigheid dat de Gemeente Maastricht in strijd met wet en regelgeving en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur ten onrechte naar aanleiding van het genoemd vonnis van 26 april 2016 de naam van de onderaannemer(s) van Winterevents niet openbaar heeft gemaakt.

Drawingboard stelt dat zonder genoemde stukken de onderbouwing van de vordering tot uitsluiting van Winterevents en Vrijthof Mooi niet mogelijk is en dat zonder de plannen en de presentatie te kennen de scores van Winterevents irreëel en wiskundig onverklaarbaar zijn. Drawingboard stelt dat de gehele aanbesteding doorgestoken kaart is om bepaalde (rechts)personen aan dit project te kunnen laten deelnemen.

Drawingboard stelt spoedeisend belang bij en recht op de gevraagde voorziening te hebben.

3.3.

De Gemeente voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

De spoedeisendheid

4.1.

De spoedeisendheid vloeit voort uit de aard van de zaak, nu Drawingboard de Gemeente heeft gedagvaard ter zake de gunning aan Winterevents.

Voldoen aan het vonnis van 26 april 2016 door de Gemeente

4.2.

Drawingboard stelt dat de Gemeente naar aanleiding van het vonnis van de voorzieningenrechter van deze rechtbank van 26 april 2016, dat is gewezen tussen Vrijthof Mooi en de Gemeente, in strijd artikel 843a van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering (hierna: Rv) en jurisprudentie en wet- en regelgeving handelt door de naam van de onderaannemer(s) van Winterevents niet ook aan haar mede te delen.

Volgens Drawingboard worden thans nodeloos kosten gemaakt. Het ligt volgens haar immers niet voor de hand dat in het voorliggende kort geding tot een andere uitspraak zal worden gekomen terzake het bekend maken van de naam / namen van de onderaannemer(s) van Winterevents.

4.3.

De Gemeente stelt zich op het formele standpunt dat het vonnis van 26 april 2014 haar slechts bindt ten opzichte van Vrijthof Mooi en niet jegens alle andere inschrijvers, laat staan dat de naam / namen van de onderaannemer(s) openbaar moet(en) worden gemaakt. Het transparantiebeginsel heeft volgens de Gemeente slechts betekenis voorafgaand aan de gunning.

4.4.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat de stellingname van Drawingboard niet wordt geconcretiseerd in een vordering, zodat daaromtrent geen oordeel zal worden gegeven.

Bekendmaken van bescheiden en gegevens van Winterevents aan Drawingboard

4.5.

De vraag die partijen verdeeld houdt in het kader van de criteria van artikel 843a Rv is of Drawingboard enig rechtmatig belang heeft bij inzage in de gevraagde documenten en zo ja, en in het verlengde daarvan, of de Gemeente gewichtige redenen heeft om die inzage alsnog te weigeren.

Artikel 843a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) geeft de grondslag voor de vordering. Artikel 843a Rv dient zelfstandig te worden beoordeeld naast de bepalingen van Europees recht en de Aanbestedingswet.

4.6.

De ratio achter het (Europees) aanbestedingsrecht is dat door aanbestedingen onvervalste mededinging wordt bewerkstelligd en dat bij een correcte naleving van de procedures, waarbij het proportionaliteitsbeginsel, het gelijkheidsbeginsel en het transparantiebeginsel van groot belang zijn, willekeur en het niet gelijk behandelen van ondernemers door de aanbestedende dienst worden voorkomen. Een ander belangrijk aspect van het aanbestedingsrecht is dat alleen door een effectieve rechtsbescherming ook kan worden bewerkstelligd dat sprake is van eerlijke mededinging.

4.7.

Artikel 2:57 lid 1 van de Aanbestedingswet 2012 (Aw) bepaalt dat de aanbestedende dienst geen informatie die door een ondernemer als vertrouwelijk wordt verstrekt openbaar maakt. Uit de parlementaire geschiedenis blijkt dat als vertrouwelijk worden aangemerkt fabrieks- of bedrijfsgeheimen en “de vertrouwelijke aspecten” van de inschrijving. Uit de rechtspraak van het Europees Hof van Justitie (Varec SA - België, 14 februari 2008, C450/06) blijkt voorts dat de ratio hierachter is dat inschrijvers niet hoeven te vrezen dat aan een derde gegevens worden meegedeeld waarvan openbaarmaking voor hen nadelig zou kunnen zijn, in de zin dat “bijzonder ernstige schade” optreedt in hun concurrentiepositie.

4.8.

