Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2015:1019

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
04-02-2015
Datum publicatie
06-02-2015
Zaaknummer
03/866292-13
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft zich in zijn woning schuldig gemaakt aan het aanranden van een jonge vrouw die voor hem werkzaam was als alfahulp. Hij heeft het slachtoffer bij de borsten vastgepakt en haar, slechts gekleed in een badjas, zijn ontblote geslachtsdeel getoond.

Verdachte heeft het feit gepleegd volgens een vooropgezet plan. Dit blijkt onder meer uit het feit dat hij, slechts gekleed in een badjas, de deur voor het slachtoffer had geopend, er zowel op de computer in de woonkamer als op de tv in de slaapkamer porno opstond en hij in de slaapkamer voor het slachtoffer een seksspeeltje had klaargelegd. Dit laatste had hij daar neergelegd omdat hij naar eigen zeggen geil was en wist dat de alfahulp die ochtend zou komen.

Hoewel verdachte een blanco strafblad heeft, is de rechtbank van oordeel dat de door de officier van justitie gevorderde geldboete onvoldoende recht doet aan de ernst van het feit. De rechtbank legt niet alleen een geldboete op, maar ook een voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd. Daarmee onderstreept zij de ernst van het feit en wil zij verdachte ervan doordringen niet nog eens seksueel ongewenst gedrag te vertonen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Strafrecht

Parketnummer: 03/866292-13

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 4 februari 2015

in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

wonende te [adres].

Raadsman is mr. I. Wudka, advocaat te Maastricht.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 21 januari 2015, waarbij de officier van justitie, de verdediging en de verdachte hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

[slachtoffer] heeft aangerand door haar zijn ontblote geslachtsdeel te tonen, haar borsten vast te pakken en te wrijven over haar dijbeen en/of schaamstreek (primair) dan wel schennis van de eerbaarheid heeft gepleegd door zich, in bijzijn van genoemde [slachtoffer], met ontbloot geslachtsdeel in zijn woning te bevinden (subsidiair).

3 De beoordeling van het bewijs

3.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de primair tenlastegelegde feitelijke aanranding van de eerbaarheid bewezen is.

3.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft volledige vrijspraak bepleit wegens gebrek aan bewijs.

3.3

Het oordeel van de rechtbank1

Op 4 april 2013 heeft [slachtoffer] tijdens een zogenoemd ‘informatief gesprek zeden’ verklaard over hetgeen haar was overkomen tijdens een verblijf in de woning van verdachte in Maastricht op 29 maart 2013. Zij was toen daar aanwezig in het kader van haar werk als alfahulp.2 Naar aanleiding van dit incident, dat op 29 maart 2013 tussen 09.30 en 10.30 uur had plaatsgevonden, heeft zij op 26 april 2014, dus na enige bedenktijd, aangifte gedaan. Zij heeft met betrekking tot eerdergenoemd incident verklaard dat verdachte, tussen 09.00 en 09.15 uur, gekleed in een badjas de deur voor haar had geopend. Voordat zij met haar werkzaamheden voor verdachte begon, dronken ze samen thee of koffie. Aangeefster zat daarbij op de bank, terwijl verdachte in een stoel zat die haaks op de bank stond. Op enig moment vroeg verdachte aan aangeefster [slachtoffer] of zij het niet warm had met haar vest aan. Na die opmerking viel haar op dat verdachte overdreven wijdbeens in zijn stoel zat. Zijn penis was daarbij zichtbaar. Aangeefster begon daarna met haar werkzaamheden. Zij zag dat bij de computer hoesjes van pornofilms lagen. Ook op het scherm van de computer zag zij porno. Tevens zag zij in een kast hoesjes van pornofilms en een verpakking van een seksspeeltje liggen. Toen zij de slaapkamer betrad zag zij dat op de tv, die aan de muur hing, een pornofilm werd vertoond. Op een kastje lag een seksspeeltje met een briefje erbij, waarop stond: “Is lekker voor jou, toe”. Op enig moment stond verdachte achter aangeefster. Aangeefster was perplex en zette een stap naar achteren. Verdachte deed net alsof hij aangeefster uit de deuropening wilde begeleiden. Op dat moment pakte hij haar vast bij de borsten. Hij pakte met elke hand een borst vast. Aangeefster zei meteen: “Pak me daar niet vast”. Verdachte liet aangeefster toen direct los. Korte tijd later is zij de slaapkamer uitgelopen en vervolgens de woning uitgerend. Een half uur nadat zij was weggerend heeft verdachte een voicemailbericht voor aangeefster ingesproken. Hij vroeg aangeefster terug te komen om te praten over hetgeen was gebeurd. Ook wilde hij zijn excuses aanbieden. Hij zei dat het nooit meer zou gebeuren.3

