Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2014:7976

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
28-04-2014
Datum publicatie
16-09-2014
Zaaknummer
2883802 AZ VERZ 14-70
Formele relaties
Einduitspraak: ECLI:NL:RBLIM:2014:7966
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Voor de beantwoording van de vraag of sprake is van een verandering in de omstandigheden die een ontbinding van de arbeidsovereenkomst rechtvaardigt, is het antwoord op de vraag of het disfunctioneren van werknemer verband houdt met diens gezondheidsklachten doorslaggevend. Hoewel het gelet op de aard van de procedure niet gebruikelijk is dat nader feitenonderzoek via bijvoorbeeld inschakeling van deskundigen geschiedt, ziet de kantonrechter in deze zaak toch aanleiding een deskundigenonderzoek te bevelen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2014-0792
AR 2014/664
AR 2014/668

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Burgerlijk recht / Kantonrechter

Zaaknummer: 2883802 AZ VERZ 14-70

Beschikking van 28 april 2014

in de zaak

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HIGHLITE INTERNATIONAL B.V.,

gevestigd en kantoorhoudend te (6468 EX) Kerkrade, aan de Vestastraat 2,

verzoekende partij,

verder ook te noemen: Highlite,

gemachtigde: mr. R.L.A. Neven, advocaat te Maastricht

tegen

[verweerder],

wonend te [woonplaats], aan de [adres],

verwerende partij,

verder ook te noemen: [verweerder],

gemachtigde: mr. B.M. van Kerkvoorden, medewerkster ARAG Rechtsbijstand te Leusden.

1 De procedure

1.1.

Door partijen zijn de navolgende processtukken ingediend:

  • -

    een verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 17 maart 2014,

  • -

    een verweerschrift met bijlage, ingekomen ter griffie op 8 april 2014.

1.2.

De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op 15 april 2014 in het bijzijn van de heer [naam adjunct directeur], adjunct directeur van Highlite, bijgestaan door mr. E.V.C. Savelkoul (die de zaak van mr. Neven heeft overgenomen) en [verweerder] in persoon, bijgestaan door mr. Van Kerkvoorden voornoemd. Ter zitting is door mr. Savelkoul een pleitnota overgelegd.

1.3.

Van het verhandelde ter zitting is door de griffier schriftelijk aantekening gehouden.

1.4.

Daarna is de beschikking bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

Tussen partijen staat vast dat [verweerder], geboren op [geboortedatum], sedert 8 december 2005 in dienst is van Highlite, aanvankelijk op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd en thans op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, laatstelijk in de functie van medewerker magazijn tegen een loon van € 1.893,00 bruto per maand exclusief emolumenten.

2.2.

Highlite drijft een onderneming die zich richt op het leveren van professionele audio- en lichtapparatuur aan handelaren ten behoeve van concerten, festivals, televisieshows, theaters, disco’s en andere evenementen.

2.3.

[verweerder] is, ten gevolge van diabetes, van 15 augustus 2011 tot 17 januari 2012 arbeidsongeschikt geweest.

2.4.

Het functioneren van [verweerder] is medio augustus 2012 verslechterd. In 2012 en 2013 hebben diverse functionerings-, beoordelings- en evaluatiegesprekken plaatsgevonden, waarbij [verweerder] aangesproken is op zijn onvoldoende functioneren en de gevolgen daarvan.

2.5.

[verweerder] is sinds 28 februari 2014 met behoud van loon vrijgesteld van het verrichten van zijn werkzaamheden onder aankondiging van een beëindigingsvoorstel (met als alternatief voor aanvaarding daarvan dat Highlite “de ontslagprocedure bij het UWV WERKbedrijf” zou “voortzetten”).

2.6.

[verweerder] heeft het beëindigingsvoorstel niet aanvaard en - eerst toen - rechtshulp ingeroepen, zoals hem in de brief van 28 februari 2014 door Highlite ook geadviseerd was.

3 Het geschil

3.1.

Highlite verzoekt de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens gewichtige redenen bestaande in veranderingen in de omstandigheden zonder toekenning van een vergoeding en stelt daartoe - kort en zakelijk weergegeven - het navolgende.

3.2.

