Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2015:889

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
04-02-2015
Datum publicatie
04-02-2015
Zaaknummer
03/659171-14
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte, nu 52 jaar oud, heeft zich in de periode van 1 januari 2010 tot en met 29 april 2014 schuldig gemaakt aan zes (zeden-)misdrijven: hij heeft tweemaal ontucht gepleegd met een destijds 14- of 15-jarig meisje; door het geven van cadeaus en het doen van valse beloftes heeft hij een destijds 17-jarig meisje ertoe bewogen met hem seks te hebben; door te dreigen met het plaatsen van naaktfoto’s van twee destijds 13-jarige meisjes op Youtube heeft hij geprobeerd beide meisjes ertoe te bewegen met hem een afspraak te maken; hij heeft ongevraagd een afbeelding die aanstotelijk was voor de eerbaarheid (een foto van een ontbloot mannelijk geslachtsdeel) via Whatsapp naar een 13-jarig meisje gestuurd en ten slotte heeft verdachte vijf afbeeldingen met kinderporno in zijn bezit gehad. Verdachte deed zich meestal voor als een jonge man en ging gewoon door met het contact als hij wist dat het meisje minderjarig was. Hij was duidelijk uit op zijn eigen seksuele behoeftebevrediging en hield er absoluut geen rekening mee dat hij te maken had met jonge, kwetsbare kinderen en pubers.

De rechtbank acht, anders dan de officier van justitie, een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, passend. Omdat voorkomen moet worden dat verdachte nog eens contact legt met minderjarigen om zijn seksuele verlangens te bevredigen, zal de rechtbank het advies van de reclassering volgen en de bijzondere voorwaarden opleggen dat verdachte zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de reclassering, zich dient te houden aan een meldplicht en dient mee te werken aan een behandeling bij FPP de Horst of een soortgelijke instelling, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Strafrecht

Parketnummer: 03/659171-14

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 4 februari 2015

in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum verdachte],

thans gedetineerd in de P.I. Zuid Oost, HvB Roermond.

Raadsman is mr. R.G.J. Deuss, advocaat te Weert.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 21 januari 2015, waarbij de officier van justitie, de verdediging en de verdachte hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

feit 1 : meermalen ontucht heeft gepleegd met een meisje dat tussen de 12 en 16 jaar oud was;

feit 2 : meermalen een meisje, van wie hij wist dat zij jonger was dan 18 jaar, door middel van het geven van cadeaus en het doen van valse beloftes ertoe heeft bewogen met hem ontucht te plegen;

feit 3 : heeft geprobeerd een minderjarig meisje te dwingen hem te ontmoeten door te dreigen met het op Youtube publiceren van naaktfoto’s van dat meisje en door middel van de belofte dat zij tijdens een ontmoeting genoemde naaktfoto’s van zijn telefoon zou mogen verwijderen;

feit 4 : heeft geprobeerd een minderjarig meisje te dwingen hem te ontmoeten door te dreigen met het op Youtube publiceren van een naaktfoto van dat meisje;

feit 5 : meermalen een afbeelding waarvan de vertoning schadelijk is voor personen beneden de 16 jaar, te weten een foto van een bloot mannelijk geslachtsdeel, heeft verstuurd naar een meisje dat jonger was dan 16 jaar (primair) dan wel ongevraagd een afbeelding waarvan hij wist of ernstige reden had te vermoeden dat deze aanstotelijk was voor de eerbaarheid, te weten een foto van een bloot mannelijk geslachtsdeel, naar eerdergenoemd meisje heeft verstuurd (subsidiair);

feit 6 : meermalen ongevraagd een afbeelding waarvan hij wist of ernstige reden had te vermoeden dat deze aanstotelijk was voor de eerbaarheid, te weten een afbeelding van zijn ontblote stijve penis, naar een meisje heeft verstuurd;

feit 7 : kinderporno in zijn bezit heeft gehad en/of heeft verspreid.

3 De beoordeling van het bewijs

3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de feiten 1, 2, 3, 4, 5 primair, 6 en 7 bewezen zijn.

3.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman is van mening dat feit 1, met uitzondering van het bestanddeel ‘meermalen’, kan worden bewezen. Dat de tenlastegelegde ontucht meermalen is gepleegd kan niet worden bewezen, omdat aangeefster slechts over één maal heeft verklaard.

Met betrekking tot feit 2 heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

De raadsman heeft met betrekking tot de feiten 3 en 4 vrijspraak bepleit, aangezien het in beide gevallen niet tot een ontmoeting is gekomen omdat verdachte dat niet wilde. Om die reden moet het gedrag van verdachte worden gezien als een onvoltooide poging.