In genoemd arrest van het Hof is geoordeeld dat in het kader van een beroep tegen een besluit van een aanbestedende dienst inzake een procedure voor het plaatsen van een overheidsopdracht het beginsel van hoor en wederhoor voor partijen derhalve niet impliceert het recht op onvoorwaardelijke en onbeperkte toegang tot alle bij de voor de beroepsprocedures verantwoordelijke instantie ingediende gegevens betreffende deze aanbestedingsprocedure. Dit recht op toegang moet daarentegen, zo vervolgt het Hof, in evenwicht worden gebracht met het recht van andere economische subjecten op bescherming van hun vertrouwelijke gegevens en hun zakengeheimen. Het beginsel van bescherming van vertrouwelijke gegevens en van zakengeheimen moet zo worden toegepast dat het zich verdraagt met de vereisten van een effectieve rechtsbescherming en met de eerbiediging van het recht van verweer van de procespartijen en, in het geval van een beroep bij een rechter, dat de procedure op alle onderdelen het recht op een eerlijk proces eerbiedigt.

4.9.

De Gemeente heeft ter zitting erkend dat Winterevents gebruik maakt van (een) onderaannemer(s) om aan de geschiktheidseisen te kunnen voldoen. Zij stelt dat dit betekent dat de onderaannemer(s), die met de referentieopdracht(en) voldoet/voldoen aan de kerncompetenties, zich aan Magisch Maastricht committeert/committeren. Bij de inschrijving door Winterevents is het naar het oordeel van de voorzieningenrechter voor de andere inschrijvers evenwel niet duidelijk wie de daadwerkelijke uitvoering van het kerstevenement op het Vrijthof in 2016 en de jaren daaropvolgend ter hand zal nemen.

Gelet op het verzoek tot geheimhouding van haar inschrijving door Winterevents en gelet op het feit dat Winterevents onweersproken op 23 december 2015 is opgericht en dus onweersproken gebruik moet maken van een of meer onderaannemers en Winterevents derhalve wederom onweersproken geen eigen referenties kan overleggen, maar terzake leunt op de expertise van haar onderaannemer(s), is er in wezen sprake van een in haar effect “geheime inschrijving”.

4.10.

In het licht van de door overheidsdienst te betrachten transparantie in samenhang met het beginsel van fair trial moet voor de inschrijvers kenbaar zijn wie de winnende inschrijver is waarmee wordt geconcurreerd, tenzij aan dergelijke geheime inschrijving draagkrachtige argumenten ten grondslag liggen dat openbaarmaking nadelig is voor die inschrijver in de zin dat fabrieks- of bedrijfsgeheimen en/of andere vertrouwelijke aspecten op straat komen te liggen en daardoor bijzonder ernstige schade optreedt in de concurrentiepositie. Rechtsbescherming wordt immers zinledig als onduidelijk blijft wie achter een “lege huls”-winnaar steekt. Behalve de eigen inschrijving beschikt de verliezende inschrijver Drawingboard in deze aanbesteding alleen over de naam van de winnaar en de scorematrix. Deze scorematrix is een document dat in beginsel slechts relatieve verhoudingen weergeeft. In geval van een geheime inschrijving, als hiervoor bedoeld, wordt vergelijkend toetsen van de inschrijving en inschatten van de kansen in een eventuele procedure en het bewijzen van de stellingen vrijwel onmogelijk.

4.11.

Het is aan de voorzieningenrechter om te bepalen hoe bescherming van als vertrouwelijk aangemerkte gegevens van Winterevents, waaronder de persoon van de onderaannemer(s), zich verhoudt tot effectieve rechtsbescherming van de verliezend inschrijver, Drawingboard, en of het bekend maken van de gevraagde documenten aan die rechtsbescherming ook daadwerkelijk bijdraagt.

4.12.

De Gemeente stelt dat uit de aard van de gevorderde stukken zonder uitzondering kan worden opgemaakt op welke wijze Winterevents voornemens is gestalte te geven aan de uitvoering van de opdracht. De inhoud van de stukken is daarmee, zo stelt zij, sterk concurrentiegevoelig en naar zijn aard vertrouwelijk. In het hypothetische geval immers, zo stelt de Gemeente, dat een heraanbesteding noodzakelijk is, wordt het voor Winterevents heel lastig of onmogelijk zich nogmaals op de onderaannemer te beroepen als de inhoud van haar inschrijving “op straat ligt” en die van haar alleen. Het gelijkheidsbeginsel en het wettelijk beginsel van vertrouwelijkheid van artikel 2:57 Aw verzetten zich tegen openbaarmaking, omdat eerlijke mededinging vereist dat inschrijvers niet op de hoogte komen van het marktgedrag van hun concurrenten. De Gemeente stelt dat juist de naam van de onderaannemer vertrouwelijk van aard is en commercieel gevoelige informatie betreft.

4.13.

De Gemeente stelt dat juist in sectoren waar sprake is van agressieve concurrentie, zoals bij het verkrijgen van kermis- (de voorzieningenrechter begrijpt naar aanleiding van het door de gemeente ter zitting gestelde: kerst-) concessies als de onderhavige, het helemaal niet ondenkbeeldig is dat een partij beroep instelt om eens te kijken wat de concurrent doet. Het systeem van aanbesteden wil ook nieuwe toetreders op de markt een kans geven. Winterevents is volgens de Gemeente zo’n nieuwe toetreder. Deze maakt gebruik van een onderaannemer om aan bepaalde geschiktheids- en ervaringseisen te voldoen. Het is Winterevents en niet de onderaannemer aan wie gegund wordt en juist daarom is, zo stelt de Gemeente, de naam van die onderaannemer concurrentiegevoelig. Het bekend maken van de referentieopdracht(en) zal niet alleen de naam van de onderaannemer onthullen, maar ook concurrentiegevoelige informatie. Juist uit de plannen en de presentatie volgt, zo stelt de Gemeente, hoe Winterevents het project voor zich ziet, onder meer door de artist impressions.

4.14.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat de naam van de onderaannemer(s) van Winterevents weliswaar belangrijke bedrijfsinformatie is, maar dat uit de stellingname van de Gemeente niet duidelijk wordt dat en welke “bijzonder ernstige schade” optreedt als de persoon van de onderaannemer(s) wordt bekend gemaakt, laat staan dat aannemelijk is gemaakt hoe dit nadelig zou kunnen zijn, terwijl Drawingboard daardoor slechts verneemt wie feitelijk het project gedurende ten minste vier jaren zal uitvoeren. Bovendien is erkend dat Winterevents voor alle geschiktheidscriteria steunt op een onderaannemer.

De voorzieningenrechter zal daarom in het kader van artikel 843a Rv de Gemeente verplichten de Eigen Verklaring van Winterevents bekend te maken voor zover het onderdeel 8.1. betreft (“De onderneming dient, indien hij een beroep doet op een derde/derden, bij 8.2. aan te geven voor welke geschiktheidseisen hij een beroep op een derde/derden doet. 8.2. (Indien van toepassing) zijn onderneming voor de volgende geschiktheidseis(en) een beroep doet op een derde/derden, te weten: Eis: … Derde waar beroep op wordt gedaan: …”) en indien uit de Eigen Verklaring om de een of andere reden niet zou blijken wie de onderaannemer(s) is of zijn, dient de Gemeente het document waaruit de referentie blijkt bekend te maken, maar alleen voor zover daaruit de naam van de onderaannemer(s) blijkt. Mutatis mutandis geldt hetzelfde voor bekendmaking van het plan 2016, het plan 2017-2019 en de presentatie.

4.15.

Met de Gemeente is de voorzieningenrechter van oordeel dat aannemelijk is gemaakt dat meer informatie dan de persoon van de onderaannemer(s), zodanig concurrentiegevoelig is dat bekendmaking nadelig zou kunnen zijn voor Winterevents. Op voorhand kan immers niet worden uitgesloten dat opnieuw aanbesteed zal moeten worden. In dat geval zou de inschrijving, of onderdelen daarvan zoals de plattegrond van het evenemententerrein en de artist impression, van Winterevents volledig bekend zijn, en dat is in strijd met het uitgangspunt van eerlijke mededinging.

4.16.

Dat de referentieopdracht van Winterevents haar commerciële belangen niet zou treffen, kan niet worden gevolgd. De keuze voor een bepaald referentieproject van de onderaannemer(s) onthult (mogelijk) informatie over de bedrijfsstrategie en plannen voor 2016 en 2017-2019 van Winterevents en het commitment van de onderaannemer(s) en dat is, onweersproken, sterk concurrentiegevoelige informatie.

4.17.

Met de Gemeente is de voorzieningenrechter van oordeel dat juist uit de plannen en de presentatie volgt hoe Winterevents het project voor zich ziet. Uit de plannen en presentatie blijkt hoe Winterevents zich onderscheidt van de andere inschrijvers. De weerslag van het zich onderscheiden van de andere inschrijvers ligt vast in de scores. Deze zijn bekend gemaakt in de bijlage bij de brief van 15 maart 2016. Daarmee is, mede gelet op de motiveringsplicht die op de Gemeente rust, in beginsel voldaan aan de eisen die het aanbestedingsrecht stelt.

4.18.

Inzake het beroep op artikel 843a Rv voor het verkrijgen van inzicht in de beweerdelijk wiskundig onmogelijke scores van Winterevents, is de voorzieningenrechter van oordeel dat dit moet worden afgewezen. Hij overweegt daartoe dat Drawingboard geen argumenten heeft aangevoerd waarom daartoe inzage in de plannen en de presentatie van Winterevents noodzakelijk is, nu niet tegelijkertijd ook is gesteld dat de eigen inschrijving onjuist zou zijn beoordeeld. Uit de plannen en de presentatie kan immers niet volgen hoe de score tot stand is gekomen en of die al dan niet “onmogelijk” is.