Highlite zoekt de bedoelde verandering(en) in de omstandigheden in het disfunctioneren van [verweerder]. Zij stelt dat [verweerder] zijn taken als magazijnmedewerker niet op juiste wijze vervult, zich ongemotiveerd en non-coöperatief opstelt en een negatieve werkhouding en traag werktempo heeft. Ten gevolge van voormeld disfunctioneren is er sprake van een verstoorde arbeidsrelatie, heeft Highlite geen enkel vertrouwen meer in een redelijk functioneren van [verweerder] en acht zij een verdere vruchtbare samenwerking in de toekomst niet meer mogelijk.

3.3.

[verweerder] ziet voor de kantonrechter geen aanleiding de arbeidsovereenkomst te ontbinden. [verweerder] hecht uitermate sterk aan continuering van de arbeidsrelatie. [verweerder] concludeert primair tot afwijzing van het verzoek en subsidiair - voor het geval de arbeidsovereenkomst ontbonden wordt - dringt hij aan op toekenning van een billijke vergoeding. Hij zoekt de verklaring voor zijn sedert augustus 2012 verslechterd functioneren en de met enige regelmaat terugkerende fouten in zijn medische historie en - recentelijk - in zijn vermoeden of ontdekking dat hij een stoornis in zijn denk- en concentratievermogen heeft.

4 De beoordeling

4.1.

Hoewel de kantonrechter, de griffier en de gemachtigde van [verweerder] tijdens de mondelinge behandeling van 15 april 2014 niet beschikten over de door de gemachtigde van Highlite per fax van 14 april 2014 nagezonden bijlage 11 met de titel “Terugkoppeling Spreekuur ArboArts”, is deze fax wel op 14 april 2014 om 12.11 uur bij de rechtbank gearriveerd, maar is deze aan de kantonrechter en griffier pas op 17 april 2014 ter hand gesteld. Nu voormeld stuk ter zitting ingebracht is en na een leespauze ook voor [verweerder] acceptabel was voor toevoeging aan het procesdossier, wordt de inhoud bij de verdere beoordeling betrokken.

4.2.

Op basis van de stukken en het verhandelde ter zitting is voldoende aannemelijk geworden dat [verweerder] vanaf augustus 2012 (aanmerkelijk) minder is gaan functioneren. [verweerder] betwist dit ook niet zozeer, maar stelt dat de oorzaak van zijn disfunctioneren gelegen is in zijn gezondheidssituatie. [verweerder] stelt naar beste weten en kunnen de werkzaamheden verricht te hebben, maar beweert dat het hem niet lukt om op het niveau van functioneren van vóór medio 2012 te komen. Het verwijt van Highlite aan het adres van [verweerder] dat hij tijdens werktijd voetbaltotoformulieren invult, is met de betwisting van [verweerder], die stelt dat dit eenmalig in de lunchpauze gebeurd is, en bij gebreke van een nadere onderbouwing niet aannemelijk geworden. De door Highlite aangehaalde incidenten, bijvoorbeeld de aanvaring met [naam 1] en [naam 2], waaromtrent partijen een uiteenlopende lezing geven, zijn naar het oordeel van de kantonrechter van onvoldoende gewicht om een beëindiging van de arbeidsovereenkomst te kunnen rechtvaardigen. Waar Highlite [verweerder] verwijt dat hij (steeds weer) pickfouten bij het orderpicken (orders verzamelen in het magazijn) gemaakt heeft, hetgeen [verweerder] erkend heeft, kan niet onvermeld blijven dat Highlite geenszins aangetoond heeft dat de door haar gestelde risico's (verlies van klanten, extra verpakking- en verzendkosten, dubbele inkoopkosten) zich op enigerlei wijze verwezenlijkt hebben. Het is niet aannemelijk geworden dat uit het optreden van [verweerder] daadwerkelijk reputatieschade of andere schade ontstaan is.

4.3.

Echter, nu [verweerder] zijn disfunctioneren geheel of voor een belangrijk deel wijt aan zijn gezondheidsklachten, dient beoordeeld te worden of het functioneren van [verweerder] beïnvloed wordt door zijn gezondheidssituatie / zijn medische klachten, omdat [verweerder] dan extra bescherming tegen opzegging en - via reflexwerking - tegen ontbinding verdient.

4.4.

In augustus 2011 is bij [verweerder] diabetes geconstateerd, als gevolg waarvan hij van 15 augustus 2011 tot 17 januari 2012 arbeidsongeschikt geweest is. Eind 2012 heeft [verweerder] hartklachten gekregen, waarvoor hij op 31 mei 2012 een dotterbehandeling ondergaan heeft. [verweerder] stelt dat hij tot op heden last heeft van een hoge bloeddruk, druk op de ogen, “barstende” hoofdpijn, concentratievermindering en vergeetachtigheid. [verweerder] merkt in dit kader op dat hij ook privé met deze klachten kampt en bijvoorbeeld bij het doen van de boodschappen een lijstje dient te maken omdat hij anders boodschappen vergeet. Ondanks deze klachten heeft [verweerder] zich niet ziek gemeld. Recentelijk is [verweerder] door zijn huisarts doorverwezen naar de geheugenpoli, omdat er sprake zou zijn van concentratiestoornissen en vergeetachtigheidsklachten mogelijk verband houdend met zijn chronische aandoeningen.

4.5.

Ter zitting is gebleken dat [verweerder] nimmer tegenover Highlite en/of de bedrijfsarts expliciet te kennen heeft gegeven dat zijn gezondheidsklachten debet zouden zijn aan het verminderd functioneren. Highlite nam hiervan voor het eerst kennis in het verweerschrift. Tijdens zijn beoordelingsgesprek van 7 december 2012 heeft [verweerder] ontkennend geantwoord op de vraag of er sprake was van bijzondere persoonlijke of bedrijfsomstandigheden die een goede taakuitoefening belemmeren. Weliswaar heeft [verweerder] in dit gesprek Highlite verzocht hem over te plaatsen naar het goederenontvangstmagazijn, maar de daaraan ten grondslag liggende (gezondheids-)reden heeft hij niet genoemd. Ook nadat Highlite meegedeeld had dit verzoek niet te kunnen inwilligen, - er was geen vacature bij de betreffende afdeling en het betrof fysiek zwaarder werk -, heeft [verweerder] zijn belang bij overplaatsing niet aan zijn werkgever dan wel aan de bedrijfsarts kenbaar gemaakt.

4.6.

Uit een daarvan opgemaakt verslag (overgelegd als bijlage 6 bij verzoekschrift) blijkt dat [verweerder] in zijn functioneringsgesprek van 12 juni 2013 zijn bezorgdheid geuit heeft over zijn ziekte en medische klachten maar ook gezegd heeft dat zijn ziektebeeld na het dotteren sterk verbeterd was en dat hij zich prettiger voelde (hetgeen zou bijdragen aan betere prestaties). Nu tijdens de evaluatie op 1 augustus 2013 gebleken is dat er geen verbetering in het functioneren opgetreden was en [verweerder] als een gesloten persoon overkomt die niet al te communicatief vaardig is, had het in het kader van goed werkgeverschap op de weg van Highlite gelegen om door te vragen naar de gezondheidsklachten van [verweerder] en na te gaan of deze in de weg staan aan een goede uitoefening van zijn werkzaamheden. Dat, zoals uit het verslag van de arbo-arts of bedrijfsarts van november 2011 af te leiden zou zijn, het ziektebeeld verbeterd was en er medisch niets “vastligt bij personeelszaken” over medische beperkingen bij [verweerder], wil niet zeggen dat de verminderde arbeidsprestatie geen verband houdt met zijn gezondheidssituatie. Ter zitting is als verklaring genoemd dat [verweerder] uit angst / schroom zijn baan te verliezen niet meegedeeld heeft dat zijn gezondheidsklachten volgens hem invloed hebben op zijn functioneren. [verweerder] heeft zich evenmin tot de bedrijfsarts gewend. Verder wekt [verweerder] ter zitting de schijn dat hij angstig is om te falen en gevoelens wegstopt. Mogelijk is [verweerder] dan ook steeds tegen beter weten in blijven werken.

4.7.