Feit 5 primair kan niet worden bewezen nu nergens uit blijkt dat vertoning van een afbeelding van een ontbloot mannelijk geslachtsdeel schadelijk is voor personen beneden de leeftijd van 16 jaar. Met betrekking tot feit 5 subsidiair heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Wat betreft feit 6 heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Met uitzondering van het tenlastegelegde verspreiden van kinderporno kan feit 7 worden bewezen. Verdachte dient daarom van het verspreiden te worden vrijgesproken.

3.3

Het oordeel van de rechtbank 1

Feit 1

[slachtoffer 1], geboren op [geboortedatum 1], heeft op 1 mei 2014 tijdens een zogenoemd ‘informatief gesprek zeden’ ten overstaan van twee politieambtenaren verklaard dat zij op 14-jarige leeftijd had afgesproken met een man genaamd [verdachte]. Ze hadden afgesproken voor het Cita Verde College in Nederweert. [verdachte] was daar met een donkergroene auto en zij waren samen in deze auto gaan zitten. [slachtoffer 1] weet dat ze toen gezoend hadden en dat er nog wel meer was gebeurd. Daarna hadden ze nog een tweede keer afgesproken. Dit was op de parkeerplaats bij Jan Linders in Nederweert. Daarna heeft ze buiten in het bos seks met [verdachte] gehad.

[slachtoffer 1] meent dat ze twee keer seks met [verdachte] heeft gehad. Ze heeft namelijk ook die keer in de auto seks met hem gehad, maar dat weet ze niet meer zeker.2

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij in de periode van 1 januari 2010 tot en met 31 december 2010 in de gemeente Nederweert tweemaal met [slachtoffer 1] seks heeft gehad, terwijl hij naar eigen zeggen wist dat dit, gelet op haar jeugdige leeftijd, niet mocht. Hij is toen met zijn penis in haar vagina geweest en hij heeft haar gevingerd. Ook heeft [slachtoffer 1] hem afgetrokken.3

Uit onderzoek in het politiesysteem BVI-IB is gebleken dat een getuige had gemeld dat hij op 8 mei 2010 in Nederweert had gezien dat op de achterbank van een geparkeerde personenauto een oudere man seks had met een meisje van 14 à 15 jaar oud. Dit werd destijds bevestigd door een andere buurtbewoner. Beide getuigen hadden van de personenauto, een groene Rover, het Nederlandse kenteken genoteerd. Het kenteken bleek te zijn afgegeven aan: [verdachte], [adres 1].4

Op grond van de bovenomschreven bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang bezien, acht de rechtbank feit 1 bewezen. Anders dan de raadsman is de rechtbank van oordeel dat uit de bewijsmiddelen blijkt dat verdachte meer dan eenmaal, namelijk tweemaal, met

[slachtoffer 1] ontuchtige handelingen heeft gepleegd.

Feit 2

Met de officier van justitie en de raadsman acht de rechtbank feit 2 bewezen gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting;5

- de aangifte.6

Feit 3

Op 12 februari 2013 heeft de moeder van [slachtoffer 2], geboren op [geboortedatum 2], tijdens een zogenoemd ‘informatief gesprek zeden’ verklaard dat haar dochter [slachtoffer 2] op aandringen van een jongen met deze jongen een afspraak had gemaakt bij de kerk in Beek en Donk. [slachtoffer 2] had genoemde jongen via Whatsapp een naaktfoto van haarzelf gestuurd en zij zou de naaktfoto mogen wissen als zij de afspraak nakwam. Als zij niet kwam, zou de jongen de naaktfoto op Youtube zetten.7

Op 12 mei 2014 heeft de moeder van [slachtoffer 2] namens haar dochter aangifte gedaan waarin zij het bovenstaande nogmaals heeft verklaard.8

In het dossier bevinden zich Whatsapp-berichten, gedateerd 11 februari 2013, met als inhoud –kort samengevat– de door [slachtoffer 2]’s moeder genoemde afspraak.9

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij deze Whatsapp-berichten, waarin hij onder andere dreigt naaktfoto’s van [slachtoffer 2] via Youtube te publiceren, naar [slachtoffer 2] heeft verstuurd omdat hij haar wilde ontmoeten.10

Op grond van de bovenomschreven bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang bezien, acht de rechtbank feit 3 bewezen. Anders dan de raadsman is de rechtbank van oordeel dat de gedragingen van verdachte moeten worden beschouwd als een voltooide poging, aangezien verdachte, zoals tenlastegelegd, heeft geprobeerd door middel van een dreigement

[slachtoffer 2] te bewegen met hem af te spreken. Dat er geen ontmoeting heeft plaatsgehad, is in dit kader niet relevant.

