Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2010:BM4474

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
12-05-2010
Datum publicatie
17-05-2010
Zaaknummer
92422 / HA ZA 08-860
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Auteursrecht. Vraag of een meubelserie auteursrechtelijke bescherming geniet en of er inbreuk is gemaakt op dit recht. Overeenstemmen van totaalindrukken van meubelseries.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 92422 / HA ZA 08-860

Vonnis van 12 mei 2010

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

LABORE DESIGN B.V.,

2. de commanditaire vennootschap

LSV HOUT C.V.,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

LSV PROJECTEN B.V.,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

LABORE SUO VIVENS HOLDING B.V.,

allen gevestigd te Zwaagwesteinde,

eiseressen in conventie,

verweersters in reconventie,

advocaat mr. drs. H. de Jong,

tegen

de besloten vennootschap

SPIDRA B.V.,

gevestigd te Harkema,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. R.S. van der Spek.

Partijen zullen hierna Labore en Spidra genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 21 oktober 2008;

- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie van 17 december 2008;

- de conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie van 25 februari 2009;

- de conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie van 8 april 2009;

- de conclusie van dupliek in reconventie van 27 mei 2009;

- de bij de stukken gevoegde producties.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. De rechtbank gaat bij de beoordeling uit van de navolgende feiten die als niet of niet voldoende gemotiveerd betwist, tussen partijen vaststaan.

2.2. Labore is een samenstel van vier aan elkaar gelieerde vennootschappen:

Labore Design BV, LSV Hout CV (hierna: LSV Hout), LSV Projecten BV en

Labore Suo Vivens Holding BV. Labore houdt zich bezig met houtbewerking en het ontwerpen, ontwikkelen, produceren en verkopen van designproducten. Spidra houdt zich bezig met de verkoop van meubels.

2.3. Spidra hield alle aandelen in het kapitaal van de op 24 september 2007 gefailleerde besloten vennootschap Spinder Products B.V. (hierna: Spinder). Spinder produceerde onder meer een serie meubels die zij verkocht onder de naam “Praga”.

2.4. Op enig moment heeft de curator van Spinder besloten het actief van deze vennootschap te gelde te maken. Tussen de curator en Spidra is een koopovereenkomst tot stand gekomen. Spidra heeft alle intellectuele eigendomsrechten uit het faillissement van Spinder overgenomen. De in verband hiermee op 22 april 2008 door de curator en Spidra opgemaakte akte luidt, voor zover van belang:

PARTIJEN:

(…)

OVERWEGENDE DAT:

- (…)

- Spidra Beheer B.V. alle intellectuele eigendomsrechten uit het faillissement van Spinder Products B.V. heeft overgenomen, waaronder ook het auteursrecht op de Praga meubelserie;

- Spidra Beheer B.V. ter concretisering van e.e.a. nu verzocht heeft om formele overdracht van het desbetreffende auteursrecht;

KOMEN OVEREEN ALS VOLGT:

1. Spinder Products B.V. draagt hierdoor in volle eigendom over aan Spidra Beheer B.V. het auteursrecht met betrekking tot de Praga meubelserie waarvan een door beide partijen geparafeerde afbeelding aan deze akte wordt gehecht.

2. Spidra Beheer B.V. aanvaardt dit auteursrecht.

2.5. De Praga meubellijn betreft een door de ontwerpafdeling van

Spinder Products B.V. in maart 2007 ontworpen meubellijn die zich kenmerkt door het gebruik van massief eikenhout dat ogenschijnlijk heeft blootgestaan aan weer en wind. Bij de uitvoering wordt mede gebruik gemaakt van bruin geroest materiaal of metaal met een smeedijzeren karakter.

3. De vordering in conventie

3.1. Labore vordert, verkort weergegeven, dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, voor recht zal verklaren dat geen sprake is van een exclusief recht als bedoeld in de auteurswet dat toebehoort aan Spidra met betrekking tot meubelen vallend onder of gelijkend op de Praga serie, althans, voor het geval dat er sprake is van een auteursrecht, dat de rechtbank voor recht zal verklaren dat door Labore op dat auteursrecht geen inbreuk wordt gemaakt. Labore vordert tot slot dat de rechtbank Spidra in de kosten van deze procedure veroordeelt.

3.2. Daartoe stelt Labore, samengevat weergegeven, dat de meubels die behoren tot de Praga serie geen onderscheidend vermogen hebben. De Praga serie is volgens Labore niet origineel. Het meest kenmerkende van de Praga serie is dat de meubels zijn gemaakt van hout dat er door een speciale wijze van bewerking oud uit ziet. Dit hout is geleverd door LSV Hout. Van een persoonlijk stempel van de meubelontwerper Spinder is dus geen sprake. Spidra heeft daarom geen auteursrecht.

3.3. Als dat auteursrecht wel bestaat, blijkt niet dat Spidra dat auteursrecht heeft overgenomen uit het faillissement van Spinder Products.

3.4. In ieder geval maakt Labore geen inbreuk maakt op dit auteursrecht. Labore gebruikt bij de productie van haar meubels ander hout dan Spidra in haar folders stelt te gebruiken. Voorts wijkt het frame van de meubels op belangrijke punten af van de frames die Spidra gebruikt. Ook zijn er verschillen met betrekking tot de maatvoering, de gebruikte materialen en de bevestigingsconstructies.

4. Het verweer in conventie

4.1. Spidra legt aan haar verweer, samengevat weergegeven, ten grondslag dat de Praga serie auteursrechtelijke bescherming toekomt en dat zij dat de auteursrechthebbende is.

4.2. Voorts stelt Spidra dat Labore tijdens de meubelvakbeurs te Hardenberg van 21 tot en met 23 april 2008 en via haar website inbreuk heeft gemaakt op het auteursrecht van Spidra. De meubels die Labore op de beurs en via haar website heeft aangeboden, stemden wat vormgeving en uiterlijk betreft in grote mate overeen met de meubels uit de Praga meubelserie. Sommige meubels van Labore waren zelfs volledig identiek aan die uit de Praga serie. Labore had zelf een afwijkend ontwerp kunnen maken, zonder aan de deugdelijkheid en bruikbaarheid van de meubels afbreuk te doen. Door dit na te laten schept Labore volgens Spidra verwarring bij het publiek. Spidra verwijst naar een passage in een brief van één van haar afnemers, aan wie Spidra exclusiviteit had toegezegd:

Tot onze teleurstelling en verbazing hebben wij deze week moeten constateren dat de firma Labore Design (…) via o.a. hun website exact eenzelfde programma aanbiedt. Het behoeft geen verdere toelichting dat dit niet conform onze afspraken is omtrent exclusiviteit.

Aangezien deze collectie op het eerste gezicht exact gelijk is aan het Praga, gaan wij ervan uit dat u de toeleverancier hiervan bent.

5. De vordering in reconventie

5.1. Spidra vordert - verkort weergegeven - dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

1. Labore zal bevelen de inbreuk op de auteursrechten van Spidra gestaakt te houden, in het bijzonder door Labore te verbieden niet van Spidra afkomstige waren die in grote mate overeenstemmen of identiek zijn aan de Praga meubels in voorraad te hebben, aan te bieden, te verkopen of anderszins te verhandelen, dan wel op enigerlei wijze daarbij betrokken te zijn,

2. alle verweersters hoofdelijk zal veroordelen tot betaling van een onmiddellijk opeisbare dwangsom van € 2.500,00 voor iedere dag of ieder gedeelte van een dag of iedere keer dat één van de gedaagde handelt in strijd met de gegeven bevelen, dan wel, ter keuze van Spidra, een dwangsom voor ieder voorwerp waarmee één van de gedaagden in strijd handelt met de gegeven bevelen,

3. Labore zal veroordelen tot afdracht aan Spidra van de voorraad inbreukmakende meubels, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 bij het uitblijven hiervan;

4. Labore zal veroordelen tot afdracht van een schriftelijk overzicht van kostprijzen of inkoopprijzen, verkoopprijzen en winst met betrekking tot de inbreuk makende meubels, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 bij het uitblijven hiervan,

5. Labore zal veroordelen tot afgifte van een lijst van afnemers van de inbreukmakende meubels, op straffe van verbeurte van een dwangsom van

€ 10.000,00 bij het uitblijven hiervan,

6. Labore Design zal bevelen om alle afnemers een brief te sturen waarin zij hen aanbiedt te producten terug te nemen tegen betaling van de consumentenprijs en de transportkosten, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 bij het uitblijven hiervan,

7. alle verweersters hoofdelijk zal veroordelen in de kosten van dit geding ex. artikel 1019h Rv in conventie en reconventie, daaronder begrepen de kosten van de verzoekschriftprocedure.

5.2. Naast datgene wat Spidra in conventie tot haar verweer heeft aangevoerd, legt Spidra aan haar reconventionele vorderingen ten grondslag, samengevat weergegeven, dat Labore jegens haar onrechtmatig heeft gehandeld door de meubels uit de Praga meubelserie slaafs na te bootsen. Voorts handelde Labore onrechtmatig jegens Spidra door op haar website te beweren dat de meubellijn door haar was ontworpen.

6. Het verweer in reconventie

6.1. Naast datgene wat Labore ten grondslag heeft gelegd aan haar vorderingen in conventie, voert Labore - samengevat - tot haar verweer het volgende.