Uit onderzoek naar de historische verkeersgegevens van de mobiele telefoon van verdachte is gebleken dat op 29 maart 2013 te 10:03:45 uur contact is geweest tussen de mobiele telefoon van verdachte en de mobiele telefoon van aangeefster.4

Verdachte heeft op 9 juli 2013, bij verhoor door de politie, verklaard dat hij gekleed in een kamerjas voor aangeefster de deur had geopend. Hij zei toen tegen haar dat zij een lekker ding was. Hij was gekleed in een kamerjas, omdat hij zich had verslapen. Onder de kamerjas droeg hij niets. Toen hij in de stoel zat, was zijn kamerjas niet goed dicht. Voorts heeft hij verklaard dat op de tv in de slaapkamer een gehuurde porno-dvd opstond. Verdachte kan zich alleen voorstellen dat hij de borsten van aangeefster even heeft aangeraakt op het moment dat hij in de deuropening stond en aangeefster de slaapkamer uitliep. Verder heeft hij verklaard dat hij op het dressoir in de slaapkamer een seksspeeltje had klaargelegd. Daar lag een briefje bij waar “voor jou” of iets dergelijks opstond. Dit had hij gedaan omdat hij geil was en wist dat aangeefster zou komen. Volgens verdachte was hij hartstikke geil door de film.5

Gevraagd naar de overige details met betrekking tot de beweerdelijke aanranding, waar aangeefster over heeft verklaard, heeft verdachte, zowel ter terechtzitting als bij verhoor door de politie, ofwel ontkend ofwel verklaard dat hij het zich niet meer kan herinneren. Verdachte heeft ter terechtzitting naar voren gebracht dat zijn verklaring, afgelegd bij de politie, in strijd is met de waarheid omdat de politie hem woorden in de mond heeft gelegd.

De rechtbank ziet echter geen enkele aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van de weergave van verdachtes verklaring, zoals door de politieambtenaren gerelateerd in het proces-verbaal van verhoor. Daarnaast acht de rechtbank niet geloofwaardig dat verdachte zich essentiële details niet meer kan herinneren, nu hij zich andere details wel nog precies kan herinneren zoals het feit dat hij alleen een kamerjas droeg, de omstandigheid dat in de slaapkamer een pornofilm opstond en het gegeven dat hij in de slaapkamer een seksspeeltje met daarbij een briefje had klaargelegd. Dit in aanmerking nemend kan de rechtbank niet anders dan concluderen dat verdachte selectief heeft verklaard zich bepaalde zaken niet meer te kunnen herinneren.

Op grond van de aangifte, het ‘informatief gesprek zeden’, de historische verkeersgegevens betreffende de mobiele telefoon van verdachte en de verklaring van verdachte afgelegd bij verhoor door de politie, bezien in samenhang met het hiervoor overwogene, acht de rechtbank het primair tenlastegelegde bewezen.