Feit 4

Op 8 januari 2014 heeft [slachtoffer 3], geboren op [geboortedatum 3], tijdens een zogenoemd ‘informatief gesprek zeden’ verklaard dat zij tijdens de Kerstvakantie van 2013 via Whatsapp een foto van haar borsten naar een jongen had verstuurd. De jongen, die zichzelf [naam 1] noemde, had [slachtoffer 3] gevraagd een keer af te spreken. Toen hem duidelijk werd dat zij dat niet wilde zei hij dat hij haar wel een Youtube-link zou sturen. [slachtoffer 3] was bang dat de link betrekking had op de foto van haar borsten en zij verzocht de jongen de foto niet op Youtube te plaatsen. Ze zei tegen de jongen dat hij haar foto niet op Youtube moest zetten en dat ze wel met hem zou afspreken.

Uit de bijgevoegde Whatsappberichten, gedateerd 26 tot en met 28 december 2013, blijkt dat [naam 1] –zakelijk weergegeven– tegen [slachtoffer 3] heeft gezegd dat hij niets met de foto zou doen op voorwaarde dat zij met hem zou afspreken.11

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij, zich voordoende als eerdergenoemde [naam 1], deze berichten naar [slachtoffer 3] heeft verstuurd om door middel van de dreiging van het via Youtube publiceren van de foto van de borsten van [slachtoffer 3] een afspraak met [slachtoffer 3] af te dwingen.12

Op grond van de bovenomschreven bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang bezien, acht de rechtbank feit 4 bewezen. Anders dan de raadsman is de rechtbank van oordeel dat de gedragingen van verdachte moeten worden beschouwd als een voltooide poging, aangezien verdachte, zoals tenlastegelegd, heeft geprobeerd door middel van een dreigement

[slachtoffer 3] te bewegen met hem af te spreken. Dat er geen ontmoeting heeft plaatsgehad, is in dit kader niet relevant.

Feit 5

primair

Bij gebreke van een nadere onderbouwing is de rechtbank, anders dan de officier van justitie, van oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat vertoning van een foto van een ontbloot mannelijk geslachtsdeel schadelijk is te achten voor personen beneden de 16 jaar. Zij zal verdachte dan ook vrijspreken van het onder 5 primair tenlastegelegde.

subsidiair

Wel acht de rechtbank een afbeelding van een ontbloot mannelijk geslachtsdeel aanstotelijk voor de eerbaarheid wanneer deze afbeelding anders dan op verzoek van de ontvanger of ontvangster wordt verstuurd, zoals onder 5 subsidiair tenlastegelegd. Daartoe overweegt zij dat met eerbaarheid wordt gedoeld op ‘de eerbaarheid als algemeen begrip zoals dat moet worden opgevat naar de hier te lande heersende zeden, welke worden bepaald door de bij een belangrijke meerderheid van het Nederlandse volk op dit punt levende

opvattingen’.

Het bovenstaande in aanmerking nemend acht de rechtbank met de raadsman feit 5 subsidiair bewezen ter zake [slachtoffer 2] gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting;13

- de aangifte.14

De rechtbank zal verdachte vrijspreken van feit 5 subsidiair voor zover de tenlastelegging ziet op [slachtoffer 5]. Dat hij haar een afbeelding van een ontbloot mannelijk geslachtsdeel heeft gestuurd, blijkt niet uit het dossier.

Feit 6

De rechtbank is van oordeel dat een afbeelding van een ontblote stijve penis in zijn algemeenheid aanstotelijk is voor de eerbaarheid van degene die deze afbeelding anders dan op zijn of haar verzoek ontvangt. In dit geval doet zich echter de situatie voor dat verdachte en de ontvangster van de afbeelding van verdachtes ontblote stijve penis elkaar over en weer erotisch getinte afbeeldingen verstuurden. Gelet op deze omstandigheid is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden bewezen dat verdachte wist dan wel ernstige reden had te vermoeden dat een afbeelding van zijn ontblote stijve penis in dit geval aanstotelijk was voor de eerbaarheid van de ontvangster. Om die reden zal zij verdachte vrijspreken van feit 6.

Feit 7

Met de officier van justitie en de raadsman acht de rechtbank feit 7 bewezen gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting;15

- het proces-verbaal ‘Bevindingen onderzoek & beoordeling beeldbestanden’;16

- het proces-verbaal ‘Bevindingen onderzoek beeldbestanden’.17

Anders dan de officier van justitie is de rechtbank met de raadsman van oordeel dat niet kan worden bewezen dat verdachte, naast het in bezit hebben van kinderporno, kinderporno heeft verspreid. Zonder nadere informatie/toelichting is de enkele omstandigheid dat kinderpornografische afbeeldingen in de ‘sent-map’ van verdachtes Whatsapp zijn aangetroffen namelijk onvoldoende om het tenlastegelegde verspreiden van kinderporno bewezen te achten. Verdachte zou de betreffende afbeeldingen immers ook aan zichzelf verzonden kunnen hebben.

