Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2015:5913

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
13-07-2015
Datum publicatie
26-08-2015
Zaaknummer
C-03-207374 - KG ZA 15-304
Rechtsgebieden
Burgerlijk procesrecht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Vordering in kort geding strekkende tot betaling van een geldsom. Bij het treffen van een dergelijke voorziening is terughoudendheid op zijn plaats. Vordering wordt toegewezen. Bestaan van de vordering en de hoogte daarvan is erkend. Spoedeisend belang aanwezig geacht en voldoende aannemelijk dat geen sprake is van een restitutierisico.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: C/03/207374 / KG ZA 15-304

Vonnis in kort geding van 13 juli 2015

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BUDÉ BEEK B.V.,

gevestigd te Beek,

eiseres,

advocaat mr. P.W.A.M. van Roy,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DN BETONSERVICES B.V.,

gevestigd te Sittard,

gedaagde,

geen advocaat gesteld hebbende.

Partijen zullen hierna Budé Beek B.V. en DN Betonservices B.V. worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding,

  • -

    de mondelinge behandeling.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Budé Beek B.V. heeft in de periode van februari 2015 tot en met april 2015 in opdracht en voor rekening van DN Betonservices B.V. bouwmaterialen aan DN Betonservices B.V. geleverd. DN Betonservices B.V. heeft de door Budé Beek B.V. ter zake de levering van die bouwmaterialen verzonden facturen onbetaald gelaten.

2.2.

Op 5 juni 2015 heeft Budé Beek B.V. de voorzieningenrechter verzocht, uitvoerbaar bij voorraad, verlof te verlenen tot het leggen van conservatoir derdenbeslag ten laste van DN Betonservices B.V. onder de Coöperatieve Rabobank Het Groene Woud Zuid UA (hierna: de Rabobank), alsmede onder de heer [naam] .

2.3.

Na daartoe eveneens op 5 juni 2015 verlof te hebben verkregen, heeft Budé Beek. B.V. op 8 juni 2015 ten laste van DN Betonservices B.V. conservatoir beslag doen leggen onder de Rabobank en de heer [naam] .

3 Het geschil

3.1.

Budé Beek B.V. vordert DN Betonservices B.V. bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, te veroordelen tot betaling van (een voorschot van) een bedrag van € 24.136,72, te vermeerderen met de handelsrente over dit bedrag, naar de voorzieningenrechter begrijpt, vanaf twee dagen na het in dezen te wijzen vonnis. Daarnaast vordert zij DN Betonservices B.V. te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten van € 1.016,37 alsmede in de beslagkosten, de proceskosten en de nakosten.

3.2.

DN Betonservices B.V. heeft geen verweer gevoerd tegen toewijzing van de vordering.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

De voorzieningenrechter stelt bij zijn beoordeling voorop dat bij het treffen van een voorziening in kort geding die bestaat uit een veroordeling tot betaling van een geldsom terughoudendheid op zijn plaats is. De voorzieningenrechter dient niet alleen te beoordelen of het bestaan van een vordering van de eiser op de gedaagde voldoende aannemelijk is, maar ook of daarnaast sprake is van feiten en omstandigheden die meebrengen dat uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening is vereist. Tevens dient de voorzieningenrechter in de afweging van de belangen van partijen de vraag naar het risico van onmogelijkheid van terugbetaling te betrekken, welk risico kan bijdragen tot weigering van de voorziening.

4.2.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat het bestaan van de vordering van Budé Beek B.V. op DN Betonservices B.V. genoegzaam vast is komen te staan, aangezien DN Betonservices B.V. ter gelegenheid van de mondelinge behandeling zowel het bestaan van die vordering als de hoogte daarvan heeft erkend. Daarnaast is het spoedeisend belang van Budé Beek B.V. bij het treffen van een voorziening in kort geding, dat door DN Betonservices B.V. overigens ook niet is betwist, gelet op de hoogte van de vordering en het uitblijven van enige betaling door DN Betonservices B.V. gegeven. Hierbij neemt de voorzieningenrechter tevens in aanmerking dat DN Betonservices B.V. ter gelegenheid van de mondelinge behandeling heeft erkend dat haar voortbestaan in het geding is. Ten slotte overweegt de voorzieningenrechter dat Budé Beek B.V. voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat een restitutierisico niet aanwezig is.

Gelet op het voorgaande ligt de door Budé Beek B.V. gevorderde hoofdsom van € 24.136,72 voor toewijzing gereed. De daarover vanaf twee dagen na de datum van dit vonnis gevorderde wettelijke handelsrente zal eveneens worden toegewezen.

4.3.

Budé Beek B.V. vordert DN Betonservices B.V. tevens te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 1.016,37 als vergoeding voor de door haar gemaakte buitengerechtelijke incassokosten.

De voorzieningenrechter stelt vast dat het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is, nu DN Betonservices B.V. na 1 juli 2012 in verzuim is komen te verkeren. De voorzieningenrechter stelt vast dat Budé Beek B.V. voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. DN Betonservices B.V. heeft dit overigens ook niet betwist. Hierop gelet en gelet op het feit dat het door Budé Beek B.V. gevorderde bedrag overeenkomt met het in het Besluit vastgestelde tarief, zal deze vordering eveneens worden toegewezen.

4.4.

Voorts vordert Budé Beek B.V. DN Betonservices B.V. te veroordelen tot betaling van de kosten van het onder de Rabobank en de heer [naam] gelegd conservatoir beslag.

Deze vordering is gelet op het bepaalde in artikel 706 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering toewijsbaar, tenzij het beslag nietig, onnodig of onrechtmatig is.

Uit het bepaalde in artikel 721 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering volgt dat de beslaglegger, zo de eis in de hoofdzaak na het (doen) leggen van het beslag wordt ingesteld, binnen acht dagen na het instellen van de eis in de hoofdzaak op straffe van nietigheid van het beslag een afschrift van de dagvaarding aan de derde beslagene dient te betekenen. Nu niet is gesteld of gebleken dat Budé Beek B.V. aan deze op straffe van nietigheid voorgeschreven eis heeft voldaan, heeft zij op dit punt niet aan haar stelplicht voldaan en houdt de voorzieningenrechter het ervoor dat het beslag nietig is. De gevorderde beslagkosten zullen daarom worden afgewezen.

4.5.

DN Betonservices B.V. zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Budé Beek B.V. worden tot op heden begroot op:

- dagvaarding € 83,84

- griffierecht 1.909,00

- salaris advocaat 527,00

Totaal € 2.519,84

4.6.

Ten slotte ligt vordering ter zake de nakosten voor toewijzing gereed. Die kosten zullen op de hierna in het dictum te vermelden wijze worden begroot.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter:

5.1.

veroordeelt DN Betonservices B.V. om een bedrag van € 24.136,72 aan Budé Beek B.V. te voldoen, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over dit bedrag met ingang van twee dagen na heden tot aan de dag der algehele voldoening,

5.2.

veroordeelt DN Betonservices B.V. in de proceskosten, aan de zijde van Budé Beek B.V. tot op heden begroot op € 2.519,84,

5.3.

veroordeelt DN Betonservices B.V. in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat DN Betonservices B.V. niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en vervolgens betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van het vonnis,

5.4.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.5.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2015.1

1 type: NLcoll: