Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2009:BK2180

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
04-11-2009
Datum publicatie
05-11-2009
Zaaknummer
295748 \ VZ VERZ 09-321
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzoek tot ontbinding van arbeidsovereenkomst afgewezen. Bedrijfseconomische noodzaak onvoldoende onderbouwd.

Werkgever neemt werknemers (in dit geval: van TNT Post) voor één jaar in dienst en ontvangt hiervoor een heel jaarsalaris van de oude werkgever. Werkgever probeert de werknemers binnen dat jaar bij een nieuwe werkgever onder te brengen. Volgens werkgever lukt het door de economische crisis niet meer om werknemers uit te plaatsen, waardoor zij verlies lijdt. Werkgever zegt alle personeelsleden te ontslaan, zonder vergoeding.

De kantonrechter oordeelt dat de onderbouwing van de werkgever niet deugt. Er zijn alleen eigen cijfers ingediend, zonder een deugdelijke toelichting en zonder accountantsverklaring. Mede gelet op het feit dat werkgever de loonkosten van werknemer al vooraf voor één jaar vergoed heeft gekregen, is onvoldoende aannemelijk geworden dat ontslag van de werknemer de enige optie is.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2009-0830

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector kanton

Locatie Heerenveen

zaak-/rolnummer: 295748 \ VZ VERZ 09-321

beschikking van de kantonrechter d.d. 4 november 2009

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Baanplan BV,

hierna te noemen: Baanplan,

gevestigd te Rijen,

verzoekster,

gemachtigde: mr. W.J. Meeuwis,

tegen

[werkneemster],

hierna te noemen: [werkneemster],

wonende te [woonplaats],

verweerster,

gemachtigde: mr. A.C. Zillinger Molenaar.

Procesverloop

1.1 Baanplan heeft bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 5 oktober 2009, verzocht de tussen haar en [werkneemster] bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van gewichtige redenen in de zin van artikel 7:685 van het Burgerlijk Wetboek (BW).

1.2 Het verweerschrift van [werkneemster] is binnengekomen op 19 oktober 2009.

1.3 De behandeling ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 22 oktober 2009. Partijen hebben bij monde van hun gemachtigden hun standpunten nader uiteen gezet. Van het verhandelde ter zitting zijn aantekeningen gemaakt. Door Baanplan en [werkneemster] zijn producties in het geding gebracht. De beslissing is bepaald op heden.

Motivering

de feiten

2.1 In deze procedure geldt het volgende als vaststaand.

2.2 [werkneemster] (geboren op [geboortedatum]) is van 1 oktober 2001 tot 1 april 2009 in dienst geweest van TNT Post, laatstelijk in de functie van expeditiemedewerkster.

2.3 Aan de beëindiging met wederzijds goedvinden van het dienstverband tussen TNT Post en [werkneemster], ligt een driepartijenovereenkomst tussen TNT Post, [werkneemster] en Baanplan ten grondslag. Ingevolge deze driepartijenovereenkomst van 9 februari 2009 is [werkneemster] met ingang van 1 april 2009 in dienst getreden van Baanplan op grond van een arbeidsovereen-komst voor bepaalde tijd voor de duur van twaalf maanden zonder de mogelijkheid van tussentijdse opzegging, derhalve van rechtswege eindigend op 31 maart 2010. Bij Baanplan bekleedt [werkneemster] de functie van algemeen medewerkster tegen een bruto salaris van laatstelijk € 1.048,18 per maand.

2.4 Gedurende haar dienstverband bij Baanplan gelden voor [werkneemster] dezelfde salarisvoorwaarden als bij TNT Post. Baanplan heeft zich ertoe verbonden zich in te spannen voor de begeleiding van [werkneemster] naar een dienstverband bij een nieuwe werkgever. Baanplan heeft hiervoor van TNT Post een vergoeding ter grootte van één jaarsalaris van [werkneemster] ontvangen.

het standpunt van Baanplan

2.5 Baanplan stelt dat sprake is van bedrijfseconomische omstandigheden die haar ertoe nopen de bedrijfsvoering feitelijk te staken. Haar businessmodel, dat is gebaseerd op uitplaatsing en/of detachering van de werknemers bij een nieuwe werkgever, blijkt in de huidige economische crisis niet langer te werken. Waar in de jaren 2006 t/m 2008 meer dan 80% van de werknemers kon worden geplaatst, is sinds eind 2008 een dalende tendens zichtbaar. Met name de laatste drie maanden is de terugval schrikbarend en bedraagt het plaatsingspercentage nul. Baanplan voorziet daarom dat zij op korte termijn niet meer aan haar betalingsverplichtingen zal kunnen voldoen, reden waarom de arbeidsovereenkomsten met alle personeelsleden zullen worden ontbonden. Er is dan ook sprake van een verandering in de omstandigheden die een spoedige ontbinding van de arbeidsovereenkomst zonder toekenning van een vergoeding rechtvaardigt, aldus Baanplan.