3.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat verdachte

1.

in de periode van 1 januari 2010 tot en met 31 december 2010 in de gemeente Nederweert meermalen met [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 1]) die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1];

2.

in de periode van 1 mei 2013 tot en met 1 september 2013 te Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal en/of in de gemeente Hengelo en/of in de gemeente Wierden, meermalen, door giften of beloften van geld en goed en door misleiding, te weten door het

- geven en schenken van sieraden en andere goederen en geld en

- beloven en in het vooruitzicht stellen van een auto en geldbedragen en

- valselijk opmaken van een (zgn. notarieel) contract, waarin de data vermeld stonden

waarop een persoon genaamd [slachtoffer 4] grote geldbedragen van hem, verdachte,

zou ontvangen en het sturen van een foto van dat contract naar die [slachtoffer 4],

een persoon, [slachtoffer 4], geboren op [geboortedatum 4], waarvan verdachte wist dat

deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen

ontuchtige handelingen, te weten

- het duwen en/of brengen van zijn, verdachtes, vinger(s) en penis in de

vagina van die [slachtoffer 4] en

- het duwen en/of brengen van zijn, verdachtes, penis in de mond van die [slachtoffer 4] en

- het zich door die [slachtoffer 4] laten aftrekken en

- het betasten van de borsten van die [slachtoffer 4],

te plegen of zodanige handelingen van verdachte te dulden;

3.

in de periode van 1 oktober 2012 tot en met 14 februari 2013 te Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 2]), door bedreiging met enige feitelijkheid gericht tegen die [slachtoffer 2], wederrechtelijk te dwingen iets te doen, Whatsapp-berichten aan die [slachtoffer 2] heeft gestuurd, waarin hij tegen die [slachtoffer 2] heeft gezegd dat die [slachtoffer 2] met hem, verdachte, moest afspreken en hem, verdachte, moest ontmoeten en dat hij, verdachte, als die [slachtoffer 2] niet op zou komen dagen, naaktfoto’s van die [slachtoffer 2] op Youtube zou zetten en dat die [slachtoffer 2] die naaktfoto’s van zijn, verdachtes, telefoon zou mogen verwijderen, als zij met hem, verdachte, zou afspreken en hem, verdachte, zou ontmoeten;

4.

in de periode van 1 oktober 2013 tot en met 31 december 2013 te Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum 3]), door bedreiging

met enige andere feitelijkheid gericht tegen die [slachtoffer 3], wederrechtelijk te dwingen iets te doen, berichten aan die [slachtoffer 3] heeft gestuurd, waarin hij tegen die [slachtoffer 3] heeft gezegd dat die [slachtoffer 3] met hem, verdachte, moest afspreken en hem, verdachte, moest ontmoeten en dat hij, verdachte, als die [slachtoffer 3] niet op zou komen dagen, een naaktfoto van die [slachtoffer 3] op Youtube zou zetten;

5.

subsidiair

in de periode van 1 oktober 2012 tot en met 13 april 2014 te Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, een afbeelding, waarvan hij, verdachte, ernstige reden had te vermoeden dat deze aanstotelijk was voor de eerbaarheid aan een persoon, anders dan op dier verzoek heeft toegezonden, immers heeft verdachte in de periode van 1 oktober 2012 tot en met 14 februari 2013 een foto van een ontbloot mannelijk geslachtsdeel gestuurd naar [slachtoffer 2];

7.

in de periode van 1 januari 2012 tot en met 29 april 2014 te Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, meermalen, telkens afbeeldingen, te weten foto's en een video en een gegevensdrager bevattende afbeeldingen (te weten een mobiele telefoon) in bezit heeft gehad, terwijl op die afbeeldingen seksuele gedragingen zichtbaar zijn, waarbij telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken, welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit onder meer:

- het vaginaal penetreren met een vinger van het lichaam van een persoon die kennelijk de

leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt en

- het geheel of gedeeltelijk naakt laten poseren van personen die kennelijk de leeftijd van 18

jaar nog niet hebben bereikt, waarbij deze personen poseren in een erotisch getinte houding

op een wijze die niet bij hun leeftijd past en waarbij deze personen door het

camerastandpunt en/of de onnatuurlijke pose en/of de wijze van kleden van deze personen

en/of de uitsnede van de afbeeldingen/film nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen en/of

borsten en/of billen in beeld gebracht worden waarbij de afbeelding aldus een

onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is tenlastegelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De strafbaarheid