6.2. Labore stelt dat zij de meubels die een sterke gelijkenis zouden vertonen met de Praga meubels sinds de beschikking van de rechtbank Leeuwarden niet heeft geproduceerd, aangeboden of verkocht. Evenmin zijn er dergelijke meubels op voorraad. Schriftelijke overzichten van kostprijzen van en winsten op de meubels zijn er niet en kunnen dus ook niet worden afgegeven. Hetzelfde geldt voor een lijst van afnemers; er zijn geen afnemers.

7. De beoordeling in conventie en in reconventie

7.1. Het gaat in deze zaak, samengevat weergegeven, om het volgende. Spidra heeft in maart 2007 een meubelserie ontworpen. Het is de vraag of deze meubellijn auteursrechtelijk beschermd(-e werken) zijn en of Spidra auteursrechthebbende is en daarmee het exclusieve recht heeft verkregen om (onder meer) deze meubelserie te produceren en te verkopen. Als beide vragen bevestigend moeten worden beantwoord, staat te beoordelen of Labore op dat auteursrecht een inbreuk heeft gemaakt. Een inbreuk is gemaakt indien een bepaalde mate van overeenstemming bestaat tussen het auteursrechtelijk beschermde werk en het beweerdelijk inbreukmakende werk. Daartoe moet worden beoordeeld of het beweerdelijk inbreukmakende werk de auteursrechtelijke beschermde trekken van het eerdere werk vertoont, zondanig dat de totaalindrukken overeenkomen. Een (door de maker van het beweerdelijk inbreukmakende werk te ontzenuwen) vermoeden van ontlening moet worden aangenomen indien het beweerdelijk inbreukmakende werk in zodanige mate de auteursrechtelijke beschermde trekken van het eerdere werk vertoont, dat de totaalindrukken die beide werken maken te weinig verschillen voor het oordeel dat het eerstbedoelde werk als zelfstandig (bedoeld is: nieuw) werk kan worden aangemerkt (HR 29 december 1995,

NJ 1996, 546 en HR 29 november 2002, NJ 2003, 17).

7.2. Aldus staat de rechtbank eerst voor de vraag of de Praga meubelserie een werk is dat auteursrechtelijke bescherming geniet. Hiervoor is vereist dat het werk een eigen, oorspronkelijk karakter heeft en het persoonlijk stempel draagt van de maker. Naar het oordeel van de rechtbank zijn de meubels uit de Praga serie oorspronkelijk, in die zin dat zij een eigen intellectuele schepping zijn van de ontwerper. Voorts draagt de Praga serie het persoonlijk stempel van de maker, nu het ontwerp van de serie het resultaat is van menselijke arbeid en voldoende creatieve keuzes kent.

7.3. Deze keuzes betreffen - anders dan Labore stelt - niet slechts de wijze waarop het hout is bewerkt, maar ook de vormgeving van de meubels, de combinatie van het hout met de verschillende soorten stalen frames, de soorten meubels die binnen de serie verkrijgbaar zijn en de uitstraling van de serie als geheel.

7.4. Is Spidra auteursrechthebbende? De rechtbank neemt in overweging dat de Praga serie in maart 2007 is ontworpen door de ontwerpafdeling van Spinder. Aldus moet worden aangenomen dat Spinder auteursrechthebbende is geworden op het ontwerp. Uit de in

rov. 2.4. aangehaalde akte van 22 april 2008 volgt dat Spidra dit auteursrecht heeft verworven.

7.5. Vervolgens staat te beoordelen of Labore een inbreuk op dit recht heeft gemaakt. Het auteursrecht beschermt de rechthebbende tegen openbaarmaking en verveelvoudiging van het beschermde werk door een ander. Van verveelvoudiging in de zin van artikel 13 Auteurswet is sprake indien een bepaalde mate van overeenstemming bestaat tussen het auteursrechtelijk beschermde werk en het beweerdelijk inbreukmakende werk. Daartoe moet worden beoordeeld of het beweerdelijk inbreukmakende werk de auteursrechtelijk beschermde trekken van het eerdere werk vertoont, zodanig dat de totaalindrukken overeenkomen. Voorts moet worden beoordeeld of er ten aanzien van het beweerdelijk inbreuk makende werk sprake is van ontlening aan het auteursrechtelijk beschermde werk. Het auteursrecht beschermt niet tegen verveelvoudiging die op toeval berust.

7.6. Ter beantwoording van de vraag of er sprake is van een overeenstemmende totaalindruk tussen de Praga meubelserie en de door Labore verhandelde meubels, heeft Spidra kleurenfoto's in het geding gebracht. Naar het oordeel van de rechtbank vertonen de meubels die Labore heeft aangeboden tijdens de woonbeurs te Hardenberg van 21 tot en met 23 april 2008 en via haar website een dusdanig grote gelijkenis met de meubels uit de Praga meubelserie dat sprake is van overeenstemmende totaalindrukken. De vormgeving van de meubels, de combinatie tussen (bewerkt) hout en stalen frames, het soort meubels dat in beide series wordt aangeboden en de uitstraling van iedere serie als geheel, zijn dusdanig overeenstemmend dat de totaalindruk van de door Labore verhandelde meubelserie overeenkomt met de auteursrechtelijk beschermde Praga meubellijn van Spidra. De rechtbank oordeelt derhalve dat sprake is van verveelvoudiging.

