Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2010:BL2844

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
08-02-2010
Datum publicatie
10-02-2010
Zaaknummer
303610 \ VZ VERZ 09-571
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ontbinding wegens dringende reden. Geen ontbindingsvergoeding toegekend. Medewerkster VVV bevoordeelt zichzelf door verhuur eigen accomodaties.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2010-0149
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector kanton

Locatie Leeuwarden

zaak-/rolnummer: 303610 \ VZ VERZ 09-571

beschikking van de kantonrechter d.d. 8 februari 2010

inzake

De vereniging met volledige rechtsbevoegdheid Vereniging voor Vreemdelingenverkeer Ameland,

hierna te noemen: VVV,

gevestigd te Nes,

verzoekster,

gemachtigde: mr. M.L. Bron,

tegen

[werkneemster],

hierna te noemen: [werkneemster],

wonende te [woonplaats],

verweerster,

gemachtigde: mr. P.S. van Zandbergen.

Procesverloop

VVV heeft bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 23 december 2009, verzocht de tussen haar en [werkneemster] bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van gewichtige redenen in de zin van artikel 7: 685 BW.

Het verweerschrift van [werkneemster] is binnengekomen op 19 januari 2010.

Bij faxbericht van 22 januari 2010 heeft VVV nog drie producties overgelegd.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 25 januari 2010. Van het behandelde ter zitting zijn aantekeningen gemaakt. De gemachtigde van VVV heeft het standpunt van haar cliënte toegelicht aan de hand van pleitnotities.

Motivering

1. [werkneemster], geboren [geboortedatum], is sedert 1 januari 1989 in dienst bij VVV, laatstelijk in de functie van informatrice, voor 24 uur per week, tegen een bruto salaris van € 1.360,80 per maand.

2.1 VVV heeft gesteld dat er sprake is van een gewichtige reden, bestaande uit primair een dringende reden en subsidiair uit een verandering in de omstandigheden, op grond waarvan de arbeidsovereenkomst dient te worden ontbonden. Zij heeft daartoe het navolgende gesteld.

2.2 VVV verleent verschillende diensten, waaronder het promoten en bemiddelen inzake verblijfsaccommodaties van haar leden. VVV ontvangt daarvoor een provisie van 8% of 12% van het verhuurbedrag, afhankelijk van de wijze van bemiddeling. Via VVV worden de accommodaties van de leden aangeboden. Op deze wijze worden ook accommodaties van medewerkers van VVV en hun familie aangeboden. Van [werkneemster] worden op deze wijze twee accommodaties, te weten [A] en [B], aangeboden en sinds november 2009 ook een groepsaccommodatie genaamd [C].

2.3 Gebleken is dat [werkneemster] haar accommodaties heeft bevoorrecht boven andere via VVV aangeboden accommodaties. Nadat zij hiermee werd geconfronteerd heeft zij tevens onjuiste informatie verschaft. VVV kan dit niet tolereren. VVV is er voor haar leden en die dienen gelijk te worden behandeld. De heer Kunst, de directeur van VVV, is na zijn aantreden in oktober 2008 geconfronteerd met verhalen dat er bij de bemiddeling sprake zou zijn van het bevoorrechten door medewerkers van VVV van eigen accommodaties. Hierop heeft Kunst het personeel eind 2008 bij een tweetal gelegenheden meegedeeld dat dit door VVV absoluut niet werd getolereerd. Indien een medewerker van VVV eigen accommodatie aanbood zou dat altijd onderdeel moeten zijn van het totaal beschikbare aanbod, zodat de klant altijd keuze heeft en de schijn van bevoorrechting wordt voorkomen.

2.4 Eind november 2009 is VVV na een melding door een werkneemster gebleken dat [werkneemster], in strijd met het beleid van VVV haar eigen accommodatie aan een gast had aangeboden en daarnaast ook de reservering buiten VVV om geregeld had als gevolg waarvan VVV provisie is misgelopen. VVV heeft vervolgens een summier onderzoek gedaan en daarbij nog een aantal andere onregelmatigheden geconstateerd. Het gaat daarbij om het navolgende:

- Aanvragen voor groepsaccommodaties op 26 mei 2009 en 10 september 2009, waarbij [werkneemster] slechts haar eigen accommodatie [C] heeft aangeboden. Het verweer van [werkneemster] dat de andere groepsaccommodaties niet beschikbaar zouden zijn geweest is niet juist omdat dit bij VVV en haar medewerksters in beginsel niet bekend is. Voor reserveringen van groepsaccommodaties wordt doorverwezen naar de website waarop alle accommodaties staan vermeld en de belangstellenden dienen zelf contact op te nemen met de eigenaren die zelf de reserveringen afhandelen.