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

feit 1:

met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;

feit 2:

door giften of beloften van geld en goed en door misleiding een persoon waarvan hij weet dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen te plegen of van hem te dulden, meermalen gepleegd;

feit 3:

een ander door bedreiging met een feitelijkheid, gericht tegen die ander, wederrechtelijk dwingen iets te doen;

feit 4:

een ander door bedreiging met een feitelijkheid, gericht tegen die ander, wederrechtelijk dwingen iets te doen;

feit 5 subsidiair:

ernstige reden hebbende te vermoeden dat een afbeelding aanstotelijk is voor de eerbaarheid die afbeelding aan iemand, anders dan op diens verzoek, toezenden;

feit 7:

een afbeelding of gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

Verdachte is in het kader van de onderhavige zaak onderzocht door F. van Nunen, klinisch psycholoog. De psycholoog heeft -kort gezegd- geconcludeerd dat verdachte als licht verminderd toerekeningsvatbaar moet worden beschouwd, aangezien hij ten tijde van het plegen van het tenlastegelegde lijdende was aan persoonlijkheidsproblematiek en een parafile neiging bestaande uit seksuele drang naar minderjarige meisjes in de (pre)pubertijd. Tevens was er sprake van relatieproblematiek. Mede onder invloed van deze relatieproblematiek is verdachte gekomen tot grensoverschrijdend seksueel gedrag ten aanzien van minderjarige meisjes en het bezit van kinderpornografisch materiaal van minderjarige meisjes.

De rechtbank verenigt zich met genoemde conclusie en is daarom van oordeel dat het hiervoor bewezenverklaarde aan verdachte kan worden toegerekend, zij het in licht verminderde mate. Nu ook overigens niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit, acht de rechtbank verdachte strafbaar.

5 De strafoplegging

5.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft op grond van hetgeen zij bewezen heeft geacht, gevorderd aan verdachte een gevangenisstraf van 4 jaar op te leggen, waarvan 1 jaar voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en daarbij als bijzondere voorwaarden reclasseringstoezicht, een meldplicht en het meewerken aan een behandeling bij FPP de Horst, zolang de reclassering dat nodig acht.

5.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit een gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest en een taakstraf op te leggen. Daarnaast dient een voorwaardelijke straf te worden opgelegd met daarbij de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich moet laten behandelen bij FPP de Horst.

5.3

Het oordeel van de rechtbank

Verdachte, nu 52 jaar oud, heeft zich in de periode van 1 januari 2010 tot en met 29 april 2014 schuldig gemaakt aan zes (zeden-)misdrijven: hij heeft tweemaal ontucht gepleegd met een destijds 14- of 15-jarig meisje; door het geven van cadeaus en het doen van valse beloftes heeft hij een destijds 17-jarig meisje ertoe bewogen met hem seks te hebben; door te dreigen met het plaatsen van naaktfoto’s van twee destijds 13-jarige meisjes op Youtube heeft hij geprobeerd beide meisjes ertoe te bewegen met hem een afspraak te maken; hij heeft ongevraagd een afbeelding die aanstotelijk was voor de eerbaarheid (een foto van een ontbloot mannelijk geslachtsdeel) via Whatsapp naar een 13-jarig meisje gestuurd en ten slotte heeft verdachte vijf afbeeldingen met kinderporno in zijn bezit gehad. Verdachte deed zich meestal voor als een jonge man en ging gewoon door met het contact als hij wist dat het meisje minderjarig was. Hij was duidelijk uit op zijn eigen seksuele behoeftebevrediging en hield er absoluut geen rekening mee dat hij te maken had met jonge, kwetsbare kinderen en pubers.

Gelet op de ernst en het moreel gezien uitermate verwerpelijke karakter van de gepleegde feiten is alleen een gevangenisstraf van langere duur passend.

In positieve zin houdt de rechtbank rekening met het feit dat verdachte na zijn aanhouding, door volledige openheid van zaken te geven, heeft meegewerkt aan het politieonderzoek en ook ter terechtzitting alle feiten heeft bekend.

Verder houdt de rechtbank in strafmatigende zin rekening met de omstandigheid dat verdachte als licht verminderd toerekeningsvatbaar moet worden beschouwd.

Het bovenstaande in aanmerking nemend acht de rechtbank, anders dan de officier van justitie, een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, passend. Omdat voorkomen moet worden dat verdachte nog eens contact legt met minderjarigen om zijn seksuele verlangens te bevredigen, zal de rechtbank het advies van de reclassering volgen en de bijzondere voorwaarden opleggen dat verdachte zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de reclassering, zich dient te houden aan een meldplicht en dient mee te werken aan een behandeling bij FPP de Horst of een soortgelijke instelling, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht.

6 De benadeelde partij

6.1

De vordering van de benadeelde partij

De benadeelde partij [slachtoffer 4] vordert een schadevergoeding van € 1.500,00 bestaande uit immateriële schade ter zake van de feiten 2 en 6.

6.2

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering geheel dient te worden toegewezen met daarbij oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

6.3

Het standpunt van de verdediging

De raadsman is van mening dat de vordering dient te worden gematigd tot € 500,00.

