Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2011:BP1636

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
18-01-2011
Datum publicatie
21-01-2011
Zaaknummer
332897 / CV EXPL 10-8690
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Abonnement betaaltelevisie. Onredelijk bezwarend beding in algemene voorwaarden van Canal Digitaal. In rekening brengen resterende maandtermijnen, terwijl geen gebruik meer kan worden gemaakt van dienstverlening.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector kanton

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 332897 \ CV EXPL 10-8690

vonnis van de kantonrechter d.d. 18 januari 2011

inzake

de besloten vennootschap

Canal Digitaal B.V.,

hierna te noemen: Canal Digitaal,

gevestigd te Hilversum,

eiseres,

gemachtigde: AGC Gerechtsdeurwaarders,

tegen

[gedaagde],

hierna te noemen: [gedaagde],

wonende te Leeuwarden,

gedaagde,

procederende in persoon.

Procesverloop

1. Op de bij dagvaarding vermelde gronden heeft Canal Digitaal gevorderd om [gedaagde] te veroordelen tot betaling van € 352,24 met rente en kosten.

[gedaagde] heeft bij antwoord de vordering betwist.

Na repliek en dupliek is vonnis bepaald op de stukken, waarvan de inhoud als hier ingelast geldt.

Door Canal Digitaal zijn producties in het geding gebracht.

Motivering

De vaststaande feiten

2. Als gesteld en erkend, dan wel als niet of onvoldoende weersproken, alsmede op grond van de in zoverre onbetwiste inhoud der overgelegde producties staat het volgende vast.

2.1. [gedaagde] heeft bij Canal Digitaal een tweetal abonnementen voor bepaalde tijd afgesloten voor de levering en ontvangst van de door of vanwege Canal Digitaal uitgezonden en per satelliet verspreide betaaltelevisieprogramma's en programmapakketten.

2.2. Op deze abonnementen zijn de algemene voorwaarden van Canal Digitaal van toepassing. In artikel 66 van deze algemene voorwaarden is bepaald:

"Bij niet-tijdige betaling door de Klant van enig aan CD verschuldigd bedrag onder enige Overeenkomst of indien een door de Klant afgegeven incassovolmacht niet wordt gehonoreerd, is de klant van rechtswege in verzuim en is de Klant vanaf de datum van verzuim wettelijke rente over het uitstaande bedrag verschuldigd, alsmede de buitengerechtelijke incassokosten, welke begroot worden op 15% van het verschuldigde bedrag, doch met een minimum van € 37,-, alsmede in voorkomend geval de gerechtelijke kosten. CD is in een dergelijk geval tevens gerechtigd de betreffende Overeenkomst op te schorten of met onmiddellijke ingang op te zeggen, zonder dat daarvoor een ingebrekestelling vereist is en/of om betaling te vorderen van de totale som die de Klant uit hoofde van de Overeenkomst voor de gehele overeengekomen duur (indien van toepassing) aan CD verschuldigd is en zal zijn."

De standpunten van partijen

3. Canal Digitaal legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde] in gebreke is gebleven met de nakoming van haar contractuele betalingsverplichtingen en derhalve in verzuim is geraakt. Canal Digitaal was op grond daarvan gerechtigd om tot ontbinding van de abonnementen over te gaan. Canal Digitaal heeft naast de achterstallige abonnementsgelden de nog resterende abonnementsgelden tot het einde van de lopende abonnementsperioden aan [gedaagde] gefactureerd, wegens geleden schade in de vorm van gederfde inkomsten door het voortijdig ontbinden van de abonnementen, welke kosten [gedaagde] op grond van artikel 6:74 BW is verschuldigd. [gedaagde] is terzake de abonnementsgelden nog een bedrag van in totaal € 271,97 aan Canal Digitaal verschuldigd, zijnde een bedrag van € 243,50 voor abonnement 1 en € 28,47 voor abonnement 2. Naast deze hoofdsom vordert Canal Digitaal tevens betaling van wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. In reactie op het verweer van [gedaagde] betwist Canal Digitaal dat [gedaagde] de abonnementen in kwestie heeft opgezegd.