- Een aanvraag op 21 september 2009 voor een specifieke accommodatie, waarop [werkneemster] heeft gereageerd dat die accommodatie al was gereserveerd en als alternatief [A] heeft aangeboden. Na onderzoek is gebleken dat de gevraagde accommodatie in de gewenste periode wel beschikbaar was. Daarnaast waren in de gewenste periode wel meer accommodaties beschikbaar.

- Ook naar aanleiding van een aanvraag op 17 november 2009 heeft [werkneemster] onder verwijzing naar haar eigen website slechts verwezen naar [A]. Hieruit blijkt dat zij de boeking buiten VVV om wilde realiseren. Zij heeft verzuimd te wijzen op andere, gelet op het verzoek geschikte en ook beschikbare accommodaties.

- Tevens op 17 november 2009 heeft [werkneemster] naar aanleiding van een verzoek om een accommodatie in Hollum slechts het in [plaats] gelegen [A] aangeboden, naar haar eigen website verwezen en gesteld dat met de eigenaar contact kon worden opgenomen. Hieruit blijkt dat zij de reservering buiten VVV om wilde realiseren. In Hollum waren voor de gewenste periode verder accommodaties beschikbaar.

Het verweer van [werkneemster] dat in het nieuwe boekingssysteem TOR slechts [A] beschikbaar was is niet juist omdat op dat moment via TOR al veel meer accommodaties konden worden aangeboden.

In 2001 is [werkneemster] al eens aangesproken op soortgelijk handelen.

2.5 [werkneemster] heeft aldus gehandeld in strijd met het door VVV gehanteerde beleid en heeft verder aangetoond geen zelfreflectie te hebben. Zij is in 2009 voor zover VVV heeft kunnen nagaan minimaal zesmaal in de fout gegaan. Met haar handelen heeft [werkneemster] blijk gegeven geen enkel inzicht te hebben in haar functioneren, haar positie binnen de organisatie en de Amelander maatschappij alsmede ook in het functioneren van een organisatie als VVV. Indien VVV de arbeidsrelatie met [werkneemster] laat voortduren verliest zij haar geloofwaardigheid als werkgeefster zowel als de geloofwaardigheid naar haar leden toe. [werkneemster] heeft zich schuldig gemaakt aan diefstal dan wel bedrog en haar plichten uit de arbeidsovereenkomst op grovelijke wijze veronachtzaamd. Verder is het vertrouwen van VVV in [werkneemster] volledig verdwenen. Van het toekennen van een vergoeding kan geen sprake zijn.

3.1 [werkneemster] heeft verweer gevoerd en hetgeen door VVV is gesteld daarbij betwist. VVV gaat ten onrechte uit van kwade trouw bij [werkneemster]. Haar handelwijze mag misschien niet steeds als handig worden aangemerkt, maar zij had geen enkele bedoeling om zichzelf te bevoordelen.

3.2 [werkneemster] is in 1973 bij VVV in dienst getreden. Na er een periode van vier jaar tussenuit te zijn geweest in verband met de opvoeding van haar kinderen is zij op verzoek van VVV in 1989 weer in dienst getreden. VVV is in het verleden altijd vol lof geweest over het functioneren van [werkneemster]. Zij heeft haar werkzaamheden altijd met overgave vervuld en veel activiteiten bij VVV in gang gezet. Zij is het gezicht van VVV. Ze is zwaar aangeslagen door de hele gang van zaken.

3.3 [werkneemster] is op 30 november 2009 bij VVV ontboden voor een gesprek. Zij werd daar geconfronteerd met de mededeling dat er onregelmatigheden zouden zijn geconstateerd. [werkneemster] werd hierdoor overrompeld, was perplex en emotioneel geraakt. Zij had geen idee waarover het ging en heeft een eerste reactie gegeven. Later die dag is haar te kennen gegeven dat zij zich de volgende dag opnieuw moest melden. Bij die bespreking was ook de raadsvrouwe van VVV aanwezig. Alhoewel het kennelijk de bedoeling was om bij die bespreking hoor en wederhoor toe te passen, is daarvan niets terechtgekomen. Aan [werkneemster] werd vrijwel direct een voorstel tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst voorgelegd. [werkneemster] was het met deze gang van zaken niet eens.

3.4 Ten aanzien van de door VVV genoemde concrete voorvallen stelt [werkneemster] dat de zaken anders liggen dan VVV doet voorkomen.