6.4

Het oordeel van de rechtbank

Uit het onderzoek ter terechtzitting is komen vast te staan dat aan de benadeelde partij,

[slachtoffer 4], door het onder 2 bewezenverklaarde feit rechtstreeks immateriële schade is toegebracht. De rechtbank acht het redelijk en billijk de schade vast te stellen op een bedrag van € 500,00, tot welk bedrag de vordering niet is betwist. De rechtbank heeft bij de bepaling van de hoogte van het bedrag rekening gehouden met de mate van de door verdachte uitgeoefende dwang, de seksuele aard van het contact en de leeftijd van de verdachte en het slachtoffer. Voor het overige wijst zij de vordering af.

Zoals door de benadeelde partij gevorderd, zal de rechtbank het toe te wijzen bedrag vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van het ontstaan van de schade, te weten 1 september 2013.

Nu de verdachte ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde strafbare feit zal worden veroordeeld en hij naar burgerlijk recht jegens het slachtoffer [slachtoffer 4] aansprakelijk is voor de schade die door dat strafbare feit is toegebracht, zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu zij het wenselijk acht dat de Staat de vergoeding van de schade aan het slachtoffer bevordert.

7 Het beslag

De hierna in de beslissing genoemde in beslag genomen gsm zal verbeurd worden verklaard, nu de feiten met betrekking tot dit voorwerp zijn begaan en het ongecontroleerde bezit van een gsm niet in strijd is met de wet of het algemeen belang.

8 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 24c, 36f, 45, 57, 240, 240b, 245, 248a en 284 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

- spreekt verdachte vrij van de onder 5 primair en 6 tenlastegelegde feiten;

Bewezenverklaring

  • -

    verklaart het tenlastegelegde bewezen, zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;

  • -

    spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is tenlastegelegd;

Strafbaarheid

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;

  • -

    verklaart verdachte strafbaar;

Straf

  • -

    veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk;

  • -

    bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast omdat verdachte voor het einde van een proeftijd van 2 jaar een algemene voorwaarde of de bijzondere voorwaarde heeft overtreden;

  • -

    stelt als algemene voorwaarden dat de verdachte:

  • -

    zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

  • -

    ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

  • -

    medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

  • -

    stelt als bijzondere voorwaarden dat de verdachte:

  • -

    zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de Reclassering, zich dient te houden aan een meldplicht en dient mee te werken aan een behandeling bij FPP de Horst of een soortgelijke instelling, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;

  • -

    draagt de reclassering op toezicht te houden op de naleving van deze voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

  • -

    bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijke deel van de opgelegde gevangenisstraf;

Beslag

  • -

    verklaart verbeurd de in beslag genomen gsm, op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst genummerd 9;

  • -

    gelast de teruggave van de overige op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst vermelde voorwerpen, genummerd 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18 en 19, aan degene onder wie het goed in beslag is genomen;

Benadeelde partij

  • -

    veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 4], [adres 2], van € 500,00 en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 1 september 2013 tot aan de dag van volledige voldoening;

  • -

    wijst de vordering voor het overige af;

  • -

    veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

  • -

    legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 4] € 500,00 te betalen, bij niet-betaling te vervangen door 10 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 september 2013 tot aan de dag van volledige voldoening;

  • -

    bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.C.A.E. van Binnebeke, voorzitter, mr. F.H. Machiels

en mr. E.H.A.F.M. Krol, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.C. Smeets, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 4 februari 2015.

Buiten staat

Mr. F.H. Machiels is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat

1.

hij

in of omstreeks de periode van 1 januari 2010 tot en met 31 december 2010 in

de gemeente Nederweert, meermalen, althans eenmaal, (telkens) met [slachtoffer 1]

, (geboren op [geboortedatum 1]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog

niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige

handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het

seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1];

2.

hij

in of omstreeks de periode van 1 mei 2013 tot en met 1 september 2013 te

Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal en/of in de gemeente Hengelo en/of in de

gemeente Wierden, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal,

(telkens) door giften of beloften van geld en/of goed en/of misbruik van uit

feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht en/of door misleiding, te

weten door het meermalen, althans eenmaal, (telkens)

- geven en/of schenken van een of meer siera(a)d(en) en/of (een) ander(e)

goed(eren) en/of geld en/of

- beloven en/of toezeggen en/of in het vooruitzicht stellen van een auto en/of

(grote) geldbedragen en/of

- valselijk opmaken van een (zgn. notarieel) contract, waarin de data vermeld

stonden waarop een persoon genaamd [slachtoffer 4] grote geldbedragen van

hem, verdachte, zou ontvangen en/of (vervolgens) het sturen van een foto van

dat contract naar die [slachtoffer 4]

een persoon, [slachtoffer 4], geboren op [geboortedatum 4], waarvan verdachte

wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren

nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen, te

weten

- het duwen en/of brengen van zijn, verdachtes, vinger(s) en/of penis in de

vagina van die [slachtoffer 4] en/of

- het duwen en/of brengen van zijn, verdachtes, penis in de anus en/of de mond

van die [slachtoffer 4] en/of

- het zich door die [slachtoffer 4] laten aftrekken en/of

- het betasten van de borsten van die [slachtoffer 4]

te plegen of zodanige handelingen van verdachte te dulden;

