Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2015:6223

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
22-07-2015
Datum publicatie
19-08-2015
Zaaknummer
4184839 AZ VERZ 15-116
Rechtsgebieden
Arbeidsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ontbinding arbeidsovereenkomst. Vervallen van functie. Sociaal plan

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2015-0772
AR 2015/1532

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 4184839 AZ VERZ 15-116

Beschikking van de kantonrechter van 22 juli 2015

in de zaak

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

XELLA CELLENBETON NEDERLAND B.V.

gevestigd en kantoorhoudend te (4214 DR) Vuren, aan de Mildijk 141

verzoekende partij

gemachtigde mr. H. den Besten, advocaat te Almere

tegen

[verweerder]

wonend te [woonplaats] , aan de [adres]

verwerende partij

gemachtigde mr. J.A.H.L. Liégeois, jurist bij De Unie te Culemborg

Partijen zullen hierna Xella en [verweerder] genoemd worden.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

Door partijen zijn de navolgende processtukken ingediend:

  • -

    een verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 4 juni 2015;

  • -

    een verweerschrift, ingekomen ter griffie op 7 juli 2015 en aangepast op 8 juli 2015;

  • -

    de door Xella op 17 juli 2015 overgelegde aanvullende bijlagen;

  • -

    de pleitnota aan de zijde van Xella.

1.2.

Op 21 juli 2015 heeft een (gecombineerde) mondelinge behandeling plaatsgevonden ten aanzien van twee van de drie door Xella ingediende verzoeken tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Van de mondelinge behandeling zijn aantekeningen van de griffier aan het dossier toegevoegd.

1.3.

Daarna is de beschikking bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

Xella is een specialist in het bouwen met kalkzandsteen, cellenbeton en het isoleren met mineralen isolatieplaten in de woning- en utiliteitsbouw. Xella is een onderdeel van een multinational en heeft diverse nevenvestigingen.

2.2.

[verweerder] , geboren op [geboortedag] 1952, is sedert 30 augustus 1971 krachtens arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd in dienst van Xella in de functie van kwaliteitscontroleur tegen een loon van laatstelijk € 2.316,00 bruto per maand exclusief 8% vakantiebijslag en overige emolumenten (eindejaarsuitkering) en toeslagen (ploegentoeslag).

2.3.

De afgelopen jaren heeft Xella diverse reorganisaties doorgevoerd, waarop het met de ondernemingsraad en vakbonden overeengekomen sociaal plan ‘Xella Cellenbeton Nederland B.V. Bouwafdeling 30 april 2013 tot 1 mei 2016’ (hierna: sociaal plan) van toepassing is.

Art. 6 van het sociaal plan bepaalt:

“Afvloeiingsregeling oudere werknemers

Uitgangspunt van de ouderenregeling is dat er zo optimaal mogelijk gebruik gemaakt wordt van de bestaande 55- aanvullingsregeling binnen de Bouw en Afbouw.

6.1

Voor werknemers die middels het afspiegelingsbeginsel boventallig zijn verklaard en voldoen aan de voorwaarden van de 55 min aanvullingsregeling (werknemers geboren na 1949) en op het moment van aanzegging 58 jaar of ouder zijn, geldt de volgende regeling:

6.1.1

Het dienstverband met de werknemer wordt ontbonden, met inachtneming van de opzegtermijn, middels een vaststellingsovereenkomst waarna de werknemer in de WW komt.

6.1.2.

Tijdens de WW periode ontvangt de werknemer 10% van zijn bruto periode loon als aanvulling op zijn WW-uitkering. Dit bedrag wordt ineens bruto uitbetaald. De aanvulling eindigt in de maand dat de werknemer 60 jaar wordt.

6.1.3.

Tijdens de WW duur wordt de aanvullingsregeling (55-) op vrijwillige basis voortgezet door de werknemer conform 6.1.4. De werknemers- en werkgeverspremie die hiervoor moet worden betaald komt voor rekening van de werkgever. (…) Werkgever stopt met de betaling van de facturen in de maand dat de werknemer de leeftijd van 60 jaar heeft bereikt en gebruik gaat maken van de 55- aanvullingsregeling.

6.1.4.

Uitgangspunt voor de berekening is dat de werknemer in de maand dat hij 60 wordt gebruik gaat maken van de 55- aanvullingsregeling.

6.1.5.

Uitzondering op artikel 6.1.3 t/m 6.1.4. vormen de werknemers die vallen onder de cao voor het bouwbedrijf. Voor deze werknemers wordt de werknemers- en werkgeverspremie die nodig is voor de vrijwillige voortzetting van aanvullingsregeling overgenomen door de Stichting Aanvullingfonds voor de bouwnijverheid. In het geval deze regeling stopt geldt het bepaalde in punt 6.1.3

6.1.6.

De werknemer kan tevens aanspraak maken op een vergoeding die is gebaseerd op het aantal maanden dat de AOW, in zijn geval, later ingaat dan op 65 jarige leeftijd. Het bedrag wordt als volgt vastgesteld:

  • -

    Bruto jaarbedrag AOW inclusief vakantiegeld: € 9.596,52 gedeeld door 12 maal het aantal maanden dat de AOW later ingaat.

  • -

    Het bedrag zoals in genoemd in het vorige punt wordt ineens en als bruto bedrag uitgekeerd.

6.1.7

De werknemer van 60 jaar of ouder, die direct gebruik kan maken van de 55- aanvullingsregeling ontvangt alleen het bedrag zoals beschreven bij punt 6.1.6.

6.1.8

Cumulatie van artikel 4 en artikel 6.1 is uitgesloten.”

3 Het geschil

3.1.