7.7. De rechtbank is bovendien van oordeel dat Labore de ontwerpen van haar meubels heeft ontleend aan de Praga meubelserie. Daarvoor is redengevend dat de totaalindrukken van de beide meubelseries dusdanig met elkaar overeenstemmen dat de meubels van Labore niet als een zelfstandig werk kunnen worden aangemerkt (vergelijk: HR 29 november 2002, NJ 2003, 17). De rechtbank neemt in dit verband in overweging dat uit de door partijen over en weer gestelde feiten volgt dat Spinder Products vóór haar faillissement het bewerkte hout afnam van LSV Hout, dat Spidra in het kader van gesprekken over de uitbesteding van de productie van de Praga meubels frames aan LSV Hout ter beschikking heeft gesteld en dat LSV Hout tijdens het faillissement van Spinder Products interesse heeft getoond in overname van delen van Spinder Products. Van een op toeval berustende overeenstemming tussen beide meubelseries is daarom naar het oordeel van de rechtbank geen sprake.

7.8. Gelet op het voorgaande behoeft het beroep op slaafse nabootsing geen bespreking meer. Omdat de rechtbank met het voorgaande een definitief oordeel heeft gegeven over de inbreuk op het auteursrecht, bestaat er bovendien geen aanleiding meer tot het leveren van (tegen-)bewijs.

7.9. Het voorgaande in onderling verband en samenhang beschouwd, brengt met zich dat de vordering in conventie zal worden afgewezen. In reconventie zal de rechtbank Labore veroordelen - kort gezegd - de inbreuk op de auteursrechten gestaakt te houden, op straffe van verbeurte van een dwangsom. Nu gemotiveerd is bestreden dat er een voorraad

- inbreukmakende - meubels bestaat en geen bewijs van het tegendeel is bijgebracht, zal de vordering sub d worden afgewezen. Ten aanzien van de vorderingen sub e tot en met g kan de rechtbank zonder nadere toelichting, die Spidra niet of onvoldoende heeft gegeven, niet inzien welk belang zij bij haar vordering heeft. Aldus is de rechtbank van oordeel dat zij onvoldoende heeft gesteld om het gevorderde te kunnen toewijzen. De gevorderde hoofdelijke veroordeling zal de rechtbank eveneens afwijzen. Zonder nadere toelichting die ontbreekt, valt niet te begrijpen in welk opzicht de rechtsverhouding met zich brengt dat een hoofdelijke veroordeling in de rede ligt.

7.10. Als de in conventie en in reconventie in het ongelijk te stellen partij zal de rechtbank Labore in de kosten van de procedure veroordelen. Ten aanzien van de wijze waarop deze kosten worden begroot, overweegt de rechtbank als volgt. Spidra verzoekt de toepassing van artikel 1019b Rv. Spidra heeft daarvan tijdig een gespecificeerde opgave gedaan. De gevorderde kostenveroordeling is door Labore in louter algemene termen en daarom onvoldoende gemotiveerd bestreden.

Ten aanzien van de omvang van de kosten van Spidra is de rechtbank van oordeel dat het in deze gaat om en eenvoudige bodemzaak met repliek en dupliek zodat de toe te kennen vergoeding wordt gemaximeerd in overeenstemming met het te hanteren indicatietarief voor salaris advocaat € 10.000,00 exclusief BTW. De verschotten begroot de rechtbank op een bedrag van € 254,00.

BESLISSING

De rechtbank

in conventie

1. wijst de vorderingen af,

in reconventie

2. veroordeelt Labore met onmiddellijke ingang de inbreuk op het auteursrecht van Spidra gestaakt te houden en bepaalt dat Spidra voor iedere dag of gedeelte van een dag of voor ieder voorwerp waarmee Labore hiermee in strijd handelt een onmiddellijk opeisbare boete aan Labore verbeurt ter grootte van € 2.500,00 tot een maximum van € 25.000,00,

in conventie en in reconventie

3. veroordeelt Labore in de proceskosten, aan de zijde van Spidra tot op heden begroot op € 254,00 voor verschotten en € 10.000,00 voor salaris advocaat,

4. verklaart dit vonnis wat betreft de onder 2. en 3. genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad,

5. wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.R. Tromp, mr. H. Wolthuis en mr. E.C.M. Wolfert, rechter-plaatsvervangers, en door de rolrechter op 12 mei 2010 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.