3.

hij

in of omstreeks de periode van 1 oktober 2012 tot en met 14 februari 2013 te

Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, ter uitvoering

van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 2]

), door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging

met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die [slachtoffer 2],

wederrechtelijk te dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden, meermalen,

althans eenmaal, (telkens)

een of meer (Whatsapp-)bericht(en) aan die [slachtoffer 2] heeft gestuurd, waarin hij

tegen die [slachtoffer 2] heeft gezegd dat die [slachtoffer 2] met hem, verdachte, moest

afspreken en/of hem, verdachte, moest ontmoeten en/of dat hij, verdachte, als

die [slachtoffer 2] niet op zou komen dagen, een of meer naaktfoto('s) van die [slachtoffer 2]

op Youtube zou zetten, althans via het internet zou verspreiden en/of dat die

[slachtoffer 2] die naaktfoto('s) van zijn, verdachtes, telefoon zou mogen

verwijderen, als zij met hem, verdachte, zou afspreken en/of hem, verdachte,

zou ontmoeten;

art. 45 Wetboek van Strafrecht

4.

hij

in of omstreeks de periode van 1 oktober 2013 tot en met 31 december 2013 te

Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, ter uitvoering

van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum 3]

), door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging

met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die [slachtoffer 3],

wederrechtelijk te dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden, meermalen,

althans eenmaal, (telkens)

een of meer (chat-)bericht(en) aan die [slachtoffer 3] heeft gestuurd, waarin hij

tegen die [slachtoffer 3] heeft gezegd dat die [slachtoffer 3] met hem, verdachte, moest

afspreken en/of hem, verdachte, moest ontmoeten en/of dat hij, verdachte, als

die [slachtoffer 3] niet op zou komen dagen, een of meer naaktfoto('s) van die

[slachtoffer 3] op Youtube zou zetten, althans via het internet zou verspreiden,

en/of dat hij, verdachte, niets met die naaktfoto('s) zou doen, tot hij,

verdachte, met die [slachtoffer 3] had afgesproken en/of dat die [slachtoffer 3] die

naaktfoto('s) van zijn, verdachtes, telefoon zou mogen verwijderen, als zij

met hem, verdachte, zou afspreken en/of hem, verdachte, zou ontmoeten;

art. 45 Wetboek van Strafrecht

5.

hij

in of omstreeks de periode van 1 oktober 2012 tot en met 13 april 2014 te

Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, meermalen,

althans eenmaal, (telkens) een afbeelding waarvan de vertoning schadelijk is

te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaar heeft verstrekt

en/of aangeboden en/of vertoond aan (een) minderjarige(n) van wie hij,

verdachte, wist, althans redelijkerwijs moest vermoeden, dat deze jonger

was/waren dan zestien jaar, immer heeft verdachte

- in of omstreeks de periode van 1 oktober 2012 tot en met 14 februari 2013

(via sms) een of meer foto('s) en/of afbeelding(en) van (een) (ontblo(o)t(e))

mannelijk(e) geslachtsde(e)l(en) gestuurd naar [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 2]

) en/of

- in of omstreeks de periode van 1 november 2013 tot en met 13 april 2014 (via

WhatsApp) een of meer foto('s) en/of afbeelding(en) van (een) (ontblo(o)t(e))

mannelijk(e) geslachtsde(e)l(en) gestuurd naar [slachtoffer 5];

Subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of

zou kunnen leiden, dat:

hij

in of omstreeks de periode van 1 oktober 2012 tot en met 13 april 2014 te

Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, meermalen,

althans eenmaal, (telkens) een afbeelding, waarvan hij, verdachte, wist of

ernstige reden had te vermoeden dat deze aanstotelijk was voor de eerbaarheid

aan een of meer perso(o)n(en), anders dan op diens/dier verzoek heeft

toegezonden, immers heeft verdachte

- in of omstreeks de periode van 1 oktober 2012 tot en met 14 februari 2013

(via sms) een of meer foto('s) en/of afbeelding(en) van (een) (ontblo(o)t(e))

mannelijk(e) geslachtsde(e)l(en) gestuurd naar [slachtoffer 2] en/of

- in of omstreeks de periode van 1 november 2013 tot en met 13 april 2014 (via

WhatsApp) een of meer foto('s) en/of afbeelding(en) van (een) (ontblo(o)t(e))

mannelijk(e) geslachtsde(e)l(en) gestuurd naar [slachtoffer 5];

6.