- Ten aanzien van het eerste geval werd tijdens het gesprek van 30 november 2009 gesteld dat het een boeking voor 2009 betrof. [werkneemster] heeft daarop aangegeven dat het een gast betrof die bij haar had geboekt en daarnaast bij VVV had geïnformeerd. Dat het een boeking voor 2010 zou betreffen is toen niet besproken. Aangezien dit voorval zonder naam is gepresenteerd kan [werkneemster] het niet controleren.

- De voorvallen met de groepsaccommodaties van 26 mei 2009 en 10 september 2009 zijn door VVV onjuist weergegeven. Via VVV zijn twee groepsaccommodaties te reserveren. Voor het overige moeten de eigenaren hun bezetting doorgeven in het computerprogramma. Indien de via VVV te reserveren accommodaties vol zitten geven de informatrices namen en telefoonnummers door van vrije accommodaties die op het beeldscherm verschijnen. Niet alle eigenaren activeren echter periodiek hun accommodatie on line en verder geven zij niet altijd door of accommodaties vrij zijn. Er kan dus worden doorverwezen naar vrije accommodaties zonder dat in het systeem alle vrije accommodaties zichtbaar zijn. Het is beleid dat aan de gast naam en telefoonnummer van de eigenaar wordt doorgegeven en [werkneemster] heeft conform dit beleid gehandeld. Het verwijt aan [werkneemster] is dan ook niet terecht.

- Met betrekking tot het voorval van 21 september 2009 trekt VVV te snel conclusies. Het boekingssysteem van VVV schiet tekort en geeft al een niet-beschikbaar melding als een accommodatie maar een dag van een gewenste periode niet vrij is. De computer kiest bepaalde vaste periodes en geeft dan geen informatie met betrekking tot periodes die daarmee maar net verschillen. Alleen accommodaties die elke dag aankomst hebben zijn altijd zichtbaar.

- Het ene voorval van 17 november 2009 betreft een last minute boeking. Op dat moment waren er geen andere last minutes beschikbaar.

- Ten aanzien van het andere voorval van 17 november 2009 stel [werkneemster] dat het TOR systeem nog niet actief en had [werkneemster] ook nog geen instructie gehad over dat systeem. Er is ook geen sprake van enige onregelmatigheid ten aanzien van die boeking. [werkneemster] heeft de desbetreffende gasten ook aangeraden te wachten tot er meer mogelijkheden zouden zijn.

3.5 In het algemeen kan worden gesteld dat [werkneemster] steeds in alle openheid heeft gehandeld en uit naam van VVV gehandeld. Ze heeft bijvoorbeeld ook geen e-mails verwijderd. In 2001 is gesproken over een boeking, maar dat is niet in een verwijtende sfeer gebeurd. Er is toen ook geen schriftelijke waarschuwing gegeven of een disciplinaire maatregel opgelegd. VVV heeft ook nooit beleid kenbaar gemaakt of protocollen ontwikkeld ten aanzien van deze materie, terwijl het bij VVV bekend is dat personeelsleden of familie daarvan verblijfsaccommodaties aanbieden. Een van de huidige bestuursleden heeft in het verleden veelvuldig zelf boekingen, buiten VVV om, gedaan teneinde de afdracht van provisie zoveel mogelijk te vermijden. Ook collega's van [werkneemster] hebben wel familie eigen accommodaties aangeboden. Een collega heeft wel een accommodatie aangeboden van familielid die geen lid is van VVV. Het ontbreken van een protocol kan VVV hier dan ook worden tegengeworpen en zij is daarin als goed werkgeefster tekort geschoten.

3.6 Het was bekend dat [werkneemster] via VVV eigen accommodaties aanbood en dat is nooit een problemen geweest. Van bewuste bevoordeling van eigen accommodaties is geen sprake geweest. Zij heeft ook steeds in alle openheid gehandeld. Voor beëindiging van het dienstverband is geen grondslag, ook niet indien zou worden geoordeeld dat zij de schijn van belangenverstrengeling zou hebben gewekt. Voor het geval het verzoek desondanks wordt toegewezen, verzoekt [werkneemster] om toekenning van een vergoeding conform de kantonrechtersformule met factor C=1.

Beoordeling

4. De kantonrechter heeft zich ervan vergewist dat het verzoek geen verband houdt met het bestaan van een opzegverbod.

5.1 De kantonrechter begrijpt het verzoek zo dat de verwijten die VVV [werkneemster] maakt in feite drieledig zijn, namelijk het bevoordelen van eigen accommodaties, het boeken buiten VVV om en het verstrekken van onjuiste informatie. Met name aan de twee eerste verwijten heeft VVV een aantal concrete voorbeelden ten grondslag gelegd.