4.19.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat het aan de Gemeente is, gelet op het digitale karakter van de gegevens, om te bepalen hoe zij de bekend te maken gegevens ter beschikking stelt aan Drawingboard, zodat de vordering terzake het gelegde beslag en de uitvoering van de veroordeling, zoals die primair wordt gevorderd, zal worden afgewezen.

4.20.

Drawingsboard heeft verzocht om een dwangsom op te leggen van € 10.000,00 voor iedere dag of deel daarvan dat de Gemeente geen gehoor geeft aan een veroordelend vonnis, met een maximum van € 250.000,00. De voorzieningenrechter wijst vordering af, omdat hij ervan uitgaat dat de Gemeente terstond uitvoering zal geven aan dit vonnis, zoals ter zitting uitdrukkelijk is toegezegd.

Bekendmaken van bescheiden en gegevens van Vrijthof Mooi aan Drawingboard

4.21.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat Drawingboard op dit moment (nog) geen rechtens te honoreren belang heeft bij het verkrijgen van informatie over dan wel in verband met de inschrijving van Vrijthof Mooi.

De gunning heeft immers plaatsgevonden aan Winterevents en niet aan Vrijthof Mooi. De “bodemprocedure” ter voorbereiding waarvan de gevraagde gegevens beweerdelijk noodzakelijk zijn, kan in beginsel alleen maar betrekking hebben op de aanbestedingsprocedure die de uitkomst heeft dat gegund is aan Winterevents. Indien in die procedure de voorzieningenrechter tot het oordeel komt dat ten onrechte gunning heeft plaatsgevonden aan Winterevents zal, als de Gemeente de opdracht dan nog in de markt wenst te zetten, ofwel aan Vrijthof Mooi gegund moeten worden, volgens de afgesproken systematiek, dan wel zullen de inschrijvingen herbeoordeeld moeten worden, dan wel zal de aanbesteding in zijn geheel moet worden overgedaan. Alleen in het geval dat de Gemeente de aanbesteding bij een veroordeling in de bodemprocedure wenst voort te zetten en de opdracht alsdan aan Vrijthof Mooi gegund wordt, bestaat er mogelijk een grond tot bekendmaken van gegevens.

Informatie over inschrijver Group Winterland

4.22.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat Drawingboard op geen enkele wijze heeft onderbouwd dat en waarom zij op grond van artikel 843a Rv recht zou hebben op de gevraagde informatie inzake Group Winterland, zodat die vordering zal worden afgewezen.

De proceskosten

4.23.

Omdat Drawingboard gedeeltelijk in het gelijk is gesteld, zal de Gemeente worden veroordeeld in de kosten van het geding. De kosten worden tot op heden begroot op:

  • -

    exploot van dagvaarding € 77,75

  • -

    exploot vermeerdering eis € 77,75

  • -

    griffierecht € 619,00

  • -

    salaris advocaat € 816,00

  • -

    totaal € 1.590,50.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

veroordeelt de Gemeente om binnen twee dagen dagtekening van dit vonnis aan Drawingboard afschrift te verschaffen van:
- de Eigen Verklaring van Winterevents voor zover het onderdeel 8.2. betreft, en indien daaruit niet blijkt wie de onderaannemer(s) van Winterevents is of zijn
- het bewijsstuk van de referentieopdracht (de ingevulde bijlage 5 van het Beschrijvend document) van Winterevents voor zover daaruit de naam van de onderaannemer(s) blijkt of blijken, en indien daaruit niet blijkt wie de onderaannemer(s) van Winterevents is of zijn
- het plan van aanpak 2016 van Winterevents, met uitzondering van de financiële onderbouwing, voor zover daaruit de naam van de onderaannemer(s) blijkt of blijken, en indien daaruit niet blijkt wie de onderaannemer(s) van Winterevents is of zijn
- het plan van aanpak 2017-2019 van Winterevents, met uitzondering van de financiële onderbouwing, voor zover daaruit de naam van de onderaannemer(s) blijkt of blijken, en indien daaruit niet blijkt wie de onderaannemer(s) van Winterevents is of zijn
- de presentatie van Winterevents, voor zover daaruit de naam van de onderaannemer(s) blijkt of blijken,

5.2.

veroordeelt de Gemeente in de kosten van het geding tot op heden begroot op
€ 1.590,50,

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

5.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.F.W. Huinen en in het openbaar uitgesproken.1

1 type: EvB coll: