Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2014:10756

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
11-12-2014
Datum publicatie
10-02-2015
Zaaknummer
C/03/199039 / KG ZA 14-659
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

---

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: C/03/199039 / KG ZA 14-659

Vonnis in kort geding van 10 december 2014

in de zaak van

1. de vennootschap onder firma

[naam 1] VOF,

gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [eiser sub 2],

wonende te [woonplaats],

3. [eiseres sub 3],

wonende te [woonplaats],

eisers,

advocaat mr. P.J.M. Boomaars te Breda,

tegen

de coöperatieve vereniging

COÖPERATIE SANTA'S VILLAGE UA,

gevestigd te Valkenburg aan de Geul,

gedaagde,

advocaat mr. J. van Baar te Sittard.

Partijen zullen hierna [eiseres] (in enkelvoud) en Santa's Village genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding

  • -

    de mondelinge behandeling

  • -

    de pleitnota van Santa's Village.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

2.1.

[eiseres] vordert Santa's Village te veroordelen om binnen twee dagen na betekening van dit vonnis de beide toegangspoorten van [eiseres] aan [eiseres] ter beschikking te stellen onder verbeurte van een onmiddellijk opeisbare dwangsom ad € 1.000,00 voor iedere dag of gedeelte van een dag dat Santa's Village in gebreke blijft aan deze veroordeling te voldoen, en Santa's Village te veroordelen in de kosten van dit geding.

2.2.

Santa's Village voert verweer.

2.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3 De beoordeling

3.1.

[eiseres] stelt dat zij de aan haar in eigendom toebehorende toegangspoorten (hierna: "de poorten") heeft uitgeleend aan Santa's Village. [eiseres] onderbouwt haar eigendomsrecht van de poorten met de door haar als productie 4 bij dagvaarding overgelegde aankoopnota. Zij stelt dat zij de poorten op 13 november 2013 voor een bedrag van € 3001,18 incl. btw in Duitsland heeft gekocht. Zij heeft voorts een fotokopie van haar kasboek overgelegd, waarin de uitgave van een bedrag van € 3.001,75 staat vermeld.

3.2.

[eiseres] stelt voorts dat de door Santa's Village als productie 2 overgelegde factuur van Lion Metals te Rotterdam ad € 8.725,25 incl. btw vals is omdat deze factuur

- blijkens de door haar als productie 10 en 11 overgelegde e-mails van mevr. [naam 2] van Lion Metals - niet van dat bedrijf afkomstig is en door dat bedrijf geen poorten zijn geleverd aan Santa's Village.

3.3.

Santa's Village stelt dat zij [eiseres] een bedrag van € 9.000,00 in contanten ter beschikking heeft gesteld voor de aankoop van de poorten en dat [eiseres] mét de poorten en de factuur van Lion Metals terug is gekomen en de factuur (met daarop een betalingsbewijs: de daarop geplaatste vermelding "Voldaan per kas 13-11-2013" met daarbij een

- haar onbekende - paraaf) aan Santa's Village heeft overhandigd, waarop zij die factuur in haar boekhouding heeft verwerkt (productie 6 van Santa's Village).

3.4.

De vraag die thans ter beantwoording voorligt is of [eiseres] in voldoende mate aannemelijk heeft gemaakt dat in een eventuele bodemzaak zal worden geoordeeld dat de poorten haar eigendom zijn.

3.4.1.

Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is [eiseres] daarin niet geslaagd: zonder getuigenbewijs - waarvoor dit kort geding zich naar haar aard niet leent - valt niet vast te stellen wie in deze zaak het gelijk aan haar zijde heeft: beide partijen vertellen een

- op zich - aannemelijk verhaal en binnen het bestek van dit kort geding valt niet vast te stellen wie het juiste verhaal vertelt.

3.4.2.

De voorzieningenrechter merkt daarbij nog op dat - gelet op het bepaalde in art. 3:109 juncto 3:107 BW - de houder van een goed wordt vermoed bezitter te zijn, en dat de bezitter van een goed - gelet op het bepaalde in art. 3:119 BW - wordt vermoed de rechthebbende op dat goed te zijn. Dat vermoeden had door [eiseres] dienen te worden weerlegd, waarin [eiseres] - zoals hiervoor is vermeld - niet is geslaagd.

3.5.

De vordering van [eiseres] zal derhalve worden afgewezen.

3.6.

[eiseres] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Santa's Village worden begroot op:

- griffierecht € 608,00

- salaris advocaat 816,00

Totaal € 1.424,00

4 De beslissing

De voorzieningenrechter

4.1.

wijst de vordering van [eiseres] af,

4.2.

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van Santa's Village tot op heden begroot op € 1.424,00,

4.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.J.J. Beurskens en in het openbaar uitgesproken op 10 december 2014.1

1 type: PZ