Partiële vrijspraak

Aangeefster heeft –zakelijk weergegeven– verklaard dat verdachte met zijn hand haar linkerdijbeen en haar kruis had aangeraakt. Dit kwam op haar echter over als een streling die per ongeluk gebeurde. Gelet hierop, bezien in samenhang met verdachtes verklaring dat hij slechtziend is, acht de rechtbank, anders dan de officier van justitie, het tenlastegelegde wrijven over het dijbeen en/of de schaamstreek als ontuchtige handeling niet bewezen. Van dit onderdeel van de tenlastelegging zal zij verdachte vrijspreken.

3.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat verdachte

primair

op 29 maart 2013 in de gemeente Maastricht door feitelijkheden [slachtoffer] heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, bestaande uit het tonen van zijn, verdachtes, geslachtsdeel door ontkleed (op een opengevallen badjas na) wijdbeens voor/dichtbij die [slachtoffer] te gaan zitten en het vastpakken van de borsten van die [slachtoffer] en bestaande die feitelijkheden uit het onverhoeds en van achteren benaderen van die [slachtoffer] en zodanig onverwacht en snel handelen dat die [slachtoffer] niet de gelegenheid had om zich daartegen te verweren en/of zich daaraan te onttrekken.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is tenlastegelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De strafbaarheid

Het bewezenverklaarde levert het volgende strafbare feit op:

feitelijke aanranding van de eerbaarheid.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

5 De strafoplegging

5.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan verdachte op te leggen: een geldboete van

€ 1.500,00 subsidiair 25 dagen hechtenis, waarvan € 750,00 subsidiair 15 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

5.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft de oplegging van een geheel voorwaardelijke straf bepleit.

5.3

Het oordeel van de rechtbank

Verdachte heeft zich in zijn woning schuldig gemaakt aan het aanranden van een jonge vrouw die voor hem werkzaam was als alfahulp. Hij heeft het slachtoffer bij de borsten vastgepakt en haar, slechts gekleed in een badjas, zijn ontblote geslachtsdeel getoond.

Verdachte heeft het feit gepleegd volgens een vooropgezet plan. Dit blijkt onder meer uit het feit dat hij, slechts gekleed in een badjas, de deur voor het slachtoffer had geopend, er zowel op de computer in de woonkamer als op de tv in de slaapkamer porno opstond en hij in de slaapkamer voor het slachtoffer een seksspeeltje had klaargelegd. Dit laatste had hij daar neergelegd omdat hij naar eigen zeggen geil was en wist dat de alfahulp die ochtend zou komen.

Verdachtes gedrag tegenover zijn alfahulp is totaal ongepast. Hij heeft haar angst aangejaagd en het heeft ertoe geleid dat zij ten opzichte van mannen veel meer op haar hoede is. Dat belemmert haar in de uitoefening van haar werk als hulpverleenster. Verdachte heeft alleen maar gedacht aan de bevrediging van zijn eigen seksuele gevoelens zonder na te denken over het effect van zijn gedrag op het slachtoffer. Hij heeft ook geen enkel begrip getoond voor wat het voor haar voor nadelige gevolgen heeft gehad. De rechtbank weegt dit als strafverzwarend mee.

Hoewel verdachte een blanco strafblad heeft, is de rechtbank, gelet op het bovenstaande, van oordeel dat de door de officier van justitie gevorderde straf onvoldoende recht doet aan de ernst van het feit. Het moet voor verdachte, maar ook voor anderen, volkomen duidelijk zijn, dat grensoverschrijdend seksueel gedrag uit den boze is en dat niet wordt geaccepteerd dat hulpverleners bang moeten zijn dat ze door een cliënt seksueel worden belaagd. Daarom legt de rechtbank niet alleen een geldboete op, maar ook een voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd. Daarmee onderstreept de rechtbank de ernst van het feit en wil zij verdachte ervan doordringen niet nog eens seksueel ongewenst gedrag te vertonen.