4. [gedaagde] voert tot haar verweer aan dat zij met haar gezin per 1 januari 2009 naar Terschelling is verhuisd, waar geen gebruik kon worden gemaakt van de schotel voor ontvangst van de programma's van Canal Digitaal. Om die reden heeft [gedaagde] contact opgenomen met Canal Digitaal, waarna zij de abonnementen schriftelijk - per brief - heeft opgezegd per 1 april 2009. De correspondentie van de incassogemachtigde van Canal Digitaal heeft [gedaagde] niet bereikt, vanwege het feit dat zij naar Terschelling was verhuisd en haar woning aan de [adres] te Leeuwarden had verhuurd. [gedaagde] heeft naar eigen zeggen altijd op de adressen waar zij woonde, ingeschreven gestaan en haar adres was aldus gemakkelijk voor Canal Digitaal te traceren.

De beoordeling van het geschil

5. De kantonrechter stelt voorop dat de door [gedaagde] gestelde schriftelijke opzegging van de abonnementen niet is komen vast te staan, nu Canal Digitaal de ontvangst van een zodanige opzegging heeft betwist en [gedaagde] deze opzegging vervolgens niet nader heeft onderbouwd; zij heeft niet eens een kopie van de vermeende opzeggingsbrief in het geding gebracht. Derhalve gaat de kantonrechter ervan uit dat er geen opzegging zijdens [gedaagde] heeft plaatsgevonden.

6. Op grond van de beide overeenkomsten is [gedaagde] abonnementsgelden verschuldigd aan Canal Digitaal. Vast staat dat zij met de betaling daarvan in gebreke is gebleven. Canal Digitaal vordert echter niet alleen achterstallige abonnementsgelden, maar ook van resterende abonnementsgelden op grond van artikel 66 van haar algemene voorwaarden.

7. [gedaagde] is consument. Canal Digitaal beroept zich op een beding dat is opgesteld om in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen. De kantonrechter dient daarom op grond van de rechtspraak van het Hof van Justitie EG (o.a. 4 juni 2009, C-243/08) ambtshalve te beoordelen of het beding onredelijk bezwarend is. Bij de richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 inzake oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten is een indicatieve lijst gevoegd van mogelijk oneerlijke bedingen; het boetebeding is daarop vermeld als onderdeel e.

8. Gelet op de door Canal Digitaal in het geding gebrachte gegevens moet worden geoordeeld dat het in rekening brengen van de resterende maandtermijnen, terwijl [gedaagde] geen gebruik meer kan maken van de dienstverlening van Canal Digitaal, in beginsel moet worden beschouwd als een boete die niet in redelijke verhouding staat tot het nadeel dat Canal Digitaal lijdt. Dit leidt tot de conclusie dat het beding onredelijk bezwarend is. Het beding moet daarom op grond van artikel 3:40 jo. 6:233 onder a BW als nietig worden beschouwd.

9. Dit neemt niet weg dat voldoende vast staat dat [gedaagde] tekortgeschoten is in de nakoming van de beide abonnementen en aan Canal Digitaal op grond van artikel 6:277 BW de schade moet vergoeden die deze lijdt doordat ontbinding van de overeenkomsten heeft plaatsgevonden. Canal Digitaal zal bij akte in staat worden gesteld om nader op de schade in te gaan.

10. Canal Digitaal heeft haar vordering terzake de beide abonnementen niet gespecificeerd in een gedeelte terzake achterstallige abonnementskosten en een gedeelte terzake resterende abonnementskosten na ontbinding van de abonnementen. De kantonrechter acht het geïndiceerd dat Canal Digitaal bij akte alsnog een zodanige specificatie in het geding brengt.

11. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

Beslissing

De kantonrechter:

verwijst de zaak naar de rolzitting van 15 februari 2011 voor akte uitlating aan de zijde van Canal Digitaal inzake hetgeen hiervoor is overwogen in de rechtsoverwegingen 9 en 10;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Aldus gewezen door mr. J.E. Biesma, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 januari 2011 in tegenwoordigheid van de griffier.

c 119