Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLIM:2013:CA0058

Instantie
Rechtbank Limburg
Datum uitspraak
15-05-2013
Datum publicatie
16-05-2013
Zaaknummer
C/04/116670 / FA RK 12-843
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Huwelijksgoederengemeenschap. Toedeling hond.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 3
Burgerlijk Wetboek Boek 3 182
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RFR 2013/101
JPF 2013/110
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Roermond

zaaknummer / rekestnummer: C/04/116670 / FA RK 12-843

Beschikking van 15 mei 2013

in de zaak van

[verzoeker],

wonende te [woonplaats],

verzoeker,

advocaat mr. drs. P.A.M. Verkuijlen,

en

[belanghebbende],

wonende te [woonplaats],

belanghebbende,

advocaat mr. Y.W.A.M. van der Koelen.

Partijen zullen verder de man en de vrouw genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de beschikking van 25 juli 2012

- het proces-verbaal van 4 maart 2013.

1.2. Tenslotte is beschikking bepaald.

2. De feiten

2.1. Partijen zijn op 19 september 2010 in gemeenschap van goederen gehuwd.

2.2. De huwelijksgemeenschap van partijen is van rechtswege ontbonden op

30 december 2012, zijnde de datum van indiening van het verzoek tot echtscheiding.

3. Het geschil

3.1. Partijen hebben zakelijk weergegeven verzocht om bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap vast te stellen.

3.2. Partijen hebben over en weer verweer gevoerd. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover relevant, ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Schulden

4.1.1. Partijen zijn het er over eens dat ieder in de onderlinge verhouding van partijen voor de helft aansprakelijk is voor de openstaande schulden en dat het daarbij om de volgende schulden gaat:

[de schulden]

4.1.2. De rechtbank zal overeenkomstig de overeenstemming van partijen beslissen.

4.2. Goederen

4.2.1. Partijen zijn het er over eens dat de twee honden [hond 1] en [hond 2] die reeds in het bezit van de man zijn zonder verdere verrekening aan de man worden toebedeeld en dat de inboedel voor zover nog in het bezit van de vrouw zonder verdere verrekening aan haar zal worden toebedeeld. De rechtbank overweegt daarbij dat de schilderijen van [X] en het camerabewakingssysteem daar niet onder vallen, aangezien de vrouw verklaart dat deze niet in haar bezit zijn omdat de man deze goederen reeds heeft meegenomen. Verder is niet in geschil dat de website [website] zonder verdere verrekening aan de vrouw kan worden toebedeeld.

De rechtbank zal overeenkomstig de overeenstemming van partijen beslissen.

4.3. Hond

4.3.1. De rechtbank overweegt dat de hond [hond 3], chipnummer [nummer], onderdeel uitmaakt van de huwelijksgoederengemeenschap van partijen, zodat de hond gezamenlijk eigendom van partijen is. Partijen hebben beiden verzocht om de hond toebedeeld te krijgen. Partijen hebben beiden gesteld een emotionele band met de hond te hebben. Daarnaast heeft de man nog zijn belang bij de mogelijkheid tot het fokken met de hond aangevoerd.

4.3.2. De rechtbank overweegt allereerst dat in het kader van de belangenafweging naast het belang van partijen het belang van de hond in aanmerking genomen dient te worden. De hond [hond 3] is een van partijen afhankelijk levend wezen voor wiens welzijn partijen als gezamenlijke eigenaren verantwoordelijk zijn.

4.3.3. Verder overweegt de rechtbank dat als onweersproken vast staat dat de hond inmiddels ruim anderhalf jaar bij de ouders van de vrouw verblijft waar de hond goed verzorgd wordt, voldoende ruimte heeft en gelukkig is. Gezien het ras van de hond is ervaring vereist met het omgaan met dit soort honden. De zorg voor de hond kan dan ook niet zomaar aan iedereen worden overgelaten. De ouders van de vrouw hebben jarenlange ervaring met dit speciale type hond. Verder beschikken de ouders van de vrouw over voldoende financiële middelen om de hond de nodige (medische) zorg te geven. De vrouw verblijft bij haar ouders, zodat zij dagelijks contact heeft met de hond. Indien de hond aan de man wordt toegewezen kan de hond gezien de beperkte ruimte niet in de woning van de man verblijven. De hond zal dan weer ondergebracht worden bij de persoon die voorheen ook voor de hond gezorgd heeft. Die persoon is inmiddels uit haar woning gezet vanwege het aantreffen van een hennepplantage en verblijft tijdelijk in een andere woning, zodat de situatie ten aanzien van de toekomstige huisvestingsmogelijkheden en dus de mogelijkheid om de hond bij die persoon onder te brengen onzeker is. Tevens is onzeker of die persoon over voldoende financiële middelen beschikt om de hond de nodige (medische) verzorging te geven gezien het feit dat sprake is van schuldsanering. In het verleden heeft de vrouw regelmatig financieel moeten bijspringen. De vrouw heeft nog aangevoerd dat de man onvoldoende aandacht aan de hond kan geven omdat hij regelmatig in detentie verblijft. De man heeft niet betwist dat hij regelmatig in detentie verblijft en dat binnenkort weer een periode van detentie aan de orde is.

4.3.4. Op grond van bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat bij toewijzing aan de man anders dan bij toewijzing aan de vrouw een adequate opvang van de hond niet verzekerd is. Tevens zou in geval van toewijzing aan de man de hond (wederom) uit een voor hem veilige en vertrouwde omgeving worden gehaald. De rechtbank is van oordeel dat het belang van de vrouw en de hond tezamen zwaarder weegt dan het belang van de man. De rechtbank zal de hond [hond 3] aan de vrouw toedelen. Tussen partijen staat vast dat de waarde van de hond op € 1.000,00 kan worden gesteld. De rechtbank zal de vrouw veroordelen tot betaling aan de man van € 500,00 ter zake van overbedeling.

4.4. Aangezien partijen gewezen echtelieden zijn zal de rechtbank de proceskosten compenseren in die zin dat ieder de eigen kosten draagt.

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. bepaalt dat de man en de vrouw de schulden zoals genoemd onder 4.1.1. ieder voor de helft voor zijn en haar rekening nemen,

5.2. deelt de in het bezit van de vrouw zijnde inboedelgoederen toe aan de vrouw,

5.3. deelt de website [website] toe aan de vrouw,

5.4. deelt de twee in het bezit van de man zijnde honden [hond 1] en [hond 2] toe aan de man,

5.5. deelt de hond [hond 3], chipnummer [nummer], toe aan de vrouw,

5.6. veroordeelt de vrouw ter zake van de hond [hond 3], chipnummer [nummer], tot betaling aan de man van een bedrag van € 500,00,

5.7. verklaart de beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.8. compenseert de proceskosten aldus dat ieder de eigen kosten draagt,

5.9. wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. D.C.M. Bomans en in het openbaar uitgesproken op 15 mei 2013.?