Nu [verweerder] zich niet ziek gemeld heeft en zich evenmin tot de bedrijfsarts gewend heeft, is er geen (medisch) oordeel over de arbeids(on)geschiktheid van [verweerder]. Er zijn geen objectieve medische gegevens in het geding gebracht die de stelling van [verweerder] ondersteunen dat het disfunctioneren verband houdt met zijn medische klachten. Aan de door [verweerder] in het geding gebrachte verwijsbrief van zijn huisarts P. Smeets, die [verweerder] doorverwezen heeft naar de geheugenpoli, kan vooralsnog geen gewicht toegekend worden. Deze verwijsbrief bevat slechts een anamnese (wat een patiënt met betrekking tot de voorgeschiedenis en relevante omstandigheden van zijn ziekte aan de arts/medicus vertellen kan) en is subjectief (de vermelde letter ‘S’ van de zogenoemde SOEP-systematiek voor de omschrijving in de verwijsbrief staat voor subjectief: de gevoelens en waarnemingen van de patiënt die hem naar de zorgverlener drijven). Verder dateert de verwijsbrief van 4 april 2014, derhalve na de mededeling van het ontslagvoornemen en de datum waarop [verweerder] op non-actief gesteld is. Aan het door Highlite in het geding gebrachte verslag van de arbo-arts, genaamd ‘terugkoppeling spreekuur arbo-arts’ d.d. 16-11-2011, komt maar beperkte betekenis toe. Deze terugkoppeling ziet slechts op de diabetes en niet op de nadien opgetreden klachten (hartproblematiek, dotteren, hoge bloeddruk, druk op de ogen, concentratievermindering en vergeetachtigheid). Er is aldus nog geen objectief vastgesteld bewijs dat de gezondheidsklachten van [verweerder] een belemmering vormen voor een goede taakuitoefening. Toch valt allerminst uit te sluiten dat het disfunctioneren van [verweerder] verband houdt met diens gezondheidsklachten. Vooralsnog kan dan ook nog niet gezegd worden dat de gemaakte fouten het gevolg zijn van onwil en ongemotiveerdheid van [verweerder].

4.8.

Naar het oordeel van de kantonrechter is voor de beantwoording van de vraag of sprake is van een verandering in de omstandigheden die een ontbinding van de arbeidsovereenkomst rechtvaardigt, in de onderhavige zaak het antwoord op de vraag of het disfunctioneren van [verweerder] verband houdt met diens gezondheidsklachten, doorslaggevend.

4.9.

Ter beantwoording van de hiervoor vermelde vraag is bij gelegenheid van de mondelinge behandeling het voorstel gedaan om onderhavige procedure aan te houden en [verweerder] naar de bedrijfsarts te verwijzen. Highlite heeft daarmee niet ingestemd. Hoewel het gelet op de aard van de procedure niet gebruikelijk is dat nader feitenonderzoek via bijvoorbeeld inschakeling van deskundigen geschiedt, ziet de kantonrechter in deze zaak toch aanleiding een deskundigenonderzoek te bevelen. Aan de te benoemen verzekeringsgeneeskundige of arts voor arbeid & gezondheid zal de vraag voorgelegd worden of het disfunctioneren van [verweerder] verband houdt met diens gezondheidsklachten. Daartoe dient deze deskundige op basis van eigen onderzoek en consultatie van de bedrijfsarts of arbo-arts (na machtiging daartoe van Highlite) en (na machtiging van [verweerder]) de huisarts en behandelend artsen van [verweerder] een eigen oordeel over de onderzoeksvraag te geven. De kantonrechter heeft het UWV WERKbedrijf benaderd met de vraag of aldaar een persoon werkzaam is die deskundig is en een dergelijke benoeming wenst te aanvaarden, doch heeft hieromtrent nog geen bericht ontvangen. Partijen worden in de tussentijd in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de persoon van de te benoemen deskundige, waarbij denkbaar is dat zij het onderling eens worden over de gezamenlijke benoeming van een deskundige, de aan de deskundige te stellen vraag en de volgens partijen maximaal acceptabele hoogte van het voorschot.

4.10.

De kantonrechter houdt in afwachting van - liefst gelijktijdig en gelijkluidend - bericht van partijen inzake het deskundigenonderzoek (uiterlijk één week na heden) iedere verdere beslissing aan.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

Stelt partijen in de gelegenheid zich binnen één week na heden schriftelijk uit te laten over de persoon van de te benoemen deskundige, de aan de deskundige te stellen vraag en de volgens partijen maximaal acceptabele hoogte van het voorschot.

5.2.

Houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mr. H.W.M.A. Staal, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken.

Type: CJ

Coll: