Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2011:BQ5133

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
13-05-2011
Datum publicatie
19-05-2011
Zaaknummer
344339 / CV EXPL 11-899
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Koop van een nieuwe brommer. Non-conformiteit. Herstel/vervanging niet meer mogelijk? Terugbetaling koopsom en teruggave van de brommer.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector kanton

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 344339 \ CV EXPL 11-899

vonnis van de kantonrechter d.d. 13 mei 2011

inzake

[eiser],

hierna te noemen: [eiser],

wonende te [woonplaats],

eiser,

gemachtigde: Noppe & van der Zwaag,

tegen

De besloten vennootschap [X] Tweewielers B.V.,

hierna te noemen: [X],

gevestigd te [woonplaats],

gedaagde,

gemachtigde: [A] (mede-directeur).

Procesverloop

1. Hiervoor wordt verwezen naar het tussenvonnis van 4 maart 2011, waarbij een comparitie van partijen is gelast. Deze comparitie heeft plaatsgevonden. Van de comparitie is proces-verbaal opgemaakt.

[X] heeft daarna nog een akte genomen. Vervolgens is vonnis bepaald op de stukken, waarvan de inhoud als hier ingelast geldt.

Door [X] zijn producties in het geding gebracht.

Motivering

De vaststaande feiten

2.1 [eiser] heeft in mei 2010 bij [X] een nieuwe bromfiets Yamaha TZR50 gekocht voor een bedrag van € 3.074,--. Deze bromfiets functioneerde niet naar behoren en is door [X] enkele malen ter reparatie ingenomen, zonder resultaat. [eiser] heeft vervolgens in rechte onder meer ontbinding van de overeenkomst gevorderd. Deze procedure is geëindigd door middel van een vaststellingsovereenkomst die onder meer inhield dat [X] aan [eiser] een andere nieuwe, identieke brommer zou leveren.

2.2 [X] heeft naar aanleiding hiervan een nieuwe brommer geleverd, maar die brommer bleek een defect te hebben. Ook deze brommer is omgeruild tegen een vervangend nieuw exemplaar. Deze derde brommer is door [eiser] in gebruik genomen en heeft een reguliere 1000 km servicebeurt gehad. Daarna heeft [eiser] opnieuw klachten geuit over de brommer. De brommers werden hoofdzakelijk gebruikt door de zoon van [eiser].

Het standpunt van partijen

[eiser]

3. [eiser] stelt dat de brommer in de week van 10 januari 2011 na circa 1.300 km opnieuw dezelfde klachten vertoont als de eerste brommer. De brommer zakt tijdens het rijden terug in toeren en slaat dan af. Verder blijft het olielampje branden terwijl er genoeg olie in zit. [eiser] heeft er nu genoeg van en heeft de overeenkomst ontbonden. Hij vordert ontbinding voor zover nodig en daarnaast vanwege schade uit wanprestatie van [X] de betaalde koopprijs met rente alsmede buitengerechtelijke incassokosten.

[X]

4. [X] stelt dat tijdens de servicebeurt alles in orde was. Na de nieuwe klacht is de brommer naar de werkplaats gehaald. Er is een proefrit gemaakt maar daarbij is niet gebleken van een euvel zoals door [eiser] is aangegeven. [X] weet niet meer wat te doen en heeft ook niet meer de kans gekregen om nog iets te doen omdat [eiser] is gaan dagvaarden. [eiser] heeft [X] niet meer in gebreke gesteld. [X] is bereid om de brommer weer na te kijken.

De beoordeling van het geschil

5.1 De kantonrechter oordeelt als volgt. De brommer is gekocht door [eiser] en werd bereden door zijn zoon. De kantonrechter begrijpt hieruit dat [eiser] daarbij niet handelde in de uitoefening van een bedrijf, alhoewel de factuur is gericht aan Klaas Installatiebedrijf, en is van oordeel dat de tussen partijen gesloten koopovereenkomst moet worden aangemerkt als een consumentenkoop.

5.2 Een afgeleverde zaak moet aan de overeenkomst beantwoorden. Voor het onderhavige geval betekent dit dat de brommer probleemloos moet functioneren, zoals mag zeker worden verwacht van een nieuwe brommer van een bekend merk als Yamaha. Indien dit niet het geval is heeft de koper recht op herstel of vervanging. Dit is gebeurd, [X] heeft enige reparatiepogingen gedaan en [eiser] heeft tot twee maal toe een andere brommer gekregen.

5.3 [eiser] heeft gesteld dat de derde brommer -wederom- een door hem duidelijk omschreven storing bij gebruik vertoont welke zodanig is dat zij aan normaal gebruik in de weg staat. [X] heeft weliswaar gesteld dat zij de brommer heeft getest en dat er volgens haar geen mankementen zijn, maar zij heeft dat naar het oordeel van de kantonrechter onvoldoende gespecificeerd omdat zij onvoldoende inzicht heeft gegeven in de door haar uitgevoerde testen. De kantonrechter neemt daarom als uitgangspunt dat ook de derde brommer niet naar behoren functioneert.

5.4 De koper is volgens het bepaalde in artikel 7:22 BW bevoegd om de overeenkomst ingeval de afgeleverde zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt te ontbinden zodra herstel en vervanging onmogelijk zijn of van de verkoper niet gevergd kunnen worden, danwel indien de verkoper daartoe niet binnen redelijke termijn of zonder ernstige overlast is overgegaan. Nu in de onderhavige situatie na meerdere reparatiepogingen en het tot tweemaal toe verstrekken van een vervangende brommer nog steeds geen sprake is van een aan de overeenkomst beantwoordende brommer was er naar het oordeel van de kantonrechter grondslag voor ontbinding van de overeenkomst. Als gevolg van een en ander is [eiser] zodanige overlast bezorgd dat van hem niet behoefde te worden verwacht dat hij wederom een reparatiepoging zou afwachten. Dat [eiser] [X] niet (weer) in gebreke heeft gesteld is daarbij niet van belang. Ingebrekestelling is nodig om een toestand van verzuim te doen ontstaan welke in het algemeen nodig is om tot ontbinding te kunnen overgaan. Artikel 7:22 BW kent in afwijking daarvan dit verzuimvereiste echter niet. De buitengerechtelijke ontbinding van de koopovereenkomst die namens [eiser] is gedaan in de brief van de gemachtigde van 19 januari 2011 was gerechtvaardigd. Gelet hierop is er geen grondslag meer voor toewijzing van de gevorderde ontbinding van de overeenkomst.

5.5 De ontbinding van de overeenkomst heeft geen terugwerkende kracht maar doet een verbintenis tot ongedaanmaking van reeds geleverde prestaties ontstaan. De brommer zal aan [X] moeten worden teruggeven, hetgeen zoals de kantonrechter begrijpt feitelijk al is gebeurd, en [eiser] dient de betaalde koopprijs terug te ontvangen. De kantonrechter begrijpt de schadevordering van [eiser] voor zover het betreft het bedrag ter grootte van de koopsom als zodanig en dit deel van de vordering zal worden toegewezen. De kantonrechter ziet daarbij geen aanleiding om enige vorm van gebruiksvergoeding op de door [X] terug te betalen koopsom in mindering te brengen nu [X] zich daarop niet heeft beroepen en de betrekkelijk korte duur dat [eiser] van de brommers gebruik heeft kunnen maken en het betrekkelijk geringe aantal kilometers dat daarmee is gereden daartoe ook geen aanleiding geeft.

5.6 De gevorderde buitengerechtelijke kosten zijn niet betwist en zullen worden toegewezen.

5.7 De gevorderde wettelijke handelsrente zal worden afgewezen nu daarvoor geen grondslag is en in plaats daarvan zal worden toegewezen de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW vanaf datum dagvaarding.

5.8 [X] zal als in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten.

Beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [X] tot betaling aan [eiser] van een bedrag groot € 3.524,-- (zegge: drieduizend vijfhonderd en vierentwintig euro) te vermeerderen met de wettelijke rente over € 3.074,-- vanaf 24 januari 2011, zijnde de dag der dagvaarding, tot aan de dag der algehele voldoening;

veroordeelt [X] in de kosten van deze procedure, tot op heden aan de zijde van [eiser] begroot op € 350,-- (2 punten, € 175,-- per punt) wegens salaris en op € 218,31 wegens verschotten;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het anders of meer gevorderde.

Aldus gewezen door mr. T.K. Hoogslag, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 mei 2011 in tegenwoordigheid van de griffier.

c 184.