De rechtbank acht een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken (het equivalent van de gevorderde voorwaardelijke geldboete van € 750,00) met een proeftijd van 2 jaar en daarnaast een onvoorwaardelijke geldboete van € 750,00, subsidiair 15 dagen hechtenis, passend. Indachtig het bescheiden maandelijkse inkomen van verdachte, zal zij bepalen dat verdachte de boete mag voldoen in 5 maandelijkse termijnen van € 150,00.

6 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24a, 24c en 246 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

7 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

  • -

    verklaart het tenlastegelegde bewezen, zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;

  • -

    spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is tenlastegelegd;

Strafbaarheid

  • -

    verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;

  • -

    verklaart verdachte strafbaar;

Straffen

  • -

    veroordeelt verdachte tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken;

  • -

    bepaalt dat de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast omdat verdachte voor het einde van een proeftijd van 2 jaar de algemene voorwaarde heeft overtreden;

  • -

    stelt als algemene voorwaarde dat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

  • -

    veroordeelt verdachte tevens tot een geldboete van € 750,00 subsidiair 15 dagen hechtenis;

  • -

    bepaalt dat de opgelegde geldboete in 5 achtereenvolgende maandelijkse termijnen van € 150,00 mag worden voldaan.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.H.A.F.M. Krol, voorzitter, mr. M.C.A.E. van Binnebeke en mr. M.T.A.C. Russel, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.C. Smeets, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 4 februari 2015.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat

hij op of omstreeks 29 maart 2013 in de gemeente Maastricht, door geweld of

(een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een) andere

feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer] heeft gedwongen tot het plegen en/of

dulden van een of meer ontuchtige handeling(en), bestaande uit

- het meermalen tonen van zijn, verdachtes, geslachtsdeel door ontkleed (op

een opengevallen/opengeslagen kamerjas/badjas na) wijdbeens voor/dichtbij

die [slachtoffer] te gaan zitten en/of

- het vastpakken en/of vasthouden en/of aanraken van de borsten van die van de

Veen en/of

- het wrijven over het dijbeen en/of de schaamstreek van die [slachtoffer]

en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die

bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) uit het onverhoeds

en/of van achteren benaderen van die [slachtoffer] en/of zodanig onverwachts

en/of snel handelen dat die [slachtoffer] niet de gelegenheid had om zich

daartegen te verweren en/of zich daaraan te onttrekken;

art 246 Wetboek van Strafrecht

en/of

hij op of omstreeks 29 maart 2013 in de gemeente Maastricht zich opzettelijk

oneerbaar op een niet openbare plaats, te weten in de woning van verdachte,

met ontbloot geslachtsdeel heeft bevonden, terwijl daarbij [slachtoffer]

haars ondanks tegenwoordig was;

art 239 Wetboek van Strafrecht

1 De vindplaatsvermeldingen, voorkomend in de hierna opgenomen bewijsmiddelen en de motivering van de bewezenverklaring, verwijzen naar de doorlopende paginanummering in de voor eensluidend afschrift gewaarmerkte kopie van het in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde verbalisanten van de politie Eenheid Limburg opgemaakte proces-verbaal, genummerd 2013032647 d.d. 9 juli 2013 en de als bijlagen daarbij gevoegde schriftelijke bescheiden, welke alle wettige bewijsmiddelen zijn als bedoeld in artikel 344, eerste lid jo artikel 339, eerste lid onder 5º van het Wetboek van Strafvordering.

2 Proces-verbaal ‘informatief gesprek zeden’ d.d. 4 april 2013, bladzijde 6.

3 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer] d.d. 26 april 2013, bladzijde 10 tot en met 18.

4 Proces-verbaal ‘contact [verdachte] en [slachtoffer]’ van [naam] d.d. 4 mei 2013, bladzijde 39 tot en met 41.

5 Proces-verbaal van verhoor van verdachte d.d. 9 juli 2013, bladzijde 45 tot en met 55.