5.2 VVV heeft uiteengezet dat zij voor haar leden bemiddelt en het belang van al haar leden dient. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft VVV daarbij terecht gesteld dat werknemers van VVV hun accommodaties niet met voorrang mogen aanbieden. De leden die hun accommodaties via VVV aanbieden moeten erop kunnen vertrouwen dat de bemiddeling op een zodanige wijze plaatsvindt dat accommodaties van alle aanbieders op gelijkwaardige wijze, zonder voorkeursbehandeling of achterstelling onder de aandacht van gasten worden gebracht, ongeacht of deze leden voor het overige wel of geen banden met VVV hebben. VVV heeft jegens haar leden ook de plicht daarop toe te zien, hetgeen zijn weerslag heeft in de houding van VVV hieromtrent ten opzichte van haar werknemers. De kantonrechter begrijpt dat dit niet betekent dat werknemers nooit eigen accommodaties mogen voorhouden aan potentiële gasten, maar dat dit dient te gebeuren in combinatie met alternatieven.

5.3 Het zou te verkiezen zijn geweest als VVV haar werknemers hieromtrent duidelijke schriftelijk instructies of richtlijnen had verschaft, in plaats van een tweetal mededelingen tijdens werkoverleggen. Dit neemt echter niet weg dat van de werknemers van VVV ook een eigen verantwoordelijkheid mag worden verwacht. Naar het oordeel van de kantonrechter brengt het vereiste van goed werknemerschap hier met zich mee dat werknemers van VVV, die zich in een positie bevinden waarbij zij zichzelf kunnen bevoordelen ten koste van anderen, zich daarvan bewust dienen te zijn en zich van eigen bevoordeling dienen te onthouden en zich bij de uitoefening van hun werkzaamheden zodanig dienen op te stellen dat ook maar de schijn daarvan wordt vermeden. Uit de door VVV genoemde voorbeelden van 26 mei 2009, 10 september 2009, 21 september 2009 en 17 november 2009 komt naar voren dat [werkneemster] zich hiervan onvoldoende rekenschap heeft gegeven en in haar verweer heeft zij dit naar het oordeel van de kantonrechter niet kunnen weerleggen. De kantonrechter baseert dit oordeel op het navolgende.

6.1 Ten aanzien van de haar gemaakte verwijten omtrent de groepsaccommodaties heeft [werkneemster] omstandig uiteen gezet dat de in verband hiermee door VVV geschetste algemene uitleg niet klopt. Zij heeft daarmee echter niet de kern van het verwijt van VVV weerlegd, inhoudende dat zij slechts haar eigen accommodatie [C] met name heeft genoemd en aan de desbetreffende gasten heeft aangeboden. Dit geldt evenzeer ten aanzien van de voorbeelden van 21 september 2009 en 17 november 2009. VVV heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de accommodatie Mistral in de door de gast gewenste periode van 10 tot 17 oktober beschikbaar was. De uitleg omtrent het computersysteem ten spijt heeft [werkneemster] niet duidelijk kunnen maken waarom zij deze accommodatie desondanks als zijnde bezet heeft doorgegeven en vervolgens haar eigen accommodatie [A] heeft aangeprezen, zonder de gasten te wijzen op andere vergelijkbare accommodaties. Hetzelfde kan worden vastgesteld ten aanzien van het voorval van 17 november 2009 waarbij de gast een viertal verschillende soorten verblijfsaccommodaties noemt en [werkneemster] slechts [A] aanbiedt. De kantonrechter acht het niet geloofwaardig dat [werkneemster] op dat moment geen enkele andere geschikte accommodatie dan haar eigen had kunnen aanbieden. Met betrekking tot het andere voorbeeld van 17 november 2009 geldt in feite hetzelfde. Uit de eerste zin van de e-mail van [werkneemster] aan deze gast -"Unsere Mitglieder haben noch nicht alle angegeben …"- blijkt niet dat [werkneemster] op dat moment over geen enkele informatie omtrent accommodaties beschikte. Hierbij kan verder nog worden opgemerkt dat de gast een accommodatie in Hollum vraagt en [werkneemster] daarop het in [plaats] gelegen [A] aanbiedt, hetgeen niet direct voor de hand ligt.

6.2 De tegenwerping van [werkneemster] dat zij in alle openheid op naam van VVV heeft gehandeld neemt niet weg dat zij door het expliciet en alleen noemen van haar accommodaties en de uitnodiging om haar website te bezoeken zichzelf op voorsprong heeft gezet ten opzichte van vergelijkbare accommodaties van anderen.