hij

in of omstreeks de periode van 1 mei 2013 tot en met 1 september 2013 te

Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, meermalen,

althans eenmaal, (telkens) een afbeelding, waarvan hij, verdachte, wist of

ernstige reden had te vermoeden dat deze aanstotelijk was voor de eerbaarheid

aan een of meer perso(o)n(en), anders dan op diens/dier verzoek, heeft

toegezonden, immers heeft verdachte (via WhatsApp) een of meer foto('s) en/of

afbeelding(en) van zijn, verdachtes, (ontblote) (stijve) penis gestuurd naar

[slachtoffer 4];

7.

hij

in of omstreeks de periode van 01 januari 2012 tot en met 29 april 2014 te

Kelpen-Oler, in de gemeente Leudal, in elk geval in Nederland, meermalen,

althans eenmaal, (telkens) (een) (aantal/hoeveelheid) afbeelding(en), te weten

een of meer foto('s) en/of een of meer video('s) en/of film(s) - en/of (een)

gegevensdrager(s) bevattende (een) afbeelding(en) - (te weten een mobiele

telefoon en/of een of meer andere gegevensdrager(s)) - heeft verspreid en/of

aangeboden en/of openlijk tentoongesteld en/of verworven en/of in bezit gehad

en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met

gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn,

waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog

niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, welke voornoemde

seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit (onder meer):

- het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren (met de penis en/of (een)

voorwerp(en) en/of (een) vinger(s)/hand) van het lichaam van een persoon die

kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

zie p. 8 van het aanvullend proces-verbaal, Filename

- [bestandsnaam 1]

en/of

- het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die

kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze

perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of opgemaakt is/zijn en/of poseert/poseren in

een omgeving en/of met (een) voorwerp(en) en/of in (een)(erotisch getinte)

houding(en) (op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen

en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende

afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de

wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de

afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten

en/of billen in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) een

onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

zie p.4, 5, 6 en 7 van het aanvullend proces-verbaal, Filenames

- [bestandsnaam 2]

- [bestandsnaam 3]

- [bestandsnaam 4]

- [bestandsnaam 5].

MEDEDELINGEN

De officier van justitie deelt mede dat een representatieve collectie van

bovengenoemde afbeeldingen/filmfragmenten is samengesteld, maar ter

voorkoming van strafbare feiten en verdere verspreiding van bovengenoemd

materiaal, niet in het dossier is gevoegd en ook niet in afschrift zal worden

verstrekt. De officier van justitie zal deze collectie als stuk van

overtuiging op de terechtzitting aanwezig hebben en aan de rechtbank

overleggen. Voorafgaand aan de terechtzitting kan inzage in genoemd materiaal

verleend worden op afspraak met de officier van justitie.

1 De vindplaatsvermeldingen, voorkomend in de hierna opgenomen bewijsmiddelen en de motivering van de bewezenverklaring, verwijzen naar de doorlopende paginanummering in de voor eensluidend afschrift gewaarmerkte kopie van het in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde verbalisanten van de politie Eenheid Limburg opgemaakte proces-verbaal, genummerd PL2300-2014013008 d.d. 8 juli 2014 en de als bijlagen daarbij gevoegde schriftelijke bescheiden, welke alle wettige bewijsmiddelen zijn als bedoeld in artikel 344, eerste lid jo artikel 339, eerste lid onder 5º van het Wetboek van Strafvordering.

2 Proces-verbaal ‘informatief gesprek zeden’ d.d. 1 mei 2014, bladzijde 183 tot en met 185.

3 De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 21 januari 2015.

4 Proces-verbaal ‘relaas’ van [naam 2] d.d. 8 juli 2014, bladzijde 4 en 5.

5 De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 21 januari 2015.

6 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 4] d.d. 1 juli 2014, bladzijde 45 tot en met 54.

7 Proces-verbaal ‘informatief gesprek zeden’ d.d. 12 februari 2013, bladzijde 80 tot en met 82.

8 Proces-verbaal van aangifte van [naam 3] d.d. 12 mei 2014, bladzijde 173 tot en met 178.

9 De geschriften inhoudende Whatsapp-berichten, bladzijde 165 tot en met 172.

10 De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 21 januari 2015.

11 Proces-verbaal ‘informatief gesprek zeden’ d.d. 8 januari 2014, bladzijde 25 tot en met 32.

12 De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 21 januari 2015.

13 De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 21 januari 2015.

14 Proces-verbaal van aangifte van [naam 3] d.d. 12 mei 2014, bladzijde 174.

15 De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 21 januari 2015.

16 Proces-verbaal ‘Bevindingen onderzoek & beoordeling beeldbestanden’ van [naam 4] d.d. 23 oktober 2014, proces-verbaalnummer PL2300 2014013008-27.

17 Proces-verbaal ‘Bevindingen onderzoek beeldbestanden’ van [naam 4] d.d. 26 november 2014, proces-verbaalnummer PL2300 2014013008-28.