Xella verzoekt de tussen haar en [verweerder] bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens gewichtige redenen bestaande in een zodanige verandering in de omstandigheden dat de arbeidsovereenkomst, rekening houdend met de fictieve opzegtermijn, dient te eindigen onder toekenning van een met de ondernemingsraad overeengekomen aanvullingsregeling.

3.2.

Ter staving van haar verzoek voert Xella - kort weergegeven - aan dat als gevolg van een internationaal besparingsprogramma de processen, functies en werkzaamheden binnen haar organisatie zijn beoordeeld en herzien waardoor functies, waaronder de functie van [verweerder] , zijn komen te vervallen doordat werkzaamheden op een lager niveau ondergebracht zijn. Voorts zijn er geen andere passende functies voor [verweerder] binnen Xella - op korte termijn - beschikbaar.

3.3.

Het verweer van [verweerder] strekt primair tot afwijzing van het verzoek en subsidiair

- voor het geval de arbeidsovereenkomst ontbonden wordt - verzoekt hij daarbij rekening te houden met de opzegtermijn van vier maanden en dringt hij aan op toekenning van een transitievergoeding van € 75.000,00.

4 De beoordeling

4.1.

Aan de werkgeefster komt een zekere mate van beleidsvrijheid toe ten aanzien van de bedrijfsvoering en de inrichting van haar organisatie. Dit betekent dat zij de beleidsmatige ruimte heeft om haar organisatie aan te passen aan de ontwikkelingen in de markt en dat dit tot gevolg kan hebben dat functies veranderen of zelfs komen te vervallen. Wel dient dit met de nodige zorg voor de betrokken werknemers gepaard te gaan. In dit geval heeft de reorganisatie ook de instemming van de ondernemingsraad gekregen. Met betrekking tot de uit de reorganisatie voortvloeiende gedwongen ontslagen is in overleg met de ondernemingsraad en vakbonden een sociaal plan opgesteld. Krachtens Aanbeveling 3.7 van de Kring van Kantonrechters is de kantonrechter in principe gebonden aan een op dergelijke wijze tot stand gekomen sociaal plan, behoudens de situatie waarin dat voor de werknemer tot een evident onbillijke uitkomst zou leiden. De kantonrechter zal dit marginaal toetsen.

4.2.

[verweerder] bestrijdt in diens verweer het vervallen van diens functie verder niet. Hij vindt de overeenkomstig het sociaal plan aangeboden aanvullingsregeling onbillijk en verzoekt voor het geval de arbeidsovereenkomst ontbonden zou worden, om toekenning van een transitievergoeding van € 75.000,00.

4.3.

De kantonrechter stelt voorop dat het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst ingekomen is ter griffie van deze rechtbank op 12 juni 2015 en dus ruimschoots vóór inwerkingtreding van het ‘ontslaggedeelte’ van de Wet werk en zekerheid (Wwz) op 1 juli 2015. Van een in die wet geregelde transitievergoeding kan aldus geen sprake zijn.

4.4.

Xella heeft een berekening in het geding gebracht van het aan [verweerder] op grond van de aanvullingsregeling respectievelijk de kantonrechtersformule toekomende bedrag en de verschillen tussen beide aanspraken toegelicht. De conform het sociaal plan aangeboden aanvullingsregeling is (in ieder geval voor [verweerder] ) niet ongunstiger dan het resultaat van toepassing van de kantonrechtersformule. Ter zitting heeft [verweerder] deze door Xella gemaakte berekening (uitkomend op € 33.493,82 bruto in totaal) en de daarop gegeven toelichting als juist aangemerkt. Op deze wijze heeft [verweerder] ingestemd met de aanvullingsregeling, terwijl hij zich - door de ontbindingsreden niet aan te vechten - al eerder neergelegd had bij de ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

4.5.

De kantonrechter is van oordeel dat voldoende aannemelijk is geworden dat - zonder dat partijen elkaar daarvan een verwijt maken - er sprake is van een verandering in de omstandigheden die tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst dient te leiden. De kantonrechter heeft zich op basis van de door Xella gegeven informatie ervan vergewist dat het verzoek geen verband houdt met een collectief ontslag als bedoeld in art. 3 van de Wet melding collectief ontslag (Wmco). Aan de getalsnorm van die wet is immers niet voldaan. Ook van een ander bijzonder opzegverbod is in dit geval geen sprake.

4.6.

De kantonrechter zal de arbeidsovereenkomst dan ook ontbinden met ingang van

1 december 2015.

4.7.

De kantonrechter is van oordeel dat, alle omstandigheden van het geval in aanmerking genomen, de door Xella conform het sociaal plan aangeboden vergoeding als redelijk dient te worden aangemerkt, zodat hij overeenkomstig dat aanbod een vergoeding aan [verweerder] zal toekennen.

4.8.

Nu Xella zich uitdrukkelijk tot betaling van de toe te kennen vergoeding bereid heeft verklaard, kan reeds aanstonds een eindbeslissing worden gegeven.

4.9.

De kantonrechter acht termen aanwezig de proceskosten te compenseren in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.

5 De beslissing

5.1.

Ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van

1 december 2015.

5.2.

Kent daarbij aan [verweerder] een ten laste van Xella komende vergoeding toe conform het hiervoor beschreven sociaal plan, welk bedrag ineens wordt uitgekeerd voor zover het niet betreft de aanvulling pensioenopbouw tot de AOW-gerechtigde leeftijd.

5.3.

Veroordeelt Xella - voor zover nodig - tot betaling van de uit toepassing van de regeling voortvloeiende bedragen aan [verweerder] .

5.4.

Compenseert de kosten van deze procedure in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.

Deze beschikking is gegeven door mr. H.W.M.A. Staal, kantonrechter, en is in het openbaar uitgesproken.

Type: CJ