6.3 De omstandigheid dat [werkneemster] hierop in 2001 al eens is aangesproken kan, alhoewel dit jaren geleden was, in dit kader niet volledig worden genegeerd. Verder zal de kantonrechter voorbijgaan aan de opmerking van [werkneemster] dat meer medewerkers familie eigen accommodaties hebben aangeboden, omdat dit voorbijgaat aan het verwijt van VVV dat zij eigen accommodaties met uitsluiting van andere accommodaties heeft aangeboden. Voorts ontslaat mogelijk onjuist gedrag van collega's [werkneemster] niet van haar eigen verantwoordelijkheid.

6.4 Naar het oordeel van de kantonrechter is het al met al voldoende aannemelijk geworden dat [werkneemster] bij het presenteren van accommodaties aan potentiële gasten meerdere malen haar eigen accommodaties heeft trachten te bevoordelen. [werkneemster] heeft daarmee naar het oordeel van de kantonrechter niet alleen zichzelf op een niet toelaatbare wijze trachten te bevoordelen, maar heeft zij tevens de positie van VVV, gelet op de op VVV rustende verplichtingen jegens haar leden, benadeeld. Voldoende staat vast dat zij heeft gehandeld in strijd met de door Kunst gegeven instructies. Daarnaast heeft zij gehandeld in strijd met de op haar rustende verplichting als goed werkneemster. Zoals volgt uit hetgeen hiervoor onder 5.2 en 5.3 is overwogen, had zij moeten beseffen dat zij zich in haar positie van de gewraakte handelingen had moeten onthouden. Dat er bij VVV geen schriftelijk protocol is waarin gedragsregels zijn vastgelegd is daarom naar het oordeel van de kantonrechter in dit geval niet doorslaggevend. VVV heeft de handelwijze van [werkneemster] in redelijkheid kunnen aanmerken als een dringende reden. Het dienstverband zal op grond daarvan worden ontbonden.

7.1 Ten aanzien van de verder aan [werkneemster] gemaakte verwijten oordeelt de kantonrechter als volgt. Het verwijt aan [werkneemster] dat zij buiten VVV om boekingen heeft gedaan om op die wijze provisieafdracht te ontlopen is naar het oordeel van de kantonrechter door VVV onvoldoende aannemelijk gemaakt. Het door VVV genoemde voorbeeld, naar aanleiding waarvan het onderzoek naar [werkneemster] is gestart, wekt deze indruk maar is te weinig gespecificeerd om een zo vergaande conclusie te kunnen trekken. Uit de voorbeelden van 21 september 2009 en van 17 november 2009 blijkt dat zij naar haar website heeft verwezen, zodat de gast op die wijze een indruk van de accommodatie kon krijgen. Hieruit blijkt niet eenduidig van willen bewerkstelligen van een boeking buiten VVV om. Uit het andere voorbeeld van 17 november 2009 blijkt dat zij zowel naar VVV als zichzelf heeft verwezen. Alhoewel hiermee de indruk kan ontstaan dat zij een boeking buiten VVV om zou willen bewerkstelligen, is daarvoor naar het oordeel van de kantonrechter onvoldoende aanwijzing. Dat zij bij de groepsaccommodaties haar eigen telefoonnummer heeft gegeven is, naar de kantonrechter begrijpt, te verklaren omdat via VVV geen reservering van dergelijke accommodaties plaatsvindt.

7.2 Het verwijt met betrekking tot het verschaffen van onjuiste informatie is door VVV nauwelijks nader toegelicht en onderbouwd, maar de kantonrechter begrijpt dat dit betrekking heeft op het op 30 november 2009 gevoerde gesprek. Aan hetgeen [werkneemster] bij die gelegenheid volgens het gespreksverslag zou hebben gezegd kent de kantonrechter niet dezelfde kwalificatie als VVV toe, aangezien dit verslag daartoe te beknopt en te onduidelijk is. Daarbij komt dat [werkneemster] tijdens dat gesprek voor haar onverwacht werd geconfronteerd met de bedoelde voorvallen en volgens haar, en door VVV niet betwist, van haar stuk was gebracht. Haar reactie zal ook in dat licht moeten worden bezien.

8. Gelet op het voorgaande is er geen grondslag voor het toekennen van enige vergoeding ten gunste van [werkneemster].

9. De kantonrechter acht termen aanwezig om de proceskosten tussen partijen te compenseren.

Beslissing

De kantonrechter:

ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst per 9 februari 2010;

compenseert de proceskosten in dier voege dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Aldus gegeven te Leeuwarden en in het openbaar uitgesproken op 8 februari 2010 door mr. T.K. Hoogslag, kantonrechter, in tegenwoordigheid van de griffier.

c 184