het standpunt van [werkneemster]

2.6 [werkneemster] heeft verweer gevoerd. [werkneemster] wijst er op dat Baanplan de gehele loon- en bijkomende kosten voor de duur van het jaarcontract reeds door TNT Post vergoed heeft gekregen. [werkneemster] kost Baanplan daarom niets, zodat het bedrijfseconomische argument geen stand houdt. Dat alle personeelsleden zullen worden ontslagen is volgens [werkneemster] niet aannemelijk, nu uit de door Baanplan overgelegde stukken blijkt dat er voor 2010 nog 1,95 miljoen Euro aan personeelskosten worden begroot. [werkneemster] concludeert primair tot afwijzing van het verzoek, subsidiair tot toekenning van een ontbindingsvergoeding ter hoogte van het aantal maandsalarissen tot het einde van haar contract bij Baanplan.

de beoordeling

2.7 Ingevolge art. 7:685 BW is ieder der partijen te allen tijde bevoegd zich tot de kantonrechter te wenden met het verzoek de arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen te ontbinden. De kantonrechter kan het verzoek slechts inwilligen, indien hij zich ervan heeft vergewist of het verzoek verband houdt met het bestaan van een opzegverbod. Als gewichtige redenen worden onder meer beschouwd veranderingen in de omstandigheden, welke van dien aard zijn, dat de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen.

2.8 De kantonrechter heeft zich ervan vergewist dat het verzoek geen verband houdt met het bestaan van een opzegverbod.

2.9 Ter onderbouwing van haar verzoek heeft Baanplan overgelegd de balans per 31 december 2008 met een beknopte (eigen) toelichting, de winst en verliesrekening per 30 september 2009 en beknopte prognoses over 2009 en 2010 zonder toelichting. Baanplan stelt dat zij voorziet dat zij op korte termijn niet meer aan haar financiële verplichtingen, waarvan met name genoemd de loonbetalingsverplichtingen, kan voldoen, maar Baanplan heeft deze stelling niet deugdelijk onderbouwd, bijvoorbeeld met een verklaring van een extern accountant, waar dit wel van Baanplan verwacht had mogen worden. Zelfs indien wordt uitgegaan van de door Baanplan overgelegde cijfers, is de constatering dat zij momenteel verlies lijdt zonder nadere toelichting onvoldoende voor de conclusie dat sprake is van urgente bedrijfeconomische omstandigheden die nopen tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [werkneemster], te meer nu vast staat dat Baanplan de volledige loonkosten van [werkneemster] vooraf reeds door TNT Post vergoed heeft gekregen. Een dergelijke toelichting ontbreekt echter. Van Baanplan had verwacht mogen worden dat zij de jaarstukken over de laatste drie boekjaren zou hebben overgelegd, plus een prognose over de komende zes maanden, alles voorzien van een heldere toelichting. Eveneens had van Baanplan verwacht mogen worden dat zij inzichtelijk had gemaakt welke maatregelen zijn genomen ter afwending van ingrijpende maatregelen in haar personeelsbestand. Gelet op de stelling van Baanplan dat de begeleiding van [werkneemster] gedurende de looptijd van het contract zal worden voortgezet, weliswaar niet door Baanplan maar door een andere organisatie, zijn de concernverhoudingen waarbinnen Baanplan opereert, eveneens onvoldoende inzichtelijk gemaakt. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft Baanplan de bedrijfseconomische omstandigheden waarop zij haar verzoek baseert dan ook onvoldoende aannemelijk gemaakt.

2.10 Nu het bestaan van andere belemmeringen die aan voortzetting van het dienstverband in de weg zouden staan gesteld noch gebleken is, is er naar het oordeel van de kantonrechter dan ook geen sprake van veranderingen in de omstandigheden, welke van dien aard zijn, dat de arbeidsovereenkomst tussen Baanplan en [werkneemster] billijkheidshalve dadelijk of na korte tijd behoort te eindigen, zodat het verzoek zal worden afgewezen.

2.11 De kantonrechter acht termen aanwezig om de proceskosten tussen partijen te compenseren.

Beslissing

De kantonrechter:

wijst het verzoek af;

compenseert de proceskosten in dier voege dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Aldus gegeven te Heerenveen en in het openbaar uitgesproken op 3 november 2009 door mr. R. Giltay, kantonrechter, in tegenwoordigheid van de griffier.

c 209